02-10 transcript commissie Beheer 10 februari 2022
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE BEHEER VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 10 februari 2022
1.
Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Dames en heren, hiermee open ik de vergadering van de Commissie Beheer van 10 februari 2022. Welkom aan de commissieleden, het college, de ambtelijke ondersteuning en de aangemelde insprekers en iedereen die thuis meekijkt of meeluistert. Ik verzoek u om zoveel mogelijk op uw plaats te blijven zitten en voor het verlaten en binnentreden van de ruimte dient u de aangewezen route te volgen en het dragen van een mondkapje tijdens het lopen is verplicht, maar dat mag u allen wel bekend zijn. Ik ga beginnen met de mededelingen van de voorzitter. Dat ben ik. Tijdens de vergadering van 20 januari jongstleden heeft de heer Hulster van de Actiepartij bij agendapunt 3, mededelingen van commissieleden, het verzoek gedaan tot het agenderen van het stuk over de wensen en bedenkingen op de aanbesteding van de onderhoudspartijen, bruggen en openbare ruimte en de inbesteding bij Spaarnelanden, zodra het stuk beschikbaar is. Bij het verwerken van de commissie is echter niet duidelijk geworden of voor die agendering een meerderheid van de commissie dat steunde. Dat wil ik nu nog eventjes duidelijk hebben of daar voldoende steun voor is. Dat is heel duidelijk dat daar voldoende steun voor is. Dan kan dat gewoon keurig geagendeerd worden. Dank u wel. Dan ga ik naar berichten van verhindering.
De heer Aerssens, u wilde nog het woord? De heer Aerssens: Ja, dat was eigenlijk net voordat we gingen stemmen. Het punt wat de heer Hulster heeft geagendeerd, dat had ik al toegezegd gekregen van wethouder De Raadt in december. Ik had eigenlijk al verwacht … Want aangezien we toen hadden vastgesteld dat hij in februari besproken zou worden, had ik hem eigenlijk dit keer al verwacht. Maar goed, dan maar volgende maand, neem ik aan. De voorzitter: Mooi. Dan is dat even duidelijk. Ik zie de heer Rijbroek ook nog. De heer Rijbroek. De heer Rijbroek: Verhindering de heer Amand. Die komt mogelijk later. De voorzitter: U bent me net voor, maar inderdaad dan noteren we dat de heer Amand komt wellicht later. Ik heb ook helaas een bericht van verhindering ontvangen van de wethouder Berkhout. Ook zijn vervanger, de heer Roduner, is niet beschikbaar. We gaan wel gewoon de agendapunten bepreken die op de agenda staan. Dat kan ook uitstekend, want de commissie kan natuurlijk prima dat zelf behandelen. Mochten er tijdens de bespreking van die punten op de agenda prangende vragen bij u opkomen die u aan de wethouder had willen stellen, dan kunt u deze via een e-mailbericht aan de griffie toesturen. Uiteraard kijkt de wethouder ook nu mee. De vragen zullen dan schriftelijk worden afgedaan.
2.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan ga ik naar agendapunt 2, als er geen verdere berichten van verhindering zijn? Nee? Dan ga ik naar agendapunt 2. Dat is het vaststellen van de agenda. De heer Visser, u wilt het woord. Gaat uw gang. De heer Visser: Voorzitter, vorige keer is het agendapunt Kleverlaan op de agenda gekomen. Maar ik had toen expliciet om een toezegging van de wethouder gevraagd of wij het nog als raad kunnen behandelen of er een keuze komt tussen een fietsstrook of fietspaden. Ik heb toen ook gezegd, behandeling is niet nodig als wij een toezegging krijgen dat het op een tijdig moment terugkomt in deze commissie. Maar toen is het vervolgens opgeschreven als dat we het gaan behandelen vandaag. Vind ik ook prima. Maar zeker nu de wethouder er
1
niet is, is het mogelijk dat we een toezegging krijgen dat het stuk nog komt? Want nu is het natuurlijk een heel dun stuk. Het gaat uiteindelijk natuurlijk om de inhoud, maar dat moet er dan eerst liggen. De voorzitter: Dat is een heel begrijpelijke opmerking van u. Ik heb ook eventjes contact gehad met de wethouder. De wethouder heeft zwart op wit het volgende geschreven. Ze wil graag, omdat ze niet bij de opening aanwezig kan zijn, schriftelijk laten weten dat op het verzoek van de heer Visser op basis van de onderzoeksuitkomst en nieuwe beleidsuitgangspunten zal het onderhoud aan de Marnixstraat en de Kleverlaan middels een herinrichting plaatsvinden. Dat betekent dat wij conform het Haarlems Civiel Planproces de route van groot impactproject zullen doorlopen en de raad zullen betrekken bij de keuzes in de dilemma’s. Ik kan uw commissie toezeggen dat de Kleverlaan en Marnixstraat terug zullen komen in de raad. Daar is volgens mij niets onduidelijk aan. Dan stel ik het verzoek … Vraag ik de commissie of zij dat verzoek van de heer Visser kunnen steunen dat het dan nu van de agenda wordt gehaald? Ik zie mensen knikken. De heer Mohr steekt zijn hand op. Zal ik het woord nog even aan de heer Mohr geven. De heer Mohr: Voorzitter, ik steunde slechts. De voorzitter: O, dat is prima. Dan is er voldoende steun om dat van de agenda af te halen.
Zijn er andere commissieleden die nog iets over de agenda willen melden, of kan hij voor de rest conform worden vastgesteld? Ja? Mooi. Dan doen we dat. 3.
Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan ga ik naar mededelingen van de commissieleden en de wethouders. Zijn er mededelingen vanuit de commissie? Nee? Dan zijn er mededelingen vanuit het college? Dan zal ik de mededeling van wethouder Berkhout voorlezen. U ziet, ik doe het gewoon nu allemaal en met plezier zelfs. Wethouder Berkhout heeft mij gevraagd de volgende mededeling te doen. Bij deze informeer ik u dat we gisteren in de raad samen een brief van ProRail hebben opgenomen, waarin zij ons informeren over de voortgang van het onderzoek naar zonnepanelen op het stationsdak. Zoals u kunt lezen, zal de uitkomst van het door hen gestarte onderzoek in april bekend zijn en gaan zij graag met ons in gesprek over de uitkomsten hiervan. Dat was de mededeling namens wethouder Berkhout. Wethouder De Raadt heeft gevraagd om haar mededelingen te doen, zodra ze hier in de commissie is. Dat is prima.
4.
Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Dan ga ik met u naar agendapunt 4. Dat is de agenda voor de komende commissievergaderingen, de jaarplanning en de actielijst. De volgende onderwerpen zijn tot nu ontvangen. Ter advisering zijn de zienswijzen en bedenkingen op het initiatiefvoorstel visie op positie raad bij herinrichtingsplannen fysiek domein binnengekomen en het investeringskrediet uitbreiding parkeerregulering Sportheldenbuurt. Tevens het Definitief Ontwerp en het vrijgeven IVORIM. Dat is aangekondigd. We wachten nog wel op het aanleveren daarvan, vanuit het college. U heeft ook de jaarplanning en actielijst aangetroffen. Zijn er vanuit de commissie nog opmerkingen over de jaarplanning en actielijst? De heer Van Leeuwen, D66. De heer Van Leeuwen: Volgens mij hebben we eerst nog een raadsmarkt over IVORIM. Het lijkt me sterk dat we het de komende commissie al erover gaan hebben. De voorzitter: Ik wacht gewoon af wat er uit het college gaat komen, maar uw opmerking zal vast gehoord worden door het college. Anderen nog opmerkingen over de jaarplanning en actielijst? Nee? Dan ga ik u
2
vragen of er bij de ter kennisname stukken nog stukken staan die u wilt agenderen voor een volgende vergadering? Mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders-Spoor: Dank u wel. Wij zouden graag de Routekaart Duurzaamheid willen agenderen. Het is al een heel uitgebreid stuk, maar waarom wij het willen agenderen, is ook om de … Hoe we met Haarlem ook naar een circulaire stad gaan, om daarover te spreken met elkaar. Natuurlijk tegelijkertijd over alle onderwerpen voor de duurzaamheid. De voorzitter: Dat laatste, daar ben ik als voorzitter natuurlijk geen voorstander van, want dan wordt het een Poolse landdag. Maar u heeft de motivatie van mevrouw Schneiders gehoord. Is er steun om dat stuk te bespreken? Ik zie alleen de heer Visser, de heer Van Leeuwen en ook Partij van de Arbeid zag ik. Dat is dan prima. Dan zullen we dat agenderen. Zijn er nog anderen die iets willen agenderen? Mevrouw Baas-Oud, OPH. Mevrouw Baas-Oud: Dank u wel, voorzitter. Punt 3 voor fietsparkeerplaats Cederstraat, zouden wij graag willen bespreken in verband met de procedure. Zij geven aan dat zij bericht hebben ontvangen dat er fietsparkeerplekken voor hun deur geplaatst gaan worden. Gaat het niet goed? O. De voorzitter: Ik kan u even niet volgen over welk stuk u het nu heeft. Mevrouw Baas-Oud: Even kijken. Stuk 3 en binnengekomen stukken. Even kijken. O nee, ingekomen stukken.
Bezwaar fietsparkeervoorzieningen Cederstraat, Bomenbuurt. De voorzitter: Gaat u verder. Wat is uw motivatie? Mevrouw Baas-Oud: Ik ga even opnieuw beginnen. Daarin geven bewoners aan dat ze het er niet mee eens zijn, terwijl ze wel een brief hebben ontvangen van de gemeente dat de fietsparkeerplekken of fietsstallingen, weet ik het, daar geparkeerd of geplaatst gaan worden. Het lijkt alsof de meerderheid van de straat het wil, maar zij geven aan van niet, terwijl ze er helemaal niet over geïnformeerd zijn van tevoren. Ik ben heel erg benieuwd naar hoe dat proces dan tot stand is gekomen en of dat zomaar geplaatst gaat worden of dat we de buurt gewoon beter kunnen horen, zodat het wel of echt niet gaat gebeuren. De voorzitter: Commissieleden, u heeft de motivatie gehoord. Is er steun voor het agenderen van dat stuk? Ik zie de heer Mohr, mevrouw Otten, de VVD, de heer Visser, ChristenUnie, de heer Van Leeuwen, D66. Het is net een soortement, wie biedt er meer? Maar het is voldoende. We gaan het agenderen, mevrouw Baas-Oud. Anderen nog? Nee? Mooi. 5.
Transcript commissie d.d. 20 januari (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Dan ga ik naar agendapunt 5. Dat is het transcript van de vergadering van 20 januari 2022. Zijn daar opmerkingen? Nee? Dat zou ook inderdaad voor het eerst zijn in vier jaar.
3
Overige punten ter bespreking 6.
Aftrapnotitie Fietsbeleid (RB) 6a. Voortgang Actieplan Fiets 2020-2022 6b Brief RKC d.d. 24 januari 2022 stand van zaken RKC-aanbevelingen 2022-1 incl bijlage De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende agendapunt. Dat is agendapunt 6. Dat is ter bespreking. Agendapunt 6, daar hangen wat andere agendapunten ook onder. Dat is het agendapunt 6a, de brief van de Rekenkamercommissie. Deze bevat twee openstaande aanbevelingen over het fietsbeleid die je bij de besluitvorming kan betrekken. 6b, idem dito. Ik zou willen voorstellen om al deze punten tegelijkertijd nu te behandelen bij agendapunt 6. Is dat akkoord? Ja? Mooi. Agendapunt 6 dan. De aftrapnotitie informeert de raad hoe het mobiliteitsbeleid uitgewerkt is tot een Fietsbeleid met een uitvoeringsplan. Tevens wordt er een beleid geschetst over de mogelijke ambities en de daarbij behorende consequenties. De aanbevelingen van de Rekenkamercommissie uit 2020 zijn in het stuk ook opgenomen. Naar verwachting zal eind 2022, begin 2023 aan de raad een besluit gevraagd worden over het nieuwe Fietsbeleid. Wie wil als eerste het woord? De heer Aerssens van de VVD. De heer Aerssens: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. De VVD is uiteraard voor de fiets, voor een goede balans in onze mobiliteit. De fiets is daar gewoon een essentieel onderdeel bij. Zeker de veiligheid voor fietsers, daar moeten we altijd goed naar blijven kijken.
Recent waren mijn mede-VVD’ers in de wijk Zuiderhout. Daar hoorden wij veel problemen en vooral veel problemen over de veiligheid voor fietsers. Daar moeten we zondermeer wat aan gaan doen. Ik wil deze bespreking van het Actieplan Fiets dan ook daarvoor aangrijpen. Want het gaat niet per se om hoeveel geld we per Haarlemmer per jaar gaan uitgeven voor die fiets, maar het gaat om wat we daadwerkelijk gaan doen. Daarom, voorzitter, had ik graag de wethouder willen vragen om in bespreking te gaan met bijvoorbeeld scholen, of althans met alle Haarlemse scholen, om te gaan kijken waar de knelpunten zitten, waar het onveilig is. Om zo ervoor te kunnen zorgen dat we die specifieke pijnpunten voor schoolgaande kinderen en voor begeleidende ouders kunnen gaan uitvoeren. Zo kunnen we die punten uiteindelijk gaan aanpakken en zo zorgen we ervoor dat het fietsen in Haarlem steeds een klein beetje veiliger wordt. Aangezien de wethouder er nu niet is, vind ik het alvast een goed idee om daarover een motie aan te kondigen om het college op te roepen om die Quick scan voor heel Haarlem uit te voeren, om voor alle schoolgaande kinderen het veiliger te maken om naar school te gaan en om weer terug naar huis te komen, zonder dat er gevaarlijke situaties ontstaan.
Voor het fietsbeleid in het algemeen wachten we graag af wat er aan het einde van het jaar verder gaat komen, om uiteindelijk zo een goed plan en een goede uitvoeringsagenda voor de fiets te kunnen gaan bespreken. Dank u. De voorzitter: Een interruptie of het woord? De heer Van Leeuwen, D66. De heer Van Leeuwen: Een interruptie. Dank u wel, voorzitter. Is de VVD het met D66 eens dat het ook heel mooi zou zijn als we ook de scholen oproepen en de schoolbesturen oproepen en ook alle Haarlemse ouders oproepen, maar dat ook via de school laten lopen, dat kinderen zoveel mogelijk zelf op de fiets of lopend of met hun ouders met de fiets of lopend komen, in plaats van dat zij gebracht worden met auto’s? Bent u het daarmee met D66 eens? Dat is mijn eerste vraag. Mijn tweede vraag. Bent u het ook eens dat schoolzones daarbij heel erg zouden kunnen helpen? Zones waarbij tijdens schooltijden, de breng- en de haaltijd, dat kinderen op de fiets en lopend komen, dat er gewoon een paaltje omhoog komt en dat die straat dan niet toegankelijk is voor auto’s. Hoe ziet de VVD dat?
4
De heer Aerssens: Kijk, dat laatste punt is een hele interessante, want u maakt hem eigenlijk heel erg klein in uw initiatiefvoorstel wat u vandaag heeft rondgestuurd en gaat zich alleen maar richten op een heel klein stukje van Haarlem. Maar Haarlem is veel groter dan alleen Haarlem-Zuid. Wat u voorstelt, om veilige zones te creëren, prachtig, maar wat mij betreft veel te klein. Dat moeten we voor alle scholen doen, waar dat enigszins mogelijk is. Wat betreft het brengen en halen naar scholen. Voor sommige ouders zal het ook gewoon noodzakelijk zijn om vervolgens snel door te gaan. Ik snap dat daar ook de auto bij gebruikt kan worden. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Rijbroek, Trots. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Aerssens, bent u het met mij eens dat er ouders zijn die niet autorijden als hobby hebben, maar als woon-werkverkeer. Die brengen de kinderen en gaan door naar het werk en vice versa terug. Ik denk dat we dat ons ook moeten realiseren. Denkt u dat die afstand gaan doen, afhankelijk van natuurlijk het aantal kilometers om naar het werk te gaan, dat ze daarvoor de fiets pakken? Ik denk dat die ouders heel slim bezig zijn. De kinderen naar school, door naar het werk en vice versa terug. De heer Aerssens: Ik denk dat de heer Rijbroek exact zegt wat mijn laatste zin van het antwoord van de heer Van Leeuwen was.
Er zijn hardwerkende Haarlemmers die de auto gebruiken om hun kinderen af te zetten en vervolgens naar het werk te gaan, omdat vaak het OV of iets dergelijks niet goed genoeg is of niet snel genoeg is. Mijnheer Rijbroek, u bent het eigenlijk met mij eens in dit punt. De voorzitter: U heeft ook een interruptie van mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders-Spoor: Dank u wel. Mijnheer Aerssens, je zou dat ook best kunnen combineren. Er zijn natuurlijk mensen die met de auto naar hun werk moeten blijven gaan. Maar die auto zou je ook best ietsjes verder weg kunnen zetten en dan zou je het laatste stukje kunnen lopen naar school toch, waardoor het wat veiliger wordt voor al die mensen die op de fiets zijn. De heer Aerssens: Kijk, het zo snel mogelijk doorgaan, zeker naar het werk en kostbare tijd daarin winnen, vind ik heel belangrijk. Daarom vind ik het ook geen goed idee dat Haarlem filehoofdstad nummer één is. Dat kost namelijk ontzettend veel tijd. Daar moeten we meer snelheid in brengen. Uiteindelijk geldt het ook voor het even afzetten van de kinderen op school. De voorzitter: Wie wil dan het woord? De heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Voor ons ligt de aftrapnotitie. Eigenlijk het belangrijkste doel van deze notitie is, denk ik, om het te hebben over wat daar de belangrijkste onderwerpen zijn.
Daar zijn we het, denk ik, wel over eens, namelijk infrastructuur, parkeren en innovatie. De tweede vraag die eigenlijk gesteld wordt, is dat er verschillende scenario’s worden opgevoerd voor de budgetten die er nodig zijn. Zes jaar geleden heb ik al een keer geprobeerd bij motie wat budget voor fietsen te regelen. Toen heb ik daarna, toen bleek dat daar geen meerderheid voor was, de wethouder gevraagd hoeveel we nu eigenlijk uitgaven aan fietspaden of aan fiets. Toen bleek dat nul euro te zijn, of niet te berekenen. Eigenlijk heb ik de indruk dat we daar niet heel veel mee opgeschoten zijn. Als we echt willen dat we de fiets een grotere rol gaan laten spelen in de mobiliteit, waardoor we natuurlijk de files gaan terugdringen, zoals de VVD zo barmhartig bepleit, dan zullen we echt ook eens een keer moeten gaan investeren in de fiets. Dat is vooral zo, omdat je dan eigenstandig beleid kan gaan maken. Tot nu toe is de fiets altijd meegenomen in allerlei projecten, zodat als er een weg
5
opgeknapt wordt, dan wordt er ook soms een fietspad aangelegd en soms niet. Als je echt wil dat we een kwaliteitssprong gaan maken, dan is het echt heel belangrijk dat er budget komt. Het zal u dan ook niet verbazen dat wij in principe voor scenario drie zijn, om de inhaalslag naar de top te maken. Omdat wij denken dat wij echt qua hoe de stad is opgebouwd makkelijk kunnen concurreren met de steden in Nederland waar tot zestig procent van de verplaatsing per fiets gedaan wordt. Daarom vinden wij echt dat we ons dat zouden moeten gunnen. Over de financiering daarvan, denken we dat dat bijvoorbeeld uit de baten van het straatparkeren zou kunnen komen en de parkeervergunningen. Dank je wel. De voorzitter: De heer Visser, ChristenUnie. De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. We bespreken vanavond een aftrapnotitie. Mooie woordvondst. Maar wat ons betreft had het een doortrapnotitie moeten zijn, want we moeten nu echt doortrappen. Tempo maken met het fietsbeleid. De aanbeveling van de Rekenkamercommissie was dat er in de eerste helft van 2021 een fietsbeleid moest liggen. In de planning die nu in deze startnotitie staat, is dat we dat waarschijnlijk pas in de laatste helft van 2022 hebben. Ik snap het ook wel, er is wat vertraging geweest en nu komen de verkiezingen er tussendoor. We moeten nu echt werk gaan maken voor het fietsbeleid.
Natuurlijk is er in de tussentijd een actieplan geweest, mooi, maar we moeten nu ook naar de lange termijn kijken. Er is nog veel meer nodig. We lezen nu net de scenario’s. De Actiepartij had het er net al over. Het zal duidelijk zijn, de ChristenUnie gaat ook voor het meest ambitieuze scenario. Waarbij we gelijk beseffen dat we afgelopen week wel heel veel notities hebben gehad vanuit allerlei beleidsterreinen waar extra geld nodig is. De nieuwe coalitie krijgt nog een flinke uitdaging. Maar dit levert zoveel op, dat investeren in de fiets. Als meer mensen gaan fietsen, alleen al qua gezondheid, meer bewegen, het is gewoon zo goed. Maar we hebben het ook nodig voor een leefbare stad. Inderdaad bereikbaarheid van de stad is een enorm probleem. We hebben een monumentale stad. Er is gewoon geen ruimte voor nog meer auto’s. We moeten creatief zijn. We moeten veel meer met de fiets en het OV doen. Mijn fractie wil wel een kanttekening plaatsen bij die zes miljoen euro die nu wordt gezegd die er dan in dat ambitieuze scenario nodig is per jaar. Want daarbij wordt vergeten dat het ook geld kan besparen, want misschien hoef je dan minder te investeren in de auto-infrastructuur. Eigenlijk zouden we dat ook nog in kaart moeten brengen. Misschien is dat niet op de korte termijn, maar op de lange termijn denken wij dat het ook geld oplevert en dat het wat rooskleuriger is.
Wij sluiten ons aan bij de opmerking van D66 over de schoolzones en het stimuleren dat kinderen op de fiets naar school komen. Want het probleem is inderdaad die onveilige situatie in Haarlem-Zuidwest. Die worden vaak ook veroorzaakt door de ouders die hun kinderen met de auto naar school brengen. Los van de weginrichting, want daar moet zeker in Haarlem-Zuidwest ook nog wat aan gebeuren. Maar we zijn het ook helemaal eens met de VVD dat het zich niet alleen beperkt tot Haarlem-Zuidwest. We moeten gewoon zorgen dat alle scholen in Haarlem goed en veilig bereikbaar zijn op de fiets. We zijn benieuwd naar de gedachte van de wethouder daarover. De wethouder kan dat nu niet zeggen. Maar we hopen dat hier echt, samen met de scholen, dan kan je er ook nog een educatief doel aan koppelen, dat de kinderen daarmee ook verkeersveiligheid meekrijgen. Laten we daar echt mee aan de slag gaan. Wat wij nog missen, is van laten we het wiel niet opnieuw uitvinden. Juist als we zien dat we als Haarlem een beetje achterlopen op andere steden, laten we goed kijken naar succesvolle initiatieven in andere gemeenten. Beter, hoe zeg je dat, goed gepikt dan slecht gejat. Ik weet niet. Ik haal die uitdrukkingen steeds door elkaar. Maar u zult vast begrijpen wat ik bedoel. Tenslotte, wij willen natuurlijk goed kunnen monitoren.
Daar zie ik best wel wat leuke ideeën over in de aftrapnotitie, maar het begint ook bij het beleid zelf. We hebben nu een mooi lijstje actiepunten uit het Actieplan Fiets en hoe het ermee voor staat. Soms vond ik de volgorde daar nog wat onlogisch, want sommige dingen hebben echt met elkaar te maken. Dan zou het ook handig zijn als ze bij elkaar staan. Maar ik hoor ook graag dat we deze monitoring regelmatig krijgen. Dat we dan ook zien wat is er veranderd ten opzichte van vorige keer. Want anders moet ik volgende
6
keer die hele notitie weer lezen, terwijl ik dan graag wil zien, waar gaat het beter of waar gaat het slechter? Dit lijstje van het actieplan is natuurlijk alleen maar het actieplan, maar ik wil eigenlijk een soort permanent Actieplan Fiets, totdat we weer op het niveau zitten dat we inderdaad in de top drie van Nederland zitten. Ga alle nieuwe acties er ook aan toevoegen. Dan hoop ik gewoon elk jaar een hele hoop groene vinkjes te zien van dingen die we hebben gerealiseerd, want we moeten nu echt van beleid naar doen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Abbasi, PvdA. De heer Abbasi: Dank je wel, voorzitter. Wij hebben natuurlijk niet zo heel lang geleden, in september vorig jaar, hier in deze commissie en in de raad het mobiliteitsbeleid aangenomen. De kern van het mobiliteitsbeleid was toen en is nog steeds die mobiliteitstransitie. Ik hoor een echo. Horen jullie dat ook? Ja. De voorzitter: Waarschijnlijk komt dat door die box naast u. De heer Abbasi: Moet ik ergens anders zitten? Dit is stukken beter. Ik ga door. We hebben toen besloten om een mobiliteitstransitie te bewerkstelligen. Die mobiliteitstransitie houdt in dat we de mensen in Haarlem willen motiveren om uit die auto te stappen en wat vaker bijvoorbeeld de fiets te gaan nemen. Daarom is het heel goed dat de Rekenkamercommissie in diezelfde periode het college heeft aangeraden om met een fietsbeleid te komen.
Ik vond het ook leuk om een nieuw soort notitie te lezen, een aftrapnotitie, wat we nu gaan bespreken. Maar wel goed dat we het hier op de agenda hebben, want dit is inderdaad heel belangrijk. Want als wij willen dat mensen vaker die auto laten staan, dan moeten de alternatieven ook echt aantrekkelijk zijn. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Mohr, Hart voor Haarlem. De heer Mohr: Voorzitter, dank u wel. Mijnheer Abbasi, u en uw collega’s in de coalitie pogen al vier jaar die automobilist niet alleen uit die auto, maar ook uit de stad te krijgen. Bent u het met me eens dat dat gelukkig nog niet gelukt is? De heer Abbasi: Nee, maar we zijn op de juiste weg, want we zien steeds meer mensen die het OV pakken. Want je ziet, het gebruik van OV groeit ieder jaar. Het is door corona iets afgenomen, maar de prognoses zijn dat het richting 2030 en 2040 extreem gaat groeien. Daar moeten we zeker ook goed naar gaan kijken. Maar steeds meer Haarlemmers fietsen gelukkig ook. Dat is heel erg fijn. De voorzitter: De heer Mohr mag nog een keer. De her Mohr: Voorzitter, mijnheer Abbasi zegt nee, maar we zijn gelukkig op de goede weg. Mag ik namens Hart voor Haarlem de heer Abbasi een abonnement op een goed dagblad aanbieden, want u hebt vast de afgelopen dagen de krant niet gelezen. Wij staat op één in een lijstje waarop wij niet willen staan.
Ik herhaal nogmaals, bent u het met mij eens dat dat gelukkig nog niet gelukt is? De heer Abbasi: Dat is inderdaad een plek waar we niet heel trots op mogen zijn, maar helaas doen we dat wel zelf. Want de files ontstaan niet doordat mensen massaal de fiets pakken en naar hun werk gaan, maar die files ontstaan doordat mensen massaal die auto pakken en naar hun werk gaan. Al die mensen en een groot gedeelte van die mensen die dat doet, is echt niet afhankelijk van die auto. Die kan gewoon het OV pakken. Die kan gewoon een ander vervoersmiddel pakken. Veel van de mensen kunnen ook thuiswerken. Dat gebeurt helaas niet. We kunnen het mobiliteitsprobleem samen oplossen door die auto vaker te laten staan, maar dat
7
doen we pas als het beleid voor andere vervoersmiddelen, zoals bijvoorbeeld de fiets, ook echt heel goed en heel sterk is. De alternatieven moeten goed zijn. Dat is nu nog niet het geval, maar we zijn ermee bezig. Maar ik zie meerdere interrupties. De voorzitter: U heeft een hele rits interrupties. Ik laat de heer Mohr nog een keer. Dat is wel echt uw laatste keer, want dan wil ik andere interrupties ook doen. De heer Mohr: Dank u wel, voorzitter. De heer Abbasi zegt vrij stellig, mensen kunnen uit die auto, mensen kunnen thuiswerken, mensen kunnen van alles. Hoe weet u dat? Heeft u het ze gevraagd? Heeft u dat onderzocht? Bestaat er überhaupt onderzoek over hoe Haarlemse forenzen zich gedragen? De heer Abbasi: Omdat we gezien hebben, tijdens corona, dat de spitsen, de ochtend- en de avondspits, als sneeuw voor de zon verdwenen zijn. Dat betekent dat mensen thuis kunnen werken. Een gedeelte van de Haarlemmers, een gedeelte van de Nederlanders kan inderdaad thuiswerken. Dat hebben we tijdens de coronacrisis gezien. De voorzitter: Dan de interruptie van de heer Rijbroek, Trots. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Abbasi, even het volgende. Wij hebben een SOR, we hebben iets over wonen gemaakt, verkeerscirculatie om de stad en door die stad heen is problematisch. Wat eigenlijk benadrukt moet worden, is dat we meer een woonstad zijn dan een werkstad.
Wat ik hiermee wil zeggen is, wilt u wat u daar zegt van en wat achter mij door mijnheer Mohr werd gezegd geen filestad nummer één zijn, maar wel doorstroom, maar niet dat mensen de stad worden uitgejaagd met die auto, dan moet je het economisch aantrekkelijk maken. Waarom gaan die mensen met hun auto ’s morgens vroeg weg, omdat hun werk ergens anders is. Er zijn zat bedrijven, grote bedrijven in de Waarderpolder en omgeving, die niet goed gefaciliteerd zijn hier. Die zijn weggegaan naar omringende gemeenten. Dat is het hele punt, maak het dan niet alleen een woonstad, maar ook economisch aantrekkelijk. De voorzitter: De heer Abbasi, voordat u reageert wil ik eventjes weer u op de afspraak wijzen dat interrupties kort zijn, want dat is gewoon beter voor het debat. Dat was even in het algemeen. U heeft het woord. De heer Abbasi: Volgens mij hoorde ik niet een vraag. Maar wat ik wel tegen de heer Rijbroek wil zeggen, is dat ik het honderd procent met hem eens ben. Mobiliteitsbeleid gaat niet alleen maar over het aanleggen van wegen of fietspaden, maar gaat veel breder dan dat, zoals mensen hier in de stad houden. Daar ben ik het helemaal mee eens. Daar kunnen we zeker elkaar de hand geven. De voorzitter: Mevrouw Otten. Liberaal Haarlem. Mevrouw Otten: Wat een dramatisch einde van deze periode, in een bijna laatste vergadering Beheer. Ik schrik echt van uw woorden.
Eigenlijk wilde ik alleen dit zeggen, maar ik moet een vraag stellen. Mijn vraag aan u is, wilt u van Haarlem een dictatuur maken wellicht? De heer Abbasi: Ik begrijp die vraag niet. Maar dat zal waarschijnlijk zijn, omdat wij willen dat mensen minder vaak de auto laten staan. Maar ik kan de connectie tussen een dictatuur en vaker de auto laten staan niet echt maken. De voorzitter: De heer Hulster, Actiepartij.
8
De heer Hulster: Dank u wel. Mijnheer Abbasi, bent u het met de Actiepartij eens dat we hier over het fietsbeleid praten en niet over autobeleid? De heer Abbasi: Jazeker. Ik wilde hier ook gaan zeggen dat een beter en goed fietsbeleid onderdeel is van die mobiliteitstransitie. Maar op de een of andere manier, als we het hier over auto’s hebben in deze commissie, dan ontstaat er heel veel emotie bij bepaalde partijen. Laat ik doorgaan over het fietsen, want fietsbeleid is heel belangrijk. Een van de dingen die hier in deze notitie aan ons wordt voorgelegd, zijn die drie scenario’s. We gaan nog niet kiezen, want de details zijn ons nog niet bekend, de kosten zijn niet bekend. Daar moeten we het met zijn allen nog over gaan hebben. Dat moeten we ook vooral gaan doen. Maar als we een ambitie uit willen spreken om een fijne fietsstad te zijn, dan moeten we ook voor het beste scenario gaan. Dat is scenario drie, inhaalslag naar de top. Wij moeten echt een van de beste fietssteden van Nederland worden. De kansen zijn er. Daar moeten we ook voor gaan. Hoe we dat gaan financieren, dat zullen we dan met elkaar nog gaan bespreken. Maar laten we heel ambitieus zijn. De voorzitter: Een interruptie van de heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: Dank u, mijnheer de voorzitter. Heel erg mooi dat we inderdaad … U gaat voor hele erge hoge doelstellingen.
U verwerkt er vervolgens maar eventjes in, ik kies voor de allerbeste plek, maar we gaan het later wel zien hoe we het gaan betalen. Ik wilde u bijna vragen van, wat gaat u dan laten om dit te bewerkstelligen met zo enorm veel geld wat daaraan uitgegeven moet worden? De heer Abbasi: Daar kan ik gewoon geen antwoord op geven, want zoals in de notitie ook staat, zijn er nog geen concrete maatregelen en er is geen uitvoeringsagenda. We hebben nog geen idee hoe die kosten in elkaar zitten. Zodra het beleid eind december of eind 2020 besproken gaat worden, dan kunnen we het over al deze details gaan hebben met elkaar. Maar de ambitie is om bij de top fietssteden van Nederland te horen. Dat was het. Dank u wel. Geen interrupties meer? Heel goed. Dank u wel. De voorzitter: Heel mooi. Je ziet, je hebt helemaal geen wethouder nodig. Dit is uitstekend. Mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders-Spoor: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Inderdaad, we kunnen dit ook best zonder, hoewel ik toch wel een paar vragen had voor de wethouder. Maar die komen dan later wel. Het fietsbeleid. Ook wij zijn heel erg blij dat dit er is, de aftrapnotitie. Ook vooral omdat we hadden natuurlijk liever een echt fietsbeleid gehad. Maar zodat we nu in ieder geval wel nog iets hebben alvast, vooruitlopend op dat fietsbeleid.
Dan was natuurlijk de eerste vraag die ik mijzelf stelde van, is dit de plek om door ons kaders te stellen voor dat fietsbeleid? Dat is niet echt zo, vind ik. Maar het is wel duidelijk dat we hier kiezen voor die drie pijlers, fietsinfra, fietsparkeren en innovatie en het stimuleren van fietsen, waar mijnheer Abbasi al heel uitgebreid over heeft gesproken. Ik denk dat veiligheid zou best daar ook extra nog bij genoemd kunnen worden, want ik denk dat dat ook best een belangrijk iets is, waar we ook aan moeten denken. Niet alleen maar meer fietsen, maar ook wel veilig fietsen. Het zou mooi zijn als dat nog opgenomen kan worden in het fietsbeleid. Wij vinden ook dat we natuurlijk wel bij die F10 moeten gaan horen. We zijn blij dat het RKCrapport zo is geïncorporeerd in dit plan en dat daar goed naar gekeken is, want dat is een goed rapport, denk ik. Ik denk ook dat we die inhaalslag van die zes miljoen per jaar, dat we daar zeker voor moeten gaan. Dat is denk ik belangrijk om dat nu vast met elkaar toch af te spreken, want we kiezen nog wel niks, maar die kadernota komt natuurlijk wel al heel snel. Die komt wel voor dat er een fietsbeleid ligt. Een beetje de richting geven van, we gaan voor de top tien. Niet helemaal bovenaan de top tien, maar wel in die top tien. Dat kost
9
iets. Dat lijkt me dat we dat … Dat wil ik graag uitspreken, dat GroenLinks daar in ieder geval heel erg voor is om dat te gaan doen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Rijbroek, u had nog een interruptie? De heer Rijbroek: Mevrouw Schneiders, fietsen. We hebben hier zo’n nota voorliggen. Wat is eigenlijk uw doel daarmee? Gaan we alleen maar fietsen? Mevrouw Schneiders-Spoor: Dat kan natuurlijk niet. We kunnen natuurlijk niet alleen maar fietsen. Als GroenLinks zeggen we altijd, we gaan eerst voor lopen, voetgangers, dan voor fietsen en dan voor OV. Als dat allemaal niet kan, dan is die auto natuurlijk ook nog steeds … Die staat nog steeds wel op het lijstje, maar wel onderaan en natuurlijk wel elektrisch, want dan komen we toch nog aan onze klimaatdoelen. De voorzitter: De heer Van Leeuwen, D66. Of had u een interruptie? O, dan gaat u eerst. De heer Aerssens, VVD. De heer Aerssens: Dank u, voorzitter. Ik hoor mevrouw Schneiders zeggen dat ze blij is. Mijn vraag is, bent u ook trots op het resultaat van de afgelopen vier jaar van uw eigen wethouder met een nog niet eens fatsoenlijk beleidsstuk? Een soort van voortgangsrapportage zonder keuzes, zonder maatregelen, zonder een kostenplaatje. Is dat het resultaat? Mevrouw Schneiders-Spoor: Ik ben vooral blij dat wij toch een heel end nu gekomen zijn. Dat we hiermee echt een start maken om het beter te maken.
Maar dit is niet de eerste start. We hebben natuurlijk het Actieplan Fiets, wat ik nu helemaal niet meer genoemd heb, maar dat ook eigenlijk op de agenda staat en waaruit u kunt lezen, uit de rapportage daarover, dat er een aantal dingen ook echt al gelukt zijn. Het is niet zo dat we nu pas gaan beginnen. Er is al een heleboel gedaan. We zijn ook al bezig. Dat we daarmee bezig zijn, ben ik trots op. Het is jammer dat het niet nog sneller gaat, want we zouden het natuurlijk allebei, allemaal het allersnelst willen. Maar we weten allemaal dat er heel hard gewerkt wordt aan een ondergrondse fietsgarage midden in het centrum. We hebben nu gezien dat dat toch wel eraan zit te komen, ook al is hij er nog niet. Daar ben ik trots op. De voorzitter: De heer Van Leeuwen, D66, u heeft het woord. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, dank u wel. Ik zat net te denken, hoe zal ik beginnen? Ik zal beginnen met, als ik elk jaar na zou denken waar ik op zomervakantie naar toe zou gaan en elk jaar ga ik dan toch niet op vakantie en daarna ga ik weer nadenken waar ik op vakantie naar toe zou gaan, dan wordt het nadenken op een gegeven moment een beetje sleets. Word je misschien wel een beetje zwartgallig over. Hoewel ik het een heel goed stuk vind, college, dank daarvoor, bekroop me dat wel. Want ik ben het toch eens terug gaan zoeken.
We hebben een aantal jaren geleden, hier in deze gemeenteraad, een structuurvisie openbare ruimte vastgesteld. Daar zaten een aantal no regret-maatregelen bij. No regret betekent geen spijt. Oftewel, dat gaan we sowieso doen en daar krijgen we echt geen spijt van. Dat zijn maatregelen die tussen 2020 en 2025 in uitvoering hadden moeten zijn, klaar moeten zijn. Van die 24 maatregelen gingen er 11 over de fiets. Dat ging over loop- en fietsroutes naar alle scholen in Haarlem. Inderdaad alle scholen in Haarlem. Gelijk als antwoord, wat D66 betreft en wat heel de raad betreft, hadden we al loop- en fietsroutes naar alle scholen in Haarlem gemaakt. Het gaat over een masterplan van een fietsring. Gaat over het uitbreiden van de ondergrondse fietsparkeergarage bij het Stationsplein. Gaat ook over bij HOV-bushaltes bij Spaarnwoude. Kortom, we hadden al een uitvoeringsagenda van de structuurvisie openbare ruimte, maar waar zijn de
10
uitvoeringsplannen? Want nu ligt er inderdaad een mobiliteitsbeleid. Zijn we heel trots op. Staat 30 kilometer per uur in. Nu ligt er een aftrapnotitie voor fietsbeleid. Bij fietsbeleid komt ook een uitvoeringsagenda. Maar wanneer ga ik op vakantie? Want we hebben al een aantal vakanties gepland. Die vakanties waren namelijk de 11 van de 24 maatregelen over fiets bij de structuurvisie openbare ruimte. Maar hoe staat het daarmee? Er zijn zeker dingen gebeurd. Dat zei mevrouw Schneiders ook al. Wat nieuwe fietsenrekken bij het Stationsplein. Er wordt inderdaad ook gewerkt aan de fietsenstalling op het Houtplein, in het voormalig V&D gebouw. Er gebeuren zeker goede dingen, maar het moet heel veel sneller. Dit college heeft volgens mij de rugdekking van 39 raadsleden als het gaat om veilige loop- en fietsroutes naar scholen. Het stond ook al in die SOR. Waar blijft het uitvoeringsplan? Waar blijft het VO of het DO per school, hoe we dat met elkaar gaan doen? In die zin vind ik het wel jammer, anders dan mijn collega’s, dat de wethouder hier niet is, want ik ben echt oprecht heel benieuwd hoe zijn visie of de visie van het college hierop is. Want we hebben beleidskaders nodig. Het mobiliteitsbeleid en fietsbeleid gaat voor de komende tien jaar zeker helpen.
Maar hoe zit het met die maatregelen die we eigenlijk drie jaar geleden al hadden bedacht om no regret, geen spijt, uit te voeren tussen 2020 en 2025? Dat gezegd hebbende, dit is natuurlijk ook vooral een stuk op weg naar de kadernota, de aftrapnotitie. Er staat heel veel bandbreedte in. Daarbij is nog een tweede bestelling die ik wil doen aan het college, dat is al eerder gezegd, ook daar weer, als ik een keertje extra uit eten wil, moet ik misschien niet die nieuwe broek kopen of die nieuwe hardloopschoenen waar ik zo gek op ben, wat gaan we dan niet meer doen? Als we zes miljoen per jaar extra uitgeven aan de fiets, wat is het voors van het college van, raad, we hebben jullie gehoord met het mobiliteitsbeleid, fiets en voetganger op nummer één, OV op twee. Auto daarna, want het moet wel mogelijk blijven, alleen Haarlem is een stad van mensen voor mensen. Het moet vooral veilig, leefbaar en prettig zijn en gezond zijn voor alle fietsers en voetgangers die dan ook … Waar kinderen meer en meer naar school kunnen. Maar dat gaan we niet meedoen. Op mijn vraag aan het college zou zijn, wat gaan we niet meer doen als we die zes miljoen per jaar waar willen maken? Dat was het. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Baas-Oud, OPH. Mevrouw Baas-Oud: Dank u wel, voorzitter. OPHaarlem vindt de veiligheid van de fietser natuurlijk ook heel belangrijk.
Wij kunnen ons ook wel aansluiten bij de VVD, die aangeeft de veiligheid omtrent de scholen. Een keuze maken, kunnen we nu nog niet, omdat we inderdaad nog meer details daarvoor nodig hebben. Zeker ook de financiële uitwerking. Die wachten we af. We doen nog geen uitspraak over welk scenario, omdat we eerst meer inzicht willen hebben in de details. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Rijbroek, Trots Haarlem. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Dat fietsplannetje wat hier ligt, ik zal dat maar zeggen min of meer, maar direct, een beetje navelstaren. Want het is niet alleen fietsen wat we moeten, het is een onderdeel van het geheel, van die hele mobiliteit. Wat gebeurt er als die fiets voorrang gaat krijgen in de stad? Die auto moet naar de randen. We zien de problemen, de verkeersdruk al. Het tweede punt, dat is natuurlijk de parkeerinkomsten die we dan niet meer hebben. Tenminste, als het aan een aantal partijen ligt, die auto komt op de laatste plaats, de fiets als eerste, binnen in die stad. Nou komt er nog iets anders bij die auto, afhankelijk van woon-werkverkeer. Ik zie niet iemand hier in welke wijk dan ook naar de Waarderpolder lopen, waar wij dan zo’n groot transferium gaan bouwen, gaan maken.
Dat een wethouder, vanuit welke wijk dan ook, doodleuk fluitend ‘s morgens in de regen vijf kilometer gaat lopen om zijn auto op te halen en weer terug te lopen naar huis. Dat moeten we ons realiseren, dat zie ik niemand doen. Je moet ook kijken naar alternatieven als het OV. Nou weet ik dat we nu in een lastig parket zitten met corona. Coronabesmettingen van het
11
personeel. Niet aantrekkelijk om mee te reizen. Hij rijdt met iemand mee in de auto of je eigen auto. Of dat gaat veranderen, dat weet ik niet. Maar OV is wel een onderdeel. Dat moeten we breder zien, naast bus en trein, maar ook lightrail. Begin dan eens met de ouderen en gehandicapten, dat er reguliere lijnen zijn … Ik zal er zo op ingaan, iemand die zijn hand opsteekt van de Actiepartij. Dat je bijvoorbeeld voor de 65-plussers, het idee, want het is vrij kostbaar, dat je het voor zeer sterk gereduceerd tarief of zelfs gratis doet. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank je wel, voorzitter. Mijnheer Rijbroek, vindt u echt dat er lightrailverbindingen in het fietsbeleid moeten staan? Denkt u dat die voor die zes miljoen, die hier begroot is, te realiseren is? Met andere woorden, fietsbeleid is heel goedkoop. Die OV-oplossingen en auto-oplossingen die u aandraagt, zijn allemaal heel duur. Is het niet verstandig om eerst dan maar de fiets te doen? De heer Rijbroek: Nee, want ik zie u niet vijftig kilometer met de fiets gaan, heen en terug. U wilt de pedelecs misschien gebruiken, op die snelle fietspaden in de regio, aansluitend op Haarlem. Maar ik zie toch wel dat mensen dan de trein pakken en eventueel wat we hebben gezegd als alternatief doorgetrokken, omdat het in andere steden al wel het geval is, die lightrail.
Dan ga je vanaf Haarlem, knooppunt, Amsterdam en verder. Dat wil ik meegeven. Wat de fiets betreft, waar u op duidt, op die investering van zes miljoen euro, dat is een onderdeel voor de fiets. Maar zo zijn er meer middelen, waar je ook naar moet kijken. Als we het dan hebben over die zes miljoen, daar wil ik het volgende over zeggen. Kijk, als we hem met de auto pakken, dan betalen we parkeerkosten. Dat ging deels naar de algemene middelen, kwam weer terug, ook in de vorm voor faciliteiten van de auto of de garage. Gaat dat dan nu betekenen, als die auto de stad uitgaat, dat als degene zijn fiets parkeert, dat hij dan moet gaan parkeren voor het fietsparkeren, opdat we daar de fietsvoorzieningen van kunnen betalen? Ik denk dat we daarin ook wel een dilemma zullen hebben. Ik zie namelijk niet met andere alternatieven, zoals in Schalkwijk gebeurt, bij DOCK, dat we de ouderen alleen gaan vervoeren, het is een leuk alternatief, met een riksja door de regen heen naar het winkelcentrum. Nou bagatelliseer ik het misschien, maak ik het lacherig, maar ik denk dat we het veel breder moeten zien dan alleen de fiets. We moeten ook denken aan meer fietsenstallingen, P&R-plekken, distributiecentra. Dat punt vergat ik bijna. Want als wij zeggen dat wij onze spullen laten distribueren, dan kun je zeggen, dan gaat dat ergens van een distributiecentrum uit Amsterdam naar Haarlem.
Dan maken we wel die beweging en de denkfout dat dat ook CO2-belasting is. Waar ik voorstander van ben, is de werkgelegenheid terughalen naar Haarlem. Dat daar de distributiecentra zijn. Dan wil ik het zo even hierbij laten. Dank u wel. De voorzitter: De heer Abbasi, interruptie. De heer Abbasi: Dank u wel, voorzitter. Als de werkgelegenheid dan in Haarlem is, hoe zou u dan willen dat de Haarlemmers naar hun werk toe gaan, met welk vervoersmiddel? De heer Rijbroek: Dat hang ervan af, want er zijn schilders, want ik weet waar u naartoe wilt, bijna een val, kan je op de fiets, wilde u zeggen. Er zijn ook beroepen, zoals aannemers, loodgieters, schilders die dusdanig hun apparatuur in de auto hebben zitten, zeer waardevol, dat die wel dicht bij het huis moeten hebben, want ze worden gestolen, leeggestolen tot en met, gestolen als de raven. Dat wil ik u uit eigen proefondervindelijkheid wel meegeven. Niet iedere schilder, aannemer gaat met de fiets. Dank u. De voorzitter: De heer Hulster, interruptie.
12
De heer Hulster: U zegt, we raken allemaal baten kwijt als er niet meer geparkeerd wordt. Maar wist u dat de stad Utrecht heeft uit laten rekenen wat de maatschappelijke baten zijn van fietsen, in die stad. Er wordt daar wat meer gefietst dan hier. Het is een iets grotere stad. Weet u dat dat 250 miljoen per jaar is. Er is heel veel geld op te halen als we het fietsen meer gaan stimuleren. Dat wilde ik u maar meegeven. Wist u dat? De heer Rijbroek: Dat rekensommetje wist ik. Is ook in Haarlem gemaakt, want dat weet ik nog uit mijn MKBtijd. Zowel de fiets als per kar als wel vrachtwagen of de kleine elektrische wagentjes, misschien herinnert u zich de eerste experimenten nog in de binnenstad om het te realiseren, de uitstoot. Dat was het eerste begin die karretjes. In de vorm van, ik mag de naam iet noemen, Nick. In die vorm is dat geweest en berekend. Maar je blijft houden het feit, als je dat omrekent, ik zie iemand niet die grote spullen per fiets vervoeren. Vervoert u de koelkast en de wasmachine per bakfiets? Dan bent u knap. De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Hulster: Nee, maar ik weet wel dat heel veel busjes die rondrijden in de stad leeg rondrijden en drie keer langs moeten komen. Er kan echt veel meer per bakfiets worden vervoerd dan er nu gebeurt. Dat is echt een revolutie die nu gaande is. Er wordt steeds meer per bakfiets afgeleverd. Dat is echt een grote kans.
Ik hoop ook dat de wethouder dat meeneemt in het beleidsstuk over de fiets. De voorzitter: Mooi. Dan ga ik nu het woord geven aan de heer Mohr, Hart voor Haarlem. De heer Mohr: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, als je op het internet speurt naar de bekendste sprookjes, dan staat Doornroosje op één, dan staat Assepoester op twee en het fietsbeleid van de gemeente Haarlem op drie. Je zou kunnen stellen, voorzitter, dat dit college de fietser een spaak in de wielen steekt, omdat de financiële uitwerking van dit sprookje ontbreekt. Juist omdat het ontbreekt, kunnen we geen keuze maken. Omdat we geen keuze kunnen maken, staat de fietser in Haarlem weer stil, net als de automobilist en net als al die andere verkeersdeelnemers. Dat betreuren wij zeer. Wij missen de wethouder in dit debat zeer. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Dreijer, het CDA. De heer Dreijer: Dank u wel, voorzitter. Een aftrapnotitie met een heleboel goede punten, aandachtspunten voor het fietsbeleid. Dat zal best wel goedkomen. Ik wil een paar opmerkingen geven op de drie sporen. Bij de fietsinfrastructuur wil ik opmerken dat er veel meer aandacht moet komen voor de oplevering van de straten waar de fietsers en de auto’s samen gebruikmaken van de weg.
Je ziet nogal eens dat er … Ik maak me er vaak wel druk over, over putdeksels bijvoorbeeld die veel te diep bij nieuwe wegen liggen en niet conform de norm, wat weer reden geeft voor de fietser om eromheen te gaan fietsen. Dat geeft allemaal onveilige situaties. Dat hoeft niet meer geld te kosten, alleen er moet aandacht aan geschonken worden. Bij fietsinnovatie, daar staat de verkeersveiligheid genoemd. Zoals door meerdere partijen al genoemd is, natuurlijk is het goed om naar de veiligheid rondom de scholen te gaan kijken, maar we moeten ook gewoon de veiligheid in de volle breedte gaan bekijken en niet alleen rond scholen. Ook, waar zijn de fietspaden gesitueerd? Liggen ze niet op een onveilige plek? Maar ook kijken, niet alleen hoe kan het veilig voor de fietser zijn, maar hoe is het ook veilig voor de andere weggebruikers die met fietsers te maken hebben. Want er rijden nogal eens wat fietsers, met name zie je dat tegenwoordig door de bezorgdiensten … Ik denk niet dat ze verkeerslichten kennen, of ze zijn kleurenblind, of ik weet het niet. Maar die zorgen voor ontzettend veel onveilige situaties. Dat mag, wat mij betreft, ook opgenomen worden in het fietsbeleid. Het streven is dat we in 2030 naar negentig procent van de bewegingen binnen tweeënhalve kilometer met de fiets gaan doen. Wat het CDA betreft mogen we het echt
13
nog wel een stukje op gaan trekken, die ambitie. Drie kilometer is van hier tot aan de Jan Gijzenkade bijvoorbeeld. Vanaf de Jan Gijzenkade naar het centrum fietsen, dat moet makkelijk kunnen, behoudens de ouderen of degene die dat niet kunnen. Maar als je gewoon gezond bent, gewoon de fiets pakken. Het college gaat op aanraden van het RKC de hele BYPAD-methode gebruiken. Dat is goed om te zien. Wij kiezen ook nu geen scenario. We zullen hiervoor de eerste concrete uitvoeringsplannen moeten zien. Misschien dat we wel kunnen kijken naar Park & Bike, zit ook een beetje wel in het mobiliteitsbeleid. Maar goed, bike is wel iets met fietsen, dat betekent toch ook ergens de auto laten staan en verder bewegen richting de binnenstad met de fiets. Natuurlijk hebben we ook de ambitie om in deze top tien te gaan komen voor de beste fietsstad en de file top tien weer snel te verlaten. Maar goed, wie wil dat niet? Ook eigenlijk net zoals de ChristenUnie al opmerkte, je zag een leuk staatje met kosten voor een bepaald fietspad et cetera. Ik mis ook inderdaad de kosten van, wat had een weg gekost voor een auto van een bepaalde breedte? Omdat een beetje in een vergelijking te krijgen.
Als je een vijf meter brede weg maakt voor de auto, wat kost dat als je een iets smallere weg van maakt, omdat je de snelheid verlaagt, en dat je daar een iets breder fietspad tegenover zet? Zijn dan de totale kosten hoger? Zijn ze gelijk? Zijn ze minder? Dat wil je ook graag goed kunnen zien om een goede financiële keuze te kunnen maken. Voor de rest, ik denk, we zien uit naar het beleidsplan wat we eind van het jaar gaan krijgen. Dank u wel. De voorzitter: Heb ik iedereen gehad? Ja? Mooi. Dan is het stuk hiermee zo voldoende besproken. Het gaat ook niet door naar de raad. De heer Aerssens van de VVD heeft een motie vreemd aangekondigd. Ik doe nogmaals uw oproep, uiteraard heeft de wethouder meegeluisterd, maar wilt u echt specifieke vragen nog beantwoord hebben, dan kunt u ze via de griffie aan de wethouder stellen. Dan zal hij die alsnog schriftelijk beantwoorden. Ik doe een oproep om dat vooral te doen, want het is belangrijk genoeg. 6a Voortgang Actieplan Fiets 2020-2022 Behandeld bij agendapunt 6. 6b Brief RKC d.d. 24 januari 2022 stand van zaken RKC-aanbevelingen 2022-1 incl bijlage Behandeld bij agendapunt 6. 7.
Uitslag draagvlakonderzoek parkeerregulering in Entree West (RB) De voorzitter: Dan ga ik naar het volgende agendapunt. Dat is agendapunt 7. De uitslag van het draagvlakonderzoek parkeerregulering in Entree West. In de commissie van 20 januari 2022 is het ter kennisname stuk op verzoek van de fractie van de VVD ter bespreking geagendeerd. Aangezien de fractie van de VVD om agendering heeft verzocht, geef ik ook die als eerste het woord. De heer Aerssens van de VVD. De heer Aerssens: Dank u, mijnheer de voorzitter. Wat fijn dat we dit draagvlakonderzoek en zeker de uitslag hiervan in deze commissie mogen bespreken. Want, voorzitter, het is belangrijk als wij als gemeenteraad, als er bewoners zijn die dingen willen veranderen, dat we dan goed luisteren naar onze Haarlemmers. In dit geval is het heel erg duidelijk geweest dat bewoners van deze wijk fel tegen betaald parkeren zijn. Voorzitter, daarmee kan ik deze bewoners aan onze kant vinden, want wij zijn namelijk ook fel tegen betaald parkeren. Het leegtrekken van de portemonnee van de Haarlemmers, zo kan je het ook wil noemen, want het is gewoon het op kosten jagen van Haarlemmers, zonder dat het wat oplevert. Waarom is deze uitslag zo interessant? Omdat aan de andere kant van de straat, in dit geval, er een klein postzegeltje gecreëerd wordt waar wel betaald parkeren ingevoerd wordt.
Een wijk waar slecht is gecommuniceerd gaat alsnog betaald parkeren
14
ingevoerd worden. Dat is iets, voorzitter, wat apart is. Want dan gaan we in Haarlem vlokjes van betaald parkeren krijgen. Het enige wat we daarmee creëren is overlast voor de omliggende wijken. Dat, voorzitter, is iets wat, in ieder geval waar wij van denken, dat moet je niet willen. De voorzitter: Mevrouw Schneiders, GroenLinks, een interruptie. Mevrouw Schneiders-Spoor: Dank u wel. Maar mijnheer Aerssens, dat was toch ook wat we eerst hadden afgesproken met elkaar? Omdat u dat niet wilde, dat we daarom gingen reguleren in de hele stad? Want dan heb je inderdaad niet het probleem dat er dan een vlokje wel en een vlokje niet is. De heer Aerssens: Je moet gewoon geen betaald parkeren gaan invoeren. Maar dat is het grote verschil tussen GroenLinks en de VVD. U bent voor het op kosten jagen van de Haarlemmers, op grote schaal. Want voor hardwerkende Haarlemmers die een auto nodig hebben om naar het werk te gaan, rekent u al gauw 600 euro aan voor het hebben van 2 auto’s. Mevrouw Schneiders-Spoor: Mag ik nog reageren? De voorzitter: U kunt gewoon door blijven praten totdat ik de ander het woord geef, anders dan is het ook zo … Mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders-Spoor: Dank u wel. 600 euro voor 2 auto’s. Je hoeft toch maar met 1 auto naar je werk? Je kan niet eens in je eentje met 2 auto’s gaan rijden. De heer Aerssens: Mevrouw Schneiders, exact.
Dit is een heel mooi punt. Want ik sprak namelijk vanmiddag nog met mijn moeder over de belachelijke huizenprijzen in onze stad. En die zei nog, je moet in Haarlem wel met zijn tweeën moeten werken om überhaupt een huis hier te kunnen betalen. Ik weet niet wat voor baan u heeft als u het alleen aan zou kunnen, maar dat kan niet voor een gemiddelde Haarlemmer. Je moet wel met zijn tweeën werken om hier überhaupt een huis te kunnen betalen. Voorzitter, daarom zijn soms gewoon 2 of soms zelfs 3 auto’s nodig, want als je ook nog kinderen hebt die thuis wonen, dan is het al helemaal onmogelijk om überhaupt geld te kunnen gaan sparen om een huis te kunnen kopen. Die hebben dan soms ook een auto nodig om naar het werk te gaan. Voorzitter, die hardwerkende Haarlemmers gaat de VVD niet in de weg zitten. Daarom vinden we het goed om dit nogmaals te onderstrepen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Abbasi, PvdA. De heer Abbasi: Dank u wel, voorzitter. Toch jammer om te benadrukken dat er ook mensen zijn die 3 auto’s hebben. Dat is natuurlijk ook een van de grootste problemen hier in Haarlem. Maar ik wilde iets anders vragen. Heeft u gekeken naar de suggesties die door de bewoners zelf gedaan zijn? Namelijk dat zij openstaan voor gereguleerd parkeren, maar dan met een gratis parkeervergunning voor de bewoners.
Wat vindt u daarvan? De heer Aerssens: Ik denk dat het allereerst echt het geval is dat mensen of gezinnen er zijn met 3 auto’s. Want er zijn al kinderen in gezinnen, die hebben ook gewoon een auto nodig om naar het werk te gaan. De VVD is tegen het invoeren van betaald parkeren. Het wordt nou eenmaal een waterbedeffect in de wijken eromheen liggend, al is het maar omdat er alsnog voor bijvoorbeeld een tweede of soms zelfs een derde auto flink wordt aangerekend. Dat vinden we niet fair voor al die hardwerkende mensen in onze stad. Voorzitter, ik vind het ook nog goed om te benadrukken dat in dat vlokje, wat we nu gaan creëren aan onze rand van de
15
stad, dat daar echt slecht gecommuniceerd is. Dat we alsnog betaald parkeren daar gaan invoeren, terwijl de hele wijk daar ook tegen is. Daar niet aan gevraagd wordt wat de wijk vindt. Dat is tegen de afspraken in, voorzitter. Ik zou eigenlijk daar best wel wat mee willen. Ik ben benieuwd wat de commissie verder denkt over al die postzegeltjes en vlokjes in onze stad. Ik wil daarbij meegeven dat we zeker in gedachten moeten houden dat we ons aan de gemaakte afspraken moeten houden in de tijd van het invoeren van gereguleerd parkeren. Dank u wel. De voorzitter: Wie kan ik dan het woord geven? Mevrouw Schneiders, GroenLinks. Mevrouw Schneiders-Spoor: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Nog even. Ik wilde niet weer interrumperen daarnet, maar 2 banen is natuurlijk niet altijd gelijk aan 2 auto’s. Mijn man en ik hebben allebei een baan en we rijden allebei niet in een auto daarnaartoe. Dat hoeft helemaal niet. De voorzitter: De heer Aerssens van de VVD heeft een interruptie. Daarna de heer Mohr. De heer Aerssens: Mijnheer de voorzitter. Eén, kijk, het gaat er gewoon om, dat er mensen zijn die die auto nodig hebben om naar het werk te gaan. Er zijn mensen en gezinnen, daar hebben bijvoorbeeld beide ouders en een lid van het gezin verder, een kind, gewoon die auto nodig om naar het werk te gaan.
Dat mevrouw Schneiders en haar man dan misschien geen auto gebruiken om naar het werk te gaan, betekent ook nog niet dat ze er niet per se eentje nodig hebben voor andere activiteiten, of misschien wel 2 of misschien zelfs wel 3. De voorzitter: De interrupties zijn ook voor u kort en eindigen met een vraag. De heer Mohr, Hart voor Haarlem. De heer Mohr: Hele korte interruptie. Een vraag aan mevrouw Schneiders. Hoeveel auto’s heeft u? De voorzitter: Mevrouw Schneiders. Mevrouw Schneiders-Spoor: We hebben 1 auto. We hadden er heel eventjes 2, maar we hebben er nog maar eentje. Die ene staat heel veel stil. We gaan inderdaad allebei met de trein, op de fiets of lopen of thuiswerken, want we moeten voortdurend thuiswerken. Het wordt helemaal niet gebruikt. Maar dat is ook niet zo erg. Daar gaat het ook helemaal niet om. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Aerssens. De heer Aerssens: Waarom maakt u dan geen gebruik van deelmobiliteit en doet u die auto niet weg als u zegt van, joh, die auto staat altijd stil bij mij voor de deur? Mevrouw Schneiders-Spoor: Daar hebben we het op dit moment helemaal niet over. Het gaat nu over parkeerregulering. Wij hebben een parkeervergunning voor die auto. We zijn bereid om daarvoor te betalen. Daarom doen we daaraan mee. Maar daar hebben we het nu niet over, over onze auto’s. We hebben het over parkeerregulering in de wijken.
Het gaat erom, dat inderdaad het probleem is in sommige wijken, dat daar vreemd parkeerders zijn. Niet de mensen die daar wonen, want die mogen best een auto voor de deur zetten, maar al die andere mensen die van buiten komen. Dat zeggen ook deze mensen. Dat zijn wel mensen van buiten, van het Spaarne Ziekenhuis en ik weet niet waar allemaal de andere mensen vandaan zouden komen. Zij geven ook aan, dat wij maar moeten zorgen, of dat het college moet zorgen, dat die mensen niet bij hun parkeren, doordat het Spaarne dan maar de tarieven moet verlagen of iets dergelijks. Maar dat hebben we
16
niet in de hand. Wat we wel in de hand hebben, is dat we de mensen kunnen aanbieden, vraag een vergunning aan. Daar hoef je voor de eerste auto helemaal niet veel voor te betalen. Wij hebben zelfs geadviseerd, maakt dat bedrag in de wijken buiten de C-weken nog ietsje goedkoper, want dan is het nog makkelijker voor die eerste auto. Dan hoeft hij nog minder duur te zijn. Een auto hebben kost nou eenmaal wat geld. Dat is nou eenmaal zo. Dan kunnen die mensen wel parkeren. Dan heb je het voor elkaar. Dan heb je geen vlokjes. Dan heb je gewoon mensen die kunnen parkeren in de buurt van hun woning, zoals ze dat allemaal graag willen. Vreemd parkeerders, die moeten wel betalen. Maar dat vinden we dan als Haarlem misschien minder erg. Ik vind, het is grappig dat dit zo gegaan is. Het is vervelend eigenlijk voor de buurt dat het zo gegaan is, want we hadden ze kunnen helpen en dat hebben ze niet aangenomen. Daarom zoeken ze nu naar een andere oplossing. Nu moeten ze, denk ik, wachten totdat er een nieuwe mogelijkheid is om weer zo’n draagkrachtonderzoek te doen. Maar het toont duidelijk aan dat mensen er soms nog niet aan toe zijn. Dan komt het, ik denk, binnen heel korte tijd wel. Dan mogen ze alsnog aan het gereguleerd parkeren. Het heet gereguleerd parkeren, niet per se betaald parkeren. De voorzitter: Wie wil dan het woord? De heer Rijbroek, Trots.
De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Een draagvlakmeting, 79 procent van de inwoners die hebben meegedaan, waren het er niet mee eens. Conclusie werd dan gezegd, niet overgaan tot betaald parkeren regime. Even een stapje terug. Ik zie staan, collegebesluit. Dat vind ik toch wel bezwaarlijk. Iedere keer blijf ik het toch zeggen. We hebben het HCPP, Haarlems Civiel Planproces, aangenomen. Dat de raad vooraf in alle processen wordt meegenomen. Nu krijgen we dit stuk en gaan we dit beoordelen. Daarnaast wil ik voor, als we het hebben over zorgvuldige communicatie, het PEP zien. Vorige week in commissie Ontwikkeling stelde ik die vraag aan de betreffende wethouder Roduner. Hij zegt, dat is een ambtelijk stuk, daar gaan we niet aan beginnen. Als je dan bezwaren hoort van bewoners, dan vind ik, om een goed waardeoordeel te geven, dat die PEP op tafel moet komen. Als wij dat vragen, moet hij op dat verzoek alsnog ingaan. Iets anders, we zwemmen een fuik in met het draagvlakonderzoek. Want de alternatieven, wat mijnheer Abbasi ook zegt, die aangedragen worden door de bewoners, daarin staat ook iets wat ik nogal cruciaal vind. Dat men ervaart in de Entree West parkeeroverlast, zullen we dan maar voor de bezoekers maar een hoog tarief doen? Dat impliceert ook wat voor de bewoners. Voor je het weet, zwem je die fuik in en dan krijg je gewoon gereguleerd parkeren.