02-09 Inspreekbijdrage -schriftelijk- div. BIS instellingen mbt Coll.Cultuurplan Respons
Tekst van het document
Haarlem, 1 september 2021 Betreft: Reactie op de Cultuurplan 2022-2028 Geacht College, Geachte Raadsleden Met genoegen hebben wij, de beoogde BIS instellingen, het Cultuurplan 2022-2028 van de gemeente Haarlem doorgenomen. Wij prijzen de ontwikkeling dat de gemeente een brede cultuurvisie op papier heeft gezet die uitgaat van wat er leeft in de stad, waarin bestaande kwaliteit wordt onderschreven en er tegelijkertijd wordt gezocht naar ruimte voor avontuur en experiment. Het plan is ambitieus en wij onderschrijven - op inhoudelijk vlak – de ambities die worden geformuleerd. De Gemeente heeft de extra tijd die is genomen, benut voor een zorgvuldig participatieproces en dat werpt zijn vruchten af. Graag spreken wij via deze onze waardering uit en formuleren hierbij een aantal aanbevelingen en punten van kritiek of zorg. 1.
Wij zijn blij bevestigd te zien dat het door het Rijk direct aan de gemeente gedelegeerde Corona noodsteun voor cultuur (2,6 miljoen + 577.000 euro) conform de intentie van het Rijk wordt behouden voor kunst en cultuur. Hoe hoog het uiteindelijke bedrag is dat nog te besteden valt vanaf 2022, is daarbij afhankelijk van de behoefte aan noodsteun in 2021.
2.
Wij juichen het toe dat er Programmasubsidies komen en er zo meer ruimte wordt gemaakt voor nieuwe, avontuurlijke (samenwerkings)initiatieven. Wij hebben echter vragen over de (continuïteit van de) onderliggende financiering. Gezien de hooggespannen ambities, verwachten wij dat er een budget beschikbaar is dat substantieel genoeg is om deze ambities te realiseren. De (rest)noodsteun van het Rijk daarvoor gebruiken is in principe werkbaar maar wel met twee kanttekeningen: a. Deze gelden zijn tijdelijk, voor de periode na 2024 moet nieuwe financiering worden gevonden b. De (rest)noodsteun moet in eerste instantie worden ingezet voor een duurzame versteviging van de Haarlemse culturele infrastructuur zodat deze post-Corona weer kan floreren. Hierbij denken we aan een aantal dossiers die nu actueel zijn en aan opgelopen achterstanden in de afgelopen jaren die juist nu kunnen worden hersteld. Naast de noodsteun worden aantal andere financieringsbronnen geopperd maar is niet duidelijk hoe de financiering feitelijk gaat plaatsvinden of tot een keuze daarvan wordt gekomen. De geopperde (deel)oplossing om met een procentuele vermindering van de exploitatiesubsidie van de BIS-instellingen te gaan werken om Programmasubsidies te financieren, is wat ons betreft niet mogelijk gezien deze reeds strak en in sommige gevallen ontoereikend zijn.
3.
Het voorstel/besluit om instellingen aan te merken als Basisinfrastructuur (BIS) en als onontbeerlijk voor de stad, waarderen wij zeer. Een precieze definitie van het label BIS en wat het concreet aan rechten en plichten met zich meebrengt wordt in het Cultuurplan niet gegeven. De garantie van een meerjarige subsidie – waarvan de hoogte niet is vastgelegd en waarbij het onduidelijk is of deze voldoende is om de basiskosten te dekken - is wat ons betreft niet afdoende. Een uitgewerkte definitie van wat een BIS instelling is, de betekenis daarvan en dito methodiek waarmee de gemeente aangeeft hoe zij de belofte van structureel verantwoordelijkheid nemen voor deze instellingen zal borgen, is noodzakelijk. Hoe wordt, kortom, de BIS tot meer dan een label gemaakt?
4.
De gemeente geeft aan te willen investeren in de BIS. Echter het budget wordt niet verruimd en zoals bekend verkeren een aantal instellingen binnen de BIS nu (al jarenlang) in zwaar weer (los van Corona) en worden in hun exploitatie bedreigd. Het
1
locatieprobleem van de Nieuwe Vide, het aanhoudende exploitatietekort van het Frans Hals Museum, de behoefte aan uitbreiding van de Filmschuur n.a.v. de komst van de bioscoop in de Koepel om de exploitatie rond te krijgen zijn voorbeelden van deze grote dossiers. Deze hete hangijzers worden in het Cultuurplan aangestipt maar de doortastende aanpak die nodig is om deze problemen op te lossen, lezen wij niet. Pas als deze fundamentele problemen zijn aangepakt, kan er sprake kan zijn van een (gezonde) BIS. 5.
In het Cultuurplan wordt aangegeven dat een actief maatschappelijk vastgoedbeleid stuurt op geschikte en voldoende betaalbare ruimte voor cultuur. Wij zijn het daar hartgrondig mee eens. Het beleid wordt in de visie echter niet geconcretiseerd. Hoe komt de gemeente tot een integrale aanpak van cultuur en vastgoed waarin aanbod en vraag/nood op elkaar worden afgestemd en hoe wordt dit beleid straks geborgd? De herontwikkeling van de Koepel en de Egelantier waar tot nog toe geen lokale Haarlemse culturele instellingen bij zijn betrokken, geven aan dat dit soort beleid een brandende behoefte is. Wij stellen voor om de beleidslijnen op dit vlak uit te werken in samenwerking met een kerngroep aan vertegenwoordigers uit de culturele instellingen. De daarenboven genoemde (besparende) taakstelling cultuur en vastgoed alarmeert ons gezien de gestelde ambities.
6.
Wij zijn verheugd te lezen dat de gemeente de uitwisseling tussen culturele en sociale organisaties wil bevorderen. Zij wil hiertoe culturele verkenningen per stadsdeel ontwikkelen. En er wordt aangestipt dat een rol is weggelegd voor de Bibliotheek en HART. Deze rol verdient nadere definiëring qua relatie tot de andere culturele partners. Het zou ook aanbevelenswaardig zijn om meerdere instrumenten te ontwikkelen om die link te ondersteunen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een database waarbij de gemeente een matchmakende/coördinerende rol pakt of neerlegt bij een organisatie. De instellingen en organisaties werken graag in de wijken en kunnen zelf het werk leveren, de behoefte aan matchmaking en centraal overzicht blijft onverminderd groot. Als dit een serieuze ambitie is, dan moeten er in overleg met de culturele instellingen concrete instrumenten worden ontwikkeld.
7.
In het Cultuurplan ontbreekt een link met de Toerismevisie en de rol die cultuur daarbinnen speelt. Een verdere uitwerking van deze link is noodzakelijk om de relatie tussen cultuur, economie en toerisme productief te maken. In het kader daarvan zouden wij de betrokkenheid van Haarlem Marketing bij het ondersteunen en profileren van het rijke, diverse culturele aanbod in Haarlem ook verder uitgewerkt willen zien.
8.
Haarlem wil, zo stelt het Cultuurplan, de stad van de toegepaste creatieve innovatie zijn maar het onderdeel creatieve industrie wordt niet uitgewerkt. In de Visie Economie is dit een aandachtspunt, maar hoe de creatieve sector en de culturele sector met elkaar verbonden zijn en welke concrete invloed dit heeft op de ambities verwoord in het Cultuurplan (nieuwe initiatieven, behoefte aan ruimte en broedplaatsen, verbinding van sectoren) kan meer aandacht gebruiken.
9.
Het Cultuurplan schetst inspirerende en herkenbare contouren en een horizon. Om deze visie adequaat te laten vertalen door de culturele instellingen, is behoefte aan duidelijke planningen en deadlines vanuit de gemeente die ook door de gemeente gerespecteerd worden en die zijn afgestemd op de vereisten en planningen van de Rijksoverheid.
10. Het plan geeft aan dat er momenteel sprake is van een krappe ambtelijke bezetting op de afdeling Cultuur. Mede gezien deze beperkte formatie van willen wij graag meedenken over de priortering van de genoemde ambities.
2
Tot slot: De BIS instellingen die dit schrijven ondertekenen, zijn verschillend in grootte, schaal, missie en vorm. Wij spreken graag samen een standpunt uit maar er zullen hiernaast nog individuele reacties volgen. We zijn steeds bereikbaar voor vragen en hopen dat Raad en Gemeente onze opmerkingen en zorgen ter harte neemt. We kijken uit naar de definitieve versie van het Cultuurplan en de toekomst die op basis daarvan in tandem met gerichte oplossingen voor grote culturele probleemdossiers kan worden gebouwd! Met vriendelijke groet, De Pletterij, Arno Duivestein Frans Hals Museum, Ann Demeester en Paul Stork Hart, Marijke Lichier Nieuwe Vide, Liesbeth Visee Patronaat, Jolanda Beyer Stadsschouwburg/Philharmonie, Edwin van Balken en Yvonne van Popta Toneelschuur/Toneelschuur Producties, Marelie van Rongen Vishal, Loes van Campen 37 PK, Tamara Sterman De Bibliotheek Zuid-Kennemerland, Roxane van Acker
3