02-02 Transcript commissievergadering Samenleving
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 2 februari 2023
1.
Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Dames en heren, ik heet u van harte welkom op deze vergadering van de commissie Samenleving op 2 februari. Allereerst de openingen en mededelingen, ik wil graag beginnen met een mededeling dat mevrouw Marjan Zoon vandaag aan mij heeft aangegeven dat zij niet langer deel zal nemen aan de vergaderingen van de commissie Samenleving en terugtreedt als schaduwraadslid namens Hart voor Haarlem. Ter vervanging hebben wij mevrouw Mirjam Otten en normaal gesproken vind ik het wel passend als wij afscheid nemen van iemand die hier zo uit ons midden vertrekt. Dus ik wil graag een aantal woorden aan haar richten, ook al is ze hier niet aanwezig. Ik denk ongetwijfeld dat ze meekijkt. Dus dames en heren, voor mevrouw Zoon, ondanks dat het een heel erg last minute aankondiging is en uiteraard niet in het juiste format, mocht u nou die helemaal niet helemaal snappen, dat is een kleine inside joke, leg ik u graag na de vergadering nog even uit. Marjan, je verraste ons vandaag met een brief waarin jij je afscheid aankondigt. Onverwacht zonder meer, niet alleen voor mij maar ik denk voor de meeste collega’s hier. En ik had dan ook graag persoonlijk afscheid genomen, maar ik hoop dat op deze manier alsnog te kunnen doen.
In uw afscheidsbrief aan mij schreef u dat het politieke werk u meer energie kostte dan u verwacht had en dat u zich graag breed en maatschappelijk wil in blijven zetten. En daar ga ik dan ook wel vanuit, want als leden van de commissie en van de raad zijn we hier zo lief en leed en kostbare tijd aan het besteden voor de goede zaak. En ik ga er zonder meer vanuit samen met u allen dat u dat in ieder geval blijft doen, u blijft inzetten voor het beter maken van Haarlem. Je hebt ook aangegeven dat je hem kritisch blijft volgen, deze commissie en wat we hier doen samen en ik verwacht ook niet heel veel minder. Ik wil je enorm danken voor je inzet en ik wens je ongetwijfeld het allerbeste toe en we gaan elkaar zeker weten nog tegenkomen. Dank u wel. Goed, mevrouw Otten, gaat uw gang. Mevrouw Otten: Bedankt voor de aardige en vriendelijke woorden. Het was natuurlijk een langer proces wat al gaande was, dus het lijkt plotseling maar wel overwogen. Maar gewoon attent dat u er even aandacht aan besteedt en dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Dan ga ik met uw goedkeuren verder naar de mededelingen. Ik heb onder andere het aanbieden van een technische sessie in verband met de opinienota Reikwijdte bepalen van de toegang tot de maatschappelijke opvang.
Deze nota staat in de planning voor de maand maart, heeft de commissie behoefte aan deze sessie? Dan kijk ik even rond, ik zie een aantal jaknikkers. Als u nu ja knikt, dat registreer ik zo’n een beetje, dan ga ik er wel vanuit dat u ook aanwezig bent. Niet dat we strakjes iets organiseren waar onvoldoende mensen bij zijn. Maar goed, dan gaan we dat in ieder geval doen. En dan geef ik u even een ter herinnering dat op 9 februari om half acht de bijeenkomst over het nieuwe integriteitsbeleid plaatsvindt. Vorige keer is er al een inschrijflijst rondgegaan, dus ik ga ervanuit dat de meesten van u zich hebben opgegeven. Mocht dat nog niet het geval zijn, meldt u zich daar vooral voor aan.
2.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: Gaan wij verder naar agendapunt 2, het vaststellen van de agenda. Kan de agenda conform worden vastgesteld? Zijn er vragen, opmerkingen, aanmerkingen? Nee, uitstekend, stellen we die vast.
1
3.
Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: En dan gaan we door naar de mededelingen, allereerst de mededeling van de wethouders. Wethouder Van Leeuwen heeft een algemene mededeling en zal later op de avond onder punt 6 nog een mededeling doen. Als eerste aan de wethouder, één mededeling. Wethouder Van Leeuwen: Ja voorzitter, dank u wel een mededeling waar ik u vaker over bijgepraat, namelijk het interbestuurlijke toezicht in Noord-Holland en Amsterdam op de Jeugdbescherming. De bewindspersonen, althans was er eentje, want één was verhinderd, die was in Eerste Kamer, heeft ons op 24 januari medegedeeld dat het interbestuurlijk toezicht voor de gehele provincie stopt. Reden daarvoor is dat de afgelopen maanden op landelijk en ook hier regionaal niveau belangrijke stappen zijn gezet in de harmonisatie van de toegang naar en inzet van de jeugdhulp vanuit de Jeugdbescherming. Daarnaast is het vraagstuk voor een reëel tarief voor de gecertificeerde instelling, de GI, niet voorbehouden aan Noord-Holland maar iets dat is landelijk speelt. Zoals ook al eerder gezegd, het verscherpte toezicht vanuit de inspecties in de regio was al gestopt. Toen had de minister, de staatsecretaris besloten om het daar nog wel op te laten, nu hebben ze ook 24 januari ons medegedeeld dat dat stopt.
Daar krijgt u nog een nadere brief over, we hebben ook nog als gemeentes een brief gestuurd met wat meer vragen om toelichting, die brief is naar mijn weten nog onderweg, dus zodra die hier is, dan zullen wij die samen met alle andere negen jeugdzorgregio's in NoordHolland en Amsterdam, zullen we die ook naar u doen toekomen. Het stond ook al in een kamerbrief, dus de oplettende kijker zal het al gezien hebben, maar is in ieder geval goed nieuws dat het eraf is. De voorzitter: Mooi, dank u wel. Zijn er mededelingen vanuit de commissie? Nee, mooi. Dan hebben we daarmee de mededelingen afgerond.
4.
Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Gaan we door naar agendapunt 4, dat is de agenda voor de komende vergaderingen, de jaarplanning en de actielijst. Ik heb in ieder geval voor u voor een volgende vergadering het adviesstuk over de binnensport. Dit verwachten we voor de vergadering in maart. Het strategisch huisvestingplan verwachten we ook voor de vergadering in maart en een update Voorzieningen huisvesting onderwijs Haarlem wordt verschoven naar medio 2024, daar wil ik u dan die update even geven. Ah, het huisvestingsplan onderwijs is naar mei, excuus. Verder hebben we ter bespreking voor maart de reikwijdte bepalen voor de toegang tot de maatschappelijke opvang, waar u ook net die technische sessie voor goedkeurde, dus dat gaan we in ieder geval in maart bespreken. En dan hebben we twee agenderingsverzoeken. Het eerste agenderingsverzoek was vorige keer te laat maar nu ruim op tijd, mevrouw Scholten namens Jouw Haarlem over de eenmalige energietoeslag voor zelfstandig wonende studenten. Mevrouw Scholten: Dank u wel, voorzitter. Ik zit een heel eind bij de microfoon vandaan, dat ziet er misschien een beetje awkward uit, maar sorry daarvoor. Er ontstaan nu, en daar zijn wij bezorgd over bij Jouw Haarlem, twee soorten energietoeslagen voor Haarlemmers.
Eentje voor studenten die misschien wel niet, wel niet door het rijk ook goedgekeurd gaat worden en eentje voor gewone Haarlemmers. Ik heb even gebeld met Inholland, heel simpel met het decanaat daar, en gevraagd hoeveel studenten hebben zich nou bij jullie weten aangemeld met echt wel problemen. Nou dan gaat het over een jaar tijd over veertig tot vijftig studenten, dat is best nog wel een aantal. Zij hebben nog meer waar ze studenten mee kunnen helpen, Financieel Fit voor studenten en zo, dus studenten kunnen zich daar melden, ze worden dan doorverwezen naar de LSVb om een aanvraag te doen bij de gemeente waar ze wonen. Nou komt de Raad van State met een uitspraak over dat het niet per se voldoende onderbouwd is om studenten bijvoorbeeld uit te sluiten van die energietoeslag. En
2
dat is wat ik graag voor de volgende vergadering met u zou willen bespreken. Dan is er misschien ook weer iets meer bekend al over hoe de regering daarop gaat reageren, dus vandaar mijn agenderingsverzoek. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Is er vanuit de commissie voldoende steun om dit te agenderen? Graag even met hand opsteken. Ja, ruim voldoende, helemaal goed, gaan we dat in ieder geval bespreken. En dan het agenderingsverzoek van de fractie van OPHaarlem, de RIB Veiligheids- en beheersplan over DomusPlus. Mevrouw Jacobsz, gaat uw gang voor de toelichting daarop. Mevrouw Jacobsz: Ik moet zeggen ik ben even verrast hoor, want we hebben al als agendering want, ik zit nou echt te stotteren, wat erg, maar ik weet wel er is natuurlijk een app-verkeer geweest over dit onderwerp en volgens mij hebben wij toen, heb ik ook al aangegeven dat wij het een goed plan vinden dat we het in maart gaan bespreken. De voorzitter: Goed, dan gaan we het even anders doen, dan pak ik hem gewoon eventjes als agenderingsverzoek vanuit de commissie, want ik heb inderdaad aangegeven dat ik op het moment dat we dit stuk willen gaan bespreken, en het is een best wel belangrijk stuk wat samenhangt met de dossiers over de DomusPlus, we verwachten ook nog een informatienota vanuit het college over de vertragingen op dit dossier.
Dus op het moment dat er vanuit de commissie voldoende steun is om dit te gaan bespreken dan stel ik voor dat we kijken waar uiteindelijk die informatie dan het beste over gaat en dat we die uiteindelijk in gezamenlijkheid bespreken zodat we dossier DomusPlus zoveel mogelijk in één commissie bespreken. Ik zie mevrouw Oosterbroek namens de GroenLinks-fractie die heel graag iets wil zeggen. Mevrouw Oosterbroek: Ja, want ik had ook begrepen dat het bij die andere commissies ter ingekomen stukken stonden. Is dan wat u voorstelt dat we alle stukken van de DomusPlus hier in de commissie Samenleving gaan bespreken? De voorzitter: Kijk, waar het op neerkomt is dat dat toen ik begon als voorzitter, wat ik u ook in de app heb gestuurd, is dat ik meekreeg dat de meeste dossiers met betrekking tot de Domus, of eigenlijk alle documenten die er aan zaten te komen in Samenleving geagendeerd zouden worden. Nou in het presidium wordt ernaar gekeken waar we uiteindelijk het beste de dossiers kunnen bespreken die er nu aankomen en dat zou best eens kunnen zijn dat dat in samengevoegde vergaderingen gaan zijn, dat het een vergadering is waar bijvoorbeeld de commissie Samenleving in de commissie Ontwikkeling samen over vergadert, maar dat is iets wat uiteindelijk vanuit het presidium even bekeken zou moeten gaan worden en daar zullen we een passende invulling voor bedenken.
Maar in ieder geval is het voorstel om dit te gaan bespreken. De heer Trompetter heeft ook nog een toevoeging. De heer Trompetter: Ja, dank u wel. Ik zit natuurlijk ook in Bestuur en doorgaans bespreken we veiligheids- en beheersplannen in Bestuur, dus u noemde Ontwikkeling, dus ja ik kan me voorstellen dat je dat bespreekt als je het hele plan gelijk op tafel hebt liggen, dat je dat dan op die manier doet. Of dat de zorg en inhoudelijke kant hier zit maar het veiligheidsaspect, de veiligheidskant, en de frequentie ervan binnen Bestuur besproken wordt. Kan ik me voorstellen, dus ik vind het een beetje lastig om hier nou mee om te gaan, om het los neer te zetten lijkt me niet handig, maar is wel belangrijk om het erover te hebben maar dan wel zoals u net zegt, in combinatie met het hele plan. De voorzitter: Ja precies, zoals mijn voorstel dus is, is om te kijken of we gemeenschappelijke vergaderingen kunnen organiseren om zoveel mogelijk dit dossier samen te bespreken. Ik denk dat het voor de raad niet een
3
toegevoegde waarde heeft op het moment dat er een klein onderdeel in Beheer of in Bestuur een klein onderdeel in Ontwikkeling en een klein onderdeel een Samenleving besproken wordt, maar dat het belangrijk is dat u als commissie en u als raad uiteindelijk een zo’n goed mogelijk overzicht heeft van hetgeen wat we hier zo samen bespreken. Dat zou mijn voorstel zijn. Mevrouw Van der Windt. Mevrouw Van der Windt: Ja, ik ben het daarmee eens, maar ik zou ook vooral niet elk plukje wat over Domus gaat apart willen bespreken. Dit is een stuk wat op zich, waarbij je zeker wat over wil zeggen, met elkaar over in debat wil gaan, maar ik zou het echt onprettig vinden om dat te doen als er gewoon nog ook meer stukken samen zijn. Dus liever niet dit volgende maand en dan in mei weer iets, maar gewoon even dingen verzamelen en dan integraal en in samenhang. Dank u wel. De voorzitter: Ja, ik heb inderdaad voor u twee stukken als we dit de volgende keer gaan bespreken, want dan heeft ook de informatienota en die agenderen we actief, dus dat zou dan twee stukken betreffen om te bespreken. Kan in ieder geval de agendering van dit stuk, mevrouw Oosterbroek, u heeft toch nog een nabrander.
Mevrouw Oosterbroek: Ja, gaan we het dan en over volgende maand bespreken maar ook weer in mei? Of gaan we het gewoon allemaal in één keer in april bespreken? De voorzitter: Zullen we het allemaal in maart doen? Mevrouw Oosterbroek: Ja oké, prima. De voorzitter: Helemaal goed, gaan we dat doen. Ik zag net voldoende jaknikkers, dus dat gaan we gewoon bij deze bespreken. Even kijken. Dan heeft er een commissielid iets te vragen, zeggen of melden over jaarplanning of actielijst? Nee, oké. 5.
Transcript commissie d.d. 12 januari 2023 De voorzitter: Dan gaan wij door naar punt 5, zeg ik dat goed? Transcript, ja transcript van de afgelopen vergadering. Zijn er naar aanleiding van het transcript op- of aanmerkingen vanuit de commissie? Nee, ook niet, mooi.
6.
Actualisering verordening leerlingenvervoer (BL) De voorzitter: Gaan we door naar het eerste ter-adviseringsstuk, dat is de actualisatie leerlingenvervoer, of de Verordening leerlingenvervoer, punt 6, en als eerste heeft wethouder Van Leeuwen een mededeling voor wij gaan beginnen. Wethouder Van Leeuwen: Ja voorzitter, dank. Zoals enigen van u ook hebben gelezen, en speciaal dank aan mevrouw Klazinga die dat al heel vroeg had gezien, ze hebben me erop attent gemaakt dat er een typefout zit in een Verordening bekostiging leerlingenvervoer, in artikel 9 lid 1 sub b van de verordening staat 2 in plaats van 6 kilometer. Dat is dus een typefout want we gaan dus van 1 naar 6 kilometer. Deze verschrijving zal in de stukken voorafgaande aan de behandeling van de raad worden aangepast, het kon echter niet meer worden aangepast in de stukken die vanavond op uw agenda stonden.
4
De voorzitter: Uitstekend, dank u wel. Even kijken, we hebben bij dit punt ook een aantal technische vragen beantwoord gekregen, dus ik wil daar nog maar even op wijzen. Wie kan ik als eerst het woord geven op deze verordening? Mevrouw Booms namens ChristenUnie, gaat uw gang. Mevrouw Booms- van der Meer: Dank u, voorzitter. De ChristenUnie heeft technische vragen gesteld, aan de hand van de antwoorden lijkt de conclusie dat 36 leerlingen hun leerlingenvervoer eind dit schooljaar kwijt dreigen te raken door de nieuwe criteria. De ChristenUnie pleit ervoor dat er een overgangsregeling komt voor deze leerlingen voor de rest van hun schooltijd. Is de wethouder bereid een overgangsregeling voor deze leerlingen te treffen? Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik de hand van mevrouw Klazinga van de VVD. Mevrouw Klazinga: Dank u wel, voorzitter. Ja, het is bedoeling inderdaad om de verordening aan te passen en de VVD vindt de belangrijkste wijziging de oprekking van de kilometergrens in artikel 9 waar de wethouder het net al over had van 1 kilometer naar 6 kilometer. Mijn collega van ChristenUnie zijn het ook al dat zes leerlingen vallen definitief buiten de boot en nog eens dertig potentieel, en als ik dan lees wat de reden is voor de aanpassing van die kilometergrens, dan is dat om de druk op het vervoer aan te passen.
Kortom, we hebben als gemeente te maken, althans in het leerlingenvervoer, heeft men te maken met arbeidsmarktkrapte, daardoor komt het vervoer onder druk te staan en het voorstel van de wethouder is om dat probleem op te lossen door gewoon minder leerlingen in aanmerking te laten komen voor het vervoer. De wethouder kiest er dus nu voor om 10 procent van, ruim 10 procent van die doelgroep potentieel buiten de boot te laten vallen en hulp die ze nodig hadden is dus kennelijk nu niet meer zo belangrijk als die voorheen was. Ik mis de toelichting daarvoor. Ik mis ook wat voor andere opties er onderzocht zijn om de krapte, de druk die er is op te lossen in plaats van het voorstel wat er nu gedaan wordt. Dus mijn vraag aan de wethouder is wat voor andere middelen er onderzocht zijn om het leerlingenvervoer te beperken en waarom die middelen niet worden ingezet. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik de hand van de heer Toepoel voor Trots. De heer Toepoel: Er staat op de keerde naam, zie ik. De voorzitter: Dat scheelt uw spreektijd hoor, ik zou hem, u moet hem eerst even uitloggen en dan moet hij het doen. De heer Toepoel: Ja, zo. Trots Haarlem ziet liever dat de eigen bijdrage voor het leerlingenvervoer voor eenieder gelijk is die hier noodgedwongen gebruik van moet maken, waarbij er dan ook voor de allerarmsten bijzondere bijstand kan worden aangevraagd voor die eigen bijdrage.
Wat te lezen is in de eerste bijlage, artikel 24 punt 3, dat Annet en Jan Modaal stukken meer gaan betalen aan eigen bijdrage. Dit terwijl het dagelijks leven al duur genoeg is. Het is wat Trots betreft niet oké om deze gezinnen financieel te straffen om de zorgen voor hun kind te kunnen organiseren. Wethouder, is het mogelijk om de eigen bijdrage van het leerlingenvervoer gelijk te trekken voor alle inkomens, met als mogelijkheid om bijzondere bijstand aan te vragen voor de meest kwetsbare gezinnen? Ook ziet Trots liever dat kinderen in hun eigen buurt naar school toe kunnen gaan, op het moment dat dit niet maar mogelijk is er voorzieningen voor zijn om dit te bewerkstelligen. Bij het onderwerp arbeidsmarktkrapte in het Sociaal Domein staat op bladzijde 8 een paragraaf over de gevolgen leerlingenvervoer. Ik citeer, als gevolg van een gebrek aan vaste chauffeurs staat de stiptheid onder druk, alternatieve scenario’s voor leerlingenvervoer worden onderzocht en mogelijke oplossingen zijn te vinden door bijvoorbeeld te werken met bloktijden en het beperken van de instroom in het
5
leerlingenvervoer door nadrukkelijk een beroep te doen op ouders en het vergroten van de zelfredzaamheid van de kinderen. Einde citaat. Wethouder, behoort het financieel onmogelijk maken door middel van een hoge eigen bijdragen tot die oplossing, om de krapte tegen te gaan? De voorzitter: Dank u wel. Anders sprekers? Mevrouw Çimen namens D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel voorzitter. Vorige commissievergadering hebben wij in deze commissie gesproken over het ingewikkelde vraagstuk rondom de personeelstekorten van de RegioRijder. De voorliggende verordening legt het verhogen van de afstandsgrens voor het speciaal basisonderwijs en het speciaal onderwijs naar 6 kilometer vast, zoals dit ook in andere gemeenten mogelijk is en gelijk met de modelverordening van de VNG. Er wordt volgens D66 een belangrijke nadruk gelegd op zelfstandigheid, daarentegen is het wel belangrijk, volgens ons een punt, om te benadrukken dat in de verordening nog steeds kinderen die te maken hebben met structurele, lichamelijke of geestelijke handicap niet onder de afstandsgrens vallen. En daarmee zorgt de verordening mede onder andere met alle andere maatregelen die we ook vorige vergadering hebben besproken, in ieder geval voor een drukverlagende werking op de RegioRijder en vinden wij het wel echt belangrijk dat de verordening op deze manier wordt aangepast. Dank u wel voorzitter.
De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik de hand van mevrouw Özogul van de SP. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, de VVD heeft al heel veel gezegd, er dreigen 36 leerlingen uit te vallen en wij vragen ons af, naar welke mogelijkheden er anders is gekeken dan dit. Dat is één. En het tweede is, volgens mij moet er in de eerste instantie gekeken worden naar andere mogelijkheden en we hebben vorig jaar gezien dat er in het Sociaal Domein best geld over was. En ja, over zelfredzaamheid, zelfredzaamheid is heel mooi maar het moet niet gebruikt worden omdat we een probleem hebben zoals nu bijvoorbeeld chauffeurstekort. En even terugkomend op het chauffeurstekort, ik kan me herinneren een aantal jaar terug dat er heel veel chauffeurs heel boos waren en wegliepen omdat ze niet eens tijd kregen om naar de wc te kunnen. Dus ik denk dat ook gekeken moet worden, maar daar hebben we het straks over, van ja de voorwaarde voor die baan om te kunnen werken en hoe zorg je ervoor dat er meer chauffeurs komen? Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. Ja gaat uw gang, de heer El Aichi namens het CDA. De heer El Aichi: Ja, dank u wel voorzitter. Zoals in het stuk staat vermeld dat dit de oude verordening van 2015, door de ontwikkelingen in het Sociaal Domein en het onderwijs is er behoefte aan actualisering van de oude verordening.
Over het algemeen kan ik me vinden in de tekstuele aanpassingen en de nieuwe bepalingen. Ik heb wel een vraag over de consequenties van de verhoging van de afstandsgrens voor het speciaal basisonderwijs en het speciaal onderwijs. En VVD en ChristenUnie heeft ook hier vragen over gesteld, ik ben benieuwd naar de beantwoording. De voorzitter: Dank u wel. Ja mevrouw Bastiaans namens de PvdA. Mevrouw Bastiaans: Dank u, voorzitter. We hebben het al een paar keer gehoord maar even de feiten, het is de taak van de gemeente voor verschillende doelgroepen goede voorzieningen te organiseren en de aanbieder RegioRijder kampt met personeelstekorten. Een van de voorgestelde maatregelen is de verhoging van de afstandsgrens, dat is een drukverlagende maatregel die doorwerkt in het doelgroepenvervoer en daarmee naar verwachting een positief effect heeft op het systeem bij RegioRijder. De gemeente komt hier in feite dan de aanbieder tegemoet en 36 kinderen kunnen niet meer gebruikmaken van het leerlingenvervoer.
6
Maar goed, we snappen dat er een krapte is. De PvdA heeft hierbij wel de volgende vragen. Welke doelgroepen zijn geholpen bij het minder vervoeren van leerlingen? Met andere woorden, worden de chauffeurs die niet meer die leerlingen vervoeren ingezet voor andere vervoerstaken? Of is het echt een vermindering van het aantal chauffeurs? Want doelgroepenvervoer is niet alleen het leerlingenvoer maar ook het WMO-vervoer. En wat wordt er dan bedoeld met dat positieve effect op het systeem van RegioRijder? Dat er minder chauffeurs leerlingenvervoer, maar meer voor het WMO, dat is even een vraag. En zijn daar ook afspraken over gemaakt met RegioRijder, om dat echt zo te doen? En daarna staat er ook, de verhoging van de afstandsgrens heeft een beperkte kostenverlagende uitwerking. Nou dat klinkt een beetje troostend, maar het is toch helemaal geen doel om de kosten te verlagen? Dus die opmerking begrepen we ook niet helemaal. En er staat ook dat er alternatieve voorstellen voor het leerlingenvervoer onderzocht worden.
De vraag is, hoe staat het daarmee? En werd net ook al gevraagd, zou je ook nog niet kunnen wachten met het instellen van dit soort maatregelen tot er alternatieve voorzieningen zijn of alternatieve oplossingen zijn voor het leerlingenvervoer? En tenslotte wil ik ook nog even wijzen op de aanbesteding die nu loopt, daar is een van de criteria waar punten aan worden gegeven om een aanbieder aan te trekken het personeelsbeleid. Dat kan, we willen daar echt naar vragen om daar een zware weging aan te geven. Want personeelskrapte kan ook te maken hebben met nulurencontracten of tijdelijke contracten en je kan mensen ook aan je binden. Dus die arbeidsvoorwaarden vinden wij ook heel belangrijk. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik net mevrouw Jacobsz een hand opsteken. Mevrouw Jacobsz: Ja, dank u wel voorzitter. Ik denk dat wat ik nu ga zeggen aansluit op wat net gezegd werd ook door mevrouw Klazinga en door mevrouw Özogul, want OPHaarlem was voornemers om een motie of een amendement in te dienen bij het artikel 4 van de verordening omdat in onze optiek eigenlijk dat artikel te vaag is en dat er inderdaad geen criteria worden genoemd en dat er sprake is van willekeur en dus vandaar ook dit voornemen. En ik denk dat het heel erg goed past bij wat ik nu net gehoord heb.
En het viel ons ook op dat na de inhoudsopgave staat er artikel 3, in paragraaf 3, artikel 8 is dan weggevallen, maar dit is in de inhoudsopgave, dat is een gewoon een detail. En ik had nog een andere vraag, had ik vorige keer niet gesteld, is of als leerlingen niet opgehaald kunnen worden of niet naar school gebracht kunnen worden, of er dan een taxi beschikbaar is voor de ouders om die in te huren en dan alsnog hun kind naar school te laten brengen. Dat was hem. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik de hand van mevrouw Oosterbroek namens GroenLinks. Mevrouw Oosterbroek: Dank, voorzitter. Ja, GroenLinks sluit zich aan bij de vragen van de VVD en de vraag van de SP met betrekking tot de werving van de chauffeurs. Daarnaast heeft GroenLinks ook vragen met betrekking tot de bureaucratie die we mogelijk optuigen, mogelijk, als we wijzigen van 1 kilometer naar 6. Want je mag wel een uitzondering aanvragen op moment dat de leerling een mentaal probleem heeft. Maar hoe gaan we ervoor zorgen dat die leerlingen ook echt worden geholpen en die uitzondering krijgen? Want ik lees dat dan er een vervoersplan met de leerling moet worden gemaakt en dat klinkt ook als een activiteit die kosten met zich mee zou kunnen nemen, en of die kosten ook zijn meegewogen in de kostenbesparing? De voorzitter: Dank u wel. Ja, mijnheer Trompetter namens de Actiepartij.
De heer Trompetter: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, de discussie gehoord hebben ga ik vanuit dat er een hardheidsclausule is voor die kinderen die niet meer in het leerlingenvervoer meegenomen zouden kunnen worden als er toch blijkt dat ze er toch nog wel recht op hebben. Ik ben ook wel geïnteresseerd in de
7
aanbesteding en de arbeidsvoorwaarden, wat PvdA aangaf, van de nieuwe chauffeurs, hoe dat dan gaat en hoe daarmee om wordt gegaan. En voor de rest wacht ik even de beantwoording af. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel Ik ga, ik hoor dat er geen uitzending meer is. We schorsen even want de uitzending is weer weggevallen. Schorsing De voorzitter: Goed. Dames en heren, we gaan weer verder waar we gebleven waren. En mevrouw Scholten, die zou ik net het woord geven namens de fractie van Jouw Haarlem. Mevrouw Scholten: Dank u wel voorzitter, het gras is me enigszins voor de voeten weggemaaid door de VVD en de SP, dus daar sluit ik mij van harte bij aan. Wat ik me wel afvraag, in de verordening staat vrij duidelijk dat als de 36 om wie het gaat waarvan er 6 sowieso overgaan naar het voortgezet onderwijs, dat als daar aanwijsbare redenen zijn waarom zij niet zelfstandig kunnen reizen, dat zij dan gewoon hun vervoer krijgen. Dus heel eerlijk gezegd denk ik dat de meeste van die 36 hun vervoer zullen houden. Dat is nog wel een vraag die ik ter bevestiging even aan de wethouders stel, want het is volgens mij niet de bedoeling per se, lijkt mij, om ze uit te sluiten van vervoer. Dat was vooral mijn vraag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Anders sprekers aan de zijde van de commissie? Nee, uitstekend, dan gaan we luisteren naar de wethouder voor een kort en bondig antwoord.
Wethouder Van Leeuwen: Dank u wel. Dat wordt een uitdaging, mijnheer de voorzitter, dat weet u. Allereerste mijn oprechte excuses, want ik merk dat er iets totaal verkeerd is overgekomen, want het gaat heel erg over de robuustheid van het systeem bij RegioRijder, maar dat is niet het hoofdargument. En aan uw reactie te merken merk ik dat dat niet goed is overkomen in de nota, dus waarvoor mijn excuus. Ik ga proberen daar wat licht over te laten schijnen. Dus de arbeidsmarkt is niet de hoofdreden, dat is een bijkomend voordeel, maar dat is inderdaad op basis van het collegestuk is dat verkeerd overgekomen. Uiteindelijk gaat om het vergroten van de zelfredzaamheid en daarbij is zelfredzaamheid geen eufemisme voor bezuinigingen of het beknotten van vervoer, dus dat is gelijk dan en antwoord op mevrouw Scholten van Jouw Haarlem. Er zijn ze vanuit de scholen en vanuit het vervoer de signalen dat er kinderen zijn die normaal met een busje gaan maar bij een roosterwijziging dat zo ook gewoon zelf met het ov kunnen reizen, oftewel dat daar kinderen bij zitten die dus inderdaad ook op een bepaalde afstand wonen, dat het dus ook anders werkt en zij kunnen dus meer aan dan wat op dit moment van hen gevraagd wordt. De voorzitter: En dat roept een interruptie op van mevrouw Klazinga namens de VVD.
Mevrouw Klazinga: Ja, want ik heb inderdaad in de in de nota heel duidelijk gelezen over zelfredzaamheid, daar zeg ik dan misschien zo meteen mijn tweede termijn nog even is wat over Maar daar staat toch echt heel duidelijk dat het doel van deze aanpassing is het verkleinen van de druk op het vervoer, daar komt het woord zelfredzaamheid niet in voor. Hoe verklaart u dat dan? Wethouder Van Leeuwen: Nou wat ik zeg, daar ben ik voor verantwoordelijk dus, want ik accordeer uiteindelijk de stukken, daar is bijgekomen dat er een bijkomend voordeel is, daar zal ik zo op ingaan. Maar ook weer terug, dit zit ook zo, die 6 kilometer zit in de modelverordening van de VNG, ik zie dat soortgelijke steden, en dan heb ik een prachtig rijtje welke steden dat waren en die moet ik er even bij zoeken, dat zijn steden als Alkmaar, Leiden, Heerhugowaard, Breda, Den Bosch, die zijn allemaal naar deze 6 kilometer gegaan
8
vanuit het idee, dat is een redelijke afstand waarop je dit kan bieden. Inderdaad wat mevrouw Scholten ook zei, als dus inderdaad, en ik hoor het ook in aantal termijnen, bijvoorbeeld van mevrouw Çimen van D66, als er fysieke of mentale beperkingen zijn waardoor er alsnog leerlingen voor een bekostiging nodig is, dan bieden we dat ook. En, dan ga ik gelijk antwoord geven op de vraag van de heer Trompetter, dit is een regeling, anders dan wat wij weleens bij het rijk hebben gezien, waar ook een hardheidsclausule in zit. En daar maken we natuurlijk geen beleid op, maar bij een schrijnende gevallen dan komt dat bij mij op het bureau en ik ga natuurlijk kijken van wat is hier aan de hand. Dus uiteindelijk is er inderdaad, en er staat wel voor u, want u gaat over de financiën, er staat voor u wat dit op kan leveren qua besparing. Het besparen, en dat is gelijk een vraag van mevrouw Bastiaans, de besparing is geen doel op zich. Dus ik hoop dat ik zo enigszins een antwoord heb gegeven op de vraag van u ook, mevrouw Klazinga. Dan nog wel over die arbeidsmarkt, kijk eigenlijk zitten wij een beetje in een theaterstuk in drie delen. We hebben met elkaar gesproken over RegioRijder en de tekorten daar, hebben we het de vorige commissie over gehad, en we gaan nog met elkaar spreken over de update van aanbesteding, dus daar kan ik nu ook eigenlijk weinig over zeggen.
Dus helaas voor u, de heer Trompetter, daar kan ik nu minder over zeggen, iemand anders vroeg het ook. Wat we daarin wel zien, en dat was een vraag van meerdere partijen, wat voor een oplossingen wordt al aan gedacht. En dat heb ik vorige keer ook al gezegd, we zijn aan het kijken bijvoorbeeld ook voor leerlingenvervoer, kunnen we op bepaalde hele zware lijnen, oftewel scholen waar heel veel kinderen heen gaan, kan daar in plaats van zo'n klein taxibusje kan daar een touringcar ingezet worden. Nou dat zijn gesprekken die gaande zijn. Kunnen we iets slims doen met roosters, want je ziet toch ook wel dat het vaak roosterwijzigingen zijn wat het ook weer complex maakt voor RegioRijder, en wat we al doen in schoolspitstijden krijgen kinderen dus in dat voorrang, dus leerlingen krijgen voorrang op WMO-vervoer. En wat een bijkomend voordeel van deze maatregel is, dat systeem wordt robuuster. Want nu zie je eigenlijk al dat, tenzij iemand naar het ziekenhuis moet of een begrafenis heeft, is er geen WMO- vervoer in spitstijden dus, en daarbij worden constructieve oplossingen gezocht, dus grotere bussen of van met scholen in dialoog over roosters, of roosters misschien ook net wat meer uit elkaar kunnen lopen.
Dus die slimme oplossingen zijn nog gaande en alsnog zien wij gewoon dat in deze arbeidsmarkt, die chauffeurs, dat worden er niet meer en uiteindelijk is het dan ook een verdelingsvraagstuk, gaan we dan inderdaad een groep wat groter houden waarvan we denken, en dat is echt een voorstel vanuit de inhoud van het college, waarvan we denken deze leerlingen, als dat kan, dus als dat fysiek en een qua mentaal als dat kan, dan zou dat ook op een andere manier moeten kunnen, dan wordt die druk op dat systeem wordt ietsje minder, dus dan wordt het voor die kinderen die wel in de spits rijden, terwijl we dus al bijna geen mensen meer voor WMO-vervoer hebben, wordt de druk op dat systeem ietsje kleiner. Waardoor we hopelijk, en ja ik hoop natuurlijk vooral ook dat die aanstelling goed gaat en de cao, dus nog weer reclame voor de cao, dat die cao een beetje omhoog gaat voor de mensen die daar werken, want het moet een aantrekkelijk beroep blijven. Maar de druk wordt minder waardoor we hopen dat er dan meer precieze en meer kinderen weer op tijd op school komen. Dus dat is daarover. Dan heb ik, en daar moest ik echt even op inlezen, want dat is niet veranderd in deze verordening dus die vraag had ik niet helemaal verwacht van de heer Toepoel van Trots, over de eigen bijdrage.
En dat is dus niet veranderd ten opzicht een huidige verordening, dus helemaal terecht dat dit erover zegt, want we stellen hem in zijn totaliteit vast. Maar ik had hem niet helemaal uit mijn hoofd geleerd, dat artikel. Het is inderdaad inkomensafhankelijk en bijzondere bijstand is mogelijk bij de allerlaagste inkomens en tot een inkomen van 36.900 euro is er geen eigen bijdrage. En sowieso, en dat heb ik dus allemaal even nog op moet zoeken en bij laten praten, een eigen bijdrage is er pas vanaf 20 kilometer de afstand tussen woonplaats en school. Dus die is er, maar zeer beperkt. Dan ga ik even kijken of ik nog vragen gemist heb of dat ik alles wel al te pakken heb gehad zo in dit, hoop ik niet te warrige maar enigszins duidelijk een verhaal. Ja, ik had al gezegd, kosten verlagen is dus geen doel op zich, we kijken naar alternatieve oplossingen en ja, de personeelstekorten hoop ik inderdaad dat de aanbieders, en dan gaan we het nog over de aanbesteding hebben natuurlijk later, dat dat goed gaat. En
9
uiteindelijk, en dat was natuurlijk een vraag van meerdere mensen, om hoeveel kinderen gaat dit dan. Nou we zien dus inderdaad dat dit concreet nu om 36 kinderen gaat, waarvan het bij 6 dus inderdaad ze geen aanspraak maken en die 30, dat daar eigenlijk dan met de medische verklaring gekeken zou worden wat er met de beperking die er zijn, mentaal dan wel lichamelijk, wat daar mogelijk is. Dus die blijven ook aanspraak maken als daar vanuit gezondheid, als het gewoon niet gaat op een andere manier dan met het leerlingenvervoer. De voorzitter: Was dat uw termijn? Wethouder Van Leeuwen: Dat was volgens mij wel zo mijn termijn. Tenzij ik allemaal hele verontruste gezichten zie van mensen die nog vragen gemist hebben. Maar ik denk dat ik het meeste wel gehad heb, voorzitter. De voorzitter: Uitstekend. Dan gaan we naar de tweede termijn. Ik zag mevrouw Booms als eerste haar hand opsteken. Mevrouw Booms- van der Meer: Ja eigenlijk een interruptie, want wat ik niet helemaal goed begrijp is dat er bij 30 leerlingen middels een medische verklaring gekeken moet worden of ze recht hebben op leerlingenvervoer. Maar deze leerlingen hebben vervoer. Dus ik neem toch aan dat die verklaringen er al lang liggen.
De voorzitter: Was dat uw hele tweede termijn? Nee ik snap het, maar we doen gewoon de tweede termijn dus dan, als de wethouder die vragen zo meteen kan beantwoorden in zijn tweede termijn, als u dan de rest van uw tweede termijn ook nu doet. Dat was hem, uitstekend. Mevrouw Klazinga namens de VVD. Mevrouw Klazinga: Ja, dank u wel voorzitter en wethouder, dank u wel voor de uitgebreide beantwoording van mijn vraag. Maar dat antwoord verwondert mij eigenlijk een beetje want daar hoor ik in, ja we gaan eigenlijk naar al die kinderen kijken, kostenbesparingen is geen doel, het verlagen van de druk vanwege de arbeidsmarktkrapte is ook geen doel. Waarom willen we dan eigenlijk überhaupt die kilometergrens aanpassen? En wat u dan heeft gezegd is, we willen die kilometergrens aanpassen om de zelfredzaamheid van leerlingen te vergroten. Ik ben een groot, althans ik, de VVD en ik binnen de VVD, ben een groot voorstander van zelfredzaamheid en zelfstandigheid en ik ben dus ook een groot voorstander van de aanpassingen in de verordening om die zelfredzaamheid en die verzelfstandiging om die te vergroten en om met leerlingen inderdaad aan de slag te gaan voor vervoersplannen en dat soort dingen meer.
Door kinderen uit het leerlingenvervoer te gooien vanwege de kilometergrens vergroot je de zelfredzaamheid, nou ja dat is een hele gedwongen vergroting van de zelfredzaamheid en de verzelfstandiging, namelijk gewoon zeggen van je regelt het zelf maar. Hoe? Dat zoek je maar uit. Ik denk niet dat dat een goede beweging is. Ik vind het dan ook een wat oneigenlijk middel om de vraag aan te passen en zou willen vragen om deze aanpassing wat uit te stellen totdat inderdaad er wat kinderen wat zelfstandiger en zelfredzamer zijn, dan is de vraag vanzelf lager en dan is naar mijn mening de aanpassing van de kilometergrens helemaal niet meer nodig. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Andere zijde van de commissie, mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Ik dank u wel. Ook het bekostigen, dit is bladzijde 22, ook het bekostigen van reizen met openbaar vervoer, bijvoorbeeld bij leerlingen van het voortgezet speciaal onderwijs, kan het voor gezinnen makkelijker maken om de weg naar zelfstandig reizen te vinden. Voor het voortgezet speciaal onderwijs is hiervoor de wettelijke plicht bij de invoering van de Wet passend onderwijs overigens weggevallen. Wat ik me
10
dan afvraag is, we hebben net gezegd er zullen heus niet al te veel leerlingen buiten de boot vallen want we hebben nou eenmaal ook de plicht om leerlingen op school te krijgen, maar als we nou die zelfstandigheid willen vergroten, moeten we dan niet toch ook nadenken over de vergoeding voor het openbaar vervoer? Of lees ik dit verkeerd? Of heb ik dit verkeerd gelezen? De voorzitter: Dank u wel. Ja, mevrouw Özogul, gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, zelfstandigheid van kinderen vergroot je niet door nu leerlingenvervoer op 6 kilometer te zetten en ze te onthouden van vervoer en vervolgens opnieuw van ze bewijzen te vragen, medische bewijzen, van laat maar zien dat je het niet kan. Volgens mij, en dat zei ChristenUnie al, is bij de eerste aanvraag al medisch aangetoond waarom het nodig was. En eigenlijk doen we nu een beetje de omgekeerde, we stoppen het, ga het maar weer opnieuw bewijzen. Vervolgens zorgen we dat er heel veel onrust is bij de ouders, bij de kinderen en dan verwachten wij dat ze zelfstandiger worden. Ik denk dat we eerst moeten zorgen dat ze zelfstandiger worden, vervolgens moeten kijken of ze het zelf kunnen en dan pas naar maatregelen kunnen kijken. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik de hand van mevrouw Bastiaans van de PvdA. Mevrouw Bastiaans: Ja, dank u voorzitter.
Ja, over die zelfredzaamheid daar maak ik me ook zorgen om want deze kinderen zit er niet voor niets in het speciaal onderwijs, want dat is eigenlijk, ze zitten in het speciaal onderwijs en daar moeten ze naartoe en dat doelgroepenvervoer is daar echt nodig. Dus als je dat weghaalt is het echt voor heel veel kinderen en de ouders met name, wat de SP ook zegt, is het een grote zorg als dat niet goed gaat lopen. Maar dan even daarnaast, ik had nog een vraag gesteld, u zei net van de arbeidsmarkt op zich is niet de hoofdreden maar het is een bijkomend effect. Maar dat zou dus ook betekenen dan dat er die chauffeurs die dan niet meer het leerlingenvervoer zouden doen dus andere groepen kunnen rijden, want daar zijn we ook als gemeente voor verantwoordelijk. Mijn vraag aan u was, zijn er afspraken over met RegioRijder als deze verordening wordt ingevuld, dat dan die vrijgekomen chauffeurs andere doelgroepen kunnen vervoeren. En even kijken hoor, die alternatieve oplossingen, dat had ik ook gevraagd in eerste termijn, kunnen we niet zolang die er nog niet zijn, u komt daar binnenkort mee, wachten met het invoeren van deze verordening? Want kennelijk komen er toch wel oplossingen aan en het is zo ingrijpend voor leerlingen en ouders als dit allemaal gaat veranderen, plus dat er allemaal nieuwe dingen moeten worden opgetuigd.
Dus ja, het voorstel zou ook zijn om misschien te wachten op die alternatieve oplossingen. En als laatste vraag nog, ik begrijp ook, als de verordening zou ingaan zou die 1 april ingaan, het lopende schooljaar loopt nog door voor de kinderen die, en ik sluit me aan bij het voorstel dat voor de kinderen die nu een vervoersvoorziening hebben dat dat zo blijft en dat het alleen voor nieuwe gevallen zou zijn. Dat is ook een vraag aan de wethouder om dat mee te nemen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Anders leden van de commissie nog in tweede termijn? Mevrouw Jacobsz namens OPH. Mevrouw Jacobsz: Ja ik word wel toch weer getriggerd door wat ik hier hoor, want ik kan me zo voorstellen dat leerlingen, dus het doelgroepenvervoer, dat het ook zo nu en dan geëvalueerd wordt en dat er wordt gekeken van hoe gaat het nu eigenlijk. En ik denk dat het veel slimmer en vriendelijker is en ook minder stressvol voor de ouders en voor de kinderen om dat dus een instrument te laten zijn om te kijken misschien is het op termijn mogelijk, zoals die vervoersplannen die hier genoemd worden, om die te gebruiken om te kijken, misschien kunnen we het een beetje afbouwen, misschien kunnen we het een beetje anders doen. Dus dat je inderdaad een vervoersplan opstelt maar dan met het doel om die zelfredzaamheid, waar we het de
11
hele tijd over hebben, dat te vergroten. En ik moet zeggen dat juist in het sociaal maatschappelijk veld het woord zelfredzaam wordt echt te pas en te onpas gebruikt en misbruikt en ik wil daar echt voor waken dat we dat gaan doen, dus ik wil dat wij dat zeer zorgvuldig met de mensen die het betreft dit oppakken en het organisch laten gebeuren en niet vanuit een document en dat leidend laten zijn, maar juist vanuit de andere kant. Want al deze voorzieningen die we hebben bedacht is juist om het de mensen makkelijker te maken, om de mensen meer keuzemogelijkheden te geven. Dus dat wilde ik even toevoegen. De voorzitter: Uitstekend, dank u wel. Anders leden van de commissie die nog in tweede termijn het woord willen voeren? Niet het geval. Wethouder aan u. Wethouder Van Leeuwen: Ja voorzitter, dank u wel. Om te beginnen hoe het werkt, een vervoersvoorziening vraag je per schooljaar aan, oftewel als deze verordening op 1 april ingaat, dan kunnen dan de aanvragen gedaan worden voor het nieuwe schooljaar. En ook weer met elkaar misverstand, ik hoor dat zowel mevrouw Booms als mevrouw Özogul zeggen, er is toch al een medische verklaring van deze mensen. Nee die is er dus niet, want als je nu tussen de 1 en 6 kilometer, dat zijn die 36 kinderen, als je daartussen woont dan krijg je het al op basis van je afstandscriterium.
U woont meer dan 1 kilometer van de school dus u krijgt leerlingenvervoer. Dus deze mensen hebben nog niets, een verklaring of iets, moeten overleggen maar alsnog in plaats van dat zij nu dan natuurlijk na 1 april, als we deze verordening in zouden laten gaan, in plaats van dat je zegt ik wil leerlingenvervoer want ik woon 3 kilometer bij deze speciaalonderwijsschool vandaan, wordt nu het verhaal, ik woon er 3 kilometer vandaan en ik heb een beperking op het gebied xyz en daarom wil ik leerlingenvervoer. Dus het is ook niet zo dat wij nu mensen hier uitgooien, dat woord hoorde ik. Nee, elk jaar doe je een aanvraag, elk jaar kan die aanvragen ook verschillen want ook als je in een normaal onderwijs zit en je hebt een beperking die structureel is, dan kan je een aanvraag doen, dus die beoordeling wordt eigenlijk gelijkgetrokken met het regulier onderwijs, waar die altijd al 6 kilometer was. Dus dat was nog even over die, en kan je hem dan laten doorlopen? Hij loopt nooit door. Want die beschikking is altijd dus voor één schooljaar, dus vandaar ook even qua de timing, en dat is ook nog even, dit is inderdaad, en dan zegt mevrouw Jacobsz ook heel goed, dit is mensenwerk.
Dus ik heb natuurlijk ook gekeken met de organisatie, dit zijn 36 mensen, gaan we die mensen inderdaad bellen in plaats van een brief sturen? Ja, we gaan die mensen bellen, we gaan kijken wat er mogelijk is, we gaan kijken wat er nodig is, want uiteindelijk is het mensenwerk en daar zitten ook meer kwetsbare mensen bij, dus ja, dit moet zorgvuldig gebeuren. Die check heb ik ook gedaan. Ja, we moeten dit in dialoog doen en uiteindelijk gaat het over zelfredzaamheid, dat is inderdaad, dat kan een hol woord worden, dat is het hier niet. Uiteindelijk is dus inderdaad het idee, deze kinderen gaan, op den duur willen we natuurlijk ook gewoon een rol laten hebben in de samenleving. Dit kan daarbij helpen. Dat is echt het hoofdidee en daar kunt u met elkaar anders inzitten, maar je ziet eigenlijk dat zowel de modelverordening van de VNG, die ook met de verschillen belangenorganisatie of een cliënt of met scholen passend onderwijs hebben gesproken, die zijn op deze 6 kilometer gaan zitten, je ziet andere gemeenten dat ook doen en daarvoor hebben wij gedacht wij denken dat het ook hier kan en voor die zachte landing denk ik inderdaad dat het menselijk contact tussen deze 36 kinderen en de gemeente of RegioRijder, want die doen dat voor ons, dat dat heel belangrijk is. Dus dat nog even inleidend op een aantal zorgen die ik net in de tweede termijn hoorde.
Dan nog even overcapaciteit, en dat dat vind ik toch complex aan deze discussie nu, want dat gaan we hierna ook doen zo meteen ook met wethouder Van Loenen erbij. Er is gewoon een tekort en dat tekort tover je niet weg. Dat hebben we vorige keer ook gehad toen we het over RegioRijder hadden, in de ochtend zijn er nu 33 routes te kort voor leerlingenvervoer. Dus het is niet zo dat daar een overschot zit nog bij WMO en dat we dus in dat nog een ongelooflijke hoeveelheid hebben om nog extra kinderen in te stoppen. Er zit nu al een tekort en dat is uiteindelijk ook een vraag dan, hoe we met elkaar kijken welke kinderen hebben dan op dit moment het meest nodig en daarna, buiten die schoolspitstijden, kunnen inderdaad die chauffeurs ook voor
12
maatschappelijke vervoer ingezet worden. En zoiets, dat ik zo meteen een toverstafje heb en per 1 mei is die oplossing er. We werken dus nu al aan die oplossingen, dus bijvoorbeeld van een school die heel veel kinderen krijgen uit één regio heel ver weg, dan kijken we of die touringcar er is en als die geregeld is dan gaat hij gewoon rijden. Hetzelfde is ook die gesprekken met die school en schoolbesturen eigenlijk over hoe gaan we nog mij om met roosters, dat is een continu proces, dus die oplossingen die wij zoeken dat doen we eigenlijk nu al, dus dat is niet zo dat die hier ineens zo zijn. En sterker nog, als die oplossingen er zou zijn, op een moment midden in schooljaar dan zou dat ook weer onhandig zijn. Maar uiteindelijk is alles nodig en wat ik al zei, dit is dus geen doel op zich om ruimte krijgen in het systeem, het is wel heel welkom want er is gewoon een heel groot tekort, ook nu al waardoor kinderen dus te laat komen. Ga ik nog naar de specifieke vragen kijken. Ja, de vraag van mevrouw Scholtens van Jouw Haarlem begreep ik niet helemaal. Dus over de Wet passend onderwijs en de ov-vergoeding, ov volgens mij kan je dus ook hiervan, vanuit deze bekostigingen, en daarom is de roeptitel van deze verordening ook anders geworden, dus niet meer de Verordening leerlingenvervoer maar bekostiging leerlingenvervoer. Dus je kan inderdaad ook een vergoeding krijgen voor ov.
Volgens mij was dat uw vraag, maar als dat verkeerd is overkomen dat dat niet meer zo zou zijn, dat kan dus nog wel. Het is overigens trouwens ook zo, nog even over de red-tape-bureaucratie, want daar houden wij ook niet van. Als nou inderdaad een beperking van een leerling zo structureel is, dus iemand die heeft gewoon structureel een fysieke beperking waardoor die komende zes jaar niet naar school kan, dan werken we wel met een meerjarige beschikking, maar als we al weten dat een kind, jongere al de komende zes jaar hier dit nodig heeft, dan gaan we niet allemaal bureaucratie optuigen natuurlijk. Dus dat was nog even als bijzin daarbij. Dat was de ov-vergoeding, even kijken, de vrijgekomen chauffeurs, ja we hebben dus echt een heel groot tekort in die schoolspitstijden en als we ze dus extra hebben dan kunnen die weer extra kinderen rijden en dan kunnen ze daarna dus WMO-overvoer doen. Die alternatieve oplossingen zijn lopend. Ja, volgens waren dat zo de dingen uit de tweede termijn. De voorzitter: U heeft nog wel een interruptie van mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Over die alternatieve oplossingen, wordt er dan bijvoorbeeld ook gekeken naar de schooltijden, dat dat wat meer geforceerd gebeurt? De voorzitter: Gaat uw gang. Wethouder Van Leeuwen: Ja, dus vorige keer heb ik dat ook al gezegd, toen we het over drukte bij RegioRijder hadden.
Eigenlijk een hele simpele is, is dat roosterwijziging heel vaak optreden en dan wordt het echt gewoon een beetje chaos om al die busroutes voor leerlingen voor in te delen. Dus dat is een hele praktische zodat we met scholen overleggen hoe kun je nou vroegtijdig, en misschien wat minder vaak, roosterwijziging horen? Want om dat dan weer helemaal geregeld te krijgen dat al die busjes op de juiste manier naar elke school en elk kind gaan, dat is gewoon echt heel complex. Maar ook schooltijden, die gesprekken zijn gaande. Maar ook daarbij zit je natuurlijk binnen een heel systeem gewoon met leerkrachten en lesroosters, dus dat zal niet gelijk heel de wereld uitmaken, maar dat proberen we inderdaad wel in dialoog met RegioRijder en scholen daar recht aan te doen. De voorzitter: Uitstekend. Dan hebben we de wethouder in tweede termijn gehoord. Dan ga ik ervan uit dat we in ieder geval nu het stuk voldoende hebben behandeld. Dan is de vraag allereerst, ik heb een paar fracties gehoord die om uitstel vroegen, is dit stuk voldoende behandeld en kan het door naar de raad. En als het antwoord daarop ja is, dan heb ik al een amendement aangekondigd gehoord, dan gaat het door naar de raad als bespreekpunt. Ik denk dat we dat gaan doen. Ja, uitstekend, gaat het door naar de raad als bespreekstuk. Mevrouw Oosterbroek.
13
Mevrouw Oosterbroek: Kunnen we het dan als hamerstuk met stemverklaringen doen? De voorzitter: Nee dat kan niet want er is een amendement aangekondigd. Mevrouw Oosterbroek: Maar in de andere commissies doen we altijd als hamerstuk met stemverklaring op het moment dat het amendement is ingediend, dan wordt het een bespreekpunt. De voorzitter: Nee, wat mij betreft heeft OPHaarlem een amendement aangekondigd en is het daarmee een bespreekstuk en mocht het uiteindelijk nog een hamerstuk met stemverklaring worden dan kan dat, of u moet als commissie zeer grote bezwaren hebben en dan doen we dat als hamerstuk met stemverklaring. De heer Trompetter. De heer Trompetter: Ja, het is wel te doen gebruikelijk om dan hamsterstuk stemverklaring te doen, want als dat moment niet komt, dan komt het niet, dan hoef je het ook niet op te waarderen en daardoor kan het dus wel. Dus ik zou het gewoon hamerstuk stemverklaring doen, dan zien we wel of het komt. De voorzitter: Nou ja weet u wat, wat we gewoon doen, wie is er voor het doorzetten naar als bespreekstuk? Als u even uw hand opsteekt. Ja, daar is een meerderheid voor dus het gaat gewoon op de agenda als bespreekpunt. Ja, de wethouder heeft nog wel een klein aanbod voor u, dus wacht u nog heel eventjes met opstaan, richting de raadsvergadering.
Wethouder? Wethouder Van Leeuwen: Ja, volgens mij is dit de eerste keer dat we zo in Samenleving in deze periode meemaken een amendement. Het is ons natuurlijk als raad, u, en ons als college veel aangelegen dat de verordening ook klopt, dus het is natuurlijk altijd de mogelijkheid tot technische bijstand door de ambtelijke organisatie om het amendement dan kloppend te maken. Want zowel het collegestuk, beraadstuk, als het de verordening zelf moeten geamendeerd worden. Met dat amendement moet er nog wel een logische en juridisch kloppende tekst komen. Dus neemt u alstublieft, via de griffie, contact op en dan de ambtelijke organisatie kan dan u bijstaan met in ieder geval het amendement wat u beoogt om dat ook goed in de tekst te krijgen en dan is het natuurlijk aan u als raad om daar een oordeel over te vellen. De voorzitter: Lijkt me een zeer wijselijk aanbod en ik hoop ook dat als de fractie van OPH een amendement indient dat dat het geval gaat zijn, dat het in ieder geval klopt. 7.
Spreektijd voor belangstellenden De voorzitter: Dan gaan wij door naar agendapunt 7. Agendapunt 7 is de spreektijd voor belangstellenden, daarvoor heeft zich een inspreker aangemeld, de heer De Bruijn. Mag ik mevrouw Otten vragen of zij een stukje naar rechts opschuift zodat wij de heer De Bruijn goed kunnen zien. De heer De Bruijn wil inspreken over de brief van het college over het Veiligheids- en beheersplan DomusPlus. Op het moment dat u op de rechterknop druk heeft u drie minuten de tijd, die tijd gaat lopen vanaf dat het rode lampje gaat branden en gaat uw gang. De heer De Bruijn: Ja, goedenavond na het lezen van het concept Veiligheids- en beheersplan DomusPlus valt het navolgende mij op. In punt 1.2 van het plan staat dat de toekomstige bewoners een veilige woonomgeving hebben waarin zij kunnen werken aan hun herstel. In eerdere berichtgeving vanuit de gemeente, het Leger des Heils, zou om een hele doelgroep gaan, om mensen met een grote verslavingsproblematiek en ook psychische problemen en ook met een verstandelijke beperking en veelplegers die uitbehandeld zijn, enkele
14
met een criminele achtergrond. Door het verstandelijke beperking bezorgen ze veel overlast in hun omgeving en moeten in deze opvang vaak hun hele leven blijven wonen. Zij wonen er vrijwillig en zijn de hele dag bezig met het verkrijgen van middelen voor hun verslaving. In het plan wordt ook al uitgegaan dat overlast in de omgeving in het Reinaldapark zal plaatsvinden en een regelmatig gesprek met de omgeving en de werkgroep zal plaatsvinden. Gebruikers van het Reinaldapark en omgeving, zoals ouders met kinderen en bewoners van het Reinaldahuis, welke dagelijks alleen hun rondje maken in een scootmobiel, geven aan dat niet meer in het park te durven komen. Ook het winkelcentrum Beatrixplein zal hiervan de nodige overlast van krijgen, zoals nu ook al het geval is op de Gedempte Gracht. In de huidige opvang Wilhelminastraat met jarenlange ervaring beveiligers en begeleiders lukt het niet, voorkomen van de overlast ook al niet, laat staan hier. Zie het bericht van het Haarlems Dagblad in de bijlage die heb ik bijgedaan, 62 keer overlast in vier maanden. Dat is 186 keer per jaar. Bij een overlastmoment of erger duurt het zeker tien tot twintig minuten voordat hulp ter plaatse zal zijn. Keuze van deze locatie legt ook grote druk op politie en handhaving.
Ervaringen elders zoals DomusPlus Tafelberg Amsterdam leert dat deze doelgroep veel overlast geeft en het winkelcentrum zelf beveiligers heeft moeten aannemen. In Wehl was men gedwongen de opvang te sluiten wegens grote overlast en mesbedreigingen richting de omwonenden rondom het winkelcentrum. Wij, belanghebbende en bewoners, eisen dan ook dat in het Veiligheids- en beheersplan wordt opgenomen de omschrijving van deze kwetsbare doelgroep wordt aangepast, zoals eerder omschreven door de gemeente en het Leger des Heils, regelmatig overleg met de werkgroep, ondernemers, bewoners ten zuiden van Parkwijk-Zuiderpolder, we hebben herhaalde overlast. Dan willen we eigenlijk dat u erin schrijft dat de opvang zal gaan sluiten. Wij vinden de keuze van Nieuweweg 2 in de nabijheid van een prachtig stadspark onbegrijpelijk en blijven ons tot het uiterste tegen de komst van de voorziening verzetten. Dank voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel, dat heeft u keurig binnen de drie minuten gehouden. Zijn er vanuit de commissie vragen voor de heer De Bruijn? Ja, mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ja nou alleen omdat u daarnet zegt van regelmatig overleg, maar hoe regelmatig heeft u als werkgroep nu, volgens mij zit ook in de werkgroep of misschien kent u mensen uit de werkgroep, maar hoe vaak is dat overleg nu dan? De voorzitter: Mijnheer De Bruijn, uw microfoon staat uit.
De heer De Bruijn: Dat is tweewekelijks dat ze bij elkaar komen. En ik zit niet in de werkgroep direct. Ik ben er wel bij betrokken als zodanig. De voorzitter: Helder antwoord, dank u wel. Mijnheer Van de Raadt heeft nog een aan aanvullende vraag. De heer Van den Raadt: Is dit nou wat u wil of wat het nu is? Is het nu al tweewekelijks? De heer De Bruijn: Nee, dus het is, de werkgroep is van eigenlijk van de wijkraad die bij elkaar komt. Dus er is eigenlijk een werkgroep samengesteld en af en toe is, ik geloof dat het een keer per maand, Jan weet jij het? De heer …: We zijn afgelopen jaar drie keer bij elkaar gekomen in de wijkproject. De heer De Bruijn: Drie keer dus. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Raadt, heeft nog een prangende vraag?
15
De heer Van den Raadt: Nou ja niet. Ik snap het nog steeds niet. Is het dan ook met de gemeente zelf erbij? Of is dat alleen maar een werkgroepje onderling? De heer De Bruijn: Er zit dacht ik, Jan, van de gemeente en van handhaving en de wijkagent zitten er ook bij. De voorzitter: Helemaal goed, dank u wel. Anders leden van de commissie die nog een vraag hebben aan de heer De Bruijn? Nee, dan dank ik u nogmaals voor uw komst. 8.
Arbeidsmarktkrapte in het Sociaal Domein (DL/BL) De voorzitter: En dan gaan wij door met de behandeling van onze agenda. Daarvoor schuift wethouder Van Loenen aan. Als u aan onze linkerkant komt zitten vandaag. Goed dames en heren, agendapunt 8 de arbeidskrapte in het Sociaal Domein. Op verzoek van de fractie van Forum voor Democratie en met instemming van deze commissie is het ter kennisnamestuk ter bespreking geagendeerd voor deze vergadering. Namens Forum voor Democratie zie ik Mevrouw Hartman, gaat uw gang. Mevrouw Hartman: Dank u wel, voorzitter. De arbeidsmarktkrapte in het Sociaal Domein heeft allerlei gevolgen, van wachtlijsten van de kinderopvang tot in de ouderenzorg, het hele systeem staat flink onder druk. Deze problematiek speelt natuurlijk niet alleen in Haarlem maar in heel Nederland. Wanneer we kijken naar cijfers van het CBS over bijvoorbeeld een lerarentekort, zien we wel aanzienlijke verschillen tussen regio's. Daarin geldt vooral hoe groter de stad, hoe groter het tekort. In het coalitieakkoord staat de ambitie om 15.000 nieuwe woningen te bouwen. Daarbij nemen we ook vluchtelingen op in de stad in tijdelijke voorzieningen. Al deze mensen zullen ook gebruikmaken van de sociale voorzieningen. Het lastige is alleen dat de rek er al uit is dus rijzen de vragen, hoe verergeren we deze krapte niet en hoe gaan we voor verbetering zorgen.
Interesseren stedelingen zich nou eenmaal relatief minder in het uitoefenen van beroepen in het sociale domein? Is het leven er te duur om er met deze beroepen rond te komen? Gaat men dan maar elders wonen? Goed, de landelijke bezuinigingen, een hoge werkdruk en de lage salarissen zullen ongetwijfeld de basis vormen voor de oorspronkelijke aanleiding van deze krapte. Dat ligt helaas buiten onze macht als gemeente. Dat betekent niet dat we er helemaal geen invloed op hebben. In dit document staan verschillende plannen die wel regionaal uitgevoerd kunnen worden, zoals een wervingscampagne van VanHier en een opleidingstraject leren en werken in de zorg. Omscholing bevorderen is volgens Forum voor Democratie ook een goede zaak, zeker voor herintreders en voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Daarom wordt er in dit document ook gesproken over woningvoorrang voor onderwijzend en kinderopvangpersoneel. Hier dienden wij in november samen met Trots een motie over in met helaas weinig enthousiasme van andere partijen. Natuurlijk achten ook wij voorrangsregelingen niet als de meest ideale optie. Het liefst heb je gewoon voldoende woningen betaalbaar en dan hoef je daar überhaupt niet over na te denken. Die gaan we bouwen en die worden bewoond en dan stijgt ook weer de vraag naar de voorzieningen flink. We moeten deze cirkel even doorbreken.