01 Vaststellen van de jaarverantwoording toezicht en handhaving kinderopvang Haarlem 2024
Tekst van het document
Collegebesluit
Onderwerp Vaststellen van de jaarverantwoording toezicht en handhaving kinderopvang Haarlem 2024 Nummer 2025/502763 Portefeuillehouder Wienen, J. Programma/beleidsveld 6.3 Openbare orde en veiligheid Afdeling VTH Auteur Visser, C. de Telefoonnummer 0646215663 Email cdevisser@haarlem.nl Kernboodschap De kinderopvang omvat de volgende voorzieningen: Kinderdagverblijven (KDV), Buitenschoolse Opvang (BSO), Gastouderbureaus (GOB) en Voorzieningen voor Gastouderopvang (VGO). Gemeenten zijn volgens de Wet kinderopvang verantwoordelijk voor het toezicht op en de handhaving van de kwaliteit van kinderopvangvoorzieningen. Het college van burgemeester en wethouders legt over de uitvoering van haar taken jaarlijks verantwoording af aan zowel de gemeenteraad (de horizontale toezichthouder), als de Inspectie van het Onderwijs (de interbestuurlijk toezichthouder) om aan te tonen dat de wettelijke taken goed zijn uitgevoerd.
Behandelvoorstel voor commissie
Het college is van mening dat de inspecties in 2024 goed zijn uitgevoerd en de ingezette handhavingsacties op het totaal aantal tekortkomingen zijn op een adequate manier opgelost en afgehandeld. Het college stuurt dit besluit in het kader van actieve informatieplicht naar de gemeenteraad.
Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 16 juni 2025
De gemeente is verplicht op basis van de wet (Wet Kinderopvang (art. 12) om verslag te doen over de uitvoering van toezicht en handhaving aan de Onderwijsinspectie, die namens het Ministerie het tweedelijns toezicht houdt op de gemeenten. Het rapport dient jaarlijks voor 1 juli volgend op het verslagjaar te worden aangeboden en aan de Onderwijsinspectie en dient ook ter informatie aan de gemeenteraad te worden aangeboden. Vaststellen jaarverantwoording toezicht en handhaving kinderopvang Haarlem 2023 (2024/944163) in het college van B &W van 25 juni 2024 1. De jaarverantwoording toezicht en handhaving kinderopvang Haarlem 2024 vast te stellen. de secretaris,
Kenmerk: 2025/502763
de burgemeester,
1/4
1. Aanleiding Burgemeester en wethouders zijn op grond van de Wet Kinderopvang (art. 1.68) en de regeling Wet kinderopvang (par. 6, art. 12) verplicht om jaarlijks een verslag op te stellen van alle toezicht- en handhavingstaken die de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK), onderdeel Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) en de gemeente in het voorgaande kalenderjaar hebben uitgevoerd. De jaarverantwoording wordt na vaststelling door het College van B&W aan de gemeenteraad en aan de Inspectie voor het onderwijs beschikbaar gesteld. 2. Beoogd resultaat Met dit verslag legt het college verantwoording af over het uitgevoerde toezicht en handhaving op de kwaliteit van de kinderopvang in het kader van de Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen aan de Inspectie van het Onderwijs. Op kwaliteits- en kwantiteitsniveau heeft het Ministerie van het Onderwijs ons werk in 2023 beoordeeld en bevestigd dat de gemeente Haarlem de wettelijke taken goed hebben uitgevoerd. Met het indienen van de verantwoordingsinformatie beoogt de gemeente een bevestiging van goed uitgevoerd toezicht en handhaving kinderopvang in het afgelopen jaar 2024. 3. Onderbouwing voorstel 3.1. Het besluit past in het ingezet beleid. De gegevens voldoen aan het gewenste en vereiste kwaliteits- en kwantiteitsniveau in het ingezet beleid van 6.3. Openbare orde en veiligheid.
De GGD houdt namens de gemeente toezicht op de kinderopvang. De GGD brengt in dit kader inspectierapporten uit, die in de bestaande landelijke gebruikers- en uitvoeringssystemen worden geplaatst. Dit zijn het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en de Gemeenschappelijke Inspectie Ruimte (GIR). De gegevens zijn voor de gemeente Haarlem verwerkt in de Jaarverantwoording Kinderopvang Haarlem 2024 (zie bijlage 2). Jaarverantwoording De bestanden voor de jaarverantwoording (bijlage 2) bestaan uit de voortgangsmonitor (bijlage 3) en een aantal controlelijsten (bijlage 4 t/m 11) en een toelichting bij de voortgangsmonitor en controlelijsten (bijlage 1) . De gegevens betreffen het peiljaar 2024 (de exacte peilperiodes worden in de toelichting per controlelijst aangegeven). De tellingen kunnen niet meer beïnvloedt worden. Voortgangsmonitor De cijfers uit de voortgangsmonitor komen terug in Deel A van de jaarverantwoording over 2024. De cijfers betreffen de wettelijke taken waarop de jaarverantwoording plaatsvindt: 1. Het uitvoeren van de registertaak van het Landelijk Register Kinderopvang 2. Het tijdig afhandelen van aanvragen 3. Het laten uitvoeren van de verplichte onderzoeken door de toezichthouder 4. Handhavend optreden
Kenmerk: 2025/502763
2/4
In de toelichting op het tweede tabblad van de voortgangsmonitor (bijlage 3) vindt u de vier criteria en een toelichting daarop. Controlelijsten De controlelijsten (bijlage 4 t/m 11) geven de gegevens weer waarop de cijfers in de voortgangsmonitor gebaseerd zijn. Met het vaststellen en ter beschikking stellen van deze gegevens wordt voldaan aan de wettelijke verplichting om deze informatie over het jaar 2024 aan het Inspectie van het Onderwijs te verstrekken. 3.2 Toezicht en handhaving De gemeente is verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving kinderopvang. De feitelijke uitvoering van de inspecties ligt bij de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst. Het college is van mening dat de inspecties en de handhavingsacties die gehouden konden worden over 2024 goed zijn verlopen. 4. Risico’s en kanttekeningen 4.1 Kanttekeningen 4.2 Verdere stijging van inzet herstelaanbod door flexibele inspectieactiviteit Ten opzichte van 2023 is er een verdere stijging in de mate waarin herstelaanbod wordt ingezet. Deze stijging hangt waarschijnlijk samen met flexibele inspectieactiviteit, waarbij de vaste set te inspecteren voorwaarden is losgelaten. Tekortkomingen op documenten en werkwijzen die lange tijd niet zijn geïnspecteerd, komen nu wel aan bod door flexibel toezicht, maar kunnen vaak snel worden opgelost met herstelaanbod. Het herstel na herstelaanbod is hoog.
Het inzetten van dit instrument is dus een effectieve werkwijze om tekortkomingen snel te herstellen. Wanneer deze tekortkomingen zijn opgelost, komt dit de kwaliteit van de opvang ten goede. 4.3 Wijzigingen in wet- en regelgeving lastig voor kleine houders In 2023 zijn er wijzigingen in wet- en regelgeving doorgevoerd. Zo hoeft er in het pedagogisch beleidsplan niet meer worden opgenomen wanneer er exact wordt afgeweken van de beroepskracht -kindratio. En kan er onder voorwaarden worden afgeweken van het vaste -gezichtencriterium. Omdat het verwerken van de wijzigingen in het beleidsplan zeker voor kleine houders van voorzieningen lastig is heeft de inspectie gemeenten opgeroepen om samen met de GGD te zorgen voor nog betere ondersteuning aan (kleinere) houders van kinderdagverblijven. Bijvoorbeeld door informatie te geven over de wijzigingen en wat die wijzigingen van hen vragen. De houdergesprekken gaan plaatsvinden in 2025 en worden uitgevoerd bij de jaarlijkse onderzoeken, volledig onderzoeken en bij een onderzoek na registratie. De verwachting is dat met deze informatieverstrekking aan houders, het aantal tekortkomingen afneemt en de nalevingsbereidheid van houders toeneemt. Het past in de ontwikkeling tot dialooggericht toezicht.
Kenmerk: 2025/502763
3/4
5. Consequenties en uitvoering Financiën Over de financiën is door de GGD in de jaarrekening van de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK) verantwoording afgelegd. 5.1 Juridisch Burgemeester en wethouders zijn op grond van de Wet Kinderopvang (art. 1.68) en de regeling Wet kinderopvang (par. 6, art. 12) verplicht om jaarlijks een verslag te doen aan de Onderwijsinspectie van alle toezicht- en handhavingstaken die de Veiligheidsregio Kennemerland (VRK), onderdeel Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) en de gemeente in het voorgaande kalenderjaar hebben uitgevoerd. De Onderwijsinspectie houdt namens het Ministerie het tweedelijns toezicht op de gemeenten. 5.2 Uitvoering De gemeente is verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving op de Wet kinderopvang. De feitelijke uitvoering van de inspecties ligt bij de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst. Jaarlijks wordt hiervoor in samenspraak met de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst een werkplan opgesteld. Eventuele handhavingsacties, voortvloeiend uit de inspecties, worden door de gemeente uitgevoerd. 5.3 Planning De jaarverantwoording dient jaarlijks vast gesteld te zijn door het College van B&W voor 1 juli volgend op het verslagjaar en te worden aangeboden en aan de Onderwijsinspectie en deze dient ook ter informatie aan de gemeenteraad te worden aangeboden. 6.
Bijlagen Bij dit besluit zijn de volgende bijlage gevoegd: 1 Toelichting bij definitieve bestanden jaarverantwoording 2024 2 Jaarverantwoording Kinderopvang 2024 gemeente Haarlem 3 Haarlem Voortgangsmonitor ten behoeve van jaarverslag 2024 IvhO 4 Haarlem Controlelijst tijdig afgehandelde aanvragen 5 Haarlem Controlelijst geïnspecteerde voorzieningen KDV, BSO, GOB 6 Haarlem Controlelijst geïnspecteerde voorzieningen (VGO bestaand eens per 3 jaar) 7 Haarlem Controlelijst geïnspecteerde voorzieningen VGO (t.b.v. steekproef) 8 Haarlem Controlelijst geïnspecteerde voorzieningen (VGO nieuw) 9 Haarlem Controlelijst ingezette handhavingstrajecten op overtredingen 10 Haarlem Controlelijst overtredingen zonder handhavingsactie of actie niet handhaven (na herstelaanbod) 11 Haarlem Controlelijst beoordeelde voorwaarden met herstelaanbod
Kenmerk: 2025/502763
4/4