01 Raadsvoorstel (publiceerbaar)
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp Besluit op het bezwaar van en geheimhouding op grond van de Gemeentewet
tegen het gedeeltelijk opheffen van
Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap
2026/15111 Wienen, J. 6.2 Gemeentelijk bestuur JZ Baars, T.F. 06-46215015 tbaars@haarlem.nl en hebben op 9 oktober 2025 bezwaar gemaakt tegen het besluit van de raad van 4 november 2019 om de geheimhouding van een rapport van GvB Integrity Services B.V., dat is opgesteld naar aanleiding van een integriteitsmelding rond de herinrichting van de Dreef, op te heffen voor die delen van het rapport die niet zouden kunnen leiden tot het herkennen van betrokken personen. De raad dient een besluit te nemen over het ingediende bezwaar.
Behandelvoorstel voor commissie
De commissie Bestuur wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college en over de wijze van agendering van het raadsvoorstel in de raadsvergadering.
Relevante eerdere besluiten
‘Bekrachtigen geheimhouding op onderzoeksrapport inzake integriteitsmelding inclusief rapportage en bijlagen’ (2018/901572A) in raadsvergadering 31 januari 2019. ‘Gedeeltelijk opheffen geheimhouding integriteitsrapport Dreef’ (2019/834284) in raadsvergadering 4 november 2019 ‘Besluit op het bezwaar van K. S. en P. V. tegen de afwijzing van hun verzoek om opheffing van geheimhouding op grond van de Gemeentewet’ (2024/1236055) in raadsvergadering 26 september 2024
Kenmerk: 2026/15111
1/4
Besluit college d.d. januari
1. Het college van burgemeester en wethouders stelt het voorstel aan de raad vast. de secretaris,
Ontwerp-besluit raad d.d. ………. (wordt ingevuld door de griffie)
de burgemeester,
De raad der gemeente Haarlem, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1. het bezwaar van en tegen het besluit van 4 november 2019, waarbij de geheimhouding van een rapport van GvB Integrity Services B.V. gedeeltelijk is opgeheven, niet-ontvankelijk te verklaren. de griffier,
de voorzitter,
1. Aanleiding Op 22 december 2018 heeft op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob) verzocht om openbaarmaking van onder meer een rapport van GvB Integrity Services B.V. van 22 oktober 2018, dat is opgesteld naar aanleiding van een integriteitsmelding rond de herinrichting van de Dreef (hierna: integriteitsrapport). Bij besluit van 8 januari 2019 heeft het college op grond van de Gemeentewet geheimhouding opgelegd ten aanzien van het volledige integriteitsrapport. Bij besluit van 31 januari 2019 heeft de raad de geheimhouding bekrachtigd. Het college heeft het Wob-verzoek van van 22 december 2018 tevens opgevat als een verzoek om opheffing van de geheimhouding van het integriteitsrapport. Het college heeft het verzoek doorgezonden aan de raad.
Kenmerk: 2026/15111
2/4
Bij besluit van 4 november 2019 heeft de raad de geheimhouding opgeheven voor die delen van het integriteitsrapport die niet zouden kunnen leiden tot het herkennen van betrokken personen (bijlage 1). Op 15 oktober 2022 hebben en (hierna: bezwaarden) de raad opnieuw verzocht om de geheimhouding van delen van het integriteitsrapport op te heffen. Bij besluit van 16 februari 2024 heeft het college het verzoek afgewezen op grond van artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), omdat sprake is van een herhaald verzoek en nieuwe feiten en omstandigheden ontbreken. Op 19 februari 2024 hebben bezwaarden bezwaar gemaakt tegen het besluit van 16 februari 2024. Bij besluit op bezwaar van 1 oktober 2024 heeft de raad het besluit van 16 februari 2024, onder aanvulling van de motivering, in stand gelaten. Bij uitspraak van 7 oktober 2025 heeft de rechtbank Noord-Holland het beroep van tegen het besluit op bezwaar van 1 oktober 2024 ongegrond verklaard (bijlage 2). Op 9 oktober 2025 hebben bezwaarden bezwaar gemaakt tegen het besluit van 4 november 2019 (bijlage 3). Op 14 januari 2026 heeft de bezwaarschriftencommissie een advies uitgebracht over het ingediende bezwaar (bijlage 4). 2. Beoogd resultaat Het nemen van een besluit over het ingediende bezwaar. 3.
Onderbouwing voorstel 3.1 Het bezwaar is na het verstrijken van de bezwaartermijn ingediend en er is geen sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding Op 9 oktober 2025 hebben bezwaarden, naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank van 7 oktober 2025, bezwaar gemaakt tegen het besluit van 4 november 2019. De bezwaartermijn van zes weken was toen al ruimschoots verstreken. Bezwaarden stellen in hun bezwaarschrift dat zij vóór de uitspraak van de rechtbank niet wisten dat het ‘mogelijk is een verlaat bezwaar in te dienen’. Een bezwaar dat na het verstrijken van de bezwaartermijn wordt ingediend, moet in beginsel nietontvankelijk worden verklaard. Ingevolge artikel 6:11 van de Awb blijft niet-ontvankelijkverklaring achterwege indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. Een termijnoverschrijding is verschoonbaar als de overschrijding niet aan de indiener kan worden
Kenmerk: 2026/15111
3/4
toegerekend én het bezwaarschrift zo spoedig mogelijk alsnog is ingediend. Voor de invulling van het begrip 'zo spoedig mogelijk' wordt thans een termijn van zes weken gehanteerd. In het onderhavige geval is geen sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding. Uit de uitspraak van de rechtbank van 7 oktober 2025 volgt namelijk dat bezwaarden in ieder geval al gedurende de beroepsprocedure over het Wob-verzoek van 22 december 2018 hadden kunnen weten dat zij een rechtsmiddel konden aanwenden tegen het besluit 4 november 2019. Deze beroepsprocedure is op 18 mei 2022 tot een einde gekomen. Bezwaarden hebben dus niet zo spoedig als redelijkerwijs van hen kon worden verlangd alsnog bezwaar gemaakt. 4. Consequenties en uitvoering 4.1 Communicatie Het besluit op bezwaar wordt bekendgemaakt door toezending aan bezwaarden. 4.2 Juridisch Tegen het besluit op bezwaar staat beroep open bij de rechtbank. 5. 1. 2. 3. 4.
Bijlagen Besluit van 4 november 2019 Uitspraak van de rechtbank van 7 oktober 2025 Bezwaar van 9 oktober 2025 Advies van de bezwaarschriftencommissie van 14 januari 2026
Kenmerk: 2026/15111
4/4