01-13 transcript commissie Ontwikkeling 13 januari
Tekst van het document
Dus ik denk dat wat hier nu ligt is gewoon evenwichtig. En op het moment dat je daarin zeg maar gaat zeggen, ja, nou hier moeten we alle duurzaamheidsproblemen in oplossen, dan krijg je ook bewoners die … Eigenlijk is dat best wel polariserend, want dan krijg je aan de ene kant in die buurt mensen die heel ver willen gaan en anderen die zich elke dag zitten op te vreten met hun uitzicht. Dus ik denk, het is ook onze taak om al die groepen bij elkaar te houden, zodat we ook draagvlak houden voor die energietransitie. Want als je dat verspeelt, dan heb je helemaal niets. De voorzitter: Mevrouw Oosterbroek. Mevrouw Oosterbroek: Ja, ik heb wel een vraag aan de heer Wiedemeijer. Want als ik door de stad loop en ik zie een zonnepaneel, dan … Ja, dan word ik eigenlijk heel erg blij vanbinnen. Ik word er echt een gelukkigere Haarlemmer van. Heeft u dat ook als u kijkt naar zonnepanelen of naar andere energieoplossingen die het klimaatvraagstuk voor ons gaan oplossen?
17
De heer Wiedemeijer: Ik houd van Haarlem vanwege de unieke dingen die wij in Haarlem hebben en alle monumenten, hetgeen wat over honderden jaren is opgebouwd. Als ik van Haarlem hield van zonnepanelen. Ja, je kan ook langs de snelweg rijden, daar staan ook allerlei zonnevelden. Ja, daar zit ook niks Haarlems in. Dus zonnepanelen maken Haarlem niet uniek. Ik word er wel heel erg blij van, en dat zie ik ook in dit voorstel van het college, is dat we ook met zijn allen alles op alles moeten zetten om te zorgen dat hetgeen wat Haarlem zo mooi maakt, dat we dat kunnen behouden voor de toekomst. Maar we moeten niet bewonersgroepen … We moeten dat gezamenlijk met zijn allen doen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Krouwels. De heer Krouwels: Ja, mijnheer Wiedemeijer, ik begrijp uw pleidooi als het gaat om beschermd stadsgezicht in bijvoorbeeld Haarlem Zuid. Maar kan ik u wel meekrijgen in criteria wegboenen als het gaat om kleur voor daken van monumenten die al sowieso uit het zicht liggen? Misschien kunnen we dan samen wat betekenen. De heer Wiedemeijer: Ik ga nu heel politiek correct zeggen, ik wil uiteraard naar elk voorstel kijken, dus dat zal ik zeker doen. Maar ik geef u alleen mee wat mijn algemene overwegingen zijn en ook zullen zijn. Maar ik zal naar alle voorstellen kijken. De voorzitter: Dank u wel.
Mevrouw Oosterbroek, was dat een nieuw handje of wilde u nog reageren op mijnheer Wiedemeijer? Mevrouw Oosterbroek: Een oud handje, sorry. De voorzitter: Een oud handje. Ga uw gang. Toch een oud handje, ja. Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Ja. Dank u wel, voorzitter. De heer Visser: Ter interruptie. Of had u ook een interruptie? De heer Bruch: Nee, ik had geen interruptie. De voorzitter: De heer Visser dan. De heer Visser: Nou, ik werd eerder aangesproken door mevrouw Van Zetten, en nu eigenlijk ook indirect door de heer Wiedemeijer. Het gaat erom dat in dit stuk accepteren we dat we in beschermd stadsgezicht dat we daar zonnepanelen accepteren in de zichtlijnen. En als je dat hebt … Dat accepteren we hier, mits volgens een bepaald aantal spelregels. Een legplan als je dezelfde panden hebt, vrij van de nok, nou et cetera. Het enige is wat wij aangeven is, waarom zou dat niet kunnen gelden voor individuele panden die nu rood zijn als je dat ook conform spelregels daar netjes neerlegt? En dat heeft helemaal niets te maken met verkwanselen van erfgoed of dat soort dingen. Het gaat erom, als we accepteren dat het op rijtjeswoningen gaat, en nu ben ik een beetje oneerbiedig, waarom zou je het dan niet op individuele panden ergens accepteren? Beiden in het zicht, beide op beschermd stadsgezicht. En verder heb ik er niet zoveel meer over te zeggen. De voorzitter: Mijnheer Bruch.
De heer Bruch: Ja, dank u wel. Even een tweede termijn. Het … Ik wil wel even toelichten, de VVD is natuurlijk er niet voor om op ieder monument maar willekeurig zonnepanelen te leggen. Want zonnepanelen hoeven niet lelijk te zijn, maar ze zijn zeker niet monumentaal. Dus daar zijn we geen voorstander van. En je hoort,
18
voor de één gaat dit stuk niet ver genoeg, voor de ander gaat het te ver. Dus ik moet eigenlijk de wethouder complimenteren. Ik denk dat hij een prachtige gulde middenweg heeft gevonden. Dus wat mij betreft hameren we dit af. De voorzitter: Dank u wel. Iedereen het woord gevoerd in de tweede termijn? Mevrouw Van Zetten? Mevrouw Van Zetten: Nee, ik wil even concluderend zeggen dat het erfgoed op dit moment op dit moment in betere handen is bij de Partij van de Arbeid dan bij het CDA en D66. En dat is dan wat ik al eerder een compliment heb gegeven aan deze wethouder. Dat klopt dus ook. De voorzitter: Dank u wel. Hamerstuk, hamerstuk met stemverklaring. Mijnheer Krouwels. De heer Krouwels: Ik heb twee amendementen of … De voorzitter: Dan wordt het een bespreekpunt. De voorzitter: Dan heb ik nu spreektijd voor belangstellenden, maar we lopen wat voor. Ik weet niet of mevrouw Prins aanwezig is? De griffier: Nog niet, nee. De voorzitter: Nog niet. Ter advisering aan de raad 9.
Raadsnota onderschrijven Verstedelijkingsconcept MRA Haarlem (FR) De voorzitter: Dan wil ik voorstellen door te gaan naar agendapunt 9. Dat is de raadsnota onderschrijven verstedelijkingsconcept MRA Haarlem. Op basis van de zienswijzen van alle deelnemers in de MRA is het verstedelijkingsconcept aangepast. Onderschrijven is het definitieve … Van het definitieve verstedelijkingsconcept door de raad en de Staten, biedt een solide gezamenlijke basis voor het maken van afspraken tussen Rijk en regio over de gezamenlijke aanpak van de uitvoering. Aan de raad wordt gevraagd dit concept te onderschrijven en te besluiten dat deze voldoende basis biedt voor dat maken van die afspraken. En ik wil als eerste het woord geven aan de mensen die digitaal aanwezig zijn. Dat is mijnheer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Ja. Dank u, voorzitter. Goedenavond allemaal. Ik zit even digitaal vanavond. Ja, het verstedelijkingsconcept. Nou in de basis vinden we natuurlijk samenwerking in de regio goed. Gezamenlijk werken aan bijvoorbeeld een beter openbaar vervoer in de regio. Dus ja, dat de MRA … Dat samenwerking MRA is op zich oké. En we zijn voorstander van MRA Invest natuurlijk ook om de circulaire economie aan te jagen. Nou, is de MRA perfect? De MRA is zeker niet perfect, er kan nog heel veel beter. Denk aan de inspraak van inwoners, het betrekken van hen bij besluitvorming van de MRA.
Het heeft een hoog abstractieniveau ook wat er gebeurt binnen de MRA. Ik zou wel willen benoemen dat we het ook bijzonder vinden dat de VRA en de MRA, de vervoerregio en de metropoolregio, totaal andere dingen zijn wat betreft de gemeenten die daar zijn bij aangesloten, en zouden dat ook zo snel mogelijk verbeterd zien. Ja, waar we ons echt ook zorgen over maken, en dat is dan even richting dit stuk een punt wat ik eruit wil halen, is dat nog steeds die reservering genoemd wordt voor de haven in de Houtrakpolder. Dat is natuurlijk een polder uit bijna 150 jaar oud, aangelegd bij het Noordzeekanaal. Dat is natuurlijk al een oude polder, maar tegelijkertijd ligt ook … Wordt de
19
Inlaagpolder bedreigd in de Vereenigde binnenpolder, polders uit begin vijftiende eeuw. Dat is echt ontzettend belangrijk cultureel erfgoed. En belangrijker ook nog, en dan ook even het linkje naar Haarlem, het is natuurlijk onze buffer tussen Haarlem en Amsterdam. Dus we zijn erg benieuwd. We vragen allereerst een reactie van de wethouder hierop. Wat vindt u ervan dat die zienswijze niet is overgenomen? Hoe … Ja, wat zegt u in alle verschillende gremia op dit vlak? Wat is het standpunt van Haarlem daarin? En wij zitten erover na te denken om dit een zetje te geven met bijvoorbeeld een motie. Tot zover. De voorzitter: Dat laatste verstond ik niet zo goed. U zit erover na te denken … De heer Drost: Mogelijk een motie om dat te versterken. De voorzitter: Ja, dat vermoeden had ik. Nou goed, dank u wel. De heer Drost: Dank u. De voorzitter: Dan mijnheer Bloem. De heer Bloem: Ja, voorzitter, de SP sluit zich zeker aan bij de grote zorgen over de Houtrakpolder. Die kunnen wij volledig onderschrijven, net zoals GroenLinks die heeft. Wat wij niet helemaal onderschrijven is het enthousiasme wat er is over de MRA. Ik zal niet te lang uitweiden over het gigantische democratische tekort wat er is. Maar niet alleen in de vorm, maar ook in de inhoud gaat er nogal het nodige mis.
Ik noem maar de brief die vanuit de MRA richting de kabinetsformatie is gegaan, waarin een heel belangrijke olifant die daadwerkelijk in de kamer staat, gewoon niet wordt benoemd. En ook niet in deze verstedelijkingsvisie. Namelijk dat als wij willen voldoen aan onze bouwopgave, het heel erg lastig wordt, of niet heel erg lastig, gewoon onmogelijk is om dat te combineren met de aanwezigheid van een immer groeiend Schiphol. Dat kan niet. Het is te vervuilend, het is niet goed voor het klimaat, het is niet goed voor stikstof en zeker ook niet voor fijnstof. En verstedelijken in de MRA betekent dat wij echt moeten gaan nadenken over een andere rol voor de luchtvaart en een andere rol voor Schiphol dan groeien, groeien, groei. Wij kunnen niet groeien als woongebied en verstedelijkt gebied, als we niet andere keuzes maken als het gaat om Schiphol. Omdat dat het geval is, kunnen wij, los van allerlei andere zaken, echt zo lang niet meegaan met deze nota. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Ja, dank u wel. Allereerst, de beantwoording op de Haarlemse zienswijze vanuit de MRA geeft ons eerlijk gezegd weinig vertrouwen dat de Haarlemse wensen ook daadwerkelijk gehonoreerd worden.
Wij waren namelijk erg enthousiast over de zienswijze die we met elkaar hebben ingediend, en lees daar nog eens de antwoorden op punt één tot en met vier op terug. Ik haal er twee uit wat betreft de economie. Er wordt aangegeven, het college geeft aan dat tien procent van de economische activiteiten polycentrisch naar de regio komen, en daar hoort Haarlem dus ook bij. Maar dat staat in de reactie van de MRA helemaal niet zo omschreven. De MRA zegt, er is tien procent van de economische activiteiten door de overheid beïnvloedbaar. En als we dan eerlijk zijn, dan weten we dat het bedrijfsleven zelf de keuzes maakt waar ze zich vestigt. Dan niet zelden, om eigenlijk te zeggen negen van de tien keer, in Amsterdam of in Haarlemmermeer terechtkomt, niet in Haarlem. Dus de invloed op die economische sturing dat vinden wij te veel een stukje wensdenken wat niet uit gaat komen. Haarlem is Haarlem. Heeft een belangrijke regionale functie, zeker. Maar de economische activiteiten zullen niet zo naar ons toe trekken zoals we dat misschien willen. Dan recreatie en toerisme. MRA lijkt het toerisme en het beleid daaromtrent leidend te vinden, terwijl ik dacht dat wij ook hebben gezegd als Haarlem, wij willen ook de recreatie voor de bewoners van Haarlem
20
mogelijk blijven maken. En daarin zijn we dus bang dat we toch te weinig onze zienswijze terug gaan zien in de reactie, zoals ik net zeg, door de MRA. Dus waar staan wij op dit punt? We willen daar nog wel wat meer over horen. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Visser, CDA. De heer Visser: Ja, dank u. Haarlem heeft een … De raad heeft inspraak gedaan. Een belangrijk punt daarvan was de Velserboog ook, dat die moest komen. Nou, we hebben de nota van beantwoording allemaal gelezen. En daarin staat dat de Velserverbinding eerder onderzocht is, waarbij nut en noodzaak onvoldoende zijn aangetoond. En de Velserboog, waar hebben we die allemaal staan? We hebben die staan in onze eigen SOR. We hebben die staan in de omgevingsvisie, waar we het volgens mij binnenkort over gaan hebben. We hebben het staan in de bereikbaarheidsvisie van de Zuid-Kennemerland. Een meerderheid van alle partijen in deze raad pleit ervoor of hebben het zelfs in hun verkiezingsprogramma staan. We hebben hem genoemd bij alle ontwikkelingen aan de westzijde van deze stad, Zuid-West, Zijlweg, Orionzone. En bij alle zorgen die we zeiden over de afwikkeling van het verkeer naar de oostkant was continu ook de Velserboog of de Kennemertunnel. Prima, maar daarvan weten we met zijn allen dat hij echt niet komt. Die staat overigens ook niet in de stukken.
Maar de Velserboog was daar toch wel een pijler van, om dat verkeer om de stad te leiden. En ja, dat is toch heel erg lastig dat die gewoon hier wordt afgeschoten. Want dit stuk dat is wel de afspraak hoe het Rijk hier en de komende tijd de grote infrastructurele projecten gaat doen. En als deze er niet in staat, dan betekent dat dat we de komende decennia, want daar hebben we het allemaal over, decennia wordt in de stukken genoemd, dat dat er gewoon niet gaat komen. En het vreemde vind ik dan nog eens dat nut en noodzaak niet is aangetoond. Maar als we kijken naar MIRT onderzoek uit 2017, daar staat wel degelijk dat de Velserboog juist doelmatig is. Verkeer door de stad neemt af, bereikbaarheid neemt toe, de verkeersafwikkeling verbetert. Dus dat maakt het toch wel heel erg lastig voor het CDA. We gaan de komende jaren duizenden woningen bouwen aan de westkant van onze stad. De heer …: De bedoeling. De heer Visser: Sorry? De heer …: De bedoeling. De heer Visser: Dat is de bedoeling. En daar is die Velserboog wel voor nodig. Dat … En hoe gaan we dat dan doen? Vandaar een aantal vragen.
Wat heeft het college gedaan om te lobbyen om er weer wel één te krijgen? Hoe verklaart u het contrast tussen de nota van beantwoording, waarin in staat de nut en noodzaak is niet aangetoond, terwijl eigenlijk Haarlem al tientallen jaren … Nu bluf ik een beetje, misschien is het maar vijftien jaar. Maar in ieder geval, we hebben het er al heel lang over. Het MIRT onderzoek blijkt dat hij juist heel nuttig is. Waar komt dat contrast toch vandaan? Nou, graag … Dit zijn de vragen aan het college. De voorzitter: Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ook wij waren verbaasd over de plannen voor de Houtrakpolder. Daar hebben wij toch wel ernstige twijfels over. En die reactie die we hebben gezien in het stuk die is niet geruststellend, dus ik denk dat we daar zeker een vinger aan de pols moeten houden. Wat dat betreft eens met GroenLinks. Wij missen het aparte hoofdstuk 3. Dat was heel duidelijk in versie 2 met name. Hoofdstuk 3.4 met als titel, mobiliteit snel, veilig, comfortabel en betaalbaar van A naar B. Dat was een prachtig streven, maar dat is nu niet meer zo duidelijk terug te vinden. Er stond daar ook nog heel realistisch dat rekening werd
21
gehouden met nog wel enige tijd bestaan van de auto. Letterlijk stond er, daarom zal de auto altijd een rol blijven spelen in het mobiliteitssysteem van de MRA. En verdraaid, het is in versie 3 verdwenen. Het is niet duidelijk wie er om gevraagd heeft, want in de nota heb ik dat niet terug kunnen vinden. Maar er is toch een betreurenswaardig succes van de anti-autolobby terug te vinden. We vinden het ook jammer, net als het CDA, dat men niet wil praten over de Velserverbinding, want die is gewoon heel erg belangrijk. Maar goed die argumenten van het CDA hoef ik niet te herhalen, daar sluiten we ons zo bij aan. Wat wij ook al in juni hebben vermeld, is de verbazing dat nog steeds de Duinpolderweg wordt genoemd. Die wel. Terwijl die volgens mij toch echt van de baan is. Maar goed, dat is … Haarlem is waarschijnlijk niet de eerste gemeente die daar zijn bevreemding over uit moet spreken. Wat dan wel weer mooi is, in de vorige versie heeft de VVD uitgesproken dat de Haarlemse raad ook in de toekomst betrokken wil zijn. En dat vinden we dan wel weer terug dat raden en staten geïnformeerd worden over de voortgang en dat belangrijke besluiten aan hen worden voorgelegd. En daar worden we dan wel weer blij van. Dan ook nog, binnen de MRA, las ik in één van de reacties, wordt onder platform ruimte gewerkt aan verdere ontwikkeling van P&R-locaties.
Vraag aan de wethouder, zitten we daar bovenop? Want Haarlem kan wel wat P&R gebruiken. En daar wou ik het nu even bij laten. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Armand, Trots. De heer Armand: Dank u wel, voorzitter. We zijn er druk mee bezig allemaal. MRA, prachtig. Wij vinden het allemaal niks. Daar blijven we bij. Kijk, ik heb jaren geleden, voor de verkiezingen in 2018, heb ik bij … Wel bij de provincie ingesproken over Tata Steel. ‘…’ zei, je moet bij de Tweede Kamer wezen. Mijnheer Drost herinnert zijn eigen nog, want die was na mij om in te spreken. Luchtverontreiniging voor de Haarlemmers is punt nummero één. Het is heel slecht gesteld. Ik heb die vragen al meer gesteld. Autoluw maken van de stad is natuurlijk niet wat elke Haarlemmer wil. We zien het in Meerwijk. Er zijn nog nooit zoveel auto’s in Meerwijk geweest en de mensen willen niet meer met openbaar vervoer. Dat wordt ook minder. Waarom niet elektrische bussen? Kleinere bussen. Waarom niet? Waarom gebeurt dat niet? Er wordt gewoon niet geluisterd? MRA doet wat ze zelf wil, want ik hoor nou ook weer, ja, bebossing. We willen dit, we willen dat, in de Houtrakpolder. Alles prachtig, maar we moeten voorkomen dat we niet zo meteen, en daar ben ik … Zijn wij van Trots heel bang voor, dat we ondergesneeuwd worden door de grote Amsterdamse lobbyclubs. En dat willen wij helemaal niet.
Wij willen ook eigenlijk een wethouder, net mijnheer Berkhout is er jammer genoeg niet, dat die zegt van joh daar loop ik tegenaan en ik ga met jullie daar in discussie over. Wij willen dat weleens allemaal horen. Wij horen eigenlijk heel weinig. We hebben een paar collega’s die zitten ook daaraan tafel. Daar komt ook weinig uit. Dus wij willen gewoon temporiseren dat de Haarlemmers ook eens een keuze krijgen. Want de meeste Haarlemmers weten niet eens wat de MRA is. Dus wethouder, hoe gaat u dat die Haarlemmers nou eens uitleggen? Of als u raadslid ooit wordt weer, dat u het de Haarlemmers op een andere manier uit gaat leggen. Dank u wel. De voorzitter: Oh, sorry. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Inderdaad, volgens mij hebben de mensen geen idee wat zich hier allemaal in de coulissen afspeelt. En als we dit stuk lezen en de bijeenkomst hebben meegemaakt, dan is het één groot ambtenarenfeest. Tegenwoordig weten we dat vooral de ambtenaren van GroenLinks zijn, en dat is in alle stukken ook eigenlijk terug te vinden. De groei is onvermijdelijk, maar we willen tegelijkertijd het autoverkeer temperen. Wat ons betreft komen er hier minder mensen te wonen en gaan we op die manier de zaak temperen. Er is sprake van een landschap van bijzondere waarde, dat wordt vastgesteld. Dat vindt Hart voor Haarlem een belangrijk punt.
Te meer omdat we zelf het veenweide bij de Nieuweweg, dat we daar eigenlijk toch wel een flat gaan bouwen en dat landschap geweld aandoen. En daarom zijn wij daar ook op tegen. Als
22
we de kaartjes bekijken dan zie je ook de hele kust hier vlak voor onze deur vol staan met windmolens. En in het heel plan zou je dan ook verwachten, waar is dan de plek voor een kleine kerncentrale? Want hoe gaan we die problemen anders oplossen hier in het gebied? Wat betreft de Houtrakpolder, dat is uit mijn hart gegrepen. Ik zie inderdaad een bijdrage van Bloemdendaal die zich daar zorgen over maakt. Maar Haarlem blijft daarbij achter. Ik vind dat wij met Haarlem, samen met Haarlemmer en Bloemendaal, zeker een lobby op gang moeten brengen om de Houtrakpolder, die eerder ook bedreigd werd, opnieuw te beschermen. En daar laat ik het bij. De voorzitter: Mevrouw Verhoeff, PvdA. Mevrouw Verhoeff: Ja, goedenavond. Ik wilde mevrouw Van Zetten vragen waar Hart voor Haarlem denkt die kleine centrale te kunnen plaatsen. Bedoelt u dat ergens in de groene zoom, bedoelt u dat bij de buren? Ik hoor het graag van u. Mevrouw Van Zetten: Ik neem aan, we hebben het over de MRA, dat gaat gewoon in de regio. En als we daar … Als je daar de kaartjes bekijkt, dan kunnen we daar vast wel een plek voor vinden. Mevrouw Verhoeff: Bij de buren dus. Mevrouw Van Zetten: Bij de buren? Dit is de MRA dinges, dat gaat gewoon over de regio. De voorzitter: Dank u wel. Wie nog meer? Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Ja. Dank u, voorzitter. Veel is al genoemd.
Wij vonden opvallend de positie van het openbaar vervoer, en opvallend in de positieve zin. Wij hebben altijd aangegeven dat wij een vertramming van de route Haarlem-Schiphol-Amsterdam de voorkeur vinden hebben. En dat lijkt een stap dichterbij in plaats van verder weg met deze verstedelijkingsvisie. Dus daar zijn we blij mee. We zijn uiteraard ook tevreden dat er zo stevig ingezet wordt op knooppunt Nieuw-Zuid. En ook dat vinden we hier goed in terug. Met betrekking tot de Houtrakpolder, daar zijn een aantal reacties op. En ik vind op zich de formulering best redelijk. Waarbij aangegeven wordt van, nou er is wel een reservering, maar die kan eigenlijk niet gebruikt worden voordat er een intensivering van de andere gebieden plaatsvindt. Dus ik ben wel benieuwd naar een reactie van het college, ook gezien de andere bijdragen vanavond. En dan mis ik nog de Velserverbinding. En dat is inderdaad wel heel bijzonder. CDA legt dat bijzonder goed uit. Eigenlijk was mijn beeld dat we dit gewoon gingen doen. Dus daar lijkt nu wel echt een streep doorheen te komen. Dus college, kunt u aangeven wat hier gebeurd is? Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Slik, ChristenUnie. De heer Slik: De Velserverbinding die moet mogelijk blijven, die moet mogelijk gemaakt worden. Dat is al vaak genoeg aangegeven hier.
De Houtrakpolder moet onmogelijk blijven en niet dat D66 mag hopen op een positieve uitvoering van die veel te vage formulering. Die woon-werkbalans moet wat ons betreft nog veel meer zijn kortere afstanden en dan vervolgens de fiets en het OV. Daarvoor moet je in de VRA zitten, dus ik hoop dat het college zijn best blijft doen om in de VRA te komen. Ja, de ChristenUnie heeft ook die zienswijze doorgenomen. Er is door ons gelezen … Of, onze stukken zijn gelezen, is naar geluisterd, beantwoord, heel soms wat meegedaan. Soms staat er, ja, deze reactie onderschrijft ons en wij waarderen deze ondersteuning. Nou dank u wel, doei. Ja, is er wat met onze zienswijze gedaan? Veel te weinig. We willen graag van de wethouder op de volgende punten horen of de wethouder er ook een beetje tevreden mee is, met die
23
Velserverbinding die eruit is en de Houtrakpolder? En verder bekruipt ons het gevoel, die al oude uitdrukking, we dronken een glas, we deden een plas en alles bleef zoals het was. En ja, ik hoop maar dat de wethouder een leuke avond heeft gehad, of middag. Maar ik heb niet het idee dat we als Haarlem heel veel verder zijn gekomen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Verhoeff, PvdA. Mevrouw Verhoeff: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ja, een flink aantal opmerkingen die over mobiliteit gemaakt zijn, en die hebben wij ook wel als kritiekpuntje. Dus we horen graag wat daar verder op gezegd wordt. Neemt niet weg dat wij ook zien dat een aantal zaken zijn aangepast. Niet precies zoals wij willen. Wij denken dat er nu niet zoveel meer extra te halen is, maar willen wel het college, deze wethouder, maar ook andere wethouders, als ze weer eens in gesprek zijn op MRA-niveau, dat een aantal kanttekeningen steeds weer opnieuw voor het voetlicht gebracht wordt. Want elke kans die er is, kunnen we nog proberen alsnog te verzilveren. Wij zouden bijvoorbeeld best graag nog wat meer aandacht willen hebben voor sleutelprojecten die hier nu niet als kansrijk en, nou, net niet in een stadhartdefinitie passen. Natuurlijk, die ov-ontwikkelingen zeker ook. Maar vervoer, die onderschrijven we, maar die mogen nog best wat meer aandacht.
En één punt vinden wij echt heel belangrijk, dat is de fiets- en voetgangerspassage bij NS Spaarnwoude in het zo bejubelde Oostpoort, waar we ook flink veel geld van het Rijk en provincie voor krijgen. Ooit moet er toch een mogelijkheid zijn dat je daar gewoon niet overheen hoeft als fietser en voetganger, wat toch altijd 7,5-8 meter hoog overbruggen betekent. Maar dat je onder het spoor door kan, dan hoef je namelijk maar een hellingshoek van, nou ja, 2,5 meter te maken. Dat is een stuk prettiger en geeft ook echt een verbinding Noord-Zuid. De voorzitter: Interruptie van mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ja, ik kan me herinneren dat wij samen met … Tenminste, D66 samen met de Partij van de Arbeid in 2010 hadden afgesproken dat er een tunnel onder het spoor bij de Bernhardlaan zou komen. En dan kunnen we dat probleem ook oplossen. Wat dacht u daarvan? Mevrouw Verhoeff: Er zijn meerdere mogelijkheden. Maar een fiets-, voetgangerstunneltje of een verbinding is wel de hoogste prioriteit. En als het nog op een betere manier ontsloten kan worden voor auto’s, dan vindt u ons aan onze zijde. Maar we beginnen even met de fiets en de voetganger. Er zijn meerder voorbeelden in het land waar dat prima kan in combinatie met een wat hoogwaardiger station als we nu hebben. En als daar echt veel woningen komen, dan komt die kans daar vast wel.
Daarnaast vragen wij nog wat aandacht van de woon-werkrelatie, zeker nu er steeds mensen op snelle fietsen daarheen gaan. Maar ook qua OV tussen Haarlem en het westelijk havengebied, want dat is nog steeds bedroevend om daar op een prettige manier. Deze winter hebben we het nu al één keer weer meegemaakt dat je onderuit kon op de bruggen daar als fietser, maar daar moet nog wel het één en ander werk verricht worden. Verder wachten we even af wat de wethouder nog gaat vertellen aan ons. De voorzitter: Dank u wel. Wie verder nog? Nou, dan gaan we naar de wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ja, het verstedelijkingsconcept dat gaat echt over de grote ruimtelijke opgave die we, en ook maatschappelijke opgave, die we echt op de MRA als gebied zien afkomen. Dus dat gaat over, waar gaan wij straks als regio onze stroom vandaan halen? Waar komt onze stekker, waar komt onze waterstofindustrie? Waar komt grootschalige waterberging als het steeds natter wordt en we water moeten opslaan. Waar moeten … Waar hebben we echt te maken van echt grootschalige
24
woningbouwlocaties die ook ontsloten moeten worden met nieuwe vormen van mobiliteit? En dat is denk ik … Dat is uiteindelijk hoe we vanuit de MRA hiernaar kijken. En misschien ook het goede nieuws is ook wel dat Haarlem op Haarlems grondgebied we niet een aantal van die grote, echt hele grote opgaven hoeven op te lossen. Haarlem … Het is niet zo dat Haarlem hele grote bijdragen moet leveren aan de energietransitie, of hele grote bovenregionale opgaven moet leveren op het gebied van waterberging, werkgelegenheid, woningbouw. Ja, we doen heel veel. Op een gemeentelijk niveau, op een gemeentelijke schaal doen we heel veel. Maar de tienduizend woningen in Haarlem is natuurlijk niet te vergelijken met het bouwen van bijna een volledige stad, de Havenstad bijvoorbeeld. Of denk aan Almere Buiten heet dat geloof ik. Dat zijn natuurlijk de echt hele grote gebieden waar Rijk en regio dan uiteindelijk ook samen afspraken over willen maken. En wat hier gepoogd wordt, is toch in samenhang al die opgaven met elkaar te verbinden. Op een logische manier te beleggen in de regio, waarbij lusten en lasten eerlijker moeten worden verdeeld.
En op basis daarvan uiteindelijk het gesprek voeren met het Rijk van, nou hoe kunnen we daar een bijdrage leveren? En je ziet ook nu in het regeerakkoord dat het in ieder geval het Rijk een aantal van de, ja, de grootschalige woongebieden ook heeft benoemd en daar geld voor heeft uitgetrokken. Denk inderdaad aan zo’n gebied als Havenstad, waar ook de infrastructuur stevig moet worden verbeterd om die ontsluiting beter te maken. Ja, ik denk dat dat stuk goed is. Ik denk dat het in evenwicht is. Ik denk dat het ook recht doet aan de Haarlemse belangen. Het is niet zo dat dus al onze wensen erin zitten. Het is niet zo dat al onze eigen wensen bij wijze van spreken op het niveau van een fietstunnel onder een spoor door, wat echt wel heel klein niveau is. Maar ook wat groter niveau denk ik, zo’n Velserverbinding. En ik … Volgens mij de technische vraag staat nog uit, wat I&W daar precies van vond. Maar zo’n Velserverbinding doen we niet voor de MRA, doen we toch vooral voor onszelf, vooral voor onze eigen … Ons eigen wegennet. En daarmee is het dus niet van tafel. Daarmee is hier ook niet onze wens van tafel en daarmee is ook niet … Maar ik denk wel dat er wat scepsis is over van, ja, is dit ook … Levert dit ook een bijdrage aan het hele systeem van de MRA, wat verder gaat dan alleen het wegennet van Haarlem.
Maar goed, het loopt mee in het corridortraject van de A9, dus het onderzoek loopt wel mee. Dus nou ja, we hebben daar dan steeds wel aandacht voor en proberen daar ook wel het belang constant voor onder de aandacht te brengen. Van ja, want het is voor Haarlems perspectief. Misschien zeker als je het hebt over het sluiten van de kleine ring in Amsterdam. Dus over het aanpassen van de ringstructuur in Amsterdam. Nou dan wordt dit misschien de grote ring en dan heb je zulk soort vertakkingen meer nodig. Nou daarin loopt hij mee. Ik denk … Ja, de anti-autolobby. Ja kijk, dat is volgens mij niet zo. Maar ik denk wel de … Het is wel bij zowel MRA, maar ook bij het Rijk, wel het beeld, nou dat zie je ook in samen bouwen aan bereikbaarheid terug, dat ov-vervoer, fiets, dat dat gewoon veel ruimtelijk efficiënter is dan het versterken van de autoinfrastructuur. Dus dat zie je in combinatie met het, nou ja, grotere woonontwikkelingen. Dan zeg je, nou dan kiezen wij toch eerder voor het OV. Doen wij natuurlijk zelf ook bij zo’n knooppunt Nieuw-Zuid, waar we zeggen, die zie je dan wel heel goed terugkomen vind ik, en ook die verbinding. Dat je zegt, ja, dit is iets waar de hele regio profijt van heeft en een bijdrage aan levert. En ja, dit is dan ook een betere manier om uiteindelijk nieuwe gebieden te ontsluiten. Duurzamer en ook ruimte-efficiënter.
Nou, de P&R-locaties zijn volgens mij laatst ook besproken in de commissie beheer. Dus er heeft … We hebben een P&R-onderzoek gehad en daar inderdaad houdt wethouder Berkhout ook wel contacten met de MRA en de VRA over of dat in Haarlem kan en waar dan een toegevoegde waar heeft. Het sterkste punt, waar het misschien goed is om het even over te hebben, is inderdaad … Nou ja, de Actiepartij heeft het nog over de polycentrische werkgelegenheid. Dat vind ik op zich wel een hele goede hè. Dus ja, werkgelegenheid is niet zo makkelijk te sturen. Maar met elkaar te zeggen van, hé, niet alle ballen op Amsterdam, maar mag de rest van de regio af en toe ook een bal opvangen. Dat is denk ik wel een heel belangrijk uitgangspunt om met elkaar uit te spreken. En nou ja, weet je, ik zeg niet dat dit het gevolg daarvan is, maar het feit dat de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Haarlem, en in dit geval De Koepel, als vestigingsplek heeft gekozen, is wel al een
25
… Nou weet je, dan heb je in ieder geval met elkaar het gesprek van, dit is iets wat spreidbaar is. Nou dat kunnen we dus ook wat breder spreiden. De heer Amand heeft een … De voorzitter: De heer Amand. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor nou de wethouder weer zeggen over de P&R-locaties. Maar de vorige wethouder waren er ook al mee bezig, maar er zit weinig schot in. Welke termijn denkt u dat u dat gaat realiseren? Wethouder Roduner: Nou ik weet niet of die nota al besproken is in de commissie beheer. Volgens mij wel. We hebben een nota gemaakt over de toegevoegde waarde van P&R-locaties. In het plan Oostpoort is er ook een ruimtereservering getrokken. Maar we zien dat die P&R-locaties eigenlijk helemaal niet op dit moment niet gebruikt worden zoals we dat graag zouden willen. Namelijk wat we willen, is dat mensen naar Haarlem komen om daar hun auto te parkeren en dan met het OV verder de stad in gaan. Dat is eigenlijk hoe je hem zo willen. En wat we nu vooral zien, is dat het andersom is. Haarlemmers die in de Amsterdamse buurt wonen die pakken de auto naar het … In plaats van de fiets naar station Spaarnwoude, parkeren daar en stappen dan op de trein naar Amsterdam. Ja, dat is niet de bedoeling. Dus dan … Dus dat vereist echt wel een paar stevige aanpassingen in die nota en stonden daar ook voor maatregelen bij hè.
Dus van reguleren van parkeren tot andere maatregelen die je zou kunnen doen, abonnementen, et cetera. Dus, niet is gehonoreerd. We hebben denk ik onze zienswijze goed ingebracht. Eén pijnpunt blijft er inderdaad voor mij wel in zitten, dat is die Houtrakpolder. In de eerste versie was er ook nog gerekend met een bedrijventerrein aan de noordkant, die is … Nou ja, die heeft geen historische basis zoals de Houtrakpolder die al eerder als een reservering is aangetroffen. Toen ... Ik heb dit punt ... Elke keer dat wij die verstedelijkingsstrategie bespreken, breng ik die Houtrakpolder in of ik ondersteun de gemeente Haarlemmermeer die daar ook veel moeite mee heeft. Nou ja, de vorige keer toen dacht ik, ik zeg er nu een keertje niks over. Maar toen begon de provincie … Zeg maar de gemeente ten noorden van het kanaal begon al zo enthousiast te zijn dat hun reservering geschrapt was. Toen zei ik, ja lekker. Ik had toch graag ook gezien dat hij aan de zuidkant we datzelfde hadden gedaan. Nou snap ik ook wel dat er een andere historische lading ligt. Maar mijn bezwaar hier heel erg tegen is dat is eigenlijk dit. Wij proberen in Haarlem heel erg binnenstedelijk te bouwen. Ontzettend veel moeite voor om ons kostbare groen te beschermen. En wat ik niet wil is dat straks, nou ja, weet je, haventerreinen maar worden vol gebouwd en eigenlijk het bedrijventerrein gewoon het groen inschuift.
Het weinige groen wat we in deze regio hebben en wat ook gewoon een hele belangrijke basis is. Dan dat we dus aan de ene kant zeggen, ja, voor andere gebieden geldt dat binnenstedelijk blijkbaar niet en kan je gewoon als en dominootje verder het groen. Maar als u daar een motie over in wilt dienen om dat te ondersteunen, dan … Nou ja, dat is denk ik hartstikke goed. Dan voel ik mij ook gesteund om die discussie nog steeds stevig te blijven voeren. Ja, ik denk dat dit een hele goede basis is om gewoon het gesprek te voeren met het Rijk. Niet met de illusie dat het Rijk nu alles wat hierin staat gaat betalen. Maar het zijn wel natuurlijk … Nou ja, een aantal van de grote gesprekken die gaan we wel hebben met elkaar, en dat is denk ik goed voor onze regio. De voorzitter: Mijnheer Visser. De heer Visser: Ja. Dank u wel voor de beantwoording, wethouder. En mijn stelling is, dat op het moment dat die Velserboog hier niet in staat in dit stuk, dan zien we hem gewoon niet. Dit is … Met allerlei stakeholders wordt dit opgesteld. U zegt, er loopt nog een onderzoek. Maar ik geloof … Nou ja, misschien weet ik niet genoeg. U zit er een stuk beter in dan ik. Maar ik heb de stevige overtuiging, als hij er niet in staat, dan komt hij er gewoon niet in. Ook als ik naar het abstractieniveau kijk met nieuwe hubs of nieuwe HOV verbeterde lijnen, dat abstractieniveau hebben we.
Dan zou ik verwachten, een Velserboog dat is een nieuw stuk snelweg
26
eigenlijk, dat zou er dan ook in moeten staan. Zou u daar misschien is wat kunnen over vertellen hoe u dat ziet? De voorzitter: Mijnheer … Sorry. Mijnheer Roduner. Ik was even afgeleid. Wethouder Roduner: Nou ik denk dat, het is eerder andersom. Dus vooralsnog hebben we niet studies of … Hij zit niet in de SBaB. Want bij SBaB heeft hij nog niet … Dus dat lees ik in ieder geval ook terug in uw technische vragen. Dus hij zit nog niet in het uitvoeringsprogramma SBaB. Dus hij staat gewoon nog niet op de kaart als zijnde, hé dit is zo’n belangrijke verbinding voor de regio dus die moet hierin. Dus je moet wel een basis hebben om uiteindelijk hem in zo’n verstedelijkingsstrategie te krijgen. En ik denk, waar we nu zitten, is dat we in die studie naar de doorstroom op de A9 werken aan een goede inhoudelijke basis waarom die een toegevoegde waarde heeft. Nou vooralsnog is dat niet gebleken. Dus hij versterkt het wegennet heus wel wat. Maar het is net als de Mariatunnel, waar wij ook wel verder over praten. Het is vooral, ja, dat is toch vooral een Haarlems ding, om het even zo te zeggen. Dat is niet … De Mariatunnel is prachtig als je … Maar er is al een verbinding en er zijn al alternatieven. En het is niet iets dat nou per se noodzakelijk is om de Haarlemmer en de regio beter te maken.
Dus daar moeten we denk ik met elkaar nog veel scherper gaan werken aan een goede inhoudelijke onderbouwing waarom een Verserverbinding goed is. Nou die zit dus deels in de studie. En dan moet je dan uiteindelijk afwegen tegen het kostenplaatje wat eraan hangt. Het is toch … In de eerste studie stond al volgens mij al 35 miljoen ofzo. Nou ik denk dat inmiddels de prijzen wat steviger omhoog zijn gegaan. Dus je moet echt wel een goede inhoudelijke onderbouwing hebben om dat gesprek te voeren. Dat is er nu nog niet, daar moeten we aan werken. En als we wat hebben, dan komt het vanzelf op een goede manier terug in die gezamenlijke producten. Dus dat is een beetje de volgorde die we hebben met elkaar. We kunnen nu niet een lijntje trekken en zeggen, ja, nu is het nut en noodzaak aangetoond. Zo sterk is de casus nog niet. De voorzitter: Ik begrijp inmiddels van GroenLinks dat ze een motie hebben aangekondigd. Daarmee gaat dit punt als een bespreekpunt naar de raad. Kijk. Mijnheer over de … Mijnheer Drost. Mijnheer Drost, bent u daar? De heer Drost: Jazeker. Ja, ik … Moet ik het nog even herhalen dat ik een motie wil indienen inderdaad over de Houtrakpolder? De voorzitter: Ja, graag. Over de Houtrak… De heer Drost: Dus dan graag een bespreekpunt. Het hoeft allemaal niet een lange behandeling te zijn in de raad, maar ik dien hem graag in als zetje voor de wethouder.
De voorzitter: Ja, dank u wel. Daarmee wordt dit punt een bespreekpunt voor de raad. 8.
Spreektijd voor belangstellenden (over niet op de agenda staande onderwerpen) De voorzitter: Dan gaan we nu naar de inspreker die zich heeft aangemeld. Daarna houden we een korte koffiepauze. Dat is mevrouw Prins. Die hoef ik niets uit te leggen. Ja, maar ben je daaraan toe? Oh ja … De heer …: ‘…’ [buiten microfoon].
27
De voorzitter: Er is nog ‘…’. Goedenavond. Nou, mevrouw Prins, u hoeft geen introductie, u hoeft geen uitleg. Ga uw gang. Mevrouw Prins: Ik zocht … Hij zat daar … Ik begin maar … Dank je wel. Hilde Prins van de Haarlemse Bomenwachters. Ik wou met u even overleggen over de inspraken, de participatie en de wijze van participatie op dit moment. De huidige keuzes zijn namelijk niet vrijblijvend. We hebben een wooncrisis, een klimaatcrisis en een stikstofcrisis. Toch gaat dit college door met het bouwen van een ongezonde stad op locaties waar gezonde bomen staan, omdat de wethouder en de stedenbouwkundige dat mooi vinden. Het behoud en vermeerdering van groen dat moet bijdragen aan een gezonde stad, is geen uitgangspunt meer bij de vormgeving van bouwprojecten. Bewoners, wijkraden, het platform groen en andere burgerorganisaties vragen een gezonde stad belangrijker te vinden dan wonen op de plek van gezonde bomen. Het vertrouwen dat de bewoners kunnen participeren is weg. De huidige keuzes zijn niet vrijblijvend, maar zal in de toekomst merkbaar zijn als de stad opwarmt, het water op straat blijft staan, kinderen niet meer in plantsoentjes buiten kunnen spelen en ouderen geen plekje hebben om buiten te zitten als hun woning heel klein is geworden.
Hoe gaat u nou zorgen dat de kiezers weer vertrouwen krijgen in de gemeentepolitiek? Hoe gaat u zorgen dat participatie echt conform de Haarlemse participatiepraktijk uit 2011 wordt uitgevoerd? U heeft te maken met een wethouder die zelfs in de kranten aangeeft dat de wethouder met zijn organisatie de keuzes maken. Macht corrumpeert. Niet welgevallige adviezen van burgerorganisatie wordt niet als alternatief in het raadsadvies benoemd of gedraaid. U laat zien dat u hier niet zit voor het algemeen belang maar het politiek belang. U bent sinds het dualisme onafhankelijk ten opzichte van het collegeprogramma. Wethouders mogen geen invloed uitoefenen op het functioneren van de raadsleden. Neem uw verantwoordelijkheid en laat u niet leiden door de wethouder met zijn monofunctionele scoringsdrang. Vraag naar het participatie- en inspraakplan bij elk project. U heeft daar het recht toe. Want wat staat erin? Door in de beginfase al een PIP te maken, kan voor het gehele proces worden overzien op welke moment participatie nodig is. Het moet altijd in elk geval behandeld worden in de staf van de portefeuillehouder. Voor kleinere niet omstreden projecten volstaat dat. Voor grotere projecten moet het als onderdeel van het plan van aanpak door het college worden vastgesteld.
Als het gaat om een onderwerp waarover uiteindelijk de raad besluit, moet het PIP ook besproken worden in de raadscommissie. Heeft u hem de afgelopen vier jaar gezien? Die kan het dan inhoudelijk beoordelen en krijgt bovendien zo de kans meteen aan te geven of de raad in dit geval een actieve rol wil spelen in de participatie en de inspraak. Tot zover. Wilt u laten zien dat raasleden en burgers niet meer buiten spel worden gezet? Dat u regeert en niet dit college? Een college dat in het coalitieprogramma duurzaam doen heeft aangegeven meepraten, meedenken en meedoen belangrijk te vinden. Letterlijk staat er, aan het begin van een project of voorstel wordt in het raadsstuk vastgelegd hoe de participatie daarbij vorm wordt gegeven. Vragen om het openbaar maken van de PIP’s bij de start van alle plannen, zoals nu bij het Delftplein en bij het plein bij het HC Stadion, omdat groen beleid conflicteert met de bebouwing. De bewoners willen … De voorzitter: U zit op drie minuten, mevrouw Prins. Mevrouw Prins: Meer participatie dan informatie of raadplegen. Ze willen ook adviseren en meebeslissen wat er in het raadsvoorstel als alternatief komt te staan. En niet, zoals veel mensen denken, meebeslissen over het project. We houden … Als alternatief zou er dan in kunnen komen staan, wij houden groen wat groen is, en waar het kan breiden we het uit en waar het verdwijnt compenseren we dit.
Of de 3-30-300 vuistregel. Dan komen er tenminste voor elke woning drie bomen, dertig procent meer bladerdek in de wijk, en dat in de nabijheid van driehonderd meter van de woning een groen park of plantsoen afhankelijk is, zodat de ontwerpers worden uitgedaagd tot een groen …
28
De voorzitter: Ik dacht dat u aan het afronden was. Kunt u er een eind aan breien, mevrouw Prins? Mevrouw Prins: Ja, ja, dit is de laatste zin. Zodat de ontwerpers expliciet worden uitgedaagd tot een groen inclusief ontwerp. De voorzitter: Helemaal goed, dank u wel. Zijn er vragen vanuit de commissie? Mijnheer Rijbroek. De heer Rijbroek: Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Prins, dank voor uw pleidooi, vurig pleidooi. Ik heb even een vraag. Die participatie dat hindert ons ook in het bijzonder. En ik heb het weleens aangekaart. Trouwens, de hele fractie. Zou u er wat voor voelen dat als wij in de nieuwe besluitvorming met plannen, bestemmingsplannen, in die Omgevingswet ook zeg maar die rol laten meespelen in de vorm van een participatieverordening. Want als we kijken nu naar alles wat omvat de bomen, dan is gemeente en dit college vooral aan het omarmen de bomen, maar ze zijn verliefd op de kettingzaag. Dus is het misschien een goed idee om te zeggen van een participatieverordening daarin op te nemen bij de eerste plannenbespreking? Mevrouw Prins: Ik denk dat … Op dit moment staat er in het Haarlemse participatiepraktijk dat er een PIP gemaakt moet worden, dat die in hoofdlijnen aan u moet voorgelegd worden. En daar blijft het bij. En dat is helemaal in tegenspraak met die participatiepraktijk uit 2011.
Het is ook zo, ik heb vanmorgen gesproken met een medewerkster van de afdeling communicatie, bestuurscommunicatie, en die zegt ook dat er een opdracht is om te gaan kijken naar een participatieverordening conform de Omgevingswet, dus die zal eraan komen. Maar tot die tijd bestaat nog steeds die participatiepraktijk van 2011, en blijkt die gewoon tegenstrijdig te zijn met het Haarlems civiel en ruimtelijk planproces. En ik zou u dan ook willen vragen dat onafhankelijk van wat er nou in dat planproces staat, u toch gerechtigd bent om naar die PIP’s te vragen en dat ook in het college gewoon die PIP’s gewoon vastgesteld moeten worden. Want als ze daar vastgesteld worden met toenaam van welke doelgroepen op welke manier mogen participeren, wanneer, dan kan iedereen het tenminste zien en dan weet u ook wat er ook … Hoe er geparticipeerd is en welke mogelijkheden er tot participatie zijn geweest. Want u denkt vaak dat er geparticipeerd is, en dan is het vaak alleen maar informatie. De voorzitter: Dank u wel. Nog meer vragen vanuit de commissie? Mijnheer Slik. De heer Slik: Een puntje van orde, voorzitter. De belangstellende die komt inspreken die had het niet door, maar ik vind het niet echt heel erg elegant als u zelf selfies gaat zitten maken tijdens de beantwoording van de vragen. De voorzitter: Daar heeft u gelijk in. Is overigens ter promotie van het werk wat we hier doen hoor.
Goed. Vragen nog aan deze inspreker? Mevrouw Prins: Ik hoop dat u ernaar gaat vragen hè nou. En dat we daar allemaal daar wel eens tevreden over kunnen zijn. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nou kort pauzeren. Het is 20:10 uur. Ja, 20:25 uur beginnen we weer.
29
Koffiepauze Overige punten ter bespreking 10. Opinienota Generaal Cronjéstraat (FR) De voorzitter: Even kijken, we gaan … Ik heropen de vergadering. We gaan naar agendapunt 10. De griffier: Even wachten hoor, want ze zitten nog niet op hun stoel. De voorzitter: Ja, ik zeg … Agendapunt 10, dat is de opinienota Generaal Cronjéstraat. Voor het tegengaan van het omzetten van winkels naar woningen in de Generaal Cronjéstraat vraagt het college de commissie om zijn voorkeur uit te spreken voor één van de volgende varianten. De A-variant, nu een bestemmingsplan opstellen en in procedure brengen. Of B, op een later moment het wijzigen in het omgevingsplan. Het college stuurt deze nota naar de commissie ontwikkeling. En gezien het belang en behoud van het winkelgebied van de Generaal Cronjéstraat en de eerdere discussie in de raad wordt deze commissie om advies gevraagd. Er is een geheime bijlage die u achter de inlog heeft kunnen raadplegen. Mocht u daarover willen bespreken, dan zullen we dat in beslotenheid doen. En ik geef als eerste het woord aan mijnheer Bloem. Ja, dat kan ik wel zeggen, maar is … De heer Bloem: Ja hoor. De voorzitter: Ja kijk, daar is hij gewoon. Mijnheer Bloem. De heer Bloem: Voorzitter, ik moet allereerst kwijt dat mij niet duidelijk is waarom die bijlage geheim is. Ik kan niet zeggen waarom ik dat vind, want het is geheim.
Dat is het verschrikkelijke aan geheime stukken. Maar in mijn zin zijn de argumenten die daarin staan prima om ook in openbaarheid gewogen te worden, zeker als jij een publiek orgaan hebt, dan heb je over publiek rechterlijke zaken ook je in het publiek te verantwoorden. Dus wij zullen niet instemmen met het handhaven van deze geheimhouding, tenzij de wethouder met een heel overtuigend argument komt. De voorzitter: Ja, maar u mag dat … U kunt er niet mee instemmen, maar u mag er niet over spreken. De heer Bloem: Nee, dat … Volgens mij heb ik me daaraan gehouden toch? De voorzitter: Ja, heel goed. Dat was uw bijdrage. De heer Bloem: Nee. De voorzitter: Oh. De heer Bloem: Nee. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bloem: Dat gezegd hebbende wordt er gevraagd om een voorkeur. Wij zijn toch voor om het bestemmingsplan in stemming te brengen, en ik kan niet zeggen waarom. Maar wij zijn er wel voor.
30
De voorzitter: Dank u wel. Wie nog meer? Mijnheer Slik, ChristenUnie. De heer Slik: Dank, voorzitter. Ja, dit is geen kwestie van een grijs gebied of een beetje van dit of een beetje van dat. Ik weet het nog niet. Het is zwart-wit, het is A of B. Maar als iedereen gesproken heeft en heeft gezegd van … En hij of zij heeft gezegd, ik heb de voorkeur voor dit, maar ik mag niet zeggen waarom. Ja, dan gaan we al gauw naar een geheime bespreking toe, denk ik. Maar ik weet het nog niet. De voorzitter: Zo is dat, daar gaat u zelf over. Mijnheer Wiedemeijer, PvdA. De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter, volgens mij staat ook het nodige in het openbare gedeelte. En dat is volgens mij voldoende om je argumentatie te bepalen. Maar dat geheel ter zijde. Ik denk dat het zeer van belang is om de hoofdwinkelstructuur goed te beschermen. We moeten ook goed kijken wat de juridische implicaties van onze keuzes zijn. En door de juridische risico’s die gekoppeld zijn aan het kiezen voor het nu wijzigen van het bestemmingsplan, resteert wat de Partij van de Arbeid betreft alleen het alternatief, omdat daar simpelweg de juridische risico’s beperkter van in omvang zijn. Dus het is voor ons een eenvoudige afweging van risico’s voor de gemeente en de belanghebbenden, waardoor je op het scenario uitkomt om het gefaseerd te implementeren. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Doel, GroenLinks.
De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter. Ik … GroenLinks is het eens met de PvdA over deze, voor zover we daar wat over kunnen zeggen. Maar wij vinden het wonen in winkelstraten dat dat verboden wordt niet meer helemaal vanzelfsprekend. Als je ziet dat een krimp nog wordt verwacht van tien tot veertig procent in het winkelaanbod, dat zegt het STEK-rapport. Als je ziet dat Rotterdam en Hoorn bezig zijn met stimulering van wonen in winkels dan moeten we ons afvragen zijn we nog wel goed bezig. Maar er is een hoofdwinkelstructuur en dan zijn de overige winkels, dus het lijkt me goed om dat op een ander moment te bespreken. Voor wat er nu voorligt, daar zeggen wij ook dat het nu wijzigen van het bestemmingsplan niet onze voorkeur heeft. De voorzitter: Mijnheer Krouwels? O, ik dacht een interruptie. Mijnheer Amand? De heer Amand: Interruptie, voorzitter, op mijnheer Van den Doel. Heeft u de kennis van de winkeliersverenigingen al gepolst? De heer Van den Doel: Daarom vlieg ik het zo voorzichtig aan. Ik weet dat het van belang is dat er een aaneengesloten blok winkels staat dat dat aantrekkelijk is, maar loop je door de Grote Houtstraat dan zie je het tegendeel daarvan.
Er is een rapport geweest over welke stukken van de Grote Houtstraat wel of niet levensvatbaar zijn, en ik denk dat als je daarnaar gaat kijken dat je toch nog eens achter je oren moet krabben of je het totaal wilt verbieden, maar op dit moment denk ik gaat het over iets anders. Dat heb ik genoeg over gezegd. De voorzitter: En ook een interruptie van mijnheer Bloem. De heer Bloem: Ja, kijk, ik vind het best een nuttige discussie om te hebben, namelijk wat wil je met strategische winkelgebied die je hebt, en hoe zorg ik ervoor dat ze vitaal blijven en zijn ze dan in de huidige vorm wel geschikt? Ik snap dat de GroenLinks dat nu niet wil doen, maar de manier waarop GroenLinks het nu insteekt, trouwens ook de Partij van de Arbeid, betekent eigenlijk al dat je een keuze maakt voor de Cronjé in
31
de ogen van de SP. Waarom niet tot dat we die discussie goed gevoerd hebben en dat gewoon netjes ook met de mensen gedaan en met Cronjé echt voor de optimale bescherming kiezen? De heer Van den Doel: Het antwoord is wat lastig, maar zoals gezegd wij kiezen voor de minst juridische risico’s, en dat geeft ons ook tijd om daar nog eens een keer over te praten. De voorzitter: Dank u wel. Wie nog meer? Mijnheer Van Leeuwen, Actie… Of mijnheer Krouwels had ik eigenlijk net al gezegd, hé? Ja, gaat uw gang. De heer Krouwels: Laat mijnheer Van Leeuwen maar eerst. Is goed. De voorzitter: Nou, mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Mijnheer Krouwels, dank u wel. Het winkellandschap verandert natuurlijk in een hoog tempo waarbij de vraag is of we over enkele jaren nog steeds zo overtuigend, als het college nu stelt, zitten te wachten op monofunctionele winkelstraten met een hoog leegstandsrisico en allerhande flitsbezorgdiensten met gesloten winkelpuien, hoe aantrekkelijk is dat? Ik woon zelf, voorzitter, in een straat een voormalige winkelstraat waar de gemeente na jaren decennia toch heeft besloten om de verruiming in de bestemming toe te staan. En dat heeft twee grote consequenties gehad. Aan de ene kant is er meer economische activiteit terugkomen, en aan de andere kant zijn er inderdaad woningen toegevoegd die verkamerd en vertimmerd zijn.
Ja, dat was dus dat beleid wat we heel graag in de Huisvestingsverordening hadden willen oppakken. Wij denken dat wij nu meer beleid hebben dan destijds, en wij pleiten er om de argumenten die GroenLinks en PvdA noemen om het bestemmingsplan nu te laten voor wat het is, en met de kennis en het verstand van enkele jaren hierna het Omgevingsplan aan te passen als dat nodig is, maar dan hebben we meer marktinformatie. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Krouwels? De heer Krouwels: Ja, dank u wel, voorzitter. Een uitstekend pleidooi van mijnheer Van den Doel van GroenLinks, en we moeten het binnenkort ook hebben over de toekomst van bijvoorbeeld de Cronjéstraat. Wat ik mis in deze notitie is of überhaupt … We hebben een Bedrijfsinvesteringszone van de Cronjéstraat, of de winkeliers en ondernemers hierop zijn gehoord. Ik miste dat een beetje. Ik had een technische vraag gesteld over hoeveel panden het ging de afgelopen vijf jaar. En daaruit bleek ook dat in het stuk is genoemd dat we omtrent parkeren daar eventueel een omzetting geweigerd kan worden, maar in de praktijk gebeurt dat niet. Dus ja, is het dan echt wel reëel te zeggen dat je het accepteert dat je een auto niet kwijt kan, was al voldoende, volgens mij, en waarom schrijf je dat in deze notitie? Voor de rest willen we het collegevoorstel wel volgen.
Ik ga het niet hebben over geheime stukken, maar het bedrag is gewoon te groot. Te hoog. De voorzitter: Mevrouw Kok, OPH. Mevrouw Kok: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, er liggen twee keuzes voor en ons wordt gevraagd een keuze te maken, maar wij lezen in het stuk het profiel van de Generaal Cronjéstraat dat dateert van 2019, en OPHaarlem is eigenlijk wel benieuwd, dat is dus al wel ruim twee jaar geleden en na twee jaar corona, ja, komt er een herijking op het toekomstprofiel, want dat kan ons ook helpen om een betere keuze te maken. Er staat ook in de gebiedsvisie wordt in de loop van 2023 vastgesteld. Kan dat niet eerder, want we willen graag een goede keuze maken. Het plan voor de Transvaalbuurt komt in 2022, kan de Cronjéstraat er dan niet in
32
meegenomen worden, dan hebben wij veel meer informatie om nu een goede keuze voor A of B te maken. Dus ik ben benieuwd. De voorzitter: Dank u wel. Ik zag daar een hand. Is dat mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik ben in beeld. Goed zo, dank u wel. Trots heeft liever dat we eerst nog eens even met die ondernemers gaan praten en de bewoners voordat we de hele boel overhoopgooien. Het lijkt ons niet verstandig. De ondernemers die hebben natuurlijk altijd een andere mening, maar we hebben ook te maken met bewoners. Je ziet het aan de Kloosterstraat. Er zijn ook sommige winkels al weg en woongelegenheid gemaakt, maar laten we de buurt nu eens meenemen in het hele plan voordat we een beslissing nemen. Dus wethouder, we roepen op voor een markt met de ondernemers én de bewoners. De voorzitter: Mijnheer Visser? De heer Visser: Ja, het CDA is ook voor het niet overhoop halen van alles en vandaar dat we ook meegaan in het advies van het college. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Blokpoel, VVD. De heer Blokpoel: Ja, het advies is in deze prima om het op een later moment te doen, en gelukkig stellen we een gebiedsvisies op, dus komen we gelijk aan de woorden van de heer Amand tegemoet. Dat wist het college al dat mijnheer Amand dat ging zeggen natuurlijk. Dat is zo voorspelbaar geworden.
Maar goed, alle gekheid op een stokje, het is natuurlijk goed om de belangen goed af te wegen en daarin niet keihard elkaar in de rechtszaal op te zoeken, maar op den duur die wijzigingen door te voeren. De voorzitter: Dat was het? Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Ja, Hart voor Haarlem volgt ook het voorstel van het college. De hele samenleving is in ieder geval sinds twee jaar van slag door de lockdown en alles staat op … Nou ja, in ieder geval een beetje wachten kan geen kwaad. De voorzitter: Is er dan nog behoefte in de commissie om besloten te gaan? Nee. Dan gaan wij naar wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Nou, ik hoor een duidelijke meerderheid voor optie B, dat was ook de voorkeur van het college om het gefaseerd te doen. We zijn bezig met de gebiedsvisie voor de Transvaalbuurt, daar zit de Cronjéstraat in, dus dan kunnen we dat gelijk als een goede onderlegger meepakken. En ik denk dat we nog even in gesprek gaan hebben met afdeling vergunningen om wat strenger te gaan zijn over die parkeervergunningen. Ik denk dat het goed is dat we dat gaan oppakken, dus dat gaan we doen. De voorzitter: Mevrouw Kok? Mevrouw Kok: Wanneer verwacht u die visie voor de Transvaalbuurt ongeveer? Wethouder Roduner: Nou, of eind dit jaar of begin volgend jaar, denk ik. Ik weet niet precies waar het in de planning zit maar 2022, anders 2023.
Maar goed, dat is een beetje de termijn. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen?
33
De heer Van Leeuwen: Ja, voorzitter. Wethouder, ziet u kans om waar de Huisvestingsverordening nu niet toeziet op regelgeving over het omzetten van een niet woning aan woning omdat de komende periode in de Huisvestingsverordening op te nemen, want dan heeft u er een extra instrument bij en heeft u in elk geval zicht op aantallen woningen et cetera, en een leefbaarheidstoets. Wethouder Roduner: Nou, in dit geval is het volgens mij gewoon volgens bestemming mogelijk, en ik weet niet eens of je dan een vergunning nodig hebt. Nee, je hebt wel een vergunning nodig, maar ik denk niet dat we dan grond hebben vanuit de Huisvestingsverordening om het dan te weigeren. Ik denk dat je wel wat strenger zou kunnen kijken, dus waar we naar gekeken hebben: wat zijn dan de instrumenten? Nou, dat is toch strenger kijken naar de parkeernormering, en het voldoen aan de parkeerplekken, en dan zie je toch al dat een initiatiefnemer … Nou, dat is dan lastig om te realiseren. Dus dat is denk ik een wat breder instrument dan het inzetten van de Huisvestingsverordening. De voorzitter: Mijnheer Krouwels? De heer Krouwels: Ik wilde de wethouder nog vragen in hoeverre deze notitie is meegenomen bij de winkeliers of misschien bij de Bedrijfsinvesteringszone. Dat heb ik niet terug kunnen lezen. Wethouder Roduner: Dat hebben we denk ik niet zo gedaan. Er zitten ook wel tegengestelde belangen in. Maar goed.
Vanuit winkeliers is het natuurlijk belangrijk om een aantrekkelijk winkelgebied te houden en niet dat je daar - die klagen er ook wel eens over - opeens een woning naast je hebt terwijl je gewoon dacht het is een winkel die ook publiek trekt. Dus ik denk dat dat vanuit dat oogpunt goed is. Soms zijn ze ook wel eigenaar van een pand en dan zie je toch dat een eigenaar misschien ook wel een ander belang in heeft. Maar ik denk dat het goed is dat we in die gebiedsvisie gewoon ook uitgebreid in gesprek gaan met de winkeliers hoe zij hun winkelgebied voor zich ziet, wat dat ruimtelijk betekent. Ik denk dat of de Biz dat dat goede aanspreekpunten zijn. De heer Krouwels: Duidelijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Is dit punt hiermee voldoende besproken voor de commissie? Ja. Ik zie knikkende gezichten. Heel mooi. De voorzitter: Dan gaan wij naar agendapunt 11, vaststellen stedenbouwkundig plan Spaarndamseweg 13, het 50 kV-station. Deze ter kennisnamenota is op verzoek van de VVD ge… En die zijn er nog niet. O. We lopen zo voor. Dan gaan we een agendapuntje verder. Misschien wel goed om die insprekers even te vragen of ze misschien wat eerder kunnen. 12. E-mail Nedreim d.d. 5 juli 2021 inzake gemeente wil geen sociale en middeldure huur (FR) 12.1 antwoordbrief gemeente Haarlem d.d. 19 nov, 2021 inzake e-mail Nedreim d.d.
5 juli 2021 De voorzitter: Dan gaan wij naar agendapunt 12, dat is de e-mail Nedreim van 15 juli vorig jaar inzake de gemeente wil geen sociale middeldure huur. Die is op verzoek van de ChristenUnie ter bespreking geagendeerd en daarom geef ik mijnheer Slik als eerste het woord. De heer Slik: Dank u wel, voorzitter. Ja, een kleine chronologische verslaglegging. Het begint dus met de brief van Nedreim. Dat is gewoon één brief, maar het wordt maar groter en groter. Die brief is van 5 juli vorig jaar. Dan op 15 november komt het antwoord van de gemeente: het is een feit dat de ambtelijke capaciteit wordt