01-07 Transcript cie Ontwikkeling
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE RAADSCIE ONTWIKKELING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 7 januari 2021
1.
19.00 uur Opening en mededelingen door voorzitter Dilia Leitner De voorzitter: Welkom bij de vergadering van de commissie Ontwikkeling op 7 januari. Dat is na Driekoningen, betekent dat ik u officieel geen gelukkig nieuwjaar hoef te wensen. Ik doe het toch. Allemaal de beste wensen voor 2021. We zijn iets later gestart vanwege de vergadering en wat problemen met de tijden, maar dat is allemaal opgelost. Ik wil u mededelen dat er een bericht van verhindering is van wethouder Botter, die wordt vanavond vervangen door wethouder Roduner. Digitaal nemen deel mijnheer Slik van de ChristenUnie en mevrouw Kok van OPHaarlem.
2.
Vaststellen van de agenda De voorzitter: Kan ik de agenda vervolgens conform vaststellen, de aangepaste agenda? Het wordt een uitdaging om die te halen vanavond, maar we gaan ons best doen. Ja? Ik zie geen bezwaren. ‘Convenant Waarderpolder’ is dus doorgeschoven in verband met de verkorte vergadertijd. En er ligt een verzoek van de ChristenUnie om vertrouwelijk, geheim te spreken. Is dat nog actueel, mijnheer Visser? De heer F. Visser: O, dan zal ik het even doen. Nee, we gaan het op een cryptische manier in het openbare deel doen. De voorzitter: Oké, dank u wel.
3.
Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan, agendapunt 3, ‘Mededelingen commissieleden en wethouder(s)’. Ik weet dat er een mededeling is van mijnheer Roduner, maar dat doet hij als hij hier is. Dan mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. Waarde commissieleden, ik zou u graag uitnodigen voor een technische sessie over anderhalve week op 18 januari. Ik heb samen met mevrouw Oosterbroek voorbereid, omdat wij merken dat we beide rommelen met hoe we nou duurzaamheid in het woningbouwprogramma verweven. Dus we hebben een inspiratiesessie en die gaat met name over houtbouw. Dat is een thema wat ook binnen de MRA en daarbuiten veelvuldig op tafel komt en waar ook doelstellingen bij afgesproken zijn, dus wij nemen u graag op 18 januari, dat is een maandag, vanaf half zeven tot half acht daarin mee en hebben daar dan ook deskundigen die u daar wat meer over gaan vertellen. Dus ik hoop op uw aanwezigheid. De voorzitter: Hartstikke mooi, dank u wel. Dan de agenda van de komende ver… De heer Klaver: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Klaver, CDA. De heer Klaver: Ik wil nog even de lijn van de vorige keer – ik zal het niet iedere vergadering doen – maar de vorige keer is eigenlijk wel goed bevallen en na de kritische bijeenkomst die we net hebben gehad denk ik ook dat het tijd is voor even weer wat positief geluid.
Want bij de stukken ter kennisname zitten toch wel een aantal hele mooie dingen en die wil ik graag even benoemen. Het is goed dat het college heeft afgezien van de
1
koop van het Beresteyn-complex. Het is mooi dat het project Aziëweg is vlot getrokken waarmee de ontwikkeling van 142 koopwoningen met ondergronds parkeren verder gaat. De voorzitter: Hoelang duurt dit, mijnheer Klaver? De heer Klaver: Dit duurt niet lang. We zijn ook blij met het ontwerp omgevingsvergunning voor de herontwikkeling van het Fluor-terrein tot 304 woningen. En tenslotte is het mooi om te zien dat de herontwikkeling van het Spaarne Gasthuis ook weer een stap verder is. Heeft u het plaatje gezien van het Spaarne Gasthuis, het berglandschap met de rotsen en de valleien? Prachtig. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nee, nee nee nee. Maar wilt u dit … Ik vind het hartstikke leuk, maar wilt u dit voortaan in uw termijn doen bij een agendapunt? De heer Klaver: Dit zijn allemaal stukken ter kennisname. De voorzitter: Ja, nou ja, ergens. De heer Wiedemeijer: Mevrouw Leitner? De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Ik wil wel agenderen – om even een jubelstemming een eind te maken – aan die overschrijding van bijna een half miljoen bij het Dolhuys, dat wij dat op de agenda zetten. De voorzitter: Even kijken, welk nummer heeft dat? Mevrouw Van Zetten: 3.2. De voorzitter: 3.2. Is daar steun voor in de commissie? De heer Aynan: Voorzitter, dat komt per definitie naar de commissie, dat is al toegezegd. De voorzitter: Dolhuys, uiteraard.
Mevrouw Van Zetten: Ja, oké. De voorzitter: Anderen nog? De heer Klaver: Voorzitter, hierover nog even. De voorzitter: Mijnheer Klaver. De heer Klaver: Het zou namelijk in januari komen en we zitten nu in januari, dus mijn vraag is eigenlijk: wanneer gaat het komen? De voorzitter: Gaan we naar kijken, komen we op terug. O, daar gaat mevrouw Meijs, die weet dat altijd. We kijken dat even na. Mijnheer Wiedemeijer, PvdA. De heer Aynan: Voorzitter, sorry, mag ik in dat kader nog een opmerking maken?
2
De voorzitter: Ja, mijnheer Aynan. De heer Aynan: Want over wanneer het naar de commissie komt, ik zou dit onderwerp graag expliciet met de heer Botter willen bespreken. De voorzitter: Ja, dat hebben we even niet in de hand. Mevrouw Van Zetten: En als hij niet terugkomt, wat dan? De heer Aynan: Ja, dan wachten we tot hij terugkomt. De voorzitter: Uw wens is duidelijk. Mijnheer Wiedemeijer, PvdA. De heer Wiedemeijer: Voorzitter, mijn collega Klaver was me er zo vriendelijk op om te attenderen dat er een motie bij zat die door de PvdA was ingediend en ook door het CDA was gesteund, dus dank voor mijn collega. Dat gaat om motie 24.3. De Oostpoort moet natuurlijk recreatief duurzaam te gebruiken groen, dat staat bij 2.2. Hoort u mij goed? De voorzitter: Niet zo heel duidelijk eigenlijk. De heer Wiedemeijer: De heer Blokpoel hoort mij wel goed, dus dat is belangrijk. De voorzitter: Ja, maar kunt u het nog heel even herhalen, en dan hard? De heer Wiedemeijer: Het gaat om motie 24.3 bij agendapunt 2.2. Het college stelt voor deze motie af te doen. Het raadslid Wiedemeijer van de PvdA stelt voor om de motie niet af te doen en af te handelen wanneer de verdere uitwerking van ontwikkelzone Oostpoort wordt aangeboden, specifiek de grondexploitatie, die volgens mij in maand drie op de agenda staat.
Moet ik dat ook nog argumenteren? De voorzitter: Nee, hoor, volgens mij is dat voldoende zo. Volgende, mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Dank u wel, voorzitter. Het is een beetje een combinatie van wat de heer Klaver net zei, ik ga dat toch doen. Ik wil de wethouder bedanken voor de uitvoerige behandeling die zij heeft gedaan van de artikel 38-vragen die wij hebben gesteld voor de splitsing van woningen. We realiseren ons dat dat veel werk gekost heeft, ook om de vraag te stellen. Ik stel voor het niet te agenderen. Ik zou het wel willen bespreken, maar ik neem aan dat u het proactief meeneemt, agendeert als u met de vervolgvragen met de antwoorden naar ons komt. Kan ik dat aannemen? Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Meijs knikt ja. Ik moet even terug naar mijnheer Wiedemeijer. 2.2, motie 24.3, Oostpoort. Is de commissie het ermee eens dat dat als niet-afgedaan beschouwd wordt? Handen. Geen opmerkingen, maar handen. Daar is de commissie mee … Mevrouw Van Zetten: Wat? Niet afgedaan, wat? De voorzitter: Is dit een meerderheid? Ja, ik vind het een beetje … Ja, oké, goed. Niet-afgedaan, bij deze. Zijn er nog meer punten? Nee?
3
4.
Agenda komende vergadering(en), Jaarplanning en Actielijst De voorzitter: Zijn er nog op de jaarplanning of actielijst nog zaken die de commissie wil bespreken? Nee? Mevrouw Van Zetten, wilt u de microfoon uitzetten? Mevrouw Van Zetten: O, sorry. De voorzitter: Dank u wel.
5.
Transcript commissie d.d. 3 december 2020 (alleen naar aanleiding van) De voorzitter: Dan, naar agendapunt 5, ‘Transcript van de vergadering van 3 december’, opmerkingen naar aanleiding van. Niemand? Mooi. Dan hebben we voor de volgende vergadering, die is op 4 februari, ontvangen de ‘Weigering verklaring geen bedenkingen in verband met de weigering omgevingsvergunning voor de realisatie van vier woningen aan de Zuid Schakwijkerweg’ en ter bespreking hebben we ontvangen dus het ‘Convenant Waarderpolder’, dat is doorgeschoven. Dan zou ik normaal gesproken nu aankomen bij het ter kennisname agenderen van stukken, maar dat hebben we zojuist al gedaan. Dat gaat lekker vlot.
Overige punten ter bespreking 6.
19.10 uur Vaststellen concept-woonvisie met uitvoeringsagenda 2021-2025 “Samen doorbouwen aan een (t)huis” en vrijgeven voor inspraak (MTM) De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 6, het eerste bespreekpunt van vanavond, het ‘Vaststellen van de concept-woonvisie met de uitvoeringsagenda 2021-2025 “Samen doorbouwen aan een (t)huis” en vrijgegeven voor inspraak’. Op basis van de woonvisie en de uitvoeringsagenda worden afspraken gemaakt met partijen, kaders aan initiatiefnemers meegegeven en worden ondersteunende activiteiten ontwikkeld. Het beoogde resultaat is om meer, betaalbaarder en energiezuiniger woningaanbod te realiseren voor verschillende woningzoekenden, samen met de betrokken partners. Met het vrijgegeven voor de inspraak krijgen betrokken partijen de mogelijkheid om hun visie op deze voornemens te geven. De commissie Ontwikkeling wordt gevraagd deze woonvisie inhoudelijk te bespreken, in vervolg op bespreking van de startnotitie in augustus, en de bespreking hiervan loopt dus gelijk met de inspraakperiode en ook uw input zal daarin worden meegenomen als de definitieve woonvisie die wordt voorgelegd aan de raad. Daarvoor heeft zich één inspreker gemeld. Ja, mijnheer Pos. Een welbekende, dus ik hoef u niets uit te leggen. U heeft drie minuten, gaat uw gang.
De heer Pos: Geachte voorzitter en gewaardeerde leden van de commissie Ontwikkeling, allereerst wens ik u een sprankelend 2021. Het college heeft de concept-woonvisie 2025 opgesteld en ter inzage gelegd. U bespreekt dit document vanavond inhoudelijk. Het collegebesluit roept op pagina 7 actieve burgers op hun mening te geven. Bij deze in een drieminutenpitch. Jammer genoeg zijn wijkraden geen stakeholders en worden ook maar nergens genoemd in het document. Het WBO en actieve wijkraden in Noord zullen een splijtende zienswijze indienen. En als de zienswijzenota onvoldoende de aangedragen punten behandelt, worden we verwezen naar de Raad van State. Dat doet dan in de loop van 2022, na de gemeentelijke verkiezingen, een uitspraak. De coalitie zit nu zeven jaar aan het roer van besluitvorming. De woonvisie en het uitvoeringsbesluit leunen op een document uit 2017. Voor de lezer is de woonvisie een duur en wollig document van een college dat Trumpiaans aandoet: net voor het verstrijken van de houdbaarheid pogen te scoren. Maar hoe leg je de kiezer uit dat je je aan het coalitieakkoord houdt en 10.000 woningen bouwt tot
4
2025, als dit document laat doorschemeren dat het er hooguit 10.800 zijn tot 2030? En dan maar hopen dat de ontwikkelaars zich willen houden aan de niet-oplegbare afspraken van 40/40/20-sectorverhoudingen. Vraag het college de schrijvers tabel 1 nader te laten duiden en de volgende niet-benoemde grafiek eveneens. Hoe ga je van 700 woningen per jaar zonder sectorverhoudingen naar 3200 tot 4000 sociaal in 2030, en dus duidelijk niet in 2025? Pagina 10 heeft het over een versnelling waarover uw commissie een besluit vaststelde. Lees de tekst duidelijk en er staat dat er maximaal 7800 woningen bij komen als alles meezit. Dat heeft de gemeente niet in de hand, dus wees reëel en halveer die droomwens. Haal teksten als “we brengen realisme aan in de planning en continueren samenwerking” weg en durf de woningzoekende kiezer de waarheid te vertellen. Onbegrijpelijk dat tabel 2 op pagina 21 in het document staat. Ik vraag u daar goed naar te kijken en de wethouder de tabel te laten uitleggen. Ook figuur 2 op pagina 44 deugt niet. Kijkt u daar nog eens goed naar. En ook naar pagina 56, waar het gaat over de mobiliteit. De spelregels in bijlage 3, mooie woorden en wishful thinking. De begrijpend lezer maakt terecht de opmerking dat 40/40/20 slechts wensdromen zijn. In Noord zien we ontspruitende plannen en constateren dat de ontwikkelaar regeert.
Dank u voor de geboden inspreektijd, ik hoop dat ik weer op tijd ben. Ik sta open voor uw vragen. De voorzitter: Ja? Dank u wel voor uw bijdrage. Zijn er vragen? Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. En mijnheer Pos, dank voor het inspreken, en ik wens u uiteraard ook een net zo sprankelend 2021. U geeft aan in uw bijdrage dat u zegt: wij weten de weg naar de Raad van State te vinden. Nou, daar ben ik van overtuigd, want u bent daar vaker geweest de afgelopen jaren. Maar wat staat er nou in dit document wat u op het oog heeft om aanvechtbaar te maken in de Raad van State? De heer Pos: De punten waar we het over hebben is de informatie die moet leiden tot deze visie. Die informatie staat dan in tabellen en in grafieken en al die figuurtjes. Als die niet kloppen, als dat … En de voorbeelden heb ik allemaal opgestuurd naar jullie, dus jullie kunnen zien dat het niet klopt. Ik hoor graag van u dat u zegt: u heeft gelijk, die tabel klopt niet. Als je op basis van verkeerde informatie komt tot een visie, dan deugt dat niet. Als je dan ook nog eens een keer, wat ik aangaf, het hebt over: jullie stellen vast 10.000 voor 2025. Maar als je goed leest, dan zegt dit document: we zitten in een hele andere tijdslijn, we halen dat helemaal niet, 10.000 tot ’25.
Oké, stel dat vast: 10.000 onmogelijk, we hadden eerst 7500 vastgesteld, dat hebben we versneld naar 10.000, maar we moeten met zijn allen constateren dat we dat niet gaan halen. Dat is niet erg. Corona, er zijn altijd redenen waarom je iets niet doet. We hoorden de burgemeester ook: er zijn altijd redenen om iets niet te kunnen. Helemaal niet erg, maar geef dat toe en kom dan tot een visie. De voorzitter: Dank u wel, uw punt is helder. Mijnheer De Groot. De heer De Groot: Ja, en hele korte reactie. Ik zou wel graag de angel uit uw betoog willen halen en volmondig toe willen geven dat er een aantal fouten in deze visie gekropen zijn en u heeft ons daarop attent gemaakt. Maar de rode lijn van deze visie lijkt mij voor zowel het college als onze commissieleden volstrekt helder. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Andere vragen nog vanuit de commissie? Nee, dan was uw verhaal zeer helder. Dank u wel namens de gehele commissie voor uw komst vanavond en het delen van uw verhaal met ons. Ik wil u verzoeken langs deze kant … Maar dat heeft u ook al eerder gedaan, hè? Toch? Nee, … Mevrouw …: … blijven zitten tijdens de behandeling, dat is misschien handiger. Dan kan hij luisteren. De heer Pos: Ik ga zo, en dan draai ik hier omheen?
5
Mevrouw …: Ja, graag. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik als eerste het woord geven? Dan moet ik niet … Ik heb ook nog achter de knop mevrouw Kok, begrijp ik, en mijnheer Slik. Gaan we die even eerst doen, met uw welnemen. Mevrouw Kok, OPHaarlem. Mevrouw Kok: Dank u wel, voorzitter. Ik hoop dat bij mij het geluid goed is en dat ik goed te verstaan ben. De voorzitter: Ja, hoor. Mevrouw Kok: O, fijn. We hadden een paar punten over de woonvisie. Op pagina 3 van het collegebesluit staat dat de woningvoorraad tussen 2016 tot en met 2019 met 2800 woningen gestegen is. Wij willen daarbij wel opmerken dat dit veel woningen zijn die gerealiseerd zijn door woningsplitsing, maar daar heeft mijnheer Van Leeuwen al iets over gezegd. Op pagina 3 staat ook: “Op basis van de uitgangspunten van het woningbouwprogramma zou hiervan 3200 tot 4000 in de groei van de voorraad sociale woningen terecht moeten komen.” Wat hebben de corporaties als grootste leverancier van sociale huurwoningen toegezegd? Wij horen graag van de wethouder de laatste stand van zaken over de aantallen. Dan nog een vraag van de heer Smit. Kan spelregel 10 van de concept-woonvisie op pagina 68 lijken op opkoopbescherming? Dan, over ouderenhuisvesting, belangrijk voor onze partij.
De prognose extramurale ouderenhuisvesting Haarlem, factsheet wonen met zorg, gaat onzes inziens toch weer uit van de gedachte van seniorenwoningen, terwijl wij al vaak benadrukken dat we zijn voor levensbestendige woningen. Dan de conclusie van de ANBO op pagina 4. Hier zijn wij het toch niet helemaal mee eens, want ANBO trekt de conclusie: de oplossing is om nieuwe woonconcepten voor ouderen te bouwen met geschikte woningen bij voorzieningen. Terwijl wij juist altijd noemen: Haarlem ambieert een fijnmazig netwerk van buurtwinkels en buurtwinkelstraten in stand te houden. De ambitie van geconcentreerde bouw voor ouderen is een woonvorm die door een fors deel van de ouderen niet geapprecieerd wordt. Het ademt ook weer niks van levensloopbestendigheid uit. Dan nog een interessante opmerking op pagina 4. Volgens de WiMRA 2019 woont 12 procent van de 65-plussers in een woning die niet geschikt is om oud in te worden. Maar dit betekent dat 88 procent van de senioren woont in een woning die wel geschikt is om oud in te worden. Dus, hoe maak je van een klein probleem een groot probleem? 88 procent is best een prima percentage, vinden wij. De meeste ouderen krijg je nu niet in de laatste fase uit de eigen woning. Laat de senioren maar zitten, bouw levensloopbestendig voor alle leeftijdscategorieën, en als de woning van de senior vrijkomt, dan kan de jeugd meteen doorschuiven.
Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan mijnheer … Was dat een interruptie, mijnheer Wiedemeijer? De heer Wiedemeijer: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Termijn of interruptie? Nee, dan doen we eerst mijnheer Slik, ChristenUnie. De heer Slik: Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dan kan ik hem ook niet meer vergeten. De heer Slik: Ja, ik ben te verstaan? De voorzitter: Ja. Nog niet in beeld, maar dat komt.
6
De heer Slik: Mooi zo, dank u. Nou, de ChristenUnie heeft lichte complimenten voor de wethouder op twee punten. De ouderenhuisvesting en om te beginnen met de woonwagens en de behoefte aan locaties, plekken daarvoor. Wat ons betreft mag de ambitie wel wat explicieter gemaakt worden, want er staan maar een paar regeltjes in de woonvisie over woonwagens, maar er is gelukkig al wat meer te melden. We zijn blij dat het over twee vergaderingen op de agenda staat en we zullen de wethouder er graag aan houden dat het ook in maart op de agenda komt, want we hebben vernomen dat er een conceptactieplan is. Ik zou graag van de wethouder willen weten wat ze daarover zou kunnen zeggen. Het kan allemaal wel wat explicieter en wat smarter en wat ambitieuzer, maar ja, het gaat de goede kant op wat dat betreft. Dan het punt seniorenhuisvesting. We hebben eerst gekeken naar dat RIGO-stuk dat een van de belangrijkste grondleggers vormt voor die woonvisie. Daar staat een heel klein stukje over de kip en het ei. Wordt niet in de juiste behoeftes voorzien, dan zal de huishoudensprognose niet uitkomen. En dat is een beetje, als we dan vervolgens naar de woonvisie kijken: waar kiest het college dan voor? Dan kiest de wethouder voor: dan zijn we daar nog niet helemaal uit.
Dus graag ook wat meer duidelijkheid in de zin van: gaan we nou een tweesporenbeleid voeren voor én eengezinswoningen, én seniorenwoningen? Want eengezinswoningen, daar is blijkbaar de grootste vraag naar, maar niet iedereen kan een huisje met een tuintje hebben. Maar wij zien toch als ChristenUnie vooral heel veel in de doorstroming. Ja, maar het probleem bij doorstroming is weer dat je een soort chronologische mismatch hebt van senioren met een koopwoning, die willen niet weg, of die willen hun huis aanpassen, maar op het moment dat ze weg moeten is het alweer te laat. Dus de ChristenUnie ziet daar nog wel kansen. En vooral: stimuleer de inschrijving van senioren, stimuleer de huisvesting die, net zoals de OPH zegt, levensloopbestendig is voor iedereen, zodat er geen chronologische mismatch is tussen vraag en aanbod voor die senioren. Even kijken. Ja, dat zijn de punten voor zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Wiedemeijer, PvdA. De heer Wiedemeijer: Dank u wel, voorzitter. Ik ga met positieve dingen beginnen en daarna begin ik nog met veel dingen die anders zijn. Het tweede is aanmerkelijk meer, dat lijkt daarmee het eerste te overstijgen, maar onderaan de streep is de Partij van de Arbeid positief. We willen de ambtenaren danken voor het werk wat erin is gestopt.
We zijn ook in het bijzonder erkentelijk voor de manier waarop het initiatiefvoorstel wat vrij recentelijk door de raad is aangenomen over de ouderenhuisvesting, hoe dat hier al in naar voren komt. Dat vinden wij knap dat dat nu al hierin zichtbaar is. Voor 99 procent is de woonvisie een herbevestiging van reeds gemaakte afspraken, daarom in deze vorm zullen wij daarmee kunnen instemmen, want dat zijn eenmaal de afspraken zoals we die aan het begin van deze periode hebben gemaakt. Dan begin ik aan mijn wensenlijstje. Sinterklaas en kerst is al geweest, maar misschien dat het daar enigszins op zal lijken. Het eerste punt, bij de beschikbaarheid. Wij zijn wat verbaasd over de aantallen. Die lijken in eerste instantie wat laag aan te voelen. Omdat er tot 2025 is afgesproken om 10.000 woningen toe te voegen, is het wat apart om te lezen dat de netto toevoeging tot 2030 8000 tot 10.000 woningen beslaat. Wij horen graag een toelichting van het college hoe deze getallen tot stand zijn gekomen en hoe die chronologisch eruitziet. Wij kunnen ons goed voorstellen dat na de inspraak en toelichting erop wij van plan zijn om die aantallen op te hogen om de ambitie te bewerkstelligen die nodig is om de woningnood op te lossen. Ik zie dat het al tot de eerste interruptie leidt. De voorzitter: Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Dank u, voorzitter.
Toch een korte vraag daar inderdaad over, want ik heb natuurlijk net als u hetzelfde stuk gelezen en ik zou eerder neigen naar een afvlakking van de aantallen die nu genoemd worden. Om dat even concreet te maken, volgens mij hebben wij dat compromis in het coalitieakkoord van 10.000 woningen, hebben we er grofweg 3500 gerealiseerd, inclusief 2020, dus zijn er nog 6500 te gaan. In
7
deze visie lezen we: meer dan 10.000 nog te gaan. Dus wat mij betreft staan deze aantallen eerder wat hoog in de visie dan wat laag. Hoe ziet u dat? De heer Wiedemeijer: Dank u, voorzitter. Het is in ieder geval duidelijk dat de cijfers tot verschillende interpretaties leiden, dus alleen dat al lijkt mij een goede reden om toelichting. Daarnaast, ja, u heeft het over aantallen, en dat had ik ook, die tot 2025 zijn afgesproken. Ja, het kan toch niet zo zijn dat we daarna zeggen: joh, van 2025 tot 2030 gaan we even met zijn allen elke dag op onze billen zitten en gaat er verder niet zoveel meer gebeuren. Kijk, je kunt het met elkaar oneens zijn wat er in die periode moet gebeuren, maar het lijkt me in ieder geval goed dat we een ambitie neerleggen wat er in die periode moet gebeuren, want ook over een paar jaar is de huidige woningnood gewoon niet opgelost, dat weten we allemaal. Dus daarom zeg ik ook nu niet: ik wil dat het precies dit of dit aantal moet zijn. Maar het lijkt me goed om daar toelichting op te krijgen en dan daarnaast lijkt het mij simpelweg aan de lage kant. De voorzitter: Interruptie van mijnheer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. Ik ben blij dat mijnheer Wiedemeijer ook kritisch gelezen heeft. Als we kijken naar de aantallen die in het coalitieakkoord zijn opgenomen is dat inderdaad 10.000 woningen tot 2025.
Daar staat op pagina 9 heel helder wat er nog gerealiseerd dient te worden, namelijk 7200. Dat is toch echt een stuk minder dan de afgesproken 10.000. Mijnheer Wiedemeijer, wat vindt u daarvan? Want het is wel echt heel concreet. U heeft een gevoel, maar het is hier heel hard. De heer Wiedemeijer: Ik vrees dat de heer De Groot daarin gelijk heeft. Die 10.000 was altijd vanaf een bepaalde periode gerekend. Daarnaast is er ook aanvullend afgesproken om 10.000 woningen in de ontwikkelzones te ontwikkelen. Die 10.000 woningen, daarvan zal ook een gedeelte na 2025 worden opgeleverd. Sterker nog, een gedeelte daarvan zal zelfs na 2030 worden opgeleverd. Maar wat ik ervan vind, ja, ik spreek liever hogere aantallen af. Wij hadden in ons verkiezingsprogramma ook hogere aantallen, dus wij zijn altijd te porren voor hogere aantallen, daarom stemmen wij ook altijd voor alle nieuwbouwprojecten. De heer Aynan: Ja, voorzitter, … De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Toch even verhelderend, want ik heb het echt over de 10.000 uit het coalitieakkoord. En inderdaad, het coalitieakkoord rekent vanaf 2016. Ik raad u aan om pagina 9 te lezen, kopje ‘De bouwambitie tot 2030’. Daar is eigenlijk sprake van halvering van de ambitie uit het coalitieakkoord.
De heer Wiedemeijer: Ik hoorde geen vraag, maar ook hier constateer ik dat er verschillende uitleg over de aantallen is, dus dat lijkt me goed om daar een toelichting op te ontvangen. Zoals u weet kunt u ons altijd aan uw zijde vinden als er aantallen moeten worden opgehoogd – al denk ik dat de realiteit meer is dat u hopelijk aan mijn zijde gaat bewegen, maar dat geheel terzijde. Dan ga ik verder naar het volgende punt, … De heer Aynan: Nou, … De voorzitter: Mijnheer Aynan, is het niet helder inmiddels? Of heeft u nog een aanvul… De heer Aynan: Na gisteren ben ik wat toegeeflijker geworden. De voorzitter: Ja. Mijnheer Visser, CDA, interruptie.
8
De heer J. Visser: Dank u wel. Ook over de aantallen. Mijnheer Pos maakte de opmerking dat het al moeilijk is om de ambities te halen en om die 8000 tot 10.000 woningen in 2030 te halen moet de stad wel alles uit de kast trekken, bijvoorbeeld wat onlangs besloten is, de versnelling woningbouw. Is het ook niet belangrijk dat we realistische doelen stellen, in plaats van te hoge aantallen? Anders kunnen we misschien wel 15.000 of 20.000 opschrijven, maar als dat niet haalbaar is, dan is dat toch lastig. De voorzitter: Mijnheer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ik kan de heer Visser mededelen dat ik uiteraard voor realistische ambities ben, maar het is ook belangrijk om ambitie te hebben, dus laten we realistische ambities neerleggen. Daar ben ik het helemaal mee eens. Dan ga ik verder naar het volgende punt, dat gaat namelijk ook over de beschikbaarheid. Wat de PvdA graag ziet – en daar kunnen we het natuurlijk ook weer helemaal gaan hebben over wat precies dat aantal zou moeten zijn – maar wij vinden dat je expliciet zou maken, het is ook een langetermijnvisie, hoelang die wachttijd in 2025 – mag ook 2030 zijn, ik sta helemaal open voor meningsverschillen daarin – maar dat we gaan benoemen wat wij als samenleving een acceptabele wachttijd vinden voor een sociale huurwoning. Die is nu bijna negen jaar.
Wij vinden dat eigenlijk als je zoveel gaat bouwen, dat die op de lange termijn terug zou moeten naar vijf jaar en dan nog verder zou moeten teruglopen. Dit is ook wat er een aantal jaar geleden was, dus als iemand mij nu zegt: nou, dat kan allemaal niet. Nou, dan denk ik dat wat ik noem een realistische ambitie is, om daar nog maar even op terug te vallen. Wij hebben ook nog een vraag. Er kwamen ook toevallig bij andere collega’s ook vragen voorbij over leegstand. In het verleden is er geloof ik ook wel eens gesproken over een leegstandboete. Ik ben benieuwd hoe het college daarin denkt, want toch zijn leegstaande woningen in deze tijd … Je hebt ook frictieleegstand, maar echt langdurige leegstand, hoe zou je dat daarmee kunnen aanpakken? Dan ga ik over naar betaalbaarheid, een enorm belangrijk thema. Wat wij graag zouden willen, dat is op dit moment niet mogelijk, dat gesprek hebben we ook bij de prestatieafspraken gehad, dat als de verhuurderheffing wordt afgeschaft – nou ja, ik hoop dat de kiezer daarvoor kiest 17 maart aanstaande. Vooralsnog lijkt het erop dat de collega’s achter mij het wat beter gezind gaat, maar goed, dat kan nog alle kanten op.
Wij zouden graag willen invoegen de volgende tekst: “Wanneer het Rijk de verhuurderheffing heeft afgeschaft, maken we met huurders, organisaties en woningcorporaties aanvullende afspraken om de betaalbaarheid in de sociale huursector te verbeteren.” Graag vroegen wij daar ook aan toe het Woonlastenakkoord waar het college eerder ook al positief op heeft gereageerd. Dat zien wij graag alsnog dan uitgewerkt. Een volgende punt over de betaalbaarheid. We hebben tot dusver afspraken gemaakt over de nieuwbouw van de sociale huur, dat 70 procent hiervan een aanvangshuur heeft van onder de aftoppingsgrens. Wij zouden hier graag een categorie aan willen toevoegen, namelijk een gedeelte wat maximaal de kwaliteitskortingsgrens heeft. Dat is ongeveer 450 euro per maand. Die woningen, die nieuwbouwwoningen kunnen dan worden toegewezen aan groepen met specifiek een laag inkomen, omdat voor hun die aftoppingsgrens niet haalbaar is. Daarom zouden wij graag in de nieuwbouw sociale huur een kwart daarvan onder de kwaliteitskortingsgrens aanbieden. Die groepen komen anders nu simpelweg niet rond. Wij zouden … Nee, ik zie dat … De voorzitter: Interruptie, mijnheer Visser. De heer J.
Visser: Nou, ik denk dat mijnheer Wiedemeijer hier meer verstand van heeft dan ik, maar is het dan zo dat op dit moment er te weinig woningen worden gebouwd onder de kwaliteitskortingsgrens? Met andere woorden, de woningcorporaties zien die behoefte niet en bouwen niet voor die groep? De heer Wiedemeijer: Ten eerste is het probleem … Ik geef gelijk toe, er is hier wel echt een extreme vorm van beroepsdeformatie, maar goed, los daarvan. Het is inderdaad zo dat nieuwbouw is dermate duur dat het heel
9
lastig is om nieuwe sociale huurwoningen op een lage huur aan te bieden. Dat is eigenlijk bij de aftoppingsgrens, wat zo’n 200 euro hoger ligt, al niet rendabel. Dus als je dat nog lager vraagt, dan leveren zij eigenlijk simpelweg nog meer rendement in. Maar het probleem wat dat oplevert is dat de echt goedkope sociale huurwoningen, dat zijn eigenlijk vooral oude woningen, slecht onderhouden woningen en dan krijg je natuurlijk ook dat lage inkomensgroepen zich gaan concentreren in die buurten waar geen nieuwbouw is. Dus daarom wil je ook in het kader van die gemengde buurten dat daar ook plek voor is in die nieuwbouw. Dus dat is eigenlijk het probleem wat je daarmee wil adresseren en ook wil oplossen. Ik hoop dat dat … De voorzitter: Nog een interruptie van mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Even heel kort. Ik ben het met de heer Wiedemeijer eens dat het bijna onmogelijk is om een goedkope woning te bouwen op een duur stuk grond. Alleen, de vraag is: waarom moeten die daar dan ook gebouwd worden? Is het niet slimmer om te kijken naar een goedkopere plek om woningen te bouwen? De heer Wiedemeijer: Nou ja, kijk, waar je natuurlijk naar kunt kijken, we krijgen natuurlijk nog ook een aanbesteding op de eigen grond in de Oostpoort. Ja, dan kun je natuurlijk gewoon kiezen om een afslag te nemen op je eigen grondexploitatie om op die woningwaarde de grond aan te bieden.
Dus daar kun je zelf voor kiezen. Een groot gedeelte wordt in Schalkwijk aangeboden en in Haarlem-Oost, dus die plekken, daar kun je natuurlijk ook voor kiezen dat als je daar die sociale huur bouwt, dat je ook in dat segment daarnaar kijkt. Nou ja, zoals u weet zijn wij voor een ongedeelde stad, dus dat betekent dat je niet alle goedkope woningen in de goedkope buurten gaat concentreren. Dus die visie kan ik helaas ook niet met u delen. Dan ga ik verder naar het volgende punt. De voorzitter: Ja, rond u uw betoog graag af. De heer Wiedemeijer: Nou, dan moet ik u nog wel een beetje teleurstellen. De opkoopbescherming. Wij zouden graag willen dat … Er staat nu: we overwegen een opkoopbescherming. Daar zou ik graag van maken: we voeren het in als het Rijk het wettelijk mogelijk heeft gemaakt. Een ander punt is, er zijn nu allerlei bovenwettelijke duurzaamheidsmaatregelen ingevoerd. Dat vinden wij niet zo’n goed idee, omdat dat zeer negatieve invloed heeft op de haalbaarheid van nieuwbouw en amper CO2-reductie oplevert. Dus wij zien die fase graag geschrapt. Hier zien wij graag ook toegevoegd dat als de verhuurderheffing is afgeschaft, dat er aanvullende verduurzaming wordt gerealiseerd. Dan ga ik verder naar het volgende punt, de gezamenlijke lobby. Hier zien wij graag wederom toegevoegd dat er een gezamenlijke lobby komt om de verhuurderheffing af te schaffen.
Ik geloof … De voorzitter: Ja, ik zit even … U heeft nog een interruptie en u heeft nog minder dan een minuut, dus om uw betoog af te ronden en de interruptie te beantwoorden. Ja, hij is wel vrij lang aan het woord en we zijn later begonnen. Mijnheer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Dank u, voorzitter. Ik kon u eigenlijk op best wel wat punten volgen. U laat uw rode hart spreken. Ja, ik vond het juist zo mooi dat de PvdA afgelopen tijd ook uw groene hart wat liet spreken, en nu gooit u dat toch mooi overboord. Bent u het daarmee eens, waarom? De heer Wiedemeijer: Ik denk juist dat we veel meer CO2-reductie kunnen realiseren als we ons richten op de bestaande voorraad. Maar ik had al een interruptie verwacht. Ik stel voor dat we dat even na de inspraak verder uitdiepen, maar ik denk niet dat ik dan van mening verander, maar dan kan ik in ieder geval verder naar mijn volgende punten. Er staat nu: sociale huur neemt toe in het westelijk deel van de stad. Op die manier,
10
hoe het er staat, betekent eigenlijk dat je zegt: er komen geen nieuwe sociale huurwoningen bij in Oost, terwijl die er wel komen. Dus ik zou nog even graag naar die tekst kijken. Het volgende punt, het huurderssteunpunt. Daar staat: we behouden het wijksteunpunt als dit nodig is. Dat zien wij graag veranderd: we behouden het wijksteunpunt en breiden dit uit naar andere delen van de stad wanneer hiervoor financiële ruimte beschikbaar is. Dan het laatste punt – ik heb nog tien seconden: vakantieverhuur. Dat zien wij graag in het centrum volledig verboden worden. Daarmee sluit ik af. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Aynan, Jouw Haarlem. De heer Aynan: Voorzitter, dank u wel. Hoeveel tijd heb ik? Ja, er zijn nog andere onderwerpen, ik zal het ook kort houden, ook omdat het een concept is. Voorzitter, ik hoop dat, juist omdat het een concept is, dat het daarom een beetje vaag is. Ik heb me echt geïrriteerd aan het woord onderzoek. Juist in de uitvoeringsagenda verwacht ik hele concrete punten, dus voorzitter, graag een reactie van de wethouder daarop. Gaat u het nou concreter maken, of is het: onderzoeken dit, en we kijken naar dat? Dat eventjes algemeen. Overigens dank, hartelijk dank voor de snelle reactie op onze technische vragen. We hebben er echt tientallen gesteld, en dat was ook nodig. Een aantal reacties, kort.
Voorzitter, we hebben ons echt verbaasd over de ambitie. Het coalitieakkoord lijkt hier losgelaten te worden. 10.000 woningen was de ambitie en de belofte, de afspraak ook met het CDA. Tot 2025, vanaf 2016. En wat lezen we op pagina 16, bovenaan: “We willen …” – daar heb je het weer – “We willen mogelijk maken om gemiddeld 1000 woningen per jaar toe te voegen.” We willen dat, 1000 woningen. Voorzitter, een ambitie van 10.000 woningen tot 2025 betekent 1800 woningen per jaar. Is dit een vergissing, of wordt het coalitieakkoord losgelaten? Dat is één. Dan willen we … Overigens kan ik me grotendeels bij het pleidooi van de PvdA aansluiten. Twee dingen nog. We zien dat jongeren heel erg moeilijk aan een woning komen, juist vanwege het niet kunnen opbouwen van wachttijd, want daarvoor zijn het jongeren. Wat vindt u van een contingent jongerenwoningen toewijzen via loting – dat wordt ook in andere steden gedaan – en de grenzen, die leeftijdslabels, om die wat korter te maken? Dus dat je zegt: van 18 tot 20, 20-23, 23-25 et cetera. Want dan komen sommige groepen dan eerder aan de beurt. En dan, voorzitter, … De voorzitter: Interruptie mijnheer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Ja, sorry, ik had even tijd nodig, want ik dacht: ik pak even mijn rekenmachine erbij, even kijken wat het sommetje wat u maakt, hoe die maakte.
Als we toch even lekker over cijfers nog doorpraten, waarom ook niet. Volgens mij, de afspraak is: vanaf 2016 geteld tot en met eind 2025, 10.000 woningen erbij. Correct? De heer Aynan: Tot 2025. De heer Drost: Ja, precies. We hebben er al 2800 gerealiseerd. De heer Aynan: Correct. De heer Drost: Dan zijn er nog 7200. Nou, u ziet ook in dat plaatje op pagina 9 hoeveel er nog moeten en dat is volgens mij gewoon conform het coalitieprogramma. Dus ik snap even niet uw sommetje met 1800 woningen, want volgens mij als je dat keer zes doet, dan is dat gewoon vanaf nu gerekend. Dus ik denk dat daar uw som fout gaat. De heer Aynan: Voorzitter, er zijn er 7200 van 2020 tot 2025. 7200 – we hebben nog vier jaar te gaan – gedeeld door vier is 1800. En ik ben best bereid om daar iets van af te trekken, hoor, maar als je kijkt – want daar vraag ik eigenlijk uw aandacht voor, mijnheer Drost, pagina 16, leest u met me mee alstublieft? Helemaal
11
bovenaan staat: bouwambitie actualiseren. Daar staat een gemiddelde van 1000 woningen per jaar en dat is echt veel te weinig. De heer Drost: Ik denk dat u dan inderdaad verkeerd telt, dat kunnen we concluderen. De heer Aynan: Graag. De heer Drost: Want dat is dan ’21, ’22, ’23, ’24, ’25, en we hebben ook nog het afgelopen jaar. De heer Aynan: ’25 telt u niet mee, want het is tot 2025. Maar graag een reactie daarop en dan hoeven wij hier daar niet over te bakkeleien. Voorzitter, nog een ander punt over het meldpunt. We hebben daar technische vragen over gesteld en wij zijn echt geschrokken van het aantal meldingen dat daar binnen is gekomen, ook over intimidatie. Blijkbaar weten sommige verhuurders zich echt niet te gedragen. Voorzitter, is het college bereid om het meldpunt voor ongewenst verhuurgedrag, om daar een stedelijk meldpunt van te maken? Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Visser, CDA. De heer J. Visser: Dank u wel. De concept-woonvisie ligt ter inspraak en op dit moment wil het CDA graag twee punten benoemen over deze visie. Het eerste punt gaat over de eengezinswoningen. Bij het vaststellen van de startnotitie voor dit document is het al meerdere keren genoemd, namelijk de spanning tussen in wat voor huis iedereen wenst te wonen en de betaalbaarheid daarvan.
Tijdens de behandeling van die startnotitie benoemde de VVD ook treffend dat iedereen graag in een hoekwoning zou willen wonen met een tuin het liefst, maar dat is gewoonweg niet te betalen en bovendien is de ruimte in de stad beperkt. Om iedereen in Haarlem een huis te gunnen, sturen we daarom voornamelijk op de prijs. Net als afgelopen jaren doen we dat door middel van de 40/40/20-verdeling en wat ons betreft is dat een goede keuze. De consequentie van de 40/40/20 en de weinige bouwgronden is dat we een bescheiden toevoeging kunnen verwachten van het aandeel eengezinswoningen. Als je dan bedenkt dat de afgelopen jaren een gedeelte van de woningtoevoegingen gerealiseerd is door het splitsen van bestaande woningen, dan blijft het aantal eengezinswoningen op zijn best stabiel. Voorzitter, het CDA ondersteunt daarom het college van harte om de bestaande woningvoorraad te beschermen tegen het splitsen. Wanneer wordt het beleid van de time-out in sommige wijken ook weer geëvalueerd? Ik heb het niet helemaal helder, ik kon het ook niet zo snel vinden. En direct misschien een schot voor de boeg, wellicht kan dit time-out regime, of de regels om een vergunning te krijgen, strenger worden gemaakt, juist om die eengezinswoningen te beschermen. Het tweede punt gaat over de ouderen. Het werd al aangehaald door de OPH en de ChristenUnie.
De samenleving vergrijst en de verwachting is dat tussen nu en 2030 er bijna 3300 seniorenhuishoudens bij komen. Hierbij geeft 90 procent gedeelte van de ouderen aan dat zij in hetzelfde huis willen en kunnen blijven wonen, eventueel met een aanpassing van de woning. Wanneer dit om grotere eengezinswoningen gaat, ontstaat er een vorm van scheefwonen, terwijl er een grote vraag is naar eengezinswoningen. De verhuisprikkel is echter zeer beperkt, omdat er onder andere weinig aantrekkelijke woningen bestaan voor deze groep tussen het gewoon thuis blijven wonen waar je eenmaal zit en waar je bent opgegroeid, en uiteindelijk het verpleeghuis. Een en ander wordt hier beschreven in het ANBO-advies, waarnaar ook verwezen wordt in de stukken. We pleiten ervoor om een stevig gedeelte van de nieuw te bouwen woningen niet alleen geschikt te maken voor ouderen, maar ook aantrekkelijk te maken voor deze groep. Investeer in nieuwe woonvormen, zoals het pas gerealiseerde Hof van Leijh, maar ook aan kleinschalige woonvormen zoals moderne hofjes. Bouw deze woonvormen waar mogelijk in bestaande wijken waar de ouderen ook hun binding in de wijk kunnen houden en waar ze ook graag oud willen worden. Wethouder, hebben we mogelijkheden om hier strenger of harder in te sturen? Niet
12
strenger, maar meer in te sturen. En kunnen we de ambitie om woonvormen voor ouderen te bouwen in deze woonvisie versterken? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Even een mededeling eerst. Het systeem voor de spreektijden ligt eruit, dat is allemaal heel ingewikkeld. Ik wil daar de vergadering niet voor onderbreken … De heer Wiedemeijer: Ik had het idee dat die van mij niet klopte. De voorzitter: Ja, dan gaat u meteen erdoorheen, ik wil even uitpraten. Ik wil de vergadering daarvoor niet onderbreken, want we zijn al later gestart en anders dan zitten we alleen maar daarop te wachten. We gaan verder. Gezien de tijden die u heeft en de lange betogen die u houdt, kunt u er allemaal dan wel een beetje van uitgaan dat u na een lang betoog bij dit onderwerp daarna weinig tijd heeft. Ik hoop dat we een beetje met elkaar eruit komen dan. Mijnheer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, na doorlezing van het document hadden we even het idee dat misschien de titel van de pagina was afgevallen en dat er had moeten staan: doorbouwen aan een thuis voor de happy few. Waarom, voorzitter? In de woningbouwopgave die het college formuleert lezen wij niets meer over de eerste aftoppingsgrens en dat lijkt ons toch een belangrijk contingent woningen dat er zal moeten komen om de verdergaande gentrificatie van onze stad een beetje te beteugelen.
Wat valt verder op? U wilt vooral bouwen rondom ov-knooppunten. Daar hebben we er drie van strakjes als het busstation klaar is en wij steunen dat van harte. Voor wat betreft station Haarlem is het dan ook, anders dan de heer Klaver net zei, wat ons betreft ontzettend jammer dat we niet van ons recht van eerste koop gebruikmaken voor Beresteyn. Want het college geeft ook in de visie aan: zonder bezit hebben we nu eenmaal minder sturingsmogelijkheden op het te realiseren programma. Nou, ziedaar wat je had kunnen doen. Ja goed, helemaal eens met wat het CDA zegt over het splitsen. Ik nodig het CDA uit om ook nog eens kritisch te kijken naar de antwoorden die gegeven zijn op de artikel 38-vragen en laten we daar samen proberen een beter beleid op te formuleren. Wethouder, de sturingsmogelijkheden zijn voor u beperkt in deze woningmarkt, dat snappen wij. U geeft dan ook aan dat u bij de verkoop van panden uit het gemeentelijk vastgoed een bepaalde prioritering wil aangeven. Het moet sociaal, kan het niet misschien een wooncoöperatie anderszins aan een doelgroep ophangen? Dan vraag ik mij af: heeft u nou uw collega Botter, of in dit geval diens vervanger, gesproken over agendapunt 11? Er gaan straks enorm veel woningen verkocht worden uit de portefeuille en niet aan de doelgroep die u zo graag wil bedienen in uw woonvisie.
Tot slot, u legt een claim op een aantal middelen, onder andere voor Stadsdeal ouderenhuisvesting. Hartstikke interessant, we zouden daar wel iets meer onderbouwing van willen krijgen t.z.t, misschien met een startnotitie en een budget, maar dat we iets meer gevoel hebben daarbij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Groot, D66. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. Wat ons betreft complimenten, er ligt gewoon een mooi document. Wij vroegen ons wel even af: moest dit nou helemaal opnieuw? Want er lag op zich gewoon een prima woonvisie, maar het blijkt ook daadwerkelijk wettelijk elke vijf jaar opnieuw te moeten en je moet ook echt opnieuw beginnen. Wat er dan nu ligt, ziet er gewoon hartstikke goed uit en wij kunnen ons er ook in grote lijnen vinden in hetgeen wat hier voorligt. Een paar korte opmerkingen. Nou, we hebben het al even over aantallen gehad. De heer Wiedemeijer gaf als reactie aan: we willen niet op onze handen gaan zitten na 2025. Dat ben ik met hem eens. Tegelijkertijd vind ik het wel erg op de muziek vooruitlopen op het moment dat we nu al uitspraken gaan doen over duizenden woningen meer dan we tot nu toe zorgvuldig afgesproken hebben. Dus ik kan mij heel goed vinden in bijvoorbeeld de doelstellingen om te gaan naar een productie van 1000
13
woningen per jaar en ook de ambitie om naar een aantal nieuwe sociale huurwoningen toe te gaan, maar de getallen die nu daar verder genoemd worden, die lijken mij ver afstaan van hetgeen wat wij met zijn allen afgesproken hebben. Ik zie een interruptie. De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel. Is 1000 woningen gemiddeld, hè? En ook nog eens een keer een ambitie. Is dat niet het loslaten van het coalitieakkoord? De heer De Groot: Ik denk dat het erg lastig wordt om nog 10.000 woningen toe te voegen tussen 2016 en 2024. Wij willen dat dat met kwaliteit gebeurt, dus ik ben niet volledig eens met uw rekensom, maar ik ben ook met u eens dat er in 2025 geen 10.000 woningen bij gekomen zijn. De heer Aynan: Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaat u verder. De heer De Groot: Yes. Wij zouden graag transformatie steviger genoemd willen zien in de uitvoeringsagenda. Daar staat wel het een en ander bijvoorbeeld over wonen boven winkels, maar wij zouden ook graag zien dat panden met een andere bestemming wel gemakkelijker omgezet kunnen worden en ook wat ons idee is om die transformatie te bespoedigen. En erg positief over de aandacht voor starters. Er is echt, nou, ongeveer een heel hoofdstuk over doelgroepen.
Het is echt heel belangrijk dat starters meer mogelijkheden hebben dan bijvoorbeeld een sociale huurwoning waar ze nogal lang voor in een wachtlijst staan, maar dat ook de alternatieven – zoals bijvoorbeeld goedkope koop, ik heb het hier geloof ik wel eens vaker gezegd – nu ook daadwerkelijk in de woonvisie geland is. Vragen die ons nog bezighouden zijn wat breder van aard en daar verwachten wij ook niet direct een antwoord op, maar hoe stimuleren we nou uiteindelijk bijvoorbeeld de doorstroming binnen sociale huur? Want het zit muur- en muurvast. En is er bijvoorbeeld duidelijk om wat voor reden mensen een sociale huurwoning verlaten en achterlaten? Wij zouden heel graag zien dat we in een document als een woonvisie meer ideeën hebben over hoe we met dat soort vragen omgaan. Denk ook aan: hoe spelen we effectiever in op wijzigingen van landelijke wetgeving? De heer Wiedemeijer suggereert al een aantal wijzigingen die er wellicht aankomen, maar we weten het niet, want we weten niet of de heer Wiedemeijer zijn partij de verkiezingen wint, of de partij die nu op dit moment achter hem zit. Ik krijg weer een interruptie, zie ik. De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Is het mogelijk dat het bouwen van meer sociale huurwoningen misschien die wachttijd wat verkort? De heer De Groot: U zegt: verkort bouwen de wachtlijst? Dat is de vraag.
De heer Aynan: Specifiek sociale huurwoningen, want daar is die wachtlijst voor. De heer De Groot: Jazeker, het toevoegen van sociale huurwoningen zal een positief effect hebben op de wachtlijst. De heer Aynan: En waarom gaat u eigenlijk akkoord dan met het naar beneden bijstellen van de ambitie?
14
De heer De Groot: Ik ga hetgeen wat er in de woonvisie staat is conform de afspraken die we in het verleden gemaakt hebben. De heer Aynan: Nee, hoor. De heer De Groot: Mijn volgende vraag gaat … De voorzitter: Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Op mijn vorige vraag of u het coalitieakkoord, in ieder geval de ambitie voor 10.000 woningen loslaat, zegt u: ja. De heer De Groot: Ik zeg dat we nog steeds de ambitie hebben om in Haarlem woningen toe te voegen, dat we met zijn allen tot een compromis gekomen zijn in deze coalitie om dat op 10.000 uit te laten komen, dat die ambitie nog steeds overeind staat. Alleen, dat het moment dat die 10.000 woningen gerealiseerd worden hoogstwaarschijnlijk niet in 2025 is. De heer Aynan: Dus laat u in ieder geval qua tijdspad het coalitieakkoord los. De heer De Groot: Ik constateer dat dat ons overkomen is, mijnheer Aynan. De voorzitter: Dank u wel. Was u klaar, mijnheer De Groot? De heer De Groot: Nee, nog heel even. De derde vraag die daar ook in zit is dat we natuurlijk allerlei ambities hebben qua sociale huur, maar dat we merken dat ze slecht te financieren zijn, omdat de corporaties ook in de biedingen keer op keer aangeven dat er weinig ruimte is om die beschikbaarheid te vergroten.
Ik zou toch heel graag ook van het college en bijvoorbeeld in een woonvisie terug willen zien: welke ideeën hebben we nou om dat voor elkaar te krijgen? En dan kunnen we niet alleen maar naar Den Haag kijken. Het gaat mij niet zozeer vanavond om die antwoorden, zoals gezegd, het gaat mij er meer om dat we dit graag mee zouden willen geven als inspraakreactie en dat wij de uiteindelijke visie graag tegemoet zien. Afsluitend, wij zullen blijven hameren op voldoende voorzieningen die passen bij de groei van Haarlem. Oog voor mobiliteit, voldoende openbaar groen, voldoende openbaar vervoer, voldoende scholen zijn hier voorbeelden van. Het een kan echt niet zonder het ander. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zag mijnheer Rijbroek achterin, gaat uw gang. De heer Rijbroek: Vriendelijk dank, voorzitter. Allereerst nog even complimenten voor degene die uiterste best doet cijfers samen te stellen. Voor ons ligt de woonvisie en uitvoeringsagenda Haarlem 2021-2025. Ja, toch even een opmerking vooraf. Ik vind het een beetje lastig. We leggen hier een woonvisie voor, terwijl we eigenlijk al wijkvisies hebben.
Dus eigenlijk zou het zo moeten zijn dat bereikbaarheidsvisie en woonvisie samen voor ons duidelijk maakt waar die woonconcentratie of bedrijvigheid, in dit geval wonen is, daarmee de ook af te stemmen verkeersdruk en dat bij woningen ook leefbaar hoort, bijvoorbeeld ook groeninclusief bouwen, naast ook daarbij voorzieningen. Dat allereerst even. Nou wordt er een opmerking gemaakt dat Haarlem vooral uitdrukkelijk een gezinnenstad is, maar we moeten meer gaan bieden voor starters. Dan is de vraag natuurlijk: hoe gaan we dat beleid dan ontwikkelen? Daarnaast hebben we het over speciale doelgroepen. Nou, dan hebben we helemaal wat huiswerk voor de boeg. Wat gaat de wethouder straks doen met de asielzoekers die – volgens mij dit jaar rond de 21.000 – naar Nederland komen en de doorstroom
15
daarin voor de bestaande groepen toch al vrij lastig is wat beschikbare woonmogelijkheid. Wat te doen met de economisch daklozen en mensen – helaas, het gebeurt in het leven, niet fijn – die gescheiden zijn, met beperkte huisvesting daarin. En dan natuurlijk ook het hoge woord, Domus Plus/Skaeve Huse. Ja, je beleid natuurlijk voor je eigen deur, nietwaar? Beleidskeuze is ook of je segmenteert naar behoefte aan banen, bijvoorbeeld leraren, politiemensen. Kortom, als je dit allemaal hoort, dan gaat dat wringen. Ik wil daarbij ook toevoegen, de groep ouderen zal de komende jaren toenemen en er is een behoefte van 3000 tot 6000 woningen, terwijl ongeveer 3000 tot 6000 – goed, laten we niet te veel met cijfers gaan strooien – voor sociale woningbouw erbij moet komen. Tot slot, en dat vind ik wel mooi, we vergeten niet de duurzaamheid en dat is eigenlijk wel dat ik daar toch wel mee zit, al is het mijn eigen vak geweest. Dat is, als je dat wil, je draagt het opdrachtgevers op, betekent toch dat huurders dit gaan merken. Linksom of rechtsom, in hetzij de servicekosten, of in de huur. Zij gaan dat niet zelf betalen. Maar laten we eerst gaan bouwen en let eens op de CO2-uitspraak van de rechter. Daar komt geen antwoord op, is landelijk, maar trek met de VNG op.
En daarnaast ook het PFAS-besluit de Raad van State en natuurlijk de energiebelasting die dit jaar gestegen is en daarbij een nieuw energielabel. Kortom, huiswerk genoeg. De voorzitter: Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Dank u wel, voorzitter. Zoals de heer Wiedemeijer al aangaf is er niet heel veel nieuws onder de zon. Veel zaken zijn al eerder besproken, dus ook gezien de tijd slechts een paar punten. Na de discussie tussen PvdA, D66, Jouw Haarlem ben ik het ook even kwijt, dus ik ben wel benieuwd wat nu eigenlijk precies de ambitie is tot 2025. En misschien wellicht ten overvloede: ook in ambities kan je niet wonen, dus ik ben heel benieuwd. Wat betreft de eengezinswoningen steunt de VVD het betoog van het CDA, dat sluit aan met wat wij al eerder dit jaar hebben gezegd. Ook uit bijgevoegde onderzoeken lijkt het dat de mensen toch wel erg veel behoefte hebben aan een driekamerwoning voor de prijs van een tweekamerwoning. Helaas, dat zit er niet in, en toch moeten we voorkomen dat starters al een gezin zijn tegen de tijd dat ze aan de beurt komen voor een woning. We hebben in augustus aandacht gevraagd voor geclusterd wonen om wonen en welzijn te verbinden, met name ook voor ouderen. Dat was naar aanleiding van de tentoonstelling Vitaal Wonen. We zijn verheugd dat daar ook gewoon aandacht aan besteed wordt in deze woonvisie.
Dan is natuurlijk ook – is daarnet ook al even aan de orde geweest – woningbouwopgaven in Haarlem zullen uitsluitend worden gerealiseerd in bestaand stedelijk gebied en dat is een standpunt waarvan de VVD zich steeds meer afvraagt of het wel houdbaar is. Willen we werkelijk iedere open plek in de stad volbouwen, of gaan we op zoek naar locaties waar het eenvoudiger en dus ook goedkoper is om te bouwen? Dan kan je ook een keer wat goedkoper woningen bouwen. Evenals de inspreker kwam ik niet uit tabel 1 op pagina 11 en de percentages uit tabel 2. Alleen, daar kwam ik pas vanmiddag achter, anders had ik een technische vraag gesteld. Ik verwacht ook niet meteen uitleg, maar misschien voordat die definitief bij ons terugkomt, dat u nog even naar die tabellen kan kijken. Dan is er een suggestie om het realiseren van dakopbouwen aan banden te leggen. Dat zien wij niet zo zitten, want dat is juist een mogelijkheid voor mensen om tegen redelijke kosten hun woning aan te passen aan eventuele gezinsuitbreiding. We zien eigenlijk meer in het bouwen van woningen die al zijn voorbereid op een eventuele latere uitbreiding. Dan lazen wij ook nog dat uit adrescontroles blijkt dat er mensen zijn die in een sociale huurwoning wonen en toch een eigen woning hebben die ze verhuren. Mijn vraag is: mag dat dan, en zo nee, wat wordt eraan gedaan? De voorzitter: Dank u wel.
Wie nog meer? Mevrouw Eckhard, SP. Mevrouw Eckhard: Dank u, voorzitter. Dit is mijn eerste commissie, dus de eerste keer dat ik zo’n stuk lees over woningbouw. De woonvisie, wat een prachtig document. Ik heb het echt met plezier gelezen, voor het
16
eerst, dus goed geschreven en ontzettend veel woonwensen en verwachtingen zijn er. Het is niet makkelijk om daar een juiste keuze in te maken als gemeente, daar ben ik me van bewust. Dan hopen ook wij echt dat het gaat lukken om alle aantallen te gaan halen. Ik ga ervan uit dat de collegebelofte over 10.000 woningen gewoon blijft staan. Maar er is natuurlijk altijd een maar. We missen de betaalbaarheid en dan vooral de betaalbaarheid voor de huurders van sociale woningen. Wat de SP betreft moeten de huren omlaag en kan er van verhogingen echt geen sprake meer zijn. Spreken over betaalbaarheid is inhoudsloos zolang we de rekening voor renovatie en nieuwbouw nog steeds bij de huurders neerleggen. Ik lees in de woonvisie dat er eigenlijk helemaal niet zo’n behoefte is aan huizen in de middenhuur. Klopt dat? Zou het dan niet een goed idee zijn als de wethouder hiervan minder gaat bouwen en meer huizen waar wel behoefte aan is, en die voor speciale doelgroepen zijn? En ik hoor net van mijnheer Wiedemeijer over sociale huurhuizen op kwaliteitskortingsgrens, kunt u zich daar ook meer aandacht aan besteden? Daarnaast wil ik het hebben over het actieplan woonwagenstandplaatsen, pagina 31. Wat mooi dat er een apart actieplan bestaat voor de woonwensen en de huisvesting van woonwagenbewoners.
Iedereen snapt dat er verschillen bestaan tussen wonen in een huis en wonen in een woonwagen en dat deze groep stelselmatig over het hoofd zou worden gezien als er geen specifieke aandacht is die daar naartoe gaat. Maar daar houdt het mooie dan wel mee op, want het conceptactieplan woonwagens 2021-2022 voor de gemeente Haarlem is echt een van de merkwaardigste actieplannen die ik ooit heb gelezen, en om meerdere redenen. Allereerst de titel. Anders dan dat hij suggereert, is het helemaal geen actieplan. Er staat geen enkele actie in. Een ronkende inleiding rept eerst over samen in actie en over oplossingsrichtingen, en van oplossingsrichting naar acties. Maar kijk je vervolgens om welke actie het gaat, dan blijkt het te gaan over onderzoek, meer onderzoek en nog meer onderzoek. Het meest pijnlijke vindt de SP dat dit door het actieplan bedoeld zou zijn om aan de uitwerking van de woonvisie voor woonwagenbewoners, maar dat je als lezer gaandeweg het ongemakkelijke gevoel krijgt dat wonen alleen een kapstok is geweest voor een heel ander thema: controle krijgen over de bestaande kampen. Ja, ik sla even een stukje over.
Ik wil daarom de wethouder vragen om zo snel mogelijk te komen met een nieuw plan en waarin er dan niet langer onderzoek vooropstaat, maar echte actie, concrete ambities worden uitgesproken en voorzien van concrete cijfers en elke zweem naar discriminatie wordt vermeden. Wij willen ook van de wethouder het volgende weten: of u onze mening deelt dat er nu echt een actieplan moet komen met plannen voor meer woonwagenplekken. En wanneer komt dat plan dan, en staat daarin dan wel de uitvoeringsplannen, gewoon omdat daar behoefte aan is? En of u parallel daaraan echt wil gaan uitzoeken wat de woonwagenbewoners willen. Of u een echt actieplan gaat schrijven met en over woonzaken, en niet alle woononderwerpen te bespreken op de tafels waar het nodig is. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Dank u wel, voorzitter. Nou, het concept vonden wij al lekker leesbaar, er stonden goede dingen in. Maar goed, dat krijg je misschien ook een beetje als gewoon je eigen afspraken daarin staan. Even kijken, bij de startnotitie hebben wij een aantal zaken benoemd. Eerder in 2020 onder andere over duurzaamheid hebben we aangegeven: kijk nou in de breedste zin van het woord naar duurzaamheid, dus niet alleen naar CO2-reductie, maar ook naar klimaatadaptatie, energietransitie, circulair bouwen, nou, volgens mij hebben we zelfs houtbouw gezegd.
Nou zie hier, dat zien we er allemaal in terug, dus dat is allereerst positief dat dat ook zo is overgenomen. We kijken ook uit naar de sessie die over anderhalve week daarover wordt gegeven. We lezen ook dat de Richtlijn Duurzaam Bouwen wordt aangescherpt en daar kijken we ook echt naar uit om met elkaar de discussie daarover te voeren. We hadden net al heel even kort met de PvdA een kleine discussie daarover, maar ik denk dat we toch zeker nog dit jaar de discussie daarover gaan voeren met elkaar. Nou, verder goede dingen, inderdaad veel herkenbaarheid, dat hoeft verder even nu niet benoemd te worden. Breder verhaal, komt ook zeker bij de vaststelling daarvan. Ik wil nog een aantal dingen aanstippen.
17
Wat wij positief vonden is in ieder geval dat de ruimte voor nieuwe woonconcepten wordt geboden. Dan staat erin, volgens mij bij de actiepunten: we staan open voor. Nou, dat kan wel wat scherper, het CDA noemde dat ook al terecht. We geloven wel echt in nieuwe woonvormen, ook waarbij bijvoorbeeld … Nou, New Harlem is misschien qua parkeren niet een geweldig voorbeeld, maar in ieder geval wel dat je met elkaar faciliteiten deelt. Dat geeft een bepaalde dynamiek, een bepaalde verbondenheid met je bewoners en we geloven er echt in. We zouden dat misschien wel wat scherper in dit verhaal terug willen zien. Wonen boven winkels, hartstikke positief. We hebben ook al eerder aangegeven in deze commissie dat wat GroenLinks betreft ook zeker in het centrum ook wij mogelijkheden zien voor wonen tussen winkels. Sommige straten in het centrum zijn een van de meest aantrekkelijke straten zijn hebben dat ook juist, die combinatie van wonen, winkels, horeca. Nu is het even rustig natuurlijk in de stad, maar als het daar levendig is heb je juist een hele mooie functiemenging, dus dan heb je ook ‘s avonds die levendigheid in de plint. Dus dat is hartstikke positief. Ik denk dat de heer Aynan dat gaat onderstrepen. De voorzitter: Mijnheer Aynan. Ik wachtte even op een punt bij mijnheer Drost. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter.