Was-wordt beleidsregels maatschappelijke ondersteuning
Tekst van het document
Was-wordt-tabel Wijziging Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Haaksbergen (Kleine) tekstuele aanpassingen ter bevordering van de leesbaarheid of plaats wijzigingen door toevoeging van artikelen of leden zijn niet opgenomen in deze was-wordt-tabel. Door het gehele document is de term cliënt vervangen door inwoner. Artikel
1
Was (Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Haaksbergen (4.34d1)) a. Deze beleidsregels verstaan onder: Cliëntsysteem: de sociale eenheid waartoe de inwoner behoort en die bestaat uit één of meer personen (huisgenoten) die samen een huishouding voeren; (…) d. LVB: licht verstandelijk beperkt.
2
(…) 2. Het college verstaat onder mantelzorg, hetgeen daarover in de
Wordt (Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Haaksbergen (4.34e)) Deze beleidsregels verstaan onder: a. leefeenheid: de sociale eenheid waartoe de inwoner behoort en die bestaat uit één of meer personen (huisgenoten) die samen een huishouding voeren;
Motivering
De volgorde is gewijzigd omdat de begrippen op alfabetische volgorde zijn gezet. Enkele begrippen zijn toegevoegd, omdat deze nog niet nader toegelicht stonden, waardoor mogelijk verwarring kon ontstaan. De term LVB is eruit gehaald, omdat deze voluit wordt geschreven. De term clientsysteem in veranderd naar leefeenheid omdat deze term de lading beter denkt.
b. financiële tegemoetkoming: een maatwerkvoorziening in Zorg In Natura en persoonsgebonden budget moeten volledig kostendekkend zijn. Een financiële tegemoetkoming is een bijdrage in de kosten. c. kinderen: inwonende kinderen tot 23 jaar; d. LVB: licht verstandelijk beperkt. (…) (…) f. wlz-instelling: een instelling waar inwoners met een Wet langdurige zorg indicatie kunnen verblijven. (…) Lid 2: Aangepast ter bevordering van de 2. Het college verstaat onder leesbaarheid en in overleg met de mantelzorg, hetgeen daarover in de mantelzorgondersteuner van Wijkracht. De
Wmo 2015 is bepaald en legt dat als volgt uit: (…) Het college kijkt naar de behoeften, mogelijkheden en belastbaarheid van de mantelzorger. Het college gaat uit van wat redelijkerwijs de mogelijkheden van de mantelzorger zijn. Wat redelijkerwijs verwacht kan worden van een mantelzorger, verschilt van persoon tot persoon en is mede afhankelijk van de aard van de relatie en de situatie waarin de cliënt en de mantelzorger zich op dat moment bevinden. Het college gaat daarbij vooral uit van wat de mantelzorger zelf aangeeft. Naast de fysieke gesteldheid van de mantelzorger, kijkt het college ook naar de tijd die de mantelzorger beschikbaar heeft. Het college gaat met enige regelmaat de situatie van de cliënt en die van de mantelzorger bezien. Dit zorgt ervoor dat de belastbaarheid van de mantelzorger goed in het oog wordt gehouden en dat overbelasting zoveel mogelijk wordt voorkomen. Het college heeft oog voor wat nodig is om de mantelzorg zo structureel mogelijk te laten plaatsvinden en de mantelzorger af en toe te kunnen ontlasten. (…) 3. Het college verstaat onder sociaal netwerk hetgeen daarover in de Wmo
Wmo 2015 is bepaald en legt dat als volgt uit: (…) Het college kijkt naar de behoeften, mogelijkheden en belastbaarheid onmogelijkheden van de mantelzorger en neemt dit mee in het onderzoek. Wat redelijkerwijs verwacht kan worden van een mantelzorger, verschilt van persoon tot persoon en is mede afhankelijk van de aard van de relatie en de situatie waarin de cliënt en de mantelzorger zich op dat moment bevinden. Het college gaat daarbij vooral uit van wat de mantelzorger zelf aangeeft. Naast de fysieke gesteldheid van de mantelzorger, kijkt het college ook naar de tijd die de mantelzorger beschikbaar heeft. Het college gaat met enige regelmaat de situatie van de cliënt en die van de mantelzorger bezien. Dit zorgt ervoor dat de belastbaarheid van de mantelzorger goed in het oog wordt gehouden en dat overbelasting zoveel mogelijk wordt voorkomen. Het college heeft oog voor wat nodig is om de mantelzorg zo structureel mogelijk te laten plaatsvinden en de mantelzorger af en toe te kunnen ontlasten. (…) 3. Het college verstaat onder sociaal netwerk hetgeen daarover in de Wmo
(on)mogelijkheden van de mantelzorger worden in elk onderzoek meegenomen volgens de stappen van de CRvB. Het is daarom niet nodig om de verwachtingen van een mantelzorger zo expliciet opgenomen. Lid 3: Medeleden van een vereniging is aangepast naar groepsactiviteit, vrienden en kennissen en collega’s omdat dit beter omvat wie het college rekent tot het sociaal netwerk. Lid 4: Enkele jaren geleden heeft de CRvB een viertal criteria geformuleerd waarmee gekeken kan worden of een voorziening algemeen gebruikelijk is. Deze vier criteria zijn nu opgenomen in de beleidsregels, waarbij de oude criteria zijn vervangen. Uit verscheidene uitspraken blijkt dat de gemeente voor het criterium ‘met een inkomen op minimumniveau financieel kan worden gedragen’ aansluiting kan worden gezocht bij de opgenomen formule. De daadwerkelijke financiële situatie van een inwoner speelt daarbij geen rol. Aangezien de opgenomen lijst niet geheel meer voldoet aan de vier voorwaarden en deze niet limitatief is, is deze verwijderd. Lid 5: De lijst met algemene voorzieningen is verwijderd omdat de genoemde voorzieningen geen algemene voorzieningen zijn, maar verwijzingen zijn door de gemeente naar de particuliere markt. De algemene voorzieningen die staan opgenomen in de verordening zijn de enige algemene voorzieningen die op dit moment beschikbaar zijn.
2015 is bepaald en legt dit als volgt uit: Dit zijn personen met wie de cliënt regelmatig contacten onderhoudt, zoals bijvoorbeeld familieleden, huisgenoten, mantelzorgers, buren en medeleden van een vereniging.
4. (…) Een voorziening is algemeen gebruikelijk als deze: • niet speciaal bedoeld is voor mensen met een beperking, én; • in de reguliere handel verkrijgbaar is, én; • in prijs vergelijkbaar is met soortgelijke producten, die algemeen gebruikelijk worden geacht. Uitzonderingen op deze criteria kunnen zijn situaties waarin: • de handicap plotseling ontstaat, waardoor algemeen gebruikelijke voorzieningen eerder dan normaal aangeschaft of vervangen moeten worden; • de cliënt een inkomen heeft, dat door aantoonbare kosten van de handicap onder de voor hem geldende bijstandsnorm dreigt te komen.
2015 is bepaald en legt dit als volgt uit: Dit zijn personen met wie de inwoner regelmatig contacten onderhoudt, zoals bijvoorbeeld familieleden, huisgenoten, mantelzorgers, buren, medeleden van een vereniging groepsactiviteit, vrienden en kennissen en collega’s. 4. (…) Een voorziening is algemeen gebruikelijk als deze: • niet speciaal specifiek bedoeld is voor personen met een beperking; • in de reguliere handel verkrijgbaar is, én; • in prijs vergelijkbaar is met soortgelijke producten, die algemeen gebruikelijk worden geacht. • daadwerkelijk beschikbaar is; • een passende bijdrage levert aan het zorgen voor een situatie waarin de cliënt zelfredzaam kan zijn of kan participeren en; • met een inkomen op minimumniveau financieel kan worden gedragen. Om dit te berekenen gebruiken we de volgende formule: 5% x van toepassing zijnde bijstandsnorm x 36 maanden = het bedrag waarmee we de kosten van de voorziening vergelijken.
Het college merkt de volgende voorzieningen als algemeen Uitzonderingen op deze criteria gebruikelijk aan (niet limitatief): kunnen zijn situaties waarin: • het gebruik van een auto; • de handicap plotseling ontstaat, • eigen auto en de gebruikskosten die waardoor algemeen gebruikelijke daaraan verbonden zijn; voorzieningen eerder dan normaal • autoaccessoires zoals: aangeschaft of vervangen moeten airconditioning, stuurbekrachtiging, worden; elektrisch bedienbare ruiten, trekhaak, • de cliënt een inkomen heeft, dat cruise control; door aantoonbare kosten van de • bakfiets, fietskar, aanhangfiets; handicap onder de voor hem • elektrische fiets/tandem (al dan niet geldende bijstandsnorm dreigt te met lage instap) voor een persoon komen.
van 18 jaar en ouder; • fiets met trapondersteuning; Het college merkt de volgende • spartamet/tandemmet; voorzieningen als algemeen • fiets met lage instap/ ligfiets; gebruikelijk aan (niet limitatief): • rollator; • het gebruik van een auto; • herinrichtingskosten; • eigen auto en de gebruikskosten die • éénhendelmengkranen; daaraan verbonden zijn; • antislipvloer/coating; • autoaccessoires zoals: • keramische- of inductiekookplaat; airconditioning, stuurbekrachtiging, • ophogen tuin/bestrating bij elektrisch bedienbare ruiten, trekhaak, verzakking; cruise control; • renovatie van badkamer en keuken • bakfiets, fietskar, aanhangfiets; die 25 jaar of ouder is (1) ; • elektrische fiets/tandem (al dan niet • eenvoudige toiletstoel; met lage instap) voor een persoon • verhoogd toilet of toiletverhoger; van 18 jaar en ouder; • tweede toilet/sanibroyeur; • fiets met trapondersteuning; • wandbeugels; • spartamet/tandemmet; • eenvoudige douchestoel; • fiets met lage instap/ ligfiets; • zonwering (inclusief elektrische • rollator; bediening). • herinrichtingskosten;
• kinderopvang; • openbaar vervoer; • alarmering; • boodschappenservice; • maaltijdvoorziening; • glazenwasser.
5. Het college verstaat onder een algemene voorziening hetgeen daarover in de Wmo 2015 is bepaald en legt dit als volgt uit: Algemene voorzieningen zijn toegankelijk voor alle ingezetenen van Haaksbergen. Algemene voorzieningen stellen mensen in staat om (ondanks hun beperkingen) zelfredzaam en zelfstandig te zijn en mee te blijven doen (participatie). (...) Het college merkt de volgende voorzieningen als
• éénhendelmengkranen; • antislipvloer/coating; • keramische- of inductiekookplaat; • ophogen tuin/bestrating bij verzakking; • renovatie van badkamer en keuken die 25 jaar of ouder is (1) ; • eenvoudige toiletstoel; • verhoogd toilet of toiletverhoger; • tweede toilet/sanibroyeur; • wandbeugels; • eenvoudige douchestoel; • zonwering (inclusief elektrische bediening). • kinderopvang; • openbaar vervoer; • alarmering; • boodschappenservice; • maaltijdvoorziening; • glazenwasser. 5. Het college verstaat onder een algemene voorziening hetgeen daarover in de Wmo 2015 is bepaald en legt dit als volgt uit: Algemene voorzieningen zijn toegankelijk voor alle ingezetenen inwoners van Haaksbergen. Algemene voorzieningen stellen mensen in staat om (ondanks hun beperkingen) zelfredzaam en zelfstandig te zijn en mee te blijven doen (participatie). (…)
algemene voorzieningen aan (niet limitatief): • klussendienst; • anonieme hulp op afstand; • buurtbus; • beschikbare rolstoelpool; • opvang voor dak- en thuislozen die uitsluitend bestaat uit slapen en eten zonder verdere ondersteuning of meer specifiek, winteropvang; • een inloop voor alle mensen die kampen met eenzaamheid of geestelijke dan wel geldelijke problemen (bijv. inloop GGZ); • mantelzorgondersteuning; • sociaal-culturele voorzieningen; • diensten van bijvoorbeeld Noaberpoort; • automaatje; • formulierenbrigade; • organiseren van activiteiten met een sociaal-recreatief of sportief karakter voor specifieke doelgroepen; • algemeen toegankelijke activiteiten voor mensen die anderen willen ontmoeten of een zinvolle invulling willen geven aan de dag; • ouderenadviseurs; • cliëntondersteuning. (1: De sociale woningbouw hanteert voor de renovatie van badkamer en keuken een termijn van ongeveer 25 jaar. Omdat als ondergrens voor wat
Het college merkt de volgende voorzieningen als algemene voorzieningen aan (niet limitatief): • klussendienst; • anonieme hulp op afstand; • buurtbus; • beschikbare rolstoelpool; • opvang voor dak- en thuislozen die uitsluitend bestaat uit slapen en eten zonder verdere ondersteuning of meer specifiek, winteropvang; • een inloop voor alle mensen die kampen met eenzaamheid of geestelijke dan wel geldelijke problemen (bijv. inloop GGZ); • mantelzorgondersteuning; • sociaal-culturele voorzieningen; • diensten van bijvoorbeeld Noaberpoort; • automaatje; • formulierenbrigade; • organiseren van activiteiten met een sociaal-recreatief of sportief karakter voor specifieke doelgroepen; • algemeen toegankelijke activiteiten voor mensen die anderen willen ontmoeten of een zinvolle invulling willen geven aan de dag; • ouderenadviseurs; • cliëntondersteuning. (1: De sociale woningbouw hanteert voor de renovatie van badkamer en keuken een termijn van ongeveer 25
acceptabel is in de Wmo het niveau sociale woningbouw wordt gehanteerd, wordt dit eveneens toegepast voor eigenaren van een koopwoning en de vrije huursector.) 3
jaar. Omdat als ondergrens voor wat acceptabel is in de Wmo het niveau sociale woningbouw wordt gehanteerd, wordt dit eveneens toegepast voor eigenaren van een koopwoning en de vrije huursector.) 1.Het college verstaat onder 1.Het college verstaat onder De nieuwe formulering is gemakkelijker te gebruikelijke hulp, hetgeen daarover gebruikelijke hulp, hetgeen daarover begrijpen en is breder geformuleerd. in de Wmo 2015 is bepaald en legt in de Wmo 2015 is bepaald en legt dat als volgt uit: Volgens het college is dat als volgt uit: Volgens het college is Lid 1: de term echtgenoot is vervangen door het in onze samenleving normaal dat het in onze samenleving normaal dat partner, omdat dit beter past in de huidige tijd waar partners niet perse getrouwd zijn. de echtgenoot partner, ouders, de echtgenoot, ouders, inwonende Lid 4: hier is opgenomen dat het verplichtende kinderen of andere huisgenoten waar inwonende kinderen of andere karakter geldt voor volwassen huisgenoten. Voor nodig en mogelijk hun rol nemen in huisgenoten waar nodig en mogelijk kinderen gelden andere richtlijnen zoals uitgelegd het huishouden, zeker wanneer er hun rol nemen in het huishouden, in lid 5. sprake is van een huisgenoot met een zeker wanneer er sprake is van een beperkte zelfredzaamheid. huisgenoot met een beperkte zelfredzaamheid. (…) 3.
Uitgangspunt van deze (…) beleidsregels is dat de persoon waar 3. Uitgangspunt van deze van gebruikelijke hulp wordt verwacht beleidsregels is dat de persoon waar geen stoornissen of beperkingen van gebruikelijke hulp wordt verwacht heeft om gebruikelijke hulp te kunnen geen stoornissen of beperkingen bieden en gebruikelijke hulp niet leidt heeft om gebruikelijke hulp te kunnen tot (dreigende) overbelasting. bieden en gebruikelijke hulp niet leidt 4.(…) Dit principe heeft een tot (dreigende) overbelasting. van verplichtend karakter en geldt voor een huisgenoot wordt verwacht dat hij gebruikelijke hulp overneemt, alle huisgenoten. tenzij er redenen zijn die daaraan in de weg staan.
4.(…) Dit principe heeft een verplichtend karakter en geldt voor alle (volwassen) huisgenoten. 4
(…) 2. Het college hanteert de volgende richtlijnen ten aanzien van gebruikelijke hulp van ouders voor kinderen bij verschillende leeftijden:
(…) 2. Het college hanteert de volgende richtlijnen ten aanzien van gebruikelijke hulp van ouders voor kinderen bij verschillende leeftijden:
Kinderen van 0 tot 3 jaar • hebben bij alle activiteiten verzorging van een ouder nodig; • ouderlijk toezicht is zeer nabij nodig; • zijn in toenemende mate zelfstandig in bewegen en verplaatsen; • hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling; • hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; • hebben een beschermende woonomgeving nodig waarin de fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden.
Kinderen van 0 tot 3 jaar • hebben bij alle activiteiten verzorging van een ouder nodig; • ouderlijk toezicht is zeer nabij nodig; • zijn in toenemende mate zelfstandig in bewegen en verplaatsen; • hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling; • hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; • hebben een beschermende woonomgeving nodig waarin de fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden.
Kinderen van 3 tot 5 jaar • kunnen niet zonder toezicht van volwassenen. Dit toezicht kan binnenshuis korte tijd op
Kinderen van 3 tot 5 jaar • kunnen niet zonder toezicht van volwassenen. Dit toezicht kan binnenshuis korte tijd op
De lijst uit lid 2 is verwijderd omdat deze meer ziet op de Jeugdwet dan de Wmo. Mocht in het onderzoek blijken dat er in het gezin kinderen zijn waarvoor de zorg niet goed geregeld kan worden, zal een jeugdregisseur betrokken worden.
gehoorafstand (bijv. ouder kan was gehoorafstand (bijv. ouder kan was ophangen in andere kamer); ophangen in andere kamer); • hebben begeleiding en stimulans • hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling; ontwikkeling; • hebben begeleiding en stimulans • hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; zelfstandigheid en zelfredzaamheid; • kunnen zelf zitten, en op • kunnen zelf zitten, en op gelijkvloerse plaatsen zelf staan en gelijkvloerse plaatsen zelf staan en lopen; lopen; • hebben hulp, toezicht, stimulans, • hebben hulp, toezicht, stimulans, zindelijkheidstraining en controle zindelijkheidstraining en controle nodig bij de toiletgang; nodig bij de toiletgang; • hebben hulp, toezicht, stimulans en • hebben hulp, toezicht, stimulans en controle nodig bij aan- en uitkleden, controle nodig bij aan- en uitkleden, eten en wassen, in- en uit bed komen, eten en wassen, in- en uit bed komen, dag- en nachtritme en dagindeling dag- en nachtritme en dagindeling bepalen; bepalen; • hebben begeleiding nodig bij hun • hebben begeleiding nodig bij hun spel en vrijetijdsbesteding; spel en vrijetijdsbesteding; • zijn niet in staat zich zonder • zijn niet in staat zich zonder begeleiding in het verkeer te begeven; begeleiding in het verkeer te
begeven; • hebben een beschermende • hebben een beschermende woonomgeving nodig waarin de woonomgeving nodig waarin de fysieke en sociale veiligheid is fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden. pedagogisch klimaat wordt geboden. Kinderen van 5 tot 12 jaar • kinderen vanaf 5 jaar hebben een reguliere dagbesteding op school, oplopend van 22 tot 25 uur/week;
Kinderen van 5 tot 12 jaar • kinderen vanaf 5 jaar hebben een reguliere dagbesteding op school, oplopend van 22 tot 25 uur/week;
• kunnen niet zonder toezicht van • kunnen niet zonder toezicht van volwassenen. Dit toezicht kan op volwassenen. Dit toezicht kan op enige afstand (bijv. kind kan enige afstand (bijv. kind kan buitenspelen in directe omgeving van buitenspelen in directe omgeving van de woning als ouder thuis is); de woning als ouder thuis is); • hebben toezicht, stimulans en • hebben toezicht, stimulans en controle nodig en vanaf 6 jaar tot 12 controle nodig en vanaf 6 jaar tot 12 jaar geleidelijk aan steeds minder jaar geleidelijk aan steeds minder hulp nodig bij hun persoonlijke hulp nodig bij hun persoonlijke verzorging zoals het zich wassen en verzorging zoals het zich wassen en tanden poetsen; tanden poetsen; • hebben hulp nodig bij het gebruik • hebben hulp nodig bij het gebruik van medicatie; van medicatie; • zijn overdag zindelijk, en ‘s nachts • zijn overdag zindelijk, en ‘s nachts merendeels ook; ontvangen zo nodig merendeels ook; ontvangen zo nodig zindelijkheidstraining van de zindelijkheidstraining van de ouders/verzorgers; ouders/verzorgers; • hebben begeleiding en stimulans • hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling; ontwikkeling; • hebben begeleiding en stimulans • hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; zelfstandigheid en
zelfredzaamheid; • hebben begeleiding van een • hebben begeleiding van een volwassene nodig in het verkeer volwassene nodig in het verkeer wanneer zij van en naar school, wanneer zij van en naar school, activiteiten ter vervanging van school activiteiten ter vervanging van school of vrije tijdsbesteding gaan; of vrije tijdsbesteding gaan; • hebben sport- en hobbyactiviteiten in • hebben sport- en hobbyactiviteiten verenigingsverband, ongeveer twee in verenigingsverband, ongeveer twee maal per week; maal per week; • hebben een beschermende • hebben een beschermende woonomgeving nodig waarin de woonomgeving nodig waarin de
fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden.
fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden.
Kinderen van 12 tot 18 jaar Kinderen van 12 tot 18 jaar • hebben geen voortdurend toezicht • hebben geen voortdurend toezicht nodig van volwassenen; nodig van volwassenen; • kunnen vanaf 12 jaar enkele uren • kunnen vanaf 12 jaar enkele uren alleen gelaten worden; alleen gelaten worden; • kunnen vanaf 16 jaar een dag en/of • kunnen vanaf 16 jaar een dag en/of een nacht alleen gelaten worden; een nacht alleen gelaten worden; • kunnen vanaf 18 jaar zelfstandig • kunnen vanaf 18 jaar zelfstandig wonen; wonen; • hebben bij hun persoonlijke • hebben bij hun persoonlijke verzorging geen hulp en maar weinig verzorging geen hulp en maar weinig toezicht nodig; toezicht nodig; • hebben bij gebruik van medicatie tot • hebben bij gebruik van medicatie tot hun 18e jaar toezicht, stimulans en hun 18e jaar toezicht, stimulans en controle nodig; controle nodig; • hebben tot 18 jaar een reguliere • hebben tot 18 jaar een reguliere dagbesteding op school/opleiding; dagbesteding op school/opleiding; • hebben begeleiding en stimulans • hebben begeleiding en stimulans nodig bij ontplooiing en ontwikkeling nodig bij ontplooiing en ontwikkeling (bv. huiswerk of het zelfstandig gaan (bv.
huiswerk of het zelfstandig gaan wonen); wonen); • hebben begeleiding en stimulans • hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; zelfstandigheid en zelfredzaamheid; • hebben sport- en hobbyactiviteiten in • hebben sport- en hobbyactiviteiten verenigingsverband, een onbeperkt in verenigingsverband, een onbeperkt aantal keren per week; aantal keren per week; • hebben tot 17 jaar een • hebben tot 17 jaar een beschermende woonomgeving nodig beschermende woonomgeving nodig
waarin de fysieke en sociale veiligheid waarin de fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden. pedagogisch klimaat wordt geboden. (voorheen 1. Het college verstaat onder 1. Het college verstaat onder 5) financiële haalbaarheid dat de cliënt financiële haalbaarheid dat de cliënt blijft beschikken over een inkomen, ter blijft beschikken over een inkomen, hoogte van 95% van de voor de cliënt ter hoogte van 95% van de voor de geldende bijstandsnorm inclusief cliënt geldende bijstandsnorm vakantiegeld. inclusief vakantiegeld. 2. Cliënt toont aan wat de hoogte van 2. Cliënt toont aan wat de hoogte van het maandelijks netto inkomen het maandelijks netto inkomen inclusief vakantiegeld is en welke inclusief vakantiegeld is en welke bijzondere kosten, die niet voor bijzondere kosten, die niet voor vergoeding (zoals bijvoorbeeld vergoeding (zoals bijvoorbeeld verzekering, belastingteruggave of verzekering, belastingteruggave of bijzondere bijstand) in aanmerking bijzondere bijstand) in aanmerking komen (kosten die gemaakt worden komen (kosten die gemaakt worden als gevolg van de beperkingen of als gevolg van de beperkingen of handicap) cliënt maandelijks heeft handicap) cliënt maandelijks heeft vanaf het moment van melden. vanaf het moment van melden. 3. Het college berekent aan de hand 3.
Het college berekent aan de hand van de verstrekte gegevens de van de verstrekte gegevens de financiële haalbaarheid van de financiële haalbaarheid van de algemene voorziening en algemeen algemene voorziening en algemeen gebruikelijke voorziening. Indien het gebruikelijke voorziening. Indien het gebruik van een algemene gebruik van een algemene voorziening of algemeen gebruikelijke voorziening of algemeen gebruikelijke voorziening financieel niet haalbaar is voorziening financieel niet haalbaar is verstrekt het college een verstrekt het college een maatwerkvoorziening aan de cliënt. maatwerkvoorziening aan de cliënt.
De bepaling omtrent de financiële haalbaarheid is er uit gehaald omdat deze niet langer ingezet mag worden. In de Wmo 2015 staat opgenomen dat het college niet mag vragen naar het inkomen van de inwoner.
5 1. Het college verstaat onder (voorheen voorzienbaarheid onder meer het 6) volgende: Er wordt verwacht van senioren of personen met een chronisch of zelfs progressief ziektebeeld dat zij anticiperen op de toekomst. Bij de keuze van een nieuw te betrekken woning of aanpassingen aan de bestaande woning wordt verwacht dat men rekening houdt met de eigen situatie. Dat betekent ook dat er met bestaande of te verwachten beperkingen rekening wordt gehouden. Indien het voor een cliënt bij het betrekken van de woning gelet op zijn medische situatie voorzienbaar was, dat hij beperkingen zou gaan ondervinden bij het normale gebruik van de woning, wijst het college de aanvraag voor een woonvoorziening af.
6 1. Het college hanteert bij (voorheen maatwerkvoorzieningen de in de 7)
1. Het college verstaat onder voorzienbaarheid onder meer het volgende: Er wordt verwacht van senioren of personen met een chronisch of zelfs progressief ziektebeeld een inwoner met een chronisch of zelfs progressief ziektebeeld dat hij voldoende rekening houdt met een al aanwezige beperking en de verwachte ontwikkeling daarvan bij het anticiperen op de toekomst. Bij de keuze van een nieuw te betrekken woning, aanpassingen aan de bestaande woning of aanschaf van een voorziening wordt verwacht dat men rekening houdt met de eigen situatie de beperkingen en de verwachte ontwikkelingen daarvan. Indien het voor een cliënt inwoner bij het betrekken van de woning gelet op zijn medische situatie voorzienbaar was dat hij beperkingen zou gaan ondervinden bij het normale gebruik van de woning en / of voorzieningen, wijst het college de aanvraag voor een woonvoorziening af. dan kan het college de gevraagde maatwerkvoorziening afwijzen. 1. Het college hanteert bij maatwerkvoorzieningen de in de
Uit jurisprudentie volgt dat afwijzen op basis van voorzienbaarheid vanwege senioriteit niet meer mag. Enkel wanneer er al beperkingen aanwezig zijn, kan van een inwoner worden verwacht dat hij hiermee rekening houdt.
Uit jurisprudentie volgt dat het niet langer mogelijk is om afschrijvingstermijnen te hanteren. Hoe oud bijvoorbeeld een badkamer is, mag dus niet
volgende leden opgenomen afschrijvingstermijnen. 2. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening woonvoorziening voor een bouwkundige woningaanpassing, wordt rekening gehouden met de afschrijvingstermijn zoals die in de sociale woningbouw gehanteerd wordt. De sociale woningbouw hanteert voor de renovatie van badkamer en keuken een termijn van ongeveer 25 jaren. Omdat als ondergrens voor wat acceptabel is in de Wmo het niveau sociale woningbouw wordt gehanteerd, wordt dit eveneens toegepast voor eigenaren van een koopwoning en de vrije huursector. 3. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening, anders dan in het tweede lid van dit artikel, sluit het college aan bij de afschrijvingstermijn van zeven jaren. 4. Het college verstrekt geen maatwerkvoorziening zolang de huidige maatwerkvoorziening nog adequaat functioneert ongeacht of de afschrijvingstermijn is verstreken. 5. Het college verstrekt een maatwerkvoorziening wanneer de afschrijvingstermijn van de huidige maatwerkvoorziening is verstreken en
volgende leden opgenomen afschrijvingstermijnen. 2. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening woonvoorziening voor een bouwkundige woningaanpassing, wordt rekening gehouden met de afschrijvingstermijn zoals die in de sociale woningbouw gehanteerd wordt. De sociale woningbouw hanteert voor de renovatie van badkamer en keuken een termijn van ongeveer 25 jaren. Omdat als ondergrens voor wat acceptabel is in de Wmo het niveau sociale woningbouw wordt gehanteerd, wordt dit eveneens toegepast voor eigenaren van een koopwoning en de vrije huursector. 3. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening, anders dan in het tweede lid van dit artikel, sluit het college aan bij de afschrijvingstermijn van zeven jaren. 4. Het college verstrekt geen maatwerkvoorziening zolang de huidige maatwerkvoorziening nog adequaat functioneert ongeacht of de afschrijvingstermijn is verstreken. Het college verstrekt een geen maatwerkvoorziening wanneer de afschrijvingstermijn van zolang de huidige maatwerkvoorziening is
langer worden meegewogen in het wel of niet verstrekken van een voorziening. Deze afschrijvingstermijnen worden daarom uit de beleidsregels gehaald. Het is nog wel mogelijk om geen voorziening toe te kennen als de huidige voorziening nog adequaat functioneert.
deze maatwerkvoorziening niet meer adequaat functioneert. (…) 7
verstreken en deze maatwerkvoorziening niet meer nog adequaat functioneert. (…) 1. De maatwerkvoorziening HO wordt De maatwerkvoorziening HO Sinds 1 januari 2024 maken we, evenals andere Huishoudelijke ondersteuning ingezet als een cliënt niet meer op Twentse gemeenten, gebruik van het HHM eigen kracht, met gebruikelijke hulp of wordt ingezet als een cliënt inwoner normenkader. Het normenkader dat we gebruiken met behulp van zijn sociale netwerk niet meer op eigen kracht, met is opgenomen in de bijlage. zijn huis leefbaar kan houden. gebruikelijke hulp of met behulp van In het normenkader is opgenomen hoeveel tijd Huishoudelijke taken worden dan zijn sociale netwerk zijn huis schoon van een professionele hulp nodig is als deze het overgenomen door een hulp. Het en leefbaar kan houden. huishouden in de ‘gemiddelde cliëntsituatie’ resultaat leefbaar huis wordt hiermee Huishoudelijke taken worden dan volledig moet overnemen. De wmo-consulent doet bereikt. Onder leefbaar huis wordt overgenomen door een onderzoek bij de inwoner die ondersteuning huishoudelijke hulp. Het resultaat verstaan dat een cliënt gebruik moet vraagt en vergelijkt de situatie van de inwoner met schoon en leefbaar huis wordt kunnen maken van de woonruimten de ‘gemiddelde cliëntsituatie’. Als de cliënt eigen die nodig zijn voor het normale hiermee bereikt.
Onder leefbaar huis mogelijkheden heeft of voorliggend of vanuit het wordt verstaan dat een cliënt inwoner netwerk ondersteuning kan worden geboden, dan gebruik van de woning en die daadwerkelijk dagelijks in gebruik zijn. gebruik moet kunnen maken van de is minder inzet van huishoudelijke ondersteuning Het huis dient zodanig leefbaar te zijn woonruimten die nodig zijn voor het mogelijk. Als het nodig is vanwege beperkingen of dat geen vervuiling plaatsvindt en zo normale gebruik van de woning en die belemmeringen van de inwoner of andere een algemeen aanvaardbaar daadwerkelijk in gebruik zijn. Het huis bijzonderheden om extra vaak of extra goed of basisniveau van een leefbaar huis dient zodanig leefbaar te zijn dat geen extra veel schoon te maken, dan is meer inzet van wordt gerealiseerd. vervuiling plaatsvindt en zo een huishoudelijke ondersteuning nodig. Zo komt het 2. De maatwerkvoorziening HO algemeen aanvaardbaar basisniveau tot ondersteuning op maat van het individu. bestaat uit zes modules met elk een van een leefbaar huis wordt eigen resultaat. De zes modules zijn: gerealiseerd. Voor de berekening van de hoogte • Basismodule; van de huishoudelijke • module Extra hygiëne; ondersteuning wordt gebruik • module Wasverzorging; gemaakt van het normenkader • module Regie; zoals opgenomen in bijlage 1. • module Maaltijdverzorging; • module Zorg voor minderjarige kinderen.
De basismodule en de vijf aanvullende modules zijn uitgewerkt in bijlage 1 “Basismodule en aanvullende modules”, bij deze beleidsregels. 3. De Basismodule HO bestaat uit basis schoonmaakactiviteiten en incidentele schoonmaakactiviteiten per woonruimte gericht op het resultaat “leefbaar huishouden”. De module heeft betrekking op de woonruimten die nodig zijn voor het normale gebruik van de woning én die daadwerkelijk dagelijks in gebruik zijn. Per woonruimte wordt aangegeven welke activiteiten er met welke frequentie per ruimte moeten worden verricht om het resultaat leefbaar huishouden te realiseren. Daarbij wordt per activiteit de normtijd gegeven. De normen van de basismodule zijn gebaseerd op het HHM onderzoek. 4. De module Extra hygiëne wordt ingezet als een cliënt vanwege objectiveerbare medische/fysieke belemmeringen onvoldoende resultaat kan bereiken met de basismodule. De module Extra hygiëne is qua activiteiten gelijk aan de basismodule. Alleen de frequentie van (enkele van) de activiteiten verschilt met de basismodule. De
2. De maatwerkvoorziening HO bestaat uit zes modules met elk een eigen resultaat. De zes modules zijn: • Basismodule; • module Extra hygiëne; • module Wasverzorging; • module Regie; • module Maaltijdverzorging; • module Zorg voor minderjarige kinderen. De basismodule en de vijf aanvullende modules zijn uitgewerkt in bijlage 1 “Basismodule en aanvullende modules”, bij deze beleidsregels. 3. De Basismodule HO bestaat uit basis schoonmaakactiviteiten en incidentele schoonmaakactiviteiten per woonruimte gericht op het resultaat “leefbaar huishouden”. De module heeft betrekking op de woonruimten die nodig zijn voor het normale gebruik van de woning én die daadwerkelijk dagelijks in gebruik zijn. Per woonruimte wordt aangegeven welke activiteiten er met welke frequentie per ruimte moeten worden verricht om het resultaat leefbaar huishouden te realiseren. Daarbij wordt per activiteit de normtijd gegeven. De normen van de basismodule zijn gebaseerd op het HHM onderzoek.
module Extra hygiëne is gebaseerd op de normen uit het CIZ protocol. 5. De module Wasverzorging wordt ingezet als een cliënt een belemmering heeft bij het op orde en schoon houden van de kleding en het linnen- en/of beddengoed. Aan de belemmering ligt een objectiveerbare (medische) beperking ten grondslag. Het doel van dit resultaat is de beschikking hebben over schone en draagbare kleding en linnen- en/of beddengoed. De module wasverzorging is gebaseerd op de norm uit HHM onderzoek. 6. De module Regie wordt ingezet wanneer een cliënt niet in staat is tot regie en planning van de werkzaamheden met betrekking tot het organiseren van huishoudelijke taken. Behalve dat er huishoudelijke taken moeten worden overgenomen, heeft de hulp aansturende en regietaken. Het doel van het voeren van de regie over het huishouden is, naast een leefbaar huishouden, ook het ondersteunen bij het organiseren van het huishouden. Voorwaarde voor het inzetten van de module Regie is dat sprake is van een objectiveerbare (medische) beperking. De module Regie is gebaseerd op de normen uit het CIZ protocol.
4. De module Extra hygiëne wordt ingezet als een cliënt vanwege objectiveerbare medische/fysieke belemmeringen onvoldoende resultaat kan bereiken met de basismodule. De module Extra hygiëne is qua activiteiten gelijk aan de basismodule. Alleen de frequentie van (enkele van) de activiteiten verschilt met de basismodule. De module Extra hygiëne is gebaseerd op de normen uit het CIZ protocol. 5. De module Wasverzorging wordt ingezet als een cliënt een belemmering heeft bij het op orde en schoon houden van de kleding en het linnen- en/of beddengoed. Aan de belemmering ligt een objectiveerbare (medische) beperking ten grondslag. Het doel van dit resultaat is de beschikking hebben over schone en draagbare kleding en linnen- en/of beddengoed. De module wasverzorging is gebaseerd op de norm uit HHM onderzoek. 6. De module Regie wordt ingezet wanneer een cliënt niet in staat is tot regie en planning van de werkzaamheden met betrekking tot het organiseren van huishoudelijke taken. Behalve dat er huishoudelijke taken moeten worden overgenomen, heeft de hulp aansturende en
7. De module Maaltijdverzorging bestaat uit activiteiten die moeten worden verricht om het resultaat “beschikken over benodigde dagelijkse maaltijden” te bereiken. De module maaltijdverzorging wordt alleen ingezet als sprake is van een objectiveerbare (medische) beperking die ertoe leidt dat een cliënt niet in staat is zelf of met ondersteuning van het sociale netwerk het resultaat te bereiken. De module maaltijdverzorging is gebaseerd op de normen uit het CIZ protocol. 8. De module Zorg voor minderjarige kinderen bestaat uit zorg voor minderjarige kinderen en wordt ingezet als ouders door acuut ontstane problemen een oplossing nodig hebben voor minderjarige, gezonde kinderen. De ondersteuning is dus per definitie tijdelijk (maximaal drie maanden), in afwachting van een structurele oplossing. De module Zorg voor minderjarige kinderen is gebaseerd op de normen uit het CIZ protocol. 9. Wanneer de cliënt overlijdt, blijft de huisgenoot die achterblijft HO ontvangen gedurende maximaal vier weken. Zo heeft de achterblijvende huisgenoot vier weken de tijd om de ondersteuning op een andere manier
regietaken. Het doel van het voeren van de regie over het huishouden is, naast een leefbaar huishouden, ook het ondersteunen bij het organiseren van het huishouden. Voorwaarde voor het inzetten van de module Regie is dat sprake is van een objectiveerbare (medische) beperking. De module Regie is gebaseerd op de normen uit het CIZ protocol. 7. De module Maaltijdverzorging bestaat uit activiteiten die moeten worden verricht om het resultaat “beschikken over benodigde dagelijkse maaltijden” te bereiken. De module maaltijdverzorging wordt alleen ingezet als sprake is van een objectiveerbare (medische) beperking die ertoe leidt dat een cliënt niet in staat is zelf of met ondersteuning van het sociale netwerk het resultaat te bereiken. De module maaltijdverzorging is gebaseerd op de normen uit het CIZ protocol. 8. De module Zorg voor minderjarige kinderen bestaat uit zorg voor minderjarige kinderen en wordt ingezet als ouders door acuut ontstane problemen een oplossing nodig hebben voor minderjarige, gezonde kinderen. De ondersteuning is dus per definitie tijdelijk (maximaal drie maanden), in afwachting van een
te organiseren of de (veranderende) structurele oplossing. De module Zorg indicatie op zijn naam te kunnen laten voor minderjarige kinderen is zetten. gebaseerd op de normen uit het CIZ 10. Indien door ernstige vervuiling een protocol. grondige schoonmaak van de woning 9. Wanneer de cliënt overlijdt, blijft de van cliënt noodzakelijk is, legt het huisgenoot die achterblijft HO college de voorwaarde op om ontvangen gedurende maximaal vier voorafgaand aan HO de woning weken. Zo heeft de achterblijvende grondig te laten schoonmaken. huisgenoot vier weken de tijd om de 11. In het ondersteuningsplan wordt ondersteuning op een andere manier aangegeven welke specifieke te organiseren of de (veranderende) activiteiten, in welke ruimte met welke indicatie op zijn naam te kunnen laten frequentie, moeten worden verricht bij zetten. de cliënt. Het ondersteuningsplan 10. Indien door ernstige vervuiling een maakt onderdeel uit van de grondige schoonmaak van de woning beschikking. van cliënt noodzakelijk is, legt het college de voorwaarde op om voorafgaand aan HO de woning grondig te laten schoonmaken. 11. In het ondersteuningsplan wordt aangegeven welke specifieke activiteiten, in welke ruimte met welke frequentie, moeten worden verricht bij de cliënt. Het ondersteuningsplan maakt onderdeel uit van de beschikking.
10 Het college verstrekt de Het college verstrekt de Aangepast om de leesbaarheid van de tekst ver (voorheen maatwerkvoorziening structureel maatwerkvoorziening structureel vergroten. De eigen kracht mogelijkheden die in 11) vervoer als het college heeft bepaald vervoer vervoer van en naar de eerdere tekst zijn genoemd zijn al onderdeel dagbesteding als het college heeft dat een cliënt niet in staat is om de van Wmo 2015 en hoeven daarom niet los locatie waar één van de vormen bepaald dat een cliënt niet in staat is benoemd te worden. ondersteuningsbehoefte (OB 1 of om de locatie waar één van de OB2) wordt aangeboden op eigen vormen ondersteuningsbehoefte (OB
kracht of met gebruikelijke hulp of met hulp van mantelzorger of hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk, al dan niet met het openbaar vervoer, fiets of ander vervoermiddel te bereiken.
12
(…) 3. Het college hanteert het volgende afwegingskader bij de maatwerkvoorziening woonvoorziening: (…) b. Het college beoordeelt allereerst of het resultaat: wonen in een geschikt huis, ook te bereiken is via een verhuizing. Hierbij worden alle aspecten meegewogen: financiële consequenties van de verhuizing, de termijn waarop een woning beschikbaar komt (in verband met de medische verantwoorde termijn), de argumenten pro en contra verhuizing ten aanzien van de betrokkene en argumenten op basis van eventueel aanwezige mantelzorg. Een zeer zorgvuldige afweging van alle
1 of OB2) wordt aangeboden op eigen kracht of met gebruikelijke hulp of met hulp van mantelzorger of hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk, al dan niet met het openbaar vervoer, fiets of ander vervoermiddel te bereiken. als gebleken is dat de inwoner niet in staat is met eigen mogelijkheden naar de dagbestedingslocatie te reizen. Dit kan alleen in combinatie met een maatwerkvoorziening voor dagbesteding. (…) Lid 3: Het gehele artikel is van volgorde gewijzigd 3. Het college hanteert het volgende om de leesbaarheid en de structuur te verbeteren. afwegingskader bij de Het verhuisprimaat uit sub b is opgenomen in het maatwerkvoorziening nieuwe lid 4 tot en met 8. Sub c is opgenomen in woonvoorziening: lid 9, sub d is opgenomen in lid 10, sub e is (…) opgenomen in lid 11 en sub f in lid 11. b. Het college beoordeelt allereerst of Lid 4 t/m 8: het verhuisprimaat, dat inhoudt dat het het resultaat: wonen in een geschikt verstrekken van een voorziening voor verhuizing huis, ook te bereiken is via een en inrichting voorrang heeft op andere verhuizing. Hierbij worden alle woonvoorzieningen, stond al summier aspecten meegewogen: financiële opgenomen in sub b. De oude tekst zorgde echter consequenties van de verhuizing, de voor onduidelijkheid in de praktijk en was termijn waarop een woning bovendien niet volledig.
De voorliggende beschikbaar komt (in verband met de beleidsregels hebben het verhuisprimaat helder medische verantwoorde termijn), de geformuleerd opgenomen, waardoor voor zowel argumenten pro en contra verhuizing de uitvoering als de inwoners duidelijk is wanneer ten aanzien van de betrokkene en het verhuisprimaat kan worden ingezet. argumenten op basis van eventueel aanwezige mantelzorg. Een zeer Het oude lid 5 en 6 zijn verwijderd, omdat deze in zorgvuldige afweging van alle de praktijk nimmer gebruikt werden. De lijst in lid 5
argumenten zal aan het besluit ten argumenten zal aan het besluit ten was niet limitatief, waardoor de praktijk en grondslag worden gelegd. grondslag worden gelegd. inwoners hier geen duidelijke handvaten aan c. Als een inpandige aanpassing c. Als een inpandige aanpassing konden ontlenen. mogelijk is, bijvoorbeeld in de situatie mogelijk is, bijvoorbeeld in de situatie van een ruime benedenverdieping, zal van een ruime benedenverdieping, zal het college allereerst die situatie het college allereerst die situatie beoordelen, voordat uitbreiding van beoordelen, voordat uitbreiding van de woning aan de orde komt. de woning aan de orde komt. d. Uitgangspunt is dat er geen d. Uitgangspunt is dat er geen maatwerkvoorziening maatwerkvoorziening woonvoorziening wordt verstrekt als woonvoorziening wordt verstrekt als het gaat om specifiek voor het gaat om specifiek voor gehandicapten of ouderen bedoelde gehandicapten of ouderen bedoelde gebouwen. gebouwen. e. Wanneer de cliënt in een Wlze.
Wanneer de cliënt in een Wlzinstelling woont, kan het college instelling woont, kan het college eenmalig een maatwerkvoorziening eenmalig een maatwerkvoorziening woonvoorziening verstrekken voor het woonvoorziening verstrekken voor het bezoekbaar maken van één woning bezoekbaar maken van één woning waar de cliënt in de periode waar de cliënt in de periode voorafgaand aan de verhuizing naar voorafgaand aan de verhuizing naar de Wlz instelling heeft gewoond en de Wlz instelling heeft gewoond en nog regelmatig op bezoek komt nog regelmatig op bezoek komt (bijvoorbeeld de woning van partner, (bijvoorbeeld de woning van partner, kinderen of ouders). Bezoekbaar kinderen of ouders). Bezoekbaar houdt in dat de persoon toegang heeft houdt in dat de persoon toegang heeft tot de woning en één verblijfsruimte tot de woning en één verblijfsruimte (bijvoorbeeld de woonkamer) en het (bijvoorbeeld de woonkamer) en het toilet kan bereiken en gebruiken. Er toilet kan bereiken en gebruiken. Er worden geen aanpassingen vergoed worden geen aanpassingen vergoed om logeren mogelijk te maken. om logeren mogelijk te maken. f. Bij grotere bouwkundige f. Bij grotere bouwkundige aanpassingen aan de woning werkt aanpassingen aan de woning werkt
het college altijd eerst met een programma van eisen, waarbij de cliënt minimaal twee offertes opvraagt en overlegt. Het college vraagt zo nodig zelf een offerte op indien het college twijfelt aan de overgelegde offertes.
5. Het college verstrekt in een pgb de volgende kosten van woningaanpassingen (niet limitatief): a. de aanneemsom (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten) voor het treffen van de voorziening. Indien de voorziening in de privésfeer wordt gerealiseerd dan vervalt de post loonkosten en komen alleen de materiaalkosten voor een pgb in aanmerking; b. de risicoverzekering van loon- en materiaalkosten. Indien de voorziening in de privésfeer wordt gerealiseerd dan vervalt de post loonkosten en komen alleen de
het college altijd eerst met een programma van eisen, waarbij de cliënt minimaal twee offertes opvraagt en overlegt. Het college vraagt zo nodig zelf een offerte op indien het college twijfelt aan de overgelegde offertes. 4. Bij de afweging tot het al dan niet verstrekken van een maatwerkvoorziening voor woningaanpassing zoals het college die maakt wordt tevens beoordeeld of de cliënt kan verhuizen naar een geschikte woning of een gemakkelijker geschikt te maken woning. 5. Het college verstrekt in een pgb de volgende kosten van woningaanpassingen (niet limitatief): a. de aanneemsom (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten) voor het treffen van de voorziening. Indien de voorziening in de privésfeer wordt gerealiseerd dan vervalt de post loonkosten en komen alleen de materiaalkosten voor een pgb in aanmerking; b. de risicoverzekering van loon- en materiaalkosten. Indien de voorziening in de privésfeer wordt gerealiseerd dan vervalt de post loonkosten en komen alleen de
materiaalkosten voor een pgb in materiaalkosten voor een pgb in aanmerking; aanmerking; c. het architectenhonorarium, inclusief c. het architectenhonorarium, inclusief btw, tot ten hoogste 10% van de btw, tot ten hoogste 10% van de aanneemsom. Alleen in die gevallen aanneemsom. Alleen in die gevallen dat het noodzakelijk is dat een dat het noodzakelijk is dat een architect voor de woningaanpassing architect voor de woningaanpassing wordt ingeschakeld worden deze wordt ingeschakeld worden deze kosten meegenomen. Het gaat dan kosten meegenomen. Het gaat dan om ingrijpende woningaanpassingen; om ingrijpende woningaanpassingen; d. de kosten voor het toezicht op de d. de kosten voor het toezicht op de uitvoering, indien noodzakelijk, tot een uitvoering, indien noodzakelijk, tot een maximum van 2% van de maximum van 2% van de aanneemsom (inclusief btw); aanneemsom (inclusief btw); e. de leges voor zover deze e. de leges voor zover deze betrekking hebben op het treffen van betrekking hebben op het treffen van de voorziening; de voorziening; f. de verschuldigde en niet f. de verschuldigde en niet verrekenbare of terugvorderbare verrekenbare of terugvorderbare omzetbelasting; omzetbelasting; g. de prijs van bouwrijpe grond, indien g.
de prijs van bouwrijpe grond, indien noodzakelijk, als niet binnen de noodzakelijk, als niet binnen de oorspronkelijke kavel gebouwd kan oorspronkelijke kavel gebouwd kan worden; worden; h. de door het college in een h. de door het college in een beschikking goedgekeurde beschikking goedgekeurde kostenverhogingen, die ten tijde van kostenverhogingen, die ten tijde van de raming van de kosten redelijkerwijs de raming van de kosten redelijkerwijs niet voorzien hadden kunnen zijn; niet voorzien hadden kunnen zijn; i. de kosten in verband met i. de kosten in verband met noodzakelijk technisch onderzoek en noodzakelijk technisch onderzoek en door het college noodzakelijk geachte door het college noodzakelijk geachte
adviezen over het verrichten van de aanpassing; j. de kosten van heraansluiting op openbare nutsvoorziening. 6. Het college vergoedt voor een verhuizing in een pgb de verhuiskosten.
adviezen over het verrichten van de aanpassing; j. de kosten van heraansluiting op openbare nutsvoorziening. 6. Het college vergoedt voor een verhuizing in een pgb de verhuiskosten. 5. De beoordeling of inwoner kan verhuizen naar een geschikte woning of een gemakkelijker geschikt te maken woning vindt in ieder geval plaats indien: a. de woning waar naartoe kan worden verhuisd voor de inwoner geschikter is of verhuizing goedkoper is dan aanpassing van zijn huidige woning; b. er geen contra-indicatie tot verhuizen aanwezig is op grond van objectieve psychische of sociale redenen; c. de kosten van een door het college te verstrekken bouwkundige of woontechnische woonvoorziening van de door de cliënt bewoonde woning meer bedragen dan € 7.500,00-, en d. er binnen een aanvaardbare termijn een woning beschikbaar komt waar naartoe kan worden verhuisd. 6. Indien het verhuisprimaat wordt toegepast en de inwoner niet wenst
te verhuizen, wordt de inwoner de mogelijkheid geboden van een financiële tegemoetkoming. Het college behoudt het recht hier voorwaarden aan te koppelen. 7. Indien het college heeft beoordeeld dat de inwoner geen recht heeft op een maatwerkvoorziening voor woningaanpassing vanwege toepassing van het verhuisprimaat, kan het college een financiële tegemoetkoming voor verhuiskosten verstrekken ter hoogte van de werkelijke kosten. 8. De inwoner dient zelf te zoeken naar geschikte woonruimte. Een cliëntondersteuner kan hierbij, indien nodig, ondersteuning bieden. 9. Als een inpandige aanpassing mogelijk is, bijvoorbeeld in de situatie van een ruime benedenverdieping, zal het college allereerst die situatie beoordelen, voordat uitbreiding van de woning aan de orde komt. 10. Uitgangspunt is dat er geen maatwerkvoorziening woonvoorziening wordt verstrekt als het gaat om specifiek voor gehandicapten of ouderen bedoelde gebouwen.
13
11. Wanneer de cliënt in een Wlz-instelling woont, kan het college een maatwerkvoorziening woonvoorziening verstrekken voor het bezoekbaar maken van een woning waar de cliënt in de periode voorafgaand aan de verhuizing naar de Wlz- instelling nog regelmatig op bezoek komt (bijvoorbeeld de woning van partner, kinderen of ouders). Bezoekbaar houdt in dat de persoon toegang heeft tot de woning en één verblijfsruimte (bijvoorbeeld de woonkamer) en het toilet kan bereiken en gebruiken. 12. Bij grotere bouwkundige aanpassingen aan de woning werkt het college altijd eerst met een programma van eisen, waarbij de cliënt minimaal twee offertes opvraagt en overlegt. Het college vraagt zo nodig zelf een offerte op indien het college twijfelt aan de overgelegde offertes. 4 13. (…) 7 14. (…) 1. De maatwerkvoorziening rolstoel 1. de maatwerkvoorziening rolstoel heeft als doel het in belangrijke mate heeft als doel het zittend zittend verplaatsen door de inwoner in verplaatsen in en rondom de woning, omdat lopend verplaatsen en om de woning. (…) niet of onvoldoende mogelijk is,
Overwegingen bij dit artikel zijn de volgende: Primair doel is het zittend verplaatsen in en om de woning, omdat lopend verplaatsen niet of onvoldoende mogelijk is, ook met op grond van
ook met op grond van andere regelingen te verstrekken voorzieningen als looprekken, rollators, wandelstokken en krukken.
andere regelingen te verstrekken voorzieningen als looprekken, rollators, wandelstokken en krukken. Dikwijls is hier een periode aan vooraf gegaan, waarin gebruik wordt gemaakt van andere hulpmiddelen, (ooit) verstrekt op basis van de Zorgverzekeringswet of AWBZ of zelf aangeschaft. Hier is een maatwerkvoorziening op zijn plaats. Daar tegenover staat het gebruik van rolstoelen voor het zogenaamde 'incidentele' gebruik, waarbij de rolstoel in de auto wordt meegenomen om elders, bij het winkelen of bij uitstapjes, te gebruiken. Ook het gebruik van een rolstoel voor kortdurend gebruik, bijvoorbeeld na een operatie of andere aandoening, waarbij iemand is aangewezen op zittend verplaatsen, kan worden opgelost door gebruik te maken van de zorgverzekeringswet, oftewel de uitleen om voor de duur van zes maanden een rolstoel via een uitleenservice te lenen. Inwoners kunnen zonder indicatie gebruik maken van een rolstoelen. Daarnaast zijn er veel gelegenheden waar de inwoner een rolstoel kan lenen, denk hierbij aan een pretpark, dierentuin, ziekenhuis, musea of woonwinkel. Als uit onderzoek blijkt dat een algemene of collectieve voorziening niet een passende oplossing vormt, wordt er samen met de inwoner gekeken naar een maatwerkoplossing.
15
1. De maatwerkvoorziening vervoer maatschappelijke deelname heeft als doel het lokaal verplaatsen per
1. De maatwerkvoorziening vervoer maatschappelijke deelname heeft als doel het lokaal verplaatsen per
Lid 1: Het reizen binnen de landsgrenzen is een landelijk bepaalde regel die eerder niet expliciet werd genoemd. Omdat Haaksbergen dicht aan de
vervoermiddel in de eigen woon- en leefomgeving. Onder lokaal verplaatsen verstaat het college verplaatsingen in een straal van 15 tot 20 kilometer rond de woning. Buiten dit gebied kan gebruik worden gemaakt van de mogelijkheden van het bovenregionale vervoer, dat Valys in opdracht van het ministerie van VWS verricht. Het college onderscheidt de volgende maatwerkvoorzieningen vervoer maatschappelijke deelname: a. collectief vervoer (inclusief rolstoeltaxi); b. pgb taxivervoer; c. pgb rolstoeltaxi; d. auto aanpassing in natura, dan wel pgb; e. scootmobielpool f. scootmobiel in natura, dan wel pgb; g. driewielfiets in natura, dan wel pgb; h. ouder- kindtandem in natura, dan wel pgb; i. kinderduwwagen in natura, dan wel pgb; j. handbike in natura, dan wel pgb; k. financiële tegemoetkoming voor brandstofkosten van de eigen auto; l. een andere vervoersvoorziening die in het betreffende geval maatwerk biedt.
vervoermiddel in de eigen woon- en leefomgeving. Onder lokaal verplaatsen verstaat het college verplaatsingen in een straal van 25 kilometer rond de woning en binnen de landsgrenzen. Buiten dit gebied kan gebruik worden gemaakt van de mogelijkheden van het bovenregionale vervoer, dat Valys in opdracht van het ministerie van VWS verricht. Het college onderscheidt de volgende maatwerkvoorzieningen vervoer maatschappelijke deelname: a. collectief vervoer (inclusief rolstoeltaxi); b. pgb taxivervoer; c. pgb rolstoeltaxi; d. auto aanpassing in natura, dan wel pgb; e. scootmobielpool f. scootmobiel in natura, dan wel pgb; g. driewielfiets in natura, dan wel pgb; h. ouder- kindtandem in natura, dan wel pgb; i. kinderduwwagen in natura, dan wel pgb; j. handbike in natura, dan wel pgb; k. financiële tegemoetkoming voor brandstofkosten van de eigen auto; l. een andere vervoersvoorziening die in het betreffende geval maatwerk biedt.
landsgrens ligt is dit opgenomen. De opsomming van verschillende vervoersmogelijkheden is geschrapt. Deze lijst is niet langer volledig en door de techniek veranderen de voorzieningen snel. De kilometerstraal is aangepast zodat het overeenkomt met het aantal kilometers die zijn afgesproken in de aanbesteding. Lid 2: In de praktijk wordt al standaard 1500 km toegekend. Indien een inwoner meer of minder nodig heeft, wordt maatwerk toegepast. Lid 4: De leeftijd van de auto wordt niet afhankelijk gesteld van de aanpassing, mede in het kader van duurzaamheid. Lid 6: Verwijderd omdat dit niet langer in overeenstemming is met de praktijk.
2. Voordat het college een 2. Voordat het college een maatwerkvoorziening vervoer maatwerkvoorziening vervoer maatschappelijke deelname verstrekt, maatschappelijke deelname verstrekt, kijkt het college naar de kijkt het college naar de vervoersbehoefte van de cliënt. vervoersbehoefte van de cliënt. Daarnaast oordeelt het college of de Daarnaast oordeelt het college of de vervoersbehoefte betrekking heeft op vervoersbehoefte betrekking heeft op de korte afstand van 0 tot 800 meter, de korte afstand van 0 tot 800 meter, en/of de lange afstand vanaf 800 en/of de lange afstand vanaf 800 meter. meter. 3. (…) Met de maatwerkvoorziening 2. (…) Met de maatwerkvoorziening collectief vervoer kan de cliënt jaarlijks collectief vervoer kan de cliënt een afstand van 2.000 kilometer jaarlijks een afstand van 2.000 inwoner per kalenderjaar standaard afleggen. 1500 kilometer afleggen. Behoefte (…) aan meer kilometers worden door het college onderzocht. (…) 5. (…) Het college verstrekt de 4. (…) Het college verstrekt de maatwerkvoorziening auto maatwerkvoorziening auto aanpassing alleen als de aan te aanpassing alleen als de aan te passen auto niet ouder is dan zeven passen auto niet ouder is dan zeven jaar. Het college verstrekt de jaar.
Het college verstrekt de maatwerkvoorziening auto maatwerkvoorziening auto aanpassing als blijkt dat het de aanpassing blijkt dat het de goedkoopst adequaatste oplossing is. goedkoopst adequaatste oplossing is. Daarbij vergelijkt het college de Daarbij vergelijkt het college de kosten van de noodzakelijke auto kosten van de noodzakelijke auto aanpassing met de kosten van de aanpassing met de kosten van de anders te verstrekken anders te verstrekken maatwerkvoorziening vervoer over maatwerkvoorziening vervoer over een periode van zeven jaar. een periode van zeven jaar.
6. Als een cliënt beperkingen heeft bij het afleggen van een korte afstand, al dan niet met hulpmiddelen, verstrekt het college de maatwerkvoorziening scootmobiel, driewielfiets, ouder kindtandem, kinderduwwagen of handbike.
6. Als een cliënt beperkingen heeft bij het afleggen van een korte afstand, al dan niet met hulpmiddelen, verstrekt het college de maatwerkvoorziening scootmobiel, driewielfiets, ouder kindtandem, kinderduwwagen of handbike.