CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Tussenuitspraak Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State d.d. 6 september 2023

Gemeenteraad 20 december 2023, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Raadsvoorstel Herstelbesluit ex artikel 851d Awb bestemmingsplan “Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1, partiële herziening Uitbreiding Uzin Utz”2.968 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raad

Atdelmg, besiïuuii's'l'echtspmak

Vangtate

Pagina 1 ml

GEMEENTE HAAKSBERGEN

Z'LHßS

22,

Zaaknr.: Documentnr.:

AANTEKENEN

7 SEP' 2023

O n t vangs t

Datum

Raad van de gemeente

Haaksbergen

POStbLlS 102 7480 AC HAAKSBERGEN

6 september

2023

Te bewaren

PAZ

Num. reeks

Kopie aan.

Uw kenmerk

Ons nummer

Datum

Archief_

202201298/1/R3

Inlichtingen

Onderwerp

Mw. Sardar 070-4264542

Haaksbergen Bestemmingsplan Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1 partiële herziening uitbreiding Utz

Procedure

Beroep

Geachte heer/mevrouw, procedure heeft de Afdeling ln bovengenoemde afschrift van deze uitspraak treft u hierbij aan.

De behandeling Welke opdracht

een tussenuitspraak

van de zaak is daarmee nog niet beëindigd. de Afdeling heeft gegeven.

De verdere behandeling

Wordt voortgezet

ln de uitspraak

onder het zaaknummer:

Een

gedaan.

kunt u lezen

202201298/2.

Voor zover de opdracht met zich brengt dat er een nieuw IMHO-bestand geupload moet worden, kunt u gebruikmaken van de gebruikersnaam en het Wachtwoord dat u eerder hebt ontvangen. Aangezien

dit bericht geautomatiseerd

is aangemaakt,

is dit niet ondertekend.

Hoogachtend, de griffier

4052424 CA7

Postbus 20019

2500 EA Den Haag

070 426 44 26

BUcorrespondentle de datum en het nummer

F 070 365 13 80

van deze briefvermelden

\vwwmaadvanstatenl

Raad

vanState 202201298/1/R3. Datum uitspraak:

6 september

2023

AFDELING BESTU URSRECHTSPRAAK

Tussenuitspraak

bestuursrecht

van de Algemene met toepassing van artikel (hierna: de Awb) in het geding tussen:

Wet

van de Stille Maatschap tussen Het landbouwbedrijf gevestigd te Baumeister-Asbreuk, Baumeister en Baumeister, (hierna en in tezamen Haaksbergen Haaksbergen, en anderen, Wonend te

enkelvoud: Baumeister), appellanten, en

de raad van de gemeente verweerder.

Haaksbergen,

2

202201298/1/R3

6 september 2023

Procesverloop Bij besluit van 22 december 2021 heeft de raad het bestemmingsplan partiële herziening Uitbreiding Uzin Utz" vastgesteld. "Stepelerveld, fase Tegen dit besluit heeft Baumeister

De raad heeft een verweerschrift

beroep ingesteld.

ingediend.

Baumeister heeft een nader stuk ingediend. 2023, waar De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 1 augustus door bijgestaan Baumeister, door Baumeister, vertegenwoordigd raad, de en Utrecht, Bruinsma, beiden advocaat te Corsten en Schra, zijn verschenen. Heukels en door vertegenwoordigd door ing. vertegenwoordigd Voorts is ter zitting Uzin Utz Nederland Cela, als partij gehoord. Gerfen en

Overwegingen van de Awb luidt, voor zover thans van belang: Artikel "Indien de bestuursrechter in hoogste aanleg uitspraak doet, kan hij het opdragen een gebrek in het bestreden besluit te herstellen of bestuursorgaan te laten herstellen." Inleiding

Het plan voorziet in de uitbreiding van het bedrijf Uzin Utz dat is gevestigd op het bedrijventerrein Stepelerveld in Nederland De uitbreiding ziet specifiek op de mogelijkheid om een Haaksbergen. van 42 m te realiseren, bouwhoogte gebouw met een maximale toegestane een zogenaamde

poedertoren.

Baumeister woont en exploiteert een melkvee- en varkenshouderij 31 te Haaksbergen. Baumeister vreest dat het aan de Stepelerveldweg bestreden plan zal leiden tot een onaanvaardbare aantasting van zijn woon-, leef- en werkklimaat. Toetsingskader moet de raad Bij de vaststelling van een bestemmingsplan het oogpunt van uit aanwijzen en regels geven die de raad bestemmingen een goede ruimtelijke ordening nodig acht. De raad heeft daarbij beleidsruimte en moet de betrokken belangen afwegen. De Afdeling oordeelt is met een goede ruimtelijke niet zelf of het plan in overeenstemming ordening. De Afdeling beoordeelt aan de hand van de beroepsgronden of het is met in overeenstemming besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan het recht. Daarbij kan aan de orde komen of de nadelige gevolgen van het plan onevenredig zijn in verhouding tot de met het plan te dienen doelen.

Ruimtelijke

aanvaardbaarheid

202201298/1/R3

3

6 september 2023

Baumeister voert aan dat de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het bestreden plan onvoldoende is gemotiveerd. Zo is onvoldoende gemotiveerd in hoeverre de verhoging van de is met een goede naar 42 m in overeenstemming bestaande bouwhoogte Zijn woon-, Werkvan aantasting voor ruimtelijke ordening. Baumeister vreest omdat een gebouw met een maximale toegestane en leefklimaat, afstand van zijn gronden van 42 m op een steenworp bouwhoogte buitenproportioneel is. ln dat kader wijst Baumeister erop dat op het industrieterrein dat is gesitueerd binnen het plangebied van het vastgesteld op 22 december 2021 "Industrie-West", bestemmingsplan Ook alleen hoogbouw in het midden van het industrieterrein is toegestaan. de voert Baumeister aan dat het aannemelijk is dat een verhoging van hebben. zal omgevingseffecten milieu- en bouwhoogte maximale toegestane op gewezen Op de zitting heeft Baumeister ten aanzien van dit laatste aspect de mogelijke gevolgen van de poedertoren voor het geluid, externe veiligheid Volgens hem kan niet alleen worden volstaan met het en stikstofdepositie. opstellen van aanvullende beeldkwaliteitscriteria voor de landschappelijke inpassing. Op de zitting heeft Baumeister ook erop gewezen dat ten onrechte niet zijn gewaarborgd in de de eisen uit de beeldkwaliteitsparagraaf planregels.

De raad stelt zich in zijn verweerschrift op het standpunt dat met niet het bestreden plan de huidige bedrijfsbestemming binnen het plangebied verandert en dat een volledige afweging van allerlei milieu- en al eerder is gedaan bij het vorige bestemmingsplan. omgevingsaspecten binnen het plangebied zijn De raad erkent dat de bebouwingmogelijkheden m toe te staan. Deze 42 van verruimd door een maximale bouwhoogte die hier is beoogd. hoogte is nodig vanwege de specifieke bedrijfsactiviteit er reden is om aanvullende De raad stelt dat juist vanwege deze bouwhoogte welstandscriteria op te stellen om ervoor te zorgen dat er een wordt gerealiseerd dat zowel op zichzelf als in relatie tot de bedrijfsgebouw omgeving komt te staan. Het betreft een locatie waarvoor een hoge ambitie geldt en dit dient tot uiting te komen in de voor de omgevingskwaliteit architectonische kwaliteit van het gebouw. De raad hecht daar veel waarde aan, omdat hij werkt aan een duurzame gebiedsontwikkeling waarbij de kwaliteit voorop staat. Volgens de raad is de uitbreiding is van het bestaande

bedrijventerrein Stepelo niet de vergelijken met het door Baumeister genoemde industrieterrein. Dit omdat dat andere industrieterrein gedeeltelijk ligt. en in de nabijheid van andere burgerwoningen grenst aan woonwijken geen op daarmee is De ruimtelijke opgave van beide bedrijventerreinen enkele manier met elkaar te vergelijken. Aan de gronden van het plangebied zijn de bestemming "bedrijf tot en met categorie 4.1 en Bedrijventerrein", de functieaanduiding poedertoren" toegekend. “specifieke bouwaanduiding de functieaanduiding Artikel 1.39 van de planregels luidt: bouwonderdeel van een productieproces, bestaande uit silo's, "poedertoren: voormeng-, weeg- en/of menginstallaties die boven elkaar zijn tussenweeg-, gesitueerd, waarbij door middel van de zwaartekracht de poedervormige grondstoffen droog gemengd worden in de juiste samenstelling en door gebruik te maken van afzak- en palletiseringsinstallaties. verpakkingen,

202201298/1/R3

4

6 september 2023

Voorbeelden van de gemengde producten zijn cement- of gipsgebonden reparatie- of egaliseermiddelen, Waaronder begrepen poeder voor tegellijmen." Artikel 3.1 van de planregels luidt: voor: "De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd

van de aanduiding 'bedrijf tot en met categorie Bedrijfsactiviteiten voor bedrijven tot en met categorie 3.2 van de Staat van Bedrijventerreinen, die als bijlage bij deze regels is gevoegd; categorie ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf tot en met ter plaatse

Bedrijfsactiviteiten voor bedrijven tot en met categorie 4.1 van de Staat van Bedrijventerreinen, die als bijlage bij deze regels is gevoegd;j van de planregels luidt: Artikel gelden de volgende regels: "Voor bedrijfsgebouwen gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden opgericht; van een gebouw bedraagt maximaal 12 m de bouwhoogte aanduiding in afwijking van het bepaalde onder b mag ter plaatse van de de van bouwhoogte poedertoren' de 'specifieke bouwaanduiding van maximaal 1.000 m2 niet meer oppervlakte poedertoren over een bedragen dan 42

Het plan voorziet, als gezegd, in de realisering van een poedertoren plaatse binnen het plangebied en op het terrein van Uzin Utz. De ter is met dit "bedrijf tot en met categorie geldende functieaanduiding "specifieke niet gewijzigd. Wel is de functieaanduiding bestemmingsplan Op plangebied. poedertoren" toegekend aan het gehele bouwaanduiding van de planregels is binnen het aanhef en onder grond van artikel van bouwhoogte plangebied een poedertoren met een maximaal toegestane van grond Op 42 m en een maximaal oppervlak van 1.000 m2toegestaan. "Bedrijventerrein Stepelerveld, fase het vorige bestemmingsplan aanhef vastgesteld op 16 december 2015, was op grond van artikel van 12 rn bouwhoogte van de planregels een maximale toegestane en lid aanhef en onder Op grond van artikel mogelijk voor bedrijfsgebouwen. van van de planregels is het mogelijk om indien dit uit oogpunt bedrijfsvoering dan wel architectuur noodzakelijk is, over een oppervlakte maximaal van niet meer dan 25% van de bebouwde oppervlakte de Gelet op het te verhogen tot niet meer dan 16 bouwhoogte toegestane vorenstaande voorziet het bestreden plan in een aanzienlijke verticale uitbreidingsmogelijkheid van ongeveer 26 m op een oppervlak van maximaal

1.000

Milieu- en omgevingseffecten Op de vraag aan de raad waarom hij de zojuist beschreven uit ruimtelijk oogpunt aanvaardbaar acht heeft de raad volstaan ontwikkeling geldende met een verwijzing naar de bestaande rechten uit het voorheen en de aan dat plan ten grondslag liggende onderzoeken. De bestemmingsplan dat dit argument eraan voorbij gaat dat niet gebleken is Afdeling overweegt bestreden dat er onderzoek is gedaan naar de mogelijke gevolgen van het externe plan met betrekking tot, bijvoorbeeld, de aspecten geluid en

5

202201298/1/R3

6 september

2023

Zonder nadere motivering is niet op voorhand aannemelijk dat een verticale uitbreiding van de bestaande inrichting met een poedertoren geen invloed ongeveer 26 m met een oppervlakte van ten hoogste 1.000 de van opzichte heeft op de aspecten geluid en externe veiligheid ten op voorheen bestemde situatie. Zo heeft de raad er op de zitting weliswaar artikel van grond op is toepassing gewezen dat er een risicocontour van van de planregels, maar heeft de raad niet aanhef en onder van 42 m en oppervlak van onderzocht of bij een maximale bouwhoogte 1.000 m2 ook aan deze planregel kan worden voldaan. Gelet op de door de Baumeister naar voren gebrachte bedenkingen had het op de weg van verticale de van raad gelegen om de ruimtelijke aanvaardbaarheid uitbreidingsmogelijkheden nader te onderzoeken dan wel een lagere

veiligheid.

bouwhoogte

vast te stellen.

Het betoog

slaagt.

Stíks to f

Artikel 8:69a van de Awb luidt: strijd is "De bestuursrechter vernietigt een besluit niet op de grond dat het in met een geschreven of ongeschreven rechtsregel of een algemeen rechtsbeginsel, indien deze regel of dit beginsel kennelijk niet strekt tot bescherming van de belangen van degene die zich daarop beroept." van de Wet aanpassing Uit de geschiedenis van de totstandkoming 18-20) 32 450, 2009/10, bestuursprocesrecht (Kamerstukken met artikel 8:69a van de Awb de eis heeft willen blijkt dat de wetgever stellen dat er een verband is tussen een beroepsgrond en het belang waarin de appellant door het bestreden besluit dreigt te worden geschaad. De bestuursrechter mag een besluit niet vernietigen wegens schending van een rechtsregel die kennelijk niet strekt tot bescherming van het belang van degene die in (hoger) beroep komt.

Voor zover Baumeister in dit kader wijst op de mogelijke gevolgen stelt de Afdeling vast dat het dichtstbijzijnde voor de stikstofdepositie, Haaksbergerveen" is gesitueerd op Natura 2000-gebied "Buurserzand

2 km van het perceel van Baumeister. Voor zover Baumeister als natuurlijk persoon deze grond aanvoert, van is gelet op de afstand het belang bij het behoud van een goede kwaliteit in dit geval niet zo verweven met de algemene belangen zijn woonomgeving (hierna: de Wnb) beoogt te beschermen dat die de Wet natuurbescherming kan worden geoordeeld dat de betrokken normen van de Wnb kennelijk

ongeveer

strekken tot bescherming van hun belangen. Voor zover Baumeister als maatschap deze grond heeft aanvoert, van het ziet de Afdeling ook aanleiding voor het tegenwerpen beoordeling van de relativiteitsvereiste. De bepalingen in de Wnb over voor plannen, projecten of andere handelingen, die gevolgen kunnen hebben strekken kennelijk niet tot bescherming van een Natura 2000-gebied, van 11 november bedrijfseconomische belangen. ln de overzichtsuitspraak heeft de Afdeling overwogen dat de 2020, ECLl:NL:RVS:2020:2706, bedrijfseconomische belangen van een appellant zo verweven kunnen zijn met het algemeen belang van het behoud van een goede staat van

6

298/1/R3

6 september 2023_

een belang dat de van het betrokken Natura 2000-gebied, voor het oordeel bestaat aanleiding dat er geen Wnb beoogt te beschermen, dat de betrokken normen van de Wnb kennelijk niet strekken tot van de belangen van deze appellant. Geen verwevenheid Wordt bescherming niet beïnvloed wordt door de staat aangenomen wanneer de bedrijfsvoering bijvoorbeeld omdat de van het Natura 2000-gebied, van instandhouding te groot is. 2000-gebied Natura het afstand tussen de bedrijfsgronden en Verwevenheid wordt ook niet aangenomen wanneer er een te ver verwijderd verband bestaat tussen het bedrijfseconomische belang en het belang van de instandhouding

natuurbescherming. De Afdeling stelt vast dat Baumeister als maatschap niet heeft toegelicht of en zo ja waarom haar bedrijfseconomische belangen verweven zijn met het belang dat de Wnb beoogt te beschermen. Blijkens het uittreksel van de Kamer van Koophandel van Baumeister liggen van het handelsregister haar activiteiten erin besloten tot het fokken en houden van melkvee en voor het oordeel dat de varkens. De Afdeling ziet geen aanknopingspunten bedrijfseconomische belangen van de maatschap verweven zijn met het algemeen belang dat de Wnb beoogt te beschermen. Dit betekent dat de

materiële norm uit de Wnb waarop Baumeister zich beroept, niet strekt tot bescherming van haar belangen. Ten aanzien van de stelling van Baumeister op zitting dat onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling van 15 februari 2023, de relativiteit op dit punt niet kan worden ECLl:NL:RVS:2023:606, de omdat zijn inspraakrechten zijn geschonden, overweegt tegengeworpen, van Afdeling de van uitspraak de van Afdeling als volgt. ln overweging 7.8 is geoordeeld dat voortaan bij de 15 februari 2023 (ECLl:NL:RVS:2023:606), toepassing van het relativiteitsvereiste aan de procedurele normen over het recht op inspraak zelfstandige betekenis toekomt en dat het gevolg daarvan is dat de Afdeling niet langer aan een belanghebbende en een nietten aanzien van een belanghebbende het relativiteitsvereiste zal tegenwerpen door hem ingeroepen procedurele norm over het recht op inspraak. Baumeister heeft ter zitting gesteld dat indien de raad een voortoets had gevolgen voor het gedaan, de conclusie was geweest dat significante nabijgelegen Natura 2000-gebied niet op voorhand kunnen worden Er had dan ook een passende beoordeling moeten worden uitgesloten. gemaakt en ter inzage worden gelegd en daarop had hij zijn inspraakrechten aldus Baumeister. De Afdeling is van oordeel dat kunnen uitoefenen, Baumeister hiermee een beroep doet op een materiële norm, namelijk dat er is gemaakt.

Artikel 8:69a van de Awb staat ten onrechte geen voortoets daarom in de weg aan een inhoudelijke beoordeling van de beroepsgrond. gemaakt en kon er dus ook eventueel geen Overigens is er geen voortoets passende beoordeling ter inzage worden gelegd, dus is er geen sprake van een schending van inspraakrechten. Voor zover Baumeister in zijn zienswijze is daar door de raad in heeft gewezen op de gevolgen van stikstofdepositie de nota van zienswijzen

op gereageerd.

Beeldkwalite/'tsparagraaf Voor zover Baumeister erop wijst dat volgens hem niet enkel kan voor de landschappelijke worden volstaan met de beeldkwaliteitsparagraaf de Afdeling dat zoals onder 5.4 is overwogen de raad inpassing, overweegt

202201298/1/R3

7

6 september 2023

de ruimtelijke aanvaardbaarheid van de verticale uitbreidingsmogelijkheden nader dient te onderzoeken. Tijdens de zitting heeft de raad toegelicht dat de beeldparagraaf aanvullende welstandscriteria bevat. ln paragraaf 4.2 van de plantoelichting staat over welstand het volgende: "Voor beeldkwaliteit wordt verwezen naar de geldende welstandsnota van de gemeente Haaksbergen. Aanvullend op deze nota wordt door Het Oversticht, specifiek voor de locatie van de poedertoren, een addendum op de welstandsnota opgesteld. Het gaat voor de poedertoren. De nota hier om een specifiek een beeldkwaliteitsplan is als Bijlage 1 bij deze toelichting gevoegd." De Afdeling ziet gelet op het aangevoerde geen aanleiding voor het oordeel dat de raad deze aanvullende

welstandscriteria niet mocht vaststellen. Voor zover Baumeister stelt dat de eisen uit de moeten worden gewaarborgd in de planregels, beeldkwaliteitsparagraaf de Afdeling dat welstandeisen in beginsel niet ruimtelijk relevant overweegt zijn en opname daarvan in de planregels in beginsel dan ook strijd is met artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening. De Afdeling ziet geen aanleiding

opgenomen gewenste voor het oordeel dat de in de beeldkwaliteitsparagraaf welstandseisen over uitstraling en materiaalgebruik ruimtelijk relevant zijn. De raad heeft dan ook terecht afgezien van de opname van eisen hieromtrent in de planregels. Het betoog faalt. Conclusie

Afdeling

Met het oog op een spoedige beslechting van het geschil zal de de raad opdragen om binnen 16 weken na verzending van deze

uitspraak: onder 5.4 alsnog onderzoek te van wat is overwogen met inachtneming doen naar de mogelijke gevolgen van het bestreden plan met betrekking tot de aspecten geluid en externe veiligheid. De raad dient de Afdeling en de andere partij de uitkomst mee te delen en een gewijzigd of nieuw besluit zo spoedig mogelijk op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken en mee te delen. Het door de raad te afdeling nemen gewijzigde of nieuwe besluit behoeft niet overeenkomstig

3.4 van de Awb te worden voorbereid. ln de einduitspraak zal worden beslist over de proceskosten vergoeding van het betaalde griffierecht.

en de

6 september

8

202201298/1/R3

2023

Beslissing De Afdeling

bestuursrechtspraak

van de Raad van State:

draagt de raad van de gemeente Haaksbergen op: met om binnen 16 Weken na de verzending van deze tussenuitspraak, van wat is overwogen onder 5.4 en 6 het daar inachtneming in het besluit van de raad van de gemeente gebrek omschreven Haaksbergen van 22 december 2021 te herstellen, en; de Afdeling en de andere partij de uitkomst mede te delen en een gewijzigd of nieuw besluit zo spoedig mogelijk op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken en mede te delen. Minderhoud, lid van de enkelvoudige van Ewijk, griffier.

Aldus vastgesteld door in tegenwoordigheid van

Minderhoud lid van de enkelvoudige Uitgesproken

Verzonden:

kamer

Van Ewijk griffier

in het openbaar op 6 september 2023

6 september

2023

kamer,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13522160/1