Ruimtelijk kwaliteitsplan Benteloseweg 6
Tekst van het document
Ruimtelijk kwaliteitsplan Benteloseweg 6 Haaksbergen 17 juli 2020
L A N D S C H A P S O N T W E R P
Colofon Project:
Ruimtelijk Kwaliteitsplan Benteloseweg 6 Haaksbergen
Opdrachtgever
LTM vastgoed BV Erwin Keemers Honingsveldweg 9 8081 LN Elburg
Opdrachtnemer
Mark ter Hofte Landschapsontwerp Dr. Eekmanstraat 18 7545 ST Enschede Info@markterhofte.nl 06-483 914 95
Datum van opstellen
10 juni 2020
Versie
Voorlopig ontwerp
Laatst gewijzigd
17 juli 2020
Het gebruik van afbeeldingen of openbaar maken van dit document enkel met schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en/of de opdrachtnemer.
Inhoudsopgave 1.
Inleiding 4
2.
Beleid
6
2.1
Beleid provincie Overijssel
2.2
Beleid gemeente Hof van Twente
2.3
Samengevat
3.
4.
Analyse omgeving & plangebied 3.1
Landschap & omgeving
3.2
Plangebied
3.3
Terugkoppeling op beleid
14
Inrichtingsplan 19 4.1
Uitgangspunten & visie
4.2
Inrichtingsplan
4.3
Beplantingsplan
3
1. Inleiding Voor het erf aan de Benteloseweg 6 is het de wens van de bewoners om een tweetal schuren, de silo en de aangebouwde woning te gaan slopen. Tevens wordt de karakteristieke schuur (foto) herbouwd in dezelfde stijl. Middels Rood voor Rood willen de bewoners elders op het perceel een nieuwe kavel realiseren. Voor de nieuw te realiseren kavel is dit ruimtelijk kwaliteitsplan opgesteld. Hierin worden de inpassingsingrepen omschreven om de ontwikkeling in te passen.
4
Te herbouwen karakteristieke schuur Te slopen schuren/silo
Te slopen woning
De huidige situatie met de te slopen en opnieuw te bouwen objecten.
5
2.
Beleid
2.1
Beleid provincie Overijssel
De omgevingsvisie van provincie Overijssel omschrijft de richting van ontwikkelingen in de komende jaren met als doel het behouden en verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit. In de omgevingsvisie zijn ontwikkelingsperspectieven opgenomen. Deze ontwikkelingsperspectieven schetsen een ruimtelijk perspectief voor een combinatie van functies en geven aan welke beleids- en kwaliteitsambities leidend zijn.
Het ontwikkelingsperspectief ‘Wonen en werken in het kleinschalige mixlandschap’ richt zich op het in harmonie met elkaar ontwikkelen van de diverse functies in het buitengebied. Aan de ene kant melkveehouderij, akkerbouw en opwekking van hernieuwbare energie als belangrijke vormen van landgebruik. Aan de andere kant gebruik voor natuur, recreatie, wonen en andere bedrijvigheid. De ontwikkelingsmogelijkheden worden in dit ontwikkelingsperspectief nadrukkelijk verbonden aan behoud en versterking van cultuurhistorische, natuurlijke en landschappelijke kenmerken. Om de kansen voor behoud en verbetering in beeld te brengen maakt de provincie gebruik van de vier lagen van het landschap. Aan de hand van deze vier lagen worden de kwaliteiten en kansen van het gebied onderzocht en omschreven, en welke ambities hieraan zijn gekoppeld. Hierbij is niet elke laag van het landschap op toepassing voor het betreffende gebied.
6
Gebiedskenmerken Provincie Overijssel
IV Laag van de beleving
III Stedelijke laag
II Laag van het agrarisch cultuurlandschap
I Natuurlijke laag
Inleiding
Gebiedskenmerken We realiseren Ruimtelijke kwaliteiten en nieuwe on punt. Dit zijn de ruimtelij ristiek en kwaliteit ervan. houtwallen, of een bepaa houtwal geen provinciaa bepalend is voor de kara dat landschapstype voork hersteld. Daarmee wordt contrast met andere land provincie is het in stand h Vandaar dat hier op prov
Uitvoeringsmodel In hoofdstuk 6 van de Om kwaliteit en duurzaamhe keuzes, ontwikkelingsper inhoudelijke ontwikkeling Onderstaand figuur geeft
2 Ontwikkelingen ‘Wat speelt er?’ 3 Ambitie ‘Waar willen we naar toe?’ Omgevingsvisie Overijssel: gebiedskenmerken
4 Sturing ‘Hoe kun je het bereiken?’
aan de hand van de vier lagen van het
rod ed ra
1 Kenmerken ‘Wat is er?’
woonomgeving
(binnen)-steden en landschap
veiligheid en gezondheid
of waar
landschap.
hoe
7
h aam urz u d n: cen de
eco
De natuurlijke laag Dekzandvlakte en -ruggen Het
erf
ligt
op
de
natuurlijke
laag
van
dekzandvlaktes en - ruggen. Deze ondergrond beslaat een groot deel van de provincie. Van nature was dit een reliëfrijk gebied, maar dit is in de loop van de jaren grotendeels verdwenen door (heide) ontginning. Ook in de huidige situatie is vooral nog reliëf te zien richting St. Isudorushoeve en de Bolscherbeek. Rondom het erf is dit reliëf niet (meer) aanwezig. De ambitie van de provincie speelt in op het gebruik
van
passende
natuurlijke
beplanting,
Ligging van het erf in de natuurlijke laag van dekzandvlakte- en ruggen.
evenals het versterken en beleefbaar (zichtbaar) maken van de natuurlijke ondergrond en het reliëf wanneer nieuwe ontwikkelingen plaats vinden. Voor het erf aan de Benteloseweg 6 betekent dit dat uitheemse soorten worden verwijderd en dat het achterliggende landschap (reliëf) beleefbaar blijft. Tevens wordt bij de ontwikkeling gebruik gemaakt van inheemse soorten beplanting, passend bij het landschap en de ondergrond.
Het zicht op het erf aan de Benteloseweg 6; er is geen reliëf meer aanwezig. Aanwezige beplanting is grotendeels inheems en passend in het landschap.
8
De laag van het agrarisch cultuurlandschap Het oude hoevenlandschap (kampenlandschap) Het oude hoevenlandschap is een kleinschalig landschap,
bestaande
uit
eenmansessen
en
kampen op de lagere delen. Het landschap kenmerkt zich door de kleinschalige percelen en sterke groenstructuren. Door de schaalvergroting en ontwikkeling van erven is dit landschapstype soms niet meer herkenbaar. De erven zijn veranderd en de kleinschaligheid verdwenen De ambitie is om waar mogelijk de karakteristieken van het hoevenlandschap terug te brengen. Voor het erf aan de Benteloseweg betekent dit dat
Het plangebied in het essenlandschap aan de rand van de Herikerberg (stuwwal).
er kansen liggen om het erf een onregelmatige en kleinschalige opzet te geven, waarbij oude groenstructuren worden hersteld
Het erf in de 19e eeuw;het erf en de omgeving waren kleinschalig, met kleine open hoeven en kampen, omzoomd door houtwallen en singels.
9
De stedelijke laag Verspreide bebouwing Bestaande erven veranderen en worden steeds vaker
omgevormd
naar
woonbestemmingen.
Doordat er bebouwing verdwijnd veranderd ook vaak de opzet van het erf, waardoor het risico ontstaat dat het erf verkleind en wegvalt in het landschap. Het is daarom belangrijk om bij de nieuwe ontwikkeling een passend ensemble te creëren, waardoor het erf in opzet en schaal past bij het landschap. Tevens is het de ambitie om erven opnieuw te verbinden met het landschap. Het erf aan de Benteloseweg 6 is op dit moment rationeel opgezet en naar binnen gekeerd. Een duidelijke voor- en achterzijde is niet herkenbaar en de relatie met het landschap is deels verdwenen. Bij de nieuwe ontwikkeling liggen er kansen om het erf een onregelmatige opzet te geven, waarbij er een passende voorzijde en open achterzijde wordt gerealiseerd.
10
2.2 Beleid gemeente Haaksbergen Het landschapsontwikkelingsplan (LOP) Kenmerkend voor het kampenlandschap is de kleinschalige en onregelmatie opzet met open velden omsloten met houtsingels en -wallen. Waar mogelijk dient deze opzet behouden te blijven of te worden hersteld. Nieuwe ontwikkelingen bieden kansen op het herstellen van (historische) groenstructuren, zo ook bij de otnwikkeling aan de Benteloseweg 6. Er is ruimte om de kleinschaligheid en onregelmatigheid terug te brengen door middel van de erfopzet en het terugbrengen van groenstructuren. Bij de erfopzet is het gewenst om een duidelijke voor en achterzijde te hebben, waarbij de voorzijde een dicht karakter heeft en er een open achterzijde naar het landschap toe is. Het beeldkwaliteitsplan Erven in het kampenlanschap hebben van oudsher een besloten voorzijde met een open achterzijde naar het landschap toe. Kenmerkende landschapselementen zijn de boomgaard, houtsingels, houtwallen en hakhoutbosjes. Ook hagen van bijvoorbeeld meidoorn zijn kenmerkend voor het landschapstype.
11
De ligging van het erf in het kampenlandschap.
12
2.3 Samengevat o Het erf ligt in het kampenlandschap (oude hoeven) o Het landschap is versnipperd o Bij ontwikkelingen is het gewenst om historische structuren te herstellen (t.b.v. kleinschaligheid) o Het erf krijgt een losse en onregelmatige opzet bij nieuwe ontwikkelingen o Besloten voorzijde en open achterzijde is gewenst o Gebruik van inheemse en landschappelijke beplanting
13
3.
Analyse omgeving & plangebied
In de landschappelijke analyse worden de omgeving en het plangebied beoordeeld aan de hand van de kwaliteiten en ambities vanuit het beleid van zowel provincie als gemeente.
3.1
Landschap & omgeving
Het erf ligt in het kampenlandschap, maar dit is niet altijd meer herkenbaar. Veel van de kleinschaligheid en groenstructuren van vroeger zijn verdwenen. Ook zijn veel erven ontwikkeld in functionele erven met een regelmatige opzet, waarbij de relatie met het landschap is veranderd of verdwenen. Rondom de Benteloseweg zijn sommige groenstructuren nog herkenbaar, maar veel van de oude houtwallen en - singels zijn verdwenen. Bij de nieuwe ontwikkelingen zijn er kansen om aan te sluiten op bestaande groenstructuren en historische structuren te herstellen.
14
Het erf begin 20e eeuw en nu; veel van de kleinschalige erven, velden en groenstructuren zijn verdwenen.
15
Het zicht op het erf vanaf de Goorsestraat; de karakteristieke schuur is goed zichtbaar met passende boomgroepen van eiken. Hier liggen kansen om de kleinschaligheid en coulissen te versterken.
16
3.2
Plangebied
Het erf is rationeel opgezet met een aantal relatief grote schuren en een landschapsontsierende silo. Langs de Benteloseweg is een mooie groenstructuur aanwezig, maar hier staat ook Italiaanse populier tussen. Deze soort is uitheems en ongewenst. Langs de oostzijde loopen een houtsingel met een diversiteit aan inheemse soorten. Naast de
Bomenrij Italiaanse populier & berken Houtsingel
huidige woning staat een boomgroep bestaande uit zomereiken. Bij
de
nieuwe
ontwikkelingen
kunnen
groenstructuren
sterker
met
verbonden.
is
onregelmatige
Ook
een
elkaar
de
worden opzet
mogelijk bij het slopen en nieuw bouwen van zowel
Te herbouwen karakteristieke schuur Te slopen schuren/silo
de karakteristieke schuur als de nieuwe woning.
Boomgroep eiken
Te slopen woning
17
3.3
Terugkoppeling op beleid
Bij ontwikkelingen is het gewenst om historische structuren te herstellen (t.b.v. kleinschaligheid) De versnippering van het landschap is ook herkenbaar rondom en op het erf. Historische structuren zijn verdwenen en het erf is veranderd. De nieuwe ontwikkeling biedt kans om deze structuren te herstellen. Het erf krijgt een losse en onregelmatige opzet bij nieuwe ontwikkelingen Op dit moment is het erf rationeel opgezet. De nieuwe ontwikkeling kan inspelen op een lossere en onregematige opzet.. Besloten voorzijde en open achterzijde is gewenst De voorzijde van het erf wordt gekenmerkt door bomenrijen en -groepen. Het erf is daarbij naar binnen gekeerd. Een groenere voorzijde en open achterzijde is gewenst, waarbij het erf een sterkere relatie met het landschap krijgt. Gebruik van inheemse en landschappelijke beplanting In de huidige situatie zijn er een aantal passende en historische groenstructuren aanwezig met inheemse soorten. Er staan enkele uitheemse Italiaanse populieren die niet passen in het landschap.
18
4.
Inrichtingsplan
4.1
Uitgangspunten & visie
Vanuit de analyse en terugkoppeling op het beleid is gebleken dat de kansen vooral liggen in het herstellen van historische groenstructuren en in het losser en onregelmatig opzetten van het erf bij de nieuwe ontwikkelingen. Daarbij krijgt het erf een groenere en herkenbare voorzijde en een open achterzijde naar het landschap toe. Het is daarbij wel belangrijk om het erf als één erf herkenbaar te houden.
19
milieucirkel
verwijderen uitheemse soorten
losse en onregelmatige erfopzet
relatie met landschap versterken
ve r
Visiekaart met de belangrijkste kansen; de historische groenstructuren worden hersteld en bestaande structuren worden met elkaar verbonden. De nieuwe ontwikkeling richt zich op een losser en onregelmatige opzet van het erf.
20
bi
nd
en
gr oe
ns
tru
ct
ur en
Bestaande situatie
21
Inrichtingsplan
3 2
7
1
5
4
6
8
5
3
9
7
22
4.2
Inrichtingsplan
1. Nieuwe kavel De nieuwe kavel en woning worden op een losse manier op het perceel geplaatst, passend bij het kampenlandschap. 2. Oprit Op de plaats van de huidige inrit naar de opslag komt een nieuwe inrit voor de tweede woning. De inrit zal bestaan uit een halfverharding of klinkers. 3. Boomgroep Op een tweetal plekken komen boomgroepen, of worden de boomgroepen aangevuld. De boomgroepen komen voort uit de historische groenstructuren. 4. Boomgaard Aan de voorzijde van de nieuwe woning komt een boomgaard. De boomgaard geeft een groene dekking aan de voorzijde van het erf, en zorgt tevens voor eenheid op het erf. 5. Haag Langs de voorzijde van het erf komt een haag. De haag geeft een meer besloten aanzicht aan de voorzijde en versterkt het groene en kleinschalige karakter. 6. Solitair Op het erf van de bestaande woning komt een solitaire boom. Van oudsher hadden de erven in het kampenlandschap diverse solitaire bomen staan om verschillende reden, waaronder schaduw en insecten weren. Daarbij wordt de hoeveelheid verharding van het bestaande erf sterk verminderd. 7. Houtsingel Op de locatie van een historische structuur komt een nieuwe houtsingel. De houtsingel verbind de bestaande groenstructuren en zorgt voor kleinschaligheid op het perceel. Tevens worden uitheemse soorten verwijderd, waaronder Italiaanse populieren en Amerikaanse eiken. 8.
Nieuw te bouwen schuur Naast de opnieuw te bouwen karakteristieke schuur komt een nieuwe kleinere schuur om aan de opslagbehoefte te voldoen. 9. Uitdunnen eikenbosje Het eikenbosje wordt uitgedund, ten behoeve van de groei van bomen. Op dit momen concurreren de bomen teveel met elkaar.
23
4.3
Beplantingsplan
Latijnse naam Ned. naam Aantal Maat Toepassing 3. Boomgroepen Quercus robur
Zomereik
6 st
12-14
Groep, max 10 meter afstand
4. Boomgaard Malus domestica Appel 4 st 10-12 Laagstam solitair Pyrus communis Peer 4 st 10-12 Laagstam solitair Juglans regia Walnoot 1 st 10-12 Laagstam solitair Prunus domestica Pruim 2 st 10-12 Laagstam solitair 5. Hagen Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
150 m1
80/100
Rij, 5/m1
6. Solitair Tilia x europaea Hollandse linde 1 st 14-16 Solitair 7. Houtsingel 80 m1 Quercus robur
Zomereik
5 st
8-10
Verspreiden, min. 20 meter afstand
Betula pendula
Zachte berk
15 st
8-10
Verspreiden, min 8 meter afstand
Amelanchier lamarckii
Krentenboompje
15%
80/100
Onderbegroeiing, gemengd, 1 per m2
Prunus spinosa
Sleedoorn
20%
80/100
Onderbegroeiing, groepen van 5 a 6, 1,5 m afstand
Crataegus laevigata
Tweestijlige meidoorn
15%
60/80
Onderbegroeiing, groepen van 5 a 6, 1,5 m afstand
Corylus avellana
Hazelaar
20%
60/80
Onderbegroeiing, gemengd, 1 per m2
Rhamnus frangula
Vuilboom
15%
60/80
Onderbegroeiing, gemengd, 1 per m2
Rosa canina
Hondsroos
15 %
60/80
Onderbegroeiing, gemengd, 1 per m2
Onderbegroeid met:
24
LANDSCHAPSONTWERP