RGL Bijlage 1 Verklaring van geen bedenkingen Oude Boekeloseweg 112
Tekst van het document
Luttenbergstraat 2 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 Fax 038 425 48 88 overijssel.nl postbus@overijssel.nl
Datum
09.10.2015
Burgemeester en Wethouders van Haaksbergen
KvK 51048329
Postbus 102 7480 AC HAAKSBERGEN
Inlichtingen bij
IBAN NL45RABO0397341121
Onderwerp: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
Kenmerk
2015/0309566 Pagina
1 Uw brief
Uw kenmerk
OLO
1798675 Zaaknummer
Geacht college, U heeft ons om een verklaring van geen bedenkingen (verder VVGB) gevraagd voor het onderdeel Natuurbeschermingswet 1998 (verder Nbwet). U heeft het voornemen om een omgevingsvergunning af te geven voor het wijzigen van een veehouderijbedrijf aan de Oude Boekeloseweg 112 Haaksbergen. Dit verzoek hebben wij op 27 mei 2015 ontvangen. Vanwege aanvullende gegevens hebben we op 26 juni 2015, 25 augustus 2015 en 15 september 2015 een nieuw verzoek ontvangen. In deze brief geven wij onze beslissing weer.
Ontwerp-besluit
Z-HZ_VVGB2015-00207 3173438
Wij hebben op basis van de Nbwet geen bedenkingen tegen het verlenen van de gevraagde omgevingsvergunning. Het verzoek om een VVGB heeft betrekking op de volgende activiteit(en): Het bouwen en in gebruik nemen van een nieuwe stal voor het houden van kraamzeugen, guste en dragende zeugen, dekberen en vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg tot 7 maanden; Het verplaatsen van dieren; Het houden van 4.183 gespeende biggen, 780 guste en dragende zeugen, 3.418 vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking, 26 fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar, 34.000 vleeskuikens, 250 kraamzeugen en 4 dekberen, 7 maanden en ouder op het bedrijf aan Oude Boekeloseweg 112 te Haaksbergen. De VVGB wordt gegeven onder de voorwaarde dat het volgende stuk deel uitmaakt van de vergunning: Milieutekening Aanvraag wet milieubeheer Oude boekeloseweg 112, werknr: 13 – 182 – M, d.d. 16 februari 2010, laatst gewijzigd 11 september 2015. Ter voorkoming van verslechtering van de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten in Natura 2000-gebieden worden de volgende voorschriften toegevoegd aan de omgevingsvergunning (art. 2.27 lid 4 Wabo).
Bijlagen
Datum verzending
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
1.
Het bedrijf moet in werking zijn in overeenstemming met onderstaande tabel: Aangevraagde diersoorten en stalsystemen:
Stalnr.
Diersoort
Aantal dieren
Rav-code1
Stal 1
Gespeende biggen
2.390
D1.1.3
Stal 1
Guste en dragende zeugen
208
D1.3.100
Stal 2
Guste en dragende zeugen
92
D1.3.100
Stal 3
Vleesvarkens, opfokberen van ca.
11
D3.100
26
A7.100
25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking Stal 4
Fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar
Stal 5
Vleeskuikens
20.500
E5.10
Stal 6
Vleeskuikens
13.500
E5.10
Stal 7
Vleesvarkens, opfokberen van ca.
3.255
D3.2.7.2.1
25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking Stal 9
Gespeende biggen
1.793
D1.1.3
Stal 10
Kraamzeugen
250
D1.2.17.4
Stal 10
Guste en dragende zeugen
480
D1.3.12.4
Stal 10
Dekberen, 7 maanden en ouder
4
D2.4.4
Stal 10
Vleesvarkens, opfokberen van ca.
152
D3.2.15.4
25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking
2.
Het stalsysteem van stallen 1 voor 2.390 gespeende biggen en 9 dient in overeenstemming te zijn met BWL 2006.07.V1, mestopvang in water in combinatie met een mestafvoersysteem.
3.
Het stalsysteem van stallen 5 en 6 dient in overeenstemming te zijn met BWL 2009.14.V1, stal met verwarmingssysteem met warmteheaters en ventilatoren.
4.
Het stalsysteem van stal 7 dient in overeenstemming te zijn met voormalig groenlabel BB99.02.070, mestkelders met (water- en) mestkanaal; de laatste met schuine putwand(en) en met andere dan metalen driekantroosters.
5.
Het stalsysteem van stal 10 dient in overeenstemming te zijn met BWL 2010.02.V3, gecombineerd luchtwassysteem 85% ammoniakemissiereductie met watergordijn en biologische wasser.
6.
De toezichthouder moet in de gelegenheid worden gesteld om tijdens de bouw de realisatie van stalsysteem BWL 2006.07.V1 voor stallen 1 voor 780 gespeende biggen en 9 en stalsysteem BWL 2010.02.V3 voor stal 10 te controleren. Daartoe dient een week van te voren de startdatum van de uitvoering van de systemen bij de gemeente te worden gemeld.
1
Regeling ammoniak en veehouderij, nr. IENM/BSK-2015/115906, in werking getreden 1 augustus 2015
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
Overwegingen bij de VVGB
Bijlage 1
In deze bijlage zijn de overwegingen opgenomen. Onze VVGB, de overwegingen en het op grond van de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht te nemen besluit, zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De overwegingen zijn als volgt opgebouwd:
A
WEERGAVE VAN DE FEITEN
A1
Vergunningaanvraag
A1.1 A1.2 A1.3
Projectomschrijving Aanvraag en Natura 2000 Overgangsrecht
A2
Bevoegdheid
A2.1
Gedeputeerde Staten van Overijssel bevoegd
A3
Noodzaak verklaring van geen bedenkingen
B
TOETSING
B1
Inhoudelijke beoordeling
B1.1 B1.2 B1.3
Vaststellen effecten op Natura 2000-gebieden Toetsing aan artikel 19e Eindconclusie toetsing
C
SLOTCONCLUSIE
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
A
WEERGAVE VAN DE FEITEN
A1
Vergunningaanvraag
A1.1 Projectomschrijving Het verzoek om VVGB betreft de veehouderij van Maatschap J.G.H. Nijhof, gelegen aan de Oude Boekeloseweg 112 te Haaksbergen. Het verzoek heeft betrekking op het houden van 4.183 gespeende biggen, 780 guste en dragende zeugen, 3.418 vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking, 26 fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar, 34.000 vleeskuikens, 250 kraamzeugen en 4 dekberen, 7 maanden en ouder. Ten opzichte van de Nbwetvergunning van 19 september 2013 bestaan de veranderingen uit: Bestaande stal 1: Het stoppen van het houden van kraamzeugen en het houden van meer gespeende biggen op een emissiearm systeem conform BWL 2006.07.V1. Het houden van minder guste en dragende zeugen (20 stuks worden verplaatst naar stal 2); Bestaande stal 2: Het stoppen met het houden van dekberen en vleesvarkens. Het houden van meer guste en dragende zeugen; Bestaande stal 4: het houden van meer overig rundvee; Bestaande stal 9: Het stoppen van het houden van vleeskuikens en het houden van gespeende biggen op een emissiearm systeem conform BWL 2006.07.V1; Nieuwe stal 10: Het oprichten van een nieuwe stal voor de huisvesting van kraamzeugen, guste en dragende zeugen, dekberen en vleesvarkens. De stal wordt uitgerust met een luchtwassysteem conform BWL 2010.02.V2.
In tabel 1 wordt de aangevraagde situatie weergegeven. Tabel 1: Veebestand aangevraagde situatie Stalnr.
Diersoort
Aantal
Rav-code2
dieren
Emissie-
Emissie in
factor in
kg NH3/jr
kg NH3 /jr /dier Stal 1
Gespeende biggen
2.390
D1.1.3
0,15
358,5
Stal 1a
Guste en dragende zeugen
208
D3.100
4,2
873,6
Stal 2
Guste en dragende zeugen
92
D1.3.100
4,2
386,4
Stal 3
Vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg
11
D3.100
3
tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg
33,0
tot eerste dekking Stal 4
Fokstieren en overig rundvee ouder dan 2
26
A7.100
6,2
jaar
161,2
Stal 5
Vleeskuikens
20.500
E5.10
0,035
717,5
Stal 6
Vleeskuikens
13.500
E5.10
0,035
472,5
Stal 7
Vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg
3.255
D3.2.7.2.1
1,5
tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg
4.882,5
tot eerste dekking
2
Stal 9
Gespeende biggen
1.793
D1.1.3
0,15
269,0
Stal 10
Kraamzeugen
250
D1.2.17.4
1,3
325,0
Regeling ammoniak en veehouderij, nr. IENM/BSK-2015/115906, in werking getreden 1 augustus 2015
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
Stal 10
Guste en dragende zeugen
480
D1.3.12.4
0,63
302,4
Stal 10
Dekberen, 7 maanden en ouder
4
D2.4.4
0,83
3,3
Stal 10
Vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg
152
D3.2.15.4
0,45
68,4
tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking Totaal
8.853,3
A1.2 De aanvraag en het Natura 2000-gebied Het bedrijf heeft door de uitstoot van ammoniak invloed op verschillende Natura 2000gebieden, waarvan het Natura 2000-gebied ‘Buurserzand & Haaksbergerveen’ het dichtst bij het bedrijf ligt (afstand circa 2.000 meter). Er is sprake van externe werking door de aard van het bedrijf en de effecten die kunnen optreden. Voor de beoordeling of een VVGB kan worden afgegeven zijn de (ontwerp)aanwijzingsbesluiten van deze gebieden relevant. A1.3 Overgangsrecht De Natuurbeschermingswet 1998 is op 1 juli 2015 gewijzigd. Deze wijziging heeft vooral betrekking op aanvragen, waarbij er sprake is van stikstofdepositie met effecten op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. De aanvraag is voor de inwerkingtreding van deze wetwijziging ingediend. Onder voorwaarden kan de aanvraag onder het overgangsrecht vallen, zoals deze is weergegeven in de gewijzigde wet (art. 67a). Wij hebben de aanvraag getoetst aan de voorwaarden, zoals opgenomen in de gewijzigde wet. De aanvraag voldoet aan deze voorwaarden. Hierdoor zijn de nieuwe artikelen, die betrekking hebben op het toedelen en registreren van ontwikkelruimte, niet van toepassing (art. 19km, 19kn en 19ko). Op basis van het overgangsrecht kunnen we het verzoek om VVGB verder afhandelen in overeenstemming met de wettelijke regels die voor 1 juli 2015 geldend waren.
A2
Bevoegdheid
A2.1 Gedeputeerde Staten van Overijssel bevoegd In de gewijzigde Nbwet is vastgelegd dat er altijd sprake is van één bevoegd gezag (art. 2, lid 6). De depositie die de activiteit veroorzaakt is op ons grondgebied het hoogste. In overeenstemming met de wet zijn wij bevoegd om te besluiten op dit verzoek om VVGB (art. 2a, lid 2). Bij onze verklaring nemen we tevens de gevolgen voor Natura 2000-gebieden mee die buiten onze provinciegrens liggen.
A3
Noodzaak verklaring van geen bedenkingen
Op basis van de aanvraag en de daarbij behorende bijlagen en tekeningen hebben we beoordeeld of de aangevraagde bedrijfsveranderingen de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten in een Natura 2000-gebied en/of beschermd natuurmonument kunnen verslechteren of een significant verstorend effect kunnen hebben op de soorten waarvoor een gebied is aangewezen. Wij hebben geconstateerd dat de activiteit negatieve effecten heeft op habitats in Natura 2000-gebieden die gevoelig zijn voor stikstof. De activiteit leidt mogelijk tot een verslechtering van de kwaliteit van de natuurlijke habitats. Significant negatieve effecten zijn op voorhand niet uit te sluiten.
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
Er is geen sprake van een project of handeling conform een vastgesteld beheerplan. Door de kans op significant negatieve effecten is er geen sprake van bestaand gebruik (art. 1 Nbwet). Daarmee is deze activiteit vergunningplichtig in het kader van art. 19d Nbwet. Uit de nadere afweging moet blijken voor het voorliggende project of een VVGB kan worden afgegeven.
B
TOETSING
B.1
Inhoudelijke beoordeling
B1.1 Vaststellen effecten op Natura 2000-gebieden De aangevraagde activiteiten hebben door stikstofdepositie een (mogelijke) negatieve invloed op de aanwezige habitattypen en/of soorten in omliggende Natura 2000-gebieden voor wat betreft de factoren verzuring en vermesting. Op basis van de ministeriele regeling3 is het gebruik van AERIUS Calculator een verplicht rekenmodel voor het vaststellen van effecten op Natura 2000-gebieden door stikstofdepositie. In deze regeling is echter opgenomen dat deze verplichting niet geldt voor besluiten die onder het overgangsrecht vallen (art. 9, lid 2). In onze beoordeling zijn de resultaten van het rekenmodel AAgro-Stacks leidend. Toets aan artikel 19f Rondom het bedrijf bevinden zich meerdere voor stikstof gevoelige Natura 2000-gebieden. Aangezien dit bedrijf stikstof uitstoot en de achtergronddepositie van stikstof hoger is dan de kritische depositiewaarden van de betrokken gebieden zijn significant negatieve effecten op voorhand niet uit te sluiten. In overeenstemming met art. 19f is een passende beoordeling dan aan de orde. Het bedrijf aan Oude Boekeloseweg 112 te Haaksbergen beschikt over een Nbwetvergunning d.d. 19 september 2013 (kenmerk 2013/0325434). Deze vergunning geldt als uitgangssituatie voor alle gebieden in onderhavige aanvraag. In tabel 2 is de vergunde situatie in het kader van de Nbwet weergegeven.
3
Artikel 2, lid 1, Regeling programmatische aanpak stikstof
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
Tabel 2: Vergunde situatie Nbwet Stalnr.
Diersoort
Rav-code4
Aantal dieren
Emissie-
Emissie in
factor in
kg NH3/jr
kg NH3 /jr /dier Stal 1
Kraamzeugen
78
D1.2.100
8,3
647,4
Stal 1
Gespeende biggen
1.610
D1.1.3
0,15
241,5
Stal 1
Guste en dragende zeugen
228
D1.3.100
4,2
957,6
Stal 2
Guste en dragende zeugen
72
D1.3.100
4,2
302,4
Stal 2
Dekberen, 7 maanden en ouder
2
D2.100
5,5
11,0
Stal 2
Vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg
14
D3.100
3,0
42,0
11
D3.100
3,0
33,0
6
A7.100
6,2
37,2
tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking Stal 3
Vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking
Stal 4
Fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar
Stal 5
Vleeskuikens
20.500
E5.10
0,035
717,5
Stal 6
Vleeskuikens
13.500
E5.10
0,035
472,5
Stal 7
Vleesvarkens, opfokberen van ca. 25 kg
3.255
D3.2.7.2.1
1,5
4.882,5
19.500
E5.10
0,035
682,5
tot 7 maanden, opfokzeugen van ca. 25 kg tot eerste dekking Stal 9
Vleeskuikens
Totaal
9.027,1
Om te beoordelen of de depositie in de nieuwe situatie op Vogelrichtlijngebieden dan wel de Habitatrichtlijngebieden toe neemt opzichte van de uitgangssituatie zijn depositieberekeningen uitgevoerd. De resultaten van deze berekeningen zijn in tabel 3 weergegeven. Tabel 3: N-depositie van het bedrijf in mol/ha/jr Grens Vogelrichtlijn- en/of habitats in
Coördinaten grens
Habitatrichtlijngebied
VR-gebied en/of
N-depo
habitattypen X
Y
19-9-2013
Nieuwe situatie
Buurserzand & Haaksbergerveen
4
Rand
249386
464176
8,06
7,98
H7120
247779
460179
1,84
1,81
H91D0
247813
460157
1,83
1,80
H4010A
249393
464126
7,80
7,73
H3160
249619
464200
8,22
8,15
H4030
249707
463512
5,64
5,58
H2310
249737
463434
5,42
5,36
H5130
249785
463590
5,32
5,26
H91E0A
249728
463214
4,59
4,54
H3130
249872
463121
4,66
4,61
Regeling ammoniak en veehouderij, nr. IENM/BSK-2015/115906, in werking getreden 1 augustus 2015
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
H7150
250316
463267
4,00
3,96
H7110A
249755
461367
2,42
2,38
H7230
251439
464596
5,66
5,59
H6410
251365
464702
6,31
6,23
Rand
260995
467221
1,14
1,12
H7120
261335
467189
1,08
1,06
H6230
261536
467404
1,06
1,04
H7150
261065
467187
1,12
1,10
H91E0C
261518
467515
1,07
1,05
H4030
262242
468079
1,00
0,98
Rand
254139
477232
1,53
1,50
H6410
255531
477462
1,42
1,39
H3130
254635
477242
1,50
1,47
H4030
255545
477277
1,46
1,43
H4010A
255762
477342
1,44
1,41
H6230
255719
477443
1,42
1,39
H7150
255654
477505
1,41
1,38
H3160
255508
477813
1,36
1,33
Grens
232820
476916
0,43
0,42
H5130
232772
477038
0,43
0,42
H4030
232306
476940
0,41
0,41
H7150
231629
476454
0,39
0,39
H2330
230422
476449
0,36
0,36
H2310
231200
475880
0,38
0,38
H9190
230196
476038
0,36
0,35
Grens
241420
495814
0,23
0,22
H7110A
241885
499807
0,19
0,19
H4030
241416
500087
0,19
0,18
Grens
224759
479434
0,24
0,24
H4030
224744
479425
0,24
0,24
H5130
224249
482536
0,23
0,22
H7110A
222951
484053
0,19
0,19
H6230
225149
484084
0,23
0,23
H3160
227655
484185
0,26
0,26
Rand
264053
477593
0,74
0,73
H91E0C
264374
478184
0,71
0,69
H9120
264020
477690
0,74
0,73
H4010A
263420
479845
0,72
0,71
Aamsveen
Lonnekermeer
Borkeld
Engbertsdijksvenen
Sallandse Heuvelrug
Landgoederen Oldenzaal
Uit de depositieberekeningen blijkt dat er geen sprake is van een verslechtering van de kwaliteit van Natura 2000-gebieden ten opzichte van de uitgangssituatie.
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; verzoek verklaring van geen bedenkingen
Conclusie Uit vorenstaande gegevens blijkt dat de stikstofdepositie in de aangevraagde situatie gelijk of lager is dan ten tijde van de aanwijzing als Vogelrichtlijngebied c.q. de plaatsing van een Habitatrichtlijngebied op de lijst van gebieden van communautair belang. Hierdoor kunnen wij een VVGB afgeven zonder de noodzaak van een passende beoordeling. B1.2 Toetsing aan art. 19e Uit de toetsing van het aangevraagde project blijkt dat er geen sprake is van negatieve gevolgen voor de instandhoudingsdoelstellingen. Wij zien geen aanleiding om de VVGB niet te kunnen afgeven. Er zijn geen andere vereisten relevant die het niet afgeven rechtvaardigen. B1.3 Eindconclusie toetsing Er zijn geen belemmeringen om een VVGB af te geven.
C
Slotconclusie
Uit de beoordeling van de gewenste uitbreiding van de veehouderij van Maatschap J.G.H. Nijhof aan de Oude Boekeloseweg 112 te Haaksbergen blijkt dat er geen sprake is van een verslechtering van de kwaliteit van gebieden opzichte van de relevante aanwijsdata. De aangevraagde situatie is passend beoordeeld. Vanuit het wettelijke toetsingskader zijn er geen redenen om de gevraagde VVGB te weigeren. Om verslechtering van de kwaliteit van habitats te voorkomen worden aan deze verklaring wel voorschriften verbonden. Burgemeester en Wethouders van Haaksbergen nemen deze voorschriften in de omgevingsvergunning onverkort over (art. 2.27 Wabo).