CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Regionale woonagenda Twente-def

commissie Ruimte 12 mei 2021, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Behandeling brief van 26 maart 2021 van b&w over Regionale Woonagenda Twente9.901 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

om nadere duiding te geven aan de bovenlokale en -regionale opgave. Door regionale samenwerking willen we daar sturing geven waar de lokale woonvisies meerwaarde aan kunnen ontlenen. Zo willen we bijvoorbeeld bevorderen dat in onze regio iedere woning raak is, met erkenning van identiteiten en kwaliteiten van de afzonderlijke gemeenten, met bijbehorende lokale woonbehoefte. De bovenregionale behoefte komt daar nog bovenop. De gemeenten vervullen binnen de Woonagenda een bijzondere rol. Elke gemeente vertaalt de ambities uit de regionale Woonagenda naar lokaal beleid. Dat kan door een gemeentelijk actieplan op te stellen of door incorporatie van de afspraken in woonbeleid dat al in ontwikkeling is (bijv. Woonvisie). Hierin moet in een scherpe segmentering per gemeente duidelijk worden wat de bijdrage is van elke gemeente aan de regionale ambities. De gemeenten brengen sleutelgebieden in voor de woningbouwimpuls. De corporaties zijn een belangrijke partner in de regio om de beschikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van de (sociale) huurvoorraad op peil te houden. Vanwege toenemende belastingdruk op de corporatiesector realiseren we ons dat de investeringsruimte onder druk staat. Dit betekent dat telkens keuzes moeten worden gemaakt over welke investeringen toereikend zijn voor het optimaal realiseren van de opgaven in de regio.

De rol van de provincie is initiërend en faciliterend. In deze rol stelt de provincie ondersteuning beschikbaar door middel van het aanjaagteam, de flexpools en de ondersteuning in kennis en procesbegeleiding van. Ook stelt de provincie middelen beschikbaar via het

investeringsprogramma ruimte, wonen en retail voor onderzoeken, zoals bijvoorbeeld de monitors. In voorkomende gevallen zal de provincie de partners vragen om hun bijdrage te leveren door middel van co-financiering. boter bij de vis door provincie; cofinanciering. Hiermee wordt de gezamenlijke verantwoordelijkheid die de woonpartners hebben kracht bij gezet. Monitoring cruciaal Er is behoefte aan actuele en eenduidige informatie over de woningmarkt en een toegankelijk systeem om die te verkrijgen. Om tot een versnelling in de woningbouwproductie te komen is het van essentieel belang dat er provinciebreed een beter inzicht komt in beschikbaarheid en kenmerken van de woningbouwlocaties op lokaal en regionaal niveau. De provincie zal de regierol op zich nemen om samen met alle gemeenten, corporaties en marktpartijen de woningmarktmonitoring te optimaliseren, waar onder andere de bestaande planmonitor, de monitor Gezond Wonen en de kwalitatieve monitor wonen een onderdeel van zijn (uit te breiden met woonmilieus) en wat aansluit op de bestaande initiatieven in de regio’s. Hierin wordt de afstemming gezocht met andere provincies, om de woningmarktdynamiek over de provinciegrenzen heen in beeld te hebben, o.a. migratiestromen aan de hand van cbs microdata. Marktpartijen (corporaties, ontwikkelaars, beleggers) helpen mee met het vullen van de planmonitor.

Het resultaat is bruikbare output om mee bij te sturen in gemeentelijke woningbouwprogramma’s. Daarnaast is het belangrijk voor de positionering naar het Rijk, dat tweejaarlijks vraagt om een

overzicht van de harde plancapaciteit. Ook kan deze monitor gebruikt worden om de ambities van deze Woonagenda te volgen. We willen daarnaast meer inzicht krijgen in de mogelijkheden die het gebruik van big data biedt om beter te monitoren en bij te sturen in woningbouwprogrammering. Zo willen partijen onderzoeken of het mogelijk is om met big data woonwensen beter in beeld te krijgen en doorstroomeffecten beter te meten. Verbetering planningssystematiek De Woonagenda vormt het vertrekpunt voor een nieuwe, flexibeler methodiek voor woningprogrammering en uitvoeringsprogramma. Onze programmeringsmethode is erop gericht om te zorgen dat de harde plancapaciteit in de periode tot 2025 wordt gerealiseerd. We maken de zachte plannen hard, waarna we deze tussen nu en 2030 tot uitvoering brengen. En we zorgen voor de uitbreiding van de plancapaciteit om de extra bovenlokale opgave tot 2030 te realiseren. Daarmee zorgen we ervoor dat het woningbouwprogramma dat voortkomt uit de Woonagenda ook een stevige basis biedt voor onderbouwingen ten behoeve van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Netwerk en draagvlak Kennis ontwikkelen en leerervaringen delen vormen een belangrijke factor voor een goede samenwerking tussen alle betrokken partijen (gemeenten, ontwikkelaars, beleggers, corporaties en de Rijksoverheid) en leveren een positieve bijdrage aan de (versnelling van) de uitvoering.

De provincie Overijssel heeft daartoe het platform Woonkeuken ingericht, waarbij kennisuitwisseling en netwerkvorming

29

centraal staat. De provincie en gemeenten zien het als hun verantwoordelijkheid om belanghebbenden,ook naast de vaste momenten van de Woonkeuken,vroegtijdig te betrekken bij uitvoering en herijking. Naast de provinciale Woonkeuken wordt ook verkend of een regionale Woonkeuken van toegevoegde waarde is. Gemeenten, provincie, Rijk en woonpartners hebben de visie dat de opgaven op de woningmarkt vragen om een breed gedragen regionale strategie en aanpak van de woningmarkt. Om investeringen in nieuwbouw én de bestaande woningvoorraad. En om commitment van een brede coalitie van partijen. De Woonagenda geeft hier een impuls aan en biedt handvatten te bevatten over structurele samenwerking met het Rijk op regionaal niveau. Bewonersparticipatie bij beleidskeuzes of (ruimtelijke) plannen creëert meer draagvlak en inhoud voor belangrijke beslissingen die van invloed zijn op de woon- en werkomgeving. Gemeenten werken in hun lokale vertaling uit hoe ze dit vormgeven. Lobby naar Rijksoverheid De provincie, gemeenten en hun partners werken aan een gezamenlijke propositie voor het indienen van projecten voor de woonimpuls. De focus ligt hierbij op de sleutelgebieden, waarmee we de koppeling leggen met stedelijke vernieuwing, mobiliteit, inclusiviteit, economie en duurzaamheid.

Gebieden die bijdragen aan het profiel en positionering van de regio, waarin in potentie unieke en complementaire woonmilieus worden aangeboden en waarin voor een belangrijk deel kan worden voorzien in de (boven)regionale woningbehoefte. Het zijn ‘inclusieve’ gebiedsontwikkelingen waarin de ambities op het gebied van wonen, werken, mobiliteit, energietransitie, klimaat, leefbaarheid, zorg, circulariteit en versterking binnensteden samenkomen. Gebieden waar een grote investeringsopgave ligt en waarbij gezamenlijke inzet van gemeente, regio, provincie en Rijk gewenst is. Deze gebieden krijgen prioriteit en zijn vaak ook onderdeel van de gebiedsontwikkelingen waarvoor de woningbouwimpulsgelden van het Rijk worden gebruikt. 30

Acties 37. De Regionale Woonagenda komt zichtbaar terug in de lokale woonvisies. De ontwikkeling van de lokale woonvisies vindt plaats in afstemming met de provincie. 38. De provincie zorgt dat jaarlijks de benodigde data beschikbaar zijn voor het opstellen van de monitors. Om gericht in te zetten op de uitbreiding van de bouwcapaciteit, zorgen gemeenten ervoor dat zij, mede aan de hand van de bestaande Monitors, provinciebreed jaarlijks voor 1 juli alle bestaande en mogelijke ontwikkellocaties voor woningbouw in beeld zijn gebracht, waarbij een onderscheid is gemaakt in de planologische status en de kwantitatieve en kwalitatieve mogelijkheden. De transformatiepotentie van bestaande gebouwen wordt hierin ook meegenomen. Ook is aangegeven welke ontwikkelingen prioriteit hebben. 39. De woningmarkt kan snel veranderen en is gevoelig voor economische en maatschappelijke ontwikkelingen. Veranderingen in woonbehoeften kunnen plotseling veranderen door onverwachte ontwikkelingen zoals Corona. Om met dit soort onzekerheden op de woningmarkt om te gaan monitoren we jaarlijks of we met de Woonagenda nog steeds de juiste koers te pakken hebben. Naast de jaarlijkse monitor houden we in 2023 in midterm review om te evalueren en de afspraken waar nodig te herijken op basis van de resultaten (monitoring) en ontwikkelingen (economie, bevolking, klimaat, Corona). 40.

De provincie, de Rijksoverheid en een vertegenwoordiging van de gemeenten uit de regio Twente hebben afstemming over het realiseren van de woonagenda en belemmeringen die op rijksniveau kunnen worden weggenomen. Naast tussentijdse afstemming via de gebruikelijke kanalen komen zij hiervoor jaarlijks bijeen om signalen en oplossingsrichtingen kracht bij te zetten.

A.

Bijlage A: Overzicht gemeentelijke bijdragen

31

B.

Bijlage B: Betrokken partijen

Deze Woonagenda is bestuurlijk vastgesteld en ondertekend door: Gemeenten Almelo, Borne, Dinkelland, Enschede, Haaksbergen, Hellendoorn, Hengelo, Hof van Twente, Losser, Oldenzaal, Rijssen-Holten, Tubbergen, Twenterand, Wierden en de provincie Overijssel In de werkateliers is meegedacht en meegewerkt door: • Ambtenaren Wonen van de ondertekenende gemeenten en de provincie Overijssel • Diverse vertegenwoordigers van WoON Twente, de samenwerkende woningcorporaties • Diverse vertegenwoordigers van IZO Twente, de samenwerkende zorgpartijen • Van Wonen Vastgoedontwikkeling • Brokant • Het Oversticht Daarnaast hebben vele deelnemers aan de Woonkeuken en het Webinar hun enthousiaste inbreng geleverd.

32

33

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10058745/2