Recreatieschap Twente Programmabegroting 2025
Tekst van het document
779
-
794
794
0.5
Treasury
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
0.4
Overhead
-
888
888
-
943
943
-
986
986
-
1.026
1.026
Totaal
1.282
5.408
4.126
1.317
5.622
4.305
1.340
5.797
4.457
1.362
5.964
4.602
Totaal saldo van baten en lasten
1.282
5.408
4.126
1.317
5.622
4.305
1.340
5.797
4.457
1.362
5.964
4.602
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
4.126
-
4.126
4.305
-
4.305
4.457
-
4.457
4.602
-
4.602
5.408
5.408
-
5.622
5.622
-
5.797
5.797
-
5.964
5.964
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
5.408
5.408
-
5.622
5.622
-
5.797
5.797
-
5.964
5.964
-
Algemene dekkingsmiddelen (gemeentelijke bijdrage) Totaal saldo van baten en lasten Mutaties Reserves 0.10 Totaal Mutaties reserves Resultaat
Mutaties reserves
Tabel 9 Meerjarenbegroting
◄Inhoudsopgave
32 32
Financiële begroting
Programmabegroting 2025
6.2 Toelichting op het overzicht van baten en lasten In deze begroting hanteren wij door de gemeenten vastgestelde uitgangspunten voor verbonden partijen. Loon- en prijscompensatie 2025 Looncompensatie Voor de looncompensatie wordt conform de uitgangspunten van de Twentse gemeenten de actuele werkelijke salarisstaat inclusief sociale lasten als basis gehanteerd. Ook de geldende cao maakt hier onderdeel van uit. De cao 2023 en cao 2024/2025 is doorgevoerd. Conform uitgangspunten van de gemeenten beginnen we voor de loonindexering voor het nieuwe begrotingsjaar door uit te gaan van de meest recente werkelijke loonsommen. Dit is het loonsommentabel per 31-12-2023. Dit resulteert in een stijging van de gemeentelijke bijdrage van iets meer dan € 97.000. Er is een cao onderhandelingsresultaat bereikt voor de cao 2024, doorlopend t/m maart 2025. Per 1-1-2024 gaan de lonen met 4,75% omhoog en per 1-10-2024 nog eens met 1,25%. Daarnaast gaat 0,8% van IKB naar eindejaarsuitkering, waarmee dit deel pensioengevend wordt. Het is bekend dat de pensioenpremies gaan dalen. We gaan er vooralsnog vanuit, dat de verlaging minimaal de genoemde verhoging compenseert. Voor 2025 loopt de loonsverhoging van oktober 2024 door t/m maart 2025. Er volgen wel weer onderhandelingen met onbekende effecten vanaf april 2025. Daarom gaat we alsnog uit van de cMEV2024-cijfers van augustus 2023, 5,3%.
Dit resulteert in een stijging van de gemeentelijke bijdrage van bijna € 100.000. Prijscompensatie Voor de prijsontwikkeling nemen we de prijsontwikkeling zoals het CBP deze per september 2023 bij de macro-economische verkenning publiceert als uitgangspunt. Het CBS stelt deze werkelijke inflatoire effecten achteraf nog bij. Deze bijstelling hebben we nog niet in onze prijsontwikkeling verwerkt als we uitgaan van het prijspeil van de vorige begroting. Daarom worden de correcties over deze 3 jaren alsnog meegenomen voor de bepaling van de totale prijsontwikkeling voor het begrotingsjaar 2023. Dit leidt tot een prijsstijging t.o.v. de begroting 2023 van 1,9%. Dit resulteert in een stijging van de gemeentelijke bijdrage van bijna € 50.000. Jaar
% al verwerkt
% MEV-2024
2022
7,80%
7,70%
-0,10%
2023
5,90%
4,80%
-1,10%
2024
2,40%
3,50%
1,10%
2%
2,00% 1,90%
2025 Inflatiecorrectie 2025
2025 wordt
Uitgangspunten meerjarenraming Bij de opstelling van de meerjarenraming zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1. Vorig begrotingsjaar werd de loonontwikkeling meerjarig geraamd door het CPB in verzamelde bijlagen van de MEV. Dit jaar heeft het CPB dat helaas niet weer gedaan. Daarom wordt voor de meerjarenraming 2025 t/m 2027 de looncompensatie van 2024 (4,2%) op extrapolatiebasis doorgetrokken. 2. De prijscompensatie wordt voor de jaren 2025 t/m 2027 geraamd op 2,4% (extrapolatie van 2024). ◄Inhoudsopgave
33
Financiële begroting
Programmabegroting 2025
3. Het aantal inwoners is voor de jaren 2025 t/m 2027 gefixeerd op het aantal inwoners opgenomen in de voorliggende begroting. Vervangingsinvesteringen De investeringsruimte blijft op peil door de kapitaaluitgaven die in de begroting zijn afgeschreven, op te voeren als vervangingsinvesteringen. Weerstandsvermogen/reserves en voorzieningen Er wordt weerstandsvermogen aangehouden zodat de organisatie zelf in staat is om risico’s op te vangen. Een kwalitatieve risicoanalyse is de basis voor deze buffers. Onze gemeenschappelijke regeling beschikt over een nota reserves en voorzieningen zoals eerder vastgesteld door het algemeen bestuur van voormalig Regio Twente welke de basis vormt voor ons weerstandsvermogen maar ook regels bevat hoe wij omgaan met reserveringen en voorzieningen. Onvoorziene uitgaven Voor onvoorziene uitgaven wordt een bedrag van € 0 gehanteerd. Bijdrage per gemeente De gemeentelijke bijdrage 2025 wordt verdeeld over de gemeenten op basis van de inwoneraantallen (in % van totaal) per 1 januari 2024 (eigen opgave gemeenten). 6.2.1
Overzicht van baten en lasten per taakveld
Code 0.4 0.5 3.1 5.7 Eindtotaal
Taakveld Overhead Treasury Economische ontwikkeling Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Totaal Lasten 842.442 0 734.442 3.597.038 5.173.922
Totaal Baten 0 0 0 1.239.246 1.239.246
Gem. Bijdrage 842.442 0 734.442 2.357.792 3.934.676
6.2.2 Overzicht van geraamde incidentele baten en lasten Voor de periode 2025 tot en met 2028 worden geen incidentele baten en lasten verwacht.
◄Inhoudsopgave
34
Financiële begroting
Programmabegroting 2025
6.3 Uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting Deze paragraaf bevat een prognose van de balans en het EMU-saldo. Daarnaast zal aandacht besteed worden aan de jaarlijkse terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, de investeringen en het verloop van de reserves. 6.3.1 Geprognosticeerde balans De prognose van de balans bevat tenminste het begrotingsjaar, het voorliggende jaar en de 3 jaren volgend op het begrotingsjaar: Eind
Eind
Eind
Eind
Eind
2024
2025
2026
2027
2028
Materiele vaste activa
4.286
4.101
4.173
3.943
4.238
Financiële vaste activa
0
0
0
0
0
Vlottende activa
511
632
572
572
592
Totaal activa
4.797
4.733
4.744
4.515
4.830
Eigen vermogen
798
798
798
798
798
Voorzieningen
372
331
357
324
291
Vaste schulden
3.150
2.975
2.800
2.625
2.450
Vlottende passiva
478
629
790
768
1.291
Totaal passiva
4.798
4.733
4.745
4.515
4.830
Bedragen x € 1.000
Toelichting Materiele vaste activa Deze balanspost is geprognosticeerd door de jaarrekening 2023 als uitgangspunt te nemen. Hier zijn de toekomstige vervangingsinvesteringen aan toegevoegd. En de begrote afschrijvingen vanuit de activa administratie zijn hierop in mindering gebracht. Vlottende activa Deze balanspost is geprognosticeerd door voor het jaar 2023 de vlottende activa op basis van de jaarrekening 2023 uit te gaan. Onder de vlottende activa hoort ook de post liquide middelen. Deze bevat het positieve effect van alle overige activa en passiva posten.
◄Inhoudsopgave
Financiële begroting
Programmabegroting 2025
Eigen vermogen De balanspost reserves is op basis van de omvang van de reserves per 2023. Voorzieningen Deze post is begroot op basis van de begrote dotaties en verwachte bestedingen conform het grootonderhoudsplan. De effecten van het onderhoudsplan zijn hierin meegenomen. Vaste schulden De prognose voor de vaste schulden is gebaseerd op de afloop van de geldlening uit de leningenadministratie. Vlottende schulden De vlottende schulden zijn gebaseerd op de schulden jaarrekening 2023. 6.3.2 Berekening EMU-saldo In het Verdrag van Maastricht is afgesproken dat het EMU-tekort van een bij de euro aangesloten land maximaal 3% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) mag bedragen. Het EMU-tekort wordt bepaald door een gezamenlijk tekort van het Rijk, lokale overheden en sociale fondsen. Vanuit het BBV is het verplicht om in de begroting een raming van het eigen EMU-saldo op te nemen. De begroting van het Recreatieschap is opgesteld conform een stel van baten en lasten. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten maar gaat uit van ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het EU-systeem van nationale en regionale rekeningen in de EU. Raming
Raming
Raming
Raming
2025
2026
2027
2028
1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
0
0
0
0
2 Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
365
282
268
246
3 Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie
107
107
107
107
4 Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd
180
353
39
540
Berekend EMU-saldo
292
36
337
-187
Omschrijving (x € 1.000)
Investeringen tellen bijvoorbeeld niet mee in het stelsel van baten en lasten, daarbij wordt uitgegaan van de jaarlijkse kapitaallasten van de investeringen. Investeringen in een bepaald jaar tellen echter wel volledig mee in het EMU-saldo. Bij een sluitende begroting zou het daardoor dus toch kunnen dat er een negatief saldo is. In het jaar 2028 is het EMU-saldo negatief door het hoge investeringsniveau in dat jaar.
◄Inhoudsopgave
Financiële begroting
Programmabegroting 2025
6.3.3 Verloopoverzicht voorzieningen Verloopoverzich t voorzieningen
Eindstan d
Toevoegin g
Onttrekkin g
Eindstan d
Toevoegin g
Onttrekkin g
Eindstan d
Toevoegin g
Onttrekkin g
Eindstan d
Toevoegin g
Onttrekkin g
Eindstan d
2024
2025
2025
2025
2026
2026
2026
2027
2027
2027
2028
2028
2028
Grootonderhoud Recreatieve Voorziening
372
107
148
331
107
82
357
107
141
324
107
141
291
Totaal
372
107
148
331
107
82
357
107
141
324
107
141
291
Tabel 10 Verloopoverzicht voorzieningen
6.3.4 Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen In onderstaand overzicht zijn de arbeidskosten gerelateerde verplichtingen opgenomen, die jaarlijks een vergelijkbaar volume hebben. De dekking van deze verplichtingen is in de meerjarenraming voorzien. Bedragen in € Individueel keuzebudget
2025
218.117
Tabel 11 Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen
6.3.5 Investeringen Hieronder treft een overzicht van de verwachte herinvesteringen: Herinvesteringen
2025
2026
2027
2028
Bedrag
180
353
39
540
Tabel 12 Herinvesteringen
◄Inhoudsopgave
Bijlagen
Programmabegroting 2025
Bijlagen Gemeentelijke bijdrage 2025 per taakveld Aantal inw.
0.4
1-1-2024
Overh.
Almelo Borne Dinkelland Enschede Haaksbergen Hellendoorn Hengelo Hof van Twente Losser Oldenzaal Rijssen / Holten Tubbergen Twenterand Wierden
74.164 24.638 26.739 161.852 24.349 36.258 83.073 35.439 23.380 31.795 38.681 21.397 34.073 24.935
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Geldlening / uitzettingen > 1 jr. 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Totaal
640.773
0
0
Gemeente
0.5
5.7
3.1
Openbaar groen Economische en (openlucht) ontwikkeling recreatie 390.940 86.621 129.874 28.776 140.949 31.230 853.168 189.037 128.351 28.439 191.126 42.348 437.902 97.026 186.809 41.391 123.243 27.307 167.601 37.135 203.899 45.178 112.790 24.991 179.609 39.796 131.440 29.123
3.377.698
748.397
Totaal Gemeentelijke bijdrage 477.560 158.650 172.179 1.042.205 156.789 233.474 534.927 228.200 150.550 204.736 249.076 137.781 219.404 160.563
4.126.094
Toelichting Volgens het BBV is het voor verbonden partijen niet toegestaan om de gemeentelijke bijdrage voor overhead op te halen via taakveld overhead (voor zover het geen overhead activiteiten betreft). Dit is uiteengezet in de notitie verbonden partijen van de commissie BBV. Hierdoor verantwoorden wij de bijdragen voor overhead onder de baten bij de directe taakvelden door taakveld overhead extracomptabel te verdelen over het grootste taakveld, openbaar groen en openlucht recreatie. De rente voor de aangetrokken geldlening wordt niet separaat via taakveld 0.5 opgehaald doch via de omslagrente verantwoord via het taakveld openbaar groen en (openlucht) recreatie.
◄Inhoudsopgave
38