Raadsvoorstel voornemen tot het vaststellen van het ontwerp Masterplan
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering
d.d. 28 januari 2026
nr. Nummer
Onderwerp: voornemen tot het vaststellen van het ontwerp “Masterplan Uitbreidingslocaties
Voorstel: 1. Geen wensen en bedenkingen kenbaar te maken ten aanzien van ons voorgenomen besluit tot het ongewijzigd vaststellen van het Masterplan Uitbreidingslocaties.
Inleiding / aanleiding Op 31 mei 2023 heeft uw gemeenteraad een motie aangenomen waarin het college is gevraagd de bouwmogelijkheden en belemmeringen aan de randen van de kernen te onderzoeken. Dit omdat vanuit uw raad werd geconstateerd dat er binnen de bebouwde kom onvoldoende locaties beschikbaar zijn om aan de woningbouwopgave te voldoen. De behoefte aan passende (kwalitatief) nieuwe woningen is groter dan waarin de huidige woningbouwplannen kunnen voorzien. Kortom, de woningbouw blijft achter ten opzichte van de behoefte aan nieuwe woningen. Door uw gemeenteraad is op 27 november 2024 het “Addendum: Locatieonderzoek wonen en werken bij de structuurvisie 2030: Haaksbergen, groenste dorp van Twente” vastgesteld. Hierin zijn de zoekgebieden beschreven die voor woningbouw en bedrijventerreinen aan de randen van de dorpskernen in aanmerking komen. Dit ter uitvoering van eerdergenoemde motie. Voorts is het Addendum op de structuurvisie van 2030 als bijlage opgenomen in de Omgevingsvisie Haaksbergen die op 26 november 2025 door uw raad is vastgesteld. De vaststelling van het Addendum is voor het college het vertrekpunt geweest om te kunnen starten met een beleidsmatige uitwerking daarvan. Met de besluitvorming die rondom het Addendum heeft plaatsgehad is duidelijk geworden dat de zoekgebieden Honesch en Wissinkbrink de voorkeur hebben om nader te worden uitgewerkt.
De voorkeur voor deze beide locaties is mede gebaseerd op grond van een vooraf uitgevoerde milieu-planologische impactanalyse, financiële analyse en de (mogelijke) eigendomsposities. De voorkeurslocaties hebben in het Masterplan Uitbreidingslocaties nadere uitwerking gekregen, waarbij het bestaande landschappelijke raamwerk als voornaamste uitgangspunt is gehanteerd. Deze uitwerking is nodig om betere inzichten te verkrijgen in de wijze waarop het woningbouwprogramma op een goede manier landschappelijk kan worden ingebed. De beide voorkeurslocaties zijn uitgewerkt vanuit het basisprincipe dat sprake dient te zijn van 30% sociale, 40% betaalbare en 30% dure koopdan wel huurwoningen. Ook de wijze waarop de toekomstige woningbouwlocaties worden ontsloten, is een noodzakelijk inzicht om tot realisatie te komen. Aan de totstandkoming van voorliggend Masterplan heeft een uitgebreid participatieproces ten grondslag gelegen. Dit proces is vooraf bepaald en verankerd in het participatieplan dat het college op 27 mei 2025 heeft vastgesteld. Het ontwerp van het Masterplan heeft vanaf 30 oktober 2025 tot en met 12 november 2025 voor een periode van twee weken ter inzage gelegen, met de mogelijkheid voor het indienen van een inspraakreactie. Met de terinzagelegging voor de inspraak is het participatieproces rondom de totstandkoming van het Masterplan afgerond. Pagina 1 van 7
Met voorgenomen besluit van het college wordt een standpunt ingenomen op de ingediende inspraakreacties, zoals in bijgevoegde “Nota Inspraak en Overleg, Ontwerp Masterplan Uitbreidingslocaties Haaksbergen, deelgebieden Honesch en Wissinkbrink” is beschreven. De ingediende inspraakreacties zijn samengevat en van een beoordeling voorzien. Ook is verslag gemaakt van de uitkomsten van het gevoerde overleg met de provincie. Een email van de provincie is als bijlage toegevoegd waarin wordt bevestigd dat de gemeente op een juiste manier toepassing heeft gegeven aan de provinciale Catalogus Gebiedskenmerken. Het college is voornemens het Masterplan ongewijzigd vast te stellen. Alvorens tot besluitvorming over te gaan, legt het college het Masterplan voor aan uw gemeenteraad voor wensen en bedenkingen.
Bestuurlijk / wettelijk kader Rijk - Omgevingswet - Ontwerp Nota Ruimte Provincie - Provinciale omgevingsvisie - Provinciale omgevingsverordening - Woondeal Twente Gemeente - Omgevingsvisie Haaksbergen, vastgesteld 26 november 2025 (het Addendum op de structuurvisie Haaksbergen 2030 maakt hiervan onderdeel uit) - Beleidsnota participatie Ook voor Omgevingswet, vastgesteld 2 maart 2022 - Participatieplan Masterplan Uitbreidingslocaties, vastgesteld 27 mei 2025 - Inspraakverordening, vastgesteld 25 februari 2009 - Motie: motie kansrijke bouwlocaties aan de randen van Haaksbergen, aangenomen op 31 mei 2023 Argumenten 1.1 De ingediende inspraakreacties geven geen aanleiding het Masterplan Uitbreidingslocaties nog aan te passen. Er zijn gedurende het participatieproces al aanpassingen, gedaan die bepalend zijn geweest voor de hoofdstructuur van de ontwerpen. Het ontwerp van het Masterplan Uitbreidingslocaties heeft vanaf 30 oktober 2025 tot en met 12 november 2025 gedurende twee weken voor de inspraak ter inzage gelegen. Er zijn in totaliteit 35 inspraakreacties ingediend. Degene die pro forma een inspraakreactie hebben ingediend, konden deze tot uiterlijk 28 november 2025 aanvullen. Er is één inspraakreactie op 2 december 2025 ingekomen en die is daarom niet meer in de beoordeling meegenomen.
Voorafgaand aan de terinzagelegging voor de inspraak heeft een uitgebreid participatieproces plaatsgevonden. Tijdens dit participatieproces is meermaals gecommuniceerd over de periode waarin een inspraakreactie kon worden ingediend. Het proces is ingericht overeenkomstig het participatieplan dat het college op 27 mei 2025 heeft vastgesteld. De navolgende participatiemomenten hebben plaatsgevonden: -
22 september 23 september 24 september 15 oktober 27 oktober
: : : : :
eerste algemene informatiesessie voor geïnteresseerden informatiesessie met diverse maatschappelijke partners raadpleegsessie met grondeigenaren en direct aanwonenden teruggeefsessie met grondeigenaren en direct aanwonenden tweede algemene informatiesessie voor geïnteresseerden
De verslagen van de participatiemomenten zijn bijgevoegd. In bijgaande “Nota Inspraak en Overleg Ontwerp Masterplan Uitbreidingslocaties Haaksbergen, deelgebieden Honesch en Wissinkbrink” zijn de inspraakreacties samengevat en van een beoordeling voorzien. De ingediende inspraakreacties geven geen aanleiding het Masterplan te wijzigen. Verwezen wordt naar de “Nota Inspraak en Overleg Ontwerp Masterplan Uitbreidingslocaties Haaksbergen, deelgebieden Honesch en Wissinkbrink”. Pagina 2 van 7
Dat de inspraakreacties geen aanleiding geven het Masterplan op onderdelen te wijzigen laat zich verklaren, doordat de ontwerpen uitgaan van een hoofdstructuur van de woongebieden die nog meer in detail moeten worden uitgewerkt. Vanuit het gevoerde participatieproces zijn veel wensen opgehaald van onder meer direct aanwonenden. De resultaten uit het participatieproces hebben de ontwerpen zoals die in het Masterplan zijn opgenomen verrijkt en hebben geleid tot hoofdzakelijk wijzigingen in de hoofdstructuur. De wijzigingen die zijn aangebracht zijn in een overzichtelijke rapportage als bijlage toegevoegd. Verwezen wordt naar de rapportage van 27 november 2025 “Masterplan Uitbreidingslocaties, wijzigingen deelgebieden Honesch en Wissinkbrink”. Aanvullend op het vorenstaande wordt opgemerkt dat in de inspraakreacties veelvuldig wordt ingegaan op beleidsmatige keuzes die als onderdeel van de vaststelling van het Addendum zijn gemaakt. Denk daarbij in het bijzonder aan de beleidsmatige keuze de Honesch en de Wissinkbrink als voorkeurslocaties voor woningbouw aan te wijzen. Hoewel de noodzaak van de woningbouwopgave wordt ingezien, valt uit de reacties op te maken dat deze opgave liefst elders binnen onze gemeente wordt opgelost. Het college kan aan dergelijke inspraakreacties niet tegemoetkomen.
De besluitvorming in uw raad omtrent de vaststelling van het Addendum is voor ons namelijk het fundament om de voorkeurslocaties voor woningbouw verder uit te werken. 1.2
Diverse inspraakreacties geven aanleiding deze bij de nadere uitwerking van de woningbouwplannen te betrekken. Er zijn mogelijkheden om binnen de hoofdstructuur van de ontwerpen die in het Masterplan zijn opgenomen aanpassingen te doen. Het Masterplan betreft een beleidsmatige uitwerking van de voorkeurslocaties voor woningbouw in de Honesch en Wissinkbrink. Met deze beleidsmatige uitwerking zijn de woningbouwplannen nader geconcretiseerd en deze laat zien dat op de voorkeurslocaties het woningbouwprogramma kan worden ingepast. Deze beleidsmatige uitwerking is daarentegen nog niet zover gedetailleerd, dat de ontwerpen al in het beton kunnen worden gegoten. Hiervoor is nadere uitwerking nodig die een plek gaat krijgen in de voorbereiding van planologische procedures, die nog moeten worden doorlopen. Hierbij moet worden gedacht aan aanvullende onderzoeken die nog moeten worden uitgevoerd, zoals bijvoorbeeld ecologische onderzoeken, stikstofberekeningen en bodemonderzoeken. Daarnaast is het noodzakelijk op onderdelen aan de slag te gaan met civieltechnische uitwerkingen, zoals de wijze waarop de woongebieden op het bestaande wegennetwerk het beste kunnen worden ontsloten. Het college is dan ook van mening dat het participatietraject als onderdeel van die nadere uitwerking een vervolg moet krijgen.
Een vervolg waarbij meer specifiek het individuele belang van een inspreker in de planuitwerking kan worden betrokken. Hierin worden nog volop mogelijkheden gezien, omdat het Masterplan een hoofdstructuur laat zien die ruimte biedt om nader uit te werken. Gelet op vorenstaande willen wij insprekers dan ook nadrukkelijk een rol geven in het vervolgproces. Bij het opstellen van bijvoorbeeld omgevingsplannen en civieltechnische uitwerkingen worden insprekers betrokken. Een (vervolg) participatieplan komt hieraan ten grondslag te liggen. Wij zullen hiertoe het initiatief nemen. 1.3
Er heeft gedurende de totstandkoming van het Masterplan voortdurende afstemming plaatsgehad met de provincie. De provincie bevestigt dat de wijze waarop het plan is uitgewerkt voldoet aan provinciale beleidskaders. Er heeft regelmatig afstemming plaatsgehad met de provincie en ook bij de planuitwerking die nog volgt, blijft de gemeente de afstemming met de provincie zoeken. Vanaf het begin is de provincie meegenomen met plannen van de gemeente voor uitbreiding van woningbouwlocaties. Zo is de provincie goed op de hoogte van de besluitvorming rondom de vaststelling van het Addendum door uw gemeenteraad. Het is de provincie ook bekend dat de voorkeurslocaties Honesch en Wissinkbrink in het Masterplan uitwerking hebben gekregen ten behoeve van woningbouw. De provincie is niet alleen op de hoogte, maar heeft ons ook laten weten dat de wijze waarop de uitbreidingsplannen in het landschap worden ingepast overeenkomstig provinciaal beleid is.
Pagina 3 van 7
In bijgaande “Nota Inspraak en Overleg Ontwerp Masterplan Uitbreidingslocaties Haaksbergen, deelgebieden Honesch en Wissinkbrink” is een weergave gegeven van de provinciale reactie op het Masterplan. Daaruit valt te lezen dat de gehanteerde uitgangspunten, met het landschap als onderlegger, de provincie een goed inzicht geeft in de wijze waarop de randen met ruimtelijke kwaliteit kunnen worden versterkt en waar daarvoor kansen liggen. En specifiek ten aanzien van de provinciale essenkaart geeft de provincie duiding aan de wijze waarop kaartmateriaal moet worden geïnterpreteerd. De provinciale essenkaart heeft de provincie gebruikt als onderlegger voor de kaartlaag van de agrarische cultuurlandschappen uit de Catalogus gebiedskenmerken Overijssel. De provincie benoemt daarin gebieden als essenlandschap, maar legt daarbij niet precies vast waar in het landschap essen liggen. De Catalogus gebiedskenmerken maakt onderdeel uit van de provinciale sturing op ruimtelijke kwaliteit door instructieregels zoals in de provinciale Omgevingsverordening opgenomen. In de Catalogus Gebiedskenmerken staan aanwijzingen voor gemeenten die bij ruimtelijke plannen moeten onderbouwen, dat de beoogde ontwikkelingen bijdragen aan ruimtelijke kwaliteit. De provincie is van mening dat in het Masterplan op juiste wijze toepassing is gegeven aan de provinciale Catalogus Gebiedskenmerken.
De gemeente hecht grote waarde aan een goede afstemming met de provincie, zoals dat al eerder in een vroegtijdig stadium is gebeurd gedurende de totstandkoming van het Masterplan en ook in het vervolg zullen blijven doen. Het is haast als vanzelfsprekend dat de gemeente geen plannen wil ontwikkelen, die niet op de steun van de provincie kunnen rekenen. De gemeente wil daarentegen de kennis en kunde die bij de provincie aanwezig is, zo goed mogelijk gebruiken om de ruimtelijke kwaliteit in onze plannen te versterken. 1.4
Het Masterplan Uitbreidingslocaties is een beleidsmatige uitwerking van het Addendum op de Structuurvisie 2030 en de daarin beschreven voorkeurslocaties voor woningbouw. Het Masterplan Uitbreidingslocaties moet worden beschouwd als een beleidsmatige uitwerking van het Addendum op de Structuurvisie 2030 (dat inmiddels is opgegaan in de Omgevingsvisie Haaksbergen, door uw raad vastgesteld op 26 november 2025). Met deze uitwerking wordt inzicht gegeven of de beoogde voorkeurslocaties ook vanuit het onderliggende programma voor woningbouw geschikt zijn te maken. Hierbij moet met name worden gedacht aan: het basisprincipe dat sprake dient te zijn van 30% sociale, 40% betaalbare en 30% dure koop-en/of huurwoningen (waarbij ook rekening moet worden gehouden met de huisvesting van aandachtsgroepen); de woningbouw op een goede manier landschappelijk is in te passen en goed op het onderliggende wegennet kan worden ontsloten; er voldoende fysieke ruimte overblijft om ook in samenhangende opgaven te kunnen voorzien, zoals water(berging), recreatieve verbindingen en de aanleg van groen in de wijken. Het Masterplan laat zien dat alle aangewezen voorkeurslocaties voldoende van omvang zijn, dat op de daarin weergegeven “woonvelden” woningbouw is te realiseren. Deze woningbouw is op een goede manier landschappelijk in te passen en is op de rondweg van Haaksbergen te ontsluiten.
Een rechtstreekse ontsluiting wordt wenselijk gevonden, zodat de omliggende landelijke wegen de uitstraling als zodanig kunnen behouden. 1.5
Het Masterplan Uitbreidingslocaties is een beleidsmatige uitwerking van het Addendum op de Structuurvisie 2030 en laat meer gedetailleerd zien op welke wijze de woningbouwlocaties in het landschap kunnen worden ingepast. De beide beoogde ontwikkellocaties zijn uitgewerkt vanuit het basisprincipe dat sprake dient te zijn van 30% sociale, 40% betaalbare en 30% dure koop-/huurwoningen. De kwaliteiten van het bestaande landschappelijke raamwerk zijn daarbij gehanteerd als het belangrijkste uitgangspunt voor de ontwerpen, die voor beide ontwikkellocaties zijn gemaakt. Met betrekking tot de bestaande landschappelijke kenmerken moet in het bijzonder worden gedacht aan de essen die in beide gebieden aanwezig zijn. In het Masterplan is hiermee rekening gehouden door meerdere opgaven aan elkaar te koppelen, waarbij de aanwezige essen op herkenbaarheid worden versterkt. Met het koppelen van meerdere opgaven wordt bedoeld, dat de opgave van woningbouw wordt gecombineerd met de opgaven voor onder andere water, het landelijke karakter, maar ook het realiseren van (recreatieve) Pagina 4 van 7
verbindingen. Het versterken van de essen gebeurt door steilranden en esrandbeplantingen aan te brengen en door zichtlijnen in het landschap in stand te houden. Ook is gekeken naar de verschillende woningtypologieën en daar waar deze het beste in het landschap kunnen worden ingepast. Daarbij hebben ook de mogelijkheden voor hoogbouw in het Masterplan een plek gekregen. Met het laten zien van referentiebeelden is inzicht gegeven in de wijze, waarop de woningbouw en het landschap samenkomen. 1.6
Voor het bereiken van een evenwichtige verdeling van het woningbouwprogramma is het nodig dat de beide voorkeurslocaties Honesch en Wissinkbrink tot uitvoering worden gebracht. Voor het uitvoeren van het totale woningbouwprogramma van 900 woningen en in het bijzonder het aandeel 30% sociale huur- en koopwoningen, is het van belang het volledige Masterplan tot uitvoer te brengen. Daarbij moet worden bedacht, zoals in het argument hiervoor is benoemd, dat met de realisatie van het woningbouwprogramma sprake is van een enorme verscheidenheid aan woningtypologieën. In het Masterplan is uitgewerkt waar de verschillende woningtypologieën het beste in het landschap kunnen worden ingepast. Het gaat dan uiteraard ook om de verschillende doelgroepen die moeten worden bediend (bijvoorbeeld in de nabijheid van voorzieningen). De deelgebieden in de Honesch en het gebied Wissinkbrink zijn nadrukkelijk complementair aan elkaar (Honesch leent zich meer voor wonen met zorg of voor ouderen, vanwege nabijheid van voorzieningen en Wissinkbrink voor jonge gezinnen of starters op de woningmarkt). Ook dient er bij de nadere uitwerking nadrukkelijk rekening gehouden te worden met de omstandigheid dat sprake is van verschillende grondeigenaren en de gemeente niet alle percelen in eigendom kan verkrijgen (bijvoorbeeld omdat sprake is van zelfrealisatie door een eigenaar dan wel een ontwikkelaar).
Het is binnen de hiervoor beschreven context in relatie tot de financiële haalbaarheid van de volledige uitvoering van het Masterplan/woningbouwprogramma noodzakelijk, dat beide voorkeurslocaties tot uitvoering worden gebracht. Het vorenstaande maakt onderdeel uit van verdere uitwerking van de plannen. 1.7
Het Masterplan is overeenkomstig de gedane toezeggingen in het kader van de behandeling van het Addendum uitgewerkt. De gedane toezeggingen zijn als specifieke uitgangspunten meegegeven bij het opstellen van het Masterplan. Het gaat om de toezeggingen “aanhouden van 100 meter in relatie tot bestaande bebouwing aan de Klaashuisstraat en Rosinkweg” en “het niet bouwen op essen”. De gemeente heeft gemerkt dat de gedane toezeggingen met regelmaat uit de context worden getrokken, ten aanzien van de wijze waarover hierover in het besluitvormingsproces is gesproken. Om die reden heeft zij in de “Nota Inspraak en Overleg Ontwerp Masterplan Uitbreidingslocaties Haaksbergen, deelgebieden Honesch en Wissinkbrink” hier specifieke aandacht aan gegeven. Kortheidshalve wordt verwezen naar paragraaf 2.2 van vorengenoemde nota. Het college is van mening dat de gedane toezeggingen op een goede manier in het Masterplan zijn ingebed. 1.8
Het college besluit pas op voorliggend Masterplan nadat het college eerst uw raad heeft geraadpleegd door de mogelijkheid te geven wensen en bedenkingen kenbaar te maken. Het college besluit niet eerder tot het vaststellen van het Masterplan, dan nadat uw raad in de gelegenheid is gesteld eventuele wensen en bedenkingen kenbaar te maken. In de raadsinformatiebrief van 28 oktober 2025 is uw raad hierover geïnformeerd (zie bijgevoegde bijlage). Het college stelt uw raad voor geen wensen en bedenkingen kenbaar te maken op voorliggend voorgenomen besluit. Op grond van artikel 30 van de Gemeentewet dient het college uw raad een voorstel voor te leggen, waar een raadslid “voor” of “tegen” kan stemmen. Wenst een raadslid een ander besluit dan het aan uw raad voorgelegde, dan staat het hem vrij om gebruik te maken van zijn recht op amendement. Daar het college uw raad voorstelt geen wensen en bedenkingen kenbaar te maken, kan een raadslid met een amendement voorstellen de daarin genoemde wensen en bedenkingen op het voorgenomen collegebesluit kenbaar te maken. 1.9 De Omgevingswet is het wettelijk kader ten aanzien van besluitvorming die betrekking heeft op de fysieke leefomgeving. Het college is bevoegd de voorbereidende werkzaamheden op te pakken om omgevingsplannen op te stellen.
Pagina 5 van 7
In de Omgevingswet zijn vier soorten van omgevingsbesluiten (kerninstrumenten) opgenomen, die de gemeente kan inzetten om het ruimtelijk beleid te realiseren: 1. De omgevingsvisie. De omgevingsvisie bevat de hoofdlijnen van het beleid en de ontwikkelingen die de gemeente voor ogen heeft. De omgevingsvisie heeft een hoog schaalniveau. Uw raad is bevoegd de omgevingsvisie vast te stellen. 2. Het omgevingsprogramma. De omgevingsprogramma’s worden opgesteld ter uitvoering van de omgevingsvisie. Een omgevingsvisie kan meerdere programma’s bevatten. Met een programma worden onderdelen van de omgevingsvisie meer concreet gemaakt. Het is dus op onderdelen een nadere uitwerking van de omgevingsvisie. Het college is bevoegd om een programma op te stellen. 3. Het omgevingsplan. Met het omgevingsplan wordt de omgevingsvisie juridisch verankerd. In dit plan worden alle regels vastgelegd die betrekking hebben fysieke leefomgeving, zoals regels omtrent de bouw van woningen. Uw raad is bevoegd het omgevingsplan vast te stellen. 4. De omgevingsvergunning. Met de omgevingsvergunning wordt ervoor gezorgd dat de bouw van woningen ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Hieronder een weergave van de beleidscyclus Omgevingswet met daarin verwerkt de vier soorten van omgevingsbesluiten, die de gemeente kan inzetten ter uitvoering van het ruimtelijk beleid.
De weergave is terug te vinden in de Omgevingsvisie Haaksbergen, vastgesteld op 26 november 2025.
Afbeelding van de beleidscyclus
Uw raad heeft met de vaststelling van het Addendum op de Structuurvisie 2030 (inmiddels opgegaan in de Omgevingsvisie Haaksbergen, vastgesteld op 26 november 2025) de hoofdlijnen van het beleid voor de fysieke leefomgeving vastgesteld. Het is aan uw gemeenteraad deze omgevingsvisie nu door te vertalen naar een juridisch omgevingsplan. Het college dient de nodige voorbereidingen te treffen om tot een concept van een omgevingsplan te komen. Het college kan hiermee pas goed aan de slag, wanneer zij over een nadere beleidsuitwerking beschikt om tot een concretere (juridische) uitwerking te komen. Het college ziet het Masterplan Uitbreidingslocaties dan ook als ware het een “startnotitie”, die zij nu eerst aan uw raad voorlegt, zodat het college daarna beter aan de slag kan met het opstellen van een omgevingsplan. Het verschil ten opzichte van het proces omtrent de startnotitie is, dat wij het Masterplan voor wensen en bedenkingen aan uw gemeenteraad voorleggen en niet alleen beperken tot een bespreking in de commissie Ruimte. Gelet op de grootschaligheid van de woningbouwplannen en de impact daarvan, is gemeend deze “startnotitie” voor wensen en bedenkingen aan uw raad aan te bieden. Risico’s Dit besluit brengt geen risico’s met zich mee.
De uitvoering van het Masterplan Uitbreidingslocaties gaat wel risico’s meebrengen, die kunnen zowel juridisch-procedureel (beroepsprocedures) als financieel (in het geval van actieve grondverwerving) van aard zijn. Zodra sprake is van besluitvorming ten aanzien van de uitvoerende onderdelen van het Masterplan Uitbreidingslocaties, zal het college deze risico’s specifieker benoemen. Pagina 6 van 7
Vervolgproces/communicatie/planning Nadat uw raad heeft besloten al dan niet wensen en bedenkingen kenbaar te maken, zal het college tot definitieve besluitvorming op het Masterplan overgaan.
Bijlagen: 1. Nota Inspraak en Overleg Ontwerp Masterplan Uitbreidingslocaties Haaksbergen, deelgebieden Honesch en Wissinkbrink 2. Masterplan Uitbreidingslocaties, deelgebieden Honesch en Wissinkbrink, van 23 oktober 2025 3. Masterplan Uitbreidingslocaties, wijzigingen deelgebieden Honesch en Wissinkbrink, rapportage van 27 november 2025 4. Inspraakreacties (geanonimiseerd) 5. Raadsinformatiebrief, toegestuurd op 28 oktober 2025 6. Ontwerp Masterplan Haaksbergen participatieverslag 7. Paneel Honesch 8. Paneel Wissinkbrink 9. Participatieverslag algemene informatieavond van 22 september 2025 10. Participatieverslag raadpleegsessie maatschappelijke partners van 23 september 2025 11. Participatieverslag raadpleegsessie grondeigenaren en direct aanwonenden van 24 september 2025 12. Participatieverslag teruggeefsessie grondeigenaren en direct aanwonenden van 15 oktober 2025 13. Email provincie van 19 november 2025 met de bevestiging dat het Masterplan overeenkomstig de provinciale Catalogus Gebiedskenmerken is opgesteld 14. Motie: kansrijke bouwlocaties aan de randen van Haaksbergen, aangenomen op 31 mei 2023
Burgemeester en wethouders
M. (Marcel) Broekhuis gemeentesecretaris
G.J. (Gerard) van den Hengel burgemeester
Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering d.d. 28 januari 2026
R. (Robin) Meinen griffier
G.J. (Gerard) van den Hengel voorzitter
Pagina 7 van 7