Raadsvoorstel Verordening Jeugdhulp
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering
d.d. 18 december 2024
nr. Nummer
Onderwerp: Verordening jeugdhulp
Voorstel: 1. De Verordening jeugdhulp vaststellen.
Inleiding / aanleiding Op 27 maart 2024 heeft u de geactualiseerde Verordening jeugdhulp vastgesteld. Bij vaststelling van de verordening is aangegeven dat, in verband met de lopende aanbesteding voor jeugdhulp, de verordening in de loop van 2024 nogmaals aangepast zou moeten worden. Per 1 januari 2025 dienen de nieuwe ingekochte producten te worden ingezet bij aanvragen voor jeugdhulp. Voor ambulante jeugdhulp geldt overigens dat 2025 een overgangsjaar is, zodat indicaties die in 2024 of eerder zijn afgegeven nog kunnen doorlopen tot uiterlijk 31 december 2025. De, beschrijvingen van de, nieuw ingekochte producten dienen in de Verordening jeugdhulp te worden opgenomen om ze rechtmatig te kunnen verstrekken. Daarnaast moet de Verordening jeugdhulp ook geactualiseerd te worden in verband met nieuwe jurisprudentie. De Centrale Raad van Beroep (hierna: CRvB) heeft op 29 mei 2024 in een drietal uitspraken bepaald, dat gemeenten in de verordening moeten regelen wat onder eigen kracht in de Jeugdwet wordt verstaan. Uw raad moet in de verordening uitleggen wat eigen kracht is, welke voorwaarden daarbij gelden en wat de afwegingsfactoren zijn om dit vast te stellen. Als gevolg van deze uitspraken dienen bijna alle gemeenten hun verordening en beleidsregels aan te passen. Tot slot is een enkele aanpassing vanuit de uitvoeringspraktijk doorgevoerd.
Dit betreft met name artikel 13 Toegang jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts. Bestuurlijk / wettelijk kader Rijk: Algemene wet bestuursrecht Gemeentewet Jeugdwet (artikelen 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, derde lid) Gemeente: Raadsbesluit van 27 maart 2024 met betrekking tot de Verordeningen maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Inspraakverordening Haaksbergen Verordening Participatieraad Haaksbergen Programma 6 Sociaal Domein Argumenten 1.1 Borgen van de actuele Verordening jeugdhulp, die aansluit bij de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, jurisprudentie en de nieuwe inkoop Met de voorliggende Verordening jeugdhulp wordt aangesloten bij de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, jurisprudentie en ingekochte producten, die vanaf 1 januari 2025 moeten worden ingezet in de toegang. Een nadere toelichting van de wijzigingen en de keuzes die daarin zijn gemaakt, is te Pagina 1 van 4
vinden in de samenvatting in de bijlage. Omdat de inhoud van de individuele voorzieningen is gewijzigd door de regionale inkoop en individuele voorzieningen nu zijn uitgewerkt in de verordening, is ervoor gekozen geen was-wordt-tabel te maken. Een was-wordt-tabel zou, gelet op de wijzigingen onoverzichtelijk worden. Er is daarom gekozen voor een samenvatting van de wijzigingen, die in de bijlage is opgenomen. Volledigheidshalve merkt het college op dat de beleidsregels jeugdhulp zijn geactualiseerd en dat de nadere regels jeugdhulp ongewijzigd zijn gebleven. 1.2
De modelverordening van de Vereniging Nederlandse gemeenten (VNG) vormt de basis van de voorliggende Verordening jeugdhulp. Bij het actualiseren van de Verordening jeugdhulp heeft het college de modelverordening van de VNG als basis genomen. Daar waar deze verordening niet toereikend was is aangesloten bij de modelverordening van Schulinck (kennisbank sociaal domein). 1.3
In de slotbepalingen is een overgangsbepaling opgenomen om goed te voorzien in de overgang van de huidige verordening naar voorliggende verordening. In de overgangsbepaling is opgenomen dat een cliënt het recht behoudt op een lopende voorziening, die is verstrekt op grond van de Verordening jeugdhulp van 27 maart 2024, totdat het college een nieuwe beschikking verstrekt. Wel is bepaald dat aanvragen die zijn ingediend onder de Verordening jeugdhulp van 27 maart 2024 en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van de Verordening jeugdhulp van 18 december 2024, worden afgehandeld krachtens de Verordening Jeugdhulp van 18 december 2024. Van de voorgaande bepalingen kan ten gunste van de jeugdige worden afgeweken, bijvoorbeeld omdat voorliggende verordening gunstiger uitpakt voor de inwoner. 1.4
In de Verordening jeugdhulp zijn de omschrijvingen van de per 1 januari 2025 ingekochte producten opgenomen, zodat deze ingezet kunnen worden door de Noaberpoort In het voorjaar van 2022 hebben de veertien Twentse gemeenten gezamenlijk de Regiovisie jeugdhulp vastgesteld. Op basis van de regiovisie is een regionale strategie voor jeugdhulp geschreven, waarbij de uit de regiovisie geformuleerde principes zijn omgezet naar strategische inkoopdoelen. De strategische inkoop jeugdhulp 2025 wordt in 2024 afgerond. Om een dekkend en beheersbaar zorglandschap te krijgen met goede kwaliteit en hoge betrouwbaarheid, is het van belang dat er meer zicht is op de vele individuele voorzieningen die het landschap heeft. In de huidige situatie worden veel diverse individuele voorzieningen onder één productnaam genoemd. Hierdoor is er minder zicht op dekkendheid van het zorglandschap, beheersbaarheid, kwaliteit en betrouwbaarheid. Om de leidende principes uit de regiovisie jeugdhulp te kunnen nastreven, worden diverse individuele voorzieningen specifieker ingekocht. deze nieuwe producten vanaf 2025 in te kunnen zetten, is het noodzakelijk dat de omschrijvingen van de producten voor die tijd in de lokale regelgeving zijn opgenomen. Aan de hand van de bestekteksten, zijn (in regionaal verband) omschrijvingen van die producten opgesteld. 1.5
Uw raad dient, op grond van jurisprudentie, de productomschrijvingen van de individuele voorzieningen vast te stellen Tot de voorliggende verordening waren de productomschrijvingen van de individuele voorzieningen opgenomen in de beleidsregels die door het college worden vastgesteld. Recente jurisprudentie heeft echter uitgewezen dat de gemeenteraden de productomschrijvingen van de individuele voorzieningen dienen vast te stellen. Voor de rechtszekerheid en ter voorkoming van willekeur moet de gemeenteraad volgens de CRvB in de verordening regels stellen over het aanbod, de toekenningsvoorwaarden van een individuele voorziening en de wijze van beoordeling en afwegingsfactoren daarbij. Daarom heeft het college er voor gekozen deze omschrijvingen in de Verordening jeugdhulp op te nemen, die door uw raad dient te worden vastgesteld, zodat aan de actuele jurisprudentie wordt voldaan. 1.6 Er zijn geen ondersteuningsbehoeften en dakjes meer ingekocht maar afzonderlijke producten In het huidige model, het Twents Ondersteuningsmodel (TOM), is sprake van ondersteuningsbehoeften, met per ondersteuningsbehoefte meerdere niveaus en dakjes. In de ondersteuningsbehoeften zijn diverse vormen van ambulante ondersteuning samengebracht.
Vanuit de ervaring van het werken met deze ondersteuningsbehoeften in de afgelopen 4 jaar, is ervoor gekozen specifieke ambulante producten in te kopen in plaats van grotere productgroepen. De omschrijvingen van deze producten zijn in de verordening opgenomen. In de zogenaamde ‘dakjes’ zijn de diverse vormen van wonen en verblijf Pagina 2 van 4
samengevat. Eveneens vanuit de ervaring van de afgelopen jaren is er voor gekozen, om voor wonen en verblijf ook diverse afzonderlijke producten in te kopen in plaats van grotere productgroepen. De omschrijvingen van deze producten zijn in de verordening opgenomen. Als gevolg hiervan is het aantal producten en daarmee ook het aantal productomschrijvingen fors toegenomen. 1.7
De bepalingen die zien op de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen zijn aangepast in lijn met recente jurisprudentie De CRvB heeft op 29 mei 2024 in een drietal uitspraken bepaald dat gemeenten in de verordening moeten regelen wat onder eigen kracht in de Jeugdwet wordt verstaan.1 Uw raad moet in de verordening regels opnemen over hoe de gemeente tot een afweging komt over de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van ouders en verzorgers. Specifiek wijst de CRvB erop dat uit de verordening moet blijken, welke betekenis de gemeenteraad toekent aan de ouderlijke verzorgings- en opvoedingsplicht die volgt uit het Burgerlijk Wetboek. Als gevolg van deze uitspraken dienen (bijna) alle gemeenten hun verordening aan te passen en in de verordening een afwegingskader over de eigen mogelijkheden op te nemen. Dit om houdbare besluiten te kunnen nemen over de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen. 1.8
In artikel 13 van voorliggende verordening met betrekking tot de toegang via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts is uitgebreider beschreven welke voorwaarden hiervoor worden gehanteerd Door in dit artikel uitgebreider en explicieter te beschrijven aan welke voorwaarden de jeugdhulpaanbieders moeten voldoen na een verwijzing door de huisarts, medisch specialist of jeugdarts, verwacht het college de aanbieders beter aan deze afspraken te kunnen houden. 1.9
De Participatieraad heeft besloten geen gevolg te geven aan het adviesverzoek en er zijn geen zienswijzen binnengekomen. Er zijn geen zienswijzen binnengekomen van inwoners. De Participatieraad heeft besloten geen gevolg te geven aan het adviesverzoek, zij overweegt daarbij het volgende: “Wij zijn van mening dat onze adviezen in het algemeen aanleiding moeten (kunnen) geven tot mogelijke heroverweging van - en wijziging van de voorgestelde beleidsregels en verordeningen die worden voorgelegd. De stukken die nu worden gestuurd zijn in een zo vergevorderd stadium dat onze op- en aanmerkingen niet meer kunnen leiden tot veranderingen of heroverweging. De uitgangspunten en regels opgenomen in de voorliggende stukken zijn zelfs al gebruikt voor een bovengemeentelijke aanbesteding van de werkzaamheden die voortvloeien uit deze beleidsregels en verordeningen. Als we adviseren doet ons advies daardoor niet meer ter zake en komt als mosterd na de maaltijd. Deze gang van zaken doet zich nu voor in een bovengemeentelijke regeling. Omdat steeds meer regelingen en inkoop van werkzaamheden op het sociaal domein bovengemeentelijk, in Twents verband, worden geregeld zal de procedure met betrekking tot inschakeling en advisering door adviesen participatieraden wat ons betreft beter moeten worden geregeld en vastgelegd.
Het lijkt ons van groot belang dat de adviesraden uit de samenwerkende gemeentes in een vroegtijdig stadium worden geïnformeerd en de mogelijkheid krijgen om , elk vanuit het eigen gemeentelijk perspectief, maar ook gezamenlijk, te reageren op voorgenomen plannen. Overigens zijn wel erg tevreden over de wijze waarop we worden betrokken bij lokale gemeentelijke beleidszaken.” Op grond van artikel 2 van de Verordening Participatieraad Haaksbergen adviseert de Participatieraad over verordeningen en beleidsvoorstellen over het sociaal domein en worden zij in de gelegenheid gesteld beleidsvoorstellen te doen. Aangezien aanbestedingsprocedures geen beleidsvoorstellen zijn, worden deze niet voorgelegd aan de Participatieraad. Aanbestedingsprocedures kunnen echter invloed hebben op het beleid, omdat de keuzes die in dergelijke procedures gemaakt worden in beleid worden voorgesteld. Dit laat onverlet dat de Participatieraad advies kan uitbrengen over dit beleid en eventueel kan aanbevelen het beleid anders op te stellen. De positie van de participatieraden bij 1 CRvB 29 mei 2024, ECLI:NL:CRVBB:2024:1095, ECLI:NL:CRVB:2024:1096, ECLI:NL:CRVB:2024:1097.
Pagina 3 van 4
bovengemeentelijke besluitvormingsprocessen in het sociaal domein wordt wel besproken in de regionale ambtelijke en bestuurlijke overleggen. 1.10 Dit besluit heeft geen financiële gevolgen voor de gemeente Dit besluit, en ook de nieuwe Verordening (en beleidsregels) jeugdhulp, hebben geen financiële gevolgen voor de gemeente. In dit besluit zijn slechts de noodzakelijke wijzigingen in de lokale regelgeving op het gebied van jeugdhulp verwerkt, die voortvloeien uit de inkoop jeugdhulp 2025 (en de actuele jurisprudentie). De inkoop jeugdhulp 2025 heeft wel nadelige financiële effecten voor de gemeente als gevolg van het opnieuw vaststellen van de (reële) tarieven. Deze gevolgen zijn in de Programmabegroting 2025 verwerkt. De wijzigingen zijn conform alle geldende en vooraf goedgekeurde documenten in het aanbestedingsproces. De aanbesteding heeft reeds plaatsgevonden. De leerpunten genoemd in het Damsté onderzoek zijn hierin betrokken en getoetst. Risico’s Geen. Vervolgproces/communicatie/planning Maandag 30 december 2024 Bekendmaking Verordening (en Beleidsregels) jeugdhulp in het digitale Gemeenteblad. Woensdag 1 januari 2025 Inwerkingtreding. De Beleidsregels jeugdhulp treden in werking door bekendmaking. Het college gaat daartoe uitsluitend over, indien en nadat de Verordening jeugdhulp door uw raad is vastgesteld.
Bijlagen: - Verordening jeugdhulp Haaksbergen - Beleidsregels jeugdhulp Haaksbergen - Nadere regels jeugdhulp (ongewijzigd) - Samenvatting wijzigingen regelingen jeugdhulp - Reactie Participatieraad d.d. 14 oktober 2024 - Zienswijzennota behorende bij de vaststelling “Verordeningen, nadere regels en beleidsregels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp”
Burgemeester en wethouders
mr. M.N.J. Broers gemeentesecretaris
mr. drs. R.G. Welten burgemeester
Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering d.d. 18 december 2024
R. Meinen griffier
mr. drs. R.G. Welten voorzitter
Pagina 4 van 4