Raadsvoorstel Verordening gemeentelijke rekenkamer Haaksbergen
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering
d.d. 26 juni 2024
nr.
Onderwerp: Verordening gemeentelijke rekenkamer Haaksbergen 2024 (8.1a)
Voorstel: 1. De Verordening gemeentelijke rekenkamer Haaksbergen 2024 (8.1a) vast te stellen welke terugwerkende kracht heeft tot 1 januari 2024.
Inleiding / aanleiding Elke gemeente moet een rekenkamer hebben. De rekenkamer is een onafhankelijk adviesorgaan van de gemeenteraad en brengt advies uit over de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van het gevoerde beleid. Door een wetswijziging is het noodzakelijk de juridische basis voor de Haaksbergse rekenkamer(commissie) te wijzigen. Daarnaast stelt de raad met deze verordening de vergoeding voor de leden van de rekenkamer vast. Bestuurlijk / wettelijk kader
art. 81a t/m 81k Gemeentewet Wet versterking decentrale rekenkamers
Argumenten 1.1 Gemeenten zijn verplicht om een rekenkamer te hebben Per 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. De belangrijkste wijziging die hieruit voortvloeit is dat het voor gemeenten niet meer is toegestaan om de rekenkamer georganiseerd te hebben volgens de zogeheten rekenkamerfunctie ingevolge het voormalig art. 81oa. Gemeentewet. Deze rekenkamerfunctie werd in Haaksbergen (en in veel andere gemeenten van soortgelijke omvang) georganiseerd in een rekenkamercommissie. Deze mogelijkheid is echter uit de wet geschrapt. Gemeenten zijn verplicht om vanaf 1 januari 2024 een rekenkamer ingevolge art. 81a Gemeentewet te hebben. 1.2 De inhoudelijke verschillen zijn gering Voor de gemeente Haaksbergen geldt dat er om juridische redenen inhoudelijk weinig hoeft te veranderen aan de organisatiestructuur van de rekenkamer. De belangrijkste (juridische) wijzigingen zijn als volgt:
In de rekenkamer mogen (i.t.t. in een rekenkamercommissie) géén raadsleden zitting hebben. In Haaksbergen was dit al niet het geval. De rekenkamercommissie werd bemenst door drie nietraadsleden. Feitelijk verandert er op dit gebied dus niets; Pagina 1 van 3
Leden van de rekenkamer mogen vanaf heden alleen voor een periode van 6 jaar (her)benoemd worden. In de oude situatie werd voor 4 jaar (her)benoemd. De wetgever heeft voor deze periode gekozen omdat de rekenkamer daarmee onafhankelijk(er) is van de raad, omdat deze een zittingstermijn van 4 jaar heeft;
In de oude verordening was geregeld dat een lid voor maximaal twee keer kon worden herbenoemd door de raad. Dat betekende een maximale zittingstermijn van (3 x 4 =) 12 jaar. O.g.v. de nieuwe verordening kan maximaal één keer herbenoemd worden, wat eveneens resulteert in een maximale zittingstermijn van (2 x 6 =) 12 jaar;
Verder is in de wet geregeld dat de administratieve ondersteuning van de rekenkamer zowel vanuit de ambtelijke organisatie als vanuit de griffie “geleverd” mag worden. Het is vanuit het oogpunt van zuivere rolscheiding echter niet toegestaan dat een ambtenaar die het college ondersteunt óók voor de rekenkamer werkt (of vice versa). Het is wel toegestaan dat een ambtenaar die op de griffie werkt (dus voor de gemeenteraad) ook werkzaamheden uitvoert voor de rekenkamer. Dit omdat de rekenkamer een adviesorgaan van de raad is. Dit sluit aan bij de (toekomstige) inrichting van de griffie in Haaksbergen;
Onder de nieuwe wetgeving dient het college jaarlijks te rapporteren over wat het met de aanbevelingen van de rekenkamer heeft gedaan.
1.3 De raad dient budget beschikbaar te stellen en vergoedingen te bepalen De gemeenteraad is bij uitsluiting bevoegd om het totale budget en de vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de rekenkamer vast te stellen. Het totale jaarbudget voor de rekenkamer is door de raad (in de gemeentebegroting) vastgesteld op € 28.000. De vacatievergoedingen waren € 225 per vergadering voor de voorzitter en € 175 per vergadering voor de leden. Voorts brachten de leden van de rekenkamercommissie onderzoekskosten in rekening. Dit omdat in de oude situatie de leden meestal zelf de gedane onderzoeken uitvoerden. Gemiddeld genomen bedroegen de onderzoekskosten over de afgelopen drie jaar (2021-2023) € 5.000 per lid op jaarbasis. In andere gemeenten komt ook het model van de rekenkamer als “opdrachtgever” voor onderzoeken voor. In dat geval bepaalt de rekenkamer het onderwerp van onderzoek en de onderzoeksopdracht, maar wordt het daadwerkelijke onderzoeken uitgevoerd door een derde partij, bijvoorbeeld een onderzoeksbureau. Met een werkgroep vanuit de raad wordt thans de precieze organisatie en invulling van de rekenkamer nader vorm gegeven. Deze verordening staat niet in de weg aan een toekomstig andere organisatorische invulling of werkwijze.
Het voorstel is om in de nieuwe situatie aansluiting te zoeken met het bedrag passend bij een gemeente van de omvang van Haaksbergen zoals genoemd in art. 3.4.1 lid 1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Dit zodat deze verordening niet jaarlijks louter i.v.m. indexatie opnieuw vastgesteld hoeft te worden. Concreet betekent dit voor 2024:
voorzitter rekenkamer lid
bedrag art. 3.4.1 lid 1 € 96,21 € 96,21
factor 2,5 2
bedrag per vergadering € 240,53 € 192,42
Risico’s Er zijn geen risico’s aan dit voorstel verbonden. Pagina 2 van 3
Vervolgproces/communicatie/planning Na besluitvorming treedt de nieuwe verordening in werking de dag nadat deze gepubliceerd is. De leden van de rekenkamer kunnen dan benoemd worden op grond van de nieuwe verordening. De gemeente Haaksbergen voldoet hiermee weer aan de vigerende wetgeving.
Bijlagen:
Verordening gemeentelijke rekenkamer Haaksbergen 2024 (8.1a)
Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering d.d. 26 juni 2024
R. Meinen griffier
mr. drs. R.G. Welten voorzitter
Pagina 3 van 3