Raadsvoorstel jaarstukken 2022
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering
d.d. 5 juli 2023
nr.
Onderwerp: Jaarstukken 2022
Voorstel: 1. De Jaarstukken 2022 vast te stellen; 2. Een nieuw bestemmingsreserve ontheemden in te stellen en de niet bestede doeluitkering ten behoeve van opvang ontheemden van € 863.000 opnieuw aan dit beleidsonderwerp te bestemmen en vanuit het resultaat 2022 in deze bestemmingsreserve te storten. 3. Een nieuw bestemmingsreserve onderwijshuisvesting in te stellen en € 5.000.000 vanuit het resultaat 2022 in deze bestemmingsreserve te storten. 4. Het voordelig resultaat na bestemming, € 2.410.000, toe te voegen aan de algemene reserve. 5. Akkoord te gaan met de geconstateerde begrotingsoverschrijdingen zoals opgenomen in bijlage 2 paragraaf 3.
Inleiding / aanleiding Wij bieden u de jaarstukken 2022 aan. Het jaarverslag bevat de toelichting op de realisatie van de doelstellingen in de programma’s. De jaarrekening bevat het totaaloverzicht van baten en lasten en de toelichting daarop, inclusief de balans met toelichting. Met de aanbieding van de jaarstukken leggen wij verantwoording af over het gevoerde beleid en de besteding van de door de raad ter beschikking gestelde middelen. Bij de Eindejaarsrapportage 2022 was duidelijk dat we het jaar 2022 met zwarte cijfers zouden afsluiten, maar de cijfers zijn gunstiger dan toen voorzien kon worden. We sluiten het jaar 2022 namelijk af met een positief resultaat van € 8.273.000. Dit is grotendeels een gevolg van incidentele voordelen. Dit is een resultaatverbetering ten opzichte van de Eindejaarsrapportage 2022 van € 3.362.000. In de jaarstukken lichten we de verschillen uitgebreid toe met een samenvatting in de aanbiedingsbrief op pagina 5. Het eigen vermogen neemt toe van € 7.740.000 positief ultimo 2021 naar € 16.937.000 positief per 31 december 2022 (inclusief 1.522.000 in de bestemmingsreserve Overhevelingen). De algemene reserve, als onderdeel van het eigen vermogen, sluit na resultaatbestemming op € 9.540.000 positief. Dit is inclusief de (laatste) begrote storting van € 1.000.000 vanuit het financieel herstelplan.
In 2022 is er verder gewerkt aan het verbeteren van de Interne Controle. Dit heeft geresulteerd in minder fouten op het gebied van rechtmatigheid. Wij blijven voor het eerst sinds 2018 onder de goedkeuringsgrens van 1%. Met de raadsinformatiebrief van 16 mei 2023 is uw raad geïnformeerd dat er nog steeds fouten zijn geconstateerd, maar dat we in een opgaande lijn op de goede weg zijn. De accountant heeft ten tijde van de aanbieding van dit raadsvoorstel nog geen definitieve accountantsverklaring afgegeven. De reden hiervoor is dat zijn controle nog niet is afgerond. Wel is door de accountant richting gegeven over hoe de verklaring mogelijk zal zijn. De verwachting is dat voor zowel het aspect getrouwheid als rechtmatigheid een goedkeurende verklaring wordt afgegeven. Pagina 1 van 5
Het accountantsverslag ontvangen wij na het collegebesluit van 30 mei. Deze zal zoals andere jaren verschillende aanbevelingen bevatten. Ook de auditcommissie zal diverse aanbevelingen doen voor de raadsvergadering van 5 juli. Wij zijn in november 2022 gestart met het tweemaal per jaar terugkoppelen aan uw raad van de stand van zaken opvolging aanbevelingen van auditcommissie en accountant. In het najaar 2023 informeren wij u over de stand van zaken opvolging aanbevelingen inclusief de aanbevelingen ten aanzien van de jaarstukken 2022. Bestuurlijk / wettelijk kader In de gemeentewet is onder artikel 197 bepaald dat het college aan de raad over elk begrotingsjaar verantwoording aflegt over het gevoerde bestuur, onder overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag. In de financiële verordening worden relaties gelegd tussen de jaarrekening en de bestuursrapportage, interne controle en kredieten. De controleverordening, waarin de raad de randvoorwaarden voor de accountantscontrole heeft bepaald. Het Besluit Begroting en Verantwoording voor provincies en gemeenten (BBV), waarin met name in hoofdstuk IV bepalingen zijn gegeven voor de jaarstukken en de toelichting daarop. Programmabegroting 2022, waarin de raad inhoudelijke en financiële kaders heeft gesteld.
Argumenten 1.1 De Jaarstukken 2022 zijn opgesteld overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en onderworpen aan controle door de accountant De accountant brengt met betrekking tot de uitgevoerde controle op de jaarrekening een rapport met bevindingen aan de raad uit. De accountant heeft ten tijde van de aanbieding van dit voorstel nog geen definitieve accountantsverklaring afgegeven. De reden hiervoor is dat zijn controle nog niet is afgerond. Wel is door de accountant richting gegeven over hoe de verklaring mogelijk zal zijn. De verwachting is dat voor zowel het aspect getrouwheid als rechtmatigheid een goedkeurende verklaring wordt afgegeven. 2.1
Toekomstige vergoeding Rijk ontheemden is naar verwachting onvoldoende voor toekomstige kosten Voor het opvangen van Oekraïners en het huisvesten van vluchtelingen in de crisis noodopvang heeft de gemeente een vergoeding ontvangen van het Rijk. In eerste instantie is er een ruimere vergoeding uitgekeerd, die in het najaar van 2022 naar beneden is bijgesteld. Door de extra inzet van de ambtelijke organisatie zijn de kosten laag gebleven. Als gevolg van de veel hogere instroom van zowel Oekraïners en reguliere vluchtelingen groeit ook de groep vergunninghouders, die recht heeft op huisvesting in reguliere woningen. Aangezien ook reguliere woningzoekers en spoedzoekers op zoek zijn naar een woning geeft dit veel druk op de woningmarkt. Om hier passende (tussen)oplossingen voor te vinden en financieren, adviseren wij een bestemmingsreserve in te stellen. Deze middelen kunnen worden ingezet om versneld tijdelijke huisvesting voor de genoemde doelgroepen te realiseren. Daarnaast is het de verwachting dat deze doelgroepen in de nabije toekomst voor hogere uitgaven zorgen in het sociaal domein, zonder dat daar een extra vergoeding vanuit het Rijk tegenover staat. Ook hiervoor kan deze reserve worden aangewend. Tot slot zien wij een druk op de dagvergoeding per ontheemde terwijl het probleem voorlopig nog niet is opgelost.
Hoewel het Rijk de middelen niet heeft gelabeld, is tijdens een recente bijeenkomst van de VNG gebleken dat veel gemeenten het overschot van deze middelen uit 2022 beschikbaar houden in een bestemmingsreserve. 2.2 Kaders ten behoeve van de bestemmingsreserve Ontheemden Voorlopige einddatum: december 2024. Bestemd voor kosten extra woningen en extra kosten door groter beroep op sociale voorzieningen. Wij leggen via de bestuursrapportages en jaarrekening verantwoording aan de raad af over de besteding van het bestemmingsreserve. Pagina 2 van 5
2.3 Het saldo opvang Ontheemden 2022 van € 863.000 storten in nieuwe bestemmingsreserve Het saldo voor de opvang ontheemden toe te voegen aan de nieuwe bestemmingsreserve opvang ontheemden. Hierdoor wordt het saldo gereserveerd voor de toekomstige uitgaven. 3.1 Met een bestemmingsreserve onderwijshuisvesting sparen we voor toekomstige investeringen Op 21 december 2022 heeft uw raad het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (hierna: IHP) vastgesteld. De investeringen die in de investeringsagenda op korte termijn (2024-2027) gepland staan, worden meegenomen bij de integrale afweging in de kadernota 2024. Voor de investeringsagenda op middellange termijn (2028-2031) is nog geen (volledige) financiële dekking. Dit is ook uiteengezet in de raadsinformatiebrief ‘versnellen nieuwbouw Assink Lyceum’ van 2 mei 2023 (het Assink Lyceum is één van de investeringen in de investeringsagenda op middellange termijn). Met het instellen van een bestemmingsreserve onderwijshuisvesting kunnen we incidentele middelen ‘sparen’ om in de toekomst structurele kapitaallasten te dekken. Met een storting van € 5.000.000 dekken we 12,5% tot 16,7% van de in het IHP openomen indicatieve investeringskosten voor de middellange termijn (richtbedrag van in totaal € 30.000.000 bij renovatie en € 41.000.000 bij nieuwbouw).
Wij denken hiermee tegemoet te komen aan de signalen die uw raad meermaals heeft afgegeven sinds de beraadslaging van de Kadernota 2020. 3.2 Instellen en kaders van de bestemmingsreserve Onderwijshuisvesting Aan uw raad is toegezegd (in de commissie Samenleving en Bestuur van 16 mei 2023) dat wij in het najaar 2023, nog voor de behandeling van de begroting 2024-2027, een nieuwe nota reserves en voorzieningen voorleggen. De huidige nota reserves en voorzieningen uit 2012 kent overigens ook al de mogelijkheid voor een reserve, die dient ter dekking van kapitaallasten van investeringen. Het instellen van een reserve valt onder het budgetrecht van de raad en wordt daarom via deze weg aan uw raad voorgelegd. Bij het instellen moet worden aangegeven de doelstelling, het geschatte verloop (toevoegingen en onttrekkingen), het plafond en de heroverwegingsfrequentie. Op de doelstelling zijn we ingegaan bij het hiervoor beschreven argument 3.1. Besluitvorming over toevoegingen en onttrekkingen aan deze reserve verlopen altijd via de raad. Toevoegingen vinden plaats via bestemmingsvoorstel bij jaarstukken, waarbij rekening gehouden wordt met de benodigde weerstandscapaciteit. Besluitvorming over onttrekkingen vindt plaats bij het verlenen van investeringskredieten, die (deels) uit deze bestemmingsreserve worden gedekt.
Het verlenen van investeringskredieten valt ook onder het budgetrecht van de raad. De bestemmingsreserve bevat geen plafond gezien de hoge investeringsbedragen die in de investeringsagenda IHP zijn opgenomen. De raad kan uiteraard altijd besluiten een voorgestelde storting niet over te nemen of middelen uit de bestemmingsreserve te onttrekken (het laatste kan alleen als deze middelen nog niet beklemd zijn voor al voltooide of verplichte investeringen). Wij stellen voor deze bestemmingsreserve telkens te heroverwegen bij het actualiseren van de nota reserves en voorzieningen, dat volgens de financiële verordening iedere vier jaar moet plaatsvinden. Daarbij moet wel rekening gehouden worden met reeds aangegane investeringsverplichtingen, die uit de bestemmingsreserve gedekt moeten worden gedurende de resterende afschrijvingstermijnen. In de nieuwe nota reserves en voorzieningen die we in het najaar 2023 aan uw raad zullen voorleggen, zullen we specifiek ingaan op de werking van bestemmingsreserves investeringen en kapitaallasten, waartoe deze bestemmingsreserve Onderwijshuisvesting behoort, en waar nodig aanvullende kaders voorstellen. Storten van maximaal € 5.000.000 in nieuwe bestemmingsreserve Onderwijshuisvesting is financieel verantwoord Het is financieel verantwoord om € 5.000.000 te storten in deze nieuwe bestemmingsreserve.
Met de nieuwe nota risicobeheersing en weerstandsvermogen 2023 (onder voorbehoud omdat ten tijde van het 3.3
Pagina 3 van 5
aanbieden van deze jaarstukken deze nota nog niet is vastgesteld) streven we naar een weerstandsratio van 2,0. Ook stellen we daarin voor bestemmingsreserves niet meer mee te tellen bij de weerstandsratio. Onder voorbehoud van vaststelling van de nieuwe nota risicobeheersing en weerstandsvermogen, daalt met het storten van € 5.000.000 de weerstandsratio (exclusief structurele exploitatieruimte 2023, zie paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing) van 5,6 naar 3,6. Wij stellen € 5.000.000 als maximaal bedrag voor en gaan daarmee niet nu al naar een ratio van 2,0. De reden hiervoor is dat met de voorgestelde nieuwe nota risicobeheersing en weerstandsvermogen het identificeren en vastleggen van risico’s een continu proces gaat worden. Dit kan vanaf de begroting 2024 leiden tot een hoger risicoprofiel en daarmee een hogere benodigde weerstandscapaciteit. Met een storting van niet meer dan € 5.000.000 blijft er ruimte om een hoger risicoprofiel op te vangen binnen de beschikbare weerstandscapaciteit. Bij een volgend bestemmingsvoorstel tot storting in deze reserve zal een ratio van 2,0 leidend zijn. 4.1 Het resultaat na bestemming, € 2.410.000, toe te voegen aan de algemene reserve Door deze toevoeging zal het saldo van de algemene reserve toenemen tot € 9.540.000. 5.1
De commissie BBV beveelt aan dat de raad haar akkoord geeft op de geconstateerde begrotingsoverschrijdingen. In de aanbevelingen van de commissie BBV zijn kostenoverschrijdingen die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct gerelateerde inkomsten en kostenoverschrijding bij open einde (subsidie)regelingen rechtmatig. De geconstateerde overschrijdingen in de jaarrekening behoren tot deze categorieën. Voor een verdere toelichting verwijzen we u naar bijlage 2 onderdeel 3 van de Jaarstukken 2022. Risico’s Geen Vervolgproces/communicatie/planning 30 mei 2023 Raad ontvangt de jaarrekening digitaal, mogelijk wordt accountantsverslag en controleverklaring nagestuurd. 31 mei 2023 Raad ontvangt de jaarrekening op papier 31 mei 2023 Persbijeenkomst (onderdeel van reguliere persbijeenkomst) 14 juni 2023 Gesprek auditcommissie met accountant over jaarrekening en (voorlopig) verslag van bevindingen accountant. Mondeling beantwoording van technische vragen van fracties. 20 juni 2023 Gecombineerde commissievergadering over jaarrekening. 5 juli 2023 Behandeling en besluitvorming jaarrekening raad. Op het moment van opstellen van dit voorstel is de datum voor de auditcommissie nog niet definitief bekend.
Bijlagen: Jaarstukken 2022 Fysiek, ter inzage in raadsbibliotheek: Jaarstukken 2022 Raadsvoorstel jaarstukken 2022 Digitaal: Jaarstukken 2022 Raadsvoorstel jaarstukken 2022
Pagina 4 van 5
Burgemeester en wethouders
dr. R. Toet secretaris
mr. drs. R.G. Welten burgemeester
Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering d.d. 5 juli 2023
mr. G. Raaben griffier
mr. drs. R.G. Welten voorzitter
Pagina 5 van 5