Raadsvoorstel Intrekken voorkeursrecht diverse gronden
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering
d.d. 21 mei 2025
nr. Nummer
Onderwerp: Intrekken voorkeursrecht diverse gronden
Voorstel: 1. Het voorkeursrecht op de gronden in de gebieden Wissinkbrink West (deels), Kolderveld (geheel) en Honesch (deels), zoals aangegeven op bijgaande lijst en bijgaande tekeningen, in te trekken.
Inleiding / aanleiding Op 15 februari 2024 heeft uw raad een voorkeursrecht gevestigd op basis van artikel 9.1 lid 1, aanhef en onder c van de Omgevingswet, op diverse gronden in de gebieden Wissinkbrink West, Kolderveld, Honesch, St. Isidorushoeve en Buurse. Dit voorkeursrecht is destijds gevestigd op voorkeurslocaties voor wonen en werken, die waren opgenomen in het ontwerp Addendum: Locatieonderzoek wonen en werken bij de structuurvisie 2030: Haaksbergen, groenste dorp van Twente (hierna: addendum bij de structuurvisie 2030). Op 27 november 2024 heeft uw raad het definitieve addendum bij de structuurvisie 2030 vastgesteld. Door vaststelling van het addendum bij de structuurvisie 2030 geldt dit nieuwe planologische besluit van rechtswege als grondslag voor het voorkeursrecht (uitsluitend voor de gronden die zijn opgenomen in het definitieve addendum bij de structuurvisie 2030). In het bijbehorende raadsbesluit staat aangegeven dat uw raad na vaststelling van het addendum bij de structuurvisie 2030 een heroverweging maakt of het wenselijk is op alle gronden, waarop op 15 februari 2024 het voorkeursrecht is gevestigd, het voorkeursrecht te behouden. Hierbij maakt het college deze heroverweging. Bestuurlijk / wettelijk kader Rijk - Omgevingswet, hoofdstuk 9 Gemeente - Programma 8 Volkshuisvesting en ruimtelijke ordening - Raadsbesluit tot vestiging van het voorkeursrecht, d.d.
15 februari 2024 - Addendum: Locatieonderzoek wonen en werken bij de structuurvisie 2030: Haaksbergen, groenste dorp van Twente, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 27 november 2024 - Raadsbesluit tot vestiging van een voorkeursrecht, d.d. 18 december 2024 Argumenten 1.1 Het voorkeursrecht op de genoemde gronden in het gebied Wissinkbrink West voldoet niet meer aan de eisen van artikel 9.1 Omgevingswet op grond waarvan een voorkeursrecht kan worden gevestigd. Artikel 9.5 van de Omgevingswet bepaalt dat als een voorkeursrecht niet meer voldoet aan de eisen gesteld in artikel 9.1 eerste en tweede lid van de Omgevingswet het bestuursorgaan dat het voorkeursrecht gevestigd heeft, deze onverwijld intrekt. Op grond van artikel 9.1 van de Omgevingswet kan uw raad een voorkeursrecht vestigen, mits een nietagrarische functie wordt toegedacht/toegedeeld en het gebruik afwijkt van de toegedachte functie. Het Pagina 1 van 3
gebied Wissinkbrink West is in het definitieve addendum bij de structuurvisie 2030 gewijzigd ten opzicht van het ontwerp addendum bij de structuurvisie 2030. De genoemde gronden in het gebied Wissinkbrink West maken geen onderdeel uit van het definitieve addendum bij de structuurvisie 2030. Hierdoor is aan deze gronden niet langer een niet-agrarische functie toegedacht en voldoet het voorkeursrecht niet meer aan de voorwaarden uit de Omgevingswet. Op de gronden die in het addendum bij de structuurvisie 2030 aan het gebied Wissinkbrink West zijn toegevoegd, heeft uw raad op 18 december 2024 een voorkeursrecht gevestigd. Omdat uw raad het voorkeursrecht heeft gevestigd is uw raad het bevoegde orgaan om het voorkeursrecht in te trekken. 1.2
Het is onevenredig bezwarend voor de eigenaren het voorkeursrecht op de genoemde gronden in het gebied Kolderveld en Honesch (deels) langer in stand te houden. Bij de vaststelling van het definitieve addendum bij de structuurvisie 2030 heeft uw raad besloten voor een gedeelte van het gebied Honesch (en het gebied Wissinkbrink West) een verdere uitwerking voor de ontwikkeling van woningbouw op te stellen. De gronden, waarvan nu wordt voorgesteld het voorkeursrecht in te trekken, liggen niet in het gebied waarvoor het college een verdere uitwerking gaat opstellen. Wat betreft het gebied Kolderveld heeft uw raad besloten op dit moment dit gebied niet verder uit te werken voor de ontwikkeling van woningbouw. Het voorkeursrecht vervalt van rechtswege als binnen drie jaar na vaststelling van het addendum bij de structuurvisie 2030 (27 november 2024) geen omgevingsplan is vastgesteld voor deze grond. Gelet op bovenstaande besluiten is het niet de verwachting dat binnen deze termijn een omgevingsplan wordt vastgesteld voor de genoemde gronden in het gebied Kolderveld en het gebied Honesch (deels). Gelet op bovenstaande vinden wij het onevenredig bezwarend voor de eigenaren van de betreffende gronden het voorkeursrecht in stand te houden. 1.3
Voor de gronden die niet op bijgaande lijst en tekeningen staan aangegeven, vindt het college het wenselijk het voorkeursrecht te behouden. Het college wil het voorkeursrecht in de gebieden Honesch (deels), Wissinkbrink West (deels), Buurse en St. Isidorushoeve graag behouden. Voor de gebieden Honesch en Wissinkbrink, waarvoor het voorkeursrecht niet wordt ingetrokken, heeft uw raad op 27 november 2024 besloten een verdere uitwerking voor de ontwikkeling van woningbouw op deze gebieden op te stellen. Voor de gebieden Buurse en St. Isidorushoeve heeft uw raad op 27 november 2024 besloten woningbouw actief te stimuleren. Gelet op deze besluiten wil het college op deze gronden het voorkeursrecht behouden. Het college wil voor deze gebieden de mogelijkheid houden sturing te geven aan woningbouwontwikkeling, door ongewenste grondtransacties te voorkomen. Bij zelfrealisatie door een eigenaar van grond waarop het voorkeursrecht is gevestigd, kunnen we tijdens de planprocedure afspraken maken over het moment waarop we uw raad voorstellen het voorkeursrecht in te trekken of kunnen we besluiten dat de aanbiedingsplicht niet van toepassing is. Hierdoor is het voorkeursrecht geen belemmering bij eventuele zelfrealisatie. Risico’s 1.1 Het voorkeursrecht kan niet binnen 2 jaar na intrekking opnieuw worden gevestigd op deze gronden.
Artikel 9.3 lid 1 van de Omgevingswet bepaalt dat op een onroerende zaak niet binnen twee jaar na intrekking door hetzelfde bestuursorgaan opnieuw een voorkeursrecht gevestigd kan worden op dezelfde grondslag. Mocht tijdens het uitwerken van de plannen blijken dat (een deel van) deze gronden toch nodig zijn voor woningbouw of bijbehorende voorzieningen, is er binnen deze periode van twee jaar geen mogelijkheid voor de vestiging van het voorkeursrecht. Tussenkomt van een ontwikkelaar of speculant is in dat geval mogelijk. Mocht zich dat scenario voordoen heeft de gemeente enkel sturingsmogelijkheden via het publiekrechtelijke spoor. Het betekent overigens niet dat de gemeente de grond dan niet kan kopen. De gemeente heeft dan enkel geen eerste recht van koop meer. Pagina 2 van 3
Vervolgproces/communicatie/planning Nadat uw raad heeft besloten het voorkeursrecht in te trekken, wordt het voorkeursrecht doorgehaald in de openbare registers en wordt van de intrekking mededeling gedaan aan de grondeigenaren. De overige voorkeursrechten blijven ongewijzigd in stand.
Bijlagen: 1. Lijst met gronden intrekken voorkeursrecht 2. Tekeningen met gronden intrekken voorkeursrecht Honesch en Wissinkbrink West en Kolderveld 3. Tekeningen met gronden waarop voorkeursrecht blijft Honesch, Wissinkbrink west, Buurse en St. Isidorushoeve
Burgemeester en wethouders
drs. M. Broekhuis gemeentesecretaris
mr. drs. R.G. Welten burgemeester
Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering d.d. 21 mei 2025
R. Meinen griffier
mr. drs. R.G. Welten voorzitter
Pagina 3 van 3