Raadsvoorstel herstelbesluit bp. Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1, partiële herziening Uitbreiding Uzin Utz
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering
d.d. 16 april 2025
nr.
Onderwerp: herstelbesluit ex art. 8:51d Awb bestemmingsplan “Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1, partiële herziening Uitbreiding Uzin Utz”
Voorstel: 1. Het bestemmingsplan 'Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1, partiële herziening Uitbreiding Uzin Utz' (NL.IMR0.0158.BP1192-004) dat voorziet in de realisatie van een bedrijfsgebouw met een afwijkende hoogte van maximaal 42 meter (realisatie van de poedertoren) gewijzigd vast te stellen waarin planregel 3.5 'Specifieke gebruiksregels' als volgt komt te luiden: Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval begrepen het gebruiken of laten gebruiken van gronden en opstallen ten behoeve van: a. zelfstandige kantoren; b. detailhandel; c. Bevi-inrichtingen, met uitzondering van bestaande Bevi-inrichtingen; d. vuurwerkbedrijven; e. Wgh-inrichtingen; f. seksinrichtingen; g. inrichtingen die zijn genoemd in bijlage C en D van het besluit MER. 1994; Onder strijdig gebruik wordt ook begrepen: h. gebruiken of laten gebruiken van de poedertoren in het plangebied van dit plan voor activiteiten die een geluidbelasting van meer dan: − 43 dB(A) in de dagperiode (07:00-19:00 uur); − 43 dB(A) in de avondperiode (19:00-23:00 uur); − 43 dB(A) in de nachtperiode (23:00-07:00 uur), veroorzaken op 50 meter uit de grens van het plangebied, waarbij geldt dat er op een hoogte van 5 meter boven maaiveld gemeten moet worden. 2. Geen exploitatieplan op grond van het bepaalde in artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen.
Inleiding / aanleiding Op 22 december 2021 heeft uw raad het bestemmingsplan ‘Stepelerveld, fase 1, partiële herziening Uitbreiding Uzin Utz’ (bestemmingsplan) vastgesteld. Tegen dit bestemmingsplan is door Stille Maatschap Baumeister beroep ingesteld. Op 6 september 2023 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State (Afdeling) bij tussenuitspraak uw raad opgedragen een gebrek te herstellen. Bij besluiten van 20 december 2023 en 29 mei 2024 heeft uw raad het bestemmingsplan gewijzigd vastgesteld. De Afdeling heeft de Stichting advisering bestuursrechtspraak (hierna: StAB) benoemd als deskundige om een onderzoek in te stellen naar geluidsaspecten. StAB brengt desgevraagd technisch advies uit aan bestuursrechters. StAB dient de feiten, omstandigheden en gevolgen van het bestemmingsplan met betrekking tot het aspect geluid te beschrijven en de vraag te beantwoorden of voldoende is onderzocht wat de Pagina 1 van 6
geluidbelasting is van de gehele poedertoren, die maximaal 42 meter hoog mag worden, en of dit voldoende is geregeld in het bestemmingsplan. Op 29 januari 2025 heeft StAB het conceptverslag toegezonden. StAB merkt op dat de norm van 78 dB(A) zoals opgenomen in art. 3.5, onder h, van de planregels een geluidemissienorm betreft die enkel ziet op het bovenste deel van de poedertoren. StAB acht een norm voor de gehele poedertoren passender. StAB adviseert in de planregels één norm op te nemen, die geldt voor het geluid van de gehele poedertoren en dat zou bij voorkeur een geluidimmissienorm moeten zijn op een afstand van 50 meter uit het plangebied. Naar aanleiding van de voorlopige bevindingen van StAB is Royal Haskoning verzocht te adviseren over de geluidimmissienorm op 50 meter uit het plangebied voor de geluidproductie van de poedertoren. Dit advies heeft het college StAB toegezonden, waarbij is verzocht dit advies te betrekken in het definitieve verslag en in het verslag te vermelden of op deze wijze een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning aan de Stepelerveldweg 31 is geborgd. Op 13 maart jl. (ontvangen op 14 maart jl.) heeft het college van de Afdeling het deskundigenverslag van StAB ontvangen. De Afdeling biedt tot en met 10 april a.s. de gelegenheid hierop te reageren door middel van een zienswijze.
Bestuurlijk / wettelijk kader Rijk Gemeentewet Algemene wet bestuursrecht (Awb) Wet ruimtelijke ordening (Wro) Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) Besluit omgevingsrecht (Bor) Provincie Overijssel Omgevingsvisie Omgevingsverordening Gemeente Haaksbergen Structuurvisie 2030 Haaksbergen: groenste dorp van Twente, vastgesteld door uw raad van 5 maart 2014 Bestemmingsplan “Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1” vastgesteld door uw raad van 16 december 2015 Bestemmingsplan “Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1, partiële herziening Uitbreiding Uzin” vastgesteld door uw raad van 20 december 2023 Bestemmingsplan “Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1, partiële herziening Uitbreiding Uzin Utz” vastgesteld door uw raad van 29 mei 2024 Argumenten 1.1 Hiermee stelt uw raad een geluidnorm vast voor de gehele poedertoren. Met het door uw raad op 29 mei 2024 genomen herstelbesluit is een geluidnorm vastgesteld van 78 dB(A) voor het deel van de poedertoren op een bouwhoogte van 16 meter en hoger. StAB merkt in zijn verslag op dat een geluidnorm voor de gehele poedertoren passender is. Daarbij merkt StAB op dat de vastgestelde geluidnorm een geluidemissienorm betreft, die betrekking heeft op het maximaal gezamenlijk geluidvermogen van het bovenste deel van de poedertoren. Het geluidvermogen is daarbij een maat voor de hoeveelheid geluidenergie van de bron.
Met geluidemissie wordt het geluid dat een machine of toestel uitzendt bedoeld. In het onderzoek van Royal Haskoning van 6 november 2023 is de onderbouwing van voornoemde geluidnorm opgenomen. StAB onderschrijft de berekening van Royal Haskoning, maar acht het niet logisch de poedertoren, planologisch gezien, in twee delen te verdelen en enkel een geluidnorm te verbinden aan het gebruik van het bovenste deel van de poedertoren. De voorziene poedertoren van 42 meter hoog vormt namelijk één geheel. De geluidbelasting naar de omgeving wordt bepaald door de gehele poedertoren en niet uitsluitend door het bovenste deel.
Pagina 2 van 6
1.2
De vastgestelde geluidnorm en voorgestelde geluidnorm zorgen voor een discrepantie ten opzichte van elkaar. In opdracht van het college heeft Royal Haskoning onderzoek gedaan naar een extra geluidnorm die zou moeten gelden voor de gehele poedertoren naast de door uw raad vastgestelde geluidnorm van 78 dB(A). Primair heeft het college zich op het standpunt gesteld dat het opnemen van een extra norm niet nodig is. De norm zal te zijner tijd geborgd worden in de nog aan te vragen omgevingsvergunning voor de milieubelastende activiteit. De Afdeling is verzocht zelf in de zaak te voorzien en de extra norm op te nemen indien dat toch noodzakelijk mocht zijn. De voorgestelde extra geluidnorm betreft een norm van 56 à 57 dB(A) etmaalwaarde en is, anders dan de norm van 78 dB(A) in de planregels, een geluidimmissienorm. De norm is berekend op een afstand van 50 meter uit de grens van het plangebied en ziet op het geluid van activiteiten binnen het plangebied van het plan. Met geluidimmissie wordt het geluid bedoeld dat één specifiek punt in de omgeving (rondom een fabriek, installatie) opvangt van het uitgezonden geluid. Hiermee is “immissie” het omgekeerde van “emissie”: het is niet wat de bron uitzendt, maar wat “binnenkomt” bij de ontvanger.
Daar waar de norm in de planregels uitsluitend ziet op een norm voor het geluid van het bovenste deel van de poedertoren (op een bouwhoogte van 16 meter en hoger), ziet de voorgestelde extra norm op het geluid van alle activiteiten binnen het plangebied. StAB maakt hieruit op dat de voorgestelde extra norm in ieder geval zal gelden voor het geluid van de gehele poedertoren, dus ook voor het onderste deel. De voorgestelde extra norm acht StAB te hoog gesteld in relatie tot de omvang van het plangebied. StAB stelt vast dat de norm in de planregels en de voorgestelde extra norm beide het geluid van (een deel van) de poedertoren begrenzen, maar niet op gelijke wijze. De in de planregel vastgestelde norm is een geluidemissienorm voor het geluid van het bovenste deel van de poedertoren. Een overschrijding van deze norm betekent dat sprake is van strijdig gebruik als bedoeld in art. 3.5 van de planregels. Uit deze norm vloeit voort dat zeer weinig geluid bij de woning Stepelerveldweg 31 optreedt, maximaal circa 30 dB(A) etmaalwaarde. De voorgestelde extra norm is een geluidimmissienorm voor het geluid van de gehele poedertoren en andere activiteiten binnen het plangebied. Een overschrijding van deze norm betekent ook dat sprake is van strijdig gebruik als bedoeld in art. 3.5 van de planregels.
Uit deze norm vloeit voort dat meer geluid bij de woning Stepelerveldweg 31 optreedt, circa 46 dB(A) etmaalwaarde. Daarbij is de norm van 78 dB(A) strenger dan de voorgestelde extra norm. Met de voorgestelde extra norm is namelijk impliciet een hogere deelbijdrage aan de geluidbelasting op de woning Stepelerveldweg 31 toegestaan. Gelet op voorgaande stelt StAB vast dat het voldoen aan de voorgestelde extra norm kan leiden tot overschrijding van de vastgestelde norm in de planregels. Deze discrepantie is het gevolg van het ontbreken van samenhang tussen beide normen. StAB adviseert in de planregels één norm op te nemen, die geldt voor het geluid van de gehele poedertoren en dat zou bij voorkeur een geluidimmissienorm moeten zijn op een afstand van 50 meter uit het plangebied. StAB adviseert hierbij als uitgangspunt een geluidbelasting op de woning Stepelerveldweg 31 aan te houden die 10 dB of meer onder de totale geluidbelasting ligt, die voor het gehele bedrijventerrein eerder al planologisch aanvaardbaar is gevonden. StAB adviseert ook de norm uitsluitend betrekking te laten hebben op het geluid van de poedertoren en niet tevens op andere activiteiten die binnen het plangebied kunnen plaatsvinden. De aanvaarbaarheid van het geluid van die activiteiten is immers ruimtelijk gezien al afgewogen in het moederplan.
Los daarvan, acht StAB het in de praktijk vrijwel onmogelijk te handhaven op een norm die ziet op alle activiteiten binnen het plangebied, omdat bepaalde activiteiten tegelijkertijd deels binnen en deels buiten het plangebied kunnen plaatsvinden. 1.3
Hiermee stelt uw raad een immissienorm vast voor het geluid van de gehele poedertoren op een afstand van 50 meter uit het plangebied en daarmee is een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning aan de Stepelerveldweg 31 geborgd. Naar aanleiding van de voorlopige bevindingen van StAB heeft Uzin Utz Van der Boom opdracht verleend aanvullend geluidonderzoek te doen. Op 13 februari 2025 heeft Van der Boom de Pagina 3 van 6
onderzoeksresultaten aan StAB gezonden. Van der Boom heeft een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting op de woning Stepelerveldweg 31. Naar aanleiding van het aanvullende geluidonderzoek is Royal Haskoning verzocht te adviseren over de geluidimmissienorm op 50 meter uit het plangebied voor de geluidproductie van de poedertoren. Het advies van Royal Haskoning van 26 februari 2025 is op 27 februari 2025 aan StAB gezonden, waarbij het college bij StAB heeft aangekondigd dat uw raad voornemens is, aan de hand van het advies van Royal Haskoning, een herstelbesluit voor te bereiden. StAB is verzocht het advies van Royal Haskoning te betrekken in het definitieve verslag en in het verslag te vermelden of op deze wijze een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning aan de Stepelerveldweg 31 is geborgd. Op 13 maart jl. (ontvangen op 14 maart jl.) heeft het college van de Afdeling het deskundigenverslag van StAB ontvangen. Hierin heeft StAB aangegeven in deze fase van het proces niet te kunnen voldoen aan het verzoek d.d. 27 februari jl. StAB geeft aan dat een eventuele beoordeling van het advies van Royal Haskoning en van Van der Boom pas kan plaatsvinden nadat uw raad een herstelbesluit heeft genomen en alle partijen in de gelegenheid zijn gesteld te reageren.
StAB adviseert om geluid vanwege de hele poedertoren te normeren in de vorm van één immissienorm op (bijvoorbeeld) 50 meter van het plangebied. Uitgangspunt hierbij is een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning Stepelerveldweg 31. Hiervan is op grond van het ruimtelijke onderzoek van Arcadis van 2015 sprake, als de relevante nachtwaarde van het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (Lnacht) op de gevel van de woning 40 dB(A) minus 10 dB(A) is 30 dB(A) bedraagt. De 10 dB(A) betreft het verwaarlozingscriterium. Van der Boom heeft onderzoek verricht naar de geluiduitstraling van de poedertoren. Hieruit volgt dat de poedertoren in de representatieve bedrijfssituatie geluidimmissies bij de woning Stepelerveldweg 31 veroorzaakt van 26 dB(A) overdag en 27 dB(A) in de avond- en nachtperiode. Op 50 meter van het plangebied (punt ’50 m oost’) zijn deze geluidimmissies 38 dB(A) overdag en 40 dB(A) in de avond- en nachtperiode. De rekenhoogte hierbij is 1,5 meter overdag en 5 meter in de avond en de nacht. Het onderzoek van Van der Boom vormt een toets ten aanzien van akoestische inpassing. Uit de berekende waarde van 27 dB(A) blijkt dat aan de genoemde norm van 30 dB(A) wordt voldaan. De onderzochte poedertoren is daarmee ruimtelijk inpasbaar. Een gangbare rekenhoogte voor controlepunten is 5 meter boven maaiveld in alle beoordelingsperioden.
In de bijlage bij het onderzoek van Van der Boom is vermeld dat de berekende geluidimmissies in het punt met omschrijving ‘punt 50 m oost’ (naam toetspunt 01 B) dan 39,7 dB(A) oftewel 40 dB(A) zijn. Bij de woning is op een identieke rekenhoogte 27 dB(A) berekend. De vraag is welke geluidimmissie optreedt bij de toe te passen norm van 30 dB(A) op de gevel van de genoemde woning. Het verschil tussen de berekende 27 dB(A) op de gevel en 30 dB(A) is 3 dB(A). Als op het 50 meterpunt een geluidimmissie optreedt van 40 dB(A) vermeerderd met 3 dB(A) oftewel 43 dB(A), dan is de geluidimmissie op de woning 30 dB(A). De norm op het punt 50 meter oostelijk van het plangebied op een hoogte van 5 meter boven maaiveld bestaat uit 3 delen en is, uitgaande van de onderzoeken van Arcadis van 2015 en van Van der Boom van 25 februari 2025: - overdag (07:00-19:00 uur) : 43 dB(A); - avondperiode (19:00-23:00 uur) : 43 dB(A); - nachtperiode (23:00-07:00 uur) : 43 dB(A). Uitgedrukt in etmaalwaarde is dit 53 dB(A). Gelet op het advies van StAB en de onderzoeken van respectievelijk Van der Boom en Royal Haskoning acht het college met de voorgestelde planregel een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de woning aan de Stepelerveldweg 31 geborgd. 2.1
Het kostenverhaal gemoeid met deze planherziening is anderszins verzekerd. Pagina 4 van 6
De kosten voor het opstellen van dit bestemmingsplan en de met de procedure gemoeide kosten komen voor rekening van het bedrijf, waardoor het kostenverhaal over de in het plan begrepen gronden anderszins is verzekerd. Risico’s 1.1 De kans is aanwezig dat voor besluitvorming door uw raad de Afdeling uitspraak doet inzake het beroep. Op 13 maart jl. (ontvangen op 14 maart jl.) heeft het college van de Afdeling het deskundigenverslag van StAB ontvangen. De Afdeling biedt tot en met 10 april a.s. de gelegenheid hierop te reageren door middel van een zienswijze. De Afdeling kan overgaan tot het doen van een uitspraak inzake het beroep alvorens uw raad heeft besloten over het herstelbesluit. Gelet op de geboden gelegenheid tot het indienen van een zienswijze tot en met 10 april a.s. acht het college het risico gering. Voor zover de Afdeling het onderzoek in de zaak zou sluiten voordat uw raad omtrent de vaststelling van het (derde) herstelbesluit heeft besloten, verzoekt het college namens uw raad de Afdeling zelf in de zaak te voorzien en te bepalen dat de voorgestelde gewijzigde planregel in de plaats treedt van artikel 3.5 sub h van de planregels. Hiermee wordt het risico gemitigeerd.
Vervolgproces/communicatie/planning Na vaststelling door uw raad wordt het (derde) herstelbesluit inhoudende het gewijzigde bestemmingsplan op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend gemaakt en ter inzage gelegd (gewijzigd bestemmingsplan “Bedrijventerrein Stepelerveld, fase 1, partiële herziening Uitbreiding Uzin Utz” met bijbehorende bijlagen). De Afdeling en appellanten worden van dit herstelbesluit in kennis gesteld. Appellanten worden in de gelegenheid gesteld zienswijzen te geven over het herstelbesluit. De Afdeling beslist hoe het geding wordt hervat. Voor zover de Afdeling het onderzoek in de zaak zou sluiten voordat uw raad omtrent de vaststelling van het (derde) herstelbesluit heeft besloten, verzoekt het college namens uw raad de Afdeling zelf in de zaak te voorzien en te bepalen dat de voorgestelde gewijzigde planregel in de plaats treedt van artikel 3.5 sub h van de planregels en uw raad op te dragen het aldus gewijzigde bestemmingsplan via het DSO beschikbaar te stellen.
Bijlagen: - brief AbRvS d.d. 13 maart 2025 met StAB-verslag d.d. 6 maart 2025 (GEANONIMISEERD); - brief aan StAB d.d. 27 februari jl. (GEANONIMISEERD); - geluidnotitie Royal HaskoningDHV d.d. 26 februari jl. (GEANONIMISEERD); - geluidnotitie Adviesburo Van der Boom d.d. 13 februari jl. (GEANONIMISEERD); - Brief AbRvS d.d. 13 maart 2025 met StAB-verslag d.d. 6 maart 2025 (NIET OPENBAAR); - brief aan StAB d.d. 27 februari jl. (NIET OPENBAAR); - geluidnotitie Royal HaskoningDHV d.d. 26 februari jl. (NIET OPENBAAR); - geluidnotitie Adviesburo Van der Boom d.d. 13 februari jl. (NIET OPENBAAR).
Pagina 5 van 6
Burgemeester en wethouders
drs. M. Broekhuis gemeentesecretaris
mr. drs. R.G. Welten burgemeester
Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering d.d. 16 april 2025
R. Meinen griffier
mr. drs. R.G. Welten voorzitter
Pagina 6 van 6