Raadsvoorstel Belastingverordeningen 2026
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering
d.d. 17 december 2025
nr.
Onderwerp: Belastingverordeningen 2026
Voorstel: 1. de niet-kostendekkende tarieven begraafrechten te verhogen tot een kostendekkend tarief, de overige tarieven begraafrechten met 6,14% te verhogen en daartoe de Verordening begraafrechten 2026 vast te stellen; 2. de tarieven voor de forensenbelasting met 14,5% te verhogen, de waardegroepen, forensenbelasting met 9,1% te verhogen en daartoe de Verordening forensenbelasting 2026 vast te stellen; 3. de door het rijk bepaalde maximumtarieven over te nemen en de overige legestarieven te verhogen met 6,14% en daartoe de Legesverordening 2026 vast te stellen; 4. de tarieven marktgelden met 6,14% te verhogen en daartoe de Verordening marktgelden 2026 vast te stellen; 5. de OZB-tarieven 2026 te verhogen voor woningen en voor niet-woningen gemiddeld met 11,95%, rekening houdend met de waardeontwikkeling, als volgt vast te stellen: • eigenaren woning 0,1144%; • eigenaren niet-woning 0,3559%; • gebruikers niet-woning 0,2655%; en daartoe de Verordening onroerendezaakbelastingen 2026 vast te stellen; 6. a. bij vaststelling van de Grondstoffenvisie gemeente Haaksbergen 2026-2030, de tarieven voor de afvalstoffenheffing en reinigingsrechten gemiddeld met 0,1% te verlagen en daartoe de Verordening reinigingsheffingen 2026a vast te stellen; dan wel: b.
bij aanhouding, verwerping of anderszins niet-vaststelling van de Grondstoffenvisie gemeente Haaksbergen 2026-2030, de tarieven voor de afvalstoffenheffing en reinigingsrechten gemiddeld met 6,8% te verhogen en daartoe de Verordening reinigingsheffingen 2026b vast te stellen; 7. de tarieven rioolheffing te verlagen met 6,4% en daartoe de Verordening rioolheffingen 2026 vast te stellen; 8. de Verordening reclamebelasting 2026 vast te stellen; 9. de tarieven voor de toeristenbelasting met 4,45% te verhogen en daartoe de Verordening toeristenbelasting 2026 vast te stellen; 10. de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2026 vast te stellen.
Inleiding / aanleiding In uw raadsvergadering van 5 november 2025 is de Programmabegroting 2026 vastgesteld. Om de in de Programmabegroting 2026 geraamde meeropbrengsten als gevolg van tariefstijgingen daadwerkelijk te realiseren, stelt het college uw raad voor de belastingverordeningen voor het begrotingsjaar 2026 vast te stellen. De belastingverordeningen moeten voor 1 januari 2026 zijn vastgesteld en bekendgemaakt. Pagina 1 van 5
Bestuurlijk / wettelijk kader Gemeentewet (artikelen 216, 220 tot en met 220h, 223, 224, 225, 226, 228a, 229 en 229b) Omgevingswet Wet Milieubeheer (artikel 15.33) Paspoortwet (artikelen 2, tweede lid, en 7) Algemene wet bestuursrecht Programmabegroting 2026 Argumenten 1.1-10.1 De uitgangspunten uit de Programmabegroting 2026 zijn verwerkt in de tarieven van belastingen en heffingen van voorliggende belastingverordeningen. In de voorliggende belastingverordeningen zijn de belastingtarieven in overeenstemming met de Programmabegroting 2026 verhoogd. 1.2 De tarieven voor de begraafrechten worden meer kostendekkend. Conform het geactualiseerde Beleidskader Toekomstbestendige Begraafplaatsen willen we meer inkomsten en een betere kostendekking realiseren op de begraafplaatsen. Hiervoor moeten we de komende jaren onder andere investeren in de diverse begraafplaatsen. Hiertoe is het verhogen van de leges noodzakelijk om de kosten te dekken. De leges voor het bijzetten van een asbus of urn zijn gelijk gesteld aan de directe kosten die wij hiervoor dienen te maken bij Twente Milieu. Het tarief voor het verlenen van een uitsluitend recht op een graf of urnengraf wordt in 5-jaarlijkse stappen verhoogd naar een kostendekkend tarief. Het jaar 2026 is het laatste jaar van de 5-jaarlijkse stappen. Vanaf 2027 worden de tarieven weer met de indexatie verhoogd.
Tot slot zijn enkele nieuwe tarieven voor natuurgraven opgenomen. 1.3 De begraafrechten hebben een kostendekkendheid van 47%. De raad is bij de behandeling van de Eerste bestuursrapportage 2025 toegezegd, dat ze een evaluatie van de kostendekkendheid van de begraafrechten ontvangen. We begroten € 363.000 aan te maken kosten voor de begraafplaatsen. Het gaat dan grotendeels om onderhoudskosten en kapitaallasten van nieuwe investeringen. We verwachten voor een bedrag van € 170.000 aan leges te ontvangen. Hiermee is de kostendekkendheid van de begraafplaatsen 47%. 2.2 Bij de forensenbelasting is de grondslag de WOZ-waarde. De tarieven voor de forensenbelasting zijn met 14,5% verhoogd. Deze verhoging is voor 6,14% indexatie en voor het resterende deel een extra inkomst vanuit de ombuigingen uit de kadernota. Vanwege de gemiddelde waardestijging van recreatiewoningen met 9,1% zijn de grenzen van de waardeklassen met dit percentage verhoogd. De tarieven voor stacaravans/chalets op recreatiebedrijven zijn gelijkgesteld aan het verschuldigde bedrag aan toeristenbelasting voor een jaarplaats. 3.2 In de Legesverordening 2026 zijn de door het Rijk bepaalde maxima gehanteerd. Enkele belangrijke legestarieven zijn door het Rijk gemaximeerd, zoals de paspoort- en rijbewijstarieven.
De bekendmaking van deze tarieven vindt in de regel plaats, nadat de voorbereiding voor de vaststelling van de legesverordening is afgerond. Om deze reden wordt in de legesverordening verwezen naar de actuele tarieven, zoals die zijn opgenomen in het besluit paspoortgelden en de regeling tarieven Dienst Wegverkeer. Deze tarieven worden afgerond naar beneden op een veelvoud van € 0,05. De overige door het Rijk bepaalde (maximum)tarieven zijn onverkort overgenomen. De overige tarieven zijn conform de Programmabegroting 2026 verhoogd met 6,14%. Een aantal leges zijn naast de indexatie nog iets meer verhoogd of verlaagd. Alle wijzigingen per legestarief met omschrijving zijn weergegeven in de ‘was-wordt lijst verordeningen 2025-2026’. 4.2 De tarieven marktgelden zijn verhoogd met 6,14%. In deze verordening zijn de tarieven met 6,14% gestegen en zijn verder een aantal redactionele wijzigingen doorgevoerd. Pagina 2 van 5
5.2-6.2a Bij vaststelling van de grondstoffenvisie hebben de verhoging van de OZB-tarieven, de verlaging van de afvalstoffenheffing en de verlaging van de rioolheffing een gemiddelde stijging van de woonlasten met 3,2% tot gevolg. De tariefsaanpassingen voor de OZB, afval- en rioolheffing leiden voor een gemiddeld gezin (met eigen woning) tot de volgende woonlastenontwikkeling voor 2026: Percentage stijging 2026 tov 2025
Werkelijk 2024
Werkelijk 2025
Onroerende zaakbelasting
496,25
518,33
580,27
12,0%
Rioolheffing
379,32
390,72
365,64
-6,4%
Afvalstoffenheffing
229,32
222,12
221,81
-0,1%
Totale woonlasten
1.104,89
1.131,17
1.167,72
3,2%
Belastingsoort
Begroot 2026
Voor een huurder van een woning dalen de woonlasten met 4,1%, omdat deze geen onroerendezaakbelasting betaalt. 5.2-6.2b Bij aanhouding, verwerping of anderszins niet-vaststelling van de grondstoffenvisie hebben de verhoging van de OZB-tarieven, de verlaging van de afvalstoffenheffing en de verlaging van de rioolheffing een gemiddelde stijging van de woonlasten met 4,6% tot gevolg. De tariefsaanpassingen voor de OZB, afval- en rioolheffing leiden voor een gemiddeld gezin (met eigen woning) tot de volgende woonlastenontwikkeling voor 2026:
Voor een huurder van een woning dalen de woonlasten met 1,6%, omdat deze geen onroerendezaakbelasting betaalt. 5.3 De tarieven OZB zijn overeenkomstig de Programmabegroting 2026. De OZB-tarieven zijn afhankelijk van de WOZ-waarden. In 2026 geldt als waardepeildatum de datum van 1 januari 2025. Omdat de waardes van alle onroerende zaken jaarlijks opnieuw moeten worden vastgesteld, treden per definitie elk jaar (lichte) verschuivingen (bijvoorbeeld tussen eigenaren van vrijstaande woningen en flats en tussen winkels en kantoren) in belastingdruk op. Uitgangspunt in de gemeentelijke begrotingspraktijk bij de tariefstelling na een herwaardering is altijd de gewenste opbrengst geweest, waarbij de invloed van de waardeontwikkeling zo goed mogelijk is geschat. Het OZB-tarief voor woningen en niet-woningen wordt in overeenstemming met het uitgangspunt in de Programmabegroting 2026 met 11,95% verhoogd. Wij stellen de raad voor de tarieven als volgt vast te stellen, rekening houdend met de geraamde opbrengsten en de geprognosticeerde waardes van woningen en niet-woningen: Zakelijk recht woningen 0,1144% (was 0,1151%)
zakelijk recht niet-woning 0,3559% (was 0,3339%)
gebruik niet-woning 0,2655% (was 0,2538%).
Pagina 3 van 5
6.2 a De tarieven van de afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten zijn 100% kostendekkend. Voor de afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten is het uitgangspunt, dat de lasten volledig worden gedekt door de inkomsten. De tarieven worden met afgerond 0,1% verlaagd om maximaal 100% kostendekking te krijgen. De tarieven voor containers voor groente-, fruit- en tuinafval zijn op nul gezet. Verder is het tarief voor blokcontainers verlaagd. Daar staat tegenover dat het algemene tarief per perceel is verhoogd. Op deze wijze willen we een betere afvalscheiding stimuleren. 6.2 b De tarieven van de afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten zijn 100% kostendekkend. Voor de afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten is het uitgangspunt dat de lasten volledig worden gedekt door de inkomsten. De tarieven worden met afgerond 6,7% verhoogd om maximaal 100% kostendekking te krijgen. 7.2 De tarieven van de rioolheffing zijn 100% kostendekkend. Voor de rioolheffing is het uitgangspunt dat de lasten volledig worden gedekt door de inkomsten. De tarieven dalen met afgerond 6,4% om maximaal 100% kostendekking te krijgen. 7.3
De zogenaamde “60m3 regeling” is uit de verordening geschrapt in overeenstemming met de uitgangspunten in de Programmabegroting 2026. Dit betrof een lager tarief als het waterverbruik minder was dan 60 m³ op jaarbasis. De uitvoeringskosten van deze regeling zijn dusdanig gestegen, dat het niet meer rendabel is om deze uit te voeren. Dit komt omdat we de gegevens vanuit het waterleidingbedrijf dienen te koppelen aan de administratie van GBTwente. Aangezien we de enige gemeente bij GBTwente zijn die deze kortingsregeling heeft, is het erg onrendabel om uit te voeren. De uitvoeringskosten bedragen € 64.000 per jaar. Bij het afschaffen van de kortingsregeling vallen deze kosten vrij en worden ze ingezet om het algemene tarief te dempen. 8.2 De Verordening reclamebelasting wordt nu geheven op basis van WOZ-waarde. De opbrengsten van de reclamebelasting komen ten gunste van het ondernemersfonds (HOV). De gemeente dient uitsluitend als doorgeefluik. Voorheen was de reclamebelasting een vast bedrag per ondernemer. Op verzoek van de Haaksbergse ondernemers vereniging (HOV) is onderzocht het tarief voor de reclamebelasting afhankelijk te stellen van de WOZ-waarde. De HOV heeft deze mogelijkheid aan de leden voorgelegd. De HOV heeft hiermee ingestemd. Met voorliggende verordening is het tarief nu afhankelijk van de onderliggende WOZ-waarde.
Het tarief van de reclamebelasting bedraagt vanaf 2026 0,27% van de heffingsmaatstaf met een minimum van € 350 en een maximum van € 2.500 per onroerende zaak. Ook de gemeente draagt bij aan de reclamebelasting: de vrijstelling voor overheidsinstellingen is verwijderd. 9.2 De tarieven voor de toeristenbelasting worden met een jaar vertraging doorgevoerd. Om de verblijfsaanbieders de gelegenheid te geven vroegtijdig rekening te kunnen houden met tariefsaanpassingen vanwege het drukken van folders en dergelijke, wordt de jaarlijkse aanpassing van de tarieven met het inflatiepercentage met een jaar vertraging doorgevoerd. Het tarief voor het jaar 2026 is daarom met 4,45% verhoogd (het inflatiecijfer van 2025). Het tarief voor mobiele kampeeronderkomens, stacaravans en/of groepsaccommodaties komt in 2027 te vervallen en wordt geharmoniseerd naar het hoogste tarief (€ 1,85) in overeenstemming met het uitgangspunt in de Programmabegroting 2026. Op verzoek van een aantal verblijfsaanbieders ronden we de tarieven af op € 0,05. Dit betekent concreet dat nu al wordt vastgelegd dat het tarief in 2027 € 1,90 (2026 = € 1,85) wordt voor alle accommodaties. 10.2 De verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen is enkel redactioneel aangepast. In deze verordening zijn enkel een aantal redactionele wijzigingen uit de modelverordening van de VNG doorgevoerd.
Pagina 4 van 5
Risico’s Geen. Vervolgproces/communicatie/planning De vastgestelde belastingverordeningen 2026 worden voor 1 januari 2026 bekendgemaakt in het digitale Gemeenteblad en op www.overheid.nl geplaatst. Dit gebeurt via Juridische Zaken en Daadkracht.
Bijlagen: - De verordeningen op de heffing en invordering van: 1. Begraafrechten 2026 2. Forensenbelasting 2026 3. Leges 2026 4. Marktgelden 2026 5. OZB 2026 6. Reinigingsheffingen 2026a en Reinigingsheffingen 2026b 7. Rioolheffing 2026 8. Reclamebelasting 2026 9. Toeristenbelasting 2026 10. Verordening Kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2026 - Was-wordt tabel met procentuele stijging belastingtarieven en leges 2025-2026
Burgemeester en wethouders
M. (Marcel) Broekhuis gemeentesecretaris
G.J. (Gerard) van den Hengel burgemeester
Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering d.d. 17 december 2025
R. (Robin) Meinen griffier
G.J. (Gerard) van den Hengel voorzitter
Pagina 5 van 5