CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel APV gewijzigd na commissiebehandeling

Gemeenteraad 27 oktober 2021, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Vaststellen van de Algemene plaatselijke verordening2.142 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Raadsvergadering

d.d. 27 oktober 2021

nr.

Onderwerp: Vaststellen Algemene plaatselijke verordening.

Voorstel: 1. De Algemene plaatselijke verordening (hierna: APV) vaststellen

Inleiding / aanleiding De APV van de gemeente Haaksbergen dateert uit 2018. Jaarlijks wordt er door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een aanpassing van de Model algemene plaatselijke Verordening gepubliceerd. Hierin zijn tekstuele aanpassingen, nieuwe wetgeving en jurisprudentie verwerkt. Een herziening van de lokale APV is dan ook nodig vanwege de gewijzigde landelijke wetgeving, jurisprudentie van de afgelopen jaren maar ook vanwege gewijzigde inzichten en lokale behoefte aan wijziging. Doel herziening De APV is een dynamisch instrument waarmee de gemeenteraad sturing kan geven op het gebied van de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid. Het doel van de herziening is: - actualisering; - modernisering voorschriften die leesbaar, begrijpelijk en handhaafbaar zijn; - beoordelen of regels nog noodzakelijk zijn of dat er juist nieuwe regels opgenomen moeten worden. Modelverordening VNG wordt grotendeels gevolgd De APV die zoveel mogelijk de lijn van de Model algemene plaatselijke verordening van de VNG volgt, is waar nodig aangepast aan de situatie in Haaksbergen. Uitgangspunt is voortzetting van bestaand beleid. Inspraak Met ingang van 18 juni 2021 heeft de concept APV vier weken ter inzage gelegen voor inspraak. Er zijn geen zienswijzen binnengekomen. Op meerdere momenten is met de heer G.

Kanis, afgevaardigde van de Koninklijke Horeca Nederland, afdeling Haaksbergen en HOV, sectie horeca de concept APV afgestemd. Dit heeft er uiteindelijk in geresulteerd dat er door de heer Kanis geen formele zienswijze is ingediend. Vervolgstap De volgende stap is dat de gemeenteraad een besluit moet nemen over de vast te stellen APV.

Pagina 1 van 6

Bestuurlijk / wettelijk kader - Algemene plaatselijke verordening (7.1b1) - APV-regeling Haaksbergen (7.2b) - Gemeentewet: (artikelen 149, 149a, 151a, 151b, 151c, 154 en 154 a) - Wet openbare manifestaties (artikelen 3 en 4) - Wet algemene bepalingen omgevingsrecht - Activiteitenbesluit milieubeheer (artikelen 2.18, eerste lid onder f en g, en vijfde lid, 2.21 en 3.148, tweede lid - Wet op de kansspelen (artikelen 30c, tweede lid - Wegenverkeerswet 1994 (artikel 2a) - Wet basisregistratie adressen en gebouwen: artikel 6 - Algemene wet bestuursrecht Provincie Besluit Gedeputeerde Staten van Overijssel d.d. 15 december 2020, het verlengen van preventief toezicht met 1 jaar. Argumenten 1.1. Het voorstel past binnen de voorwaarden van preventief toezicht De financiële gevolgen van dit besluit passen binnen het niveau van de begroting 2021. 1.2

De APV is een uitwerking van diverse wetten en daarom is het geregeld nodig om de APV te herzien en aan te passen. Bovendien kunnen omstandigheden veranderen, waardoor er artikelen toegevoegd, veranderd of zelfs verwijderd kunnen worden. Een APV is geen statische verordening. Dit document zal in de toekomst blijvend aangepast moeten worden. Door het actualiseren van de APV sluit deze weer aan op geldende wet- en regelgeving, de lokale situatie en voldoet aan de ontwikkelingen van deze tijd. Zodoende is geborgd dat de openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid, milieubescherming en het uiterlijk aanzien van Haaksbergen wordt beschermd, dan wel gehandhaafd kan worden.

1.3

De APV is aangepast aan de model-APV van de VNG. De APV van de gemeente Haaksbergen volgt zoveel mogelijk de model-APV van de VNG. Omdat de door de VNG aangegeven actualiseringen van de model-APV vanaf 2018 met name aanpassingen van technische aard waren, is de APV tussentijds niet herzien. Bij deze actualisatie zijn de door de VNG aangegeven wijzigingen vanaf 2018 (Lbr. 18/047, Lbr. 19/063, Lbr. 20/015, Lbr. 20/053, Lbr. 20/075 en Lbr. 21/032) meegenomen. Waar nodig is maatwerk geleverd. Zoals hierboven al staat aangegeven zijn de meeste aanpassingen van (juridisch) technische en/of redactionele aard zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om een wijziging in verband met landelijke wetgeving, verschenen jurisprudentie, een correctie van fouten of van een omissie, of een wijziging van niet goed leesbare zinnen. Naast de aanpassingen van technische aard hebben er ook een aantal inhoudelijke aanpassingen van de APV plaatsgevonden. In bijlage1 staan de door de VNG geadviseerde en in de concept APV overgenomen inhoudelijke aanpassingen over de jaren 2018, 2019, 2020 en 2021 aangegeven en toegelicht.

Pagina 2 van 6

1.4

Gewijzigde inzichten en lokale behoefte aan wijzigingen, mede op basis van de diverse bevindingen in de praktijk, maakt dat er een actualisatie van de APV nodig is. De APV is bij uitstek een document waarin een verscheidenheid aan lokale aangelegenheden geregeld kunnen en moeten worden ten behoeve van een goede gemeentelijke huishouding. Alhoewel de APV gebaseerd is op de model-APV van de VNG, is ook bij deze actualisatie maatwerk toegepast en is een nadere lokale inkleuring gegeven aan een diverse artikelen. De werking van APV wordt in de praktijk doorlopend geëvalueerd, waarbij de wensen van onze partners zoals bijvoorbeeld de politie en de veiligheidsregio in samenspraak met de ambtelijke organisatie, maar ook signalen die vanuit de samenleving bij ons binnenkomen, aanleiding zijn een aanvulling/wijziging door te voeren. In bijlage 2 staan deze in de concept APV opgenomen aanvullingen/wijzigingen aangegeven en toegelicht. Onderstaand worden twee onderwerpen nader uitgelicht die om de aangegeven redenen niet of in gewijzigde vorm in de concept APV zijn opgenomen.

Oplaten van ballonnen Bij de behandeling van de motie van de fractie van D66 in de gemeenteraadsvergadering van 10 april 2019 over het oplaten van ballonnen is de toezegging gedaan dat het voorstel tot actualisatie van de APV een inventarisatie zal bevatten van de mogelijkheden op welke wijze het oplaten van ballonnen kan worden ontmoedigd of verboden. De motie is naar aanleiding van de toezegging ingetrokken. Algemeen Ballonnen komen na het oplaten ongecontroleerd naar het aardoppervlak en veroorzaken schade aan de natuur en het milieu. Dieren zien de ballonnen aan voor voedsel en kunnen verstrikt raken in de resten van de neergekomen ballonnen zoals onder andere de ballonlinten, waardoor sterfte bij de onder buiten levende dieren wordt veroorzaakt. Het risico bij wensballonnen is dat deze worden opgelaten door onder de ballon een brandend voorwerp te bevestigen. Met name in een droge periode bestaat het gevaar voor brand. Biologisch afbreekbare ballonnen zijn geen milieuvriendelijk alternatief. Het duurt jaren voor deze ballonnen zijn afgebroken. Al die tijd blijven deze ballonnen in de natuur om op de bodem of in het water nadelige gevolgen voor de natuur te kunnen hebben. Ballonnen worden dan ook als zwerfafval aangemerkt.

Ontmoedigen of verbieden? In het geval er gekozen wordt voor een ontmoedigingsbeleid betekent dit dat er geen verbod in de APV wordt opgenomen, maar dat de gemeente uitdraagt dat ballonnen schade aanrichten aan de natuur en het milieu en alternatieven aanmoedigt of adviseert. Dit ontmoedigingsbeleid kan op meerdere manieren vorm worden gegeven. Sommige gemeenten nemen in de evenementenvergunning regels op voor het oplaten van ballonnen. Hierbij kan gedacht worden aan het opnemen van het voorschrift dat ballonnen die gebruikt worden op het evenement niet de lucht in mogen, maar moeten worden vastgebonden. Voor de vergunningsvrije evenementen kan bijvoorbeeld een ontheffings- of meldingsplicht worden ingevoerd. Andere gemeenten geven voorlichting over de milieuproblemen die ballonnen en linten veroorzaken, laten zelf geen ballonnen op of weigeren aanwezig te zijn bij evenementen waar ballonnen worden opgelaten. Ook de Koninklijke Bond van Oranjeverenigingen (KBVO) ontmoedigt het oplaten van ballonnen. De KBVO hecht aan een duurzame en milieuvriendelijke leefomgeving. De KBVO vindt het Pagina 3 van 6

gebruik van ballonoplatingen niet meer passend in een wereld waarin we meer en meer de verantwoordelijkheid nemen om het leven te beschermen tegen milieuvervuiling. Daarom stimuleert de KBVO haar leden om alternatieven te gebruiken voor ballonoplatingen. Hierbij kan gedacht worden aan superbellenblaas, kaarsen branden, vliegers oplaten, lampionnenoptocht, zwaaien met gekleurde linten, iets planten, lasershow en vossenjacht. Een verbod op ballonoplatingen opnemen in de APV is directer en geeft een nog duidelijker signaal af over de negatieve effecten van ballonnen. In het geval van een verbod is het niet toegestaan om ballonnen, van welk materiaal dan ook, door middel van hete lucht afkomstig van vuur, dan wel door middel van helium of andere gassen, op te laten stijgen. Onder een ballon wordt mede verstaan: herdenkingsballon, sfeerballon, vuurballon, geluksballon of -lampion, Thaise wensballon, papierballon etc. Een luchtballon bedoeld voor personenvervoer valt uiteraard niet onder dit verbod. Het aantal gemeenten dat in de APV het oplaten van ballonnen verbiedt, neemt steeds meer toe (inmiddels meer dan 40%). In 2018 was er slechts in 5% van de gemeenten een oplaat-verbod.

Handhaafbaarheid Bij de invoering van een verbod op ballonoplatingen evenals bij de invoering van een ontheffings- of meldingsplicht kunnen vraagtekens worden gesteld bij de handhaafbaarheid van deze maatregelen en in het verlengde hiervan de geloofwaardigheid van de handhavende overheid. Als er aandacht moet komen voor het thema milieu bij evenementen, zullen eerst in het VTH-beleidsplan 2021-2025 andere keuzes over de inzet van handhaving gemaakt moeten worden voordat dit wordt neergelegd in regelgeving. Het VTH-beleidsplan is een dynamisch document dat, wanneer dit nodig wordt geacht, tijdens de looptijd kan worden aangepast. Eigen verantwoordelijkheid Door te kiezen voor een ontmoedigingsbeleid wordt in tegenstelling tot een verbod op ballonoplatingen een beroep gedaan op de eigen verantwoordelijkheid van de inwoners en organisaties van de gemeente Haaksbergen. De gemeente kan hierbij een voorbeeldfunctie vervullen door bij festiviteiten zelf geen ballonnen meer op te laten en in voorkomende gevallen organisatoren van vergunningsplichtige en meldingsplichtige evenementen te informeren over de schadelijke gevolgen van ballonnen en te wijzen op milieuvriendelijke alternatieven. Deze werkwijze past binnen de door de gemeente in te nemen regierol, waarbij de kracht zoveel mogelijk in de samenleving wordt georganiseerd.

Het verbranden van afvalstoffen buiten een inrichting In artikel 5:34, lid 2 onder d van de huidige APV staat aangegeven dat het verbranden van snoeiafval is toegestaan, mits de te verbranden hoeveelheid niet meer bedraagt dan 5 m3 en hiervan minimaal 7 werkdagen voorafgaand aan het branden melding is gedaan aan het college. Zoals onder punt 30 in bijlage 2 bij dit advies staat aangegeven heeft artikel 5:34 APV een aanvullende werking op artikel 10.63, eerste lid, Wet milieubeheer. In artikel 10.2 Wet milieubeheer staat aangegeven dat het verboden is om buiten een inrichting afvalstoffen te verbranden. Op grond van artikel 10:63 Wet milieubeheer kan ontheffing worden verleend van het verbod in artikel 10.2 Wet milieubeheer als het belang van de bescherming van het milieu zich daartegen niet verzet. Met andere woorden: er kan een Wet milieubeheer-ontheffing worden verleend of geweigerd op grond van milieu-hygiënische overwegingen. Aan de APV-ontheffing ligt echter een ander motief ten grondslag, te weten het belang van de openbare orde en veiligheid. Artikel 10.63 Wet milieubeheer biedt geen mogelijkheid om een afweging te maken over de belangen waarop artikel 5:34 van de APV ziet, zoals het geval is bij openbare vreugdevuren, waaronder Paasvuren. In dergelijke situaties is zowel een Wet milieubeheer-ontheffing noodzakelijk als een evenementenvergunning op grond van de APV.

Pagina 4 van 6

Voor het verbranden van snoeiafval waarvoor alleen een Wet milieubeheer- ontheffing noodzakelijk is kunnen daarom in de APV geen aanvullende regels worden opgenomen, maar dienen aparte beleidsregels in het kader van milieu te worden opgesteld. De melding in artikel 5:34, lid 2 onder d van de huidige APV is juridisch niet toegestaan en is bij de actualisatie dan ook uit de APV gehaald. Het opstellen van deze beleidsregels is nieuw beleid. Dit onderwerp wordt meegenomen bij de taken die in het kader van de invoering van de Omgevingswet op de gemeente af komen. Tot het moment waarop de nieuwe beleidsregels zijn vastgesteld of in het geval er geen beleidsregels worden opgesteld, is het verbranden van snoeiafval buiten een inrichting van minder dan 5 m3 met een melding, zoals nu nog in artikel 5:34, lid 2 onder d staat aangegeven, na vaststelling van de geactualiseerde APV niet meer toegestaan. In de nieuwe situatie dienen zowel voor de gevallen waarin het te verbranden van snoeiafval minder dan 5 m3 bedraagt als de gevallen waarin het verbranden van snoeiafval meer dan 5 m3 bedraagt een ontheffing te worden aangevraagd. Risico’s Er zijn geen risico’s te vermelden. Vervolgproces/communicatie/planning Na vaststelling door de gemeenteraad wordt de APV bekendgemaakt in het digitale Gemeenteblad en op www.overheid.nl geplaatst, via het systeem DROP.

Het moment dat de APV bekend wordt gemaakt treedt de APV in werking.

Bijlagen: Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4:

Wijzigingen op basis van model APV-VNG Wijzigingen op basis van lokale behoefte Geactualiseerde APV Overzicht Artikelen oud en nieuw

Fysiek, ter inzage in raadsbibliotheek: Digitaal: Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4:

Wijzigingen op basis van model APV-VNG Wijzigingen op basis van lokale behoefte Geactualiseerde APV Overzicht Artikelen oud en nieuw

Pagina 5 van 6

Burgemeester en wethouders

dr. R. Toet secretaris

mr. drs. R.G. Welten burgemeester

Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering d.d. 27 oktober 2021

mr. G. Raaben griffier

mr. drs. R.G. Welten voorzitter

Pagina 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10661787/1