CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Algemene subsidieverordening

Gemeenteraad 1 oktober 2025, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Raadsvoorstel Algemene subsidieverordening Haaksbergen2.089 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Raadsvergadering

d.d. 1 oktober 2025

nr. Nummer

Onderwerp: Algemene subsidieverordening Haaksbergen

Voorstel: 1. De Algemene subsidieverordening Haaksbergen en de daarbij behorende zienswijzennota vast te stellen.

Inleiding / aanleiding De huidige Algemene subsidieverordening is op 16 december 2015 door uw raad vastgesteld en op 21 december 2022 gewijzigd. Deze wijziging strekte tot het subsidiebedrag waarboven een goedkeurende accountantsverklaring is vereist. Deze is verhoogd van € 25.000 naar € 75.000. Bij de behandeling van de wijziging van voornoemde subsidieverordening is aan uw raad aangegeven, dat een algehele actualisatie van de Algemene subsidieverordening in 2023 plaatsvindt. Door prioritering in opgaven is het niet gelukt de subsidieverordening in 2023 te actualiseren en ligt deze nu alsnog voor. Momenteel doet de rekenkamercommissie een onderzoek naar subsidies. Op dit moment is het onderzoek nog niet afgerond. Mochten uit het onderzoek aanbevelingen blijken die nog niet in deze verordening zijn opgenomen, kunnen die meegenomen worden in een actualisatie van deze verordening. Het VNG-model is als uitgangspunt genomen voor voorliggende Algemene subsidieverordening Haaksbergen. Op 3 juni 2025 heeft de Algemene subsidieverordening reeds voorgelegen in uw Commissie samenleving & bestuur. Tijdens deze vergadering is gebleken dat een tweetal zienswijzen, respectievelijk van RTV Sternet en Art4More, abusievelijk niet was meegenomen. In voorliggend voorstel zijn deze zienswijzen en de daarbij behorende zienswijzennota meegenomen.

Bestuurlijk / wettelijk kader Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie artikelen 107 en 108 Algemene wet bestuursrecht Gemeentewet Inspraakverordening Algemene subsidieverordening Argumenten 1.1 De Algemene subsidieverordening Haaksbergen borgt de actuele wetgeving en jurisprudentie en is gebaseerd op de modelverordening van de VNG Voorliggende verordening is in lijn met de modelverordening van de VNG. Op enkele punten is een toevoeging gedaan op de modelverordening. De belangrijkste wijzigingen in de geactualiseerde verordening ten opzichte van de huidige Algemene subsidieverordening (Asv) zijn hieronder omschreven. In afwijking van de reguliere werkwijze zijn deze niet verwerkt in een was-wordt lijst, aangezien de wijzigingen te substantieel zijn, om hiervan een Pagina 1 van 5

overzichtelijke en leesbare lijst te maken. Artikelen die slechts minimaal zijn gewijzigd, wijzigingen ten behoeve van de leesbaarheid, ter verduidelijking en/of door de toevoeging van artikelen en/of leden zijn hierin niet opgenomen. Artikel 1 Begripsbepalingen Aan artikel 1 zijn enkele definities toegevoegd ten behoeve van de leesbaarheid. De soorten subsidies die de wet kent en die wij als gemeente kennen, namelijk de subsidies uit artikel 4.23 derde lid van de Algemene wet bestuursrecht en de eenmalige en structurele subsidies, staan nu ook als zodanig opgenomen in de Asv. Door de aansluiting te zoeken bij de termen uit de wet en de gangbare termen, wordt verwarring voorkomen. Bij de definities is nu ook het begrip “onderneming” opgenomen. Op grond van de oude Asv kan alleen aan instellingen zonder winstoogmerk subsidie worden verleend. Daarmee worden coöperaties uitgesloten. Met name op het gebied van energie en verduurzaming moeten we de mogelijkheid bieden ondernemingen te subsidiëren. Het begrip onderneming staat centraal in het staatssteunrecht, waarbij het niet uitmaakt wat haar rechtsvorm of wijze van financiering is. Ook een instelling zonder winstoogmerk kan onder deze definitie vallen op grond van jurisprudentie van het Europees Hof van Justitie.

Bij de beoordeling of er sprake is van een onderneming dient daarom aansluiting te worden gezocht bij de definitie van het Europees Hof van Justitie. Artikel 2 Reikwijdte Alle beleidsterreinen waar subsidie voor kan worden verleend, zijn uitputtend vermeld. Dat heeft het voordeel dat op al deze beleidsterreinen in principe de mogelijkheid bestaat subsidies te verstrekken, maar het geeft ook meer mogelijkheden subsidieaanvragen te weigeren. Waarvoor en hoeveel subsidie kan worden verstrekt, wordt in een subsidieregeling vastgelegd. De diverse huidige nadere regels worden dit jaar geactualiseerd in de vorm van nieuwe subsidieregelingen. Bij deze actualisatie wordt rekening gehouden met de ombuigingsopgave. Artikel 4 Staatssteunregels Om subsidies onder een Europees steunkader te brengen, moet de subsidie op het toepasselijke steunkader worden toegesneden. Daarbij kan het nodig zijn dat er in de subsidieregeling afgeweken wordt van de algemene subsidieverordening, of dat deze aangevuld wordt. Het eerste lid maakt het college daartoe bevoegd. Het tweede en derde lid zijn een uitvloeisel van de eis van de Europese Commissie dat in subsidieregelingen en -beschikkingen, die gebruik maken van het Europees steunkader, het toepasselijke kader expliciet wordt vermeld.

Als sprake is van steun die valt onder een Europees steunkader, kunnen uiteraard alleen de activiteiten, doelstellingen, resultaten en kosten voor subsidie in aanmerking komen, voor zover die voldoen aan de eisen en voorwaarden van het betreffende steunkader (vierde lid). Net zo goed als bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, kunnen ondernemingen alleen in aanmerking komen als de subsidieverstrekking voldoet aan de voorwaarden van het desbetreffende steunkader (vijfde lid). Artikel 6 Aanvraag Artikel 6 lid 2 sub d is toegevoegd met een tweetal aanvraagvereisten specifiek voor ondernemingen. Bij een subsidie aan een onderneming moet voorkomen worden, dat subsidie wordt verleend die niet in overeenstemming is met de artikelen 107 en 108 VWEU. Het eerste vereiste moet ontoelaatbare cumulatie voorkomen door het aanvragen van een overzicht van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen in welke vorm ook, die met staatsmiddelen bekostigd zijn of zullen worden bekostigd voor de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd. Het tweede vereiste vereist een de-minimisverklaring. Om subsidie onder een de-minimisverordening te kunnen verlenen, moet de onderneming om een de-minimisverklaring gevraagd worden.

Op basis van een ingeleverde de-minimisverklaring dienen wij te controleren of verlenen van de subsidie in overeenstemming is met de de-minimisverordening. Artikel 6 lid 2 sub e is toegevoegd in verband met de invoering van artikel 12a. Dit artikel zal daaronder worden toegelicht. Pagina 2 van 5

Artikel 8 Beslistermijn Artikel 8 lid 4 is toegevoegd zodat de termijn bij aanvragen om een subsidie die bij de Europese Commissie aangemeld moeten worden, worden verdaagd totdat deze een besluit heeft genomen. Dit voorkomt dat een subsidie wordt verleend die in strijd is met de artikelen 107 en 108 VWEU. Artikel 9 Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden In het eerste lid worden de algemeen geldende weigeringsgronden van de artikelen tweede lid, en 4:35 van de Awb, met twee nadere verplichte gronden aangevuld. Als de Europese Commissie de subsidie niet goedkeurt, moet de aanvraag geweigerd worden. Als er een bevel tot terugvordering uitstaat, verbieden steunkaders vaak niet het verlenen van subsidies in het algemeen. Door de toevoeging van de tweede weigeringsgrond wordt hierin voorzien. Het tweede lid voorziet in een weigeringsgrond voor als de subsidieverstrekking in strijd is met een Europees steunkader. De facultatieve weigeringsgronden uit lid 3 zijn aangevuld in verband met de staatssteunbepalingen die zijn toegevoegd. De weigeringsgronden gelden in aanvulling op de weigeringsgronden uit artikel 6 van de Wet bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar bestuur, deze zijn daarom niet meer expliciet opgenomen.

Artikel 12 Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen Dit artikel biedt de mogelijkheid bij subsidies hoger dan € 75.000 extra verplichtingen op te leggen. Bij het tweede lid kan bijvoorbeeld gedacht worden aan eisen omtrent de deskundigheid van de personen die de activiteit(en) zullen uitvoeren. Op grond van het derde lid kunnen verplichtingen worden opgelegd, die niet strekken tot verwezenlijking van het eigenlijke doel van de gesubsidieerde activiteit, mits deze enig verband houden met de gesubsidieerde activiteit. Indien hiervan gebruikt wordt gemaakt, dient dit duidelijk gemotiveerd te worden. Het vierde lid biedt de mogelijkheid, in gevallen dat het verstrekken van de subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, daarvoor een vergoeding te beuren. Hoewel deze mogelijkheid wettelijk is vastgelegd, dient deze om hier uitvoering aan te geven, ook in de verordening te worden opgenomen. Artikel 12a Egalisatiereserve Het kan voorkomen dat door onverwachte omstandigheden een subsidie niet volledig voor de activiteit is gebruikt, bijvoorbeeld tijdens de coronaepidemie. Het is ook mogelijk dat projecten later van start gaan en daardoor in het subsidiejaar (kalenderjaar) niet kunnen worden afgerond.

Dan bestaat de mogelijkheid op grond van dit artikel maximaal 10% van het subsidiebedrag of maximaal € 50.000 over te hevelen naar het volgende jaar, zodat de gesubsidieerde activiteit alsnog kan worden uitgevoerd. Artikel 13 Wijze van verstrekking en eindverantwoording subsidies tot en met € 7.500 Subsidies tot en met € 7.500 kunnen op basis van vertrouwen worden verstrekt. Door de subsidie gelijk vast te stellen of door de subsidie ambtshalve vast te stellen binnen een bepaalde termijn na subsidieverlening, worden administratieve lasten voor zowel de ontvanger als voor de gemeente beperkt. Artikel 14 Eindverantwoording subsidies tussen € 7.500 en € 75.000 In dit artikel is bepaald op welke wijze subsidieontvangers subsidie tussen € 7.500 en € 75.000 aan de gemeente dienen te verantwoorden. Hoe het inhoudelijke verslag, opgenomen in lid 3, dient te worden opgesteld, kan bij de verlening worden aangegeven. Er kan daarbij bijvoorbeeld worden gevraagd om een jaarverslag of andere bewijsstukken. Relevant is duidelijk te krijgen dat de verkregen subsidie, is aangewend voor het doel waarvoor de subsidie werd verstrekt. Artikel 15 Eindverantwoording subsidies van meer dan € 75.000 Bij subsidies van meer dan € 75.000 vindt de vaststelling van de subsidie plaats op basis van uitgevoerde activiteiten en gerealiseerde kosten.

Gelet op de hoogte van het bedrag dienen bij de aanvraag tot vaststelling verschillende documenten te worden overlegd, zodat kan worden gecontroleerd of de verkregen subsidie is aangewend voor het doel waarvoor deze is verstrekt. In een subsidieregeling kunnen hiervoor andere termijnen worden gesteld en/of andere gegevens worden verlangd.

Pagina 3 van 5

Artikel 16 Subsidievaststelling subsidies van meer dan € 7.500 Op grond van artikel 16 dient een subsidie binnen acht weken na ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling te worden vastgesteld, met de mogelijkheid deze termijn vier weken te verdagen. Deze termijn is korter dan de huidige termijn, om te voorkomen dat een vaststelling onnodig wordt vertraagd en het resterende uit te betalen bedrag tijdig bij de ontvanger te krijgen. Artikel 18 Berekening van uurtarieven, uniforme kostenbegrippen Dit artikel voorziet in dat het college de mogelijkheid heeft bij subsidieregelingen de uurtarieven, de berekeningswijze hiervan en de voorgeschreven definities vast te leggen en te subsidiëren. De aanvrager zal daarmee bij zijn aanvraag rekening moeten houden. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, is dit beperkt tot tarieven en kostenbegrippen die voldoen aan de eisen van het toepasselijke steunkader. Artikel 19 Hardheidsclausule In uitzonderlijke gevallen kan het college afwijken van de subsidieverordening. Artikel 20 Overgangsbepalingen In artikel 20 staan overgangsbepalingen opgenomen om duidelijkheid te scheppen over welke subsidieverordening van toepassing is na de inwerkingtreding van de voorliggende verordening.

Op aanvragen om verlening van subsidie, die zijn ingediend voor de datum van inwerkingtreding van deze Algemene subsidieverordening en waarover op die datum nog niet is besloten, is deze Algemene subsidieverordening van toepassing. Op aanvragen om vaststelling van subsidie die is verleend onder de oude subsidieverordening, is de oude subsidieverordening van toepassing, tenzij dit leidt tot een ongunstiger resultaat voor de aanvrager. 1.2 Er zijn twee zienswijzen binnengekomen in de inspraakperiode Zoals eerder benoemd, zijn er twee zienswijzen binnengekomen, te weten van RTV Sternet en Art4More. De zienswijzen en de reactie hierop is opgenomen in een bijlage. Abusievelijk waren deze zienswijzen in een eerdere behandeling van de algemene subsidieverordening niet meegenomen. Op 2 juli 2025 is met zowel RTV Sternet en Art4More ambtelijk gesproken over de zienswijzen en de zorgen die beiden hebben over het subsidiebeleid. De zienswijzen hebben niet geleid tot aanpassing van de voorliggende verordening, maar worden meegenomen in de actualisatie van de nadere regels die later dit jaar gepland staat. 1.3

Er heeft een ambtelijke aanpassing plaatsgevonden om het mogelijk te maken de monumentensubsidies onder de algemene subsidieverordening te laten vallen. Artikelen 13 en 14 van de Algemene subsidieverordening bevatten de wijze van verstrekking en eindverantwoording voor subsidies tot en met € 7.500 en subsidies tussen de € 7.500 en € 75.000. Er is toegevoegd dat bij de subsidieregeling van de voorgaande leden kan worden afgeweken. Dit maakt het mogelijk om in de subsidieregeling eventuele andere termijnen te stellen, wat in ieder geval nodig is om de monumentensubsidie onder de algemene subsidieverordening te laten vallen en op te nemen in de nieuwe subsidieregeling die later dit jaar wordt voorgelegd. Risico’s Geen. Vervolgproces/communicatie/planning De huidige nadere regels kunnen in de vorm van nieuwe subsidieregelingen in een later stadium dit jaar door het college worden vastgesteld. Bij deze actualisatie is rekening gehouden met eventuele ontwikkelingen uit de kadernota.

Bijlagen: 1. Algemene subsidieverordening Haaksbergen 2. Zienswijzennota Pagina 4 van 5

Burgemeester en wethouders

M. (Marcel) Broekhuis gemeentesecretaris

G.J. (Gerard) van den Hengel burgemeester

Aldus vastgesteld tijdens de openbare raadsvergadering 1 oktober 2025

R. (Robin) Meinen griffier

G.J. (Gerard)van den Hengel voorzitter

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15925841/1