PBP TOE Terrassen Haaksbergen vastgesteld
Tekst van het document
Paraplubestemmingsplan
Terrassen Haaksbergen
September 2021
Status: vastgesteld
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen
Gemeente Haaksbergen Postbus 102 7480AC HAAKSBERGEN Contactpersoon gemeente Haaksbergen: dhr. C. Watson Projectleider BJZ.nu: N. Broekhuis Plannaam: Plantype: Imro-idn: Status: datum:
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Paraplubestemmingsplan NL.IMRO.0158.BP1185-0003 Vastgesteld September 2021
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
2
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
TOELICHTING
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
3
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING ................................................................................... 5 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
AANLEIDING ............................................................................................................................................... 5 HET PLANGEBIED ......................................................................................................................................... 5 DE BIJ HET PLAN BEHORENDE STUKKEN ............................................................................................................. 5 GELDEND PLANOLOGISCH KADER ..................................................................................................................... 5 LEESWIJZER ................................................................................................................................................ 5
HOOFDSTUK 2 BELEIDSKADERS ............................................................................ 7 2.1 2.2 2.3
RIJKSBELEID ................................................................................................................................................ 7 PROVINCIAAL BELEID .................................................................................................................................... 7 GEMEENTELIJK BELEID................................................................................................................................... 8
HOOFDSTUK 3 PLANBESCHRIJVING ..................................................................... 10 3.1 3.2
AANLEIDING ............................................................................................................................................. 10 UITGANGSPUNTEN ..................................................................................................................................... 10
HOOFDSTUK 4 MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN .................................................. 13 4.1
MILIEUZONERING ...................................................................................................................................... 14
HOOFDSTUK 5 JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING .............................. 19 5.1 5.2
INLEIDING................................................................................................................................................. 19 OPZET VAN DE REGELS ................................................................................................................................ 19
HOOFDSTUK 6 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID .................................................. 21 HOOFDSTUK 7 VOOROVERLEG EN INSPRAAK ......................................................... 22 7.1 7.2 7.3
VOOROVERLEG .......................................................................................................................................... 22 INSPRAAK ................................................................................................................................................. 22 ZIENSWIJZEN............................................................................................................................................. 22
BIJLAGE BIJ DE TOELICHTING ................................................................................. 23 BIJLAGE 1 BIJLAGE 2
AKOESTISCH ONDERZOEK ..................................................................................................................... 24 INSPRAAKNOTA ................................................................................................................................. 25
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
4
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
HOOFDSTUK 1 1.1
INLEIDING
Aanleiding
Binnen het grondgebied van de gemeente Haaksbergen zijn vele terrassen aanwezig van uiteenlopende aard en omvang. Terrassen dragen bij aan de sfeer en levendigheid van Haaksbergen en de kerkdorpen. Ze zijn van grote betekenis voor de aantrekkelijkheid van de kernen, op economisch gebied, maar zeker ook sociaal maatschappelijk voor wat betreft de leefbaarheid en de sociale cohesie. Voor het plaatsen van een terras in openbaar gebied (bijv. het trottoir) is volgens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) een omgevingsvergunning nodig als het terras niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan. Geconstateerd is dat op dit moment veel terrassen niet zijn toegestaan op basis van het geldende bestemmingsplan. Er bestaat daarom de wens om de terrassen in een paraplubestemmingsplan te regelen. Dit paraplubestemmingsplan regelt voor het gehele grondgebied van Haaksbergen op een goede en eenduidige wijze de terrassen bij horecagelegenheden en andere openbare inrichtingen, waar sprake is van (ondersteunende) horeca. Het gaat om zowel bestaande terrassen als locaties waar het plaatsen van terras ruimtelijk inpasbaar is. Dit leidt tot de gewenste versterking van levendigheid, bijvoorbeeld een terras bij een horecagelegenheid in het centrum die nu nog geen terras heeft.
Door de hiervoor genoemde terrassen planologisch te regelen in voorliggend paraplubestemmingsplan hoeft in het kader van de Wabo geen omgevingsvergunning meer te worden aangevraagd voor het plaatsen van een terras,. Dit resulteert in een vermindering van de regeldruk. Voor het realiseren van permanente voorzieningen, bijvoorbeeld vaste terrasafscheidingen en vaste (met de grond verankerde) parasols, is nog wel een omgevingsvergunning nodig voor wat betreft de activiteit ‘bouwen’.
1.2
Het plangebied
De reikwijdte van voorliggend paraplubestemmingsplan betreft het gehele grondgebied van de gemeente Haaksbergen. De exacte begrenzing van het plangebied is vastgelegd op de verbeelding.
1.3
De bij het plan behorende stukken
Het ‘Paraplubestemmingsplan terrassen Haaksbergen’ bestaat uit de volgende stukken: • •
verbeelding (NL.IMRO.0158. NL.IMRO.0158.BP1185-0003); regels.
De juridische vorm van dit bestemmingsplan betreft een parapluregeling. Een dergelijke regeling voorziet in een aanpassing van meerdere bestemmings-/wijzigings- of uitwerkingsplannen op één of meerdere specifieke onderdelen. Voor het overige blijven deze plannen onverminderd van toepassing, evenals verleende omgevingsvergunningen. Het bestemmingsplan bestaat naast deze toelichting uit een set planregels en een verbeelding. De toelichting dient slechts ter ondersteuning en heeft verder geen juridische betekenis.
1.4
Geldend planologisch kader
Voorliggend parapluplan heeft betrekking op alle ruimtelijke plannen binnen het grondgebied van de gemeente Haaksbergen. Onder ruimtelijke plannen wordt verstaan; bestemmingsplannen, (partiële) herzieningen van bestemmingsplannen, wijzigingsplannen en uitwerkingsplannen.
1.5
Leeswijzer
Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 ingegaan op het beleidskader. In Hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de terrassen, de wijze van bestemmen en de gestelde voorwaarden. Hoofdstuk 4 gaat in op de verantwoording van de milieuaspecten. Hoofdstuk 5 gaat in op de juridische aspecten en planverantwoording. In hoofdstuk 6
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
5
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld wordt ingegaan op de economische uitvoerbaarheid van dit paraplubestemmingsplan. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 beschreven hoe om is gegaan met de inspraak en het vooroverleg.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
6
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
HOOFDSTUK 2
BELEIDSKADERS
Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifiek voor dit plan geldende uitgangspunten weergegeven. Daarbij wordt aangegeven hoe de keuzes in dit paraplubestemmingsplan zich verhouden tot de verschillende beleidskaders.
2.1
Rijksbeleid
2.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor de leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor de leefomgeving. Dit is nodig om de opgenomen doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving. 2.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
In de SVIR (voorganger NOVI) wordt de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigt en geoptimaliseerd instrument. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. 2.1.3
Toetsing van het initiatief aan het rijksbeleid
In dit paraplubestemmingsplan is een juridisch-planologische regeling voor terrassen opgenomen. Hiermee zijn geen rijksbelangen gemoeid. Er worden geen nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk gemaakt, waarop de Ladder voor duurzame verstedelijking van toepassing is.
2.2
Provinciaal beleid
Op 12 april 2017 hebben Provinciale Staten van Overijssel de nieuwe Omgevingsvisie Overijssel 2017 'Beken Kleur' en bijbehorende Omgevingsverordening Overijssel 2017 vastgesteld. Op 1 mei zijn de nieuwe Omgevingsvisie en Omgevingsverordening in werking getreden. 2.2.1
Omgevingsvisie Overijssel
De Omgevingsvisie is een integrale visie waarin de beleidsambities en doelstellingen staan die van provinciaal belang zijn voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Overijssel. Het uitgangspunt is gericht op het jaar 2030. De visie biedt kaders in de vorm van ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Daarbinnen krijgen gemeenten, waterschappen, maatschappelijke organisaties en andere initiatiefnemers mogelijkheden om ruimtelijke ontwikkelingen te realiseren. 2.2.2
Omgevingsverordening Overijssel
De provincie beschikt over een palet aan instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. Het gaat er daarbij om steeds de meest optimale mix van instrumenten toe te passen, zodat effectief en efficiënt resultaat wordt geboekt voor alle ambities en doelstellingen van de Omgevingsvisie. Eén van de instrumenten om het beleid uit de Omgevingsvisie te laten doorwerken is de Omgevingsverordening Overijssel. De Omgevingsverordening is het provinciaal juridisch instrument dat wordt ingezet voor die onderwerpen
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
7
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch geborgd is. 2.2.3
Toetsing van het initiatief aan het provinciaal beleid
In dit paraplubestemmingsplan is een juridisch-planologische regeling voor terrassen opgenomen. Het provinciale beleid zoals opgenomen in de Omgevingsvisie en Omgevingsverordening is van een dusdanig abstractieniveau dat concrete beleidskaders voor terrassen niet aanwezig zijn. Daarnaast vormen de terrassen geen belemmering voor de in de omgevingsverordening genoemde aspecten zoals natuur en water. Voor een nadere toelichting hierop wordt verwezen naar hoofdstuk 4 van deze toelichting.
2.3
Gemeentelijk beleid
2.3.1
Structuurvisie 2030 Haaksbergen, groenste dorp van Twente
2.3.1.1 Algemeen De gemeenteraad van Haaksbergen heeft op 5 maart 2014 de ‘Structuurvisie 2030, Haaksbergen: groenste dorp van Twente’ gewijzigd vastgesteld. De structuurvisie is een toetsingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen binnen de gemeente Haaksbergen voor de periode tot 2020 en geeft een doorkijk naar 2030. De visie geeft aan hoe de gemeente omgaat met de thema’s infrastructuur, platteland, economie, wonen en duurzaamheid. Er zijn voor de komende jaren negen ambities opgenomen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Verbeteren van de relatie en verzachten van de overgangen tussen dorp en buitengebied. Een sfeervol groen centrum met de Markt als stralend middelpunt. Stimuleren van een gezonde plattelandseconomie en op peil houden van de ecologische en cultuurhistorische kwaliteiten van het buitengebied. Versterken van de cultuurhistorische kwaliteit van de dorpsstructuur. Benutten van de toeristische potentie van de samenhang tussen dorp en landschap. Versterken van de veelzijdigheid van de Haaksbergse economie. Verbreden van het aanbod aan woonmilieus. Op peil houden en concentreren van het voorzieningenniveau. Verduurzamen en beleefbaar maken van het watersysteem.
In de structuurvisie wordt niet expliciet ingegaan op terrassen. Wel is opgenomen dat de Markt het gezellige centrum van Haaksbergen moet worden: een intiem, lommerrijk plein, waarbij voldoende ruimte is voor ontmoeten en activiteiten. Daartoe moet aan de west- en zuidkant bebouwing worden toegevoegd, en moet de openbare ruimte beter worden ingericht met meer ruimte voor bomen. Het streven is dat alle panden rond de markt worden bezet met winkels, horeca en voorzieningen. Ten aanzien van de kerkdorpen is opgenomen dat ook toerisme en recreatie zorgen voor inkomsten en levendigheid in en om het dorp. De verdere ontwikkeling van de plattelandseconomie kan daaraan bijdragen. Dit mag echter niet zorgen voor verstoring van de rust en het kenmerkende landschap. Tevens kan er gedacht worden aan nieuwe voorzieningen op het gebied van horeca en bijvoorbeeld fietsenverhuur. Deze kleinschalige activiteiten zorgen voor de gewenste levendigheid in het dorp zonder het rustige leefklimaat ernstig te verstoren. 2.3.1.2 Toetsing van het initiatief aan de structuurvisie 2030 Haaksbergen Zoals aangegeven wordt in de structuurvisie niet specifiek op terrassen ingegaan. Wel bestaat voor zowel Haaksbergen als de kerkdorpen de wens om aantrekkelijk te zijn en de levendigheid te bevorderen. Terrassen in algemeenheid dragen hier in grote mate aan bij.
Het planologisch inpassen van terrassen is dan ook in overeenstemming met de beleidsuitgangspunten zoals genoemd in de gemeentelijke structuurvisie.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
8
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld 2.3.2
Algemene plaatselijke verordening (APV)
2.3.2.1 Algemeen De APV is een op gemeentelijk niveau vastgesteld algemeen verbindend voorschrift. De APV is de meest bekende gemeentelijke verordening. In de APV worden onder andere voorschriften gegeven op het gebied van de openbare orde en veiligheid in de breedste zin van het woord. Hierbij valt te denken aan: verkeerszaken, horeca-aangelegenheden en bescherming van het milieu. Elke gemeente heeft een eigen APV. In de APV van Haaksbergen zijn een aantal regels gedefinieerd ten aanzien van het plaatsen van terrassen. 2.3.2.2 Toetsing van het initiatief aan de Algemene plaatselijke verordening (APV) Naar aanleiding van voorliggend paraplubestemmingsplan wordt de Algemene plaatselijke verordening (APV) ten aanzien van terrassen gewijzigd. Nadere toetsing aan de APV is dan ook niet noodzakelijk. 2.3.3
Conclusie toetsing van het initiatief aan het gemeentelijk beleid
In dit paraplubestemmingsplan is een juridisch-planologische regeling voor terrassen opgenomen. Het van toepassing zijnde gemeentelijk beleid staat dit niet in de weg en is waar nodig betrokken bij het opstellen van de regels van dit paraplubestemmingsplan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
9
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
HOOFDSTUK 3
PLANBESCHRIJVING
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de nut en noodzaak van het planologisch regelen van terrassen. Daarnaast wordt een toelichting gegeven op de voorwaarden zoals die zijn vastgelegd in de regels.
3.1
Aanleiding
Binnen het grondgebied van de gemeente Haaksbergen zijn vele terrassen aanwezig van uiteenlopende aard en omvang. Terrassen dragen bij aan de sfeer en levendigheid van Haaksbergen en de kerkdorpen. Ze zijn van grote betekenis voor de aantrekkelijkheid van de kernen, op economisch gebied, maar zeker ook sociaal maatschappelijk voor wat betreft de leefbaarheid en de sociale cohesie. Voor het plaatsen van een terras in openbaar gebied (bijv. het trottoir) is volgens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) een omgevingsvergunning nodig als het terras niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan. Geconstateerd is dat op dit moment veel terrassen niet zijn toegestaan op basis van het geldende bestemmingsplan. Er bestaat daarom de wens om de terrassen in een paraplubestemmingsplan te regelen. Dit paraplubestemmingsplan regelt voor het gehele grondgebied van Haaksbergen op een goede en eenduidige wijze de terrassen bij horecagelegenheden en andere openbare inrichtingen waar sprake is van (ondersteunende) horeca. Het gaat om zowel bestaande terrassen als locaties waar het plaatsen van terras ruimtelijk inpasbaar is en leidt tot de gewenste versterking van levendigheid, bijvoorbeeld een terras bij een horecagelegenheid in het centrum die nu nog geen terras heeft.
Door de hiervoor genoemde terrassen planologisch te regelen in voorliggend paraplubestemmingsplan hoeft in het kader van de Wabo geen omgevingsvergunning meer te worden aangevraagd voor het plaatsen van een terras. Dit leidt tot een vermindering van de regeldruk. Voor het realiseren van permanente voorzieningen, bijvoorbeeld vaste terrasafscheidingen en vaste (met de grond verankerde) parasols, is nog wel een omgevingsvergunning nodig voor wat betreft de activiteit ‘bouwen’.
3.2
Uitgangspunten
Een terras wordt in het kader van voorliggend paraplubestemmingsplan gedefinieerd als “een buiten de besloten ruimte van de openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse kunnen worden bereid of verstrekt”. Binnen de gemeente Haaksbergen zijn circa 81 bestaande terrassen danwel geschikte locaties voor terrassen verspreid aanwezig. Het gaat om terrassen van verschillende aard en omvang (gevelterras/regulier terras), maar zijn allen bedrijfsmatig van aard of kunnen bedrijfsmatig van aard zijn. Het gaat dan om terrassen bij o.a. horecagelegenheden, winkels, sportvoorzieningen en maatschappelijke instellingen. De reikwijdte van voorliggend paraplubestemmingsplan beperkt zich echter niet uitsluitend tot de hiervoor genoemde locaties, maar omvat het gehele grondgebied van de gemeente Haaksbergen vanwege de afwijkingsmogelijkheid voor het college van Burgemeester en Wethouders om onder voorwaarden nieuwe terraslocaties toe te wijzen. Hierna wordt ingegaan op de opgenomen voorwaarden gesteld aan het gebruik van gronden als terras, het realiseren van vaste terrasvoorzieningen en de afwijkingsmogelijkheid om nieuwe terraslocaties toe te wijzen. 3.2.1
Gebruik van gronden als terras
Bij het bepalen van de situering van zowel de bestaande als nieuwe terrassen is er rekening gehouden met beschikbare loopruimte voor voetgangers, bestaande (parkeer)voorzieningen en omgeving (i.v.m. overlast). In voorliggend paraplubestemmingsplan zijn de afmetingen en situering van het terras geregeld middels de gebiedsaanduiding 'overige zone - terrassen'. Op deze wijze is voor iedereen duidelijk waar een terras geplaatst mag worden. Een terras dient verder ten dienste te staan van een openbare inrichting. Hieronder wordt verstaan: “lokaliteiten zoals een hotel, restaurant, pension, café, waterpijp café, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis, verenigingsgebouw, recreatieve voorziening, maatschappelijke voorziening, BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
10
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld sportvoorziening, detailhandelsbedrijf of elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof deze bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden bereid of verstrekt, welke lokaliteiten al dan niet onderdeel uitmaken van een andere besloten ruimte” Er dient binnen de aanduiding 'overige zone - terrassen' danwel aangrenzend daaraan een vrije logische loopruimte voor passanten te zijn van ten minste 1,5 meter. Een combinatie van binnen en aangrenzend aan de aanduiding is tevens toegestaan mits sprake is van een aaneengesloten vrije logische loopruimte van ten minste 1,5 meter. Onder een vrije logische looproute wordt verstaan een doorgaande ‘rechte’ looproute, ook in geval van aangrenzende terrassen moet de looproute logisch op elkaar aansluiten. Op de terrassen in de gemeente Haaksbergen mag geen mechanisch versterkte muziek ten gehore worden gebracht. Een uitzondering hierop geldt voor terrassen die worden betrokken in geval van een evenement. Voor dergelijke gevallen gelden echter afzonderlijke regels (evenementenmelding/-vergunning).
Het paraplubestemmingsplan biedt de ruimte voor vaste bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde in de vorm van terrasschermen en vaste (met de grond verankerde) parasols. In subparagraaf 3.2.2 wordt hier een nadere toelichting op gegeven. Wat betreft zonneschermen wordt opgemerkt dat deze in principe vergunningsvrij zijn toegestaan. De aanwezigheid van een terras mag nooit: 1. 2. 3. 4.
de verkeersveiligheid in gevaar brengen; de toegankelijkheid voor hulpdiensten in gevaar brengen; de verkeers- en verblijfsfunctie belemmeren; de doorgaande logische loopruimte voor passanten aantasten.
Tot slot geldt ten aanzien van het gebruik van gronden voor terrassen in de openbare ruimte geldt dat dit geen blijvend recht betreft. De gemeente kan verlangen dat gronden (tijdelijk) niet als terras gebruikt wordt indien daartoe vanuit het algemeen maatschappelijk belang aanleiding is. Denk hierbij aan het aanleggen van openbare (nuts)voorzieningen, evenementen of festiviteiten, waarbij een terras al dan niet tijdelijk moet wijken. In dergelijke gevallen bestaat er eveneens geen aanspraak op schadevergoeding. Afgezien van het vorenstaande worden er ook voorwaarden opgenomen in exploitatievergunningen en/of Drank- en Horecavergunning. Dit zijn voorwaarden die niet in een bestemmingsplan thuishoren, denk hierbij aan het volgen van aanwijzingen van de politie en het al dan niet schenken van alcoholische dranken. 3.2.2
Vaste bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen ten behoeve van terrassen
Voor het bouwen van vaste bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde ten behoeve van terrassen bij openbare inrichtingen mogen uitsluitend terrasschermen en vaste (met de grond verankerde) parasols worden gebouwd, met dien verstande dat: a.
ten aanzien van terrasschermen: 1. terrasschermen zijn toegestaan op gevel- en eilandterrassen behorende bij een openbare inrichting, met dien verstande dat ingeval van terrasschermen op eilandterrassen de naar de weggekeerde zijde(n) open dienen te blijven; 2. terrasschermen worden geplaatst op de terrasgrens, haaks op de gevel (niet evenwijdig aan de gevel); 3. ten aanzien van de lengte van een terrasscherm gelden de volgende bepalingen: bij terrassen met een diepte van minder dan 1,5 meter is een terrasscherm over de volledige diepte toegestaan; bij terrassen met een diepte van meer dan 1,5 meter maar minder dan 5 meter dient de laatste meter vrij te zijn van terrasschermen waarbij een minimumlengte van 1,5 meter is toegestaan; bij terrassen met een diepte van meer dan 5 meter dient de laatste anderhalve meter vrij te zijn van terrasschermen waarbij een minimumlengte van 4 meter is toegestaan; 4. de bouwhoogte van een terrasscherm mag maximaal 1,80 meter bedragen, gemeten vanaf het maaiveld, waarbij het scherm vanaf 1 meter hoogte doorzichtig dient te zijn: 5. terrasschermen mogen met de grond verankerd zijn, mits de constructie boven de bestrating demontabel en verplaatsbaar is. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
11
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld b.
ten aanzien van vaste (met de grond verankerde) parasols: 1. parasols mogen op geen enkel moment lager hangen dan 2,20 meter gemeten vanaf het maaiveld; 2. de bouwhoogte van vaste (met de grond verankerde) parasols mag uitgeklapt maximaal 3 meter bedragen; 3. de breedte van de parasol mag de grens van het terras niet overschrijden; 4. vaste parasols mogen met de grond verankerd zijn, mits de constructie boven de bestrating demontabel, inklapbaar, wegneembaar en verplaatsbaar is.
3.2.3
Afwijkingsbevoegdheid
Het is denkbaar dat in de toekomst bij een openbare inrichting de wens bestaat om een terras te plaatsen. Ter voorkoming dat voor dat soort plannen buitenplanse afwijkingen of uitgebreide procedures moeten worden doorlopen is in voorliggend paraplubestemmingsplan een afwijkingsbevoegdheid opgenomen. In deze afwijkingsbevoegdheid is opgenomen dat het bevoegd gezag met omgevingsvergunning mag afwijken van het bepaalde in de terrassenregeling (artikel 4.1) en toestaan dat gronden anders dan ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - terrassen' in gebruik worden genomen als terras, mits: a.
b.
geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de volgende belangen: 1. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; 2. de milieusituatie; 3. het straat- en bebouwingsbeeld; 4. de verkeersveiligheid. het in te nemen terras moet voldoen aan de in artikel 4.1.1 gestelde regels en in geval van vaste bouwwerken, geen gebouwen zijnde tevens aan de in artikel 4.1.2 (paragraaf 3.2.2) gestelde regels.
In dergelijke gevallen zal dan ook voldaan moeten worden aan de overige gestelde regels en moeten worden aangetoond dat het in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. In de meeste gevallen kan hierbij gebruik worden gemaakt van het in dit plan opgenomen akoestisch onderzoek, ter motivering van het aspect geluid.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
12
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
HOOFDSTUK 4
MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN
Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening moet in de toelichting op het (paraplu)bestemmingsplan een beschrijving worden opgenomen van de wijze waarop de milieukwaliteitseisen bij het plan zijn betrokken. Daarbij moet rekening gehouden worden met de geldende wet- en regelgeving en met de vastgestelde (boven)gemeentelijke beleidskaders. Bovendien is een (paraplu)bestemmingsplan vaak een belangrijk middel voor afstemming tussen de milieuaspecten en ruimtelijke ordening. Bij het beoordelen van milieu- en omgevingsaspecten wordt normaliter ingegaan op de volgende thema’s: geluid, bodem, luchtkwaliteit, externe veiligheid, milieuzonering, geur, ecologie, archeologie & cultuurhistorie, waterhuishouding en verkeer en parkeren. In voorliggend geval hoeven de aspecten bodem, luchtkwaliteit, externe veiligheid, milieuzonering, geur, ecologie, archeologie & cultuurhistorie, waterhuishouding en verkeer en parkeren niet nader onderzocht te worden. Dit vanwege het feit dat: •
• •
• •
• •
•
•
het bepalen of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het toekomstig gebruik van de bodem alleen noodzakelijk is in situaties, waarin personen structureel en langdurig ter plaatse verblijven. Op een buitenterras wordt niet structureel langdurig verbleven. Daarnaast is van bodemingrepen geen sprake. Tot slot wordt een terras niet aangemerkt als risicovolle activiteit voor de bodem (bodem); terrassen geen gevoelige bestemming zijn in het kader van de Wet Luchtkwaliteit. Daarnaast heeft het gebruik van terrassen geen negatieve gevolgen op de luchtkwaliteit (luchtkwaliteit). er geen sprake is van de oprichting van een risicovolle inrichting en in de omgeving geen relevante buisleidingen zijn gelegen. Wat betreft gevaarlijke inrichtingen wordt opgemerkt dat in enkele gevallen sprake is van een perceel waar zowel sprake is van een terras als van de opslag van gevaarlijke stoffen (bijv. propaantank/chloorbleekloog t.b.v. zwembad). In dergelijke gevallen maken de terrassen en de opslag van gevaarlijke stoffen onderdeel uit van dezelfde inrichting en vormt dit geen belemmering. Uitsluitend Grand Café Wiedenhof is gelegen nabij een risicovolle inrichting, te weten een tankstation waar tevens LPG wordt verkocht. Het terras is gelegen buiten de plaatsgebonden risico-contouren en uitsluitend binnen het groepsrisicoaandachtsgebied van het LPGvulpunt.
Gelet op het feit dat in de huidige situatie de groepsrisico ter plaatse niet wordt overschreden, de onderlinge afstand (circa 90 meter), aard en beperkte omvang van het terras, vormt het aspect externe veiligheid geen belemmering voor voorliggend plan (externe veiligheid); er geen sprake is van de oprichting van een geurgevoelig of geurbelastend object (geur); het in alle gevallen gaat om gebruik van de (reeds bestaande) openbare ruimte danwel ingerichte bedrijfsperceel. Van het kappen van bomen, dempen van watergangen of het slopen van gebouwen is geen sprake (ecologie); er geen sprake is van het slopen van monumenten en karakteristieke bebouwing of aantasting van andere cultuurhistorische waarden (cultuur); voor het realiseren en in gebruik hebben van terrassen zijn geen bodemingrepen nodig. Eventuele archeologische (verwachtings)waarden zullen daarom niet worden aangetast. In het kader van het paraplubestemmingsplan is geen nader onderzoek nodig. Overigens blijven archeologische dubbelbestemmingen zoals opgenomen in de bestaande geldende plannen van overeenkomstige toepassing (archeologie); het bestemmingsplan is vooral gericht op een passende regeling voor reeds bestaande terrassen. Van een toename van verhard oppervlak is geen sprake.
Het paraplubestemmingsplan heeft daarom geen invloed op de waterhuishouding; bij het bepalen van de situering van de nieuwe terrassen is rekening gehouden met het beschikbaar houden van voldoende doorloopruimte voor passsanten en bestaande parkeervoorzieningen. Een terras mag tevens de verkeersveiligheid en de toegankelijkheid voor hulpdiensten niet in gevaar brengen (verkeer en parkeren).
Het aspect milieuzonering is in voorliggend wel relevant. Hierna wordt nader op dit aspect ingegaan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
13
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
4.1
Milieuzonering
4.1.1
Algemeen
Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurt onder andere door milieuzonering. Onder milieuzonering verstaan we het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen enerzijds en milieugevoelige functies als wonen en recreëren anderzijds. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Die onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen: • •
het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies; het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteiten duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitoefenen.
Voor het bepalen van de aan te houden afstanden wordt de VNG-uitgave “Bedrijven en Milieuzonering” uit 2009 gehanteerd. Deze uitgave bevat een lijst, waarin voor een hele reeks van milieubelastende activiteiten (naar SBI-code gerangschikt) richtafstanden zijn gegeven ten opzichte van milieugevoelige functies. De lijst geeft richtafstanden voor de ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De grootste van de vier richtafstanden is bepalend voor de indeling van een milieubelastende activiteit in een milieucategorie en daarmee ook voor de uiteindelijke richtafstand. De richtafstandenlijst gaat uit van gemiddeld moderne bedrijven. Indien bekend is welke activiteiten concreet zullen worden uitgeoefend, kan gemotiveerd worden uitgegaan van de daadwerkelijk te verwachten milieubelasting, in plaats van de richtafstanden. De afstanden worden gemeten tussen enerzijds de grens van de bestemming die de milieubelastende functie(s) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een milieugevoelige functie die op grond van het bestemmingsplan of wijzigingsplan mogelijk is. Hoewel deze richtafstanden indicatief zijn, volgt uit jurisprudentie dat deze afstanden als harde eis gezien worden door de Raad van State bij de beoordeling of woningen op een passende afstand van bedrijven worden gesitueerd. 4.1.2
Gebiedstypen
In de VNG-uitgave 'Bedrijven en Milieuzonering’ is een tweetal gebiedstypen te onderscheiden; 'rustige woonwijk' en 'gemengd gebied'. Een rustige woonwijk is een woonwijk die is ingericht volgens het principe van functiescheiding. Overige functies komen vrijwel niet voor. Langs de randen is weinig verstoring van verkeer. Gebieden waar in enige vorm sprake is van functiemenging, of in gebieden waar bewust functiemenging wordt nagestreefd (bijvoorbeeld om een grotere levendigheid tot stand te brengen), worden aangemerkt als ‘gemend gebied’. Bij ‘gemengde gebieden’ moet gedacht worden aan: “Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. Gebieden die direct langs de hoofdinfrastructuur liggen, behoren eveneens tot het omgevingstype gemengd gebied. Hier kan de verhoogde milieubelasting voor geluid de toepassing van kleinere richtafstanden rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend.” De richtafstanden uit het omgevingstype rustige woonwijk kunnen, zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat, met één afstandsmaat worden verlaagd indien sprake is van gemengd gebied.
Daarbij wordt in de VNG-uitgave ‘Bedrijven en milieuzonering’ opgemerkt dat het vanuit het oogpunt van efficiënt ruimtegebruik de voorkeur verdient functiescheiding niet verder door te voeren dan met het oog op een goed woon- en leefklimaat noodzakelijk is. De opgenomen terrassen zijn veelal gelegen binnen omgevingstype ‘gemengd gebied’. Immers zijn de terrassen met name aanwezig in het centrumgebied, waar functiemenging na wordt gestreefd, danwel langs drukke invalswegen waar al sprake is van een verhoogde milieubelasting.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
14
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld Milieucategorie 1 2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3 6
4.1.3
Richtafstanden tot omgevingstype rustige woonwijk 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m 1.500 m
Richtafstanden tot omgevingstype gemengd gebied 0m 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m
Situatie plangebied
4.1.3.1 Algemeen Aan de hand van vorenstaande regeling is onderzoek verricht naar de feitelijke situatie. De VNG uitgave “Bedrijven en Milieuzonering” geeft een eerste inzicht in de milieuhinder van inrichtingen. Zoals reeds hiervoor genoemd, wordt bij het realiseren van nieuwe functies gekeken naar de omgeving waarin de nieuwe functies gerealiseerd worden. Hierbij spelen twee vragen en rol: 1. 2.
past de nieuwe functie in de omgeving? (externe werking); laat de omgeving de nieuwe functie toe? (interne werking).
4.1.3.2 Externe werking Hierbij gaat het met name om de vraag of de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling leidt tot een situatie die, vanuit hinder of gevaar bezien, in strijd is te achten met een goede ruimtelijke ontwikkeling. Daarvan is sprake als het woon- en leefklimaat van omwonenden in ernstige mate wordt aangetast. Voor horecafuncties zoals bijvoorbeeld restaurants, cafetaria's, snackbars, ijssalons met eigen ijsbereiding, cafés en bars wordt in de VNG-uitgave een richtafstand van 10 meter aangehouden. Deze afstand geldt zowel voor geur (restaurants) als voor geluid. De afstand van 10 meter geldt als richtafstand voor horeca in een "rustige woonwijk". Voor gebieden waar verschillende functies voorkomen en die niet direct als een rustige woonwijk kunnen worden beschouwd, kan een kleinere richtafstand (0 meter) worden aangehouden. Aan deze richtafstanden wordt voldaan. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is door Alcedo akoestisch onderzoek uitgevoerd. Hierna zijn de resultaten uit het onderzoek opgenomen. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar bijlage 1 bij deze toelichting. Bij de afweging welke geluidsniveaus aanvaardbaar zijn, is het van belang of stemgeluid al dan niet beoordeeld moet worden volgens het Activiteitenbesluit.
Stemgeluid niet beoordeeld volgens het Activiteitenbesluit Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus Uit onderzoek naar de geluidsniveaus blijkt dat de hoogte van de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus vanwege bestaande terrassen sterk afhankelijk is van de situatie. Vooral het type en de grootte van het terras en de afstand tot de omliggende woningen zijn bepalend. Afhankelijk van het type terras (rustig, gemiddeld of levendig) is over het algemeen sprake van niveaus van 52 tot 63 dB(A) etmaalwaarde. Bij grote levendige terrassen kan dit oplopen tot 68 dB(A) etmaalwaarde. Deze niveaus treden op tijdens hele drukke dagen. Over het hele jaar gezien zal sprake zijn van duidelijk lagere geluidsniveaus. Ter illustratie: een halvering van de bezetting leidt tot 3 dB(A) lagere niveaus.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
15
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld Binnenniveau Bij de afweging van de aanvaardbaar geachte geluidsniveaus is, naast de wens om een levendig karakter te behouden, ook de geluidssituatie in de vertrekken van omliggende woningen van belang. Hiervoor wordt veelal (bijvoorbeeld in het Activiteitenbesluit en de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening) een waarde van 35 dB(A) etmaalwaarde gehanteerd. De vraag dient zich aan of dit binnenniveau dient te worden gehanteerd omdat de wetgever er bewust voor heeft gekozen om stemgeluid in veel situaties in het geheel buiten beschouwing te laten. Daarmee wordt feitelijk toegestaan dat hogere geluidsniveaus zowel buiten als in de woningen kunnen optreden. In dat verband kan de parallel worden getrokken met bijvoorbeeld wegverkeerslawaai. In het kader van de sanering van het wegverkeerslawaai wordt een binnenniveau van 45 dB(A) etmaalwaarde nog als aanvaardbaar aangemerkt. Dit is 10 dB(A) ruimer dan de grenswaarde van 35 dB(A) die in nieuwe situaties als uitgangspunt wordt gehanteerd. Er zijn dus situaties waarbij ook de wetgever een hoger binnenniveau nog aanvaardbaar acht. Het optredende binnenniveau in een woonvertrek is afhankelijk van het geluidsniveau aan de buitenzijde van de gevel en de geluidswering van de gevel zelf.
De geluidswering van een woning is sterk afhankelijk van de wijze waarop deze gevel is opgebouwd. Een slecht geïsoleerde woning (bijvoorbeeld met matige kierdichting en enkel glas of glas in lood ramen) heeft een geluidswering van circa 17-20 dB(A). Een geluidswering lager dan 17 dB(A) komt in de praktijk niet voor. De geluidswering van een gemiddelde woning bedraagt circa 20 dB(A). De geluidswering van een goed geïsoleerde woning bedraagt circa 25 dB(A). Als wordt uitgegaan van een aanvaardbaar binnenniveau van maximaal 45 dB(A) en een slecht geïsoleerde woning met een geluidswering van 17 dB(A), is een langtijdgemiddeld beoordelingsniveau van 45+17 = 62 dB(A) nog aanvaardbaar. Bij een gemiddelde geluidswering van 20 dB(A) is een langtijdgemiddeld beoordelingsniveau van 65 dB(A) nog aanvaardbaar. Te hanteren grenswaarden voor nieuwe terrassen Gelet op het karakter van de omgeving van levendige straten en pleinen is het aanvaardbaar om hier hogere langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus toe te staan dan bij minder levendige straten en pleinen. Op basis van een binnenniveau van 45 dB(A) etmaalwaarde en een minimale geluidswering van 17 dB(A) wordt bij levendige straten en pleinen een langtijdgemiddeld beoordelingsniveau van 62 dB(A) etmaalwaarde aanvaardbaar geacht.
Een niveau tot en met 65 dB(A) etmaalwaarde wordt ook aanvaardbaar geacht mits aangetoond is dat de geluidswering van de gevels afdoende is om een binnenniveau van 45 dB(A) te waarborgen. Wanneer geen sprake is van levendige straten en pleinen is een lager geluidsniveau passend. Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau mag hier ten hoogste 60 dB(A) etmaalwaarde bedragen. Hiermee wordt ruimte geboden voor het exploiteren van een terras, maar wordt aan omliggende woningen een hoger beschermingsniveau geboden dan wanneer is van een levendige straat of plein. Ter plaatse van bedruimten van een gebouw met een gezondheidsfunctie of van een kinderopvang worden 5 dB(A) strengere eisen gesteld. Bestaande terrassen Bestaande terrassen waar stemgeluid volgens het Activiteitenbesluit niet wordt beoordeeld, kunnen op de locaties volgens de vigerende terrasvergunningen in beginsel planologisch gefaciliteerd worden. Voor het enkele bestaande terras dat ter plaatse van een pand waar een geluidsgevoelige bestemming is toegestaan niet geheel voldoet aan de voorwaarden voor nieuwe terrassen kan, aan de hand van een bestuurlijke afweging, een maatwerkafweging worden gemaakt. Maximale geluidsniveaus De maximale geluidsniveaus (kortstondige pieken door vooral roepen, geschreeuw en gebral) variëren over het algemeen van 74 tot 91 dB(A) etmaalwaarde.
Bij terrassen die doorlopen tot tegen de gevel van een naastgelegen woning kan dit oplopen tot 97 dB(A). Afhankelijk van het type terras is het aannemelijk dat roepen, geschreeuw en gebral kan optreden. Dit is inherent aan het gebruik van het terras en kan ook niet worden voorkomen. Als sprake is van excessief gedrag van gasten dient de exploitant hiertegen uiteraard op te treden.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
16
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld Behoudens het optreden tegen dit excessieve gedrag, kunnen de maximale geluidsniveaus redelijkerwijs niet worden voorkomen. Van belang is dat niet enkel de gasten op een terras verantwoordelijk zijn voor de maximale geluidsniveaus. Ook publiek op de straat of ander openbaar gebied veroorzaakt deze niveaus. Het is bij woningen dan ook vaak niet duidelijk te onderscheiden waar het geluid precies vandaan komt. Omdat de maximale geluidsniveaus, behoudens excessen, inherent zijn aan het gebruik van het terras en omdat ook vanuit de overige openbare ruimte vergelijkbare niveaus kunnen optreden, wordt voorgesteld om hiervoor geen aanvullende eisen op te nemen. Stemgeluid beoordeeld volgens het Activiteitenbesluit Voor terrassen waar stemgeluid volgens het Activiteitenbesluit moet worden beoordeeld (omdat bijvoorbeeld sprake is van terrasverwarming of een overkapping of een ligging aan een binnenterrein), gelden in beginsel de standaard geluidsvoorschriften volgens het Activiteitenbesluit. Voor individuele gevallen kan worden afwogen om (ruimere) maatwerkvoorschriften op te stellen. Voorwaarde is daarbij altijd dat een binnenniveau van 35 dB(A) etmaalwaarde is gewaarborgd. Terrasverwarming kan, volgens de toelichting bij het Activiteitenbesluit, leiden tot een gebruik in alle jaargetijden.
Daarom is in dat geval het Activiteitenbesluit van toepassing op het stemgeluid. Echter, gedurende een groot deel van het jaar kunnen terrassen ook zonder terrasverwarming worden gebruikt. Het onderscheid tussen terrassen met en zonder terrasverwarming is daarmee enigszins beperkt. Daarom wordt het verdedigbaar geacht om terrassen met terrasverwarming af te wegen overeenkomstig de situatie zonder terrasverwarming (zoals omschreven in paragraaf 6.8.2 van de rapportage). Bij binnenterreinen (zoals een rustig hofje) kan sprake zijn van een rustiger karakter. De kans op hinderbeleving bij omwonenden van een terras is daardoor groter dan wanneer een terras niet aan een binnenterrein ligt. Daarom zijn de mogelijkheden voor maatwerkvoorschriften voor deze terrassen beperkter. Dit is in het toetsingskader vertaald in een ten hoogste toelaatbaar langtijdgemiddeld beoordelingsniveau van 55 dB(A) etmaalwaarde. Conclusie Haaksbergen is een gemeente waarbij terrassen horen. Terrassen brengen stemgeluid met zich mee, wat (hoewel er slechts sporadisch over wordt geklaagd) hinder kan veroorzaken. Na afweging van alle aspecten is een toetsingskader (hoofdstuk 7 van de rapportage) geformuleerd. Dit toetsingskader houdt in dat terrassen vanuit het oogpunt van stemgeluid planologisch gefaciliteerd kunnen worden gelet op onder andere: • • • • •
de beoogde levendigheid; de al verleende terrasvergunningen het relatief geringe aantal klachten het veelal geringe verschil tussen de stemgeluiden vanaf een terras en vanaf de straat of andere openbare ruimte; de rol van de exploitant bij het voorkomen van excessen.
Aangezien het effect van kleine terrassen (< 15 m²) op de omgeving relatief gering is, kunnen deze zonder nadere voorwaarden worden toegelaten. Aan grotere terrassen worden wel voorwaarden gesteld. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt in terrassen aan levendige straten en pleinen en overige terrassen. Op terrassen waar het stemgeluid volgens het Activiteitenbesluit wordt beoordeeld, zijn in beginsel de (strenge) geluidsvoorschriften volgens het Activiteitenbesluit van toepassing. In beginsel dient de exploitant hierbij te voldoen aan de (strenge) voorschriften uit het Activiteitenbesluit. Deze voorschriften kunnen in de praktijk niet naleefbaar blijken te zijn. In dat geval kan worden overwogen om, op basis van een individuele beoordeling, maatwerkvoorschriften op te leggen. Voorwaarde is daarbij altijd dat een binnenniveau van 35 dB(A) etmaalwaarde is gewaarborgd.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
17
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld 4.1.3.3 Interne werking Hierbij gaat het om de vraag of nieuwe functie(s) binnen het plangebied hinder ondervinden van bestaande functies in de omgeving en andersom of de nieuwe functie(s) de bedrijfsvoering of ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende bedrijven aantasten. Een terras betreft geen milieugevoelige functie en ondervindt daarom geen hinder van omliggende bedrijven. Omgekeerd levert een terras geen beperking op voor de bedrijfsvoering van omliggende bedrijven. 4.1.4
Conclusie
Het aspect milieuzonering vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit plan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
18
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
HOOFDSTUK 5 5.1
JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING
Inleiding
In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom een bepaalde functie ergens is toegestaan.
5.2
Opzet van de regels
5.2.1
Algemeen
In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 5.2.2
Inleidende regels; Algemene regels; Overgangs- en slotregels. Inleidende regels
Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: •
Begrippen (Artikel 1) In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen.
•
Toepassingsregel (Artikel 2) In dit artikel is opgenomen dat de regels genoemd in artikel 4 van het plan gelden ter aanvulling op alle vastgestelde ruimtelijke plannen van de gemeente Haaksbergen. Voor het overige geldt dat de regels van deze ruimtelijke plannen en verleende omgevingsvergunningen van overeenkomstige toepassing blijven.
5.2.3
Algemene regels
Hoofdstuk 2 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: •
Anti-dubbeltelregel (Artikel 3) Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze verdichting kan zich met name voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage.
•
Overige regels (Artikel 4) Aan alle vastgestelde ruimtelijke plannen van de gemeente Haaksbergen wordt aan het artikel ‘Overige regels’ de regels voor terrassen ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - terrassen'
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
19
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld toegevoegd. Ook zijn er regels opgenomen voor vergunningsplichte bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde en is er een afwijkingsbevoegdheid opgenomen voor het toestaan van terrassen op gronden anders dan ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - terrassen'. De uitgangspunten zijn nader toegelicht in hoofdstuk 3. 5.2.2
Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk 3 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
20
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
HOOFDSTUK 6
ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID
Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. Dit paraplubestemmingsplan maakt geen bouwplannen mogelijk als bedoeld in artikel 6.12 Wro. Voor dit plan hoeft daarom geen afzonderlijk exploitatieplan vastgesteld te worden.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
21
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
HOOFDSTUK 7 7.1
Vooroverleg
7.1.1
Het Rijk
VOOROVERLEG EN INSPRAAK
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit paraplubestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 7.1.2
Provincie Overijssel
Gelet op de aard en omvang van voorliggend paraplubestemmingsplan zijn er geen provinciale belangen in het geding. Het voorleggen van het plan aan de provincie wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. 7.1.3
Waterschap Vechtstromen
Gelet op de aard en omvang van voorliggend paraplubestemmingsplan zijn er geen waterschapsbelangen in het geding. Het voorleggen van het plan aan het waterschap wordt dan ook niet noodzakelijk geacht.
7.2
Inspraak
Conform de gemeentelijke inspraakverordening kan het bestuursorgaan zelf besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. In voorliggend geval heeft er een voorontwerp paraplubestemmingsplan voor een periode van zes weken voor een ieder ter inzage gelegen. Binnen deze termijn zijn twee inspraakreacties binnengekomen. Voor de samenvatting van de inspraakreacties en de gemeentelijke beantwoording hiervan wordt verwezen naar bijlage 2 bij deze toelichting.
7.3
Zienswijzen
Het ontwerp bestemmingsplan heeft in de periode van 2 juli 2021 tot en met 12 augustus 2021 voor een ieder ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn er geen zienswijzen tegen het plan binnengekomen. Dit bestemmingsplan is dan ook ongewijzigd vastgesteld.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
22
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
BIJLAGE BIJ DE TOELICHTING
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
23
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
Bijlage 1
Akoestisch onderzoek
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
24
Paraplubestemmingsplan Terrassen Haaksbergen Vastgesteld
Bijlage 2
Inspraaknota
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
25