CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Laat de Hoeve niet zakken Geredigeerd

Gemeenteraad 5 juli 2023, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Weigeren van een verklaring van geen bedenkingen inzake aanvragen om omgevingsvergunningen ten behoeve van het realiseren van acht gevraagde zoutwinningslocaties en de aanleg voor het distributie- en transportleidingentracé5.359 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

tt;y

tr ä;;

Werkgroep 'Laat de Hoeve niet zakken' namens de Belangengemeenschap St. Isidorushoeve Postadres; Beckummerweg 3 7482 SR Sint Isidorushoeve

Sint Isidorushoeve, 21 maart 2023

Ministerie van Economische Zaken en Klimaat Directie Transitie Diepe Ondergrond T.a.v. 5.1.2.e Postbus 20401 2500 EK DEN HAAG Betreft; zaaknummer V-11192.

Geachte 5.1.2.e

,

Naar aanleiding van het 'Ontwerp weigeringsbesluit inzake aanvraag omgevingsvergunning voor het oprichten van een mijnbouwwerk voor het winnen van zout en transporteren van pekel te Haaksbergen (V-11192)', dient de werkgroep 'Laat de Hoeve niet zakken' namens de Stichting Belangengemeenschap Sint Isidorushoeve hierbij een zienswijze in. Deze zienswijze wordt tevens ingediend door 220 individuele belanghebbenden, waarvoor de werkgroep 'Laat de Hoeve niet zakken' optreedt als gemachtigde/belangenbehartiger. Een lijst met indieners maakt onderdeel uit van deze zienswijze en de bijbehorende machtigingen treft u hierbij als bijlagen aan. Inleiding Ondanks het feit dat wij verheugd zijn dat het hier een ontwerp weigeringsbesluit betreft, zijn wij van mening dat dit besluit niet alleen op grond van het (ontwerp) weigeren van het afgeven van een Verklaring van geen bedenkingen door de Gemeenteraad van de gemeente Haaksbergen kan zijn gebaseerd. Naar onze mening zijn er meer gronden waarop de aanvraag dient te worden geweigerd.

0* O"

OJ u“

001

aaz >1:

Vooropgesteld menen wij dat de procedure die is gevolgd volstrekt onvolledig is geweest. Aanleiding hiervan zijn de vele wijzigingen die gedurende de procedure in de aanvraag zijn aangebracht. Het is zeer opmerkelijk dat de verschillende instanties op basis van onvoldoende informatie en ingrijpende wijzigingen in de aanvraag advies hebben uitgebracht. Het is voor ons onbegrijpelijk dat op het moment dat totaal nog niet inzichtelijk is wat de gevolgen zijn van zoutwinning in deze omvang en de Milieu Effecten Rapportage (hierna; MER) nog in een beginstadium verkeert, de verschillende instanties hun definitieve adviezen hebben gegeven. Dat is volgens ons de omgekeerde volgorde. Na de voltooiing van de aanvraag (inclusief een voltooide MER) hadden alle adviserende instanties in de gelegenheid moeten worden gesteld op basis van hun specialismen (deskundigheid) en verantwoordelijkheden de aanvraag opnieuw te beoordelen en te adviseren. Daarnaast menen wij dat meerdere adviezen, onder meer van Staatstoezicht op de Mijnen (hierna: SodM), zonder deugdelijke motivering, zijn genegeerd. Voorbeelden hiervan zijn: 1. Samenhang van procedures en de wijze van integrale beoordeling van de diverse onderdelen (zie SodM d.d. 25-05-2022); 2. Goede uitwerking en beoordeling van nazorg voorafgaand aan vergunningverlening (zie SodM d.d. 25-05-2022); 3.

Voldoende tijd en overzicht op alle aanvragen, zodat advisering integraal en zorgvuldig kan zijn (zie SodM d.d. 25-05-2022); 4. Nobian staat nog steeds onder verscherpt toezicht voor diverse zaken (zie SodM d.d. 1107-2022).

'•-■ü

tf-<ü

©

Ook vinden wij het vreemd dat tot nu toe nog geen onafhankelijke instantie, zoals de Commissie MER, heeft geoordeeld over de MER. Voor het nemen van een (ontwerp) besluit mag er naar onze mening van worden uitgegaan dat in ieder geval de ingebrachte MER onafhankelijk is getoetst. Het ontwerp weigeringsbesluit is mede gebaseerd op een MER die in opdracht van Nobian is opgesteld en derhalve niet als objectief kan worden beschouwd. Wij hebben het gevoel dat, evenals bij de gasboringen in Groningen, het economische belang (zijnde de geldelijke winsten) doorslaggevend is bij het boren naar zout en niet de belangen van de inwoners van Haaksbergen en Sint Isidorushoeve. De beweringen, die publiekelijk door Nobian worden gemaakt, dat 1.400 gezinnen leven van de vestiging in Hengelo, welk aantal overigens zeer te betwijfelen valt (Nobian heeft in totaal 1.600 werknemers over 9 locaties in Europa; info website Nobian), staat in schril contrast met de meer dan 3.000 inwoners van Sint Isidorushoeve en de Haaksbergse wijken Hassinkbrink, Wissinkbrink en de Els die gedurende minstens 50 jaar zeer grote hinder zullen ondervinden van de zoutwinning in dit gebied. Deze inwoners zullen te maken krijgen met psychische, lichamelijke en financiële ongemakken naar aanleiding van de te verwachten bodemdaling en eventuele andere gevolgen van de zoutwinning.

Het woongenot van de inwoners zal drastisch veranderen. Gezien de enorme hoeveelheid zout die hier uit de bodem wordt gehaald, zijn bodemdalingen en aardbevingen zeker niet uit te sluiten. Ook in Groningen zijn jarenlang de gevolgen met betrekking tot de gasboringen en zoutwinning onderschat en later genegeerd. In eerste instantie werden daar de aardbevingen zelfs niet aan de gasboringen gerelateerd. Dat waren volgens de instanties niet de verwachte gevolgen van gasboringen. We weten nu wel beter. Tevens wordt het woongenot van de bewoners aangetast doordat de verandering van agrarisch/landelijk naar industrie, met de bijbehorende industriële bewegingen en activiteiten, grote overlast geven. Niemand heeft inzicht in de gevolgen van de zoutboringen in deze omvang, aangezien dit nog nimmer in deze mate in bewoond gebied heeft plaatsgevonden. Dat er nog geen inzicht is in de gevolgen is overigens volledig door Nobian bevestigd tijdens de bewonersbijeenkomst van 1 juni 2022 in 't Meüken in Sint Isidorushoeve. Letterlijk is hier aangegeven dat er geen praktische kennis is over boren in deze omvang en er geen vergelijking mogelijk is met andere gebieden. Ook is niet bekend hoe de bodem in het gebied zal reageren op het winnen van dergelijke grote hoeveelheden zout. Wij willen geen proefgebied en proefpersonen hiervoor worden.

Daar waar de werknemers van Nobian nog kunnen zoeken naar ander werk, kunnen de bewoners uit het beoogd wingebied niet zomaar verhuizen, al was het alleen al omdat, vanaf het moment dat de vergunningen zijn verleend, huizen niet meer tegen redelijke prijzen verkocht kunnen worden. Wij willen geen tweede Groningen worden, waar over 25 jaar een Parlementair onderzoek over Haaksbergen/Sint Isidorushoeve gaat plaatsvinden en men tot de conclusie komt dat het achteraf anders had gemoeten. Bovendien is Nobian niet alleen afhankelijk van de zoutwinning in Twente, maar heeft het bedrijf ook zoutwinningslocaties in Groningen, Duitsland en Denemarken. Daarbij moeten we ons afvragen of zoutwinning in bewoond gebied nog wel van deze tijd is. Moet dit kleine gebied de delfput zijn voor de zoutvoorziening in een groot deel van Europa? Wij willen toch graag de footprint neerleggen waar deze geconsumeerd wordt? Er zijn diverse andere locaties in Nederland en Europa aan te wijzen waar ook zout gewonnen kan worden, ook buiten bewoond gebied. De uitkomst van de Parlementaire enquête over de gaswinning in Groningen geeft als belangrijkste punt aan dat het economische belang telkens heeft geprevaleerd en de veiligheid van de inwoners volstrekt onvoldoende is meegewogen. Genoeg redenen dus om nu deze fout niet opnieuw te maken. Niemand weet de daadwerkelijke effecten van zoutwinning in deze omvang.

Neem dan ook geen risico's voor de bewoners van dit gebied. Voorkom problemen in de toekomst door nu verstandige keuzes te maken.

■'.Jj

%b !>«:) fN'?

Wij hebben onze aanvullende argumenten en gronden hierna per thema op een rijtje gezet. Behandeld worden: 1. locatiekeuze; 2. ruimtelijke invloeden; 3. stikstofuitstoot en omgevingseffecten; 4. risicomanagement; 5. Good Salt Mining Practice; 6. garantiefonds; 7. financiële baten; 8. procedure; 9. mens en burgerparticipatie.

1. Locatiekeuze Bij de keuze voor de locatie wordt een parameter voor de afstand tot de fabriek van Nobian genomen van 15 kilometer, dit is vervolgens een beperkende factor geweest voor de selectie van zoekgebieden en dus alternatieven voor locatie Haaksbergen/Sint Isidorushoeve. Uit niets blijkt waarop deze limiet is gebaseerd en waar deze limiet vandaan komt. De keuze voorde locatie Haaksbergen is reeds in 2010 gemaakt. In dat jaar is de startnotitie 'Zoutwinning Zuid-Oost Twente' opgesteld en in januari 2010 gepubliceerd. Na 2010 zijn er diverse ruimtelijke ontwikkelingen geweest die niet zijn meegewogen in de locatiekeuze, zoals: ontwikkeling van de N18; vergunningen zonneparken N18 Noord, Eeltinkveld en Stegenhoekweg; uitbreiding van het industrieterrein Stepelo; partiële herzieningen voor woningbouw aan de Wissinkbrink, Hassinkbrinkweg; toekomstige woningbouwplannen Wissinkbrink; toekomstige plannen voor uitbreiding van de kern van Sint Isidorushoeve, zoals Hoeve Noord en Hoeve Oost; nieuwe uitbreidingsplannen industrieterrein Stepelo. Al deze plannen moeten meegewogen worden. Aangezien deze ruimtelijke ontwikkelingen niet zijn meegewogen bij het bepalen van de locatie achten wij een nieuw onderzoek van de locatiekeuze een absolute noodzaak; de parameters zijn in 2010 vastgesteld en zijn nu bij de huidige aanvraag niet meer van toepassing.

Daarnaast is een overtuigende motivering van de randvoorwaarden voor selectie van zoekgebieden nodig. Er is al eens met EZK gesproken om het gebied langs een soort van "impactladder" te leggen. Wij vinden dat al deze ontwikkelingen met een zeer grote ruimtelijke impact niet in dit kleine gebied kan plaatsvinden.

2. Ruimtelijke invloeden In de vergunningsaanvraag wordt er gesproken over het oprichten van 8 zoutwinningslocaties. Deze locaties zijn qua afmeting en hoogte in het geheel niet landschappelijk inpasbaar; het zijn meerdere industrieterreinen in agrarisch gebied met landschappelijke waarde. De locaties zijn te groot, het zijn er te veel en ze liggen er te lang qua tijd. Er wordt afstand genomen van het kleinschalige karakter van zoutwinning in Hengelo en Enschede in het verleden. Bij de aanvraag wordt het tijdelijke karakter van de winningslocaties benadrukt. In de Omgevingswet wordt de volgende omschrijving gegeven voor een tijdelijk bouwwerk: "bouwwerk met een instandhoudingstermijn van ten hoogste 15 jaar op dezelfde locatie." Nobian geeft aan dat de winningsperiode 10 à 12 jaar is. Daarna volgt een afkoelingsfase van 5 jaar. Dit betekent dat de boorstations er langer dan 15 jaar staan. Hierdoor vallen deze niet onder de term 'tijdelijk' en dienen dan ook niet als tijdelijk bouwwerk behandelt te worden. Dit project heeft een industrieel karakter en bijbehorende uitstraling welke in het geheel niet past in de visie van de Gemeenteraad Haaksbergen. Verder zijn de vervolgfases niet in dit vergunningstraject benoemd, maar fase 2 en 3 zijn al meermaals openlijk besproken.

Dit vervolg van winning kan niet los worden gezien van fase 1 en is geconcentreerd in zo'n klein gebied, waardoor het tijdelijke karakter van deze zoutwinning linea recta naar de prullenbak kan. Dit winningsgebied is bij vergunningverlening veroordeeld tot decennia zoutwinning met bijbehorende overlast.

flHÖ

ï>,/!

Dit alles in een zeer klein gebied waar tevens plannen zijn voor eventuele uitbreiding woningbouw door de gemeente Haaksbergen. Door de plannen van zoutwinning kan het niet anders dan dat woningbouw zal worden tegengewerkt. Wij verwachten dat door de onzekerheden en risico's van de geplande zoutwinning waardevermindering van bouwgrond en bestaand onroerend goed in het gebied zeker aan de orde zal zijn. Wie wil er nu, met de Groningse taferelen in het achterhoofd, een woning gaan bouwen of kopen in een mijnbouwgebied? Er is op dit moment geen planschadeovereenkomst en tevens is onduidelijk wie er verantwoordelijk is voor planschade. Het is tevens totaal onduidelijk hoe eventuele bewijslast van planschade wordt vastgesteld en wie dit beoordeelt en er garant voor staat. Ook de toeristische waarde van het huidige landschap wordt aangedaan door deze plannen, zeker met de uitstraling van industrieterreinen. De terreinen worden volgens de plannen ingepast door het plaatsen van begroeiing (houtwallen) en zo uit het zicht onttrokken. Een houtwal is echter pas op zijn kracht wanneer deze een jaar of 7 oud is; dan is het terrein uit het zicht. Het gebouw (dat meer dan 5 meter hoog is) zal lang in het zicht blijven, dus een behoorlijk deel van de bestaansperiode van het terrein.

De begroeiing (met name bomen) en de habitat van dieren worden verstoord en ook het wijzigen van de grondwaterstand heeft negatieve gevolgen voor het landschap. In de gehele aanvraag wordt de verwachte overlast voor huidige bewoners afgedaan als minimaal ofte verwaarlozen en nergens tegen afgewogen. Diverse transportbewegingen, geluidsoverlast, lichtoverlast, horizonvervuiling en dergelijke zijn onvoldoende meegewogen of als laag risico afgedaan, terwijl deze voor de werkelijke bewoners een wezenlijke negatieve impact zullen hebben. Zeker gedurende de aanlegfase van de nieuwe winlocaties, maar ook tijdens de gebruiksfase; er vindt immers ook periodiek onderhoud plaats en er zijn dagelijks transportbewegingen van en naar de winlocatie. Deze effecten zijn te voorkomen door niet te boren in bewoond gebied. Niet te onderschatten is de impact die dit zal hebben voor de bewoners. Meerdere bewoners hebben aangegeven nu al slapeloze nachten te hebben van de gevolgen die de zoutwinning in hun achtertuin zal hebben. Tijdens de bewonersbijeenkomsten heeft Nobian de angst voor overlast nimmer kunnen wegnemen en zelfs gebagatelliseerd, waardoor de angst alleen maar groter is geworden. Zoals hierboven reeds opgemerkt zal vooral tijdens de bouw van de boorlocaties, maar ook zeker tijdens het boren zelf, de overlast zeer groot zijn voor de bewoners.

Tevens bestaat er de angst voor hergebruik van cavernes voor de opslag van waterstof, perslucht of andere stoffen. Er wordt zelfs gesproken over de opslag van kernafval. Wij willen hier geen angst voor hebben. Wij als bewoners hebben het recht om te weten wat ons in de toekomst te wachten staat. Niemand kan ons garanderen dat cavernes een andere functie gaan krijgen in de toekomst. Voorkom deze onzekerheden door geen cavernes in bewoond gebied te creëren.

3. Stikstof uitstoot en omgevingseffecten Onderdeel van de MER is de berekening van de stikstofuitstoot die gevolgen kan hebben voor Natura 2000 gebieden. Volgens het bestreden besluit dient Nobian hier een nieuwe berekening van te maken. Van groot belang is de uitspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2022:3159) met betrekking tot de stikstofemissie, die onvoldoende is berekend. Daar waar Nobian zich beroept op het kunnen boren en verder uitvoeren van het project zonder significante gevolgen voor Natura 2000 gebieden, wordt dat niet aannemelijk geacht. In voornoemde uitspraak van de Raad van State wordt onder meer in overweging 38.5 gesteld: ',... Verder is in de TNO-notitie onder meer gewezen op de mogeiijkheid dat de emissies van nieuwe machines (die voldoen aan Stage V eisen) in de praktijk tegenvallen. Daarnaast is erop gewezen dat de overstap naar nul-emissie werktuigen op korte termijn mogelijk is voor klein, en beperkt voor middelgroot, materieel. Voor groter materieel zijn nul-emissie machines nog in ontwikkeling. Ook de ontwikkeling van laadinfrastructuur op de bouwplaats is nog een belangrijk ontwikkelpunt rondom nul-emissie werktuigen, aldus de TNO-notitie'.

ftó Ml

hé % hé

Door TNO wordt derhalve zeer in twijfel getrokken of nul-emissie voertuigen en machines, zeker voor groot materieel, wel de nodige resultaten zal opleveren. Dit zal naar onze mening echter niet op de waarde komen, die volgens de Raad van State dient te worden aangehouden: 1. Elektrisch boren wordt uitgevoerd met opgewekte stroom uit dieselgeneratoren; 2. Van een tijdelijk karakter is geen sprake; 3. Stikstofemissie in de aanlegfase moet meegenomen worden. Onze conclusie is dat weliswaar door Nobian uitstoot beperkende maatregelen worden getroffen, maar boren zonder uitstoot is niet mogelijk. De zoutwinning gaat de ruimte voor stikstofemissie van huidige agrariërs in het gebied innemen en daarmee deze bedrijven beperken in hun bedrijfsvoering en toekomstplannen.

4. Risicomanagement Er is weinig zicht op ondergrondse lekkages van afdekvloeistof. In het verleden Is in Groningen al eens 150.000 m^ afdekvloeistof bij een boorlocatie van Nobian in Winschoten weggelopen en kwijtgeraakt. Er zijn naar onze mening onvoldoende maatregelen genomen om dit in Haaksbergen/Sint Isidorushoeve te voorkomen. Een overtreding van de Flora- en Faunawet is dan ook niet uitgesloten. Er wordt in onze ogen onnodig en te veel risico genomen zonder concreet en gevalideerd mitigatieplan. Door de grootte van de cavernes en de geringe onderlinge afstand treedt er naar verwachting een veelvoud aan bodemdaling op. Waarom zoveel risico's in bewoond gebied? In Friesland wordt in de Waddenzee nota bene in een natuurgebied naar zout geboord, omdat er op het land te grote verzakkingen zouden optreden. EZK en provincie Friesland hebben dit samen besloten omdat de risico's op het land te groot zouden zijn. Risico's van bodemdaling zijn in Friesland kennelijk wel aanleiding om de boringen te verplaatsen en in Sint Isidorushoeve/Haaksbergen niet. Voor ons is het uiteraard van groot belang te weten welke kaders hebben geleid tot wijziging in Friesland en waarom deze niet voor ons gelden. Naar onze mening zijn deze gelijk aan elkaar. In dit kader vinden wij dat er voldoende aanleiding is de keuze voor de locatie te heroverwegen.

De inschattingen van de risico's worden in het MER en achterliggende rapporten gedaan op basis van 'inschattingen vanuit expert judgement door aanname', ook 'risico's met een realistische kans' worden aangekaart en mitigatie acties voorgesteld op basis van aannames en expert judgement zonder bronvermelding. Onduidelijk is echter wie deze expert is en wat zijn haar/zijn credentials zijn. Het wekt weinig vertrouwen dat hier geen grondige bronvermeldingen en aanvullende data wordt gepresenteerd. Wij zijn er niet van overtuigd dat er een onderbouwde en gedegen strategie mogelijk is voor de risicomitigatie bij de afsluiting/abandoneringsfase. Het nadeel van aflaten is een grotere bodemdaling in een kortere periode; terwijl het nadeel van cavernes op druk houden de kans heeft op scheurvorming in het dak (NEDMAG 20 april 2018 Veendam). Wij willen geen experiment worden van het bedrijf Nobian in het afsluiten/buiten gebruik stellen van cavernes. Onderdeel van risicomanagement is monitoring. De monitoring tijdens het boren gebeurt door de zoutwinner zelf. Het is als de slager die zijn eigen vlees keurt. Uit het verleden is al bekend dat Nobian meer zout wint dan is toegestaan en dat meldingen niet of te laat zijn gedaan. Ook de controle op het schuin naar andere zoutlagen boren geschiedt door Nobian zelf.

Wij zijn er niet gerust op dat er een transparante, eerlijke, volledige en tijdige monitoring en actieplan wordt uitgevoerd. Tot slotte over risicomanagement; wij missen een heldere uitleg, mitigatiestrategie en actieplan met betrekking tot de verwachte bodemdaling. 1. Bodemdaling in dit gebied, die zoveel malen hoger is dan in de Good Salt Mining Practice met Gemeente Enschede is afgesproken, wordt toegestaan; 2. Er zijn voldoende aanvullende risico's dat nader onderzoek nodig maakt; 3. Het is onduidelijk wanneer, welke actie, door wie wordt ondernomen mochten deze bodemdalingen afwijken van de verwachte patronen; 4. er is geen onafhankelijk orgaan die hierover beslist. Wij stellen dat het beter en verstandiger is deze onbekende risico's te vermijden.

-"ii '■id)

hd)

'hii

5. Good Salt Mining Practice. De MER is niet te toetsen omdat de vermelde formulering van de Good Salt Mine Practice (hierna: GSMP) en de MER niet overeen komen. Voor het uitlogen van cavernes en de productie van ruwe pekel - uit enkelvoudige boringen en uit series - wordt sinds medio 2005 een aantal regels gehanteerd die op hoofdlijnen onze omgang met cavernes en onze relatie met de omgeving beschrijven. Zij zijn zowel op enkelvoudige boringen als op boringseries voor zover mogelijk van toepassing. Deze regels zijn samengevat in de "Good Salt Mining Practice" richtlijn. Voorbeelden van tegenstellingen tussen de MER en GSMP: 1. In de MER wordt verwezen naar bodemdaling over een periode van 50 jaar. Dit komt niet overeen met de eis uit de GSMP. Deze zou een periode van 100 jaar moeten bestrijken. MER-onderdeel 4.10 heeft het over dat de snelheid van bodemdaling snel afneemt na het stoppen van de extractie (pagina 31). Hier is niets van te zien in de modellen die worden getoond in figuur 5-7 op pagina 43. 2. In de MER wordt gesproken over een maximale bodemdaling van 35 cm in 50 jaar (figuur 5.6 en 5.7). Het is onduidelijk waar de maximale toegestane bodemdaling op is gebaseerd of hoe dit bepaald is. De maximale bodemdaling heeft bovengrondse effecten; dus moeten alle belanghebbende partijen, ook gemeente Haaksbergen, hierop kunnen reageren. 3.

De wettelijke kaders zijn niet duidelijk. Bij GSMP is de maximale bodemdaling in samenspraak met de Gemeente Enschede gesteld op 50 mm in 100 jaar. Onduidelijk is of dit kader per gemeente vastgesteld kan worden en dus ook voor gemeente Haaksbergen geldt. 4. Volgens de GSMP wordt het ontwerp voorafgaand aan de winning doorgerekend met het oog op een veilige afsluiting en nazorg voor de lange termijn (lifecycle benadering). Er wordt echter maar 1 jaar na abandonnering gemonitord. Deze periode is veel te kort. 5. Het is voor ons van wezenlijk belang hoe de extractie van de dekenvloeistof plaatsvindt. Dit staat niet duidelijk in de MER. 6. Geen informatie wordt verkregen over het achterlaten van het gebied als Nobian vertrekt, laat staan dat er garanties zijn voor wat betreft opruimen en schoon achterlaten van het winningsgebied.

6. Garantiefonds Nobian geeft aan bereid te zijn een garantiefonds in het leven te roepen, nadat hier tijdens een uitzending van de Hofbar om werd gevraagd. Een dergelijk fonds heeft echter pas zin als daar meer dan voldoende geld in wordt gedeponeerd. Wij verwachten dat het gestelde bedrag niet gaat voldoen wanneer er werkelijk uitgekeerd moet gaan worden en hebben daardoor onvoldoende vertrouwen in een goede afwikkeling van potentiële schade door Nobian. Het garantiefonds lijkt te zijn ingezet om huidige bewoners een verzekering te stellen. Een garantiefonds neemt echter de verantwoordelijkheid van Nobian bij eventuele schades niet weg. Als het garantiefonds de schade niet dekt, zal Nobian aansprakelijk zijn. Echter is Nobian geen Nederlands bedrijf; indien het zover komt verwachten wij dat de buitenlandse investeerders hun handen van Nobian aftrekken, daardoor zal Nobian failliet gaan en zullen de schades door de Nederlandse overheid (in casu de Nederlandse belastingbetaler) moeten worden opgebracht. Mocht dit gebeuren dan hebben wij geen vertrouwen in een spoedige, volledige, makkelijke en menselijke afhandeling. We zien daarvoor voorbeelden in wat er gebeurt in Groningen, het kanaaldrama (de Haandrik Almelo) en waterwinning (Vitens in Den Ham). Een garantiefonds maakt het gebied niet veilig; een garantiefonds kan alleen fungeren als de veiligheid al is overschreden.

Wij vragen om veiligheid en niet om een garantiefonds.

7. Financiële baten: De winning van zout dient geen nationaal belang; het dient alleen de commerciële belangen van een multinational in handen van buitenlandse aandeelhouders. In dit geval wordt het financiële gewin van een buitenlandse multinational gesteld boven de nadelige gevolgen voor de omgeving en het milieu. Daar waar bij de gaswinning in Groningen nog door de overheid inkomsten werden gegenereerd, zal dat bij de zoutwinning in Haaksbergen/Sint Isidorushoeve niet het geval zijn. De daadwerkelijke inkomsten van de zoutwinning uit 'onze' gronden, gaan naar buitenlandse investeerders terwijl hier de risico's landen. Wij vinden dit een onwenselijke voortzetting van mijnbouwactiviteiten.

■'4

8. Procedure Er is hier sprake van een versnipperde aanvraag; voor de leek is het niet meer te volgen. Adviezen van SodM op dit onderwerp worden volledig in de wind geslagen. SodM heeft aangedrongen op een overzichtelijke en integrale aanvraag. Nobian blijft echter maar doorgaan met het aanvragen voor diverse onderdelen en vergunningen. EZK fluit Nobian op geen enkele manier hierop zichtbaar terug. Er dient te worden geluisterd naar de kritische adviezen van SodM. Hierbij verwijzen wij naar het Rapport over de gaswinning in Groningen en het feit dat in het verleden adviezen van SodM ten onrechte in de wind zijn geslagen. Het ontwerpbesluit is genomen terwijl er nog diverse adviezen/rapporten binnen moeten komen: 1. Winningsplan is nog niet openbaar Naar wij begrijpen ligt er nu een versie bij de diverse overheden ter beoordeling. Voor burgers is dit nog niet openbaar en krijgen waarschijnlijk een zeer korte periode om er op te kunnen reageren. Diverse experts krijgen ruim de tijd om positie te nemen terwijl burgers (leken) dit in een veel kortere tijd moeten realiseren. 2. (onafhankelijke) Commissie MER heeft nog geen advies op de MER gegeven. 3. Gemeente, provincie en waterschap hebben alleen advies uitgebracht op 1« MER versie, niet de geupdate versie van 14 oktober 2022 4. In het MER moet ingegaan worden op de 4 fasen van zoutwinning.

Er wordt onvoldoende ingegaan op fase 4 (buitengebruikstellingsfase); dit is nu nog met een open einde. Maar dit zou vooraf bekend moeten zijn; op andere plekken in het land is namelijk de discussie over het "aflaten" enerzijds of het op druk houden van de cavernes anderzijds. In onze omgeving nieuwe cavernes aanleggen, zonder te weten hoe ze precies worden afgesloten, is (bevestigd door SodM) absoluut niet meer van deze tijd; dit moet vooraf worden vastgelegd. Telkens worden wij er op gewezen dat het hier 'slechts' om een aanvraag gaat van 8 boorlocaties; wij mogen niet verder vooruit kijken. Wij menen echter dat ook deze aanvraag niet los kàn worden gezien van de verdere ontwikkelingen die op de planning staan voor dit gebied. Uiteindelijk wil Nobian op 25 locaties rondom Sint Isidorushoeve gaan boren en miljoenen ton zout uit de bodem halen. Niet te onderschatten zijn de gevolgen voor de bewoners die dit geheel met zich mee zal brengen. Door in verschillende stappen de vergunningen aan te vragen, zal het seriematige ervan ondergesneeuwd raken en onvoldoende rekening worden gehouden met het totale effect van de zoutwinning voor de bewoners. Er is al diverse keren gesproken over buffering van hernieuwbare gewonnen energie in zoutcavernes, bijvoorbeeld in de vorm van perslucht of waterstof. Zelfs staatssecretaris Vijlbrief heeft zich hierover al eens openlijk uitgelaten.

In het MER wordt aangegeven dat het Zechstein zout pakket bij Haaksbergen mogelijk geschikt is voor buffering/opslag van gassen als waterstof of perslucht. In het MER wordt ook aangegeven dat het een optie is die mogelijk in de toekomst (meer dan 15 tot 20 jaar van nu) benut gaat worden. Aangegeven wordt dat besluitvorming dan pas aan de orde is. Wij vinden dat dit aspect nu in het huidige MER al meegenomen en bekeken moet worden. Dit omdat de effecten voor de bewoners, die boven de cavernes wonen groot zullen zijn. Het gevoel van onveiligheid en angst wordt aangewakkerd doordat in de toekomst dit wordt vorm gegeven.

9. Mens en burgerparticipatie Nobian geeft aan een 'goede buur' te willen zijn. Echter, burgerparticipatie is onvoldoende uitgevoerd en onjuist weergegeven in het MER. Er is in de omgeving nauwelijks, of zeg maar gerust geen, vertrouwen en draagvlak voor de plannen. Dit komt onder andere door de vele onverklaarde wijzigingen in de plannen en de -zeker in verhouding tot andere winlocaties- enorme verwachte bodemdaling die niet wordt uitgelegd. De gevolgen hiervan zijn onduidelijk. Daarnaast is er veel onduidelijkheid en wantrouwen ontstaan, doordat wordt gesproken over gemiddelde verwachte bodemdalingen; voor ons is echter veel meer van belang, onder andere wat de maximale -toelaatbare- bodemdaling is in het gebied en wat het risicomitigatie en actieplan is, mochten deze bodemdalingen afwijken van de verwachte patronen. Er is hier geen duidelijkheid over. Ook de versnipperde aanvragen leiden tot onrust onder de bewoners. Niet alleen de huidige versnipperde aanvraag voor de 8 boorlocaties, maar ook het (nog) achterwege laten van de volgende fases. Telkens lijkt het dat Nobian tegemoet komt aan de bewoners, door onder meer cavernes te laten vervallen, maar het vervolg naar 25 cavernes hangt als het zwaard van Damocles

NI

h'.i

mNi Ni

boven onze hoofden. Het voelt alsof bij Nobian met verschillende agenda's wordt gewerkt om de bewoners om de tuin te leiden. Er heerst een angst onder de bevolking voor Groningse taferelen. Noch Nobian, noch de overheid heeft deze angst weg kunnen nemen. Wij vinden dit geen goede basis voor zoutwinning de komende 30 tot 50 jaar. Er wordt niet genoeg rekening gehouden met de mensen die in het gebied wonen. Nobian praat tegen, niet met de mensen. Van burgerparticipatie op basis van gelijkwaardigheid is geen sprake. Burgerparticipatie is een mooi woord, maar in de praktijk kennelijk lastig om mee om te gaan. Het is geheel onbekend hoe burgerparticipatie wordt getoetst en gewogen; het blijft voor de burgers wazig en schimmig. In ons geval hebben de bewoners zelf het initiatief genomen en van zich laten horen. Bewoners hebben het gevoel dat er niet naar hen geluisterd wordt. Ter illustratie: bij een van de eerste bijeenkomsten met grondeigenaren en omwonenden is aangegeven dat er geen gesprek mogelijk was over zelfs geringe aanpassing van de exacte locaties. Omwonenden waarvan de boorlokatie dicht bij het huis zou komen, en die daarom hebben gepleit voor een herpositionering in een andere stuk van hetzelfde weiland is medegedeeld dat dit niet mogelijk was. Zij hadden pech. In deze bijeenkomst zijn bewoners een keuze geboden uit 3 door Nobian gestelde varianten van de boorstations.

Bewoners hebben aangegeven een authentieke Twentse kapschuur stijl te prefereren boven de voorgestelde boorstations, dit was allemaal niet mogelijk. Er is hier geen sprake geweest van 'participatie', zelfs niet waar het aankomt op de cosmetische aspecten van deze ingrijpende industrialisatie van het buitengebied. Nobian geeft aan in bezit te zijn van alle benodigde gronden voor de boorlocaties. Wij weten echter dat de onderhandelingen nog niet voor alle gronden zijn afgerond. Dat Nobian deze voortijdige beweringen (ruim een jaar van tevoren) doet vermindert het vertrouwen in de informatie die zij verschaft en wakkert het wantrouwen aan. Daar waar Nobian te pas en te onpas melding maakt van het 'in overleg met de bewoners terugbrengen van 12 naar 8 cavernes', kunnen wij met de hand op ons hart stellen dat dit absoluut niet de waarheid is. Nobian heeft naar aanleiding van het bezoek van Staatssecretaris Vijlbrief aan Sint Isidorushoeve op 20 juni 2022 pas voor het eerst een schouw gemaakt van het gebied. De Staatssecretaris kwam tot de conclusie dat enkele cavernes wel erg dicht op het bewoonde gebied kwam. Nobian is toen zelf tot een vermindering naar 8 cavernes gekomen. De bewoners werd dit alleen medegedeeld en hebben daar geen enkele invloed op of inspraak in, gehad.

Waarom heeft EZK deze 'suggestieve' tekst over het laten vervallen van de 4 cavernes niet herschreven? Waarom wordt de mening van de bewoners in deze niet gerespecteerd? De bewoners geven aan geen vertrouwen te hebben met de beoogde plannen voor zoutwinning en ze geven aan in de basis geen zoutwinning te willen. Het veiligheidsaspect wordt zwaar onderschat en de bewoners worden blootgesteld aan de risico's. De bewoners zijn bang dat de bodemdalingen aardbevingen zullen veroorzaken. Gedurende het gehele proces vindt er wekelijks overleg plaats tussen Nobian (aanvrager), EZK (vergunningverlener) en Gemeente Haaksbergen. Wij worden hier niet bij uitgenodigd en voor zover wij weten vindt er van deze gesprekken geen verslaglegging plaats. Er wordt veel over ons gesproken, maar niet met ons. Het niet openbaar maken van het Winningsplan is tevens een voorbeeld waardoor bewoners ongerust worden. Wat staat daarin wat wij niet mogen weten? Waarom wordt hier zo geheimzinnig mee omgegaan? Zelfs de Gemeenteraad van Haaksbergen, onze democratische vertegenwoordigers, heeft hier geen inzage in. Wij kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat hier wederom over de bewoners en niet met de bewoners wordt gesproken. De onafhankelijke Commissie MER brengt een advies uit op de MER. Om meer inzicht te krijgen heeft deze commissie op 16 maart 2023 het plangebied bezocht.

Er waren hiervoor diverse partijen uitgenodigd; Nobian, EZK, Gemeente Haaksbergen. Wederom werden de bewoners hier buiten gehouden. Op het moment dat wij dit vernamen, hebben wij aangegeven dat wij als bewoners ook aanwezig wilden zijn. Na lang aandringen ontvingen wij 15 maart 2023 om 18.15 uur een uitnodiging. Wij hebben een gedeelte van de rondgang mee mogen maken, maar niet echt het gevoel gekregen ook mee te kunnen praten. Deze gebeurtenis is typerend voor het gehele proces. Het lijkt wel of burgerparticipatie van de kant van de burger moet komen.

N

H

Wij kunnen niet anders dan concluderen dat burgerparticipatie alleen op papier bestaat, maar in de praktijk niet wordt uitgeoefend. Afsluitend Zoals uit het voorgaande mag blijken, zijn wij van mening dat het ontwerp weigeringsbesluit dient te worden omgezet in een definitief weigeringsbesluit. Dit niet alleen op grond van het ontbreken van een Verklaring van geen bedenkingen door de Gemeenteraad van Haaksbergen, maar tevens op andere inhoudelijk gronden. Tenslotte verzoeken wij u ons alle relevante stukken toe te zenden die betrekking hebben op het ontwerp weigeringsbesluit, uiteraard met uitzondering van de stukken die gepubliceerd zijn bij de bekendmaking van het besluit. Tevens verzoeken wij u ons afschriften toe te zenden van overige zienswijzen die zijn of worden ingediend naar aanleiding van het ontwerp weigeringsbesluit alsmede ons de mogelijkheid te bieden hierop te reageren. Wij behouden ons het recht voor nadere (aanvullende) gronden in te dienen en hiervoor in de gelegenheid te worden gesteld. Met vriendelijke groeten. Belangengemeenschap Sint Isidorushoeve Werkgroep 'Laat de Hoeve niet zakken' 5.1.2.e

5.1.2.e

Bijlagen: machtigingen

fei

felijst van indieners die 'Laat de Hoeve niet zakken' machtigen k(allen wonende te Haaksbergen/Sint Isidorushoeve)

indiener

5.1.2.e

mede indiener adres

postcode

5.1.2.e

H 5.1.2.e

'••Ji

5.1.2.e

5.1.2.e

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12850346/1