Kadernota 2026-2029 'Noodzakelijke keuzes voor de toekomst van Haaksbergen' (versie 1.0)
Tekst van het document
Versie 1.0, definitief
INHOUDSOPGAVE
INHOUDSOPGAVE .............................................................................................................. 2 AANBIEDING ......................................................................................................................... 3 1. INLEIDING ....................................................................................................................... 6 Aanleiding ..................................................................................................................................... 6 2. UITGANGSPOSITIE HAAKSBERGEN ................................................................. 7 Financiële uitgangspositie .................................................................................................. 7 Situatieschets Haaksbergen .............................................................................................. 7 Communicatie en participatie ........................................................................................... 8 Scenariokeuze .......................................................................................................................... 10 Overlevingspakket ambtelijke organisatie ............................................................. 10 3. SCENARIO TOEKOMSTBESTENDIG HAAKSBERGEN ..............................
11 Scenariobeschrijving ............................................................................................................ 11 Pakketsamenstellingen ....................................................................................................... 16 4. TOTAALOVERZICHT FINANCIËLE EFFECTEN ............................................ 24 Structurele en incidentele effecten kadernota ..................................................... 24 Effecten per begrotingsprogramma ............................................................................ 24 5. ALGEMENE RESERVE EN WEERSTANDSVERMOGEN ............................. 28 Algemene reserve .................................................................................................................. 28 Benodigde weerstandsvermogen ................................................................................. 29 Solvabiliteit ................................................................................................................................ 30 BIJLAGE 1 – EFFECTENANALSE VOORJAARSNOTA 2025 ....................... 31 BIJLAGE 2 – SCENARIO BEHOUD ZWEMBAD ................................................. 35 BIJLAGE 3 – SCENARIO GEEN OZB-VERHOGING ........................................ 36 BIJLAGE 4 – BENCHMARK/GEGEVENS AMBT. ORG. ..................................
37 BIJLAGE 5 – REKENVOORBEELDEN OZB-VERHOGING ............................. 45 BIJLAGE 6 – LIJST NIET-GEKOZEN OMBUIGINGSMAATREGELEN ... 46 BIJLAGE 7 – VOLLEDIGE LIJST OMBUIGINGSMAATREGELEN ............ 47 BIJLAGE 8 – LIJST INKOMSTENPOTENTIEEL ................................................ 55 2 Kadernota 2026-2029
AANBIEDING Aan de leden van de gemeenteraad, Met deze brief bieden wij u de Kadernota 2026-2029 aan. Een kadernota waarin wij concrete invulling geven aan een financieel vooruitzicht, waaraan wij al twee jaar met uw raad werken. Een vooruitzicht van financiële noodzaak en een opdracht om voor het jaar 2026 en daarna ingewikkelde maatschappelijke keuzes te maken. Een noodzaak die voortkomt uit een korting van het Rijk op de middelen in het gemeentefonds. In deze kadernota geven wij invulling aan deze opdracht en leggen wij u belangrijke keuzes voor met het oog op de toekomstbestendigheid van Haaksbergen. Consistente lijn Wij hebben de afgelopen jaren met gezond verstand een financieel behouden koers gevaren. In aanloop naar het zogenoemde ravijnjaar 2026 hebben wij met uw raad steeds twee uitgangspunten centraal gesteld: 1. we willen, gezien de financiële onzekerheden vanaf 2026 geen maatregelen met een groot maatschappelijk effect nemen die niet ongedaan gemaakt kunnen worden. Met andere woorden, de maatregelen moeten indien mogelijk omkeerbaar zijn; 2. ook willen we op dit moment geen structurele verplichtingen aangaan die ons in de toekomst dwingen grootschalige bezuinigingen door te voeren. Wij kunnen ons maatschappelijk gezien niet veroorloven een hypotheek op de toekomst te leggen.
In de afgelopen kadernota en in de huidige Programmabegroting 2025-2028 heeft u een strategie vastgesteld om de gemeente op ombuigingen voor te bereiden. In de begroting is aangekondigd dat wij in de (nu voorliggende) kadernota voor het jaar 2026 met uw raad keuzes moeten maken over de ombuigingen. Aan deze aankondiging hebben wij invulling gegeven door op 10 december 2024 de bestuursopdracht ombuigingen vast te stellen en vervolgens uit te voeren (link bestuursopdracht). In de bestuursopdracht zijn 10 opgaven opgenomen om tot de Kadernota 2026-2029 te komen. Eén van die opgaven gaat over het realiseren van een kader om tot een zorgvuldige integrale afweging te komen. Op 19 maart 2025 heeft uw raad het integrale afwegingskader voor de ombuigingen vastgesteld (link afwegingskader). Daarmee is een belangrijke stap gezet om tot de kadernota te komen, waarbij uw raad volledige zeggenschap wilde behouden over de concrete invulling van de bezuinigingen. Wij maken deze afweging als gemeentebestuur niet alleen. Uw raad heeft het ‘plan van aanpak voor communicatie en participatie richting Ravijnjaar’ vastgesteld (link bestand). Met dit plan maken we onze samenleving bewust van maatschappelijke consequenties en brengen onze inwoners, ondernemingen en organisaties in positie om met ons kansen en oplossingen te vinden.
Als financiële uitgangspositie voor dit voorstel zijn de Begroting 2025, Eindejaarsrapportage 2024 en Eerste bestuursrapportage 2025 genomen. Nadien is de Voorjaarsnota 2025 (hierna: VJN 2025) van het Rijk verschenen. Wij hebben de financiële effecten geanalyseerd en deze analyse in de kadernota opgenomen (bijlage 1). Wij zien in deze VJN 2025 dat de gemeente Haaksbergen in 2026 en 2027 incidentele middelen ontvangt. De structurele extra stortingen van het Rijk in het gemeentefonds vallen vanaf 2028 weg tegen de ingeboekte besparingen op de jeugdzorg. Het Rijk neemt met andere woorden een voorschot op besparingen in de jeugdzorg door het gemeentefonds te korten. Dat is voor het Rijk een veilige en financieel aantrekkelijke strategie, maar levert veel risico’s en financiële druk op bij gemeenten. Wij zien dat de VJN 2025 het ravijnjaar voor gemeentelijk Nederland niet oplost. De voorjaarsnota biedt geen houvast voor het afwijken van de consistente lijn, die we ter voorbereiding op het ravijnjaar ingezet hebben.
Kadernota 2026-2029
3
Toekomstbestendig Haaksbergen Belangrijke pijlers voor deze kadernota zijn de Omgevingsvisie Haaksbergen en de visie op het sociaal domein “De kracht van samen”. In deze visies komen onderwerpen uit de raadsafspraken terug, zoals woningbouw, leefbaar buitengebied, sociaal domein, duurzaamheid en voorzieningen. Op basis van onze gemeentelijke visie, beleid en met toepassing van het afwegingskader, stellen wij u een scenario van ombuigingen voor, dat ten goede komt aan de toekomst van Haaksbergen. Met dit scenario zetten wij in op de thema’s Krachtige Kernen, Samen Sociaal en een Toekomstbestendig Buitengebied. Wij kunnen niet alle inzet ontzien die bijdraagt aan de opgaven binnen deze thema’s, maar wegen deze zorgvuldig af tegen onze toekomstbestendigheid. Voor de toekomstbestendigheid van Haaksbergen zetten wij vier instrumenten in: transformeren, bezuinigen, investeren en het verhogen van inkomsten. Wij geven invulling aan ombuigingsmaatregelen in een basispakket (maatregelen zonder maatschappelijke impact) en een basispluspakket (maatregelen met maatschappelijke impact). Daarbij verlangen wij van onze gemeenschappelijke regelingen –als verlengde van het lokaal bestuur- dat ook zij een deel van de opgave dragen. De toekomstbestendigheid van Haaksbergen vergt niet enkel bezuinigingen, maar vraagt ook investeringen.
Een overlevingspakket dat noodzakelijk is om beleid- en bedrijfsvoering te kunnen blijven uitvoeren. Investeringen die langs de lat zijn gelegd van onze toekomstbestendigheid en de behouden koers die wij de afgelopen jaren hebben moeten varen. In deze kadernota maken we structureel middelen vrij voor nieuwbouw van Het Assink Lyceum. Deze middelen maken deel uit van een groeipad om nieuwbouw te financieren. Wij geven daarmee invulling aan het integraal huisvestingsplan onderwijs en de prioriteit die uw raad aan Het Assink Lyceum toekent. Ook investeren wij in de vervanging en versterking van bruggen over de Buurserbeek, die zodanig verouderd zijn dat wij gewichtsbeperkingen hebben moeten opleggen. Met deze vervanging en versterking investeren wij in de toekomstbestendigheid van ons buitengebied. Wij willen dat onze inwoners volwaardig mee kunnen doen in de samenleving, met gelijke kansen en mogelijkheden voor een prettig leven en een goede leefomgeving. Bestaanszekerheid is daarbij een randvoorwaarde. In dit voorstel komen we dan ook niet aan het minimabeleid en blijven wij ons inzetten voor de zwakkeren in onze samenleving. Actief deelnemen aan de samenleving en zelfstandig functioneren, zijn belangrijke uitgangspunten in onze visie en de voorliggende kadernota. Wij investeren in een versterking van de sociale basis, die onze inwoners helpt weerbaar en zelfredzaam te zijn.
Dat doen wij onder meer door verder te werken aan het concept ‘Huis van Haaksbergen’. We zetten ons ook in voor het behoud van voorzieningen door de tarieven voor buiten- en binnensportaccommodaties niet extra te verhogen en door subsidies aan verenigingen te behouden. We vinden het ook van belang om samen met onze bedrijven en inwoners te blijven inzetten op het verduurzamen van de huidige woningvoorraad, verdere verduurzamingsmaatregelen en meewerken aan de versterking van het energienetwerk. Zo houden we bijvoorbeeld stimuleringsmaatregelen voor woningisolatie in stand. Deze kadernota voorziet niet in de voortgezette financiering van zwembad De Wilder vanaf 1 mei 2027. Wij zien in deze kadernota geen mogelijkheden noodzakelijke investeringen tot behoud van het zwembad te doen. De financiële opgave is tot slot zodanig groot, dat wij niet aan een verhoging van lokale lasten ontkomen. In deze kadernota is een stevige verhoging van de OZB opgenomen. Om de impact daarvan voor onze inwoners te beperken, kiezen wij voor een trapsgewijze invoering over een periode van drie jaren. Wij brengen naast het voorgestelde scenario, twee andere (niet voorgestelde) scenario’s in beeld. Deze scenario’s bestaan uit een scenario met een nullijn voor verhoging van de
Kadernota 2026-2029
4
onroerende zaakbelasting (OZB) en een scenario met behoud van het zwembad. Het voorgestelde scenario is in onze overtuiging echter het enige maatschappelijk verantwoorde en uitvoerbare scenario. Het scenario biedt een broze balans tussen taken en middelen, vanuit de dispositie dat de financiering van het gemeentefonds niet op orde is. Het college van burgemeester en wethouders, Gerard van den Hengel Johan Niemans
Kadernota 2026-2029
Jan-Herman Scholten Pieter van Zwanenburg
5
1. INLEIDING Aanleiding Vanaf 2026 krijgen gemeenten een forse korting van het Rijk om hun taken uit te voeren. Het kabinet kort het gemeentefonds dan structureel met maar liefst € 2.400.000.000. We noemen het niet voor niets het ravijnjaar. Hiermee komt 75% van de gemeenten in de rode cijfers terecht. De naam ravijnjaar doet vermoeden dat het ravijn slechts één jaar betreft. Dat is niet juist. De korting op het gemeentefonds heeft een structureel negatief effect op het gemeentefonds. Het ravijnjaar komt niet uit de lucht vallen. In de Startnota 2022 van het kabinet Rutte IV (link bestand) is aangekondigd dat de omvang van het gemeentefonds vanaf 2026 niet langer gekoppeld wordt aan rijksuitgaven (trap-op-trap af). De omvang van het gemeentefonds wordt gekoppeld aan de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). In eerste instantie was er vanaf 2026 voor gemeenten en provincies geen enkele vorm van indexatie meer opgenomen. Bovendien werden de fondsen vanaf 2026 teruggezet op het niveau van 2021 + € 1.000.000.000. De gedachte hierbij was het belastinggebied van gemeenten te verruimen. Dat laatste is niet gebeurd. Gemiddeld genomen bestaat 60% van de inkomsten van gemeenten uit de bijdrage uit het gemeentefonds. Met deze korting op het gemeentefonds, daalt dus de grootste inkomstenbron van gemeenten.
Het benarde perspectief heeft ertoe geleid dat de VNG in 2024 bij hoge uitzondering een tweedelig begrotingsadvies uitbracht, voor het geval het Rijk het financiële gat niet zou dichten. Bij de algemene ledenvergadering van de VNG op 29 november 2024 heeft het college een motie (link motie) ingediend; geen nieuwe akkoorden met het Rijk te sluiten en bestaande akkoorden op te zeggen dan wel te bevriezen, totdat het Rijk de structurele korting van het gemeentefonds (ravijnjaar) heeft gedicht. De leden volgden echter een resolutie van het VNG-bestuur om in aanloop naar de Voorjaarsnota 2025 (hierna: VJN 2025) met het Rijk in gesprek te blijven over de balans tussen taken en middelen. In de aanloop naar de VJN 2025 bereikten ons positieve signalen over keuzes van het kabinet in relatie tot de balans tussen taken en middelen. Inmiddels is de VJN 2025 verschenen (link bestand). De financiële effecten van deze VJN 2025 voor Haaksbergen worden via de meicirculaire bekend gemaakt. Omdat deze kadernota eerder tot stand is gekomen dan het verschijnen van de meicirculaire, worden deze financiële effecten, zoals gebruikelijk, niet betrokken in het saldo van deze kadernota. Wij zien echter wel in dat de effecten van de VJN 2025 in hoge mate van invloed kunnen zijn op de opgave voor het ravijnjaar.
Daarom hebben wij aanleiding gezien in deze kadernota een effectenanalyse te doen, om gevoel te krijgen bij de effecten van de VJN 2025 voor Haaksbergen, met het oog op de voorgestelde bezuinigingsmaatregelen. Deze analyse is opgenomen in bijlage 1 bij deze kadernota. Op basis van deze effectenanalyse (inclusief een nadrukkelijke disclaimer: zie bijlage) kan gesteld worden dat de structurele effecten van de VJN 2025 voor Haaksbergen geen aanleiding zijn van de ombuigingsvoorstellen af te wijken. Het ravijnjaar is met de VJN 2025 niet opgelost. Wel ontvangen gemeenten voor de jaren 2026 en 2027 incidentele middelen. Dit zijn incidentele pleisters voor de demping van het ravijnjaar, maar lost de structurele problemen niet op.
Kadernota 2026-2029
6
2. UITGANGSPOSITIE HAAKSBERGEN Financiële uitgangspositie Het financiële uitgangspunt voor deze kadernota is het structurele saldo uit de Eerste Bestuursrapportage 2025. In de Begroting 2025 en meerjarenperspectief 2026-2028 (link bestand) kenden we in 2028, het laatste jaar van het perspectief, een structureel tekort van € 1.468.000. Dit begrotingstekort wijzigt door de structurele effecten, die voortvloeien uit de Eindejaarsrapportage 2024 (link bestand) én de Eerste Bestuursrapportage 2025. Het actueel financieel tekort (vanaf 2028) is daarmee gegroeid naar € 1.571.000. Dit tekort is als uitgangspositie genomen in deze kadernota. De uitgangspositie van deze kadernota is daarmee gewijzigd ten opzichte van het bestuurlijk voorstel. Het verschil (nadelig) is het resultaat van het saldo van de Eerste Bestuursrapportage 2025.
Bedragen x € 1.000
Ontwikkeling saldo
2026
2027
2028
2029
Saldo Begroting 2025 Mutaties Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Actueel saldo na mutaties
-1.901 229 -243 -1.915
-1.980 229 -154 -1.905
-1.468 229 -332 -1.571
-1.468 229 -332 -1.571
Situatieschets Haaksbergen Financieel Voor Haaksbergen geldt dat wij structureel € 2.300.000 minder krijgen uitgekeerd uit het gemeentefonds. Met inachtneming van de Eerste Bestuursrapportage 2025 komt het structurele tekort van Haaksbergen neer op ongeveer € 1.571.000 vanaf 2029. De klap van het ravijnjaar komt in Haaksbergen hard aan. Een geregeld gehoorde opvatting is dat gemeenten voldoende geld op reserve hebben om het ravijn te overbruggen. Juist die opvatting knelt in Haaksbergen. De gemeente kent weinig “vet op het bot”, na afgelopen decennium twee keer onder financieel toezicht van de provincie te hebben gestaan. Weliswaar is onze algemene reserve de afgelopen jaren zodanig gegroeid dat we risico’s kunnen opvangen, maar dat geeft een sterk vertekend beeld. Haaksbergen heeft als gevolg van het financiële verleden zeer beperkt langjarige beheer- en investeringsplannen die financieel zijn vertaald. Investeringen moeten veelal bekostigd worden uit de algemene reserve, zonder dat daartoe specifieke (beklemde) bestemmingsreserves zijn aangelegd. Oftewel, investeringen moeten, zonder dat daarvoor geld “opzij” is gezet, financieel gedekt worden. De algemene reserve dient derhalve niet enkel ter dekking van risico’s, maar ook voor bekostiging van maatregelen.
Vanuit die situatie is een vergelijking met de algemene reserve van andere gemeenten een vergelijking van ”appels met peren”. Omliggende gemeenten kennen veelal forse bestemmingsreserves (gebaseerd op de begrotingen 2025): Bedragen x € 1.000
Gemeente Borne Dinkelland Haaksbergen Hellendoorn Rijssen-Holten Wierden
Kadernota 2026-2029
Aantal bestemmings -reserves 12 8 4 15 29 26
Totale waarde bestemmingsreserves € 21.670 € 30.863 € 4.263 € 17.379 € 25.729 € 52.684
Algemene reserve € 5.600 € 8.806 € 16.365 € 29.811 € 49.493 € 7.982
Totaal reserves € 27.270 € 39.669 € 20.628 € 47.190 € 75.222 € 60.666
7
Dienstverlening De voorgeschiedenis heeft niet enkel weerslag gehad op onze financiële positie, maar ook op de gemeentelijke dienstverlening. De formatie van de ambtelijke organisatie van Haaksbergen is na twee perioden van financieel herstel in vergelijking met andere gemeenten relatief laag (zie bijlage 4 voor een uitgewerkte benchmark). Nieuwe taken uit wet- en regelgeving en ambities vragen personele inzet. Ook hier geldt het adagium en de boodschap aan het Rijk: zonder knaken, geen taken. Met het raadsprogramma ‘Haaksbergen Ster(ker) in Ontwikkeling’, beperkte middelen en veel inzet uit de organisatie hebben wij aan grote thema’s (corona, energiecrisis, zoutwinning, addendum structuurvisie en ombuigingen) invulling weten te geven. De situatie is echter niet toekomstbestendig. In een raadsbijeenkomst op 10 februari 2025 is aangegeven dat een kritisch punt is bereikt en de organisatie urgent versterking behoeft. Investeringen zijn noodzakelijk, maar (op termijn) niet voldoende. Wij moeten serieus overwegen of een duurzame oplossing in een versterking van de netwerkgemeente is gelegen. Dat is een oplossing voor de langere termijn. Voor nu zien wij dat op dit moment investeren in de ambtelijke organisatie hoe dan ook noodzakelijk is.
Communicatie en participatie Communicatie en participatie met de samenleving zien wij als een cruciaal onderdeel van het proces om tot keuzes te komen. Daartoe hebben wij een ‘plan van aanpak voor communicatie en participatie richting Ravijnjaar’ vastgesteld (link bestand). Het plan heeft tot doel de samenleving bewust te maken van de maatschappelijke consequenties (bewustwording) en daarmee de samenleving in positie te brengen, om samen met de gemeente de maatschappelijke consequenties waar mogelijk te transformeren naar kansen/oplossingen. Dit proces bestaat uit drie sporen: 1) Weerbaar maken van de interne organisatie op de onrust die in de samenleving kan ontstaan. Een eenduidige en uitlegbare boodschap aan de samenleving is belangrijk in het creëren van bewustwording. 2) Samenleving meenemen in de keuzes die gemaakt worden. Participatie richt zich op ‘hoe’ om te gaan met de ombuigingen, niet gericht op ‘waar’ wel/niet omgebogen gaat worden. 3) Integrale benadering over de consequenties van de ombuigingen (community gericht). Kansen/oplossingen ophalen en bespreken. Integraal kijken naar waterbedeffecten en mogelijkheden voor oplossen van delen van de opgaven in de samenleving. Eerste stappen Tot nog toe zijn, in het kader van communicatie en participatie, de acties gericht op bewustwording van inwoners, bedrijven en organisaties.
Bewustwording dat de gemeente Haaksbergen keuzes moet maken die wellicht consequenties hebben voor henzelf, hun organisatie en de samenleving in het algemeen. Wij hebben door middel van diverse instrumenten zoals een Sterrenlab (met ondernemers), Kracht van Samen (maatschappelijke partners en organisaties), Achterwerk in de Kast (jongeren en inwoners op straat), Samen Haaksbergen (online forum voor inwoners) informatie en ideeën opgehaald en betrokken bij de afweging van de keuzes in deze kadernota. Daarnaast hebben we met berichtgeving in GemeenteNieuws, internet, sociale media, persberichten en interviews mensen geïnformeerd. De uitkomsten van deze fase zijn gerapporteerd (link bestand). Vervolgstappen We gaan nu verder met het op de hoogte houden van de samenleving en het gesprek met de samenleving. We informeren Haaksbergenaren over de keuzes met onder meer een publieksvriendelijke grafische weergave van de kadernota, die we via verschillende kanalen verspreiden. We gaan uiteraard met organisaties die geraakt worden door de bezuinigingen in gesprek.
Kadernota 2026-2029
8
Op 5 juni organiseren we als gemeente, in samenwerking met RTV Sternet, een Publiekdebat, waarbij we ondernemers, betrokken inwoners en jongeren aan tafel uitnodigen. Het gesprek gaat over hoe de deelnemers een toekomstgericht en aantrekkelijk Haaksbergen voor zich zien en waar zij kansen en belemmeringen zien. Verder wordt ingegaan op wat zij zelf zouden kunnen betekenen voor een toekomstgericht en aantrekkelijk Haaksbergen. Wij raadsleden zijn uitgenodigd als toehoorder, zodat wij uit de eerste hand horen hoe betrokken inwoners, ondernemers en jongeren hierover denken en mee willen doen. Verder worden inwoners aangespoord zich te laten horen bij de geplande hoorzitting op 10 juni. Adoptieprojecten Uit de eerste participatiefase hebben wij opgemaakt dat er partijen zijn, die mogelijk bereid zijn bepaalde projecten te ‘adopteren’. Dat kunnen dus taken zijn waar de gemeente op bezuinigd of zelfs helemaal schrapt. Daarom leggen wij de samenleving een lijst met adoptieprojecten voor (link lijst adoptieprojecten). Bij interesse kunnen inwoners, ondernemers en/of maatschappelijke organisaties contact opnemen. Wij hopen dat er bereidheid is samen de schouders er onder te zetten voor een gezond en aantrekkelijk Haaksbergen.
We blijven de komende tijd met onze inwoners, ondernemers en organisaties communiceren en blijven hen betrekken tot na de besluitvorming over de Begroting 2026 en meerjarenperspectief 2027-2029.
Kadernota 2026-2029
9
Scenariokeuze Om een goede afweging van de ombuigingen te kunnen maken, is een integraal afwegingskader opgesteld. Op 19 maart 2025 hebben wij dit integrale afwegingskader voor de ombuigingen vastgesteld (link bestand). Dit afwegingskader ziet op de volgende stappen:
Stap 1 Inventarisatie Stap 1 van mogelijke Inventarisatie ombuigingen potentieel
Stap 3a MaatregelenMaatregelenpakket pakket: ‘uit uit dede rode rodecijfers’ cijfers (basispakket) (basispakket)
Elke uitvraag is voorzien Stap 2 van een Toepassen multicriteria Multi-Criteriaanalyse. Analyse
Maatregelenpakket: Stap 4 noodzakelijkh Maatregelenpakket eden noodzakelijkheden (toekomstbes (toekomstbestendig) tendig)
Maatregelenpakket: uit de Stap 3b rode cijfers Maatregelen(basispluspak pakket ket)‘uit de rode cijfers’ (basispluspakket)
Uitgewerkte keuzepakkett Stap 6 en inop basis Scenario’s scenario's van de pakketten
Maatregelenpakket:5 Stap latente Pakket latente ontwikkelinge ontwikkelingen n
Wij zijn gestart met een inventarisatie van het potentieel aan bezuinigingen en inkomsten. Het afwegingskader geeft op basis van de multi-criteria-analyse inzicht in de ‘mate van acceptatie’ van ombuigingsmaatregelen in vergelijking tot elkaar. Dit is geen wiskundige exercitie. Het toepassen van de multi-criteria-analyse is een hulpmiddel in het maken van een afweging tussen ombuigingsmaatregelen. In bijlage 7 is een volledige lijst van alle geïnventariseerde maatregelen opgenomen, inclusief per ombuigingsmaatregel de score op de criteria van de multi-criteria-analyse. In bijlage 8 is de volledige inventarisatie voor het inkomstenpotentieel opgenomen. Met behulp van de multi-criteria-analyse zijn het basispakket, basispluspakket, maatregelenpakket toekomstbestendig Haaksbergen en het pakket latente ontwikkelingen samengesteld. De integrale afweging heeft geleid tot één scenario, welke in deze kadernota is uitgewerkt. Dit scenario draagt harde keuzes in zich, zoals het beëindigen van financiering van zwembad De Wilder vanaf 1 mei 2027. Wij brengen naast het voorgestelde scenario, twee andere (niet voorgestelde) scenario’s in beeld. Deze scenario’s bestaan uit een scenario met een nullijn voor verhoging van de onroerende zaakbelasting (OZB) en een scenario met behoud van het zwembad. In bijlagen 2 en 3 zijn deze scenario’s uitgewerkt.
Overlevingspakket ambtelijke organisatie Om tot een verantwoord scenario te komen, is zeer kritisch gekeken naar de noodzakelijke investering in de ambtelijke organisatie. Wij beoordelen deze investeringen als een “overlevingspakket” om de dienstverlening draaiende te houden. De toekomstbestendigheid is daarmee nog niet geborgd. Het voorgestelde scenario is wat ons betreft het enige maatschappelijke verantwoorde en uitvoerbare scenario, waarin een mate van balans tussen taken en opgaven kan worden gevonden.
Kadernota 2026-2029
10
3. SCENARIO TOEKOMSTBESTENDIG HAAKSBERGEN De keuzes voor de toekomst van Haaksbergen baseren we op de Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie Haaksbergen is in concept vastgesteld en is bij de begroting naar alle verwachting ook definitief vastgesteld, al dan niet met wijzigingen. De thema’s genoemd in de Omgevingsvisie: Krachtige Kernen, Samen Sociaal en Toekomstbestendig Buitengebied, zijn sterk en waardevol voor een toekomstbestendig Haaksbergen. Het thema Samen Sociaal sluit hierbij aan op de visie op het sociaal domein “De Kracht van samen” die op 21 mei 2025 is vastgesteld. In deze visies komen ook belangrijke thema’s uit de raadsafspraken terug, zoals woningbouw, leefbaar buitengebied, sociaal domein, duurzaamheid en voorzieningen. Deze thema’s hebben we als uitgangspunt genomen bij de afweging van alle maatregelen, die voorlagen om te komen tot een sluitend meerjarenperspectief. Helaas kunnen we niet alles ontzien wat bijdraagt aan de opgaven binnen deze thema’s, maar we denken hiermee wel verder te kunnen werken aan een toekomstbestendig Haaksbergen. Scenariobeschrijving Krachtige Kernen ‘Krachtige Kernen’ heeft betrekking op prettig wonen en economie als drager. Prettig wonen in onze kernen gaat over wonen en alles wat samenhangt met een prettige en gezonde woonomgeving.
Economie als drager gaat over de economische aspecten, zoals het vestigingsklimaat, kennis en innovatie en de arbeidsmarkt. Met oog voor de doelgroep en door starters op de woningmarkt te ondersteunen met startersleningen, geven we hier uitvoering aan. Daarnaast gaan we verder met de woningbouw zoals in het addendum op de structuurvisie is aangegeven: de juiste woningen bouwen voor onze doelgroepen. We denken dat dit voorwaardelijk is om ook in de toekomst (politiek) zelfstandig te kunnen blijven en in ieder geval een aantal belangrijke voorzieningen voor Haaksbergen te kunnen behouden. We starten hiervoor in 2028 met het vrij maken van een deel van het budget voor nieuwbouw van Het Assink Lyceum. Hier komen we later nader op terug. Om beter grip te krijgen op grotere investeringen die gedaan moeten worden in de openbare ruimte, starten we met een Meerjarenplan Investeringsplan. Dit moet leiden tot een bestemmingsreserve voor investeringen in de openbare ruimte. Hiermee kunnen we de realisatie van bijvoorbeeld een betere ontsluiting van een wijk, een mobiliteitshub of het combineren van bovengrondse werkzaamheden in combinatie met rioleringswerkzaamheden beter plannen en prioriteren. Bovendien helpt het ons situaties zoals nu met de vervanging en versterking van de bruggen te voorkomen.
Het is ook van belang dat we samen met onze bedrijven en inwoners inzetten op het verduurzamen van de huidige woningvoorraad, verdere verduurzamingsmaatregelen en meewerken aan de versterking van het energienetwerk. We vinden het daarom belangrijk dat, ondanks een flinke bezuiniging op het budget voor duurzaamheid, een aantal voorzieningen/functies in stand blijven. Zo stoppen we bijvoorbeeld met de website ‘Sterk samen duurzaam’, maar behouden we de energiecoaches. Waar we wel op bezuinigingen en wat toch consequenties heeft voor krachtige kernen, is het onderhoudsniveau van de openbare ruimte. We zullen straatmeubilair niet automatisch vervangen en het kwaliteitsniveau van de wegen en onderhoud in het centrum gaat van A naar B niveau. We zullen ook meer kosten bij de gebruikers neerleggen. Zo verhogen we de legeskosten voor het kappen van bomen en brengen we bij ruimtelijke initiatieven de kosten van externe expertise volledig in rekening bij de initiatiefnemer. De voorzieningen die we hebben voor honden, de uitlaatvelden en de afvalbakken voor hondenpoep, halen we weg. Een alternatief hiervoor zou zijn, herinvoering van de hondenbelasting. Voor een goede economie zetten we in op uitbreiding van Stepelerveld en een goed
Kadernota 2026-2029
11
vestigingsklimaat, onder andere door in te zetten op goede bereikbaarheid. We zijn voorzichtig met het schrappen van voorzieningen die van belang zijn voor onze economie, zoals Haaksbergen Promotie en MBS. MBS vinden we waardevol vanwege de toeristische aantrekkingskracht, de sociaaleconomische functie en grote waarde voor techniekonderwijs. Samen Sociaal Het thema ‘Samen Sociaal’ gaat over onze sociale verbondenheid en noaberschap. Zoals beschreven binnen de visie “Kracht van samen” dragen wij er zorg voor dat iedereen volwaardig mee kan doen in de samenleving, met gelijke kansen en mogelijkheden voor een prettig leven en een goede leefomgeving. Veel bezuinigen vallen binnen dit thema, omdat dit medebewindstaken zijn met hoge uitgaven en openeinderegelingen. Op deze taken bezuinigt ook het Rijk. Uitgangspunt wordt daarom deze taken sober en doelmatig uit te voeren. Dit betekent dat extra (wettelijke) taken beperkt en of niet uitgevoerd kunnen worden. Zoals de invoering van inkomensafhankelijke bijdrage bij huishoudelijke ondersteuning vanaf 1 januari 2027. Hiervoor is de inzet zeer beperkt. Bij complexe regionale vraagstukken is weinig tot geen gemeentelijke inzet mogelijk, zoals bij de nieuwe wijze van bekostiging beschermd wonen, die grotendeels ten laste komt van de Wmo.
Binnen het sociaal domein willen we voorkomen dat onze inwoners in langdurige zorgtrajecten terechtkomen en blijven. Door meer in te zetten op de omgeving van onze inwoners, de sociale basis en positieve gezondheid, denken we het omzien naar elkaar in de wijken, buurten en dorpen te kunnen bevorderen. We blijven werken aan het vergroten van de kansen om mee te doen en eenzaamheid tegen te gaan. Dit vraagt eerst investeringen in onze werkwijze en om de sociale basis te versterken. Hiervoor is incidenteel extra inzet nodig, zoals deskundigheid bij de toegang (hulp en ondersteuning inzetten, die echt nodig is om inwoners te helpen weerbaar en zelfredzaam te zijn). Bestaanszekerheid1 is een belangrijke voorwaarde om mee te kunnen doen aan de samenleving. We willen bestaansonzekerheid voorkomen en verminderen en kijken daarom ook naar de weerbaarheid op de lange termijn. In dit voorstel komen we dan ook niet aan het minimabeleid en blijven wij ons inzetten voor de zwakkeren in onze samenleving. Actief deelnemen aan de samenleving en zoveel mogelijk zelfstandig functioneren, zijn belangrijke uitgangspunten. We zijn hier terughoudend geweest in het treffen van ombuigingsmaatregelen. We willen daarom verder werken aan het concept van het ‘Huis van Haaksbergen’.
Daarnaast willen we ondanks forse bezuinigingen in het sociaal domein voorzieningen in stand houden, zoals het jeugd- en volwassenenfonds Sport & Cultuurfonds. Ook de tarieven voor buiten- en binnensportaccommodaties gaan we niet extra verhogen. Tevens behouden we de subsidies aan verenigingen. Voor Wmo- en Jeugdhulptaken wordt meer aandacht besteed aan het voorliggend veld, door samen met de inwoners te komen met oplossingen in de sociale omgeving (familie, vrijwilligersorganisaties). We zetten ons in voor onze inwoners en voorkomen, daar waar mogelijk, zware en langdurige ondersteuning, die hoge kosten met zich meebrengt. We verleggen de focus, door eerst te kijken wat de inwoner zelf kan en/of eventueel samen met en in zijn sociale omgeving. Dit doen we door in te zetten op professionalisering van de regievoering Wmo en maatregelen door te voeren vanuit de hervormingsagenda Jeugd. We gaan meer sturen op de verwijzingen door huisartsen bij jeugd GGZ. Dit vraagt eerst een extra personele investering, maar bespaart uiteindelijk geld. Voor de taken in het voorliggend veld van het sociaal domein, die door Wijkracht in opdracht van de gemeente worden uitgevoerd, worden resultaatgerichte prestatieafspraken gemaakt. We doen wat 1
Voor de bestaanszekerheid volgen wij de definitie van Divosa: Iedereen heeft recht op bestaanszekerheid. Een bestaan met voldoende en voorspelbaar inkomen, een woning, toegang tot onderwijs en zorg en een buffer voor onverwachte uitgaven. Dit is nodig om mee te kunnen doen in de samenleving. Bestaanszekerheid is en randvoorwaarde voor het welzijn van alle mensen en voorkomt problematische gevolgen op meerdere levensdomeinen.
Kadernota 2026-2029
12
nodig is en stoppen met wat niet of onvoldoende helpend is aan de gemeentelijke doelstellingen en de resultaten die we nastreven. Om dit te kunnen volgen en beoordelen, richten we een monitor sociaal domein in. Toekomstbestendig Buitengebied ‘Toekomstbestendig Buitengebied’ is een breed thema dat ingaat op een groen buitengebied, biodiversiteit, klimaatadaptatie, bodem en water. Hierbij blijven we inzetten op maatschappelijk verantwoorde maatregelen, waarbij de leefbaarheid voor de inwoners van Haaksbergen voorop staat. Particuliere initiatieven blijven we faciliteren om ontwikkelingen voor onze inwoners mogelijk te maken. Ook de economische functie van het buitengebied valt hieronder, zoals landbouw en vrijetijdseconomie. Om het buitengebied goed bereikbaar te houden, zetten we in op versterking en vervanging van een aantal bruggen in ons buitengebied. Investering ambtelijke organisatie; het “overlevingspakket” In deze kadernota zitten maatregelen om te investeren (incidenteel en structureel) in de bedrijfsvoering. Zoals eerder is aangegeven, is de bedrijfsvoering op dit moment niet toekomstbestendig. We realiseren ons dat dit niet de tijd is om fors te investeren in de organisatie. Om te kunnen overleven en onze taken uit te kunnen blijven voeren, hebben we de hoogstnoodzakelijke investeringen opgenomen.
De noodzakelijke investeringen in de bedrijfsvoering zijn een “overlevingspakket” om de dienstverlening draaiende te houden. Dit moet gebeuren om te blijven voldoen aan de kwaliteitscriteria voor de dienstverlening of bedrijfsvoering (afhandelen vergunningen, toezicht en handhaving maar ook voldoen aan privacywetgeving, Wet open overheid en de daarbij behorende digitale inrichting), het adequaat kunnen inspringen op ontwikkelingen uit de samenleving (denk aan het goed regelen van participatie, aanvragen vergunningen, subsidies, ondersteunen van bewonersinitiatieven, etc.), maar ook het op orde hebben van het werkgeverschap door voldoende faciliteiten voor thuiswerken, opleidingsbudgetten, mogelijkheden voor tijd en plaats onafhankelijk werken, etc. Tot slot is het van belang om inzicht, overzicht en sturing te organiseren op vooral het sociaal domein door versterking van inkoop, dataanalyse en business control. Hiermee kan er effectiever en efficiënter gewerkt worden. Zie bijlage 4 voor een benchmark op de ambtelijke organisatie. Wat we zien is dat er steeds meer gevraagd wordt aan taken, zowel qua inhoud, kwaliteit als randvoorwaarden. Dat de samenleving complexer wordt en er ook steeds meer gevraagd wordt in de interactie met de samenleving. Dit vraagt meer tijd en inspanningen.
We zijn nu te afhankelijk van de loyaliteit van onze medewerkers, die we daarmee al langere tijd te zwaar belasten. We zien hiervan al de gevolgen. Medewerkers vallen voor langere tijd uit en dit brengt extra kosten met zich mee voor inhuur van vervanging. Ook weten we vanuit de gevoerde exitgesprekken, dat medewerkers onze organisatie verlaten door de hoge werkdruk en is het voor sommige functies bijna onmogelijk goede invulling te krijgen. Vanuit goed werkgeverschap en om onze werknemers te blijven boeien en binden aan onze gemeente, is het echt noodzakelijk de basis te versterken. Naast deze investeringen kijken we ook naar andere maatregelen om de werkdruk te verlagen, door bijvoorbeeld het werk waar mogelijk efficiënter uit te voeren, door gebruik te maken van systemen en beter informatiemanagement. Ook het temporiseren van activiteiten en projecten is een optie, die we steeds vaker zullen inzetten. Doen we deze investering nu niet, dan verwachten we naast meer uitval ook dat we onze dienstverlening niet meer kunnen garanderen en er meer fouten gemaakt gaan worden. Het heeft ook effect op het realiseren van bestuurlijk-politieke wensen en ambities. Het zal ook consequenties hebben voor de te realiseren ombuigingen. Als medewerkers niet de ruimte krijgen kritisch naar bijvoorbeeld aanvragen en alternatieven te kijken, halen we de voorgestelde bezuinigingen niet.
Mochten we in de toekomst een ambtelijke fusie verder onderzoeken, weten we dat we een bepaald ‘niveau’ moeten bezitten om een fusie aan te kunnen gaan. We willen zelf ook graag een aantrekkelijke samenwerkingspartner zijn.
Kadernota 2026-2029
13
Taakstelling samenwerkingsverbanden In de Programmabegroting 2025 is een ombuigingsopgave van € 300.000 opgenomen voor de gemeenschappelijke regelingen (GR-en). Daarbij is uitdrukkelijk de kanttekening opgenomen dat bij GR-en veel stakeholders betrokken zijn. Immers vormen vertegenwoordigers van de gemeenten gezamenlijk de besturen van regelingen. Veelal in Twents verband, maar in sommige gevallen ook met deelnemers uit de Achterhoek. Gelet op deze gedeelde verantwoordelijkheid staat in de bestuursopdracht ombuigingen dat een samenspel in de regio opgezet moet worden. Het college voert overleg – en neemt daarin mede het voortouw – in Twents verband om draagvlak te vinden voor een gezamenlijke insteek op de gemeenschappelijke regelingen. Wij zetten daarbij in op een generieke korting aan gemeenschappelijke regelingen. Er is sprake van een korting van het gemeentefonds van omstreeks 6% (niet voor elke gemeente gelijk). Deze procentuele daling willen wij als taakstelling op de begrotingen van verbonden partijen betrekken. Mocht de taakstelling van € 300.000 niet of niet volledig via een gezamenlijke taakstelling op gemeenschappelijke regelingen ingevuld kunnen worden, dan beëindigen wij de deelname aan Twente Board. De Twente Board is ontstaan uit de ontvlechting van de Regio Twente. Taken van de vroegere Regio Twente zijn toen bij verschillende partijen belegd.
In de Twente Board werken de 3 O’s samen: overheid, onderwijs en ondernemingen. Twente Board wordt ondersteund door een uitvoeringsorganisatie. De inbreng van de overheid in Twenteboard loopt via een bestuursovereenkomst tussen de deelnemende gemeenten. De Twente Board geeft uitvoering aan de Agenda voor Twente. De huidige investeringsagenda voor Twente kent een looptijd tot 2027. Hoewel wij het (strategische) belang van regionale samenwerking onderschrijven, zien wij ons tot deze maatregel gedwongen, indien niet via de gemeenschappelijke regelingen een bijdrage aan onze opgave kan worden bewerkstelligd. Het Assink Lyceum De nieuwbouw van Het Assink Lyceum (hierna: HAL) is al jaren als prioriteit benoemd, maar de benodigde financiële middelen zijn er nog niet voor vrijgemaakt. Om zicht te krijgen op realisatie, is inmiddels een bestemmingsreserve IHP ingesteld. In deze kadernota is HAL financieel opgenomen voor de jaren 2028 en 2029. Vanaf 2028 maken we structureel € 300.000 vrij voor HAL. Dit maakt onderdeel uit van het groeipad voor de financiering van HAL. De € 300.000 voor de jaren 2028 en 2029 (tezamen € 600.000) wordt toegevoegd aan de bestemmingsreserve IHP. Daarmee is nog niet voldoende dekking gerealiseerd om nieuwbouw van HAL te kunnen financieren in de jaren daarna.
We proberen de kapitaallasten te verlagen door de bestemmingsreserve daar waar mogelijk aan te vullen en te kijken of besparing door hergebruik van fundering en constructieve delen mogelijk is. Zodra we daar een goed beeld van hebben, werken we toe naar een besluit voor het schoolbestuur tot nieuwbouw van HAL. Het schoolbestuur kan dan starten met de voorbereidingen en het prijspeil van de nieuwbouw vastleggen. Dit betekent echter dat we ook een dekkingsvoorstel moeten hebben. We zullen bij het besluit over de beschikking ook moeten weten hoe de kapitaallasten vanaf 2030 of 2031 gedekt worden. Het college komt dan met een aanvullend financieringsvoorstel door ombuigingen of inkomstenverhoging door te voeren, vergelijkbaar met deze kadernota. Zwembad De Wilder Voor renovatie of nieuwbouw van zwembad De Wilder zien wij geen financiële mogelijkheden. De minimale lasten bij renovatie van het zwembad bedragen € 900.000 per jaar aan kapitaallasten en exploitatiebijdragen. Bij nieuwbouw van alleen een wedstrijdbad zijn de jaarlasten berekend op € 1.000.000. Onderzocht is of we op de exploitatie kunnen bezuinigen door inzet van vrijwilligers, maar dat lijkt niet haalbaar. Het in standhouden of het hebben van een zwembad in de gemeente is geen wettelijke taak.
In lijn met de landelijke ontwikkelingen (sluiting van veel zwembaden) en de kostenstijgingen voor zwembaden, kunnen we dit niet langer als een basisvoorziening voor Haaksbergen opnemen. Hier zullen immers maatschappelijk onverantwoorde keuzes
Kadernota 2026-2029
14
tegenover staan (aanvullende bezuinigingen en/of nadere inkomstenverhoging). Sluiting heeft consequenties voor verschillende partijen en waar mogelijk zullen we in een aanvullend plan deze consequenties en mogelijke oplossingen of alternatieven nader duiden. OZB verhoging (17,5% extra, 22,95% inclusief reeds begrote indexatie) Wij kiezen voor een extra OZB verhoging van 17,5% per 2028 bovenop de reeds geïndexeerde verhoging die is voorzien in de begroting. Wij leggen niet direct per 2026 een OZB verhoging op van 17,5%, maar verdelen deze als volgt over de jaren 2026, 2027, 2028: ▪ 2026: 7,5% OZB verhoging bovenop de reeds geïndexeerde verhoging van 4,45% voor 2026 zoals in de Begroting 2025 voorzien. ▪ 2027: 5% OZB verhoging bovenop de reeds geïndexeerde verhoging van 4,45% voor 2027 zoals in de Begroting 2025 voorzien. ▪ 2028: 5% OZB verhoging bovenop de reeds geïndexeerde verhoging van 4,22% voor 2028 zoals in de Begroting 2025 voorzien. Wij realiseren ons dat dit een forse verhoging is, maar achten deze noodzakelijk. Een verhoging van de OZB is in lijn met de landelijke trend; 1 op de 5 gemeenten (Binnenlands Bestuur) verhoogt de OZB met meer dan 10%. In bijlage 5 zijn rekenvoorbeelden voor de OZB verhoging opgenomen, inclusief de gemiddelde lastenverhoging per huishouden.
Wij zien voor onszelf de opgave om naast de verhoging van de OZB in te zetten op het beperken van de totale woonlasten.
Kadernota 2026-2029
15
Pakketsamenstellingen Voor de samenstelling van de pakketten is het integraal afwegingskader als hulpmiddel gebruikt. De pakketten bestaan uit de ombuigingsmaatregelen (bezuinigingen of inkomstenverhoging) en noodzakelijke investeringen. Hieronder volgt een weergave van het principe waarop de pakketten zijn samengesteld. Op de volgende pagina’s volgen de lijsten. In bijlage 7 is een complete lijst opgenomen met alle maatregelen in één overzicht. In bijlage 6 is een lijst opgenomen met alle ombuigingsmaatregelen waar we in het scenario van deze kadernota niet voor kiezen.
Pakket 1 Basispakket
Oplossing structureel tekort.
Dit pakket bestaat uit maatregelen die onomstreden zijn. Oftewel: bezuinigingsmaatregelen die zonder impact een bijdrage leveren aan de ombuigingsopgave.
Realisatie: € 997.100 bezuinigingen.
Pakket 2 Basispluspakket Dit pakket bestaat uit aanvullende bezuinigingsmaatregelen op het basispakket om het structurele tekort op te lossen.
Realisatie: € 413.700 bezuinigingen.
Noodzakelijke investeringen Dit pakket bestaat uit noodzakelijke investeringen in de bedrijfsvoering (ambtelijke organisatie) en de beleidsvoering met het oog op de toekomstbestendigheid van Haaksbergen.
€ 1.302.470 investering bedrijfsvoering. € 601.741 investering beleidsvoering.
Pakket 3 Toekomstbestendig Haaksbergen Dit pakket betreft een ‘dekkingspakket’ voor de noodzakelijke investeringen en bevat maatregelen om te bezuinigen en de inkomsten te verhogen.
Realisatie: € 2.074.070
Pakket 4 Latente ontwikkelingen
Dit pakket maakt geen onderdeel uit van het scenario in deze kadernota. Het pakket vertegenwoordigt een waarde van structureel circa € 1,5 miljoen.
Dit pakket bestaat uit ontwikkelingen die belangrijk, maar niet urgent zijn. In deze kadernota wordt voorgesteld deze ontwikkelingen niet financieel te vertalen.
Kadernota 2026-2029
16
17 Kadernota 2026-2029
Kadernota 2026-2029
18
Kadernota 2026-2029
19
Kadernota 2026-2029
20
Kadernota 2026-2029
21
Kadernota 2026-2029
22
Let wel: de uitvoering van deze latente ontwikkelingen vormen geen onderdeel van het voorgestelde scenario.
Kadernota 2026-2029
23
4. TOTAALOVERZICHT FINANCIËLE EFFECTEN Structurele en incidentele effecten kadernota In onderstaande tabel presenteren we een totaalbeeld van de financiële uitwerking van het scenario in deze kadernota. Op basis van dit scenario hebben wij in de jaren 2026, 2027 en 2028 nog te maken met een tekort, het zogenoemde glijpad. Vanaf het jaar 2029 komen we uit de rode cijfers met een positief saldo van structureel circa € 10.000. Bedragen x € 1.000
Ontwikkeling saldo
2026
2027
2028
2029
Saldo Begroting 2025 Mutaties Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Saldo na mutaties Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering
-1.901 229 -243 -1.915 795 264 -917 -302 962 0 -348 -1.462
-1.980 229 -154 -1.905 997 414 -1.302 -302 1.444 0 -622 -1.276
-1.468 229 -332 -1.571 997 414 -1.302 -602 2.074 0 -58 -48
-1.468 229 -332 -1.571 997 414 -1.302 -602 2.074 0 0 10
Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
De incidentele investeringen/frictiekosten bestaan uit enerzijds noodzakelijke investeringen in de bedrijfs- en beleidsvoering en anderzijds frictiekosten. Deze zogenaamde frictiekosten zijn incidentele kosten, die nodig zijn om maatregelen te realiseren. Deze incidentele investeringen zullen uit de algemene reserve gedekt moeten worden, indien het begrotingssaldo onvoldoende toereikend is (zie hoofdstuk 5). Effecten per begrotingsprogramma In navolgende tabellen zijn de effecten per begrotingsprogramma uiteengezet. Hiermee is per begrotingsprogramma inzichtelijk welke wijzigingen worden doorgevoerd op basis van de keuzes in deze kadernota.
Bedragen x € 1.000
Programma 0 Bestuur en Ondersteuning Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
2026
2027
2028
2029
42.698 538 43.235 213 -917 -98 574 -254 42.754
42.242 539 42.781 213 -1.302 -98 953 -
42.219 374 42.592 213 -1.302 -98 1.332 -
42.221 374 42.595 213 -1.302 -98 1.332 -
42.547
42.737
42.740
24 Kadernota 2026-2029
Bedragen x € 1.000
Programma 1 Veiligheid
2026
2027
2028
2029
Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering
-2.723 -10 -2.733 -2.733
-2.723 -10 -2.733 -2.733
-2.723 -10 -2.733 -2.733
-2.723 -10 -2.733 -2.733
Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
Bedragen x € 1.000
Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
2026
2027
2028
2029
-4.048 -171 -4.219 10 9 -204 70
-4.129 -171 -4.300 10 9 -204 70
-4.073 -171 -4.244 10 9 -204 70
-4.073 -171 -4.244 10 9 -204 70
-2 -4.337
-4.415
-4.360
-4.360
Bedragen x € 1.000
Programma 3 Economie Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
Kadernota 2026-2029
2026 -440 -79 -519 10 -509
2027 -429 -79 -508 45 -463
2028 -419 -79 -498 296 -202
2029 -419 -79 -498 296 -202
25
Bedragen x € 1.000
Programma 4 Onderwijs
2026
2027
2028
2029
Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering
-2.714 35 -2.679 203 -2.476
-2.701 35 -2.666 203 -2.463
-2.635 35 -2.600 203 -300 -2.697
-2.637 35 -2.602 203 -300 -2.699
Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
Bedragen x € 1.000
Programma 5 Sport, cultuur en recreatie Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
2026
2027
2028
2029
-4.619 -100 -4.719 64 2 -5 -4.657
-4.198 -4.198 64 2 -4.132
-3.871 -3.871 64 2 -3.805
-3.871 -3.871 64 2 -3.805
Bedragen x € 1.000
Programma 6 Sociaal domein
2026
2027
2028
2029
Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering
-26.064 -437 -26.501 172 254 158 -87 -26.005
-26.060 -449 -26.508 375 404 174 -146 -25.702
-25.996 -461 -26.457 375 404 174 -58 -25.563
-25.996 -461 -26.457 375 404 174 -25.505
Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
Kadernota 2026-2029
26
Bedragen x € 1.000
Programma 7 Volksgezondheid en milieu Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
2026
2027
2028
2029
-1.128 -19 -1.147 92 17 -1.038
-1.119 -19 -1.138 92 17 -1.029
-1.109 -19 -1.128 92 17 -1.019
-1.109 -19 -1.128 92 17 -1.019
Bedragen x € 1.000
Programma 8 Volkshuisvesting en ruimtelijke ordening Saldo na Eindejaarsrapportage 2024 Mutaties Eerste Bestuursrapportage 2025 Startsaldo kadernota Pakket 1 (basispakket) Pakket 2 (basispluspakket) Noodzakelijke investering bedrijfsvoering Noodzakelijke investering beleidsvoering Pakket 3 (toekomstbestendig Hbg) Pakket 4 (latente ontwikkelingen) Incidentele investeringen/frictiekosten Saldo na ombuigingen
Kadernota 2026-2029
2026
2027
2028
2029
-2.634 -2.634 40 2 131 -2.461
-2.633 -2.633 40 2 131 -476 -2.884
-2.632 -2.632 40 2 131 -2.407
-632 -632 40 2 131 -2.407
27
5. ALGEMENE RESERVE EN WEERSTANDSVERMOGEN Algemene reserve Het saldo van deze kadernota is de eerste drie jaren negatief (2026, 2027 en 2028). Dit wordt veroorzaakt door investeringen en frictiekosten, die een direct effect hebben op de begroting en besparingen die tijd nodig hebben om geëffectueerd te worden. Deze niet sluitende jaren (2026, 2027 en 2028) moeten wij dekken vanuit de algemene reserve. In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de algemene reserve opgenomen, inclusief de financiële vertaling van het voorgestelde scenario.
Bedragen x € 1.000
Ontwikkeling algemene reserve Algemene reserve per 1 januari Saldo kadernota Begrote onttrekkingen Algemene reserve per 31 december Totaal incidentele weerstandscapaciteit Onvoorzien Onbenutte belastingcapaciteit (OZB) structureel Totaal structurele weerstandscapaciteit Totaal incidentele en structurele weerstandscapaciteit Benodigd weerstandsvermogen (>2)
2025
2026
2027
2028
2029
20.164 446 -4.730
15.880 -1.463 -1.026
13.392 -1.276 -209
11.907 -48 -
11.859 10 -
15.880
13.392
11.907
11.859
11.868
15.880
13.392
11.907
11.859
11.868
40
40
40
40
40
0
0
0
0
0
40
40
40
40
40
15.920
13.432
11.947
11.899
11.908
10.136
10.136
10.136
10.136
10.136
Surplus boven weerstandsverm.
5.744
3.256
1.771
1.723
1.732
Weerstandsratio (>2)
3,14
2,65
2,36
2,35
2,35
In bovenstaande berekening is niet het resultaat van de Jaarrekening 2024 betrokken. De jaarrekening heeft een verwacht positief resultaat van circa € 4.500.000. De jaarrekening moet nog behandeld worden en het resultaat is ook nog niet bestemd. Na bestemming van het resultaat, zal het resultaat van de jaarrekening betrokken worden bij de Begroting 2026 en het meerjarenperspectief 2027-2029. Op basis van onze ‘Nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2023’ (link bestand) streven we binnen Haaksbergen een weerstandsratio van boven de 2,0 na. Indien de ratio onder de 1,4 komt, wordt een voorstel aan de raad gedaan over de wijze, waarop de ratio weer op het gewenste niveau van boven de 2,0 wordt gebracht. De berekening van het weerstandsvermogen wordt in de volgende paragraaf uiteengezet. De provincie kijkt vanuit zijn rol als toezichthouder naar de omvang van de algemene reserve en toetst dan ook of wij voldoen aan ons eigen interne financiële kader. Hierbij hanteert de provincie voor gemeente Haaksbergen de vastgestelde ratio van 2, zoals deze ook in bovenstaand overzicht is opgenomen.
Kadernota 2026-2029
28
Benodigde weerstandsvermogen De weerstandscapaciteit geeft aan welke middelen we hebben om onverwacht grote tegenvallers op te kunnen vangen. Het betreft buffers in het eigen vermogen of in de exploitatie, die zonder gevolgen voor uitvoering van beleid, ingezet kunnen worden om onverwachte kosten te dekken. De weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve, de post onvoorzien en de onbenutte belastingcapaciteit. In deze kadernota zijn alle risico’s opnieuw beoordeeld. In de ‘Nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2023’ is de ondergrens voor risico’s vastgelegd. Deze ondergrens is bepaald op 0,25% van de algemene uitkering. Dit percentage wordt ook door veel andere gemeenten gehanteerd. De ondergrens komt hiermee uit op afgerond € 125.000. Dit betekent dat enkel risico’s met een verwacht nadeel vanaf € 125.000 worden betrokken in het berekenen van het weerstandsvermogen. Een onverwachts nadeel tot € 125.000 wordt in beginsel binnen het programma of de post onvoorzien opgelost. Voor de inschaling van de kans dat een risico optreedt, wordt de volgende indeling gebruikt: Klasse 1 2 3 4 5
Kans van optreden
Risico
Kleiner dan eenmaal per 10 jaar Tussen de eenmaal per 5 jaar en eenmaal per 10 jaar Tussen de eenmaal per 2 jaar en eenmaal per 5 jaar Tussen de eenmaal per 1 jaar en eenmaal per 2 jaar Groter dan eenmaal per jaar
10% 30% 50% 70% 90%
Indien de kans van optreden 90% is, wordt het risico opgenomen in de exploitatie. Per risico maken we vervolgens een inschatting van het meest waarschijnlijke financiële effect, als het risico zich voordoet. De risicobedragen worden volgens de onderstaande indeling verdeeld in 5 klassen: Klasse 1 2 3 4 5
Financiële gevolgen Kleiner dan € 125.000 (wordt niet meegenomen) Tussen de € 125.000 en € 200.000 Tussen de € 200.000 en € 350.000 Tussen de € 350.000 en € 500.000 Groter dan € 500.000
Vervolgens worden met behulp van een risicoscore, de risico’s gerangschikt en wordt inzichtelijk welke risico’s het meest belangrijk zijn om te beheersen. Deze risicoscore wordt bepaald door de klassen van kans en gevolg te vermenigvuldigen volgens onderstaande formule, waarbij de maximale score 25 is (5 x 5). Risicoscore = inschaling kans x inschaling financieel gevolg Risico’s ontwikkelen zich vaak in de tijd. Daarom wordt periodiek in beeld gebracht hoe risico’s zich ontwikkelen. Op de volgende pagina is de tabel met risico’s opgenomen.
Kadernota 2026-2029
29
Bedragen x € 1.000
Het benodigd weerstandsvermogen is berekend op € 5.068.000. Mocht bijvoorbeeld het risico van een cyberaanval zich voordoen, is het gevolg € 4.000.000 terwijl we voor dit risico maar 10% van dit bedrag aan benodigd weerstandsvermogen hebben opgenomen. De buffers zouden dan bij een ratio van 1 grotendeels dienen te worden ingezet. Om deze reden wordt met een ratio van 2 gerekend. Dat wil zeggen dat de buffers minimaal tweemaal zo hoog dienen te zijn dan het benodigd weerstandsvermogen. Om deze reden beklemmen we een deel van de algemene reserve. Dit deel kan dus niet voor andere doeleinden worden ingezet. Solvabiliteit De solvabiliteitsratio geeft de mate aan, waarmee de gemeentelijke bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Dit geeft inzicht in de mate waarin onze gemeente in staat is op de langere termijn aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe gezonder we zijn. Onze norm is een solvabiliteit van minimaal 20%. Dit wordt ook door de VNG geadviseerd. Een solvabiliteit kleiner dan 20% is onvoldoende, boven de 25% is voldoende. Onze solvabiliteit komt in 2026 naar schatting uit op 30% en is daarmee voldoende. Een betere inschatting kan in de begroting worden weergegeven.
Kadernota 2026-2029
30
BIJLAGE 1 – EFFECTENANALSE VOORJAARSNOTA 2025 In deze bijlage schetsen we een analyse van de effecten van de VJN 2025 (link bestand) voor de gemeente Haaksbergen. We plaatsen een nadrukkelijke disclaimer bij deze effectenanalyse. De feitelijke en betrouwbare analyse dient te worden verricht op basis van de nog te verschijnen meicirculaire (verwachting eind mei). Omdat deze kadernota eerder gereed is dan het verschijnen van de meicirculaire, zien wij aanleiding nu een eerste effectenanalyse te doen om gevoel te krijgen bij de effecten van de VJN 2025 voor Haaksbergen met het oog op de voorgestelde bezuinigingsmaatregelen. De doorrekening van de (feitelijke) effecten van de VJN 2025 geschiedt bij het verschijnen van de meicirculaire en zal financieel betrokken worden in de Begroting 2025 en het meerjarenperspectief 2026-2029. Wat biedt de Voorjaarsnota 2025 voor gemeenten? In onderstaande tabel zijn de bedragen weergegeven die in de VJN 2025 zijn opgenomen in relatie tot het gemeentefonds. Het kabinet geeft aan hiermee in te zetten op ‘goede en beheersbare jeugdzorg en een gezonde financiële positie voor gemeenten’. Bedragen in miljoenen euro’s
Gemeentefonds
2026
1. Demping terugval gemeentefonds 2026
2027
2028
2029
2030
400
422
412
414
424
414
414
414
414
414
498
447
-
-
-
-
-
-260
-260
-260
5. Sturen op trajectduur jeugdzorg
-
-
-68
-68
-68
6. Indexeren opbrengst hervormingsagenda
-
-
-507
-507
-507
1.312
1.238