CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

C8-1.Statenbrief- Aanpak juridische borging aanscherping zonneladder

Gemeenteraad 31 januari 2024, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Vaststelling ingekomen stukken1.740 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Provincie Overijssel Luttenbergstraat 2 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 www.overijssel.nl overijsselloket@overijssel.nl KvK 51048329 IBAN NL45 RABO 0397 3411 21

Provinciale Staten van Overijssel Inlichtingen bij Mevr. T. Drint Telefoon +31384998163 T.Drint@overijssel.nl

Datum

Kenmerk

Zaaknummer

Pagina

20.12.2023

D2023-12-011983

2023-068578

1 van 4

Bijlagen

Uw brief

Uw kenmerk

Onderwerp: Brief aan PS - Aanpak juridische borging aanscherping zonneladder

____________________________________________________________________________________ Toezending aan Provinciale Staten met oogmerk: [X] ter informatie [] anders, en wel: ____________________________________________________________________________________ Met deze brief informeren wij u over de aanpak van de juridische borging van de aanscherping van de zonneladder in de omgevingsverordening. Daarmee geven wij invulling aan het voorgenomen zonbeleid dat op 11 oktober 2023 met u besproken is en dat voor uw Staten aanleiding was om het voorbereidingsbesluit Zonneparken te nemen. Voor de nadere uitwerking van het voorgenomen beleid hebben wij - zoals toegezegd in de statenbrief over het voorgenomen zonbeleid (2023-048724) - een consultatieronde met gemeenten gehouden. Het voorgenomen zonbeleid is ook ter visie gelegd met de mogelijkheid voor inwoners en initiatiefnemers om een zienswijze in te dienen. De consultatieronde en de (30) zienswijzen die zijn ingediend, hebben ons inzicht gegeven in de consequenties van het voorgenomen zonbeleid. De ingediende zienswijzen geven geen aanleiding om af te zien van de aanscherping van de zonneladder. De informatie uit de consultatieronde en de zienswijzen gebruiken wij bij het formuleren van de criteria voor de overgangsregeling in de nieuwe instructie voor zonnevelden in de Omgevingsverordening.

De zonneladder geeft de voorkeursvolgorde van de provincie aan voor de opwekking van zonne-energie. Deze zonneladder is opgenomen in de geldende Omgevingsvisie. Op dit moment regelen we in de Omgevingsverordening alleen de voorwaarden waaronder zelfstandige opstellingen van zonnepanelen (zonnevelden) in de Groene Omgeving kunnen worden toegestaan. Hoewel de voorkeur van de provincie uitgaat naar zon op dak, wordt met de instructieregel Kwaliteitsimpuls Zonnevelden - met het oog op de doelstelling om de energievoorziening op korte termijn te verduurzamen - ruimte geboden voor zonnevelden in de Groene Omgeving, als tijdelijk afwijkend gebruik van de geldende bestemming voor een periode van maximaal 25 jaar. Zowel op provinciaal niveau als vanuit het Rijk is aangedrongen op een aanscherping van de zonneladder.

Datum verzending 21.12.2023

Aanleiding voor de aanscherping van de zonneladder is dat monofunctionele zonneparken een groot beslag leggen op landbouwgronden. Vanuit zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik moet het opwekken van zonne-energie zoveel mogelijk gecombineerd worden met andere functies, bij voorkeur gebouwen. Voor de verduurzaming van de energievoorziening is het niet nodig om in Overijssel nog langer nieuwe zonnevelden of uitbreiding van bestaande zonnevelden toe te staan. Het toenemende ruimtebeslag van zon op land maakt het nog moeilijker om een oplossing te vinden voor de ruimteclaims die andere grote maatschappelijke opgaven doen op het landelijk gebied. Ook kunnen zonnevelden door netcongestie de ontwikkeling van woonlocaties in de weg zitten. De aanscherping van de zonneladder moet ertoe leiden dat zonnevelden in principe niet meer worden toegestaan op landbouw- en natuurgronden. De aanpassing van de Omgevingsverordening die voor de juridische borging van de aanscherping van de zonneladder nodig is, wordt op korte termijn in procedure gebracht. Volgens onze planning wordt het ontwerp op 18 januari 2024 voor 6 weken ter inzage gelegd. Het is de bedoeling om de aanpassing van het artikel over zonnevelden in de vergadering van 27 maart 2024 ter vaststelling aan uw Staten aan te bieden.

Uitgangspunt voor de nieuwe regeling in de Omgevingsverordening is het voorgenomen ruimtelijke beleid voor zonne-energie. Uw Staten zijn akkoord gegaan met deze uitwerking van de passage in het coalitieakkoord ‘Schouder aan schouder’ (2023-2027) waarin een aanscherping van de zonneladder is aangekondigd. De strekking van het voorgenomen beleid voor zon is dat nieuwe zonneparken alleen nog worden toegestaan binnen trede 1 van de Overijsselse zonneladder. Onder trede 1 van de Overijsselse zonneladder valt: de productie van zonne-energie op daken van gebouwen zowel in het stedelijk gebied als in de Groene Omgeving (zoals woningen, bedrijven, agrarische gebouwen), het gebruik van gebieden die bebouwd kunnen worden en bruikbare restruimten (zoals ongebruikte gronden op bedrijventerrein, boven parkeerterreinen en geluidwallen); kleine, goed ingepaste zonnevelden op agrarische erven (tot 2 ha) en kleine, goed ingepaste zonnevelden van lokale initiatieven in stads- en dorpsranden (tot 2 ha).

In het voorgenomen ruimtelijke beleid voor zonne-energie staat dat - op de regel dat alleen nog zonneparken worden toegestaan in trede 1 - een uitzondering gemaakt kan worden voor: initiatieven langs hoofdinfrastructuur, boven bestaande verhardingen (parkeerterreinen), op water zoals inmiddels gerealiseerd op de zandwinplassen Bomhofsplas en Sekdoornseplas; kleinschalige installaties voor eigen gebruik. Het vertrekpunt van de nieuwe regeling is dat er in principe geen nieuwe zonneparken worden toegestaan in de Groene Omgeving. Zonnevelden worden gedefinieerd als zelfstandige opstellingen van zonnepanelen (veldopstellingen). De regeling is daarmee niet van toepassing op zonnepanelen die gecombineerd worden met bebouwing in de Groene Omgeving. Er wordt bij uitzondering ruimte geboden voor kleinschalige ontwikkelingen van zon op land. In de nieuwe regeling worden op de hiervoor genoemde generieke regel uitzonderingen gemaakt voor de categorieën van gevallen die benoemd zijn in het voorgenomen ruimtelijk beleid zoals dat op 11 oktober 2023 is besproken in Provinciale Staten.

Het gaat daarbij om kleinschalige zelfstandige opstellingen van zonnepanelen die genoemd zijn in trede 1 van de Overijsselse zonneladder als mogelijkheden voor de opwekking van zonne-energie in de Groene Omgeving: te bebouwen gebieden of bruikbare restruimten (ongebruikte gronden op erven, boven verhardingen en op geluidswallen), op bouwpercelen van (agrarische) bedrijven (maximaal 2 ha), en

Pagina 2 van 4

-

in stads- en dorpsrandgebieden (ook maximaal 2 ha).

Deze uitzonderingen worden aangevuld met twee van de uitzonderingen die op trede 2 en 3 benoemd zijn in het voorgenomen ruimtelijk beleid voor zon: initiatieven langs hoofdinfrastructuur, en op water (van zandwinplassen zoals de Bomhofsplas en de Sekdoornseplas). Voor kleinschalige installaties voor eigen gebruik en de opstellingen met zonnepanelen boven bestaande verhardingen (parkeerterreinen), geldt dat die al gedekt zijn met de uitzonderingen die vanuit trede 1 voor dit type van ontwikkelingen gemaakt worden. We voorzien in een overgangsregeling voor initiatieven die vergaand in procedure waren op het moment dat tot aanpassing van beleid werd besloten. Om scherp te maken wat moet worden verstaan onder ‘vergaand in procedure’ hanteren we criteria die aan de ene kant gericht zijn op gewekt vertrouwen en aan de andere kant op de uitvoerbaarheid van initiatieven. Voor de overgangsregeling hanteren we als bepalende factor dat een positief principebesluit moet zijn genomen door de gemeente over een concreet initiatief voordat het voorbereidingsbesluit Zonneparken in werking is getreden. Wij definiëren een positief principebesluit als: een schriftelijk vastgelegd besluit van het bevoegd gezag waarmee de gemeente verklaard heeft dat medewerking zal worden verleend aan een concreet initiatief.

Dit betekent dat voor een beroep op de overgangsregeling het schriftelijke bewijs moet worden overgelegd van het besluit van het bevoegd gezag dat is ingestemd met een concreet initiatief voor een zonneveld, dat genomen is vóór de inwerkingtreding van het voorbereidingsbesluit. Voordat medewerking verleend kan worden aan een zonnepark moet ook verzekerd zijn dat het zonnepark zorgvuldig landschappelijk wordt ingepast (basisinspanning). Ook moet verzekerd zijn dat er een extra investering in ruimtelijke kwaliteit in de omgeving wordt gedaan conform de eisen van Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving. Deze eis is op alle nieuwe ontwikkelingen in de Groene Omgeving van toepassing en kan later in de vergunningsfase worden geregeld. De eis van minimaal 50% lokaal eigendom is geen ruimtelijk criterium en kan niet via het publiekrecht worden afgedwongen. Gelet op de aard van een overgangsregeling wordt er een einddatum gesteld waarbinnen de lopende initiatieven tot realisatie moeten komen. Daarmee wordt verzekerd dat we niet eindeloos op basis van het oude recht rekening moeten houden met initiatieven die maar niet van de grond komen en die op basis van het nieuwe recht niet zouden worden toegestaan.

Door een einddatum te stellen aan het moment dat het project moet zijn gerealiseerd, wordt duidelijk gemaakt dat de initiatiefnemer na die datum zijn recht op afhandeling op basis van het overgangsrecht verliest. Daarom wordt in de overgangsregeling de aanvullende voorwaarde gesteld dat: het zonneveld moet uiterlijk 1 januari 2030 moet zijn gerealiseerd. Gelijktijdig met dit traject voor zon wordt ook een traject gestart voor de aanpassing van de verordening op het onderdeel wind. Het is de bedoeling om deze trajecten zoveel mogelijk gelijk op te laten lopen. Er is gekozen voor aparte trajecten omdat het in voorgestelde planning niet mogelijk is om tussentijds (digitale) documenten op te knippen als voor één van beide trajecten meer tijd nodig is. Voor de inhoud en planning van het traject voor de aanpassing van de Omgevingsverordening op het onderdeel windturbines verwijzen wij naar de Statenbrief Aanpak uitvoering windbeleid.

Pagina 3 van 4

Op woensdag 10 januari 2024 wordt een sessie gehouden voor leden van Provinciale Staten over de nieuwe regelingen die worden voorgesteld voor zon en wind. Met de griffie is afgesproken dat er eerst een (besloten) technische informatiesessie van een half uur wordt gehouden, waarin de statenleden aan de hand van een presentatie uitleg krijgen over de aanpak van de juridische borging van het aangescherpte beleid voor zon en wind. Daarna begint de extra commissievergadering Milieu & Energie, die wel openbaar is. Dat deel van de sessie wordt gebruikt om Provinciale Staten te consulteren over de voorgestelde insteek van de nieuwe regelingen voor zon en wind. Vanwege de strakke planning van het traject voor de aanpassing van de Omgevingsverordening op het onderdeel zon is gekozen voor deze constructie, zodat nog voor de terinzagelegging van het ontwerp de inbreng van Provinciale Staten opgehaald kan worden. Dit is onze planning voor de trajecten voor de aanpassing van de Omgevingsverordening voor zon en wind: 10 januari 2024 Consultatie van PS voorstel uitwerking voorgenomen beleid. 16 januari 2024 GS besluiten over de aanpassing van de Omgevingsverordening. 18 januari 2024 De aanpassing van de verordening ligt als ontwerp ter inzage tot en met 1 maart 2024, met de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen.

5 maart 2024 Vaststelling door GS van het statenvoorstel afdoening zienswijzen en aanpassing Omgevingsverordening. 13 maart 2024 Commissie Ruimte en Water. 27 maart 2024 PS-behandeling van het statenvoorstel voor aanpassing van de Omgevingsverordening. 29 maart 2024 Publicatie van de aangepaste verordening.

Hebt u nog technische vragen over de voorgenomen juridische borging van de aanscherping van de zonneladder? Dan kunt u contact opnemen met mw. T. Drint van de eenheid Ruimte en Bereikbaarheid (t.drint@overijssel.nl / 038 – 4998163) Gedeputeerde Staten van Overijssel,

voorzitter, A.P. Heidema

Pagina 4 van 4

secretaris, N. Versteeg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13734461/1