Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 52a vastgesteld 1 anoniem (1)
Tekst van het document
Algemene procedureregels (Artikel 12) In dit artikel zijn nadere eisen opgenomen ten behoeve van de voorbereidingsprocedure. Overige regels (Artikel 13) In dit artikel wordt aangegeven dat de wettelijke regelingen waar in de regels wordt naar verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment vaststelling van dit plan. Daarnaast zijn regels ten aanzien van parkeren en laden en lossen opgenomen.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
46
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld 7.2.5
Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
7.3
Verantwoording van de regels
Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Agrarisch met waarden – Landschap (Artikel 3) De bestemming ‘Agrarisch met waarden – Landschap’ is toegekend aan die delen van het plangebied die rondom het bedrijf zijn gelegen. Met deze bestemming wordt aansluiting gevonden met de omgeving en daarvoor aangewezen bestemmingen in het bestemmingsplan ‘Buitengebied’.
Gronden met deze bestemming zijn onder meer bestemd voor de uitoefening van een agrarisch bedrijf, het weiden van vee en verbouwen van gewassen, ontwikkeling en behoud van landschappelijke waarde van de gronden, infrastructurele voorzieningen, water, extensieve (dag)recreatie, de instandhouding van landschapselementen en bouwwerken, geen gebouw zijnde. Gebouwen zijn binnen deze bestemming niet toegestaan. Binnen deze bestemming zijn qua bouwwerken uitsluitend bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan tot een maximale bouwhoogte van 2 meter. Wonen (Artikel 4) Het erf is voorzien van een woonbestemming. De gronden binnen deze bestemming zijn hoofdzakelijk bestemd voor het wonen, al dan niet in combinatie met ruimte voor een huis verbonden beroep en/of het hobbymatig houden van dieren. Ter plaatse van de aanduiding ‘maximum aantal wooneenheden’ is het daarvoor aangegeven aantal wooneenheden toegestaan. Het hoofdgebouw dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' het hoofdgebouw uitsluitend aaneen dient te worden gebouwd. Voor aanbouwen, uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij een woning geldt dat aanbouwen, uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen gesitueerd dienen te worden achter de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan, ter plaatse van de specifieke bouwaanduiding 'bijgebouwen'.
De gezamenlijke oppervlakte binnen het bestemmingsvlak mag niet meer bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum oppervlakte (m2)'. Daarnaast is de functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf - hoveniersbedrijf’ opgenomen om zodoende (het hoveniersbedrijf) met een oppervlakte van maximaal 350 m 2 mogelijk te maken. Ten slotte is de aanduiding ‘specifieke vorm van wonen – voorwaardelijke verplichting’ een voorwaardelijke verplichting opgenomen, om zodoende de uitvoering van het erfinrichtingsplan en de sloopopgave te borgen. Waarde – Middelmatige archeologische verwachting (Artikel 5) Deze dubbelbestemming is conform het bestemmingsplan ‘Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening veegplan 1’ overgenomen. De voor 'Waarde - Middelmatige archeologische verwachting' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van de aan de grond eigen zijnde archeologische waarden.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
47
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld wetgevingszone - wijzigingsgebied: Ter plaatse van de aanduiding 'wetgevingszone - wijzigingsgebied' kunnen burgemeester en wethouders het plan wijzigen en de bestemming wijzigen ten behoeve van een zoutwinlocatie.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
48
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld
HOOFDSTUK 8
ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID
Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. In het voorliggend geval is een anterieure overeenkomst gesloten tussen initiatiefnemer en de gemeente Haaksbergen. Hierin is tevens het risico van planschade opgenomen zodat het kostenverhaal voor de gemeente volledig is verzekerd. Dit brengt met zich mee dat vaststelling van een exploitatieplan achterwege kan blijven.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
49
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld
HOOFDSTUK 9 9.1
Vooroverleg
9.1.1
Het Rijk
VOOROVERLEG, INSPRAAK & ZIENSWIJZEN
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 9.1.2
Provincie Overijssel
Gezien de aard en omvang van de voorgenomen ontwikkeling en er sprake is van een ontwikkeling dat in overeenstemming is met het provinciaal beleid, is vooroverleg met de provincie Overijssel niet noodzakelijk. 9.1.3
Waterschap Vechtstromen
Vanuit de vragen van de watertoets is gebleken dat het plan waterhuishoudkundig niet van belang is procedure (geen belang). Nader overleg met het waterschap is niet noodzakelijk.
9.2
Inspraak
Conform de gemeentelijke inspraakverordening kan het bestuursorgaan zelf besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. In het voorliggende geval wordt gezien de geringe planologische wijziging geen voorontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd.
9.3
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan heeft voor een periode van zes weken voor eenieder ter inzage gelegen. In deze periode zijn er geen zienswijze ingediend. Bij voorliggend bestemmingsplan zijn een ruimtelijk kwaliteitsplan, bodemonderzoek en ecologisch onderzoek toegevoegd. De toevoeging van de rapporten hebben niet geleid tot een aanpassing van het ontwerpbestemmingsplan. Het plan wordt vastgesteld.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
50
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld
BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
51
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld
Bijlage 1
Ruimtelijk kwaliteitsplan
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
52
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld
Bijlage 2
Bodemonderzoek
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
53
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld
Bijlage 3
Quickscan Natuurwaardenonderzoek
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
54
Bestemmingsplan “Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbranderweg 52 / 52a” Vastgesteld
Bijlage 4
Watertoetsresultaat
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
55
Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbr anderweg 52 / 52a vastgesteld
Bijlagen bij de toelichting
BJZ.nu Bestemmingsplannen
59
Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbr anderweg 52 / 52a vastgesteld
Bijlage 1
Ruimtelijk kwaliteitsplan
BJZ.nu Bestemmingsplannen
60
Landschapsplan
Kolenbranderweg 52-52a, Haakbergen
Vestiging Almelo Twentepoort Oost 16a 7609 RG Almelo
Vestiging Zwolle Dr. van Wiechenweg 2 8025 BZ Zwolle
Vestiging Nieuwegein Vestiging Groningen Helperpark 286-1 Wattbaan 51 3439 ML Nieuwegeinn 9723 ZA Groningen
www.bjz.nu 0546 434 466 info@bjz.nu
1
Landschapsplan Kolenbranderweg 52-52a, Haaksbergen
Auteur: BJZ.nu Status: Concept Datum: April 2024 1
Toelichting Het voornemen Het voornemen heeft betrekking op het erf aan de Kolenbranderweg 52 en 52a in Haaksbergen. Het betreft een voormalig agrarisch erf met een woonboerderij met inwoonsituatie en diverse schuren. Het voornemen bestaat om de bestaande woonboerderij te splitsen in twee reguliere woningen. De schuren blijven in gebruik voor een hoveniersbedrijf en als bijgebouwen bij de woningen. Wel wordt circa 525 m2 aan overtollige voormalige bedrijfsbebouwing gesloopt. BJZ.nu is gevraagd een visie te geven op de inrichting van het projectgebied, waar in voorliggend landschapsplan invulling aan wordt gegeven. 1 Voordat wordt ingegaan op de landschapsmaatregelen volgt eerst een beknopte beschrijving van de landschappelijke kenmerken van de omgeving.
Afbeelding 1 Projectgebied aan Kolenbranderweg 52-52a (bron: Plattekaart.nl)
2
Landschappelijke kenmerken In afbeelding 2 is de ontwikkeling van het landschap tussen 1900 en 2023 te zien. Het landschap nabij het projectgebied betreft een heideontginningslandschap. Lange tijd was een uitgestrekt heidegebied aanwezig, met plaatselijk opgaande beplanting. Door natuurlijke omstandigheden, vooral arme en droge bodems, waren deze gronden in eerste instantie niet geschikt voor landbouwgrond. Vaak werden de gronden gebruikt voor het steken van plaggen voor de bemesting van akkers en het weiden van vee. Onder invloed van verschillende maatschappelijke en economische factoren, is het overgrote deel van de heidevelden in Nederland uiteindelijk tussen 1850 en 1960 ontgonnen. Belangrijke factoren waren de invoering van kunstmest en de verdeling van de gronden onder de markegenoten met bijbehorende aanleg van wegen en watergangen. De heideontginningen kenmerken zich door hun rationele opzet, de duidelijke lijnen in het landschap en de grote regelmatige verkaveling. Erven liggen vaak aan de weg of iets verder van de weg op een kleine zandkop. Doordat veel wegen en erven zijn beplant, wordt de van oudsher aanwezige openheid gebroken. Op sommige plekken zijn bosjes en restanten van heidevelden nog aanwezig.
1900
1950
2023
Afbeelding 2 Ontwikkeling van het landschap tussen 1900 en heden (bron: Topotijdreis)
3
Omgevingsvisie Overijssel
De Omgevingsvisie Overijssel is dé provinciale visie voor de fysieke leefomgeving van Overijssel. De provincie Overijssel stuurt op ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid. Bestaande kwaliteiten moeten worden beschermd en er moeten verbindingen worden gelegd tussen deze bestaande kwaliteiten en nieuwe ontwikkelingen. Dat wil zeggen dat nieuwe ontwikkelingen moeten bijdragen aan de ruimtelijke kwaliteit. Voor het behoud en het versterken van de ruimtelijke kwaliteit vormen essentiële gebiedskenmerken het uitgangspunt. Hierna wordt ingegaan op de gebiedskenmerken in de omgeving van het projectgebied. Natuurlijke laag: Dekzandvlakte en ruggen De dekzandgronden beslaan een groot gedeelte van de oppervlakte van de provincie. Na de ijstijden bleef er in grote delen een reliëfrijk – door de wind gevormd – zandlandschap achter, dat gekenmerkt wordt door relatief grote verschillen tussen hoog/droog en laag/nat gebied. Als ontwikkelingen plaats vinden, dan dragen deze bij aan het beter zichtbaar en beleefbaar maken van de hoogteverschillen en het watersysteem. Beiden zijn tevens uitgangspunt bij (her)inrichting. Bij ontwikkelingen is de (strekkings)richting van het landschap, gevormd door de afwisseling van beekdalen en ruggen, het uitgangspunt.
Laag van het agrarisch cultuurlandschap: Jong heide- en broekontginningslandschap De grote oppervlakte aan – voormalige – natte en droge heidegronden was oorspronkelijk functioneel verbonden met het essen- en oude hoevenlandschap. Hier werd geweid en werden 5
de plaggen gestoken voor in de stal. In de stal bemeste plaggen dienden als structuurverbeteraar en bemesting voor de akkergronden op de essen. Na de uitvinding van kunstmest ging deze functie verloren en werden deze gronden grotendeels in cultuur gebracht. Aanvankelijk kleinschalig en min of meer individueel door keuterboertjes, later werd de ontginning planmatig en grootschalig aangepakt (tot in de jaren 60 van de 20e eeuw). Ten opzichte van omliggend essen- en hoevenlandschap zijn de landbouwontginningen relatief grote open ruimtes, deels omzoomd door boscomplex. Erven liggen als blokken aan de weg geschakeld. Wegen zijn lanen met lange rechtstanden. Vaak zijn het ‘inbreidings’ landschappen met en rommelige driehoekstructuren als resultaat. Als ontwikkelingen plaats vinden in de agrarische ontginningslandschappen, dan dragen deze bij aan behoud en versterking van de dragende lineaire structuren. De dragende structuren worden gevormd door landschappelijke raamwerken van lanen, bosstroken en waterlopen, die de rechtlijnige ontginningsstructuren versterken. Binnen de raamwerken is ruimte voor verdere ontwikkeling van bestaande erven en soms vestiging van nieuwe erven, mits deze een stevige landschappelijke jas krijgen.
Jong heide- en broekontginningslandschap
Afbeelding 3 Laag van het agrarisch cultuurlandschap (Bron: provincie Overijssel)
Afbeelding 4 Ambitie ontwikkelingsrichting heide- en broekontginningslandschap (Bron: provincie Overijssel)
4
Landschapsontwikkelingsplan Haaksbergen & Hof van Twente
De gemeenten Haaksbergen en Hof van Twente hebben een gezamenlijk landschapsontwikkelingsplan laten opstellen (vastgesteld mei 2005). Het landschapsontwikkelingsplan biedt een samenhangende visie op landschapskwaliteit en bouwstenen en inrichtingsprincipes voor landschapsontwikkeling. Landschapsontwikkelingsvisie In de landschapsontwikkelingsvisie is het toekomstbeeld geschetst en de ontwikkeling per legenda-eenheid aangegeven. Hoofddoel van de visie is het onderscheid en de diversiteit tussen de landschapseenheden te vergroten en de samenhang te verbeteren met gerichte investeringen voor de toekomst. In afbeelding 5 is een uitsnede van de kaart behorende bij de landschapsontwikkelingsvisie weergegeven. Het projectgebied is indicatief met oranje cirkel weergegeven.
Ieder ontgonnen veld kent een eigen schaal en patroon van beplanting en bebouwing. In het dekzandlandschap komen kleinere velden voor waar restanten van bos, ven en hei te behouden landschapselementen zijn zoals bij de Benteler Heide en het Markveldensche Veld. De wegbeplanting beperkt zich tot de ontginningsbasis en -grens of langs een zandpad en bestaat bij voorkeur uit berken incidenteel afgewisseld met grove den. De erfbeplanting is vrij besloten rondom een strak en regelmatig opgezet erf. Het voorhuis is gericht op de doorgaande weg en de opstallen staan compact en geordend op de huiskavel. De beplanting beperkt zich tot de singels langs de randen, fruit- en kleinere sierbomen. De schaal van het erf volgt de schaal van de ontginning en de directe omgeving van het erf groeit mee met het erf.
Afbeelding 5 Uitsnede kaart landschapsontwikkelingsvisie (Bron: gemeente Haaksbergen)
Voor de ontwikkeling van het landschap zijn in het landschapsontwikkelingsplan vier thema´s benoemd. Uit de bovenstaande uitsnede van de bij de landschapsontwikkelingsvisie behorende kaart blijkt dat het projectgebied binnen het thema ‘Zorg voor agrarisch werklandschap’ ligt. Zorg voor agrarisch werklandschap: Veldontginningslandschap Het veldontginningslandschap komt in grote eenheden voor op het plateau en de stuwwal waar voor behoud en versterking van het landschapspatroon wordt gepleit. Dit betekent behoud van de open verkaveling van het uitgestrekte veld met zichtbare ontginningsgrenzen. 5 5
Afbeelding 6 Streefbeeld erven in veldontginningslandschap (Bron: gemeente Haaksbergen)
Uitgangspunten Uitgangspunten initiatiefnemer • Splitsing bestaande woonboerderij; • Sloop van overtollige bestaande schuren (circa 525 m2); • Gebruiken bestaande schuren voor een hoveniersbedrijf en als bijgebouwen; • Inpassen van het geheel in de omgeving. Uitgangspunten gemeente • Het projectgebied moet aansluiten bij het streefbeeld voor het kleinschalig veldontginningslandschap volgens het landschapsontwikkelingsplan; • Qua erfbeplanting zijn singels langs de randen, fruit- en kleinere sierbomen gewenst. • Er dient gebruik te worden gemaakt van inheemse soorten. 1 Uitgangspunten provincie Overijssel • De ontwikkeling moet bijdragen aan het behoud en de versterking van de kenmerken van het jong heide- en broekontginningslandschap.
41 6
Legenda 1. Bestaande woning splitsen 2. Bestaande te behouden schuren 3. Te slopen bebouwing (circa 525 m2) 4. Meidoornhaag 5. Aanplant (hoogstam) fruitboomgaard 6. Kruidenmengsel inzaaien onder fruitbomen 7. Aanplant houtsingel
7
4
4
6 5
6 2 3
1 2 2
5
3
1
7
Erfinrichting Het erf kent een karakteristieke opbouw. Het woongedeelte (de dubbele woonboerderij) bevindt zich aan de voorzijde, het werkgedeelte (de schuren) aan de achterzijde. De woonboerderij is daarbij op de weg georiënteerd, waardoor sprake is van een visuele relatie. Er wordt als gevolg van de ontwikkeling geen nieuwe bebouwing opgericht. De splitsing van de bestaande woonboerderij bestaat uit inpandige verbouwingen. Wel wordt circa 525 m2 aan bestaande buiten gebruik geraakte schuren opgeruimd. Door het opruimen van deze bebouwing wordt leegstand en verpaupering voorkomen. Daarmee wordt de ruimtelijke kwaliteit op het erf verbeterd. De overige schuren hebben nog een duurzame vervolgfunctie. Deze worden gebruikt als opslag voor een hoveniersbedrijf, als caravanstalling en als bijgebouwen bij de gesplitste woonboerderij. Voor de ontsluiting van het erf wordt gebruik gemaakt van de twee bestaande in- en uitritten op de Kolenbranderweg. Voor het parkeren is daarnaast voldoende ruimte aanwezig op het erf.
Landschappelijk
Het projectgebied ligt in een heideontginningslandschap. De heideontginningen kenmerken zich door hun rationele opzet, de duidelijke lijnen in het landschap en de grote regelmatige verkaveling. De erven liggen als groene eilanden in het open landschap. De beplanting op erven is vrij besloten rondom een strak en regelmatig opgezet erf. 7
Op het bestaande erf is al sprake van enige beplanting. Het is wenselijk om het erf verder te vergroenen. Een kwaliteitswinst wordt behaald door de aanplant van een houtsingel langs de noordelijke inrit van het erf. Deze houtsingel benadrukt de strakke liniaire structuur van het gebied. Daarnaast biedt de singel een geschikt leefgebied voor diverse fauna. Op het zijerf is ruimte voor een boomgaard met (hoogstam)fruitbomen. Fruitbomen komen van oorsprong voor het (agrarische)erven in het buitengebied, waarbij vaak sprake was van een meidoorn als omheining. Een boomgaard vormt dan ook een waardevolle aanvulling. Ook wordt het erf met de bomen groen ingevuld, waardoor een goed balans ontstaat tussen bebouwing en groen op het erf. Er kan gekozen worden uit bijvoorbeeld een handappel, moesappel, stoofpeer, handpeer, pruim of kers. Onder de fruitbomen wordt een kruidenmengsel ingezaaid, waarmee bijen en andere insecten een geschikt leefgebied krijgen. Met de voorgestelde maatregelen wordt het perceel goed ingepast in het landschap en neemt de ruimtelijke kwaliteit toe.
Staalkaarten Kruidenrijk grasland
Soort: De Cruydt Hoeck
Soort: Biodivers
Soort: De Bolderik
Kruidenmengsel O1 Onderbegroeiing - boszoom
Kruidenmengsel B113 Mengsels van bloemrijke ruigten en struwelen
Kruidenmengsel Bo2 Bosranden en onderbegroeiingsmengsel fijn
Samenstelling Look-zonder-look, Gewone engelwortel, Fluitenkruid, Grote klit, Gewone klit, Ruig klokje ,Dolle kervel, Wilgenroosje, Stinkende gouwe, Klein streepzaad, Vingerhoedskruid, Koninginnenkruid, Moerasspirea, Robertskruid, Geel nagelkruid, Gewone berenklauw, Stijf havikskruid, Akkerkool, Bos-vergeet-mij-nietje, Gewone brunel, Knopig helmkruid, Dagkoekoeksbloem, Bosandoorn, Boerenwormkruid, Valse salie, Heggendoornzaad, Echte valeriaan, Vogelwikke
Samenstelling Aartsengelwortel, Barbarakruid, Berenklauw, Boerenwormkruid, Echte smele, Echte valeriaan, Fluitenkruid, Gewone engelwortel, Gewoon vingerhoedskruid, Goudgele honingklaver, Groot kaasjeskruid, Grote kattenstaart, Guldenroede, Harig wilgenroosje, Heggeduizendknoop, Koninginnekruid, Leverkruid, Look zonder look, Moeraskruiskruid, Moerasspirea, Muskuskaasjeskruid, Rietzwenkgras, Wilgenroosje, Witte honingklaver
Samenstelling Gewone agrimonie, Welriekende agrimonie, Look zonder look, Daslook, Wilde akelei, Grasklokje, Ruig klokje, Stinkende gouwe, Borstelkrans, Vingerhoedskruid, Moerasspirea, Boswalstro, Robertskruid, Knikkend nagelkruid, Ruig hertshooi, Muskuskaasjeskruid, Bosvergeet-mij-nietje, Slanke sleutelbloem, Gulden (echte) sleutelbloem, Gewone brunel, bijenkorfje, Dagkoekoeksbloem, Echte guldenroede, Bosandoorn ,Grote muur, Valse salie, Echte valeriaan
8
1
Legenda 1. Aanplant hoogstam fruitbomen Malus/Pyrus/Prunus naar eigen keuze, bij voorkeur oude Hollandse rassen, aanplantmaat 10 (stamomtrek in cm) of groter, 9 stuks, onderlinge afstand min. 6 meter 2.
Inzaaien inheems kruidenmengsel naar keuze
3. Aanplant meidoornhaag Crataegus monogyna, aanplantmaat 80-100, dubbele rij, 9 st/m1 aanplanten Eindbeeld: geschoren haag van circa 1 meter hoog
4
4. Aanplant houtsingel circa 300 m2 Quercus robur - Zomereik (10%) Betula pendula - Ruwe Berk (10%) Prunus spinosa - Sleedoorn (20%) Crataegus monogyna - Eenstijlige meidoorn (20%) Euonymus eruopaeus - Kardinaalmuts (20%) Corylus avellana - Hazelaar (20%) Plantafstand: 1 stuk/m2 Aanplantmaat: bosplantsoen 60 - 80 cm hoog
3 1
2
Landschapsmaatregelen Haaksbergen, Kolenbranderweg 52-52a Formaat: A3 Schaal: 1 : 1000 Datum: April 2024
Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Kolenbr anderweg 52 / 52a vastgesteld
Bijlage 2
Bodemonderzoek
BJZ.nu Bestemmingsplannen
73
Verkennend Bodemonderzoek
Project:
2023-276
Locatie:
Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Opdrachtgever:
BJZ.nu Twentepoort Oost 16a 7609 RG Almelo
Datum:
12 januari 2024
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Verkennend Bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Opdrachtgever:
BJZ.nu
Adviesbureau:
Dumea Milieu
Status: Versie: Datum versie: Projectnummer:
Definitief 1 12 januari 2024 2023-276
Auteur:
Paraa
Kwaliteitscontrole:
Paraa
Veldwerkers: *De vermelde personen zijn akkoord met de openbaring van zijn of haar persoonsgegevens in het kader van de AVG-privacy wetgeving.
2023-276
12-1-2024
Pagina 2 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Inhoudsopgave Pagina 1
Inleiding
4
2
Vooronderzoek
5
3
4
5
2.1 Locatie gegevens
5
2.2 Algemene informatie locatie
5
2.3 Directe omgeving locatie
6
2.4 Eerder uitgevoerd (bodem)onderzoek
6
2.5 Regionale bodemopbouw en geohydrologie
6
2.6 Vooronderzoek PFAS
7
2.7 Vooronderzoek 5707 Asbest
7
2.8 Visuele inspectie bodemoppervlak op asbest
7
Onderzoeksprogramma
8
3.1 Hypothesestelling
8
3.2 Onderzoeksopzet
8
3.3 Analysestrategie
9
Onderzoeksresultaten
10
4.1 Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen
10
4.2 Analyseresultaten
10
4.3 Toetsing van de hypothese
12
4.4 Toetsing aan de noodzaak tot vervolgonderzoek
12
Samenvatting en conclusie
BIJLAGE I: BIJLAGE II: BIJLAGE III: BIJLAGE IV: BIJLAGE V: BIJLAGE VI:
2023-276
13
Situering van de locatie Situering van de locatie (schaal 1: 500) Overzichtstekening boorpunten Boorstaten Analysecertificaten en Overschrijdingstabellen Foto's
12-1-2024
Pagina 3 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
1 Inleiding In opdracht van BJZ.nu heeft Dumea Milieu een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen. De regionale ligging van de locatie is weergegeven in bijlage I. In onderhavig onderzoek is het verkennend bodemonderzoek uitgebreid met een asbest in grondonderzoek. Aanleiding van het onderzoek is in het kader van voorgenomen ruimtelijke ontwikkelingen. Doel van het onderzoek is het door middel van een steekproef conform het soort bodemonderzoek, nagaan van de huidige kwaliteit van de grond op de locatie. Het onderzoek is niet bedoeld om de exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven. Het verkennend onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen: - NEN 5725 Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek (NEN5725:2023); - NEN 5740 Bodem - Landbodem - strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond (NEN5740:2023); - NEN 5707 Bodem – Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem.
(NEN 5707+C2:2017) - NEN 5897 Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat (NEN5897+C2:2017) - BRL SIKB Protocol 2001 “Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen” - BRL SIKB Protocol 2002 “Het nemen van grondwatermonsters” - BRL SIKB Protocol 2018 “Locatie inspectie en monsterneming van asbest in bodem"
Dumea Milieu is een handelsnaam van Terra Agribusiness. Het procescertificaat van Terra Agribusiness en het hierbij behorende keurmerk (BRL SIKB 2000) zijn van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundig veldwerk, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, en de overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium. Om de onafhankelijkheid van het onderzoek te waarborgen, verklaart Terra Agribusiness op geen enkele wijze gelieerd te zijn aan de te onderzoeken projectlocatie, zowel in juridische, financiële of personele sfeer. De opbouw van dit rapport wordt als volgt weergegeven: - vooronderzoek naar historie en bodemgesteldheid; - opstellen van een hypothese; - opstellen van een onderzoeksstrategie; - resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek; - conclusies, aanbevelingen en samenvatting. In geval van klachten kan de opdrachtgever zich wenden tot Dumea Milieu en zo nodig tot de certificerende-instelling (Normec).
2023-276
12-1-2024
Pagina 4 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
2 Vooronderzoek Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de onderzoeksstrategie op de locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De onderstaande informatie is afkomstig uit:
Tabel 1 Bronnen vooronderzoek Bron
Omschrijving
www.ahn.nl
AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland)
www.bodemloket.nl
Bodemloket van Nederland
www.topotijdreis.nl
Historische kaarten
www.dinoloket.nl
Ondergrond gegevens van Nederland
BAG viewer
Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG)
Gemeente Haaksbergen
Bodem gerelateerde informatie van de gemeente
Bodematlas Provincie Overijssel
Bodem gerelateerde informatie van de Provincie Overijssel
Informatie Opdrachtgever
BJZ.nu
Inspectie onderzoekslocatie
Visueel inspectie van de locatie
2.1 Locatie gegevens Gegevens over de locatie zijn weergegeven in onderstaande tabel
Tabel 2 Locatiegegevens Adres onderzoekslocatie
Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Kadastrale gemeente
Haaksbergen
Sectie
P
Percelen
1121, 1404, 1149
Oppervlakte van de onderzoekslocatie
2x <500 m2
Eigenaar/ gebruiker
-
Korte beschrijving van de onderzoekslocatie
De locatie bestaat uit een voormalig agrarisch erf
Bebouwing
Op de locatie staat een woning met enkele schuren
Verharding
De onderzoekslocatie is grotendeels verhard met beton en menggranulaat
2.2 Algemene informatie locatie De locatie aan de Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen betreft een voormalig agrarisch erf met een woning en een aantal schuren. De onderzoekslocatie bestaat uit twee deellocaties (zie bijlage III). De twee onderzoekslocaties zijn aangegeven door de opdrachtgever. Op historische kaarten is vanaf 1937 bebouwing op de locatie te zien. Volgens het BAG-register is de huidige woning gebouwd in 1994. De schuren zijn volgens het register gebouwd tussen 1984 en 1990. Vanaf 1993 is op de kaarten de vorm van de bebouwing overeenkomstig met de huidige situatie. Op 24 oktober 2001 is een aanvraag ontvangen om een vergunning ingevolge de Wet milieubeheer. De aanvraag betreft een nieuwe de gehele inrichting omvattende milieuvergunning voor een paarden- en schapenhouderij. Qua veebezetting is in 1990 vergunning verleend voor het houden van 1200 varkens, 160 schapen en 300 lammeren. Uit historische informatie is gebleken dat er een bovengrondse dieseltank met een inhoud van 2000 liter op de locatie aanwezig is (geweest). Deze bevond zich op enige afstand van onderhavige onderzoekslocatie. Op de locatie hebben zich in het verleden, voor zover bekend, geen calamiteiten en/of bedrijfsactiviteiten voorgedaan die van invloed zijn geweest op de bodemkwaliteit van onderhavige onderzoekslocatie.
2023-276
12-1-2024
Pagina 5 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Er is verder geen bodemrelevante informatie van de onderzoekslocatie bekend bij de geraadpleegde bronnen. 2.3 Eerder uitgevoerd (bodem)onderzoek Op de locatie is in 1994 een bodemonderzoek uitgevoerd (Blgg, rapportnummer: 93518, d.d. januari 1994). Aanleiding van dit onderzoek vormde de voorgenomen nieuwbouw van een woning. In dit onderzoek zijn lichte verhogingen aangetroffen in de bovengrond en in het grondwater. 2.4 Directe omgeving locatie De onderzoekslocatie bevindt zich in het buitengebied van Haaksbergen. In de directe omgeving bevinden zich enkele woonhuizen, agrarische bedrijven en landbouwpercelen. Westelijk van de locatie ligt het industrieterrein “Stepelo”. Op historische kaarten wordt de omgeving aangeduid als "Jordaanshoeve". Er is geen bodemrelevante informatie van de directe omgeving van de onderzoekslocatie bekend welke mogelijk invloed heeft gehad op de bodemkwaliteit ter plaatse van onderzoekslocatie. 2.5 Regionale bodemopbouw en geohydrologie De regionale geohydrologische bodemopbouw is weergegeven in onderstaande figuur.
Figuur 1 Geologisch opbouw landelijk model DGM v2.2
De boorlocatie bevindt zich circa 25 meter boven NAP. De regionale grondwaterstroming is noordwestelijk.
2023-276
12-1-2024
Pagina 6 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
2.6 Vooronderzoek PFAS PFAS komt op verschillende manieren in het grond- en grondwatersysteem in Nederland terecht. Bij lokaal gebruik en calamiteiten leidt dit tot het 'klassieke' bron-grondwaterpluim beeld. Het meest verdacht voor PFAS in het milieu zijn die locaties waar PFAS worden geproduceerd. Ook brandweer-oefen-plaatsen waar met grote regelmaat brandblusschuim is toegepast, zijn verdacht. Er zijn echter ook vele andere toepassingen van PFAS die kunnen leiden tot een grondof grondwaterverontreiniging. In het handelingskader van het Expertisecentrum PFAS zijn alle bedrijfsactiviteiten en toepassingen beschreven waar PFAS wordt gebruikt en de kans dat daarbij PFAS in het milieu vrijkomt. Uit historisch onderzoek van onderhavig onderzoekslocatie blijkt dat geen van de beschreven toepassingen uit het handelingskader plaats heeft gevonden op of nabij de onderzoekslocatie. Op basis van de verkregen informatie kan gesteld worden dat de onderzoekslocatie als onverdacht gedefinieerd kan worden met betrekking tot PFAS in de bodem. 2.7 Vooronderzoek 5707 Asbest Uit de verkregen historische informatie blijkt dat vanaf circa 1937 bebouwing op de locatie aanwezig is. In de afgelopen decennia is verschillende bebouwing aanwezig (geweest) op de locatie. Het is mogelijk dat tijdens (ver)bouwwerkzaamheden asbest in de gebouwen verwerkt is.
De daken van de schuren bevatten (deels) asbesthoudende dakbedekking. Er is één druppelzone waar het lekwater van de asbesthoudende dakbedekking rechtstreeks in de onbeschermde bodem terechtkwam. Onder de lekstroom is een verharding van menggranulaat aanwezig. Ter plaatse van de overige lekstromen is verharding aanwezig of de daken zijn voorzien van dakgoten met degelijke afvoerpijpen. Door het (jarenlange) gebruik van de locatie als agrarisch erf worden beide deellocaties als verdacht beschouwd met betrekking tot de aanwezigheid van asbest in de bodem. 2.8 Visuele inspectie bodemoppervlak op asbest Op 18-12-2023 is de locatie visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest. De maaiveldinspectie is uitgevoerd conform de NEN 5707. Het maaiveld van de onderzoekslocatie is verdeeld in stroken van ongeveer 1m breed en is strook voor strook in 2 richtingen haaks op elkaar geïnspecteerd. In onderstaande tabel zijn de resultaten van de maaiveldinspectie beknopt weergegeven.
Tabel 3 Maaiveldinspectie NEN5707 & NEN5897 Aandachtsgebied
Opmerking
Oppervlakte geïnspecteerde locatie
2x <500 m2
Conditie toplaag
Vochtig
Beperkingen van de inspectie
Neerslag: geen, >25% verharding
Weersomstandigheden
Zicht: > 50m
Asbestverdacht materiaal op maaiveld aangetroffen?
Nee
Opmerking
De maaiveldinspectie werd beperkt door de verharding
Resultaat maaiveld inspectie Ter plaatse van de onderzoekslocatie is geen asbestverdacht materiaal op het maaiveld aangetroffen.
2023-276
12-1-2024
Pagina 7 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
3
Onderzoeksprogramma
3.1
Hypothesestelling
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn voor de locatie één of meer hypotheses geformuleerd ten aanzien van grond en grondwaterverontreiniging. Op basis van het historisch vooronderzoek blijkt dat de locatie een voormalige agrarische bedrijfslocatie betreft. Naar aanleiding van de bevindingen van het historisch vooronderzoek wordt de locatie als verdacht beschouwd en wordt als best passende strategie VED-HE gehanteerd. De bovengrond van de beide deellocaties kunnen als verdacht worden beschouwd met betrekking tot de chemische parameters alsmede asbest. In het kader van de NEN5740 en NEN5707 dient de bovengrond onderzocht te worden conform onderzoeksstrategie VED-HE. De ondergrond kan als onverdacht beschouwd worden. De volgende deellocaties en hypotheses worden aangehouden:
Tabel 4 Deellocaties en hypothese NEN5740 Locatie Deellocatie 1 Deellocatie 2
Hypothese
Verdachte stoffen
Opmerking
Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE)
Zware metalen, PAK Zware metalen, PAK
-
Verkennend bodemonderzoek NEN5707 & NEN5897 Het asbest in grondonderzoek heeft tot doel het globaal vaststellen van het gemiddelde asbestgehalte van de deellocatie (ruimtelijke eenheid) en het vaststellen van de globale omvang van een eventueel aanwezige asbestverontreiniging.
Tabel 5 Deellocaties en hypothese NEN5707 & NEN5897 Locatie Deellocatie 1 Deellocatie 2 Druppelzone 1
Hypothese
Verdachte stoffen
Opmerking
Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE)
Asbest in grond Asbest in grond Asbest in puin
-
De druppelzone (bestaande uit menggranulaat) ter plaatse van deellocatie 2 wordt onderzocht conform de strategie VED-HE. 3.2 Onderzoeksopzet De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 18 december 2023 (plaatsing peilbuis en monstername grond), 29 december 2023 (monstername grondwater). De positie van de boorlocaties zijn weergegeven in bijlage III.
Tabel 6 Onderzoeksopzet NEN 5740 (VED-HE) Locatie
Ondiepe boringen1
Deellocatie 1 Deellocatie 2
3 3
Diepe boringen2
Peilbuizen
1 1
1 1
Analyses grond
Analyses water
2x st. grond AS3000 2x st. grond AS3000
1x st. grondwater AS3000 1x st. grondwater AS3000
1 Ondiepe boringen standaard tot 0,5 m-mv.
2 Diepe boringen tot de grondwaterstand met een minimum van1,0 m-mv en een maximum van 2,0 m-mv.
Tabel 7 Onderzoeksopzet NEN5707 & NEN5897 Locatie Deellocatie 1 Deellocatie 2 Druppelzone 1
Proefgaten ondiep1
Proefgaten met diepe boring2
Analyses asbest in grond3
1 1 -
1 1 1
3 3 2*
1 Ondiep proefgat standaard 0,3m x 0,3m x 0,5m (lxbxh).
2 Standaard proefgat van 0,3m x 0,3m x 0,5m (lxbxh) diep doorgeboord met edelmanboor Ø 12cm.
3 Analyse conform NEN5898; aantal analyses asbest in materiaal op basis van zintuiglijke waarnemingen in het veld.
* Druppelzones standaard 2,0m x 0,30m x 0,10 (lxbxh).
2023-276
12-1-2024
Pagina 8 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
3.3 Analysestrategie Ten behoeve van het analytisch onderzoek zijn op het laboratorium mengmonsters samengesteld. In de onderstaande tabel is de samenstelling van de monsters verwerkt. De aangetroffen situatie ten tijde van de uitvoering van de veldwerkzaamheden gaf geen aanleiding tot het aanpassen van de onderzoeksstrategie.
Tabel 8 Analyse onderzochte monsters NEN 5740 Analyse monster BM1
Traject (m-mv) 0,00 - 0,50
BM2
0,00 - 0,50
OM1
0,50 - 1,50
OM2
0,50 - 1,50
Deelmonsters 1 (0,08 - 0,50) 2 (0,05 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 5 (0,12 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 7 (0,00 - 0,50) 8 (0,00 - 0,50) 9 (0,00 - 0,50) 1 (0,50 - 1,00) 1 (1,00 - 1,50) 2 (0,50 - 1,00) 2 (1,00 - 1,50) 6 (0,50 - 1,00) 6 (1,00 - 1,50) 7 (0,50 - 1,00) 7 (1,00 - 1,50)
Analyse AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
Analyse monster
Traject (m-mv)
Analyse
Pb1wm1 Pb6wm1
1,50 - 2,50 1,50 - 2,50
NEN 5740gw standaardpakket (AS3000) NEN 5740gw standaardpakket (AS3000)
Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab BV. Alle analyses zijn AS3000 erkende verrichtingen.
Motivatie analysestrategie deellocatie 1 Conform de NEN5740 strategie VED-HE-NL, dienen er 2 grondmonsters in de verdachte laag geanalyseerd te worden. Op basis van het historische gebruik van de locatie is de bovengrond de meest verdachte laag. Op basis van zintuiglijke waarnemingen en het beoogde gebruik van de onderzoekslocatie is besloten om 1 mengmonster van de bovengrond (BM1) en 1 mengmonster van de ondergrond (OM1) te analyseren. Motivatie analysestrategie deellocatie 2 Conform de NEN5740 strategie VED-HE-NL, dienen er 2 grondmonsters in de verdachte laag geanalyseerd te worden. Op basis van het historische gebruik van de locatie is de bovengrond de meest verdachte laag. Op basis van zintuiglijke waarnemingen en het beoogde gebruik van de onderzoekslocatie is besloten om 1 mengmonster van de bovengrond (BM2) en 1 mengmonster van de ondergrond (OM2) te analyseren.
Tabel 9 Analyse onderzochte monsters NEN5707 & NEN5897 Analyse monster MM1
Traject (m-mv) 0,00 - 0,50
MM2
0,00 - 0,50
DZ1
0,00 - 0,10
Deelmonster
Analyse
2 (0,05 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 4 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 7 (0,00 - 0,50) 8 (0,00 - 0,50) 9 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,10) 11 (0,00 - 0,10) 12 (0,00 - 0,10) 12 (0,00 - 0,10)
Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (25 kg)
Alle monsters ten behoeve van de NEN 5707 zijn geanalyseerd door ACMAA Laboratorium te Deurningen.
Gezien de zintuiglijke waarnemingen kan gesteld worden dat de homogeniteit van de verschillende inspectiegaten voldoende aanwezig is.
2023-276
12-1-2024
Pagina 9 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
4
Onderzoeksresultaten
4.1 Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen In bijlage V zijn de visuele waarnemingen in de vorm van boorprofielen weergegeven. Veldwaarnemingen De bovengrond bestaat uit matig fijn zand. De ondergrond bestaat eveneens uit matig fijn zand. In de onderstaande tabel zijn de zintuiglijk waargenomen bijzonderheden weergegeven:
Tabel 10 Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Boring/Gat 5 6 11 12
Diepte boring (m -mv) 0,50 2,50 0,10 0,10
Traject (m -mv) 0,00 - 0,12 0,00 - 0,30 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden Stelcon plaat volledig puin, menggranulaat volledig puin, menggranulaat volledig puin, menggranulaat
Er is geen asbestverdacht materiaal aan het oppervlak, inspectiegaten en in de boringen aangetroffen. Onder de opstallen bevindt zich grotendeels een mestkelder waardoor inpandig onderzoek hier niet mogelijk is. De kwaliteit van de bodem onder de mestkelders wordt niet slechter verwacht dan de bodemkwaliteit naast de mestkelders. De mengmonsters BM1 en MM1 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond, ter plaatse van deellocatie 1. De mengmonsters BM2 en MM2 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond, ter plaatse van deellocatie 2. De mengmonsters OM1 en OM2 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de ondergrond van beide deellocaties. DZ1 betreft de druppelzone op deellocatie 2 (zie bijlage III). De mengmonsters ten behoeve van de NEN5740 zijn samengevoegd door AL-West Agrolab. De mengmonsters ten behoeve van de NEN5707 zijn tijdens het veldwerk samengevoegd. Grondwater De filterbuis wordt minimaal een halve meter beneden de grondwaterspiegel geplaatst, waarna de dichte buis tot iets boven maaiveld wordt gemonteerd en afgedicht met bentoniet om instroom van oppervlaktewater te voorkomen. In onderstaande tabel zijn de gegevens betreffende de grondwaterbemonstering opgenomen:
Tabel 11 Metingen grondwater Peilbuis Pb1wm1 Pb6wm1
Filterdiepte (m -mv) 1,50 - 2,50 1,50 - 2,50
Grondwaterstand (m -mv) 0,65 0,85
pH (-) 6,4 6,5
EC (µS/cm) 149 178
Troebelheid (NTU) 42 27
Geen van de gemeten waarden wijkt duidelijk af van de waarde, welke gezien de natuurlijke omstandigheden verwacht kan worden.
4.2 Analyseresultaten De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven in bijlage V. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab. Deze analyses zijn allen AS3000 erkende verrichtingen. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5707 zijn geanalyseerd door ACMAA Laboratorium te Deurningen.
2023-276
12-1-2024
Pagina 10 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Tabel 12 Kwaliteitsklassen grond (T101 Omgevingswet) Kwaliteitseis Landbouw/natuur Wonen Industrie
Ondergrens van kwaliteitsklasse Landbouw/natuur Wonen
Bovengrens van kwaliteitsklasse Landbouw/natuur Wonen Industrie
Matig verontreinigd
Industrie
Interventiewaarde bodemkwaliteit
Sterk verontreinigd
Interventiewaarde bodemkwaliteit
-
Voormalige benaming (voor inwerkingtreding Omgevingswet Achtergrondwaarde Klasse Wonen Klasse Industrie Niet toepasbaar en niet sterk verontreinigd (beneden interventiewaarde) Niet toepasbaar en sterk verontreinigd (boven interventiewaarde)
Tabel 13 Beoordeling aan de interventiewaarde bodemkwaliteit landbodem (T130 Omgevingswet) Kwaliteitseis Omvang bodemvolume grondverzet <25 m3 Kleiner of gelijk aan de Geen regels Interventiewaarde Groter dan Geen regels of bruidsschat Interventiewaarde
Omvang bodemvolume grondverzet >25 m3 Algemene regels uit Bal Algemene regels uit Bal (zwaardere variant)
In de Omgevingswet is de toetsing voor grondwater komen te vervallen. Derhalve zal het grondwater getoetst worden aan het toetsingskader van de Wet bodembescherming.
Tabel 14 Toetsingskader Wbb (grondwater) Concentratie ≤ streefwaarde > streefwaarde ≤ T-waarde > T-waarde ≤ I-waarde
Betekenis Niet verontreinigd Licht verontreinigd Matig verontreinigd
> I-waarde
Sterk verontreinigd
Toelichting:
Opmerking Geen aanvullend onderzoek nodig Geen aanvullend onderzoek nodig Mogelijk nader bodemonderzoek noodzakelijk Nader bodemonderzoek noodzakelijk; mogelijk sprake van ernstige bodemverontreiniging
Code * ** ***
De halve som van de AW- en I-waarden ((AW+I)/2 = T-waarde) is een toetsingswaarde waarboven er een vermoeden is van grondwaterverontreiniging. Door middel van aanvullend onderzoek moet dit vermoeden worden getoetst. De I-waarden zijn de ‘interventiewaarden’. Als de I-waarde voor een stof wordt overschreden in meer dan meer dan 100 m3 grondwater (bodemvolume), dan wordt gesproken van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
Tabel 15 Analyseresultaten NEN 5740 Monster
Traject (m-mv)
Samenstelling
Verhogingen
Kwaliteitsklasse
Beoordeling interventiewaarde Voldoet aan interventiewaarde
BM1
0,00 - 0,50
PAK 10 VROM+
Landbouw/natuur
BM2
0,00 - 0,50
PCB (som 7)+
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
OM1
0,50 - 1,50
-
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
OM2
0,50 - 1,50
-
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
Pb1wm1 Pb6wm1
1,50 - 2,50 1,50 - 2,50
1 (0,08 - 0,50) 2 (0,05 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 5 (0,12 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 7 (0,00 - 0,50) 8 (0,00 - 0,50) 9 (0,00 - 0,50) 1 (0,50 - 1,00) 1 (1,00 - 1,50) 2 (0,50 - 1,00) 2 (1,00 - 1,50) 6 (0,50 - 1,00) 6 (1,00 - 1,50) 7 (0,50 - 1,00) 7 (1,00 - 1,50) Pb1 Pb6
Mo*
+ groter dan landbouw/natuur ++ groter dan wonen +++ groter dan industrie ++++ groter dan matig verontreinigd
* groter dan streefwaarde ** groter dan tussenwaarde *** groter dan interventiewaarde
2023-276
12-1-2024
Pagina 11 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Tabel 16 Analyseresultaten NEN5707 & NEN5897 Monster MM1
Traject (m-mv) 0,00 - 0,50
MM2
0,00 - 0,50
DZ1
0,00 - 0,10
Samenstelling 2 (0,05 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 4 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 7 (0,00 - 0,50) 8 (0,00 - 0,50) 9 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,10) 11 (0,00 - 0,10) 12 (0,00 - 0,10) 12 (0,00 - 0,10)
Matrix Asbest in grond
Resultaat Bevat geen asbest
Asbest in grond
2,2 mg/kg ds
Asbest in puin
Bevat geen asbest
Het resultaat in bovenstaand tabel is het gewogen asbestgehalte berekend door het gehalte aan serpentijn asbest te vermeerderen met 10 maal het gehalte aan amfibool asbest.
4.3
Toetsing van de hypothese
Onderdeel
Deellocatie
NEN 5740 NEN 5740 NEN 5707 NEN 5707 NEN 5707
Deellocatie 1 Deellocatie 2 Deellocatie 1 Deellocatie 2 Druppelzone 1
4.4
Gestelde hypothese
Hypothese verworpen of aangenomen
Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht
Grotendeels verworpen Grotendeels verworpen Verworpen Grotendeels verworpen Verworpen
Toetsing aan de noodzaak tot vervolgonderzoek
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740
Deellocatie 1
Op basis van de onderzoeksresultaten bestaat er geen aanleiding voor het laten uitvoeren van een nader onderzoek.
Deellocatie 2
Op basis van de onderzoeksresultaten bestaat er geen aanleiding voor het laten uitvoeren van een nader onderzoek. Verkennend bodemonderzoek NEN5707
Deellocatie 1
Ter plaatse van de deellocatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In het mengmonster is analytisch geen asbest aangetoond. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
Deellocatie 2
Ter plaatse van de deellocatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. Het gewogen asbestgehalte in mengmonster MM2 is ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
Druppelzone 1
Ter plaatse van de druppelzone zijn twee inspectiesleuven gegraven. In het mengmonster is analytisch geen asbest aangetoond. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
2023-276
12-1-2024
Pagina 12 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
5 Samenvatting en conclusie Op een locatie gelegen aan Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen, kadastraal bekend gemeente: Haaksbergen, Sectie: P, nummer(s): 1121, 1404, 1149 is op 18 december 2023 een verkennend bodemonderzoek conform NEN5740 en 5707 uitgevoerd. De locatie betreft een voormalig agrarisch erf met een woning en een aantal schuren. De onderzoekslocatie bestaat uit twee deellocaties (zie bijlage III). De twee onderzoekslocaties zijn aangegeven door de opdrachtgever. Naar aanleiding van de bevindingen van het historisch vooronderzoek wordt de locatie als verdacht beschouwd in het kader van de NEN5740 en de NEN5707.
Verkennend bodemonderzoek NEN5740
Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn boringen en inspectiegaten uitgevoerd ten behoeve van een bodemonderzoek conform de NEN5740 en NEN5707.
Deellocatie 1
In het bovengrondmengmonster BM1 is een verhoging PAK beneden de interventiewaarde aangetoond. In het ondergrondmengmonster OM1 zijn geen verhogingen aangetroffen. In het grondwatermonster Pb1wm1 zijn eveneens geen verhogingen aangetroffen.
Deellocatie 2
In het bovengrondmengmonster BM2 is een verhoging PCB beneden de interventiewaarde aangetoond. In het ondergrondmengmonster OM2 zijn geen verhogingen aangetroffen. In het grondwatermonster Pb6wm1 is een lichte verhoging molybdeen aangetroffen. De boven- en ondergrond valt in de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/natuur. Aangezien geen partijkeuring conform het Regeling Bodemkwaliteit is uitgevoerd, dienen de resultaten in het kader van de Rbk als indicatief beschouwd te worden. Er heeft geen onderzoek naar de parameters PFAS plaats gevonden. Bij afvoer van grond zal dit wellicht alsnog in een later stadium moeten worden uitgevoerd.
Verkennend bodemonderzoek NEN5707 "asbest in bodem"
Tijdens de maaiveld- inspectie zijn ter plaatse van de onderzoekslocatie geen asbestverdachte materialen op het maaiveld aangetroffen.
Deellocatie 1
Ter plaatse van de deellocatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In de gegraven inspectiegaten is visueel geen asbest waargenomen. In het mengmonster MM1 is analytisch geen asbest aangetoond.
Deellocatie 2
Ter plaatse van de deellocatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In de gegraven inspectiegaten is visueel geen asbest waargenomen. Het mengmonster MM2 is licht asbesthoudend; het gewogen asbestgehalte is ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek.
Druppelzone 1
Ter plaatse van de druppelzone zijn twee inspectiesleuven gegraven en is er een mengmonster samengesteld. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. In het mengmonster DZ1 is analytisch geen asbest aangetoond.
2023-276
12-1-2024
Pagina 13 van 20
Verkennend bodemonderzoek Kolenbranderweg 52 te Haaksbergen
Algemeen Op basis van onderhavig onderzoek wordt een nader bodemonderzoek voor deze locatie niet noodzakelijk geacht. De onderzoekslocatie wordt vanuit milieuhygiënisch oogpunt geschikt geacht voor het beoogde gebruik. Als grond van de locatie vrijkomt, moet er rekening mee worden gehouden dat deze niet zonder meer elders toepasbaar is. De toepassing van grond elders moet worden gemeld via het ‘Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)’.
Hoewel het verrichte veld- en laboratoriumonderzoek volgens de geldende normen zijn uitgevoerd, dienen de onderzoeksresultaten met enige voorzichtigheid te worden gehanteerd. Door de bodem steekproefsgewijs te onderzoeken is ernaar gestreefd om een representatief beeld te krijgen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en het grondwater. Het is echter nooit uit te sluiten dat er lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het grondwater voorkomen. Het uitgevoerde onderzoek is verkennend en betreft een momentopname.
2023-276
12-1-2024
Pagina 14 van 20
BIJLAGE I Situering van de locatie
BIJLAGE II Situering van de locatie
BIJLAGE III Overzichtstekening boorpunten
BIJLAGE IV Boorstaten
Pagina
X: Y:
248536,31 466075,39
X: Y:
248547,14 466076,32
Datum:
18-12-2023
Datum:
18-12-2023
GWS:
100
Boring:
1 0 8
0
klinker
50
Zand matig fijn, grijsbeige, Edelmanboor
1-2 100
100
Zand matig fijn, grijsbeige, Edelmanboor
1-3 150
150
2 0 5
0
Zand matig fijn, beigegrijs, Zuigerboor handmatig
2a-1 2-1 50
50
Zand matig fijn, grijsbeige, Edelmanboor
2-2 100
100
Zand matig fijn, grijsbeige, Edelmanboor
2-3 150
150
200
200
Zand matig fijn, grijscreme, Zuigerboor handmatig 250
250
X: Y:
248546,91 466069,56
X: Y:
248541,92 466071,29
Datum:
18-12-2023
Datum:
18-12-2023
Boring:
3 0
0
braak Zand matig fijn, licht beigebruin, Schep
Boring:
2023-276
0
50
braak Zand matig fijn, licht beigebruin, Schep
4a-1 4-1 50
50
4
0
3a-1 3-1
Projectcode:
beton Zand matig fijn, bruinbeige, Schep
Zand matig fijn, licht beigebruin, Edelmanboor
1-1 50
Boring:
50
1-3
Pagina
X: Y:
248527,63 466076,54
X: Y:
248579,79 466128,80
Datum:
18-12-2023
Datum:
18-12-2023
GWS:
100
Boring:
5
0
0
braak
12
Stelcon plaat
5-1 50
50
Boring:
6 0
0
Volledig puin, Menggranulaat 30
Zand matig fijn, neutraal beigebruin, Schep
6-1
50
50
100
100
Zand matig fijn, licht beigebruin, Edelmanboor
6-3 150
150
Zand matig fijn, bruinbeige, Zuigerboor handmatig 200
200
Zand matig fijn, grijsbeige, Zuigerboor handmatig 250
250
X: Y:
248587,65 466148,14
X: Y:
248583,50 466138,20
Datum:
18-12-2023
Datum:
18-12-2023
7 0
0
braak Zand matig fijn, licht beigebruin, Schep
Boring:
Zand matig fijn, bruinbeige, Edelmanboor
7-2 100
100
Zand matig fijn, bruinbeige, Edelmanboor
7-3 150
150
Projectcode:
2023-276
0
50
braak Zand matig fijn, licht beigebruin, Schep
8a-1 8-1 50
50
8
0
7a-1 7-1
Zand matig fijn, donker beigebruin, Edelmanboor Zand matig fijn, licht beigebruin, Edelmanboor
6-2
Boring:
braak
50
2-3
Pagina
X: Y:
248576,66 466120,60
X: Y:
248571,61 466110,06
Datum:
18-12-2023
Datum:
18-12-2023
Boring:
9 0
0
braak Zand matig fijn, licht beigebruin, Schep
Boring:
10 0
0
Zand matig fijn, licht beigebruin, Schep
9a-1 9-1
10a-1 10-1 50
50
50
50
X: Y:
248587,10 466142,07
X: Y:
248575,23 466113,10
Datum:
18-12-2023
Datum:
18-12-2023
Boring: 0
Projectcode:
11 11a-2 11a-1
2023-276
braak
0 10
puin Volledig puin, Schep, Menggranulaat
Boring: 0
12 12a-2 12a-1
0 10
puin Volledig puin, Schep, Menggranulaat
3-3
Legenda (conform NEN 5104)
grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
Zand, uiterst siltig
>10000
monsters geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
BIJLAGE V Analysecertificaten en overschrijdingstabellen