Bijlage email 4 april 2023 Stichting Belangengemeenschap Buurse Reactie op beantwoording vragen door Gemeente
Tekst van het document
Opmerking vooraf SBB is niet voor of tegen windmolens. Ons belang is dat de besluitvorming over windmolens en het proces dat daaraan vooraf gaat, zorgvuldig is. Een zorgvuldig proces, betekent voor ons een proces dat transparant is en gericht is op het creëren van draagvlak. Polarisatie moet worden voorkomen, omdat wij ervaring hebben met de onrust die dat in onze gemeenschap teweeg brengt. Zie voor ‘wat is draagvlak’, de nota ‘Rol provincie bij draagvlak voor hernieuwbare energie (Deventer, augustus 2020), paragraaf 1.2.3. Zorgvuldige besluitvorming betekent voor ons dat de raad goede besluiten neemt d.w.z. op basis van volledige en betrouwbare informatie. Zorgvuldigheid vraagt om goed doordachte besluiten. Dat de raad zich bewust is wat het besluit. Zorgvuldigheid betekent dat alle belangen goed in beeld zijn gebracht, en de afweging van die belangen inzichtelijk is gemaakt. Zorgvuldige besluitvorming betekent ook dat schijn van belangenverstrengeling moet worden voorkomen.
Vragen/opmerkingen: T.a.v. het proces: 1. Hoe moeten wij het proces dat aan dit besluit vooraf is gegaan zien in relatie tot: - (Uitvoeringsprogramma) Raadsafspraken 2022-2026, waarin het college is opgedragen op korte termijn een participatietraject voor te stellen om te komen tot een plan voor de inpassing van windmolens in Haaksbergen. - Motie PvdA en D66 d.d. 9 november 2022, om te starten met het opstellen van een participatieproces/plan voor windenergie Beantwoording: Om te komen tot een plan voor inpassing van grootschalige windturbines en participatie is het in de eerste plaats van belang om te weten wat de feitelijke (technische) mogelijkheden zijn voor grootschalige windenergie. Zijn er mogelijkheden, en zo ja: waar? Participatie vindt in deze fase niet plaats, omdat het gaat om een objectieve weergave van de technische mogelijkheden. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Wij blijven van mening dat het onderzoeksrapport meer omvat dan uitsluitend een objectieve en feitelijke weergave van technische mogelijkheden. Aan het rapport liggen beleidsmatige afwegingen ten grondslag die van invloed zijn op de uitkomst (kansrijke gebieden voor grootschalige windenergie). De inspraakverordening van gemeente Haaksbergen schrijft voor dat hier een inspraakprocedure voor geldt. Dit ontbreekt t.a.v.
het huidige proces en zou hebben moeten plaatsvinden alvorens dit haalbaarheidsonderzoek te starten.
2. Wat is de reden dat tot dusver nog geen participatieproces/plan voor inpassing van windmolens is opgesteld? Moet daar niet de eerste prioriteit naar uitgaan? Beantwoording: We zijn van mening dat het niet mogelijk is om een gedegen participatietraject te kunnen opstarten als de kaders en de potentiële locatie(s) waar we over gaan participeren niet duidelijk zijn voor iedereen. Dat wil zeggen dat we eerst een politiek c.q. bestuurlijk vertrekpunt willen over A) OF er ruimtelijk en technisch gezien grootschalige windturbines, die invulling zouden kunnen geven aan de gemaakte afspraken in de RES Twente 1.0, mogelijk zijn in onze gemeente. En B) op basis van deze
technische haalbaarheid een politieke c.q. bestuurlijke besluit of de gemeente Haaksbergen zelf de regie wil houden op grootschalige windenergie of dat zij ervoor kiest om deze regie bij andere partijen (o.a. provincie Overijssel) te laten liggen. Respectievelijk op 19 april en 31 mei a.s. liggen deze keuzes voor aan de raad. Ons bestuur heeft in beginsel de opdracht om de regie zoveel mogelijk in eigen hand te houden. Op het moment dat daarin keuzes moeten worden gemaakt, moet in ieder geval de gemeenteraad in de positie worden gebracht om keuzes te maken. Gelijktijdig wordt op dit moment gewerkt aan een participatieplan voor het traject na het besluit van 31 mei. Waarbij we met de samenleving en o.a. de inwoners de HOE-vraag om te komen tot kaders en richtlijnen grootschalige windbeleid te komen. Het participatieplan t.a.v. windbeleid ligt tevens op 31 mei a.s. ter vaststelling voor aan de gemeenteraad. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Ook wanneer er nog geen specifieke locaties bekend zijn, is participatie altijd mogelijk en ook vereist met het oog op het creëren van draagvlak. Binnen gemeente Haaksbergen zijn verschillende belangenverenigingen en wijkraden actief, die ook bij dit proces betrokken hadden moeten worden en bevraagd hadden moeten worden.
Door dit pas laat in het proces op te pakken, laat je kansen liggen, wordt er ruimte geboden voor polarisatie en bekruipt ons het gevoel dat onze inbreng een formaliteit is. Daar is niemand bij gebaat.
3. Hoe moeten wij dit besluit zien in het bredere kader van visie, beleid en strategie. Haaksbergen wil op het thema windenergie de regie houden, zo wordt gezegd. Dat veronderstelt dat de gemeente op dit onderwerp een eigen visie en beleid heeft en een strategie hoe daar te komen. - Is het plaatsen van windmolens een doel op zich, of - een middel om een hoger gelegen doel te bereiken? Moet het geplaatst worden binnen het aanbod van de gemeente om 94 GWh elektriciteit per jaar duurzaam op te wekken. Dat kan met zon op dak (20 GWh), zonnevelden (24 GWh) en windturbines (50 GWh) maar ook met biogas. Rond biogas zijn er ontwikkelingen. Is ook overwogen om biogas als alternatief voor windturbines in te zetten? Beantwoording: Grootschalige windturbines zijn geen doel op zich, maar een middel om de doelen te behalen om minder CO2 uit te stoten en te voorzien in het bod dat Haaksbergen al heeft gedaan in de RES Twente 1.0. De gemeente Haaksbergen heeft middels het vaststellen van de RES Twente 1.0 in 2021 zich geconformeerd aan enkele afspraken. Afspraken rondom het realiseren van het gedane bod. Afspraken om op 1 juli 2023 zoekgebieden voor grootschalige windenergie vastgesteld te hebben en o.a. samen met de andere Twentse gemeente te streven naar een verhouding van 40% zonne-energie en 60% windenergie. Deze afspraken willen we graag nakomen en daar invulling aan geven.
Ook de provincie houdt ons aan deze gemaakte afspraken. Hier hoort wat ons betreft ook de invulling van de opgave van grootschalige windenergie bij. Daarnaast ligt ook het al door GS vastgestelde PPE (provinciaal programma energie) ten grondslag aan dit proces. Hierin staat o.a. dat als gemeente niet zelf invulling kunnen of willen geven aan de afspraken van de RES Twente 1.0 de provincie haar rol als bevoegd gezag zal moeten inzetten. Wat grofweg betekent dat we de regie op de invulling van toekomstige windinitiatieven aan de provincie moeten overlaten. Dit vinden wij een onwenselijke situatie, omdat we denken dat we de belangen van onze inwoners dan niet goed kunnen behartigen. Biogas is geen alternatief voor windenergie. Biogas is daarnaast niet bedoeld voor de opwek van elektriciteit, maar kan dienen als alternatief voor aardgas. Deze opgave ligt er óók. Het is daarom eerder én/én dan of/of.
Reactie SBB op beantwoording door gemeente: We ervaren het als positief dat het plaatsen van grootschalige windturbines geen doel op zich is, maar een middel om het terugdringen van de CO2 uitstoot te realiseren. We zijn echter van mening dat de huidige benadering te smal is; in onze opvatting is een bredere, integrale aanpak passender, aansluitend bij de PPLG. Zie daarvoor ook onze reactie op het volgend punt. - Aan welke knoppen wil de gemeente gaan draaien? Moet hier ook niet een lijntje gelegd worden met Provinciaal Programma Landelijk Gebied van de Provincie Overijssel (PPLG) en de provinciale plannen om gebiedsprocessen te starten. Hoe wordt het participatieproces ingericht? Op welke termijn kan dit worden verwacht? Beantwoording: Zodra de gemeenteraad het besluit heeft genomen om regie te willen houden op invulling van grootschalige windenergie, gaan we windbeleid opstellen. Dit doen we in participatieve vorm met onze inwoners en bedrijven. Gedurende het participatietraject zullen ook andere ontwikkelingen worden meegenomen die van invloed zijn op het buitengebied en de inwoners die daar wonen/werken. Als de gemeenteraad besluit zoekgebieden vast te stellen zal het opvolgende participatietraject vlak voor de zomer starten en na de zomer verder gaan.
Als de gemeenteraad geen zoekgebieden vaststelt wordt de ontwikkeling van windenergie in Haaksbergen overgedragen aan de provincie. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Wij zijn van mening dat een integrale aanpak en de huidige ontwikkelingen aan de voorkant meegenomen dienen te worden en niet pas wanneer het participatietraject wordt gestart. Denk onder meer aan de gebiedsprocessen die al gestart zijn in het kader van het PPLG. Hier liggen kansen om het een en ander te verbinden. Wanneer dit pas tijdens het participatietraject wordt opgepakt, loop je achter de feiten aan en staan zowel de inwoners van Buurse, maar ook de gemeente op achterstand.
4. Binnen het provinciebestuur zijn de politieke verhoudingen gewijzigd, en waait er op dit dossier (gelijk als bij de vorige verkiezingen) wellicht een andere (meer genuanceerde) wind. RES 1.0 is vooral aangevlogen vanuit het belang van natuur en milieu. Binnen RES 1.0 is geen aandacht voor hedendaagse uitdagingen waar het landelijk gebied en dorpskernen zoals Buurse voor staan. Is ook overwogen, alvorens verdere stappen te zetten, hierover met de BBB het gesprek aan te gaan. (zie ook hiervoor onder 3, tweede en derde aandachtsstreepje) Beantwoording: We hebben met elkaar in de RES Twente 1.0 afspraken gemaakt waar we ons als gemeente ook aan geconformeerd hebben en willen houden. Hier wordt nog steeds door alle partijen invulling aan gegeven. De afspraken ten aanzien van windenergie zijn opgenomen in verschillende beleidskaders van de provincie en vastgestelde afspraken de regio. Dit is met wijzigen van het provinciebestuur niet van tafel. Vanuit de provincie wordt aangegeven dat de beleidsuitgangspunten zoals vastgesteld in het PPE en het fundament geldend zijn. Wij zijn constant in gesprek met het bestuur van GS, dat verandert niet indien de BBB eventueel gaat meebesturen. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Wij zijn ons bewust dat bestaand beleid als uitgangspunt gebruikt is voor het opstellen van dit haalbaarheidsonderzoek.
Ontwikkelingen, zoals wijzigingen in politieke verhoudingen, kunnen echter tot andere afwegingen leiden en daarmee van invloed zijn op eerder vastgesteld beleid. We
zijn blij dat gemeente korte lijnen heeft met GS en bemoedigen u van harte aan om hierover het gesprek met het nieuwe provinciaal bestuur aan te gaan.
5. Wat was de reden om op het (laten) uitvoeren van dit onderzoek, bijv. op de onderzoeksvraag, geen vorm van participatie te passen? Immers, de wijze waarop de opdracht is geformuleerd kan mede de uitkomst bepalen. Beantwoording: Zie beantwoording van vraag 1 & 2.
6. Op woensdag 8 februari 2023 heeft adviesbureau Bosch en Van Rijn een presentatie gegeven aan de raad. Op de website van Haaksbergen is deze raadsbijeenkomst niet terug te luisteren, wat de indruk geeft dat deze bijeenkomst een besloten bijeenkomst is geweest? Is dat juist en waarom is daarvoor gekozen? Wat is de reden geweest ons in dit proces niet te betrekken? Beantwoording: Op 8 februari waren er nog geen resultaten bekend. In deze fase wilden wij de gemeenteraad goed informeren over het uit te voeren onderzoek. De gemeenteraad is bijgepraat over de opzet van het onderzoek en welke aspecten daarbij komen kijken. De presentatie van destijds is op de website https://www.sterinsamenduurzaam.nl/wind te vinden. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Fijn dat deze presentatie openbaar is op de genoemde website.
7. Hoe onafhankelijk is het onderzoek, als het onderzoeksbureau Essent, Vattenfall, Prodeon, NWEA, Lagerweij, YardEnergy, Raedthuys/Pure Energy, Wind Europe als belangrijke klanten heeft? De website van het onderzoeksbureau wekt in ieder geval een schijn van belangenverstrengeling op. Beantwoording: Bosch en van Rijn werkt voor meerdere opdrachtgevers. Zolang Bosch & van Rijn de gemeente Haaksbergen ondersteunt met het onderzoek naar de mogelijkheden van windenergie binnen de gemeente, zal zij binnen de gemeente Haaksbergen geen werkzaamheden voor projectontwikkelaars uitvoeren. Bosch & van Rijn treedt zelf nooit op als projectontwikkelaar. De resultaten van het onderzoek dat in opdracht van onze gemeente is uitgevoerd zijn verifieerbaar en controleerbaar. Bovendien betrof het een technisch, ruimtelijk onderzoek waarin geen politieke keuzes worden gemaakt. Wij hebben geen enkele reden om aan te nemen dat er in dit onderzoek andere belangen hebben meegewogen.
8. Hoe is - na vaststelling van het haalbaarheidsonderzoek door de raad - de verdere procedure? Hoe ziet het participatieproces er voor de inwoners uit? Beantwoording: De gemeenteraad wordt in haar vergadering van 19 april 2023 gevraagd om het haalbaarheidsonderzoek vast te stellen.
Op 31 mei a.s. wordt de gemeenteraad voorgelegd om één of meerdere zoekgebieden vast te stellen. Met het vaststellen van zoekgebieden houden we als gemeente regie op toekomstige windinitiatieven en start het participatieproces om te komen tot windbeleid (kaders en richtlijnen over de HOE-vraag). Het streven van de gemeente is om eind 2023 dit windbeleid gereed te hebben en ter besluitvorming op route naar de gemeenteraad te brengen in januari 2024. Ook wordt op 31 mei het participatieplan windbeleid ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Wij blijven van mening dat het participatieproces eerder gestart had moeten worden. We hebben inmiddels vernomen dat ambtelijk het voornemen is om ons te betrekken bij de totstandkoming van het participatieplan. Dat is een mooie eerste stap. We denken graag mee over hoe de gemeente inwoners alsnog kan betrekken in dit proces.
9. In december 2022 heeft de provincie Overijssel alle gemeenten gewezen op de gemaakte afspraak in de RES 1.0 en dat ze vóór 1 juli 2023 zoekgebieden moeten aanwijzen voor windenergie, tenminste als gemeenten zelf de regie willen blijven houden op dit thema. Hierbij heeft de provincie aangegeven dat wanneer een gemeente in een proces zit om tot zoekgebieden te komen en er is een duidelijke einddatum - ook als deze eventueel iets later in de planning ligt – dat dit proces kan worden gerespecteerd. In dit verband, hoe erg is het als de raad de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek windenergie medio april niet vaststelt? Beantwoording: Provincie Overijssel is op de hoogte van het proces dat wij doorlopen. Daarbij zijn ook de genoemde data onder vraag 8 genoemd. Wanneer de gemeenteraad besluit het haalbaarheidsonderzoek niet vast te stellen kunnen er ook geen zoekgebieden worden aangewezen waar met participatie kan worden gestart. Immers, als wij niet weten wat de kansrijke gebieden zijn, dan kunnen wij ook niet met de betrokken inwoners in gesprek gaan. Dat zou dus betekenen dat we niet verder kunnen naar de volgende stap om te komen tot zoekgebieden en/of windbeleid. Waarmee we deze afspraak niet nakomen en de regie voor toekomstige windinitiatieven bij de provincie als bevoegd gezag komt te liggen.
Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Bij nader inzien realiseren we ons dat onze vraag niet helemaal duidelijk is. De vraag was als volgt bedoeld: Hoe erg is het als besluitvorming over de resultaten van dit onderzoek op een later moment (na medio april) zou plaatsvinden?
T.a.v. rapport en raadsvoorstel 10. Waarom zijn voor de uitvoering van dit onderzoek de nieuwe landelijke milieunormen voor windturbines niet afgewacht? Beantwoording: In de eerste plaats omdat ook de provincie hiervoor geen ruimte biedt. Uit een recente kamerbrief blijkt dat de landelijke windturbinenormen pas rond de zomer van 2023 (later dan eerder voorzien) ter inzage zullen worden gelegd. Rond deze tijd is ook met de provincie afgesproken dat zoekgebieden voor windenergie worden aangewezen. Ten tweede omdat in het haalbaarheidsonderzoek meerdere scenario’s zijn opgenomen. Hierdoor heeft het onderzoek inzicht in de ruimtelijke mogelijkheden voor windturbines wanneer verschillende geluidsnormen zouden worden gekozen. Dit inzicht kan bij het aanwijzen van een zoekgebied worden meegewogen.
Wanneer een uiteindelijke geluidsnorm wordt vastgesteld, kan worden herzien of hier ook daadwerkelijk in het beoogde zoekgebied kan worden voldaan. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: We begrijpen deze reactie vanuit het huidige provinciaal beleid, maar beleid is dynamisch en gezien de recente ontwikkelingen zou het verstandig zijn om hierover het gesprek met de Provincie te voeren.
11. De zgn. harde belemmeringen (uitgezonderd 3.3.7 Luchtvaart) zijn geen harde belemmeringen maar beleidskeuzes. Door de indruk te wekken dat deze belemmeringen volgen uit wet en regelgeving, wordt in het rapport aan de kade stellende rol van de gemeenteraad voorbijgegaan. Ook de gehanteerde afmeting van een windmolen, als kader voor het onderzoek is een beleidskeuze. Deze beleidskaders zijn bepalend voor de uitkomsten van het haalbaarheidsonderzoek en daarmee de grondslag voor het aanwijzen van één of meerdere zoekgebieden. - Geen windmolens in Natura 2000 gebieden: de stelling ‘Plaatsing van windturbines binnen Natura 2000 gebieden worden echter weinig kansrijk geacht waardoor Natura 2000 gebieden als een harde belemmering worden beschouwd.’ is niet nader onderbouwd. Is er een ecologisch onderzoek uitgevoerd waaruit dit blijkt? De provincie (bevoegd gezag i.k.v. Wnb) sluit windmolens in Natura 2000 gebieden niet uit. “Een generiek verbod op windenergie op voorhand binnen het NNN doet geen recht aan de noodzaak om binnen heel Overijssel op zoek te gaan naar mogelijkheden om lokaal duurzame energie op te wekken.” Beantwoording: De verschillende belemmeringen voor windenergie zijn in het ruimtelijk haalbaarheidsonderzoek onderverdeeld in harde belemmeringen en zachte belemmeringen.
Harde belemmeringen worden gedefinieerd als gebieden waar wetgeving, regelgeving en beleid dusdanig beperkend zijn voor de mogelijkheden tot het plaatsen van een windturbine, dat wij verwachten dat windturbines hier weinig kansrijk zullen zijn. Wij beschouwen Natura 2000 gebieden (en overdraai hierover) als harde belemmering vanuit het gegeven dat binnen deze gebieden strenge instandhoudingsdoelstellingen voor soorten gelden. Ervaringen met windprojecten in andere delen van het land leert dat doorgaans niet aan deze instandhoudingsdoelen kan worden voldaan, wanneer windturbines binnen het Natura 2000 gebied worden geplaatst of hierover overdraaien. Er is echter geen ecologisch onderzoek uitgevoerd waaruit de impact blijkt van windturbines op de instandhoudingsdoelen binnen de specifieke Natura 2000 gebieden die in de gemeente Haaksbergen aanwezig zijn. Dat windturbines binnen deze gebieden volledig uitgesloten zijn wordt in het onderzoek daarom niet benoemd, echter is dit wel bijzonder waarschijnlijk. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Dit zijn voorbeelden van beleidsmatige afwegingen en risico inschattingen in plaats van technische feitelijkheden, die van grote impact zijn op de uitkomsten van het onderzoek. De NNN gebieden zijn in het ruimtelijk haalbaarheidsonderzoek als zachte belemmering beschouwd.
Zij vormen daarom een belangrijk aandachtspunt, maar zijn niet dusdanig beperkend dat wordt aanbevolen deze gebieden op voorhand buiten beschouwing te laten. Dit is in overeenstemming met hetgeen in de provinciale omgevingsverordening genoemd staat. - De in het onderzoek opgenomen bufferafstanden, uitgezonderd de bufferafstand voor luchtvaart, zijn geen wettelijk vastgelegde afstanden. De bufferzone voor Woningen, zorg- en onderwijsinstellingen is gebaseerd op het Activiteitenbesluit Milieubeheer, waarvan de rechter heeft uitgesproken dat deze regels niet van toepassing zijn op parken met meer dan twee windmolens.
Ook wordt als uitgangspunt in deze nota de adviesafstand van de Gasunie en Tenet gehanteerd, dit om bezwaren voor te zijn. De Bevb sluit windmolens op kortere afstand echter niet uit. Hiervoor moet dan wel een risico-analyse worden uitgevoerd. Beantwoording: De aangehouden bufferafstand tot woningen, zorg- en onderwijsinstellingen volgt uit de geluidsnorm die in de verschillende scenario’s als uitgangspunt wordt genomen. Bij één van de scenario’s is deze geluidsnorm gelijk aan de geluidsnorm die in het Activiteitenbesluit Milieubeheer was opgenomen. Bij de andere twee scenario’s wordt een strengere geluidsnorm gehanteerd. Hoe tot de bufferafstanden is gekomen waarbij wij verwachten dat aan de bij het scenario horende geluidsnorm kan worden voldaan, staat in paragraaf 5.1.7. van het onderzoek beschreven. Wanneer de daadwerkelijk te hanteren geluidsnorm en/of afstandsnorm bekend is zal ook meer duidelijk worden over de daarbij passende bufferafstand tot woningen. Het huidige haalbaarheidsonderzoek geeft tot die tijd inzicht in de ruimtelijke mogelijkheden die zich bij verschillende geluidsnormen zouden voordoen. Het is inderdaad niet volledig uitgesloten dat windturbines op kortere afstand tot buisleidingen en hoogspanningsleidingen gerealiseerd kunnen worden.
De bufferafstanden die wij als harde of zachte belemmering hebben beschouwd volgen uit ruime ervaring op locaties in andere delen van Nederland. Bij deze projecten is gebleken dat TenneT doorgaans niet akkoord gaat met het realiseren van windturbines binnen een tiphoogte afstand tot hoogspanningsleidingen en dat de Gasunie doorgaans niet akkoord gaat met het realiseren van windturbines binnen een ashoogte + 1/3 wieklengte afstand van buisleidingen, waardoor deze bufferafstanden in het onderzoek als harde belemmering zijn beschouwd. Overigens blijkt dit nauwelijks invloed op de ruimtelijke mogelijkheden voor windturbines in de gemeente Haaksbergen te hebben: in de gebieden waar de buisleiding en hoogspanningsleidingen lopen zijn de ruimtelijke mogelijkheden vaak al beperkt door de nabijheid van woningen of de aanwezigheid van de laagvliegroute. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Zie hiervoor. Ook de gehanteerde afmeting van een windmolen < 240 meter, als kader voor het onderzoek, is een beleidskeuze. Bij een keuze bijv. < 160 meter zou het potentiële zoekgebied groter zijn geweest. Beantwoording: In het onderzoek is uitgegaan van een formaat windturbine dat, gezien marktontwikkelingen, ten tijde van realisatie van een windpark in de gemeente Haaksbergen gebruikelijk zal zijn.
Deze aanname is overigens slechts van beperkte invloed op de ruimtelijke mogelijkheden voor windturbines in de gemeente Haaksbergen. De ruimtelijke mogelijkheden worden binnen het overgrote deel van de provincie immers bepaald door de afstand die tot woningen moet worden aangehouden en deze afstand houdt geen verband met de windturbineafmetingen. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Ook hier ligt geen technische of feitelijke onderbouwing aan ten grondslag. Zijn marktontwikkelingen een geldig criterium voor dit haalbaarheidsonderzoek? Door wie is dat vastgesteld?
12. De in de nota als uitgangspunt gehanteerde beleidskaders zijn bepalend voor de uitkomsten van het haalbaarheidsonderzoek en daarmee de grondslag voor het aanwijzen van één of meerdere zoekgebieden. Het zou logisch zijn dat deze kaders expliciet door de raad worden vastgesteld en wel op basis van een gedegen advies met voors en tegens.
Beantwoording: De gehanteerde kaders zijn opgenomen in het haalbaarheidsonderzoek. Met het vaststellen van het haalbaarheidsonderzoek worden deze gehanteerde kaders ook geaccepteerd. In het voorstel aan de gemeenteraad over één of meerdere zoekgebieden worden de voors- en tegens genoemd. De in het onderzoek gehanteerde beleidskaders zijn al in andere stukken vastgelegd die voor de gemeente Haaksbergen van toepassing zijn, zoals landelijke wetgeving, de provinciale omgevingsverordening en de RES. Het staat de gemeente Haaksbergen vrij hiernaast aanvullend beleid op te stellen, bijvoorbeeld volgend uit een participatieproces. Reactie SBB op beantwoording door gemeente: In de presentatie van 8 februari is de raad geïnformeerd over de doelen van het onderzoek: 1) overzicht bieden van relevante wetgeving en beleid en 2) ruimtelijke beperkingen en mogelijkheden in kaart brengen die hieruit volgen. In het haalbaarheidsonderzoek zijn echter aanvullende kaders en beleidsafwegingen gehanteerd die, zover wij na kunnen gaan, niet door de raad zijn vastgesteld. In het voorliggende raadsvoorstel wordt dit niet expliciet benoemd en ook niet beargumenteerd. Zijn deze kaders wel bekend bij de raad?
13. Zijn de (beleids)kaders niet bij uitstek ook onderwerp voor een participatieproces? Wat zegt de inspraakverordening van Haaksbergen hierover? Beantwoording: Er is geen sprake van beleid op dit moment. De beleidsfase start pas wanneer één of meerdere zoekgebieden en het participatieplan zijn vastgesteld. Voor dat beleid is ook de inspraakverordening van toepassing. Uiteindelijk is het aan onze gemeenteraad om een integrale afweging te maken ten aanzien van het al dan niet vast te stellen windbeleid. En zie beantwoording vraag 12 Reactie SBB op beantwoording door gemeente: Zie hiervoor onze reactie bij vraag 12.