CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Advies Participatieraad Regiovisie Jeugdhulp Twente

Gemeenteraad 26 januari 2022, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Vaststellen van de Regiovisie Jeugdhulp Twente2.466 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1 College van B & W, gemeente Haaksbergen t.a.v. Dhr. E. Bouma, Beleidsadviseur Ontwikkeling p/a Postbus 102 7480 AC Haaksbergen. Van: Haaksbergen, Onderwerp:

Participatieraad Haaksbergen 8 december 2021 Advies Regiovisie Jeugdhulp Twente

Geacht College, Geachte heer Bouma, Aanleiding Op 8 november 2021 kreeg de Participatieraad Haaksbergen via de mail het verzoek te adviseren over:  het ‘Concept Regiovisie Jeugdhulp Twente’ en  ‘Belangrijke achtergrondinformatie Bij Regiovisie Jeugdhulp Twente’. Beide documenten dienden tot 17 november vertrouwelijk behandeld te worden. Als toelichting op het verzoek werd ons meegegeven: “Nadat de gemeenteraden van de 14 Twentse gemeenten de Regiovisie hebben vastgesteld wordt op basis van de Regiovisie een meerjarige regionale samenwerkingsagenda opgesteld met daarin: Welke mensen en middelen zijn nodig voor welk resultaat? In hoeverre kan dat binnen de bestaande middelen? Welke opbrengst wordt beoogd, binnen welke termijnen? Welke prioriteiten in de aanpak zijn nodig om overzicht te creëren en tempo aan te geven?”1 Na 17 november werd de adviesaanvraag per mail herhaald en kregen wij uiteindelijk de volgende informatie: 

 

1

Regiovisie Jeugdhulp Twente definitief concept, 18 november 2021; Dit is de vervanger van de conceptversie, 2 november 2021. Helaas konden wijzigingen met de vorige versie niet worden gemarkeerd. Aangegeven werd dat er geen al te grote wijzigingen zijn aangebracht; Belangrijke achtergrondinformatie, Bij Regiovisie Jeugdhulp Twente; Dit document, dat ons eerder wel was toegestuurd werd niet meer automatisch bij het definitieve concept aangeboden, omdat besloten werd dit te beperken tot een verwijzing naar de website Samen 14; De Aanbiedingsbrief Openbaar Lichaam Gezondheid, 17 november 2021; Tenslotte konden wij een digitale bijeenkomst (via Zoom) terugzien van de (regionale) Bijeenkomst Uitgangspunten en proces regiovisie gemeenteraadsleden op 10 november 2021.

Deze vier punten worden ook opgesomd in de Inleiding Regiovisie pag. 4

2 Overwegingen en opmerkingen  Visie Een visie beschrijft de kijk op de (toekomstige) wereld en de rol van degene die deze visie bezit. Visie en missie liggen dicht bij elkaar. Een missie is waarvoor wij staan, een visie is waarvoor we gaan. De missie heeft te maken met waarden en identiteit. Wie zijn we, wat zijn onze waarden en hoe willen we omgaan met (in dit geval) jeugdigen, ouders, professionals. Volgens de theorie is een goede visie kort, duidelijk, begrijpelijk, helder geformuleerd en maar op één manier uit te leggen. En; vooral ook ambitieus! Deze Regiovisie voldoet op onderdelen aan de beschrijving. Geen ellenlange betogen, maar eerder de opsomming van wat overal tijdens gesprekken en tafels is opgehaald. Echter, niet steeds wordt helder wat nu precies door wie en wanneer als actie wordt voorgesteld. Maar wel zeker zijn er ambities. Anders gezegd: er wordt met lef een aantal stellige, optimistische uitspraken gedaan over de toekomst van de Jeugdhulp in de regio.2 Omdat lang niet alles wat er wordt gezegd ook voldoende concreet wordt uitgewerkt en voorzien van de juiste data, zijn wij zo vrij op een aantal hoofdlijnen te reageren met vragen, opmerkingen en ideeën.  De jeugdige in zijn / haar omgeving staat centraal Het Voorwoord begint veelbelovend. Het zet wat ons betreft direct dé basis voor de visie op de jeugdhulp neer: de jeugdige centraal.

Terecht dat ook dit als Leidend Principe op nummer 1 staat. Wij benadrukken het belang van dit principe volledig. Het is zelfs zó belangrijk dat dit ook steeds hét startpunt en voor de overige zeven Principes dient te zijn. Dus in ieder Leidend Principe moet zichtbaar worden welke rol de jeugdige en zijn / haar omgeving ook zo concreet en herkenbaar mogelijk speelt. Als bovengenoemd uitgangspunt echt praktijk wordt, betekent dit dat invulling wordt gegeven aan een nieuwe bestuursfilosofie. Juist deze vaak besproken nieuwe bestuursfilosofie moet geen papieren wens blijven, maar moet echt worden vertaald naar de praktijk. Dat betekent volgens ons dat de werkelijkheid van de cliënt en de professional als basis gebruikt wordt en tijdens het totale proces leidend blijft. Voor het systeem van de jeugdhulp houdt dit in dat steeds vanuit ‘de basis’ wordt bepaald wat de ‘basis’ zegt nodig te hebben. En door wie en op welke schaal dat het best gerealiseerd kan worden. In het totale systeem vindt dus een omdraaiing plaats. Wij baseren dit op de overtuiging: “….dat degenen die de verantwoordelijkheid dagelijks nemen ook het recht moeten hebben aan te geven wat zij daarvoor nodig hebben. Dit vraagt om de zeggenschap van ouders, opvoeders, kinderen en jongeren zelf: wat hebben zij nodig en wat kunnen en willen zij daarvan zelf en met hun informele sociale omgeving organiseren.

Daarvoor hebben zij erkenning, steun, ruimte, vrijheid, tijd en keuzemogelijkheden nodig”.3 Mogen wij ervan uit gaan dat dit Leidende Principe ook in bovenbedoelde zin geconcretiseerd zal worden?

2

De vraag kwam bij bestudering dan ook op of de Regiovisie wel voldoende rekening hield met de werkelijkheid. Waar landelijk wordt gesproken over ‘code zwart’ in de jeugdzorg, jarenlang geklaag over lange wachtlijsten, personeel dat onder te grote druk staat, hoog ziekteverzuim, de roep om gesloten jeugdzorg af te schaffen, vragen over kwaliteit en vragen over mogelijk ook negatieve gevolgen van de decentralisatie 3 Manifest De Jeugdsprong, sept. 2021, pag.5

3  Deskundigheid, zeggenschap Eén gezin, één plan, één regisseur4 ligt volledig in de lijn van het bovenstaande. Voor zover wij weten, zou dit vanuit de Noaberpoort voor Haaksbergen al praktijk zijn. Volgens de Regiovisie is dit nog niet in alle Twentse gemeenten het geval. Functioneert de Noaberpoort (al) als de vertrouwde eerste lijn in de jeugd- en gezinshulp? Vergelijkbaar met de rol van de huisarts in de ‘gewone’ eerstelijnszorg? Is er kwalitatief en kwantitatief voldoende deskundigheid voor het uitvoeren van triage, de basiszorg en de ‘toegang’ voor alle leeftijden , - en problematiek - overstijgende hulp en ondersteuning voor kind en gezin? Blijft dit casemanagement bij verwijzing ook het aanspreekpunt voor het gezin, kinderen en jongeren? Wij beschouwen de relatie tussen de vakkundige professional, de jeugdige en het gezin zó essentieel dat zij gezamenlijk veel meer zeggenschap zouden moeten krijgen over de jeugdzorg. Wij roepen op dit op zowel lokaal als regio niveau niet alleen te beschouwen als kostenpost. Maar juist primair als waardevolle en noodzakelijke investering. De zeggenschap dient vooral ook tot uitdrukking te komen in een gedegen verklarende analyse5 . Dat voor deze diagnostische fase voldoende tijd, ruimte en middelen moeten zijn / komen is buiten kijf. Zeker bij de start , meestal dus op lokaal niveau, is dit van doorslaggevend belang.

Juist als dit ook in gezamenlijkheid met in plaats van over de jeugdige en het systeem gebeurt. Hoe kan men anders een probleem oplossen als men niet weet hoe groot de problemen zijn? “Je ziet het pas, als je het door hebt”! Dit levert een gezamenlijk plan op. Altijd op papier en digitaal maar uiteraard ook in het bezit van / te allen tijde in te zien door degenen die het aangaan. Het gaat ons er niet om, dat er verplicht allerlei protocollen er regels moeten worden nageleefd uit administratief belang. Maar wel dat vastgelegd wordt dat er breed genoeg werd gekeken naar de hulpvraag. Vooral naar de vragen achter de vraag. Dat vastgelegd wordt welke afspraken er worden gemaakt. Wat wel of niet snel kon worden opgelost. Waar knelpunten blijken te zijn ontstaan etc. In deze diagnostische fase wordt de context duidelijk voor de overige Leidende Principes: hoe ‘normaal’ er kan worden gehandeld, welke keuzes er konden worden gemaakt op lokaal niveau en vooral ook welke levensgebieden en factoren aan de orde komen als brede blik vanuit het gehele sociale domein (armoede, gezondheid, leefstijl etc.). Als het maar enigszins mogelijk is, activeert de hulp het gezin en hun netwerk, vergroot het de veerkracht en versterkt het systeem zodat het uiteindelijk weer verder kan.

 Ervaringsdeskundigen We zijn blij in de Regiovisie te lezen dat op een aantal plaatsen aandacht wordt besteed aan ervaringsdeskundigheid6. Er had meer over de waarde van de inzet van ervaringsdeskundigen gezegd kunnen worden. Het zou al hebben geholpen als het verslag van de jongerenbijeenkomst niet als bijlage in ‘Belangrijke achtergrondinformatie’ was opgenomen, maar meer prominent in De Regiovisie was geplaatst. Alle twintig uitspraken van deze jongeren zijn dit meer dan waard. Het blijken inderdaad stuk voor stuk relevante uitgangspunten voor de Regiovisie7. Verder wordt gepleit voor het vormen van een platform door de “….inwoners die aangewezen zijn (geweest) op jeugdhulp (-) om mee te kunnen werken aan verbetering of om zelf initiatief te kunnen nemen”.

4

Regiovisie, pag.11 Regiovisie, pag.37 6 Regiovisie, pag. 11, 12 en Belangrijke achtergrondinformatie pag. 25 en 26 7 Belangrijke achtergrondinformatie pag. 26 5

4 Wij steunen dit van harte en denken graag mee aan het realiseren van dit idee. In dit kader stellen wij voor dat de jaren vanaf de decentralisatie geëvalueerd gaan worden Dit is ons inziens een logisch antwoord op de vraag of iedere gemeente de vijf basisfuncties voor de lokale organisatie goed heeft ingericht.8 In de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO) verplicht iedere gemeente zich namelijk daartoe. Op deze manier kan duidelijk in kaart worden gebracht welke collectieve voorzieningen het beste kunnen worden ingezet, wat er nog ontbreekt, welke (hoog)specialistische zorg er is , welke organisaties nauw samenwerken en waar de verantwoordelijkheid ligt. In het onderwijs, het Rijk, de gemeente zelf, de eerstelijnszorgorganisatie, anders? Dit zal bovendien een goede gelegenheid zijn om per gemeente de vraag te beantwoorden naar hoe tevreden de gemeenten zelf zijn over de decentralisatie. Bijvoorbeeld ook over de vraag of de (hoog) specialistische zorg weer terug zou moeten naar het Rijk. Juist ook hier is de vraag terecht of het belang van de jeugdige en zijn / haar systeem gebaat is bij voortaan weer de regie vanuit het Rijk9.  Overzichtelijk zorglandschap, effectief en beheersbaar Op regioniveau belooft de Regiovisie een overzichtelijk zorglandschap, effectief en beheersbaar in Twente10. Hier laten de Samen-14 echte ambitie zien.

Ook op regionaal niveau zou inzicht in de huidige stand van zaken helpen om te kunnen weten wat er allemaal al is en of er toch niet nog meer nodig is. De grote vraag is wel: wie gaat dit onderzoek doen? Wij vragen ons overigens af wat er precies wordt bedoeld met de zin: ”Er staat een stevige, regionale organisatie”11 Met het oog op het regionale karakter; wordt dan het OZJT bedoeld? Het Expertisenetwerk Jeugd Overijssel? De tekst in de Regiovisie schept verwarring . Wat eerder de Regio Twente was, is nu Gezondheidsregio Twente, terwijl in de Begrippenlijst ook gesproken wordt van het Openbaar Lichaam Gezondheid met dan ook weer de toevoeging Gemeenschappelijke Regeling Gezondheid.12 Verder vragen wij ons ook af of er voor de gehele regio niet ook behoefte zou zijn aan een organisatiemodel zoals gewenst wordt (en in verschillende gemeenten al praktijk is) in de vorm van het ene lokale loket? Wij zouden dan denken aan (de opzet van) een soort coöperatie die voor de regio verantwoordelijk is voor de regionaal georganiseerde jeugdzorg. Voor het creëren van zo’n breed, kwalitatief, stabiel, specialistisch Jeugdzorgaanbod. Dit zou optimaal (moeten) aansluiten bij vragen van cliënten én professionals uit de eerstelijn.

Zo’n regionale coöperatie zou moeten bestaan uit vertegenwoordigers van alle eerstelijns jeugdzorgprofessionals en vertegenwoordigers van cliënten en ervaringsdeskundigen. Wat betreft de beheersbaarheid zijn kwaliteit en betrouwbaarheid van de aanbieders essentieel. Terecht wordt ook daar aandacht aan besteed. Hoewel we niet direct inzicht hebben in “alle wettelijke verplichtingen”13 waar aanbieders aan moeten voldoen, denken wij dat de regelgeving 8

9

Regiovisie, pag. 12 en 23)

De organisatie van de (hoog)gespecialiseerde zorg wordt dan veelal vergeleken met de rol en functie van een ziekenhuis waarvoor een gemeente ook niet verantwoordelijk is. 10

Regiovisie, pag. 22 het 5e Leidende Principe Regiovisie, pag.3 12 Regiovisie, pag. 36 13 Belangrijke achtergrondinformatie Bij Regioversie Jeugdhulp Twente, pag.20 11

5 voor het externe toezicht scherper geformuleerd moet worden. Het extern toezicht zou zowel betrekking moeten hebben op de relaties tussen bestuurders en intern toezichthouders als op de nevenfuncties van bestuurders en de leden van het intern toezichthoudend orgaan. Waar het gaat om het tegengaan van te hoge winstmarges van zorgaanbieders is het bemoedigend te weten dat iedere gemeente op grond van hun Verordeningen in de contracten nu al een maximaal winstpercentage kan opnemen .14  Investeren in blijvend leren en verbeteren, data gedreven15 Dit lijkt een open deur, maar is het niet. Zeker niet als ook hier bewust en expliciet wordt uitgegaan van het centraal stellen van de jeugdige. Data gedreven vatten wij op als: nog meer nadruk op de waarde van het verzamelen van relevante gegevens op zowel individueel niveau, maar zeker ook voor de data die verkregen worden over de hulpverlening in het algemeen. Een voortdurend lerend jeugdhulpsysteem hecht grote waarde aan inzicht in de individuele ervaringen van de cliënt. Dat is volgens ons wat anders dan het rondsturen van (verplicht gestelde) vragenlijsten met betrekking tot cliëntervaringsonderzoeken. Wij wijzen erop dat de respons van de jongeren op deze onderzoeken via de Noaberpoort jaarlijks zo laag is dat de uitkomst nooit als representatief wordt geïnterpreteerd. Dat kan zeker beter.

Maar ook breder is de lerende organisatie intrinsiek gemotiveerd alles te willen weten over resultaten van de verschillende werkwijzen. Wat werkt goed en wat niet. Wat leren we van landelijke datasystemen. Kennisnemen van resultaten van wetenschappelijk onderzoek enz. Op welke manier zou Kennispunt Twente hierin meer kunnen betekenen, waardoor ‘datagedrevenheid’ werkelijk ondersteunend en voor alle betrokkenen bereikbaar wordt?  Wachtlijsten verleden tijd Verrassend ambitieus om te lezen: “In Twente werken wij zonder wachtlijsten.”16 In de opbouw van de Regiovisie wordt steeds de rubriek ‘kansen voor verbeteringen’ gevolgd door de vraag ‘Wat is daarvoor nodig’ en tenslotte ‘Welke actie past daarbij’. In slechts één van de uiteindelijk 18 opgesomde acties kon er al worden gemeld dat vanwege de financiën tot actie kon worden overgegaan. Het is daarom bemoedigend om te lezen: “De grote zorgaanbieders en de Twentse gemeenten hebben zich gecommitteerd om samen te werken aan oplossingen voor de wachtlijstproblematiek. Het Rijk heeft hiervoor middelen beschikbaar gesteld. In opdracht van het AB van de Gezondheidsregio is begonnen met een analyse en het opstellen van een plan van aanpak”.17 Met genoegen hopen we deze actie te kunnen volgen. We laten ons verrassen met het verschijnen van een plan van aanpak.

Aangenomen dat uitgerekend voor het oplossen van problemen rondom wachtlijsten een korte wachttijd gaat gelden!

14

Wetgeving hierover is in voorbereiding. Den Bosch blijkt dit al in haar contracten te hebben opgenomen (mededeling debat cie Tweede Kamer, 29 nov. 2021) 15 Regiovisie, pag. 28 16 Regiovisie, pag. 26 17 Regiovisie pag. 27

6

Advies Op grond van de bovenstaande overwegingen kunnen wij positief adviseren deze Regioversie Jeugdhulp Twente vast te stellen. Wij zijn benieuwd hoe daaraan (soms letterlijk) handen en voeten wordt gegeven en hoe dit gerealiseerd gaat worden. Voor wat betreft de Haaksbergse stand van zaken als onderdeel van de Regiovisie Jeugdhulp zullen wij contact opnemen met de afdeling Ontwikkeling en de Noaberpoort. Uiteraard zijn we te allen tijde bereid tot verdere toelichting en bespreking. Met vriendelijke groet, Participatieraad Haaksbergen Leendert van Herk, voorzitter.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10971833/1