Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Marktplan
Tekst van het document
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling
Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
September 2021
Status: definitief
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING HAAKSBERGEN CENTRUM, PARTIELE HERZIENING MARKTPLAN Naam:
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
Datum:
27 september 2021
Versie:
Definitief
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
1
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING .................................................................................... 3 HOOFDSTUK 2 KENMERKEN VAN HET VOORNEMEN ................................................... 5 HOOFDSTUK 3 BESCHRIJVING VAN DE MILIEUEFFECTEN .............................................. 9 HOOFDSTUK 4 CONCLUSIE ................................................................................ 16
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
2
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
HOOFDSTUK 1
INLEIDING
Het voorgenomen plan heeft betrekking op een drietal locaties in het centrumgebied van Haaksbergen, beter bekend als ‘Gat in de Markt’, ‘De Bron’ en het voormalige pand van Konings Schoenen (Markt 18 en 19). Het plan bestaat uit het slopen van het voormalige pand van Konings Schoenen en enkele bijgebouwen en het realiseren van: 1. een supermarkt en een plint aan de zijde van de Markt voor mogelijk andere centrumfuncties (horeca, detailhandel etc.) met een gezamenlijke omvang van maximaal 2.490 m² bvo; 2. maximaal 39 appartementen boven de supermarkt met daarbij enkele centrumfuncties (bijvoorbeeld ambachtelijke of zakelijke dienstverlening); 3. een appartementengebouw op locatie De Bron met maximaal 26 appartementen; 4. parkeervoorzieningen, waaronder een parkeerkelder (circa 112 parkeerplaatsen) onder de supermarkt en centrumfuncties en naastgelegen gronden; 5. een park. De voorgenomen ontwikkelingen zijn niet in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan. Daarom is een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk. Vanuit het ruimtelijke spoor is een vormvrije toets aan het Besluit milieueffectrapportage noodzakelijk. In dit document worden de milieueffecten van deze ontwikkeling beschouwd. M.e.r.-beoordeling De milieueffectrapportage is een wettelijk instrument met als doel het aspect milieu een volwaardige plaats in de integrale ruimtelijke afweging te geven.
Een bestemmingsplan kan op drie manieren met milieueffectrapportage in aanraking komen: •
•
•
Op basis van artikel 7.2a, lid 1 Wm (als wettelijk plan); Er ontstaat een m.e.r.-plicht wanneer er een passende beoordeling op basis van art. 2.8, lid 1 Wet natuurbescherming nodig is. Op basis van het Besluit milieueffectrapportage (bestemmingsplan in kolom 3); Er ontstaat een m.e.r.-plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het bestemmingsplan genoemd is in kolom 3 (plannen). Op basis van het Besluit milieueffectrapportage (bestemmingsplan in kolom 4); Er ontstaat een m.e.r.-(beoordelings)plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het bestemmingsplan genoemd is in kolom 4 (besluiten).
In het Besluit m.e.r. neemt het bestemmingsplan een bijzondere positie in, want het kan namelijk tegelijkertijd opgenomen zijn in zowel kolom 3 als in kolom 4 van het Besluit m.e.r.. Of het bestemmingsplan in deze gevallen voldoet aan de definitie van het plan uit kolom 3 of aan de definitie van het besluit uit kolom 4 is afhankelijk van de wijze waarop de activiteit in het bestemmingsplan wordt bestemd. Als voor de activiteit eerst één of meerdere uitwerkings- of wijzigingsplannen moeten worden vastgesteld dan is sprake van ‘kaderstellend voor' en voldoet het bestemmingsplan aan de definitie van het plan. Is de activiteit geheel of gedeeltelijk als eindbestemming opgenomen voldoet het aan de definitie van het besluit. In voorliggend geval gaat het om directe eindbestemmingen en is sprake van een besluit. Een belangrijk element in het Besluit m.e.r.. is het (in feite) indicatief maken van de gevalsdefinities (de drempelwaarden in kolom 2 in de D-lijst). Dit betekent dat het bevoegd gezag meer moet doen dan onder de oude regelgeving. Kon vroeger worden volstaan met de mededeling in het besluit dat de omvang van de activiteit onder de drempelwaarde lag en dus geen m.e.r. (beoordeling) noodzakelijk was, onder de nu geldende regeling moet een motivering worden gegeven. Voor deze toets wordt de term vormvrije m.e.r.beoordeling gehanteerd.
Voorliggende ontwikkeling is niet als activiteit opgenomen in de C-lijst van het Besluit MER. In de D-lijst de volgende activiteit opgenomen: ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
3
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
Het realiseren van het voornemen is als een stedelijk ontwikkelingsproject aan te merken, waardoor toetsing aan de drempelwaarden dient plaats te vinden. De drempelwaarden zijn ten aanzien van de hiervoor genoemde activiteit als volgt: 1. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2. een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of 3. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer. In voorliggend geval is geen sprake van de ontwikkeling van een gebied van 100 hectare of meer, of van een aaneengesloten gebied dat 2.000 of meer woningen omvat. Het voornemen is veel kleinschaliger van omvang. Van een directe m.e.r.-plicht is dan ook geen sprake. Desalniettemin dient, gelet op de aard en omvang van het project, wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd. Voorliggende aanmeldnotitie voorziet hierin. Over deze notitie zal afzonderlijk een besluit worden genomen door het bevoegd gezag. Inhoud en doel van de vormvrije m.e.r.-beoordeling Inhoudelijk gaat de vormvrije m.e.r.-beoordeling in op de mogelijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu als gevolg van het initiatief. Deze belangrijke nadelige gevolgen worden beoordeeld aan de hand van de selectiecriteria opgesomd in Bijlage III van de EEG-richtlijn Milieueffectbeoordeling, die drie hoofdthema’s noemt: • • •
De kenmerken van de activiteit; De plaats van de activiteit (ligging en samenhang met andere activiteiten (cumulatie); De kenmerken van de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die de activiteit kan hebben.
Het doel van de notitie is om op objectieve wijze informatie over mogelijke, relevante milieugevolgen van het project te verzamelen en te presenteren. Betrokken partijen Bij het project zijn de gemeente Haaksbergen en ontwikkelende partijen betrokken. Voor het vaststellen van het bestemmingsplan is de gemeenteraad van Haaksbergen het bevoegd gezag. Daarnaast worden de provincie Overijssel, waterschap Vechtstromen en eventueel andere vooroverlegpartners gedurende het proces bij het project betrokken en is het bestemmingsplan in het kader van het wettelijk vooroverleg (artikel 3.1.1. Bro) naar de betreffende partijen toegezonden. Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het voornemen beschreven. Daarbij komen de omvang en overige kenmerken aan bod. Hoofdstuk 3 gaat in op de mogelijke milieueffecten van het project. In hoofdstuk 4 wordt bij wijze van samenvatting de beoordeling gedaan van de omstandigheden van het voornemen. Hierin wordt tevens de conclusie van de vormvrije m.e.r.-beoordeling beschreven.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
4
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
HOOFDSTUK 2
KENMERKEN VAN HET VOORNEMEN
Dit hoofdstuk gaat in op de voorgenomen ontwikkeling, de projectlocatie en eventuele (samenhangende) ontwikkelingen in de omgeving waarmee rekening dient te worden gehouden. Voorgenomen ontwikkeling en omvang van het project Het voornemen ziet toe op de herontwikkeling van een deel van het centrumgebied van Haaksbergen, beter bekend als de locaties ‘Gat in de Markt’, ‘De Bron’ en het voormalige pand van Konings Schoenen. Het projectgebied is in te delen in vier deelgebieden, te weten; •
•
• •
Deelgebied 1 De Markt; omvat de geplande bebouwing tussen de Markt en de Hibbertsstraat biedt ruimte aan een publiekstrekker in de vorm van een supermarkt en centrumfuncties aan de Markt, met appartementen op de verdiepingen; Deelgebied 2 Entreegebied; in dit deelgebied ligt de entree van de supermarkt, wordt de ondergrondse parkeergarage ontsloten (via de Hibbertsstraat), vindt de bevoorrading plaats en bevinden zich (fiets-)parkeervoorzieningen; Deelgebied 3 De Bron; omvat de bouw van een L-vormig appartementengebouw met bijbehorende parkeerplaatsen op maaiveld. Deelgebied 4 Park; het openbaar gebied tussen het appartementengebouw op de Bron en de voormalige Pastorie/restaurant Sirtaki wordt parkachtig ingericht.
In de hiernavolgende subparagrafen worden de ontwikkelingen in de deelgebieden nader toegelicht. In afbeelding 2.1 is een luchtfoto van de huidige situatie in het projectgebied weergegeven. Opgemerkt wordt dat in het projectgebied tevens aangrenzende gronden zijn meegenomen. Het gaat om gronden waar op dit moment een gedateerd bestemmingsplan geldt. Het is wenselijk om deze gronden mee te nemen en te voorzien van een actueel planologisch kader. In afbeelding 2.2 zijn de verschillende deelgebieden zoals hierboven beschreven aangegeven.
Afbeelding 2.1
Luchtfoto van het projectgebied (Bron: PDOK)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
5
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
Afbeelding 2.2
Impressie van het projectgebied (Bron: Archimees)
Deelgebied 1; De Markt In dit deelgebied wordt uitgegaan van functiemenging in de vorm van een supermarkt, andere centrumfuncties (horeca, detailhandel etc.) en appartementen. De nieuwbouw kent een eenvoudige hoofdvorm met enkele hoekverdraaiingen. Op de begane grond (met een omvang van 2.490 m² bvo), is een supermarkt (bvo circa 2.100 m2) gepland met inpandige winkelwagenstalling, magazijn en laadperron (inpandig laden en lossen). Tevens biedt het plan de mogelijkheid om op de begane grond, aan de zijde van de Markt, andere centrumfuncties (bijv. horeca of detailhandel) te realiseren. Op de verdiepingen zijn 39 appartementen voorzien. De appartementen hebben een gebruiksoppervlak van tussen de 60 m2 en 110 m2. 3.1.2
Deelgebied 2; Entreegebied
Vanaf de Markt wordt de bestrating langs de gevels doorgezet richting de Hibbertsstraat. In het openbaar gebied tussen het terras van restaurant Sirtaki en de entree van de supermarkt wordt een openbare opstelplaats voor fietsen gerealiseerd, die op een natuurlijke manier ingebed dient te worden. Ook de afvalinzameling voor bewoners en ondernemers dient mee ontworpen te worden. Langs de Hibbertsstraat is voorzien in een aantal dwarsparkeerplaatsen ten behoeve van een kort bezoek aan de supermarkt. Om het openbaar gebied zoveel mogelijk vrij te houden van geparkeerde auto’s, is in een ondergrondse parkeergarage voor bewoners van de appartementen en bezoekers van de supermarkt voorzien. 3.1.3
Deelgebied 3; De Bron
Binnen dit deelgebied is een appartementengebouw met 26 appartementen voorzien, een ander met bijbehorende parkeervoorzieningen. De nieuwbouw kent een L-vorm en bestaat uit vier bouwlagen en de appartementen hebben een gebruiksoppervlak van tussen de 100 m 2 en 175 m2. Tot slot zal het huidige parkeerterrein heringericht worden, waarbij ruimte wordt geboden aan bewoners van het appartementengebouw om te parkeren. 3.1.4
Deelgebied 4; Park
De bestaande Pastorietuin draagt bij aan de dorpse karakteristiek. In de huidige situatie wordt de Pastorietuin omgeven door een stenen muur van ongeveer 2 meter hoog en ontoegankelijk voor publiek. De tuin wordt (gedeeltelijk) openbaar gemaakt en functioneert zodoende als centrumpark. Doordat het parkeren voor
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
6
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
bewoners en bezoekers van de supermarkt grotendeels ondergrond wordt opgelost ontstaat de kans voor Haaksbergen om een groter deel van het openbaar gebied op maaiveld niveau op een parkachtige wijze vorm te geven. Locatiekenmerken Het projectgebied ligt in het centrumgebied van Haaksbergen. Globaal gezien ligt het projectgebied tussen ‘t Meuke, De Braak, Spoorstraat, Markt, Molenstraat en Hibbertsstraat. De locatie is voor een beperkt deel bebouwd. De omgeving van het projectgebied wordt hoofdzakelijk gekenmerkt door centrumfuncties. In afbeelding 2.3 is de ligging van het projectgebied ten opzichte van de directe omgeving weergegeven. Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen De ontwikkeling van de voorziene activiteiten legt geen bijzonder beslag op natuurlijke hulpbronnen. Tijdens het bouw- en woonrijp maken is grondverzet en fossiele brandstof (voertuigen) nodig. Tijdens de gebruiksfase zal elektriciteit, water en fossiele brandstoffen (voertuigen) nodig zijn. De supermarkt en woningen zullen gasloos gebouwd worden. Productie van afvalstoffen Afvalstoffen worden zoveel mogelijk gescheiden om nuttige afvalstoffen op eenvoudige wijze te kunnen inzamelen en vervolgens te verwerken/recyclen. Er is geen sprake van de productie van gevaarlijk afval. De afvalstoffen zullen conform de daarvoor van toepassing zijnde regelementen worden afgevoerd.
Afbeelding 2.3
Ligging van het projectgebied (Bron: PDOK)
Verontreiniging en hinder In de aanlegfase kan sprake zijn van tijdelijke verkeers- en geluidhinder van bouwverkeer en bouwwerkzaamheden op de locatie. Het gaat dan om geluid en stof vanuit de bouwplaats en bouwverkeer van en naar het projectgebied. Vanwege de ligging, de omvang van de ontwikkeling en de geschatte tijdsduur, is er
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
7
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
geen noodzaak om verkeer tijdelijk om te leiden, met de daarbij behorende effecten. Na afronding van de bouwwerkzaamheden zal de genoemde tijdelijke hinder volledig vervallen. Het aspect tijdelijke hinder leidt niet tot mogelijk belangrijke milieugevolgen. In de gebruiksfase kan ten gevolge van de activiteiten sprake zijn enige hinder, waaronder het drukker worden van de ontsluitingswegen. Van onacceptabele negatieve effecten op het milieu en de omgeving is echter geen sprake. Zoals in hoofdstuk 3 en 4 wordt geconstateerd is er geen sprake van een onevenredige aantasting van beschermende natuurgebieden en/of het woon- en leefklimaat ter plaatse. Zoals in hoofdstuk 3 wordt geconstateerd is er geen sprake van een onevenredige aantasting van beschermende natuurgebieden en/of het woon- en leefklimaat ter plaatse. Risico op ongevallen, specifiek met gevaarlijke stoffen of technologieën De beoogde ontwikkeling zorgt niet voor een toename van risico’s voor de omgeving. Er worden geen gevaarlijke stoffen geproduceerd, opgeslagen of vervoerd. Door de realisatie van een nieuwe en passende ontsluitingsroute, zal van verkeersonveiligheid geen sprake zijn.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
8
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
HOOFDSTUK 3
BESCHRIJVING VAN DE MILIEUEFFECTEN
Voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling zijn de mogelijk negatieve milieueffecten van het voornemen relevant. Relevante milieuaspecten zijn verkeer, geluid, luchtkwaliteit, water, bodem, externe veiligheid en ecologie waaronder ook specifiek de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. In dit hoofdstuk worden de te verwachten (tijdelijke) effecten per aspect beschreven. Verder wordt ingegaan op tijdelijke hinder als gevolg van de ontwikkeling. Voor een aantal van deze aspecten zijn onderzoeken uitgevoerd. De conclusies van deze onderzoeken zijn samengevat in onderstaande alinea’s. Verkeer Bij nieuwe ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de effecten op de verkeersgeneratie die daardoor ontstaat. Hiertoe kunnen berekeningen worden uitgevoerd op basis van de publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren; van parkeerkencijfers naar parkeernormen, publicatie 381 (december 2018)’ van het CROW. De kencijfers zijn gebaseerd op literatuuronderzoek en praktijkervaringen van gemeenten. De kencijfers zijn landelijk (en juridisch) geaccepteerd en worden gezien als de meest betrouwbare gegevens met betrekking tot het bepalen van de verkeersgeneratie. De volgende uitgangspunten zijn gehanteerd: • •
Verstedelijkingsgraad: matig stedelijk / gemeente Haaksbergen (Bron: CBS Statline); Stedelijke zone: centrum.
In onderstaande tabel is de verkeersgeneratie inzichtelijk gemaakt. Opgemerkt wordt dat de verkeersgeneratie voor de overige centrumfuncties (o.a. detailhandel/horeca) lager is dan bij een fullservice-supermarkt. Daarom is als worst-case de volledige begane grond berekend als zijnde supermarkt. Functie
Aantal m2 bvo/ aantal woningen
Fullservice-supermarkt Koop, appartement, goedkoop Koop, appartement, midden Totaal
2.490 m2 61 4
Verkeersgeneratie per 100 m2 bvo / aantal woningen 64,7 4,3 5,1
Totale verkeersgeneratie 1.610 262 20 1.892
Het plan levert op basis van de CROW-publicatie een totale verkeersgeneratie op van 1.892 vervoersbewegingen (zie vorenstaande tabel) op een gemiddelde weekdag weekdagetmaal. Op werkdagen ligt de intensiteit, evenals op zaterdag, wat hoger en op zondag zal de intensiteit wat kleiner zijn. De verkeersbewegingen gaan zich afwikkelen via het omliggende wegennet. Gezien de ligging van het projectgebied en de circulatie op de omliggende wegen kan het gebied op meerdere manieren bereikt worden. De exacte effecten zijn nog onderwerp van nadere studie, maar het ligt voor de hand te veronderstellen dat het meeste verkeer het gebied zal benaderen en verlaten via de Hibbertsstraat en Het Meuke. Uitgaande van een redelijk gelijkmatige verdeling van het verkeer over beide wegen zal de intensiteit op beide wegen toenemen met maximaal circa 1.500 motorvoertuigen per etmaal op een maatgevende (zater)dag. Op werkdagen en op zondag zal de toename kleiner zijn. Het gaat hierbij om een eerste globale inschatting van de effecten. Op basis hiervan kan worden geconcludeerd dat het niet de verwachting is dat hierdoor verkeerskundig gezien onoverkomelijke problemen ontstaan. Beide wegen zijn gezien de profilering naar verwachting goed in staat om dit verkeer te verwerken. De verkeerssituatie leidt niet tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen.
Tevens dient te worden ingegaan op het aantal verkeersbewegingen in relatie tot eventuele toename van de stikstofdepositie. Op de mogelijke milieugevolgen hiervan wordt nader ingegaan bij het thema ‘ecologie’ in het vervolg van deze aanmeldnotitie. Geluid Verkeersgeneratie Woningen (de appartementen) zijn in beginsel niet aan te merken zijn als milieubelastende objecten. Wel kan er sprake zijn van enig geluid als gevolg van de woonfuncties (leefgeluiden), hiervoor gelden overigens geen normen. De ontwikkeling van de commerciële functies en de appartementen zorgt voor een extra
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
9
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
verkeersgeneratie. Deze gezamenlijke extra verkeersgeneratie brengt extra geluidbelasting met zich mee ter plaatse van de ontsluitingswegen en kan effect hebben op bestaande woningen en ook op de nieuwe woningen binnen het projectgebied. Daarom is in dit geval door BJZ.nu een akoestisch onderzoek1 uitgevoerd naar zowel de geluidbelasting op de gevels van de nieuwe woningen als de geluidsbelasting op bestaande woningen afkomstig van omliggende ontsluitingswegen als gevolg van de ontwikkeling. Deelgebied De Bron Ter plaatse van het appartementengebouw bedraagt de geluidbelasting als gevolg van de Braak maximaal 43 dB inclusief reductie ter plaatse van de noordgevel. Ook ten aanzien van de overige gevels wordt aan de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan. Ter plaatse van het appartementengebouw bedraagt de geluidbelasting als gevolg van het Meuke maximaal 49 dB inclusief reductie ter plaatse van de zuidgevel. Ten aanzien van het Meuke wordt voor de overige gevels aan de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan. Ter plaatse van het appartementengebouw bedraagt de geluidbelasting als gevolg van de Hibbertsstraat maximaal 48 dB inclusief reductie ter plaatse van de zuidgevel. Ook ten aanzien van de Hibbertsstraat wordt aan de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan. Ten aanzien van de Molenstraat is er geen sprake van een overschrijding van de voorkeurswaarde.
Als een hogere geluidsbelasting wordt toegestaan moet het binnenniveau van 33 dB gewaarborgd worden. Artikel 110 lid g van de Wgh bepaalt dat de aftrek bij het vaststellen van de noodzakelijk geluidwering 20 dB bedraagt. Er moet dan ook met een gecumuleerde geluidbelasting van maximaal 57 dB worden gerekend. De vereiste geluidwering GA;K bedraagt 55 – 33 = 22 dB Met het nemen van gevelmaatregelen met een geluidwering van maximaal 22 dB kan een binnenniveau van 33 dB worden gerealiseerd. Er is daarmee sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren appartementen wat betreft het aspect wegverkeerslawaai.
Deelgebied De Markt Ten aanzien van de Braak, het Meuke en de Molenstraat is er geen sprake van een overschrijding van de voorkeurswaarde. Ter plaatse van het appartementengebouw bedraagt de geluidbelasting als gevolg van de Hibbertsstraat maximaal 51 dB inclusief reductie ter plaatse van de westgevel. Ten aanzien van de Hibbertsstraat wordt voor de overige gevels aan de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan. Als een hogere geluidsbelasting wordt toegestaan moet het binnenniveau van 33 dB gewaarborgd worden. Artikel 110 lid g van de Wgh bepaalt dat de aftrek bij het vaststellen van de noodzakelijk geluidwering 20 dB bedraagt. Er moet dan ook met een geluidbelasting van maximaal 60 dB worden gerekend. De vereiste geluidwering GA;K bedraagt 57 – 33 = 24 dB Met het nemen van gevelmaatregelen met een geluidwering van maximaal 24 dB kan een binnenniveau van 33 dB worden gerealiseerd. Er is daarmee sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren appartementen wat betreft het aspect wegverkeerslawaai.
Omliggende bestaande woningen Uit het onderzoek blijkt het volgende: •
1
ten aanzien van het Meuke is sprake van een geluidstoename van 6 dB als gevolg van de ontwikkeling. De maximale gecumuleerde geluidbelasting bedraagt 56 dB.
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Marktplan, Haaksbergen (projectnummer: 2021-168, September 2021)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
10
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
•
ten aanzien van de Hibbertsstraat is sprake van een geluidstoename van 4 dB als gevolg van de ontwikkeling. De maximale gecumuleerde geluidbelasting bedraagt 58 dB.
Ten gevolge van de voorgenomen ontwikkeling is er langs wegen in de omgeving sprake van een toenemende geluidsbelasting door gewijzigde verkeersstromen. In de Wet geluidhinder is sprake van gevolgen elders wanneer de geluidsbelasting toeneemt met 2 dB of meer in de plansituatie ten opzichte van de toekomstige situatie zonder ontwikkelingen. Van een dergelijke toename is sprake wanneer de verkeersintensiteit toeneemt met 40% of meer (bij een gelijkblijvende verkeersverdeling). Daar is in dit geval sprake van. Voorliggend onderzoek naar gevolgen elders is wettelijk gezien niet meer dan een constatering van de toe- en afnamen van de geluidsbelasting. Er is geen wettelijke verplichting tot het treffen van geluidsreducerende maatregelen. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het echter wel gewenst af te wegen of voor deze situaties maatregelen mogelijk zijn. Dit is ter afweging aan het bevoegd gezag. Geluidseffecten supermarkt/overige centrumfuncties Het voornemen maakt zoals hiervoor reeds genoemd een supermarkt en overige centrumfuncties mogelijk.
In de VNG-publicatie is aangegeven dat vanwege de bijzondere kenmerken van gebieden met enige vorm van functiemenging (zoals het centrumgebied van Haaksbergen), niet worden gewerkt met een systematiek van richtafstanden en afstandsstappen: vanwege de zeer korte afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies is een dergelijke systematiek niet geschikt voor functiemengingsgebieden. De ‘Staat van Bedrijven (SvB) - functiemenging’ bevat geen richtafstanden, maar categorieën A, B en C, die aangeven onder welke omstandigheden activiteiten inpasbaar zijn. Het projectgebied ligt in een gebied met enige vorm van functiemenging. Supermarkten vallen in categorie B op basis van de lijst ‘Staat van Bedrijven (SvB) - functiemenging’ en de overige centrumfuncties in categorie A. Beide voorzieningen zijn inpasbaar, waarbij voor de centrumfuncties de eisen uit het Bouwbesluit wat betreft scheiding wonen -bedrijven toereikend zijn. Voor de supermarkt geldt dat ten opzichte van de bovenwoningen sprake dient te zijn van een bouwkundige afscheiding. Bij de verdere uitwerking van het plan wordt hiermee rekening gehouden. Gesteld wordt rekening houdend met het vorenstaande ter plaatse van de nieuwe en omliggende woningen ten aanzien van onder meer de geluidseffecten sprake zal zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
Effect: Het effect van de voorgenomen ontwikkeling op de geluidsituatie wordt ingeschaald op licht negatief. Luchtkwaliteit Om een goede luchtkwaliteit in Europa te garanderen heeft de Europese Unie een viertal kaderrichtlijnen opgesteld. De hiervan afgeleide Nederlandse wetgeving is vastgelegd in hoofdstuk 5, titel 2 van de Wet milieubeheer. Deze wetgeving staat ook bekend als de Wet luchtkwaliteit. In de Wet luchtkwaliteit staan onder meer de grenswaarden voor de verschillende luchtverontreinigende stoffen. Onderdeel van de Wet luchtkwaliteit zijn de volgende Besluiten en Regelingen: • •
Besluit en de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen); Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen).
Besluit niet in betekenende mate bijdragen Het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (NIBM) staat bouwprojecten toe wanneer de bijdrage aan de luchtkwaliteit van het desbetreffende project niet in betekenende mate is. Het begrip ‘niet in betekenende mate’ is gedefinieerd als 3% van de grenswaarden uit de Wet milieubeheer. Het gaat hierbij uitsluitend om stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10). Toetsing aan andere luchtverontreinigende stoffen uit de Wet luchtkwaliteit vindt niet plaats. In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Enkele voorbeelden zijn: •
woningen: 1.500 met een enkele ontsluitingsweg; BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
11
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
• •
woningen: 3.000 met twee ontsluitingswegen; kantoren: 100.000 m2 bruto vloeroppervlak met een enkele ontsluitingsweg.
Als een ruimtelijke ontwikkeling niet genoemd staat in de Regeling NIBM kan deze nog steeds niet in betekenende mate bijdragen. De bijdrage aan NO2 en PM10 moet dan minder zijn dan 3% van de grenswaarden. Besluit gevoelige bestemmingen Het Besluit gevoelige bestemmingen is opgesteld om mensen die extra gevoelig zijn voor een matige luchtkwaliteit aanvullend te beschermen. Deze ‘gevoelige bestemmingen’ zijn scholen, kinderdagverblijven en verzorgings-, verpleeg- en bejaardentehuizen. Woningen en ziekenhuizen/klinieken zijn geen gevoelige bestemmingen. De grootste bron van luchtverontreiniging in Nederland is het wegverkeer. Het Besluit legt aan weerszijden van rijkswegen en provinciale wegen zones vast. Bij rijkswegen is deze zone 300 meter, bij provinciale wegen 50 meter. Bij realisatie van ‘gevoelige bestemmingen’ binnen deze zones is toetsing aan de grenswaarden die genoemd zijn in de Wet luchtkwaliteit nodig. Beoordeling Gelet op de aard en omvang van voorliggend initiatief, in verhouding tot categorieën van gevallen zoals beschreven in regeling NIBM wordt gesteld dat voorliggend initiatief ‘niet in betekenende mate bijdraagt’ aan de luchtverontreiniging. Het project is kleinschaliger. Daarnaast zijn in de omgeving van het projecten geen overschrijdingen met betrekking tot de normen bekend.
Tot slot wordt geconcludeerd dat de ontwikkeling niet wordt aangemerkt als een gevoelige bestemming in het kader van het 'Besluit gevoelige bestemmingen'. Effect: Het effect van de voorgenomen ontwikkeling ten aanzien van luchtkwaliteit wordt ingeschaald op neutraal. Water Het projectgebied is niet gelegen in een grondwaterbeschermings- of intrekgebied, wel heeft het voornemen gevolgen voor de waterhuishouding. Afvalwater Bij het bouwrijp maken van het projectgebied wordt een gescheiden rioolstelsel aangelegd, dat is afgestemd op de toekomstige functies. Het nieuwe stelsel zal worden aangelegd conform het ‘Gemeentelijk rioleringsplan 2017-2020’ van de gemeente Haaksbergen. Hemelwater en oppervlaktewater De hemelwaterafvoer in voorliggend plan wordt volledig gescheiden van afvalwater. Hemelwater zal in eerste instantie op eigen terrein worden opgevangen door middel van groene daken. Overtollig hemelwater zal worden afgevoerd naar infiltratievoorzieningen gelegen onder het park. Om wateroverlast bij piekbuien te voorkomen wordt voor de te realiseren bebouwing conform het beleid een vloerpeil van 30 cm boven de as van de weg gehanteerd. Effect: Het effect van de voorgenomen ontwikkeling ten aanzien van het aspect water wordt ingeschaald op neutraal. Bodemkwaliteit Binnen het voornemen worden geen functies gerealiseerd die negatieve effecten kunnen hebben op de bodemkwaliteit.
De voorgenomen ontwikkeling leidt ten aanzien van bodemkwaliteit dan ook niet tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
12
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
Externe veiligheid Binnen het projectgebied wordt geen gebruik gemaakt van gevaarlijke stoffen. Het voornemen voorzien niet in het toevoegen van een risicovolle inrichting. Het voornemen heeft ten aanzien van de externe veiligheid geen mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen. Ecologie Bescherming in het kader van de natuur wet- en regelgeving is op te delen in gebieds- en soortenbescherming. Bij gebiedsbescherming heeft men te maken met de Natuurbeschermingswet en het Nederlands Natuurnetwerk. Soortenbescherming gaat uit van de bescherming van dier- en plantensoorten. Sinds 1 januari 2017 is het wettelijk kader ten aanzien van gebieds- en soortenbescherming vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Gebiedsbescherming Natura 2000-gebieden Natura 2000 is een samenhangend netwerk van natuurgebieden in Europa. Natura 2000 bestaat uit gebieden die zijn aangewezen in het kader van de Europese Vogelrichtlijn (79/409/EEG) en gebieden die zijn aangemeld op grond van de Europese Habitatrichtlijn (92/43/EEG). Deze gebieden worden in Nederland op grond van de Wet natuurbescherming beschermd. In de Wet natuurbescherming heeft Nederland de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn in nationale wetgeving verankerd. Nederland zal aan de hand van een vergunningenstelsel de zorgvuldige afweging waarborgen rond projecten die gevolgen kunnen hebben voor Natura 2000-gebieden.
Deze vergunningen worden verleend door de provincies of door de Minister van EZ. Het projectgebied ligt niet binnen Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied “Buurserzand & Haaksbergerveen” is gelegen op een afstand van ruim 1,7 kilometer. Voor Natura 2000-gebieden zijn instandhoudingsdoelstellingen geformuleerd voor alle beschermde soorten en habitats die daar aanwezig zijn. Per soort of habitat is aangegeven of behoud van de huidige aantallen/arealen voldoende is, danwel of uitbreiding of een verbetering nodig is. Niet alleen activiteiten binnen een Natura 2000-gebied maar ook activiteiten buiten een Natura 2000-gebied kunnen de instandhoudingsdoelstellingen in gevaar brengen. Dit wordt externe werking genoemd. Gezien de mogelijke externe werking van de beoogde ontwikkeling op het nabijgelegen Natura 2000-gebied, is het van belang om te toetsen of de realisatie van de beoogde ontwikkeling conflicteert met de waarden waarvoor dit gebied is aangewezen. Hiervoor is in elk geval een toetsing aan de Wet natuurbescherming noodzakelijk. Gelet op de onderlinge afstand is directe hinder (bijv. geluid, verstrooiing van licht etc.) niet aan de orde. Naast directe hinder dient tevens te worden gekeken naar de mogelijke toename van stikstofdepositie op kwetsbare habitattypen binnen het Natura 2000-gebieden.
Om de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden in kaart te brengen is door BJZ.nu een AERIUSberekening2 uitgevoerd. Uit de resultaten van de AERIUS-berekening blijkt dat er geen sprake is van een stikstofdepositie met significant negatief effect op Natura 2000-gebieden. Het project is in het kader van de Wet natuurbescherming, ten aanzien van de effecten van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, niet vergunningsplichtig. Natuurnetwerk Nederland (NNN) Het Natuur Netwerk Nederland (NNN) is de kern van het Nederlandse natuurbeleid. Het NNN is in provinciale structuurvisies uitgewerkt. In of in de directe nabijheid van het NNN geldt het ‘nee, tenzij’ - principe. In principe zijn er geen ontwikkelingen toegestaan als zij de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied aantasten.
2
AERIUS-berekening Marktplan, Haaksbergen (September 2021)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
13
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
Het projectgebied bevindt zich op circa 1,2 meter afstand van gebied dat is aangewezen als NNN. Gezien de aard en omvang van het voornemen (wonen) wordt geconcludeerd dat er met de voorgenomen ontwikkeling geen aantasting plaatsvindt van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN. Soortenbescherming Wat betreft de soortbescherming is de Wet natuurbescherming van toepassing. Hierin wordt onder andere de bescherming van dier- en plantensoorten geregeld. Bij ruimtelijke ontwikkelingen dient te worden getoetst of er sprake is van negatieve effecten op de aanwezige natuurwaarden. Als hiervan sprake is, moet er worden bekeken of hier een vrijstelling voor geldt anders moet er een ontheffing worden gevraagd. In het kader van voorliggend bestemmingsplan is een quickscan natuurwaardenonderzoek3 uitgevoerd. Hierna zijn de resultaten uit het onderzoek opgenomen. De inrichting en het gevoerde beheer maken het projectgebied niet tot een geschikte groeiplaats voor beschermde plantensoorten, maar wel tot geschikt functioneel leefgebied voor verschillende beschermde dieren. Beschermde diersoorten benutten het projectgebied hoofdzakelijk als foerageergebied, maar mogelijk bezetten beschermde grondgebonden zoogdieren er een vaste rust- en voortplantingsplaats, bezetten amfibieën er een (winter)rustplaats, nestelen er vogels en bezetten vleermuizen er een verblijfplaats.
Er nestelen vogels in het projectgebied waarvan uitsluitend het bezette nest beschermd is, maar er nestelen mogelijk ook vogelsoorten in de te slopen gebouwen in het projectgebied, waarvan zowel het bezette nest, als de nestplaats bezet is. Op basis van het uitgevoerde onderzoek, kan de aanwezigheid van nestelende vogelsoorten, waarvan de nestplaats (jaarrond) beschermd is, niet uitgesloten worden. Om de wettelijke consequenties van de voorgenomen activiteiten volledig in beeld te kunnen brengen, dient aanvullend onderzoek uitgevoerd te worden. Vleermuizen en hun vaste rust- en voortplantingsplaatsen zijn beschermd en mogen alleen met een ontheffing negatief beïnvloed worden. Om de functie van de bebouwing voor vleermuizen vast te kunnen stellen dient aanvullend onderzoek uitgevoerd te worden. Dit onderzoek dient uitgevoerd te worden in de periode half meihalf september (half oktober). Voor de amfibieën en grondgebonden zoogdieren, die vaste rust- en/of voortplantingsplaats in het projectgebied bezetten, geldt een vrijstelling van de verbodsbepalingen ‘doden’ en het ‘beschadigen en vernielen van vaste rust- en/of voortplantingsplaats’. Deze vrijstelling is van toepassing omdat er sprake is van een ruimtelijke ontwikkeling.
Door het verwijderen van beplanting en het bebouwen en verharden van een groot deel van het projectgebied, neemt de betekenis van het projectgebied, als foerageergebied voor de in het projectgebied foeragerende grondgebonden zoogdieren, vleermuizen, amfibieën en vogels af. Dit leidt echter niet tot wettelijke consequenties. Het aspect ecologie leidt, indien het aanvullend onderzoek naar vleermuizen wordt uitgevoerd en invulling wordt gegeven aan de uitkomsten van dat onderzoek, niet tot mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen. Effect: Het effect van de voorgenomen ontwikkeling ten aanzien van het aspect ecologie wordt ingeschaald op neutraal.
Tijdelijke hinder Met een ruimtelijke ontwikkeling kan ook tijdelijke hinder als gevolg van bouw- en aanlegwerkzaamheden gepaard gaan. In voorliggend geval zal gedurende de ontwikkeling van het projectgebied enige hinder als gevolg van bouwwerkzaamheden gaan plaatsvinden. Het gaat dan om geluid en stof vanuit de bouwplaats en bouwverkeer van en naar het projectgebied. Vanwege de ligging is er geen noodzaak om verkeer tijdelijk om te leiden, met de daarbij behorende effecten. Na afronding van de bouwwerkzaamheden zal de genoemde tijdelijke hinder volledig vervallen. Het aspect ‘tijdelijke hinder’ leidt niet tot mogelijk belangrijke milieugevolgen.
3
Quickscan natuurwaardenonderzoek Marktplan Haaksbergen (projectnr. 3365, versie 1.1, 27 mei 2021)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
14
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
Cumulatie Cumulatie van effecten treedt op wanneer werkzaamheden in direct omliggende gebieden vergelijkbare effecten veroorzaken met de hierboven beschreven effecten en in dezelfde periode worden uitgevoerd. Er zijn geen ontwikkelingen in direct omliggende gebieden bekend waarbij sprake is van vergelijkbare effecten die in dezelfde periode uitgevoerd zullen worden. Cumulatie is daarom niet aan de orde.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
15
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
HOOFDSTUK 4
CONCLUSIE
Dit hoofdstuk dient als samenvatting van de conclusies van de hoofdstukken 2 en 3. In dit hoofdstuk wordt de voorgenomen activiteit aan onderstaande criteria getoetst en een eindafweging gemaakt. 1. 2. 3. 4.
De kenmerken van de activiteit; De plaats van de activiteit; De samenhang met andere activiteiten (cumulatie); De kenmerken van de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die de activiteit kan hebben.
Kenmerken van de activiteit Het voornemen betreft de hertontwikkeling van een deel van het centrum van Haaksbergen. Bij de kenmerken van de activiteit dient in het bijzonder in overweging te worden genoemd: • •
De omvang van het project; hinder.
Omvang De ontwikkeling is relatief gering van omvang. Het voornemen past in de stedelijke structuur van Haaksbergen. Het voornemen past in het streven naar passende vervolgfuncties, behoud van de vitaliteit en sociaaleconomische kwaliteit en de versterking van de ruimtelijke kwaliteit van de kern Haaksbergen. Geconcludeerd wordt dat dit project ver beneden de drempelwaarden van de m.e.r.-beoordelingsplicht blijft. Hinder Tijdens de uitvoering van het voornemen kunnen flora en fauna hinder ondervinden. Uit het ecologische natuurwaardenonderzoek en de stikstofberekening is verder gebleken dat de voorgenomen activiteiten (indien het aanvullend onderzoek naar vleermuizen wordt uitgevoerd en invulling wordt gegeven aan de uitkomsten van dat onderzoek) niet tot consequenties in het kader van soort- of gebiedsbescherming leiden. Plaats van de activiteit De projectlocatie ligt geheel binnen grondgebied van de gemeente Haaksbergen, op een bestaande locatie met stedelijke functies. De voorgenomen activiteiten vinden niet plaats in beschermde gebieden, natuur en/of water. Samenhang met andere activiteiten ter plaatse Er vinden in de directe omgeving van het projectgebied geen andere (grootschalige) ontwikkelingen plaats waarmee rekening dient te worden gehouden.
Kenmerken van de belangrijke nadelige milieugevolgen Voor de beoordeling van eventuele belangrijke nadelige milieugevolgen van de voorgenomen activiteit moet, daar waar opportuun, rekenschap worden gegeven aan de volgende zaken: • • • •
Het bereik van het effect (geografische zone en de grootte van de getroffen bevolking); Het grensoverschrijdende karakter van het effect; De waarschijnlijkheid van het effect; De duur, frequentie en de onomkeerbaarheid van het effect.
Uit hoofdstuk 3 is gebleken dat de ontwikkeling op de relevante milieuaspecten verkeer, geluid, luchtkwaliteit, water, bodem, externe veiligheid en ecologie (waaronder stikstof) geen belangrijke structurele nadelige en onomkeerbare milieugevolgen met zich meebrengt. De ontwikkeling gaat wel gepaard met tijdelijke hinder als gevolg van bouwwerkzaamheden, maar deze zullen na afronding volledig vervallen.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
16
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Haaksbergen centrum, partiele herziening Marktplan
Conclusie vormvrije m.e.r.-beoordeling De vormvrije m.e.r.-beoordeling maakt duidelijk dat de milieueffecten als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling beperkt zijn en dat er geen sprake is van een bijzondere omstandigheid die het opstellen van een plan-m.e.r. noodzakelijk maakt.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
17