CConstaterende datHaaksbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-A24-2.Publieke daadkracht ambtelijke organisatie

Gemeenteraad 27 maart 2024, gemeente HaaksbergenBij agendapunt: Vaststellen ingekomen stukken3.504 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Publieke daadkracht ambtelijke organisatie Voorliggend analysedocument geeft inzicht in een benchmark op formatie tussen gemeenten, de feitelijke ontwikkelingen van de ambtelijke organisatie door de tijd heen en op basis daarvan een gevolgtrekking voor de huidige situatie van de ambtelijke organisatie. Het stuk sluit af met een samenvatting.

1) Formatief vergelijk gemeenten Formatie van de ambtelijke organisatie De omvang van de ambtelijke organisatie in formatie is continu in beweging. Alle formatie van de ambtelijke organisatie in functies uiteengezet in een overzicht, noemen we het functiehuis. Op basis van het functiehuis worden de loonkosten berekend die jaarlijks in de begroting worden opgenomen. Deze loonkosten worden jaarlijks geïndexeerd en bijgesteld op basis van de geldende CAO. De loonkosten vormen samen met het inhuurbudget de totale personeelskosten (exclusief het opleidingsbudget). Het inhuurbudget is bedoeld om in te zetten wanneer:  werkzaamheden tijdelijk van aard zijn en waarvoor geen capaciteit beschikbaar is;  werkzaamheden om specifieke expertise vragen die we niet in huis hebben of niet in huis willen organiseren;  een onafhankelijke positie in een proces of totstandkoming van een product noodzakelijk wordt geacht;  er is sprake is van uitval van medewerkers waardoor de taken blijven liggen die wel opgepakt moeten worden om de continuïteit te kunnen waarborgen;  de arbeidsmarkt onze vacatures niet kan invullen en tijdelijke inzet op basis van inhuur noodzakelijk is om de taken/werkzaamheden van de functie uitgevoerd te krijgen. De omvang van de formatie van de ambtelijke organisatie komt in essentie tot stand aan de hand van de volgende basisformule:

(1) Wettelijke taken

(5) Uitbesteding en/of samenwerking van/op taken

(2) Ambitie van bestuur en politiek

van invloed op

(3) Initiatieven uit de samenleving

Benodigde formatie ambtelijke organisatie

van invloed op

(4) Fysieke kenmerken en oppervlakte gemeente

(6) Bedrijfsvoering ambtelijke organisatie

Ad 1): Wettelijke taken die het Rijk oplegt die in de praktijk leiden tot het instellen van verplichte functionarissen (o.a. een Ciso en functionaris gegevensbescherming) en leiden tot de verplichting om taken uit te voeren (o.a. handhaving, behandelen vergunningaanvragen, taken sociaal domein, etc.). Ad 2): De ambities van bestuur en politiek voor beleidsuitvoering en dienstverlening. Denk aan onderhoudsniveau van groen en wegen, participatie, voorzieningenniveau, enzovoort. Ad 3): De hoeveelheid en omvang van initiatieven uit de samenleving. Denk aan aanvragen, initiatieven, vragen, verzoeken, enzovoort. Ad 4): Fysieke kenmerken en oppervlakte van de gemeente. Denk aan hoeveelheid groen, aantal wegen, omvang openbare ruimte, aantal woningen, enzovoort. Ad 5): Uitbesteding van taken of samenwerking op taken is van invloed op de benodigde formatie. De kosten voor uitbestede taken dan wel in samenwerking belegde taken zijn in de begroting geen onderdeel van de personeelskosten (zijn niet in formatie weggezet). Ad 6): De efficiëntie van de inrichting van de bedrijfsvoering van de ambtelijke organisatie. Denk aan softwaresystemen en processen ter ondersteuning van het primaire proces. Pagina 1 van 6

Indien de benodigde formatie van de ambtelijke organisatie (aan de hand van de basisformule) in evenwicht is met de beschikbare formatie, kan je spreken van een in balans zijnde ambtelijke organisatie. De ambtelijke organisatie kan dan optimaal publieke daadkracht tonen. Voor bestuur en politiek is dit van belang om de ambtelijke organisatie als middel in te kunnen zetten voor de uitvoering van (wettelijke) taken, ambities en wensen en behoeften uit en van de samenleving. Echter, zoals aangegeven is de formatie aan de hand van de basisformule continue in beweging en is het daarom ook continu zoeken naar de balans tussen benodigde formatie (vraag) en beschikbare formatie (aanbod). De beschikbare formatie is afhankelijk van de beschikbare middelen voor de personeelskosten. De keuze voor het beschikbaar stellen van deze middelen ligt in handen van de gemeenteraad op basis van het budgetrecht. Het verschil tussen benodigde formatie en beschikbare formatie is daarmee de keuzevrijheid van de gemeenteraad. Formatie in vergelijk met andere gemeenten Aan een vergelijk van formatie tussen gemeenten kun je nooit directe conclusies verbinden. Vele factoren en verklaringen zijn van invloed op de omvang van de formatie die een ambtelijke organisatie nodig heeft (zie basisformule hiervoor). Wel kan het vergelijk in de beeldvorming helpen.

Onderstaande tabel geeft een vergelijk tussen de totale formatieomvang van de gemeente Haaksbergen in vergelijking met de gemeenten Aalten, Borne, Voorst en Wierden. Een vergelijk met deze gemeenten is gemaakt vanwege de omvang (allen circa 25.000 inwoners en vanwege het karakter (allen een plattelandsgemeente). De zwarte lijn geeft het gemiddelde weer van de formatie van alle Nederlandse gemeenten bij elkaar (op basis van de personeelsmonitor 2018 en 2022 van het A&O-fonds). Bij het schrijven van dit stuk is de personeelsmonitor 2023 nog niet beschikbaar en derhalve is voor het jaar 2023 geen gemiddelde o.b.v. A&O aan te geven.

Formatievergelijk gemeenten 2019-2023

gem. Aalten

220

Ambtelijke formatie

gem. Haaksbergen

189

200

194

197

197

180,7 174,8 174,5 172,59 175,07 171,15 170,97 169,7 180 161,34 155,1 151,89 160 144,75149,46 142,76 140,98140 131,75 136,8 128,6 140 121,42121,7121,42 123,08 129,48 120,2 128,63 120 177

179

200 196,97 185,32

2018

2019

2020

2021

2022

gem. Voorst gem. Wierden

147,8 144,69

100 2017

gem. Borne

2023

Gemiddelde o.b.v. A&O Bron: begrotingen gemeenten en de personeelsmonitor A&O fonds 2018 en 2022.

De tabel laat zien dat de formatieve omvang van de ambtelijke organisatie van Haaksbergen in vergelijking tot andere gemeenten relatief laag is. Let wel: dit is enkel een vergelijk op de totale organisatieomvang zonder een dieptestudie te hebben verricht op een vergelijk in taken, factoren en verklaringen voor de benodigde omvang (zie basisformule hierboven). De tabel laat ook zien dat vanaf 2020 er bij allen een licht stijgende lijn in de formatie waarneembaar is. Ook Haaksbergen deelt mee in deze stijgende lijn, waarbij de kloof met de referentiegemeenten niet groter en niet kleiner wordt. A&O fonds concludeert dat de belangrijkste reden voor de stijging van personeel in 2022 is toe te schrijven aan zowel huidige vacatures als nieuwe vacatures, voortvloeiend uit nieuwe taken die op gemeenten afkwamen, zoals opvang van vluchtelingen en het energievraagstuk (link A&O-fonds). Als we kijken naar de uitgaven (op basis van de begrotingen) dan blijkt uit de benchmark van waar-staat-je-gemeente (link dashboard) dat de netto lasten per inwoner van de gemeente Haaksbergen vergelijkbaar is met andere gemeenten < 25.000 inwoners. Kijken we specifiek naar de totale apparaatskosten (primair proces en overhead) dan wijst de benchmark Berenschot (uitgevoerd in 2021) uit dat de totale apparaatskosten per inwoner van Haaksbergen 5% lager ligt dan gemiddeld.

De constatering uit deze benchmark bevestigt het beeld in de grafiek hierboven.

Pagina 2 van 6

2) Situatie Haaksbergen – feitelijke ontwikkelingen op een rij (door de tijd heen) Onderstaand wordt in chronologie de relevante ontwikkelingen van de afgelopen jaren ten aanzien van de ambtelijke organisatie en de omvang in de formatie uiteengezet. Formatieve bezuinigingen (financieel herstel 2014) De provincie was niet tevreden over de ingediende begroting 2014 van Haaksbergen en stelde per 1 januari 2014 het preventief financieel toezicht in. Vanaf de begroting 2015 zijn maatregelen uitgevoerd om tot financieel herstel te komen. Eén van de maatregelen betreft een reductie in de kosten van de ambtelijke organisatie. Als bijlage (pagina 141) bij deze begroting (link begroting 2015) is de bezuinigingsopgave opgenomen. De formatieve taakstelling betreft het realiseren van een beoogde bezuiniging van 40 FTE in 2019 (zie pagina 133, begroting 2016). In de begroting staat opgemerkt dat door decentralisaties er taken zijn bijgekomen en vanaf 1 januari 2015 6 FTE aan formatie is toegevoegd. Dat betekent een daling van de totale formatieomvang van 165 FTE in 2014 naar 131 FTE in 2019. De uitvoering van de taakstelling is onder andere zichtbaar in de feitelijke realisatie van een bezuiniging van 8 FTE in de begroting van 2017 (link begroting 2017). Deze financiële herstelstap heeft daarmee geleid tot een forse inkrimping van de ambtelijke formatie.

Kijkend naar de tabel op de vorige pagina, kan geconcludeerd worden dat deze forse taakstelling op de formatie gerealiseerd is. Budgettaire bezuinigingen (financieel herstel 2020) In 2019 is door de provincie het preventief toezicht ingesteld omdat de begroting 2020 niet structureel en reëel in evenwicht was en de algemene reserve negatief is geworden waardoor er geen weerstandscapaciteit bestond. De begroting 2020 heeft daarom geen goedkeuring van de provincie gekregen. Dat is de aanleiding geweest om een financieel herstelplan (in 2020) op te stellen. De opdracht voor dit financieel herstelplan is om maatregelen te treffen om het structureel en reëel begrotingsevenwicht te herstellen. Deze maatregelen zijn in drie sporen weggezet, te weten: 1. doorvoeren van aanpassingen in de bestaande begroting waarbij alle begrotingsposten zijn getoetst en de noodzaak ervan opnieuw zijn bepaald (actualisatie begroting); 2. uitvoeren taakverkenning waarbij samen met de ambtenaren is gezocht naar bezuinigingsmogelijkheden; 3. actie ‘on hold’ inzetten waarbij (nieuwe) voorstellen met financiële consequenties op voorstel van een ‘werkgroep preventief toezicht’ wel/niet ‘on hold’ worden gezet. Met deze maatregelen worden twee concrete opdrachten gerealiseerd: 1) Zorg voor herstel van het structureel en reëel begrotingsevenwicht.

2) Zorg ervoor dat Haaksbergen over uiterlijk zes jaar over voldoende weerstandsvermogen beschikt door een algemene reserve van € 3 miljoen op te bouwen. De uitvoering van het financieel herstelplan heeft tot gevolg gehad dat enkel ingezet is op huidige ontwikkelingen en niet op nieuwe ontwikkelingen. Werkbudgetten zijn als bezuinigingsmaatregel weggestreept en er is getemporiseerd in taken en uitgaven dan wel zijn deze on hold gezet. Een meer gedetailleerde uitwerking van de resultaten van de drie sporen met maatregelen is opgenomen in het financieel herstelplan (link financieel herstelplan). Meerjarig programma ‘Haaksbergen Ster(ker) in Ontwikkeling’ vanaf 2020 Op 27 mei 2020 is door de gemeenteraad unaniem het meerjarig programma ‘Haaksbergen Ster(ker) in Ontwikkeling’ vastgesteld (link raadsbesluit). De aanleiding is gelegen in het onderzoek van Rijnconsult (rapport Rijnconsult) en mede ingegeven door de financiële situatie van de gemeente Haaksbergen. Dit programma bevat onder andere een (herstel)strategie om de basis in de organisatie op orde te brengen, de bedrijfsvoering te versterken, het model netwerkgemeente verder uit te werken en financiën en risicobeheersing op orde te krijgen. Het programma heeft als doel het vertrouwen van de samenleving in de gemeente Haaksbergen te herstellen en de verbinding met de samenleving te versterken.

Vanaf 2020 is aan de hand van drie sporen gewerkt aan het realiseren van het programmadoel, te weten: 1) financiën en risicobeheersing op orde, 2) effectief samenspel en 3) stabiele en veerkrachtige organisatie. Het programma heeft een doorlooptijd tot en met 2026 en is daarmee nog niet afgerond. In 2021 is een tussenpeiling van het programmadoel gemeten (link tussenpeiling). We zijn er nog niet! Wel hebben we stappen gezet. Om de bedrijfsvoering te versterken is een samenwerking vormgegeven met de gemeente Hengelo op de IT-infrastructuur. We hebben onderzoek uitgevoerd naar het versterken van het informatiemanagement en staan aan de vooravond om een mogelijke samenwerking met de gemeente Hengelo op dit domein vorm te geven. We hebben de organisatie in ontwikkeling gebracht en een nieuwe organisatiestructuur Pagina 3 van 6

neergezet. We hebben participatiebeleid opgesteld en werken aan de betrokkenheid van inwoners bij onze plannen en ideeën. Interbestuurlijk toezicht (IBT) provincie Overijssel Het interbestuurlijk toezicht (IBT) van de provincie Overijssel is een methodiek/instrument om toezicht te houden op de uitvoering van taken door de gemeente Haaksbergen. Het geeft inzicht in de risico’s bij de uitvoering van de taken die onder de reikwijdte van het IBT vallen. Onderstaande tabel laat de ontwikkelingen door de jaren heen zien op basis van de beoordeling van de provincie op de uitvoering van deze taken. Dat doet zij door een stoplichtkleur per domein toe te passen dat uiteindelijk resulteert in een totaalkleuring (link beoordelingskader). Totaalkleur

Financiën

Wabo

Wro

Archief

Huisvesting SH

Monumenten

2016

(*)

2017

(*)

2018

(*)

2019

(*)

2020 2021 2022 2023

* dit toetsdomein is per 2020 ingevoerd.

De tabel toont aan dat de ontwikkelingen vanaf 2014 tot heden, zoals hiervoor geschetst, invloed uitoefenen op de wijze waarop wij uitvoering geven aan de taken die wij moeten uitvoeren. De mate van de balans tussen benodigde formatie en beschikbare formatie heeft dus haar uitwerking op de wijze waarop wij (kunnen) voldoen aan onze IBT-verplichtingen. In zekere zin is de IBTbeoordeling daarmee een gelimiteerd (afgebakende) toetssteen voor het principe “basis op orde”. Begroting 2023 en 2024 De twee concrete opdrachten uit het financieel herstelplan (enerzijds een structureel en reëel begrotingsevenwicht en anderzijds een algemene reserve van absoluut € 3 miljoen) zijn in 2022 bereikt (met de kanttekening dat een reëel begrotingsevenwicht een continue maatregel betreft). Bij het opstellen van de begroting 2023 (link begroting 2023) is een begin gemaakt om tot herstel van de ambtelijke organisatie te komen. Bedoeld is om een stap te zetten om de wettelijke taken op het gewenste niveau uit te voeren en invulling te kunnen geven aan ambities van politiek/bestuur en initiatieven uit de samenleving. In de begroting van 2023 is de formatie van de ambtelijke organisatie gegroeid.

De groei bestaat uit de volgende onderdelen, waarbij wij de onderdelen relateren aan de basisformule formatie:  leefbaar buitengebied/plattelandsontwikkeling (basisformule elementen: 1, 2 en 4)  zoutwinning (basisformule elementen: 2 en 3)  functioneel applicatiebeheer sociaal domein (basisformule element: 6)  continuering projectmanagement (basisformule elementen: 2 en 6)  versterken informatiemanagement (basisformule element: 2 en 6)  juridische ondersteuning sociaal domein (basisformule element: 6)  griffie- en managementondersteuning (basisformule element: 6)  inzet coördinator externe verwijzers en procesondersteuner (basisformule element: 6)  versterking RO en infra (basisformule elementen: 1, 2, 3 en 4)  versterken van het management (basisformule element: 6) In de voorbereiding op de begroting 2024 (link begroting 2024) is het zogenaamde ravijnjaar zichtbaar geworden. Als gevolg van herijking van het gemeentefonds door het Rijk, krijgen gemeenten vanaf 2026 minder in het gemeentefonds gestort. Met andere woorden, de grootste inkomstenbron voor gemeenten daalt fors. Het is onduidelijk wat de herijking van het gemeentefonds gaat betekenen voor de algemene middelen die gemeenten van het Rijk gaan ontvangen. De verwachting is dat de inkomsten uit de algemene middelen lager zullen zijn dan voorheen.

Dat betekent dat in de begroting 2024 en het meerjarenperspectief 2025-2027 enige voorzichtigheid is geboden in het doen van structurele uitgaven. De jaren 2026 en 2027 laten in de begroting van 2024 een negatief saldo zien (circa € 1 mln.). Bij het opstellen van de begroting zijn daarom twee uitgangspunten gehanteerd:

Pagina 4 van 6

1. we willen, gezien de financiële onzekerheden vanaf 2026, geen maatregelen met een groot maatschappelijk effect nemen die niet ongedaan gemaakt kunnen worden. Met ander woorden, de maatregelen moeten indien mogelijk omkeerbaar zijn; 2. ook willen we op dit moment geen structurele verplichtingen aangaan die ons in de toekomst dwingen grootschalige bezuinigingen door te voeren. Wij kunnen het ons maatschappelijk gezien niet veroorloven een hypotheek op de toekomst te leggen. Door deze financiële ontwikkelingen komt de ingezette weg om de wettelijke taken op het gewenste niveau te krijgen onder druk. Daarmee komt mede de uitvoering van maatschappelijke opgaven onder druk te staan. 3) Gevolgtrekking voor de huidige situatie van de ambtelijke organisatie Uit het voorgaande blijkt dat de ontwikkelingen van de afgelopen jaren zijn weerslag hebben gehad op de ambtelijke organisatie van Haaksbergen. In de uitgevoerde financiële scan in 2022 (link financiële scan, pagina 24) concludeert Kokx de Voogd dat de bezuinigingen van de afgelopen jaren hebben geleid tot een versobering van de bedrijfsvoeringsfuncties: “Bezuinigingen leiden tot een verzwakte uitvoeringsorganisatie, waardoor maatschappelijke opgaven minder goed kunnen worden opgepakt.

Dit leidt tot verspillingen die niet in geld uit te drukken zijn en kunnen op termijn juist meer kosten.” We zien dat ook terug in de mening van de medewerkers op basis van het uitgevoerde medewerkertevredenheidsonderzoek (MTO) in het najaar van 2022. Door de medewerkers wordt werkdruk als hoog ervaren en meegegeven als één van de belangrijkste verbeterpunten. Dit zien we ook terug in de personeelsmonitor van het A&O-fonds (link personeelsmonitor 2022). Daarin wordt geconcludeerd dat ondanks de krappe arbeidsmarkt het aantal medewerkers van gemeenten in 2022 steeg, maar dat zij ook zien dat het piept en kraakt. A&O-fonds constateert dat het ziekteverzuim steeg naar 6,7 % en dat de werkdruk als een serieus probleem wordt bestempeld. Meer dan 9 op de 10 gemeenten erkent dat werkdruk een actueel thema is en dat dit leidt tot lang of extra lang (ziekte)verzuim. De ambtelijke organisatie heeft nog steeds te kampen met de effecten van twee perioden van financieel herstel. Er heeft uitbreiding van formatie plaatsgevonden de afgelopen jaren, maar deze zijn grotendeels toe te schrijven aan nieuwe taken die op de gemeente afkomen. Denk aan decentralisaties in het sociaal domein, opvang vluchtelingen en het energievraagstuk.

De effecten van de twee perioden van financieel herstel op de ambtelijke organisatie zijn nog steeds zichtbaar in onder andere:  het uitvoeren van de wettelijke taken dat nog niet op voldoende niveau kan plaatsvinden;  de werkdruk die in de ambtelijke organisatie ervaren wordt;  achterstanden die we zien in taken (bijvoorbeeld archivering en actualisaties van beleid);  de omvang van formatie in relatie tot de taken die we uitvoeren;  de flexibiliteit van de ambtelijke organisatie om snel in te spelen op politieke en bestuurlijke ambities en initiatieven uit de samenleving;  de prioritering die de ambtelijke organisatie dient te maken in de uitvoering van haar taken. We hebben een begin gemaakt om de weg van herstel van de ambtelijke organisatie in te slaan. Met het programma ‘Haaksbergen Ster(ker) in Ontwikkeling’ hebben we een instrument in handen om de basis op orde te krijgen en de ambtelijke organisatie effectiever als middel in te zetten voor bestuur en politiek om maatschappelijke effecten te realiseren (publieke daadkracht). Deze weg willen we graag volgen naar een robuuste en zelfstandige ambtelijke organisatie die de wettelijke taken op niveau kan uitvoeren, invulling kan geven aan de ambities van politiek en bestuur en op initiatieven uit de samenleving kan inspelen (zie basisformule).

Met het volgen van deze weg zien wij een oplossing voor de volgende risico’s:  Risico dat wettelijke taken niet of in onvoldoende mate uitgevoerd krijgen. Een belangrijk meetinstrument, maar niet volledig, is het interbestuurlijk toezicht van de provincie Overijssel op de uitvoering van taken. Niet voldoen aan wettelijke taken kan leiden tot beperking van autonomie (denk aan preventief toezicht) of leiden tot juridische processen.  Risico dat de ambtelijke organisatie minder mogelijkheden ziet om uitvoering te geven aan ambities van bestuur en politiek. Dat kan in de praktijk leiden tot vertraagde uitvoering van politiek-bestuurlijke ambities of tot onuitvoerbaarheid van politiek-bestuurlijke ambities.  Risico dat initiatieven, vragen, verzoeken en/of aanvragen uit de samenleving niet of niet tijdig in behandeling kunnen worden genomen door onvoldoende behandelcapaciteit of Pagina 5 van 6

onvoldoende robuuste expertise in huis om de initiatieven, vragen, verzoeken en/of aanvragen uit de samenleving te behandelen. Risico dat de ambtelijke organisatie inefficiënt(er) werkt omdat processen en systemen niet voldoende ondersteuning binnen het primaire proces verkrijgen. Het bestaan of ontstaan van een dergelijke situatie is risicovol voor de kwaliteit en zorgvuldigheid bij de uitvoering van taken. Dit verhoogt de bedrijfsrisico’s op onder andere rechtmatigheid, de IBTbeoordeling, informatievoorziening en dienstverlening.

4) Samenvatting De omvang van de ambtelijke organisatie is continu in beweging en afhankelijk van (maatschappelijke) ontwikkelingen. De in deze analyse gehanteerde basisformule maakt inzichtelijk welke factoren daarbij een rol spelen. Indien de benodigde formatie van de ambtelijke organisatie in evenwicht is met de beschikbare formatie, is de ambtelijke organisatie in balans. De formatieve omvang van de ambtelijke organisatie van Haaksbergen is in vergelijking met andere gemeenten relatief laag. De netto lasten per inwoner van de gemeente Haaksbergen is vergelijkbaar is met andere gemeenten met een omvang van < 25.000 inwoners. De totale apparaatskosten per inwoner lagen volgens een benchmark uit 2021 5% lager dan gemiddeld. De feitelijke ontwikkelingen voor de ambtelijke organisatie laten het volgende beeld zien: 1) na 2014 heeft een grote reorganisatie in de formatieve capaciteit van de ambtelijke organisatie plaatsgevonden; 2) in 2020 is een bezuiniging doorgevoerd op (werk)budgetten en ambities, waardoor beleidsontwikkeling naar het minimale is teruggebracht. Een en ander omwille van het financieel herstel 2020; 3) eveneens in 2020 is door de raad het programma ‘Haaksbergen Ster(ker) in Ontwikkeling’ vastgesteld.

Dit programma bevat een (herstel)strategie om de basis in de organisatie op orde te brengen, de bedrijfsvoering te versterken, het model netwerkgemeente verder uit te werken en financiën en risicobeheersing op orde te krijgen. 4) met het financieel herstel is in de begroting 2023 een belangrijk begin gemaakt in het herstel van de ambtelijke organisatie. Ontwikkelingen uit eerdere jaren hebben zijn weerslag gehad op de ambtelijke organisatie. Bezuinigingen leidden ertoe dat maatschappelijke opgaven niet goed konden worden ingevuld. De ambtelijke organisatie heeft nog steeds te kampen met de effecten van twee perioden van financieel herstel. Met het raadsprogramma ‘Haaksbergen Ster(ker) in Ontwikkeling’ zetten we in om de basis op orde te krijgen en maatschappelijke effecten te kunnen realiseren. Doelstelling is in te zetten op een robuuste en zelfstandige ambtelijke organisatie die de wettelijke taken op niveau kan uitvoeren, invulling kan geven aan de ambities van politiek en bestuur en op initiatieven uit de samenleving kan inspelen.

Pagina 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13950658/1