CConstaterende datGulpen-Wittem
Koppel je AI →
Document · PDF

FIN 008 - Bijlage memo beantwoording technische vragen

Raadsvergadering 27 mei 2021, gemeente Gulpen-WittemBij agendapunt: FIN/008: raadsvoorstel Integrale nota 2021 begroting- en verantwoordingsstukken Gemeenschappelijke Regelingen6.240 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ons kenmerk

*CONCEPT* G.21.01558

Memo

Poststuk

Aan:

Het college van burgemeester en wethouders

Van:

Ed Smeets

Datum:

18 mei 2021

Onderwerp

beantwoording schriftelijke vragen m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen

Dossiercode: Inhoud:

Auditcommissie 19 mei 2021 Verbonden Partijen: technische vragen en de beantwoording. Fractie Balans Gulpen-Wittem Nr. 1

betreft GGD

Pag 9

Vraag : Een jaarlijks terugkomend onderwerp. Het terugdringen van achterstanden. Blijkbaar is dit een enorme klus. Welke factoren spelen hierin een belangrijke rol en waar lukt het niet om achterstanden in te halen.

2

GGD

15

Waarom wordt de RAV buiten de gehanteerde indexering gehouden?

3

GGD

18

Het totaal dat de gemeente bijdragen in de meerjarenbegroting is hoger dan de indexering? Graag verklaren.

4

GGD

18

Waarom stijgt vooral de post personeel in verhouding veel?

Antwoord : Het inlopen van gezondheidsachterstanden is een proces van tientallen jaren. Voor meer informatie over deze 'trendbreuk' verwijzen wij u naar de nota gezondheidsbeleid Zuid Limburg 2020-2023: Zuid springt eruit Zuid Limburg zet nieuwe trend in gezondheid en naar de de eerste voortgangsrapportage Trendbreuk 2020 ‘Zuid volop in actie’. De RAV blijft niet buiten de indexering maar kent een andere indexering. Dit heeft te maken met het feit dat de RAV volledig gefinancierd is door de zorgverzekeraars. De NZa legt in dit kader vast welke indexeringen voor de RAV van toepassing zijn. daarnaast kennen zij ook een eigen CAO. Dit heeft te maken dat op verzoek van de gemeenten rekening is gehouden in de meerjarenraming met de doorontwikkeling van JGZ. Over de meerjarenraming vindt nog geen besluitvorming plaats maar is puur ter informatie. De doorontwikkeling van JGZ heeft met name formatie uitbreiding tot gevolg.

5

GGD

22

Onder het kopje infectieziekte roept u geen woord over Covid-19, terwijl dit toch een is die zijn weergave de laatste 50 jaar niet kent. Moet de GGD niet rekening houden met meer pandemieën?

6

GGD

45

7

Omnibuzz

De RAV heeft een dubbele uitdaging. In eerste instantie is deze er voor de acute zorg, in tweede instantie van vervoer. U uw stuk moeten wij concluderen dat de gemeente een bijdrage levert aan de efficiency / financiële drang/dwang van de ziekenhuizen om te gaan fuseren en daardoor hun specialisme verschuiven. Klopt dat? U stelt voor € 231.236,- toe te voegen aan een nieuwe bestemmingsreserve personeel. Hiermee wilt u een groot aantal meer uren uit het verleden van medewerkers ritreservering af te wikkelen. Wordt dan dit terugkomend probleem verbannen naar het verleden?

8

Omnibuzz

23

In de geprognotiseerde balans zijn wij in 2021 een forse stijging van de schulden. In de tekst zie ik geen verklaring. Waardoor wordt dit veroorzaakt.

9

WOZL

6

Op de begroting is een significante lager bedrag voor bedrijfsvoering opgenomen, maar de jaren erna zien wij weer een stijging.

10

WOZL

6

De ontwikkeltijd van de resultaten van beschut 2.0. dalen minimaal, maar u verwacht wel een stijging subsidies vanuit de GR WOZL. Gaan de gemeente hiervoor meer bijdrage of ziet u andere inkomsten?

De GGD heeft de afgelopen jaren meerdere malen gewezen op het risico voor een pandemie. Bij de meerjarenperspectief GGD Zuid Limburg 2020-2023 ( juli 2019) zit een bijlage herijking beschermende taken waarin dit ook uitgebreid wordt beschreven. Het financieel maken van een pandemie is niet mogelijk. Wel is de GGD zo goed mogelijk voorbereid op een pandemie en zal er ook landelijk hiervoor aandacht moeten zijn. De reden om te fuseren is met name gelegen in de landelijke ontwikkelingen van Acute zorg. Er worden nieuwe eisen gesteld aan de RAV. De inwoners gaan hier niets van merken. De dienstverlening aan inwoners blijft (minimaal) hetzelfde.

De insteek van de vorming van deze bestemmingsreserve is om dit probleem naar het verleden te verbannen. De komende jaren zal hier nog aan gewerkt worden middels een afbouwschema individueel per medewerker en gemonitord worden dat de meeruren binnen de afgesproken marges blijven. Zoals op bladzijde 23 van de begroting 20211 benoemd, is een van de uitgangspunten om de geprognosticeerde balans te bepalen: "De balansposten vlottende activa en vlottende passiva zijn voor 2021 begroot door het gewogen gemiddelde van de afgelopen drie jaren te nemen (incidentele posten buiten beschouwing gelaten)". Aangezien de jaren 2018, 2019 en 2020 tot het gewogen gemiddelde behoren, met de wetenschap dat in 2018 en 2019 de overige schulden boven de 2 miljoen EURO bedroegen, heeft dit tot het gemiddelde van € 1,75 miljoen overige schulden geleid in de prognose voor 2021. Dit lagere bedrag voor 2022 is ten gevolge van het feit dat 2 medewerkers met pensioen gaan in 2021. De stijging na 2022 heeft te maken met een standaard indexering van de personeelskosten. De stijging subsidie vanuit de GR WOZL is de stijging zoals deze in de circulaire Gemeentefonds is opgenomen. Conform de Gemeenschappelijke Regeling wordt deze hogere subsidie die de deelnemende gemeenten ontvangen van het Gemeentefonds één op één doorbetaald aan de GR WOZL. Deze begroting betreft een technische begroting.

Rond oktober 2021 zal de GR WOZL haar Ondernemingsplan 2022 presenteren

2/14

11

WOZL

6

Vanuit welke positie zijn vroeger SW voormannen ingestroomd? Blijkbaar gebeurt dit nu niet meer en moeten niet SW voormannen aangetrokken worden.

12

WOZL

7

Waardoor heeft Gulpen-Wittem in verhouding een hoog arbeidsjaren getal?

13

WOZL

9

14

WOZL

10

15

BsGW

In de stukken van de WOZL verwerkt men de septembercirculaire van 2019 en de meicirculaire van 2020. In de oplegnotie spreekt het college over de mei en septembercirculaire de 2020. Welke is juiste. De vraag was nl., waarom niet ook de septembercirculaire van 2020? De Heuvelland gemeente dragen bij aan het tekort in de bedrijfsvoering en de verbonden partijen van de GR WSP Parkstad. Tot welk jaar loopt deze overeenkomst ? Vanuit de omgeving vernemen wij dat veel inwoners geschrokken zijn van de WOZ verhoging. Bij velen zelfs significant. Dat zal een verhoogde weerslag hebben op de proceskosten en de daaraan gekoppelde vergoeding. Aangezien wij deze berichten ontvangen, vanuit andere gemeente is dan de vraag over de € 3 miljoen voldoende zal zijn? Welke acties kunnen gemeente en de BsGW nemen om de proceskosten omlaag te krijgen. Minder verhoging van de WOZ kosten zal toch uiteindelijk leiden tot minder proceskosten.

en dit kan tot gevolg hebben dat de tekort bijdrage 2022 minder wordt. Sinds ongeveer 1,5 jaar zien we bij het intern uitzetten van de vacature voorman, dat het aantal personen wat hierop reageert zeer klein is en geïnteresseerden niet voldoen aan de vereisten of kunnen voldoen. Dat maakt, en daarover is al eerder gerapporteerd, dat we over zullen moeten gaan naar Cao voormannen, waarbij zij wel een grotere groep medewerkers kunnen aansturen. Daar kan geen andere verklaring voor gegeven worden, dan dat dit in het verleden is ontstaan. Maar waardoor is mij niet bekend. WOZL heeft de getallen van de septembercirculaire 2020 niet genoemd, omdat de subsidie in deze circulaire gelijk is aan de subsidie zoals deze in de meicirculaire stond genoemd met uitzondering van de eenmalige toekenning coronacompensatie. Bestuurlijk is besloten dat GR WSP Parkstad de marktbenadering voor de GR WOZL verzorgt en hieraan is geen duur gekoppeld, dus is voor onbepaalde tijd. De proceskosten(vergoeding) zorgt al jaren voor verhitte discussies en er worden dan ook door vele betrokkenen acties ondernomen om te bezien of een andere invulling mogelijk is. Voorafgaand melden wij graag dat de aanslag OZB een combinatie is van WOZ-waarde en tarief en als de (gemiddelde) WOZ-waarde meer dan wenselijk stijgt, dan daalt het tarief van de OZB (en v.v.).

(1) BsGW doet al jaren diverse inspanningen om bezwaren via 'no cure no pay'-bureau's te ontmoedigen, zoals: a - Voormelding WOZ-waarde, b - Invoering ‘Flitsbezwaar’, c - aanpassen route bij telefonisch contact met BsGW, d - gemakkelijker rechtstreeks digitaal bezwaar indienen bij BsGW en e - voorlichting en promotie. (2) Ook het ministerie van Justitie en Veiligheid stelde een onderzoek in naar de ontwikkeling van het aantal bezwaren en de in verband hiermee toegekende kostenvergoedingen met als doel scherp te krijgen in hoeverre de no cure, no pay bureaus juridische procedures bij WOZ-beschikkingen hoofdzakelijk inzetten als verdienmodel voor de verkrijging van proceskostenvergoedingen. De onderzoekers zijn van mening dat de no cure, no pay bureaus met hun handelwijze willen ‘profiteren’ van de vigerende wet- en regelgeving. Het ministerie overweegt hieraan een

3/14

16

BsGW

4

Waarom spreekt BsGW over een voorlopige jaarrekening 2020?

17

RD4

4

Tariefharmonisatie op grofvuil bij milieupark in combinatie met twee keer gratis storten leidt tot minder inkomsten. Is dit nieuw vanaf 2022? Wat is hier de achterliggende gedachte van?

18

RD4

6

19

RD4

6

Illegale dumpingen: verschoven van pluspakket naar Basispakket. Welke invloed heeft dit voor de individuele gemeente? Invoering bronscheiding op PMD. Dit betekent uiteindelijk schonere stromen? Dus beter af te zetten, tegen waarschijnlijk een betere prijs?

20

RD4

8

Risico PMD kan financiële gevolgen hebben voor de gemeente. Bij een hoger vervuilingspercentage zal er gekort worden op de vergoeding.

vervolg te geven. (3a) Als gemeente faciliteren we belastingplichtigen met de online 'Lokale Lasten Meter' om meer en beter inzicht in de aanslag te krijgen en ook om rechtstreeks bezwaar te maken bij BsGW (in plaats van via een 'no cure no pas'-bureau); (3b) ook hebben we in ‘Gulp en Geul’ een uitgebreide informatie geplaatst over de tariefontwikkeling in 2021 van enkele belastingen. (4) Tot slot, tegenover dit alles ligt er een ontwerpbesluit ten aanzien van een wijziging in het Besluit proceskosten bestuursrecht. Dit ontwerpbesluit verhoogt de proceskostenvergoeding die de burger krijgt als hij met succes een overheidsbesluit aanvecht bij de bestuursrechter. Het gaat om een verhoging van de standaardbedragen met 40%. Ook krijgt de bestuursrechter een explicietere bevoegdheid om een hogere vergoeding toe te kennen dan het standaardbedrag als hij vindt dat de overheid in een concrete zaak evident onredelijk is geweest voor de burger. De wijzigingen (verhoging van de forfaitaire vergoeding) kunnen leiden tot hogere proceskostenvergoedingen. Vooralsnog worden geen extra kosten voorzien en wordt derhalve hiermee geen rekening gehouden in de begroting. De jaarrekening 2020 werd 'voorlopig' vastgesteld door het Dagelijks Bestuur in haar vergadering van 8 april 2021 en wordt ter (definitieve) vaststelling aangeboden aan het 'Algemeen Bestuur' in de vergadering van 24 juni 2021.

Dit is niet nieuw. De invoering van 2x grofvuil gratis op de milieuparken is sinds 1 januari 2021 al een feit. Reden hiervoor zijn de aanhoudende vragen van burgers en de relatie tot ontwijkgedrag bij het niet gratis accepteren van grof huishoudelijk afval. Dit is puur een administratieve wijziging en heeft geen kosten-veranderend effect. Bronscheiding is het systeem dat al sinds de invoering van het ophalen van, eerst plastic verpakkingen en daarna PMD-verpakkingen, gehanteerd wordt. De wijziging heeft betrekking op het loslaten van het huidige ketenregiemodel, waarbij de gemeentes de verantwoordelijkheid van het sorteren en vermarkten weer terug geven aan het Afvalfonds Verpakkingen. Er zijn twee soorten vervuiling te onderscheiden:

4/14

Welke stappen gaan er genomen worden om de inwoners mee te nemen in de juiste scheiding, zodat het vervuilingspercentage laag blijft?

21

RD4

14

Daarin was het wagenpark van Rd4 altijd een voorbeeld. Niet alleen technische maar ook was het rijgedrag van de chauffeurs hierin leidend. Is dit nog steeds een belangrijk aandachtspunt? Wordt hier nog steeds op gestuurd? Waarom moet er nu ook voor het verwerken van hout betaald worden. Dit werkt het verbranden van hout (slecht voor het milieu en gezondheid) toch alleen maar in de hand.

22

RD4

17

23

RUD

24

VRZL

10

U verwacht in 2022 dat het aantal evenementen weer een normale omvang zal krijgen. Zal Covid-19 daar dan geen weerslag op hebben?

25

VRZL

10

Risicocommunicatie- ontwikkeling naar risicobewustzijn. Zal Cocid-19 gevolgen hebben op een risicobeeld binnen de maatschappij in 2022? Kan dat gevolgen hebben bijvoorbeeld voor het verlenen van vergunningen aan grote evenementen?

Heeft Covid-19 gevolgen gehad voor de afdeling Toezicht en Handhaving?

1. Vervuiling inherent aan de materialen die ingezameld worden (bijv. etensresten aan de binnenkant van bakjes etc.); 2. Vervuiling door materialen die niet bij het PMD horen (piepschuim, zwembadjes, zeilen, geen verpakkingen); a. Kan komen door onwetendheid van burgers; b. Kan komen doordat het systeem te ingewikkeld is voor burgers; c. Bewust ontwijkgedrag (mogelijk veroorzaakt door Diftar-systeem). Communicatie kan hiervoor een middel zijn om meer bewustwording bij de burgers te creëren. Naast de stappen die via ASL genomen gaan worden, is Rd4 ook al aan het kijken hoe we dit voor elkaar kunnen krijgen. Er wordt door Rd4 dagelijks gestuurd op het voorkomen van schades, rijtrainingen om zo zuinig mogelijk te rijden en zo efficiënt mogelijke routes. Het betalen voor de afvalstroom ‘vervuild’ hout (bijv. geïmpregneerd) is al sinds langere tijd een feit (sinds 2012). Diverse redenen zijn debet aan een overschot van andere soorten "oud" hout op deze verwerkersmarkt, waardoor bijv. de spaanplaatindustrie al enkele jaren vol zit. De verwerking is dan ook niet meer kostendekkend bij gratis acceptatie. Door sluiting van diverse bedrijven ten gevolge van de corona crisis hebben niet alle controles kunnen plaatsvinden en is de jaarplanning daarop bijgesteld.

Ook hebben diverse handhavingszaken stilgelegen, omdat procedures bij de rechtbank of bezwaarschriftencommissie, eveneens ten gevolge van de corona crisis, een langere doorlooptijd hebben. Het is op dit moment de verwachting dat, met behulp van vaccineren en testen, de organisatie van evenementen in 2022 weer een normale omvang heeft aangenomen. Ook wordt geanticipeerd op het beschreven inhaaleffect. Dat de wereldwijde uitbraak van Covid-19 gevolgen heeft voor een risicobewustzijn binnen de maatschappij (in 2022), staat buiten kijf. Wat de pandemie uiteindelijk voor gevolgen heeft voor het verlenen van vergunningen aan grote evenementen, valt op dit moment nog niet te zeggen.

5/14

26

VRZL

18

Vrijwilligheid is een landelijk thema dat een grote impact kan hebben. Is al bekend wanneer dit op de agenda van de Rijksoverheid staat?

27

VRZL

28

28

VRZL

30

Zowel bij de GGD als bij de Veiligheidsregio lezen wij dat de Ambulancezorg buiten hun personeelsbeleid vallen. Waar valt deze groep wel onder? Is de bijdrage van het Rijk eenmalig? Zo ja, waar is dit voor bestemd, omdat dit niet uit de uitgave te herleiden is?

Met betrekking tot de Europese deeltijdrichtlijn staat de minister JenV op het standpunt dat het hier gaat om bestaande Europese en internationale wet- en regelgeving die ook door de veiligheidsregio’s als werkgevers van het brandweerpersoneel moet worden nageleefd. Er is een Denktank taakdifferentiatie in het leven geroepen met de opdracht om, in lijn met die regelgeving te komen tot een nadrukkelijk en fundamenteel onderscheid tussen vrijwilligers enerzijds en beroepskrachten anderzijds bij de brandweer.[1] Het rapport bevat onder meer een indicatie van de personele consequenties van de onderdelen van de denkrichting die als startpunt zijn genomen. Welke onderdelen van die denkrichting uiteindelijk gekozen worden en in welke uitvoering moet nader worden bezien. Wat de uiteindelijke verandering betekent kan dan ook nu nog niet worden bepaald. Het rapport geeft duidelijk de indicaties aan voor de onderdelen van de specifieke analyse. Inzicht in consequenties denkrichting | Rapport | Rijksoverheid.nl Deze groep valt onder het personeelsbeleid van de GGD, maar heeft een aparte, landelijke CAO Ambulancezorg. De bijdrage Rijk 2020 (BDUR) is gelabeld als algemeen dekkingsmiddel. Vanaf de begroting 2021 zijn deze baten ondergebracht bij het programma Crisisbeheersing en Rampenbestrijding.

Fractie PRO Gulpen-Wittem Nr. 29

betreft GGD

Pag 2

30

GGD

3

31

GGD

Vraag : Toezicht op WMO. De vraag is of herijking van opdracht nodig is. Vraag: wat is de stand van zaken m.b.t. deze herijking. Programma trendbreuk 2020. GGD geeft aan hier penvoerder van te zijn. Kan globaal inzicht gegeven worden in de kosten voor de gemeente G-W. Worden deze kosten ook op basis van inwonertal verdeeld over de deelnemende gemeenten?

Jeugdzorg: Hoe staat het met de integratie van de dienstverlening (0-4 en 4-18 jarigen). De kosten in 2021 zijn voor G-W begroot op € 668.331. Voor 2022 zijn deze begroot op € 722.332.

Antwoord : Deze vraag wordt in verband met vakanties later beantwoord, mogelijk tijdens de auditcie. In 2020 waren de bijdrage van Gulpen-Wittem aan het project Trendbreuk en het programmabureau Trendbreuk waren € 7.375. De bijdrage aan het project Trendbreuk is gebaseerd om de GIDS gelden (Gezond in de Stad) die de gemeente ontvangt voor het programma Kansrijke Start. Kansrijke Start Zuid-Limburg is een onderdeel van project Trendbreuk. Voor de beantwoording van deze vraag verwijzen wij u naar het bestuurlijk document Jeugdgezondheid in Zuid Limburg.

[1] Kamerstukken II 2018/19, 29.517, nr. 153; Kamerstukken II 2018/19, 29.517, nr. 170.

6/14

Kan een verklaring voor deze toename gegeven worden. In hoeverre zijn deze beïnvloedbaar, incidenteel c.q. structureel. Waar liggen de synergie effecten voor de integratie van de dienstverlening. Wat merken de deelnemers (jeugdigen en gezinnen) hiervan.

32

GGD

33

GGD

34

GGD

13

35

GGD

12

36

Omnibuzz

1

Hoe worden deze synergie effecten zichtbaar in de begroting? Op pagina 13 van de oplegnotitie valt te lezen dat nog nader moet worden nagedacht over een eventuele andere verdeelsleutel. Vraag wat de stand van zaken hiervan. Bijstelling 2022 heeft betrekking op de totale kosten van het programmabureau die nu in de begroting van GGD worden opgenomen. Graag een toelichting hierop. Wat gaat er dan concreet veranderen?

(oplegnotitie) Graag nadere toelichting wat de kennis en advies functie van Omnibuzz in gaat houden. Welk onderzoek bij de aangesloten gemeenten ligt hieraan ten grondslag.

Vereenvoudigen uitwisseling personeel, uniforme werkwijze in alle subregio’s, minder overheadkosten. Meer budget beschikbaar voor dienstverlening aan jeugdigen en gezinnen. Het maakt niet uit waar je in ZL woont je krijgt dezelfde dienstverlening. Meer maatwerk per gezin i.p.v. maatwerk per gemeenten. De overhead meerjarig blijft gelijk ondanks uitbreiding van formatie en dienstverlening. Dit is een gemeentelijk traject en zal in het najaar van 2021 een vervolg krijgen. Bij de begroting 2023 zal hier meer duidelijkheid over zijn. De totale bijdrage programma bureau is nu € 390.000 en is als volgt opgebouwd: • € 130.000 is de eigen bijdrage van de GGD aan het programmabureau (dit zat al in de begroting) • € 130.000 betalen de gemeenten nu al middels de bijdrage aan het programmabureau. • en € 130.000 is de bijdrage van de provincie aan het programmabureau. Dus de eigen bijdrage van de GGD leidt niet tot een verhoging van de begroting van de GGD en blijft gehandhaafd. De huidige bijdrage van de gemeenten is een verhoging van de begroting van de GGD met € 130.000 maar is voor de gemeenten een verschuiving van trendbreuk naar de GGD. De borging van de subsidie provincie voor het programma bureau is voor 2022 een verhoging van de begroting met €100.000. Hierdoor stijgt dus de begroting van de GGD met € 230.000.

Dit heeft echter voor de gemeenten een verhoging van de eigen begroting met € 100.000 tot gevolg. Zie paragraaf 2.4 Omnibuzz als slimme organisatie van de begroting 2021-1. In het bedrijfsplan van Omnnibuzz zijn drie pijlers vastgelegd als basis onder de gezamenlijke visie en de ambities. De inrichting van een slimme organisatie of ‘kennisfunctie’ is geen doel op zich, maar is verweven in bijna alle werkzaamheden en ondersteunt de visie en andere pijlers. De kennis is toepassingsgericht en geldt als belangrijk instrument om de ambities te realiseren. Dit uit zich via de adviesrol van Omnibuzz richting gemeenten om het beleid vorm te geven. Deze adviesfunctie wordt vormgegeven door het beschikbaar

7/14

37

Omnibuzz

3

(oplegnotitie) Advies is gevraagd aan de individuele gemeenten m.b.t. wijziging klantbijdrage. Kan al iets aangegeven worden met betrekking tot de strekking van deze adviezen.

38

Omnibuzz

3

(oplegnotitie) De vervoerskosten zijn in 2020 met € 115.421 gestegen. Uiteraard zal Corona daar invloed op hebben gehad. Tegelijkertijd kunnen we ook concluderen dat er veel minder ritten zijn uitgevoerd. Graag een nadere toelichting op deze forse toename. In hoeverre is hiermee in 2021 ook rekening mee gehouden.

39

Omnibuzz

12

(jaarverslag) De conclusie van 3 werkgroepen is dat het niet verstandig is om andere vervoerssoorten in te laten stromen. Dat onder meer omdat diverse randvoorwaarden niet helder zijn. Waarom gaat Omnibuzz hierover toch nog nader in gesprek met (individuele) gemeenten. Behoort de gemeente G-W ook hiertoe. Zo ja, wat verwacht men dan van deze gesprekken.

stellen van rapportages en uitgewerkte vergaderstukken, werksessies en adviezen voor het beleid (richtlijn indicatiestelling) of overleg met individuele gemeenten. Voor meer inhoudelijk informatie er toelichting verwijzen we naar de uitleg over 'pijler 3 - Slimme organisatie mobiliteit' in de financiële stukken en het bedrijfsplan. Het advies met betrekking tot het klanttarief is ambtelijk gedeeld met de deelnemende gemeenten. De inhoud van het advies betreft het (zo veel mogelijk) gelijktrekken van het klanttarief met OV. Dit betekent een zonetarief van 83 cent in 2021 met jaarlijkse indexering cf. de LTI-index, omdat deze ook in het OV wordt toegepast. In Gulpen-Wittem is het huidige klanttarief al cf. dit advies en verandert alleen de indexering van NEA naar LTI. Besluitvorming hierover is aan de individuele gemeenten. De vervoerskosten over 2020 zijn voor iedere gemeente gedaald, voor Gulpen- Wittem is hierop een positief resultaat behaald in 2020 van ruim 25.000 EURO, naast de 18.000 EURO welke reeds is uitgekeerd over het eerste halfjaar van 2020. Voor de specificatie van deze bedragen verwijzen wij u naar bladzijde 88 en 89 van de jaarrekening 2020. Wat betreft 2021: Er is als gevolg van de COVID-19 pandemie voorgesteld om 90% van het vervoersvolume 2019 te begroten in de begroting 2021-1 om recht te doen aan de corona situatie in 2021.

Hiermee willen wij enerzijds de vervoersvraag afdekken en anderzijds de continuïteitsafspraken met de vervoerders. De eventuele instroom van een nieuwe vervoersvorm is een keuze van iedere individuele gemeente. Mocht een individuele gemeente kiezen om een nieuwe vervoersvorm bij Omnibuzz te laten instromen, dan wordt deze vervoersvorm doorbelast aan deze individuele gemeente. Op dit moment heeft Omnibuzz geen signaal bereikt dat Gulpen Wittem hiervoor navraag heeft gedaan. De adviezen van de werkgroepen hadden betrekking op regionale gezamenlijke instroom (zuid, midden en noord) en de conclusie van de werkgroepen was dat instroom op deze manier voor gemeenten niet wenselijk was. Voor individuele gemeenten kan instroom van (een deel van) ander doelgroepenvervoer wel degelijk interessant zijn en in dat geval wordt in gezamenlijkheid gekeken naar de mogelijkheden. Het is de gemeente zelf

8/14

40

WOZL

De totale kosten in de initiële begrotingen dalen. De bijgestelde begrotingen komen echter hoger uit. De bijdrage van G-W is zowel in 2021 als in 2022 ca. 2 miljoen. Het aantal deelnemers daalt echter. Graag een verklaring hiervoor.

41

BsGW

Van de nieuwe beoordelingssystematiek (op basis van vierkante meters) gaat BsGW de regie nemen. Graag een toelichting op de meerkosten van € 333.000.

42

BsGW

Welke plannen zijn er m.b.t. de taakstellende formatiereductie van 20 FTE ? Hoe verhoudt zich deze taakstelling met de IT-infrastructuur en I-visie ?

die desgewenst het initiatief neemt en Omnibuzz benadert, niet andersom. Dat is de afgesproken werkwijze. Deze aanpak geeft zowel ruimte aan gemeenten die wél instroom willen als gemeenten die dit niet willen. Als we de gemeentelijke bijdrage gemeente Gulpen-Wittem vergelijken tussen 2021 en 2022 zien we toch een daling van 147.394 euro. In zijn algemeenheid geldt dat ondanks afname van het aantal Sw-medewerkers, de uitvoeringsorganisatie niet in gelijke tred en na rato afneemt. We zijn zeer kritisch bij het vrijvallen van functies in de uitvoeringsorganisatie en bekijken bij elke vacature of we deze opnieuw moeten invullen of dat dit met interne verschuivingen of herverdelingen opgevangen kan worden. Daarnaast geldt dat nu en in de toekomst een aantal Sw-leidinggevende (voormannen)vervangen zal gaan worden door Cao-medewerkers. met ingang van 2022 dienen onroerende zaken gewaardeerd te worden op m² gebruiksoppervlakte (i.p.v. op m³ inhoud). Deze majeure transitie wordt door BsGW verzorgd. Na deze éénmalige transitie dient geborgd te worden, dat de gegevens actueel blijven. Door de deelnemers is besloten dat BsGW (voorlopig) de regie op zich neemt .

Het aanbestedingstraject voor de aanschaf van het regieportaal voor het uitwisselen en actueel houden van alle informatie tussen de verschillende ketenpartners (gemeenten, gemeentehuizen en BsGW) is inmiddels opgestart en zal, naar verwachting, in 2021 zijn afgerond. BsGW geeft aan, dat in het OndernemingsOntwikkel Plan is met name gewerkt aan procesverbeteringen en ook naar de (her-) inrichting van de organisatie alsook het verbeteren van de kwaliteit van gegevens. Deze ontwikkeling gaat hand in hand met de juiste ICT-processen en systemen, die hun beslag vinden in de geactualiseerde I-visie, waarin selectie van nieuwe hard- en software (met meer standaardisatie en harmonisatie) aan de orde komt, zoals een nieuw aan te besteden belastingpakket. De kosten vallen binnen de begroting; de ontwikkelingen die voor 2020 gepland waren, werden merendeels gerealiseerd, echter een deel van de organisatorische en procesmatige ontwikkelingen is doorgeschoven naar 2021. Bovendien zal 2021 en 2022 hét jaar van standaardisatie moeten worden. De eerste opmaat is hier-

9/14

43

BsGW

Hoe reëel is het om de voorinvestering in het Ondernemings- Ontwikkel Plan van € 4 miljoen, middels kosten reductie te realiseren ?

44

RD4

In de begroting 2022 zien we een stijging van 7,4% m.b.t. de kosten voor geheel Rd4. Voor Gulpen-Wittem is zelfs sprake van een stijging van 10 %. Kan aangegeven worden waarom GW meer dan het gemiddelde van 7,4 % in kosten stijgt. Is deze additionele stijging (nu 2,6 %) eenmalig of is hier al langer sprake van?

45

VRZL

46

VRZL

Waarom was “Solide basis voor de toekomst” (vastgesteld juni 2019) nog niet opgenomen in de begroting 2021 ? Graag nadere toelichting op de gewijzigde verdeelsystematiek. Wat is op welke wijze aangepast waardoor de bijdrage van G-W hoger moet worden in 2021.

voor gemaakt en in 2021 zal een van de belangrijke aangelegenheden voor de nieuwe directeur dit onderwerp betreffen. Al met al kan worden gesteld dat OOP niet alleen op koers ligt, maar ook daadwerkelijk leidt tot de beoogde resultaten. De financiering van het Ondernemings- Ontwikkel Plan (ad € 4 miljoen) is nagenoeg afgerond; BsGW geeft aan, dat een taakstellende formatiereductie van 20 fte, de dekking vormt van deze investering, die in de jaren 2025-2027 zijn weerslag moet krijgen. De ‘zekere’ variant gaat uit van lagere (personeels-)kosten waarmee de financiering (in drie jaren) afgelost; vanaf 2028 resulteert dit in lagere bijdragen voor deelnemers. BsGW geeft aan dat dit nog steeds een realistisch scenario is. Redenen voor de extra stijging van G-W zijn het groter aantal te verwachten milieuparkbezoeken dan voorheen. Hierin is de trend van de afgelopen jaren nu in de begroting verwerkt. Daarnaast wordt er in verhouding meer papier en pmd-afval ingezameld t.o.v. de overige Rd4-gemeentes, die helaas minder opbrengen dan voorheen. Dit is wel degelijk in de begroting 2021 opgenomen. Dit is de uitkomst van de nieuwe verdeelsleutel die met instemming van het Algemeen Bestuur is vastgesteld in het najaar 2018. Het effect hiervan is tweeledig: niet alleen vindt er een overgang plaats m.b.t de verdeelsleutel, ook de parameters in het gemeentefonds zijn gewijzigd.

Fractie Franssen Nr. 47

betreft Omnibuzz

48

Omnibuzz

Pag

Vraag : Waarom wordt hier in tegenstelling tot hetgeen bij andere GR’en gebeurt de reservepositie wel tot boven het minimum gevuld? Als we kijken naar de andere regelingen houden gemeenten de reserves laag met als voordeel dat er geen geld wordt opgepot / als nadeel dat elke tegenvaller gelijk voor rekening van de gemeenten komt. Er wordt een risico / reserve gevormd t.b.v. de inkoop ICT. We mogen dus concluderen dat de inkoop duurder gaat uitvallen en daarmee de kosten de komende jaren gaan stijgen?

Antwoord : Dit is gedaan met het oog op de onzekerheden als gevolg van de uitgebroken COVID19 crisis, aanvulling van de algemene reserve is zeker opportuun. Hiermee kunnen o.a. onverwachte en onvoorziene COVID-19 gerelateerde zaken, na goedkeuring van het AB, opgevangen worden zonder dat dit leidt tot sterke fluctuaties in de jaarrekening/ begrotingen van Omnibuzz en de gemeenten. De vorming van deze reserve is ontstaan uit noodzaak, als gevolg van het dienen te doen van een Europese aanbesteding alsmede de programmeertaal van het klantsysteem toekomstbesteding te maken. Dit is als volgt,

10/14

49

GGD

Het college stelt voor om bij wijze van zienswijze in te stemmen met de begroting van de GGD ZL. Wat is de voorgestelde zienswijze van het College? Deze staat niet vermeld.

50

BsGW

Amendement Omtzigt: - Wanneer komt er duidelijkheid over de invoering hiervan? wat is het financiële verschil? Met andere woorden wat moeten deze organisaties nu (alsnog) betalen / welke opbrengsten gaan gemeenten in de toekomst inleveren?

toegelicht in de aanbiedingsbrief: Het contract met de huidige ICT-leverancier is afgelopen en reeds meerdere keren verlengd. Als overheidsorgaan dienen wij hiervoor een (Europese) aanbesteding uit te schrijven. De voorbereidingen voor deze verplichting zijn reeds eind 2020 in gang gezet. Daarnaast heeft Omnibuzz de noodzaak onderkend om haar bestaande klantsysteem OMA te actualiseren naar een moderne programmeertaal. Hierdoor blijft Omnibuzz toekomstbestendig en wordt de afhankelijkheid van de leverancier verkleind. Het college stelt een positieve zienswijze voor met aandacht voor de kostenverdeelsystematiek. Als gemeente vinden wij een gedegen uitvoering van het wettelijk pakket van groot belang. Wij onderstrepen het belang van een brede kijk naar het kind en het gezin, maatwerk aanpak en het werken met een doorgaande lijn van 0-18 jaar. Dit vraagt een noodzakelijke kwaliteitsimpuls waarin deskundigheidsbevordering een belangrijk onderdeel is. Binnen het sociaal domein vinden we het belangrijk dat onze consulenten van team Jeugd de ruimte en tijd krijgen om in een gesprek alle leefgebieden van het kind, diens gezin en netwerk te bespreken. Wij willen graag dat de medewerkers van de JGZ ook meer ruimte en tijd krijgen in hun spreekkamer.

Door die extra tijd signaleert de medewerker van de JGZ eventuele risico’s in de ontwikkeling van het kind sneller en beter, en komen alle levensgebieden aan bod. We onderschrijven daarom het de uitbreiding van de duur van de contactmomenten. We investeren lokaal in een goede samenwerking tussen team jeugd en de JGZ. Op het moment dat JGZ een kwaliteitsimpuls krijgt verwachten we dat dit ook een positief effect kan hebben op onze gemeentelijke toegang. a - Aangezien er veel interpretatieve vragen zijn t.a.v. de toepassing van het woningtarief (OZB) voor dorpshuizen en buurt- en sportaccommodaties, is waarschijnlijk een aanpassing van de Gemeentewet noodzakelijk; minister Ollongren heeft toegezegd (met brief van 30 november 2020) bereid te zijn hiernaar een onderzoek te willen starten. b - het voorstel is dat voor deze accommodaties voortaan het 'woningtarief OZB' (0,1460%) zal gelden, in plaats van het niet-

11/14

woning-tarief (0,665%, bestaande uit een eigenarendeel ad 0,376% en een gebruikersdeel ad 0,289%). Het advies van VNG (en daarmee ook van BsGW) blijft om niet vooruit te lopen op de resultaten van het onderzoek. CDA Nr. 51

betreft

Pag

Vraag : In hoeverre heeft bij opstelling van voorliggende begrotingen door de respectievelijke GR’en een scenario-analyse plaatsgevonden aangaande voortdurende beperkingen als gevolg van Covid19? En is dit doorvertaald in de respectievelijke voorliggende cijfers? Dit buiten de reeds in de oplegnotities ambtelijk benoemde risico’s.

52

Gemeenschappelijk regelingen zijn in de basis bedoeld om kostenbesparend te werken. Toch nemen jaarlijks de kosten voor de gemeente Gulpen-Wittem toe. Is het wellicht een opdracht voor de Rekenkamer om te onderzoeken hoe effectief de respectievelijke GR'en daadwerkelijk zijn voor Gulpen-Wittem?

53

Heeft in de voorfase reeds afstemming met de middengebied-gemeenten plaatsgevonden om als kleinere gemeenten tot een eenduidige zienswijze en eventueel op onderdelen aanpassing van voorliggende begrotingen te kunnen komen? Het middengebied is naar mening van de CDA-fractie bij uitstek een instrument om als perifere gemeenten gezamenlijk een “vuist” te kunnen maken richting de op onderdelen afwijkende belangen van de grote spelers binnen de GR’en. Uit de toelichting bij de 5e begrotingswijziging GR'en blijkt dat er géén bij-/aframing is opgenomen voor de RUD, terwijl er wél verschillen zijn tussen de in de meerjarenlaag van begroting 2021 opgenomen bedragen en de alsnu in de begroting 2022 van de RUD meerjarig opgenomen bedragen: - Waarom is dit verschil niet verwerkt in de begrotingwijziging? - Geldt bovenstaande voorbeeld voor meerdere kleinere posten? - Waarom staat niet alles vermeld in het kader van transparantie en zero-based begroten? Inleiding voor de vragen 56, 57 en 58: De CDA-fractie heeft met enige verbazing kennis genomen van de enorme kostenstijging binnen GR Rd4. Deze stijging bedraagt bijna € 10,-

54

RUD

55

RD4

Antwoord : In beginsel zijn de diverse P&C-documenten door de GR’en opgesteld als ware er geen sprake van een covid-pandemie. Dit neemt echter niet weg, dat door de verschillende GR’en hieraan in meer of mindere mate aandacht is geschonken, mede afhankelijk uiteraard van de aard van de werkzaamheden van de GR en de impact van covid hierop. Uiteraard worden GR’en, net als de gemeente, geconfronteerd met inflatie en stijgende loonkosten. Ook kunnen zich risico’s of andere ontwikkelingen voordoen, als gevolg waarvan de lasten van een GR stijgen. Deze hogere lasten komen tot uiting in hogere deelnemersbijdragen. Uiteraard staat het de gemeenteraad vrij om Rekenkamer te verzoeken een onderzoek te doen naar de kostenontwikkeling van de diverse GR’en. De samenwerking met andere collega-gemeenten, die taken bij eenzelfde GR hebben ondergebracht krijgt langzaam aan meer gestalte. In voorkomende, maar zeker nog niet in alle, gevallen, heeft afstemming plaats gevonden.

- Ingeval de RUD is geen sprake van een bijof aframing, aangezien de verwachting is dat de lasten van de RUD zullen toenemen als gevolg van de invoering van de nieuwe ‘omgevingswet’. - dit geldt niet voor andere (kleinere) posten - omdat de mening is dat onze begroting correct is als gevolg van nog te ontvangen lasten door de implementatie van de nieuwe omgevingswet

Aanvullend op de antwoorden op de speciefieke vragen wordt verwezen naar de digitale bijeenkomsten welke de RD4 afgelopen periode heeft georganiseerd. Jammer genoeg is

12/14

per inwoner. Mede in relatie tot de aangegeven stand van de voorziening per 31-12-2020 (nihil !) baart ons dit beeld zorgen in opmaat naar begroting 2022, en de gevolgen voor de gemiddelde gemeentelijke lasten voor onze inwoners. 56

RD4

Graag nemen wij kennis van initiatieven die vanuit de GR zelf ontplooid worden om op duurzame wijze tot een kostenreductie te komen. Denk hierbij aan (verdere) elektrificatie van het wagenpark, efficiëntere bedrijfsvoering, alternatieve aanwending en vermarkting ingezamelde afvalstromen.

57

RD4

58

RD4

59

Omnibuzz

Daarnaast graag - op hoofdlijnen - een nadere duiding van kostenstijging voor onze gemeente naar autonome stijging vanuit gezamenlijk GRbeleid, en specifiek gerelateerd aan lokaal gemeentelijk beleid. Biedt alternatieve inzameling (frequentie, inzamelmiddelen, etc.) mogelijkheden om de lastenstijging voor onze inwoners te beperken? En is het College reeds bezig – in aanloop naar Begroting 2020 – hier onderzoek heen te laten doen? Bij Omnibuzz zien we dat Covid19 een hele duidelijke invloed heeft op de bedrijfsvoering doordat het reizen beperkt werd, terwijl daarnaast de vaste kosten door blijven lopen. Wat is de verwachting voor het post-Covid19 tijdperk? En in hoeverre heeft een scenario- / risicoanalyse plaatsgevonden?

60

GGD

Wanneer mogen we de uitkomsten van de herverdeling verwachten?

61

GGD

En valt hier al een lijn in financiële zin voor onze gemeente in te onderkennen?

met name de bijeenkomst welke de financiën betreft vooralsnog geannuleerd vanwege te weinig interesse / aanmeldingen vanuit de diverse gemeenteraden. Mogelijk wordt deze bijeenkomst op een later tijdstip alsnog georganiseerd. De kostenstijgingen worden zoveel mogelijk in de begroting Rd4 verwerkt. De kostenstijging voor de bedrijfsvoering van Rd4 zijn, zoals te zien is in de begroting +2%. In de begroting Rd4 is al rekening gehouden met efficiencymaatregelen en routeoptimalisaties. Het inzetten van duurzamere voertuigen is wel een van de speerpunten waar Rd4 zich de komende jaren voor gaat inzetten. Op dit moment is hier helaas nog geen kostenbesparing mee mogelijk, zelfs zou dit de kosten op dit moment nog verder opdrijven. Voor de vermarkting van afvalstromen wordt continu per stroom bekeken welke schaal (lokaal, regionaal, provinciaal) het beste past om zo een optimaal tarief hiervoor te krijgen. Deze specificatie per product is terug te vinden in de geconsolideerde begroting Rd4 op pagina 31.

In de begroting 2021 en 2022 is al rekening gehouden met een inzamelfrequentie van 4wekelijks i.p.v. 2-wekelijks voor de fractie huishoudelijk restafval. Besluitvorming hiervoor zal in 2021 plaatsvinden. De verwachting voor de bedrijfsvoeringskosten wordt toegelicht in paragraaf 4.3 van de begroting 2021-1 "Analyse eerste begrotingswijziging 2021 ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2021". Hierin worden per kostensoort de wijzigingen toegelicht (vervoer, bedrijfsvoering en regie uitgesproken), waarbij begrotingstechnisch rekening is gehouden met de COVID-19 situatie. Voor de 2022 wordt dit in paragraaf 4.4 benoemd. Dit is een gemeentelijk traject en zal in het najaar van 2021 een vervolg krijgen. Bij de begroting 2023 zal hier meer duidelijkheid over zijn. De voorkeur van het college gaat uit naar een kostenverdeelsleutel gebaseerd op het aantal jongeren tot 18 jaar in een gemeente aangezien dit beter passend is bij het onderwerp jeugdgezondheidszorg. Daar zich dit richt op de doelgroep -9 maanden tot 18 jaar en niet op de totale bevolking van een gemeente.

13/14

62

GGD

Is ook hier de dialoog met gemeenten op lijn-50 vlak en het middengebied gezocht om de belangen van de plattelandsgemeenten bij herverdeling in een juiste (financiële) context jegens de stedelijke problematiek te plaatsen?

De gemeenten in Parkstad en het Middengebied starten met de uitrol van de samenwerking “Samen Grip Op Verbonden Partijen” (SGOVP). Ten aanzien van de GGD heeft hier een eerste bijeenkomst over plaatsgevonden. Vanaf september is er verder overleg.

14/14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GulpenWittem&id=bd3ff759-9281-4b10-ab77-f0c235cb847f