Vragen voor het vragenuur 1 december 2021.pdf
Tekst van het document
Vragen voor het vragenuur 1 december van 15.30 – 16.20 uur (Radesingel)
I vragen van de fracties van SP, GroenLinks en PvdA over bedrijven Vierverlaten (Wim Koks) Begin oktober is in de raad de situatie rond Icopal (bitumen), Scheffer (puinbrekerij) en vdVeen (containerverhuur), bedrijven gevestigd in Vierverlaten, aan de orde geweest. 1. Over Icopal heeft het college de toezegging gedaan dat medio november in een brief de stappen die het college gaat zetten worden aangegeven: verslag wordt gedaan van het vervolgonderzoek, een bijeenkomst door de GGD voor de omwonenden en intensivering van het toezicht door de Omgevingsdienst. Ook biedt het college de raad een technische sessie aan. Voorzitter, medio november is voorbij en onze fracties maar vooral de omwonenden zijn benieuwd naar de collegebrief. Wanneer komt deze? Daarnaast is tijdens de bijeenkomst de wens geuit naar een geuronderzoek door de GGD en is gevraagd klachten over stankoverlast op te halen door een stadsdeelonderzoek door bijv. Bureau Onderzoek en Statistiek via het Stadspanel. Wat wordt de reactie van het College op deze wensen? 2. Dan over vd Veen en Scheffer. De raad heeft een afschrift gekregen van een brief die het College heeft gestuurd aan omwonenden. Het College tracht dit jaar nog met afspraken te komen over verhuizing van beide bedrijven. Twee mogelijkheden: - Als die overeenstemming er komt, duurt realisatie nog lang.
Wordt ondertussen de niet vergunde afvalwerking door vd Veen beëindigd en per wanneer? Wordt de uiterst krakkemikkige omheining van het terrein vernieuwd en de perceel scheidende sloot uitgebaggerd? Wordt het toezicht vanuit de Omgevingsdienst geïntensiveerd? - Als die overeenkomst er niet komt wat gaat het College dan doen om de situatie aan de Roderwolderdijk leefbaar te krijgen?
II Vragen van de fracties van 100%Groningen en Stadspartij over de parkcommissie Noorderplantsoen (Yaneth Menger) Op 4 November bereikte ons het mediabericht in het dagblad van het Noorden dat 4 van de 7 leden van de "Parkcommissie Noorderplantsoen" per direct opstappen uit onvrede over de samenwerking met de gemeente Groningen. Zij geven aan dat er meer niet dan wel naar hen geluisterd wordt, hun adviezen bij voortduring genegeerd worden en er geen sprake is van inspraak namens de bewoners als zijnde lid van de "parkcommissie". Sommigen zijn al 25 jaar lid en geven aan dat de maat nu meer dan vol is. Het laatste gesprek met de Wethouder was voor 4 leden de druppel die de spreekwoordelijke emmer deed overlopen. De gezamenlijke fracties van 100% Groningen en de Stadspartij willen graag weten wat hier zo mis is gegaan waardoor deze 4 leden zich genoodzaakt voelen om per direct op te stappen en stellen daarom de volgende vragen: 1. Herkent de Wethouder zich in de conclusie van de 4 leden en voorzitter dat de maatregelen die voorgesteld worden niet overgenomen worden? En dat er meer gedaan moet worden met de adviezen die aangereikt worden vanuit de parkcommissie? 2. Erkent de Wethouder dat de leden zich ten volle inzetten voor het behoud van een mooi en net plantsoen en de monumentale waarde van dit plantsoen niet voldoende gewaarborgd 1
wordt? En dat een goede visie tav het plantsoen ontbreekt en afval nog steeds een groot probleem is wat door de parkcommissie en omwonenden vaak opgeruimd en dus opgelost wordt en dit tot grote onvrede leidt? 3. Burgerparticipatie en inspraak een groot goed is en dit iets is, wat de gemeente Groningen hoog in het vaandel heeft en zou moeten waarderen maar in deze kwestie blijkbaar onvoldoende op waarde heeft geschat met als resultaat dat er 4 leden per direct opstappen doordat zij zich geschoffeerd voelen door de houding van de gemeente en in het bijzonder een laatst gevoerd gesprek met de Wethouder waardoor de maat vol is. Hoe beoordeelt de Wethouder dit en hoe denkt zij dit ten goede te keren?
III Vragen van de SP-fractie over speelgoed- en kledingbonnen voor kinderen in armoede (Jimmy Dijk) Elke dag hebben duizenden Groningse kinderen met geldgebrek te maken. Dat leidt tot angst, schaamte, afhankelijkheid en uitsluiting. Het is de taak van de overheid deze kinderen niet met dat soort problemen op te zadelen, want ieder kind moet in onze samenleving mee kunnen doen, ongeacht de dikte van de portemonnee van de ouders. Eind 2015 nam de SP-fractie het initiatief om in Groningen speelgoedbonnen en kledingbonnen voor kinderen in armoede te organiseren. De volledige gemeenteraad steunde dit initiatief. Voor de kleinste kinderen betekende dit dat met verschillende winkels afspraken werden gemaakt over speelgoedbonnen. Hiermee konden de kinderen met hun ouders voor 25 euro in betreffende speelgoedwinkels nieuw speelgoed kopen. Voor de iets oudere kinderen werden kledingbonnen van 50 euro georganiseerd met kledingwinkels die populair zijn bij de wat oudere kinderen en pubers. In beide gevallen organiseerde de gemeente dat deze bonnen met bepaalde winkels mogelijk werden gemaakt. Hierbij betaalde de gemeente een (aanzienlijk) deel en de betreffende winkeliers namen ook een deel voor hun rekening. Het idee hierachter was dat kinderen uit arme gezinnen ook eens nieuw speelgoed en nieuwe kleding konden kopen.
Bij het uitdelen van de speelgoed- en kledingbonnen werd duidelijk dat er veel behoefte aan deze voorziening was. Over bovenstaande heeft de SP-fractie de volgende vragen: 1. Klopt het dat de speelgoed- en kledingbonnen zijn afgeschaft? Zo ja, waarom? Is de behoefte en vraag naar deze voorziening verdwenen? 2. Op welk moment heeft het college besloten om deze speelgoed- en kledingbonnen, in welke vorm dan ook, niet meer te gaan verstrekken? 3. Is er een voorziening of regeling voor in de plaats gekomen die specifiek gericht is om speelgoed voor kinderen (25 euro) en kleding voor kinderen en pubers (50 euro)? Zo ja, welke? Zo niet, waarom niet? 4. Is het college bereid om deze speelgoed- en kledingbonnen weer nieuw leven in te blazen en als gemeente het voortouw in de organisatie hiervan te nemen?
IV Vragen van de fractie van D66 over de TONK-regeling (Sander Claassen) De TONK regeling is een lokale regeling. Bedoeld om o.a. (horeca) ondernemers van onze gemeente te ondersteunen die hun inkomsten door de coronamaatregelen zien dalen en de kosten niet meer 2
kunnen betalen. Het Rijk heeft ons ruimhartig ondersteund door middelen ter beschikking te stellen voor onze inwoners. U heeft ons middels de voortgangsrapportage op 15-10-2021 geinformeerd: “Voor de regeling Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) hebben wij een bedrag van 1,5 miljoen euro van het Rijk ontvangen. Bij de septembercirculaire van 2021 is hier bovenop een bedrag beschikbaar gesteld van 4,4 miljoen euro. Doordat het aantal aanvragen sterk achter blijft, verwachten we dat in 2021 een bedrag van 5,4 miljoen euro van deze regeling niet ingezet wordt.” ‘Ondanks het stimuleren van het gebruik van de TONK regeling en het verruimen van de voorwaarden, blijft het aantal aanvragen sterk achter. Daarom verwachten we in 2021 een overschot van 5,4 miljoen euro;’ Wij blijven ons zorgen maken over de gevolgen van de coronamaatregelen voor onze inwoners. Na gesprekken met meerdere (horeca) ondernemers zien wij dat deze maatregelen grote negatieve financiële gevolgen kunnen hebben. Ondernemers raken steeds verder verwijderd van hun passie waarvoor ze ooit hun (horeca) onderneming zijn begonnen. De inkomsten drogen op en de (loon) kosten lopen maar door. Nog los van de soms noodzakelijke investeringen die ondernemers willen en moeten doen om te innoveren en daardoor ook in de toekomst van waarde blijven voor kun klanten.
Gezien de recente aanscherping van de coronamaatregelen door het kabinet die veel impact hebben op o.a. onze (horeaca) ondernemers, hebben wij de volgende vragen aan het college: 1. In hoeverre is de TONK-regeling bekend bij onze (horeca) ondernemers? 2. In hoeverre zijn onze (horeca) ondernemers die tot nu toe gebruik gemaakt hebben van de TONK-regeling voldoende geholpen? 3. Zijn onze (horeca) ondernemers die tot nu toe gebruik gemaakt hebben van de TONKregeling tevreden? 4. Kunnen onze (horeca) ondernemers ook in 2022 gebruik blijven maken van de TONKregeling?
V Vragen van de fractie van GroenLinks over naar huis sturen van schoolklassen (Femke Folkerts) GroenLinks is blij dat het onderwijs zoveel mogelijk open kan blijven. Een algemene schoolsluiting zou juist de meest kwetsbare kinderen het hardste treffen en de kansenongelijkheid nog verder vergroten. Wel maakt GroenLinks zich wel zorgen over het oplopende aantal kinderen dat naar huis wordt gestuurd. Door het grote aantal coronabesmettingen bij jonge kinderen raken snel veel klasgenoten en leraren besmet met als gevolg dat hele klassen thuiszitten in afwachting van een test of de vijf dagen quarantaine. Bij heel veel besmettingen kan een school, in samenspraak met de lokale GGD, zich genoodzaakt zien helemaal in quarantaine te gaan zoals in Groningen al gebeurde bij het Parcival college. De fractie heeft hierover de volgende vragen: 1. Heeft de gemeente zicht op het aantal Groningse klassen en kinderen dat op dit moment thuiszit? 3
2. Lukt het om voor deze klassen tijdens de periode dat ze thuis zitten over te schakelen op online of andere alternatieve vormen van onderwijs? 3. Hebben alle kinderen in Groningen voldoende toegang tot laptop/internet thuis zodat zij in het geval dat er onverwachts (tijdelijk) wordt overgestapt op thuisonderwijs meteen over kunnen schakelen? 4. Wat wordt er gedaan om kinderen bij wie het thuis minder fijn is extra te ondersteunen?
VI vragen van de fractie van GroenLinks over hoge energielasten buurt- en dorpshuizen (Ceciel Nieuwenhout) Uit het artikel van DvhN Buurt en dorpshuizen worstelen met hoge energielasten blijkt dat buurt- en dorpshuizen in de gemeente Groningen worstelen met de hoge energielasten die in het najaar zijn opgekomen in combinatie met het feit dat de subsidie al vastgesteld is (voordat de energieprijzen zo hoog geworden waren). 1. Heeft het College een beeld van de energieprestaties van de buurt- en dorpshuizen in de gemeente, en dus van de blootstelling van buurt- en dorpshuizen aan de hoge energielasten? 2. Wat doet het College op dit moment al concreet om te zorgen dat de blootstelling aan hoge energieprijzen verminderd wordt, bijvoorbeeld door goede isolatie en zonnepanelen? 3. Is het College bereid om, bijvoorbeeld via de Gresco (voor gebouwen in eigendom van de gemeente) of via Groningen Werkt Slim (voor gebouwen die niet in eigendom zijn van de gemeente), extra te kijken naar kansen voor verduurzaming op korte (kierdichten, waterzijdig inregelen, slim instellen van de systemen) én lange termijn (grootschalige verduurzaming van de panden)?
4