Voortzetting-proef-vergoeding-mondzorg.pdf
Tekst van het document
Onderwerp
Voortzetting proef vergoeding mondzorg ter informatie
De leden van de raad van de gemeente Groningen te GRONINGEN
Telefoon Datum
14 050 19-3-2025
Bijlage(n) Uw brief van
Ons kenmerk
283458-2024
Uw kenmerk
Geachte lezer, Sinds april 2024 kunnen volwassenen met een laag inkomen in de gemeente Groningen makkelijk bijzondere bijstand aanvragen voor veel voorkomende mondzorgbehandelingen zoals periodieke controles, vullingen, wortelkanaalbehandelingen en parodontologie. Daarmee nemen we financiële drempels weg voor het bezoek aan de tandarts of mondhygiënist. De proef heeft veel aandacht getrokken in de media. We hebben de eerste vier maanden van de proef geëvalueerd. Ook hebben we gekeken wat de proef ons tot nog toe kost. Onze conclusie is dat de proef een succes is en dat we ermee willen doorgaan, in elk geval in 2025. Of voortzetting daarna mogelijk is kunnen we nog niet zeggen. We zijn namelijk nog te kort bezig om te kunnen zeggen hoeveel budget deze vergoeding op de langere termijn vraagt. In deze brief nemen we u mee in de eerste resultaten van de proef en in onze plannen voor de bijzondere bijstand voor medische kosten. De proef in het kort Binnen de proef kunnen vrijwel alle kosten van behandelingen bij de tandarts en de mondhygiënist worden vergoed. Behandelingen vanaf 1 januari 2024 kunnen worden ingediend. Kronen, bruggen, implantaten en beugels kunnen niet worden vergoed, omdat het daar vaak om hoge kosten gaat waarvan wij de noodzaak niet zonder medisch advies kunnen vaststellen. Ook kosten die onder het verplicht eigen risico vallen vergoeden we niet.
We vragen geen bewijstukken behalve de offerte of factuur. Alleen wanneer een aanvrager onbekend is en we de draagkracht moeten vaststellen, vragen we om bewijsstukken over het inkomen en vermogen. Wel vragen we standaard of de aanvrager een tandartsverzekering heeft. Hierbij gaan we uit van
Volgvel 1
vertrouwen. De regels zijn vastgelegd in art. 5.27 van de Beleidsregels algemene en bijzondere bijstand Participatiewet, IOAW, IOAZ EN Bbz 2004.1 Voor andere medische kosten zoals brillen en fysiotherapie is het bestaande beleid voortgezet. Bij die kosten kan een beroep op de bijzondere bijstand worden gedaan als het betalen van de nota zou betekenen dat iemand in ernstige financiële problemen komt. Mensen kunnen zich voor deze kosten melden bij de WIJ. Daar vindt het gesprek over de financiële situatie plaats. Bekostiging van de proef en de andere medische kosten In 2024 hebben we de kosten voor de mondzorgproef deels bekostigd uit de structurele budgetten voor bijzondere bijstand en uit het CZM-budget bestemd voor de verbetering van de mondzorg van minima. Daarnaast hebben we € 200.000,-incidentele middelen ingezet die vrijkwamen toen we stopten met de collectieve zorgverzekering voor minima. Het ging om de middelen die waren geoormerkt als ‘financieel vangnet’ voor als er een groter beroep op bijzondere bijstand kwam. In totaal was er € 385.000,-- beschikbaar voor de proef met mondzorg en voor de andere medische kosten die nog volgens het bestaande beleid worden afgehandeld. We hebben in totaal € 341.000,-- uitgegeven. Evaluatie proef mondzorg In de periode van april tot en met juli 2024 zijn er 467 aanvragen voor mondzorg ingediend.
Begin augustus, toen we de evaluatie deden, waren daarvan 332 toegekend, 47 niet in behandeling genomen vanwege onvoldoende bewijsstukken en 20 afgewezen. Afwijzingen waren in de meeste gevallen vanwege te veel draagkracht of omdat het om kronen en dergelijke kosten ging. We zien dat de ingediende facturen variëren van € 6,69 tot drie- á vierduizend euro. Zoals uit de figuur hierboven blijkt, betreft 40% van de toekenningen kosten hoger € 150. Het gaat dan om bedragen waarvan we mogen aannemen dat ze moeilijk op te brengen zijn voor iemand met een minimuminkomen. Verder zien we dat de helft van de aanvragers geen tandartsverzekering heeft. Dit kan verschillende redenen hebben: een premieachterstand bij de zorgverzekeraar waardoor het afsluiten van aanvullende verzekeringen niet mogelijk is, of financiële problemen die deze extra kosten onmogelijk maken. Een andere mogelijkheid is echter ook dat mensen de afweging maken tussen het betalen van een premie enerzijds en het zelf betalen van lagere zorgkosten anderzijds. Als je een goed en stabiel gebit hebt, is een tandartsverzekering niet lonend. Tegelijkertijd zien we dat 42% van de onverzekerde mensen toch behoorlijk hoge kosten heeft. Dan is het niet onlogisch om aan te nemen dat zij simpelweg geen financiële ruimte hebben voor een tandartsverzekering, die al gauw € 150 tot € 300 per jaar kost. 1
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR610839/11
Volgvel 2
Uit de figuur hiernaast blijkt dat de stadswijken met veel armoede goed vertegenwoordigd zijn. Omdat bekend is2 dat mensen met een laag inkomen op vrijwel alle fronten een minder goede mondgezondheid hebben, is het goed om te zien dat de vergoedingen ook daar goed landen. Onderlinge contacten binnen een wijk kunnen er ook aan bijdragen dat meer mensen besluiten om de stap te zetten naar tandarts of mondhygiënist als ze van buren of kennissen hebben gehoord dat ze zich geen zorgen meer hoeven te maken over de kosten. We hebben ook gekeken naar de leeftijd van de inwoners die een vergoeding hebben gekregen. We zien (figuur hiernaast) dat jongere aanvragers vaker hoge kosten hadden die zij waarschijnlijk niet zelf hadden kunnen opbrengen. Met de keuze om een tandartsverzekering te nemen heeft dit niet veel te maken: we zien in de cijfers dat hoe jonger de persoon is, des te vaker er een tandartsverzekering is. Al met al kunnen we concluderen dat onze vergoeding een bijdrage kan leveren aan het wegnemen van belemmeringen bij jonge mensen, richting sociale contacten of werk. Problemen met het gebit kan immers juist op die vlakken belemmeringen opleveren. Wat de aard van de kosten betreft zien we dat het bij de lagere bedragen vaak gaat om een periodieke controle plus kleinere bijbehorende zaken, zoals een foto, vulling of een gebitsreiniging.
Hier biedt de vergoeding mensen dus vooral meer financiële ruimte om preventieve mondzorg te kunnen hebben en houden. Incidenteel zien we dat mensen door onze vergoeding voor het eerst (weer) de tandarts bezoeken. Ook parodontologie (mondhygiëne) komt incidenteel voor. Die kosten werden in het verleden nooit vergoed (traditioneel worden deze kosten als niet noodzakelijk voor de bijstandsverlening aangemerkt) maar het belang van preventieve mondzorg wordt steeds meer erkend. We zien verder veel vullingen. In de regel zal dit betekenen dat men pijnklachten heeft, hoewel dit niet per se hoeft. Bij pijnklachten is het evident dat de vergoeding veel goeds brengt voor de persoon. We zien ook enkele saneringen van soms wel twee- tot vierduizend euro. Dat dit voor de betrokken individuen veel oplevert moge duidelijk zijn. Medewerkers van WIJ Groningen geven aan dat ze van inwoners horen dat de vergoeding een reden is te besluiten om toch naar de tandarts te gaan.
2
https://www.vzinfo.nl/monitor-mondgezondheid
Volgvel 3
Voortzetting vergoeding mondzorg en andere medische kosten in 2025 Hoewel we aan deze bevindingen kunnen zien dat de vergoeding financiële belemmeringen voor mensen wegneemt om naar de tandarts te gaan, zijn we nog te kort bezig om een volledig beeld te hebben van de financiële gevolgen. Hierbij speelt mee dat we in 2025 en daarna niet meer de beschikking hebben over de CZMmiddelen van € 200.000,--. Ook zijn de financiële vooruitzichten van de gemeente niet rooskleurig, gezien de kortingen van het Rijk de komende jaren. We willen geen ‘jojobeleid’ voeren door een succesvolle vergoeding weer in te moeten trekken of de voorwaarden steeds te wijzigen. In 2025 willen we, met deze zaken in het achterhoofd, helder krijgen hoe we met de beschikbare middelen onze inwoners optimaal kunnen ondersteunen. Daarbij gaat het om mondzorg maar ook om de andere medische kosten. We zetten de proef in 2025 daarom voort, net als de oude werkwijze voor andere medische kosten. Alle voorwaarden blijven zoals ze nu zijn. Dat betekent dat we kronen, bruggen, implantaten en beugels buiten de proef houden. De Cliëntenraad Werk & Inkomen heeft ons geadviseerd om kronen en implantaten mogelijk te maken daar waar het gaat om voortanden. We zien daarvan beslist de waarde in, maar we hebben er gewoonweg niet de middelen voor.
Wel kunnen in bijzondere gevallen dergelijke kosten worden vergoed, bijvoorbeeld via het maatwerkbudget of het flankerend beleid. Het gaat dan om individueel maatwerk. Om voortzetting in 2025 mogelijk te maken, zetten we naast de structurele middelen ook incidenteel middelen uit het armoedeprogramma in. In de loop van 2025 trekken we definitieve conclusies. Daarbij betrekken we niet alleen de cijfers en uitgaven, maar ook de bevindingen van inwoners. In de bijsluiter van maart 2025 nodigen we mensen die de vergoeding hebben gekregen uit om hun ervaringen met ons te delen. Ook de uitgaven zullen we blijven monitoren. Daarbij kijken we niet alleen naar de cijfers maar ook naar de doelstellingen die we hebben geformuleerd in het coalitieakkoord en in het armoedeprogramma. In het najaar van 2025 komen we bij u terug met de bevindingen en met onze conclusies over het vervolg. We vertrouwen erop u voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Groningen,
burgemeester, Mirjam van ‘t Veld
secretaris, Christien Bronda
Deze brief is elektronisch aangemaakt en daarom niet ondertekend.