CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Op weg naar een nieuwe nota sociaal culturele accommodaties (wensen & bedenkingen).pdf

gemeenteraad 12 juli 2023, gemeente GroningenBij agendapunt: -: Moties n.a.v. collegebrief: Op weg naar een nieuwe nota sociaal culturele accommodaties (wensen & bedenkingen) d.d. 15 juni 20234.488 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp

Steller

Op weg naar een nieuwe nota sociaal culturele accommodaties wensen en bedenkingen Mariette Leegwater De leden van de raad van de gemeente Groningen te GRONINGEN

Telefoon Datum

72 37 15 juni 2023

Bijlage(n) 2 Uw brief van

Ons kenmerk

124088-2023

Uw kenmerk

Geachte heer, mevrouw, “Kerken en voorzieningen als buurt -en dorpshuizen en bibliotheken zijn belangrijk in wijken en dorpen. Iedereen, en elk dorp en elke wijk verdient een ontmoetingsplek.”

In het coalitieakkoord gaven wij al aan hoe belangrijk en noodzakelijk we het vinden dat er plekken zijn waar bewoners elkaar ontmoeten en meedoen in hun directe omgeving. Een plek waar activiteiten worden georganiseerd, die de bewoners plezier en uitdaging geven en een reden om naar buiten te gaan, maar ook zorgen voor samenhang en een netwerk in de buurt waar ze op terug kunnen vallen. Onze sociaal culturele accommodaties dragen in belangrijke mate bij aan een sterke sociale basis. Toch hebben veel gemeenten vanaf 2012 bezuinigd op deze voorzieningen. De gemeente Groningen heeft echter altijd een goede spreiding en basis van sociaal culturele accommodaties behouden en langjarig en consistent geïnvesteerd in dergelijke voorzieningen. U heeft dit ook al eerder kunnen lezen in de nota “sociaal culturele accommodaties geharmoniseerd” uit 2020 en de recent vastgestelde nota “sociale basis, voor elkaar” 2023. Sociaal culturele accommodaties zorgen voor ontmoetingen, zingeving en meedoen en zijn daarmee belangrijk onderdeel van een sterke sociale basis en onze inzet op preventie. Zo staat er in de notitie ouderen, dat het belangrijk is om, nog meer dan nu, in te zetten op algemene voorzieningen zoals buurthuizen en gemeenschappelijke huiskamers. De sociaal culturele accommodaties worden echter ook geconfronteerd met nieuwe uitdagingen en dilemma’s.

Opgaven die vanuit het accommodatiebeleid vragen om een aantal (nieuwe) richtinggevende uitspraken. Voordat wij een dergelijke nieuwe accommodatienota aan u voor willen leggen, horen we graag uw wensen en bedenkingen. In deze brief nemen we u dan ook mee in onze visie op de sociaal

Volgvel 1

culturele accommodaties, de laatste ontwikkelingen en onze wensen. We willen graag in dit stadium alvast toetsen hoe uw raad aankijkt tegen onze denkrichting, zodat we dit kunnen meenemen bij de verdere uitwerking van de nota. Tevens benoemen we alvast de financiële opgaven in relatie tot het accommodatiebeleid. Deze gaan we nog integraal wegen en komen we op terug in het voorstel voor de begroting 2024. Hierover komen we dus nog te spreken. Participatieproces Eind 2020 is de nota ‘Sociaal culturele accommodaties, geharmoniseerd’ en de nota ‘De sociale basis in Groningen: Harmoniseren en verder’, vastgesteld. Er is toen aangegeven dat we in samenwerking met inwoners, organisaties en professionals zouden onderzoeken op welke wijze de accommodaties bij zouden kunnen dragen aan een sterke sociale basis. Daarna zouden we een nieuwe visie vaststellen en het subsidiebeleid daarop aanpassen. Voor het opstellen van de nieuwe nota “Sociale basis voor elkaar!” en de nota sociaal culturele accommodaties zijn in het voorjaar en de zomer van 2022 gesprekken gevoerd met 18 accommodatiebesturen en met de overkoepelende organisaties, de speeltuincentrale, Vereniging Groninger Dorpen en de BBOG. Daarnaast is er een gesprek gevoerd met de twee beheerorganisaties Werkpro en met het SGSB (zie bijlage voor de samenvatting).

Tegelijkertijd zijn er gesprekken geweest met de zeven gebiedsteams van de gemeente Groningen. De centrale vraag was: “Wat is er nodig voor een sterke sociale basis?”. Hiervoor zijn relevante gesprekspartners uitgenodigd, die contacten hadden met inwoners en daardoor beschikten over relevante informatie van inwoners. Op basis van de input die we hebben opgehaald, zijn we tot de conclusie gekomen dat de visie en de doelen die wij hebben opgeschreven in de nota sociaal culturele accommodaties geharmoniseerd (2020) nog steeds actueel zijn en een goede basis vormen. Deze basis hebben we nodig om onze ambities verder uit te kunnen werken en om samen met alle partijen de rol en functie van onze accommodaties te optimaliseren. Visie en belang Als gemeente Groningen investeren wij bewust en met behoorlijk grote omvang in onze sociaal culturele accommodaties. Onze gesubsidieerde (maar natuurlijk ook een aantal ongesubsidieerde) dorpshuizen, wijkaccommodaties en/of wijkinitiatieven zijn een belangrijk middel om gemeentelijke beleidsdoelen op het gebied van leefbaarheid, sociale cohesie en participatie te verwezenlijken en daarmee de sociale basis te versterken.

De primaire functie van een wijkaccommodatie is het bieden van een plek voor ontmoeting, het (laten) organiseren van een aantrekkelijk activiteitenprogramma en, bij de wat grotere accommodaties, het faciliteren van gemeentelijke welzijnsactiviteiten (zoals informatie, advies en dienstverlening). Een dergelijk gevarieerd aanbod draagt bij aan ontwikkeling, participatie en sterkere sociale verbanden en verbondenheid. Het best lukt dat in een toegankelijk centraal gelegen gebouw waar onze inwoners zich welkom en veilig voelen. Er wordt veel goed sociaal cultureel werk gedaan in onze accommodaties. Als gemeente moeten we dit werk blijven faciliteren en stimuleren. We denken dit nog beter te kunnen doen

Volgvel 2

door het beleid meer te richten op een goede communicatie en samenwerking met alle betrokken partijen die te maken hebben met onze sociaal culturele accommodaties. We zijn hier inmiddels al mee begonnen door de start van de ‘doorgaande dialoog’, waarover later meer in deze brief. Met investeren in de sociale basis en sociaal culturele accommodaties investeren we bewust ook in preventie. We hebben de overtuiging dat door inzet op dit type algemene voorzieningen, we ook veel kosten en investeringen aan de zorgkant voorkomen. Ons sociaal cultureel accommodatiebeleid omvat op dit moment jaarlijks een ondersteuningsbijdrage van ruim 6 miljoen euro. Dit is grotendeels gekoppeld aan de kosten die samenhangen met gebouw (huur, hypotheek of eigendom), onderhoud en zakelijke lasten en liggen daarmee redelijk “vast”. In ons accommodatiebeleid is het uitgangspunt dat wij de kosten die samenhangen met het gebouw vergoeden en/of hier een faciliterende rol in hebben. Een tweede belangrijke pijler is een bijdrage voor het beheer. Via Werkpro, SBSG en soms individueel zorgen wij voor professioneel beheer, zakelijke leiding en programmatische afstemming in de wijk. Daarnaast stellen we subsidie beschikbaar voor organisatie en exploitatie.

We doen dit zodat mensen elkaar kunnen ontmoeten in accommodaties en er ruimte is voor bewonersinitiatieven en alle andere activiteiten die plaatsvinden in onze sociaal culturele accommodaties; iedere dag opnieuw. De activiteiten in het gebouw worden primair door de inwoners van de wijk of het dorp georganiseerd. Soms zijn de besturen zelf actief in het organiseren van activiteiten. Besturen van de accommodatie mogen bijkomend inkomsten uit verhuur aan derden verwerven. Het activiteitenprogramma wordt financieel niet vanuit het accommodatiebeleid ondersteund. Hiervoor worden andere aanvullende budgetten vanuit de wijk en/of extern aangevraagd. Het is ook mogelijk dat besturen dit bekostigen uit horeca en/of verhuur opbrengsten, of dat besturen zelf activiteiten organiseren die geld genereren. Uitdagingen en dilemma’s, beleidsrichtingen Zoals eerder beschreven staan de accommodaties voor een aantal (nieuwe) uitdagingen, die zich ook vertalen in vragen voor de gemeente en ons beleid. Voordat we de nota gaan schrijven, willen wij eerst met u delen voor welke uitdagingen en dilemma’s wij staan en welke wensen en gedachten wij daarbij hebben. We beschrijven het hieronder in 7 punten: 1. De basis van ons beleid is goed en willen we daarom behouden. Inmiddels heeft u de nota “Sociale basis, voor elkaar!”, vastgesteld.

De nota Sociaal Culturele Accommodaties valt onder deze nota en borduurt voort op de missie, visie en doelen die daarin zijn benoemd. Op basis van de input die is opgehaald in de participatieronde, zijn wij van mening dat de visie en de doelen die wij hebben opgeschreven in de nota sociaal culturele accommodaties geharmoniseerd (2020) nog steeds actueel zijn en een goede stevige basis vormen. Onze accommodaties dragen in belangrijke mate bij aan het versterken van de sociale basis en daarom willen we dat ons beleid blijft staan. We hebben ambities die we graag vorm willen geven, we gaan ons onder andere met onze partners meer richten op

Volgvel 3

de uitvoering en samenwerking en maken daarbij gebruik van “de doorgaande dialoog”. Hierover meer in de punten hieronder. 2. Focus op Basis op Orde.

Er ligt een vraag om een drietal accommodaties toe te voegen aan het accommodatiebeleid. Hier komen we verderop in de brief nog op terug. In zijn algemeenheid bieden we een evenwichtig en dekkend aanbod aan sociaal culturele accommodaties in bestaande wijken. Buiten eventueel de drie betreffende accommodaties, voegen we hier verder geen andere accommodaties meer aan toe. We kiezen hiervoor, omdat we ons vooral willen richten op het behouden van een goede basis. Daarmee scheppen we de juiste voorwaarden voor goed functionerende accommodaties. Door stijgende kosten voor exploitatie, beheer, onderhoud en verduurzaming is het een grote uitdaging voor ons en de accommodatiebesturen om onze accommodaties financieel gezond en in een goede staat van onderhoud te houden. Een andere belangrijke reden is dat besturen zekerheid en continuïteit geboden moet worden. Dit geeft ze de nodige rust en gevoel van waardering om zich optimaal en positief gezond te kunnen inzetten voor de accommodatie. We mogen immers niet vergeten dat we te maken hebben met mensen die zich vele uren vrijwillig inzetten voor de accommodatie in de wijk of het dorp. 3. Extra impuls Noordelijke wijken via aanvullende programmering. Wij kiezen bewust voor ongelijk investeren, om voor elke wijk en inwoner gelijke kansen te creëren.

Vanuit het accommodatiebeleid dragen wij daaraan bij door de zorg voor een goede spreiding van onze accommodaties en voldoende ondersteuning. In de wijken die extra aandacht krijgen vanuit wijkvernieuwing, leefbaarheid, zorg en/of veiligheid is deze basis en spreiding van sociaal culturele accommodaties goed. Zeker na toevoeging van de nieuwe buurtaccommodatie in de Oosterpark (Bij van Houten fase 1), die mede mogelijk is /wordt gemaakt door extra investeringen vanuit Regiodeal en NPG.

Extra programmering en extra activiteiten gekoppeld aan de opgaven in deze Noordelijke wijken worden niet binnen het accommodatiebeleid gesubsidieerd, maar vanuit andere aanvullende budgetten mogelijk gemaakt en gestimuleerd. Denk hierbij aan de wijkvernieuwingsaanpak, NPG, Regiodeal of Preventie en Leefbaarheid, als onderdeel van een brede en langjarige aanpak. Naast de accommodaties vanuit ons sociaal culturele accommodatiebeleid zijn er namelijk ook andere wijkinitiatieven en instellingen die net zo’n belangrijke rol in de programmering van die wijken spelen en onderdeel zijn van de sociale basis. Voor deze accommodaties en instellingen willen we ook gelijke mogelijkheden voor ondersteuning vanuit deze aanvullende budgetten voor het organiseren van activiteiten openhouden. 4. Multifunctionele ontmoetingsruimte in (uitbreidings)wijken.

De nieuwere uitbreidingswijken van onze gemeente kennen (nog) geen gesubsidieerde accommodaties. De behoefte aan ruimte voor ontmoeting en activiteiten in een dorp of wijk kan er wel degelijk bestaan of ontstaan. Zo is bekend dat in de wijken Gravenburg, Reitdiep en Meerstad er wel behoefte is aan ruimte voor ontmoetingsactiviteiten in de eigen wijk. In de oorspronkelijke uitgangspunten voor de ontwikkeling van deze wijken ging men ervan uit dat deze behoefte er minder was en/of er meer gebruik van de omliggende voorzieningen zou worden gemaakt.

Volgvel 4

Onze stad/gemeente groeit en daarmee ook de behoefte aan ontmoeting en activiteiten; ook in de nieuwe wijken. De behoefte aan ontmoeting is hetzelfde, maar de verschijningsvorm en functie is vaak anders. Men is meer op zoek naar een multifunctionele plek voor ontmoeting, waarbij verschillende activiteiten samen komen en medegebruik van elkaars ruimten wordt gemaakt. Daarbij is flexibiliteit het uitgangspunt: zowel in gebruik van het gebouw (voor bewegingsonderwijs overdag, in de avond repetitie van het koor of de yoga of muziekcursus van een ZZP’er), als in gebruik in de tijd (eerste jaren een school- of kinderopvang om de piek in leerlingen en kinderen op te vangen, na 15 jaar ruimte voor een gezondheidscentrum, bibliotheek, buurtkamer of het Wij-team). In alle gevallen gaat het om het vinden van passende voorzieningen die aansluiten bij de behoefte en de groei van een wijk, zowel indoor als outdoor. In ons voorzieningenbeleid voor nieuwe woonwijken richten we ons op dit moment vooral op het stimuleren en faciliteren van dergelijke multifunctionele ontmoetingsplekken, in plaats van de realisatie van compleet nieuwe buurtcentra. Deze multifunctionele ontmoetingsplekken maken onderdeel uit van een totaalvisie op de ontwikkeling van (maatschappelijke) voorzieningen in nieuwe wijken.

Wij zien dit als een organisch natuurlijk proces dat buiten het accommodatiebeleid ligt en op (maatschappelijk) voorzieningenniveau als geheel een plek moet krijgen. 5. Diversiteit vraagt maatwerk

We onderkennen dat elke accommodatie zijn eigen oorsprong kent en doelgroep heeft. En dat elke accommodatie te maken heeft met andere omstandigheden, qua doelgroep, opgaven in de wijk en niet te vergeten, de locatie. Die diversiteit koesteren we en willen we ook blijven ondersteunen. Aan de andere kant vraagt beleid soms om uniforme regels en eenduidig afspraken. Dit wringt zo nu en dan. Zo bedienen de accommodaties in de dorpen automatisch minder mensen omdat de dichtheid van bewoning minder is. Door de landelijke ligging met weinig andere voorzieningen (winkels, horeca, school) hebben zij echter een extra grote betekenis voor de sociale basis voor het dorp. De afstanden tot andere voorzieningen zijn vaak groot. Dorpen kennen vaak nog een sterke sociale binding als gemeenschap, er wordt naar elkaar omgekeken en de inzet van vrijwilligers is hoog. De gemeenschappen zijn relatief klein en specifieke doelgroepen als bijvoorbeeld ouderen worden hier ook steeds meer afhankelijk van. Omdat ook nog eens de verschillen tussen dorpen groot zijn (van 70 tot 7000 bewoners), vraagt dit om maatwerk. In de stad Groningen werken we met andere criteria. We hebben te maken met een grotere dichtheid van inwoners, waardoor de accommodatie automatisch een grotere groep inwoners bedient, met een diverser publiek, meerdere doelgroepen en andersoortige problematiek en opgaven.

De accommodatie heeft vaak ook ruimere openingstijden. Dit is voor ons een blijvende reden om te kiezen voor een verschil in aanpak tussen wijken en dorpen. Ook in de stad Groningen zien we deze verschillen. Iedere accommodatie is uniek. Zo organiseert het bestuur van de Semmelstee zelf heel veel activiteiten (gratis busreis naar Volendam, kerstmiddag voor alleenstaande ouderen of juist een Sinterklaasmiddag voor de kinderen), kiest het Vinkhuijs voor het vormen van werkgroepen van deelnemers die zelf met begeleiding van een vrijwilliger de

Volgvel 5

activiteiten organiseren en biedt het Heerdenhoes juist ruimte voor startende initiatieven van wijkbewoners om bij hen tot wasdom te komen. Voorwaarde is wel dat het laagdrempelig is. Op die wijze hebben meerdere bewoners een inkomen kunnen genereren en hebben wijkbewoners een leuke activiteit waar ze aan deel kunnen nemen. Het valt ons steeds weer op dat er veel sociaal cultureel werk wordt georganiseerd in onze accommodaties. Ieder doet het op de wijze die past bij de wijk of het dorp. En omdat het gaat om activiteiten voor en door inwoners is het bereik en de deelname ook nog eens groot.

6. Doorgaande dialoog

In de nota ‘sociale basis, voor elkaar’, kon u al lezen dat wij willen gaan inzetten op de doorgaande dialoog. Voor het accommodatiebeleid betekent dit, dat we met onze accommodatiebesturen meer persoonlijk in contact willen staan. Op deze manier denken we nog beter uitvoering te geven aan ons beleid. Veel besturen zijn niet goed bekend met wat er precies bedoeld wordt met onze beleidsdoelen. Door de doorgaande dialoog willen we dit begrip verbeteren en verifiëren of onze beleidsdoelen voldoende aansluiten op de praktijk. De samenwerking tussen de partijen in de wijk een impuls geven en zelf kijken hoe we zaken integraal kunnen afstemmen. Daarnaast uiten we met deze persoonlijke benadering onze waardering voor hun inzet. Door middel van een nieuw gespreksinstrument gebaseerd op positieve gezondheid voeren we deze gesprekken. De eerste ervaringen zijn goed. Het is mooi om te zien en horen dat iedere accommodatie op haar eigen wijze de zaken organiseert. Er is niet een blauwdruk hoe het zou moeten en toch spelen ze allemaal een belangrijke rol in de sociale basis van de wijk of het dorp en de opgaven die daar liggen. De doorgaande dialoog geeft ons veel informatie en het bestuur is beter in staat onze beleidsdoelen beter te duiden. In het gesprek merken ze vaak dat ze aan die beleidsdoelen bijdragen, terwijl ze zich daar vaak niet eens bewust van zijn.

Voor ons betekent het dat we nog meer het gebied intrekken en vaker over ons eigen beleidsveld heen gaan kijken. Want ook wat in onze accommodaties gebeurt, is niet in één beleidsveld te vangen.

7. Energiebesparing en verduurzaming Met de stijgende energielasten is energiebesparing en verduurzaming van maatschappelijk vastgoed een terugkerend thema in de gesprekken met de accommodaties. De aanpak hiervan is echter complex, gekoppeld aan terugverdientijd, eigendomssituatie, toekomstperspectief en staat van het gebouw.

Een aantal kortetermijnmaatregelen is wettelijk verplicht, namelijk als de maatregel binnen 5 jaren terugverdiend kan worden (EML-maatregelen). Hiervoor zijn de huidige gebruikers/eigenaren van de accommodaties formeel zelf verantwoordelijk. Daarnaast ligt er inmiddels ook een focus op de zogenaamde No-Regret maatregelen: maatregelen die zich binnen 10 jaar terugverdienen en dus zonder risico van desinvestering genomen kunnen worden.

Volgvel 6

We zien dat accommodatiebesturen nog terughoudend zijn in het maken van plannen hiervoor, om diverse redenen. We zijn daarom voornemens om een ondersteuningstraject te starten, waarbij accommodatiebesturen worden gefaciliteerd en ontzorgd in het opstellen van plannen, het selecteren van uitvoerders en de zoektocht naar externe financieringsmogelijkheden. Met het jaarprogramma Maatschappelijk Vastgoed zetten we alvast een eerste stap om de sociaal culturele accommodaties in eigendom van de gemeente hierin te faciliteren. De daarmee samenhangende investering wordt gefinancierd door de verlaagde energiekosten hiervoor als dekking in te zetten, conform de GRESCO-systematiek. De gemeente financiert de investering voor. Om ook maximale deelname te stimuleren zoeken we naar een financieringsregeling, waarbij ook de accommodatiebesturen meteen voordeel op de energierekening terugzien. Een grootschalige verduurzamingsaanpak van het maatschappelijk vastgoed (renovatie en/of vernieuwing), al dan niet in eigendom van de gemeente, is een complexe en omvangrijke opgave die buiten dit accommodatiebeleid valt. In lijn met de routekaart Maatschappelijk Vastgoed gaan we daarvoor een accommodatieplan en bijbehorend investeringsprogramma ontwikkelen naar voorbeeld van het Integraal Onderwijs Huisvestingsplan (IHP) of Integraal Accommodatieplan Bewegingsonderwijs en Binnensport (IABB).

Hiervoor dienen technische staat, functionele staat en toekomstperspectief in beeld te worden gebracht en afgewogen. De hiervoor noodzakelijk aanpak en inzet qua middelen, capaciteit en tijd worden nu in beeld gebracht. Financiële opgaven Zoals eerder in deze brief beschreven vinden we de accommodaties van grote waarde voor de wijken en de opbouw van de sociale basis. We zijn daarvan overtuigd; het levert maatschappelijk gezien veel op, en dat rechtvaardigt ook een forse inzet. Als gemeente Groningen zetten we daar jaarlijks ruim 6 miljoen euro voor in. Het gaat daarbij om een groot deel Vastgoed (2,3 mln), een groot deel Beheer (2.3 mln.) en een brok ondersteuning organisatie en exploitatie (1.1 mln.). Daarnaast ondersteunen we de Speeltuincentrale in haar advisering en coördinatie voor de speeltuinverenigingen in de gemeente. Een aantal opgaven voor het toekomstige accommodatiebeleid brengt een financiële claim met zich mee, die we nu binnen het huidige accommodatiebeleid niet structureel kunnen dekken. Wij zullen deze betrekken bij de integrale afweging van knelpunten in het kader van de Begroting 2024. Het is geenszins de bedoeling om alvast vooruit te lopen op de begrotingsbehandeling, dus op deze punten vragen wij uw raad dan ook geen wensen en bedenkingen. Gezien het feit dat deze voor de totstandkoming van de nota wel van belang zijn, worden deze nu echter wel benoemd.

Er is daarom ook bewust voor gekozen om deze brief parallel aan de voorjaarsbrief te versturen. In de voorjaarsbrief bent u geïnformeerd over het meerjarenbeeld en het totale overzicht aan knelpunten, waar we ons als college en raad over moeten buigen. In relatie tot de toekomst van het accommodatiebeleid liggen onderstaande vragen nu voor. Deze vindt u ook terug op de knelpuntenlijst die u heeft ontvangen bij de voorjaarsbrief

Volgvel 7

1. Evenwichtige spreiding is bepalend Een belangrijk uitgangspunt voor ons accommodatiebeleid is dat we een evenwichtige spreiding van onze sociaal culturele accommodaties over de gemeente willen hebben, in de vorm van een gebouw (stenen) en daarbij een passend beheerniveau en passende exploitatievergoeding. Daarbij houden we rekening met de rol in de wijk of het dorp. Doel hiervan is dat elke inwoner en initiatiefnemer op relatief korte afstand medeinwoners kan ontmoeten voor bijvoorbeeld een kop koffie, een goed gesprek of een activiteit. De gemeente kent nu 45 gesubsidieerde sociaal culturele accommodaties (zie kaartje bijlage). Naast de gesubsidieerde accommodaties uit het accommodatiebeleid zijn er ook andere accommodaties die een rol spelen in de sociale basis. Accommodaties waar mensen elkaar ook kunnen ontmoeten en waar activiteiten worden georganiseerd. Deze accommodaties ontvangen soms subsidie voor de activiteiten die ze organiseren maar soms ook niet, denk aan bijvoorbeeld een kerk. Gezien de huidige spreiding en rekening houdend met de functie van de accommodatie in de wijk, zouden we drie accommodaties aan ons accommodatiebeleid toe kunnen voegen. Financiële structurele dekking is hiervoor nog niet beschikbaar.

Dit zal onderdeel zijn van een bredere afweging waarover we tijdens het voorjaardebat komen te spreken en waar het college uiteindelijk in de begroting 2024 op terugkomt. • De Stroming De Stroming is al jaren een belangrijke uitvalsbasis voor de wijk; nu steeds incidenteel gefinancierd. De Rivierenbuurt is een wijk, waar nu geen andere buurtaccommodatie is en waar vanuit diverse monitoren is aangegeven dat extra aandacht nodig is. Door nu te investeren in het versterken van de sociale basis, zouden we hier extra op inzetten. De Stroming speelt een belangrijke rol in het uitvoeren van deze opdracht en is nu al een plek waar wijkbewoners elkaar vrijblijvend en op een laagdrempelige wijze kunnen ontmoeten. Gezien het belang voor de wijk en de toekomst zouden we meer zekerheid kunnen bieden door structurele financiering vanuit het accommodatiebeleid te regelen. • Dorpshuis Ten Boer In de plaats Ten Boer is nog geen sociaal culturele accommodatie die is opgenomen in ons accommodatiebeleid. Het dorpshuis bestaat al wel langer en speelt ook een belangrijke rol in de gemeenschap, maar kwam door de organisatievorm niet voor subsidie in aanmerking. Een groep vrijwilligers heeft sinds 2023 een stichting voor het exploiteren van het dorpshuis opgericht, waarbij ook de samenwerking met Stichting BES (Zwembad en Sporthal) wordt gezocht. Doel is een laagdrempelige plek voor en door het dorp.

• Kreukelhof De Kreukelhof is een speeltuin in Hoogkerk, die ook ondersteuning krijgt van De Speeltuincentrale. De Kreukelhof is de laatste 2,5 jaar een bloeiende bruisende speeltuinvereniging geworden, na een minder actieve periode. Dagelijks zijn er activiteiten voor jong en oud, waar veel gebruik van wordt gemaakt. Hiermee zien we de belangrijke rol in de sociale basis. Wanneer de Kreukelhof weg zou vallen, hebben heel veel mensen geen ontmoetingsplek meer. Hoogkerk staat er niet goed voor als het gaat om onderwijsachterstand en opgroeien in armoede.

Volgvel 8

Hoogkerk krijgt daarom extra aandacht de komende jaren. Hierin is de Kreukelhof onmisbaar. Ze werken namelijk ook samen met de kledingbank en de wijkkoelkast. Ondanks dat ze onderdeel zijn van de accommodatienota, kregen ze tot voor kort geen subsidie in verband met voldoende andere inkomsten. Deze zijn echter weggevallen, waardoor we ze als gemeente nu twee jaar incidenteel hebben gesubsidieerd. 2. Beheer Beheer is essentieel voor het bestaan van de accommodaties en moet in de basis goed georganiseerd zijn. Beheer is voor alle besturen een belangrijk item, zowel professioneel als vrijwillig. Bijna alle accommodaties geven aan meer uren professioneel beheer te willen hebben. Binnen het huidige financiële kader is dat niet mogelijk. Het aantal uren professioneel beheer verschilt per accommodatie in onze gemeente. Dat vinden we niet erg omdat de accommodaties ook erg van elkaar verschillen. We willen daarnaast dat de accommodaties aansluiten bij de wensen, mogelijkheden en behoeften vanuit de buurt. Die wensen en behoeften verschillen per gebied/dorp/wijk. We accepteren deze verschillen en nemen deze als uitgangspunt. Met de harmonisatie van het accommodatiebeleid in 2019 zijn bestaande afspraken en beleidslijnen geprolongeerd. Dit heeft ook voor het beheer geleid tot verschillen tussen de stad en de accommodaties in de voormalige gemeenten Haren en Ten Boer.

Met name in Ten Boer wordt een groot beroep op vrijwilligers gedaan, om de boel draaiende te houden. De druk op deze vrijwilligers neemt steeds meer toe. Er ligt een opgave om accommodaties in de dorpen meer te ondersteunen bij het beheer. Dit betreft specifiek de dorpshuizen in Haren en Ten Boer, waarbij eventueel extra beheer vooral gericht zou zijns op samenwerking en afstemming van bedrijfsvoering en facilitaire zaken. Dit is in lijn met de wensen zoals de accommodaties die in de participatieronde naar voren hebben gebracht. We willen nog extra benadrukken dat er veel mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werkzaam zijn in het beheer van onze accommodaties. De zakelijk leider van ‘t Vinkhuys zegt zelfs dat het de kurk is waar ‘t Vinkhuys op draait, naast natuurlijk de vrijwilligers. De begeleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt vraagt aandacht en tijd, maar kent ook veel waardering als we zien dat er geregeld werknemers doorstromen naar een reguliere baan. 3. Stijgende kosten van bestaande accommodatiebeleid We constateren al enkele jaren dat er sprake is van stijging van de huur-, exploitatieen personeelskosten bij de accommodaties, waardoor de exploitatie van accommodaties onder druk staat. De accres-systematiek van de gemeente groeit in de afgelopen jaren niet gelijkwaardig mee.

Dit geeft een aantal (financiële) problemen, met name op de posten waar geen (directe) invloed op kan worden uitgeoefend, zoals personeelscontracten of huurovereenkomsten. Voor beide beheerorganisaties (Werkpro en SGSB) geldt natuurlijk hetzelfde probleem. Om de financiële risico’s te beperken zullen besturen afwegen of openingstijden en/of activiteitenprogrammering hierop moet worden aangepast. Ook als gemeente zelf worden we met deze stijgende kosten geconfronteerd. Ook wij hebben te maken met verwachte kostenstijgingen die hoger zijn dan het beschikbare

Volgvel 9

subsidieaccres op zakelijk lasten en huurvergoedingen. Volgens de huidige Nadere Regels van het accommodatiebeleid zijn wij verantwoordelijk om deze lasten 100% te dekken. Als een volledige dekking niet meer mogelijk is, zullen de accommodatiebesturen die niet in een pand van de gemeente gevestigd zijn, zelf een deel van de huur en de zakelijke lasten moeten betalen. Accommodatiebesturen die in een pand van de gemeente gevestigd zijn, hebben hier niet mee te maken. Hier ontstaat dan een ongelijkheid. Bij de begroting 2024 zullen we deze knelpunten en beleidsuitgangspunten integraal afwegen. Gedurende het voorjaarsdebat komen we hier over te spreken. Deze inbreng nemen wij vervolgens mee bij de totstandkoming van de begroting waar zorgvuldig gekeken wordt voor welke opgaven middelen beschikbaar gesteld zou kunnen worden. Het toekomstig financieel kader zal duidelijkheid moeten geven in hoeverre wij deze stijgende lasten kunnen compenseren. Wensen en bedenkingen We zijn benieuwd hoe u naar de beleidsrichtingen, de dillema’s en ambities kijkt die we hierboven beschrijven en wat u ons zou willen meegeven. Zoals gezegd zal de afweging en het gesprek over de financiële opgaven op een later moment plaatsvinden, maar deze wilden wij vanwege de samenhang in deze brief niet onbenoemd laten.

We nemen graag uw input mee bij de totstandkoming van de nieuwe nota sociaal culturele accommodaties. Deze zal na de vaststelling van de begroting 2024 verder worden ontwikkeld en zo mogelijk nog in 2023 aan u worden voorgelegd. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Groningen,

locoburgemeester, Mirjam Wijnja

secretaris, Christien Bronda

Deze brief is elektronisch aangemaakt en daarom niet ondertekend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4688/documents/76257