Nr. 63 Inspraak reactie Stadspark.pdf
Tekst van het document
Betreft: Schriftelijke inspreekreactie van J.J. Hoexum op Raadsvoorstellen: Doorontwikkeling evenemententerrein Stadspark en herijking visie Stadspark, gebaseerd op ingediende zienswijze R 80 Geachte leden van de Raad: Op pagina 4 onder punt 2 bij de derde zwarte stip van “Doorontwikkeling evenemententerrein Stadspark” schrijft B&W het volgende: “ We maken een locatieprofiel voor evenementen in het Stadspark en zorgen voor de juridische borging daarvan (exclusief de drafbaan waar al een locatieprofiel voor geldt). De genoemde juridische borging kan alleen gerealiseerd worden door een wijziging van het bestemmingsplan door de gemeenteraad! Immers het thans geldende bestemmingsplan voor het Stadspark exclusief de Drafbaan kent hoofdzakelijk gronden met de bestemming “GROEN” en bij de camping een klein stukje met de bestemming “recreatie”. Uit de geldende planregels blijkt dat beide bestemmingen geen evenementen toestaan in welke vorm dan ook! Dat B&W volhardt in het standpunt dat het wel kan berust m.i. op het feit dat in de uitgebreide toelichting op de planregels hierover summier wordt gesproken. In de gerechtelijke procedure over het bestemmingsplan Kranenburg – Stadspark in 2017 bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, hierna te noemen RvS kwam dit reeds aan de orde. In de uitspraak van 23 augustus 2017 op pagina 12 onder punt 12.1 zegt de RvS.
Hierover het volgende: “ Voor zover Hoexum er op wijst dat in de plantoelichting staat dat elders in het park ook evenementen kunnen worden gehouden overweegt de RvS. dat de plantoelichting geen onderdeel uit maakt van het (bestemmings)plan, zodat daaraan geen bindende betekenis kan worden toegekend” Concreet betekent dit dat het mogelijk maken van evenementen in het Stadspark NIET kan worden gerealiseerd door het opstellen van een locatieprofiel door B&W, maar, zoals gezegd, dat daarvoor een wijziging van het bestemmingsplan door de gemeenteraad is vereist! In het verleden stond B&W nog op het standpunt dat evenementen in het Stadspark op basis van de APV konden plaatsvinden. Uit jurisprudentie van de RvS. blijkt dat dat onjuist is en kennelijk is dat inzicht ook bij B&W gekomen en probeert men nu via een locatieprofiel het bestemmingsplan “aan te passen”, ten onrechte dus! KERN: sta als gemeenteraad geen evenementen toe in het stadspark op basis van een locatieprofiel. Als u vindt dat dit wel mogelijk moet worden gemaakt dan moet de juridische borging op juiste wijze middels een wijziging van het bestemmingsplan plaatsvinden.
Op pagina 6 onder punt 4 schrijft het college het volgende: Met het actiecomité Feesten in Balans (optredend namens omwonenden)[ en waarvan ondergetekende deel uitmaakte JH] is tot een compromis gekomen met betrekking tot begin-en eindtijden, bezoekersaantallen, te hanteren geluidsnormen en afstand tot dichtstbijzijnde woningen etc” Dit is pertinent ONJUIST m.b.t. de geluidsnormen . En let op: dit “overleg” waaraan wordt gerefereerd vond lang geleden plaats n.l. in de jaren 2014 en 2015! De reden hiervoor is dat in de brief van B&W van 14 maart 2017, kenmerk 6247730 gericht aan de Raad van State in het geschil over het bestemmingsplan het college aan de RvS te kennen geeft: “In (geluids)variant 1 die het uitgangspunt vormde voor het ontwerpbestemmingsplan is het geluidsniveau op de terreingrens gesteld op 85dBA …… en aan deze eis is toegevoegd dat het geluidsniveau op 15 meter van het podium maximaal 100dBA en 115 dBC bedraagt”
Echter in het voorstel aan uw raad tot partiele herziening van 19 december 2019 is de norm maximaal 85 dBA op de terreingrens NIET opgenomen door B&W, en het voorstel is wel geaccordeerd door een raadsmeerderheid. Dus de extra bescherming die Feesten uit Balans schriftelijk was toegezegd werd door B&W met goedkeuring van de raad niet opgenomen in de partiele herziening en in de prullenmand gegooid. M.a.w. Het compromis is door B&W in samenwerking met de Gemeenteraad eenzijdig geschonden en bracht het vertrouwen in deze instituties bij Feesten in Balans tot het nulpunt. KERN: voer als gemeenteraad opnieuw de eis in dat het geluidsniveau op de terreingrens van de drafbaan wordt gesteld op 85dBA zoals dat oorspronkelijk ook in het plan stond.
Tenslotte was de RvS in zijn uitspraak over het bestemmingsplan van oordeel (pagina 9 onder punt 8.7) “dat de (gemeente)raad onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het voor dance-evenementen wel noodzakelijk is om een maximale duur en rustperiode voor te schrijven en voor andere muziekevenementen niet. Daarbij neemt de RvS in aanmerking dat voor alle evenementen dezelfde maximale geluidsbelasting van kracht is. Dit is in strijd met art. 3:46 van de Awb oftewel zeer onzorgvuldig naar de omwonenden toe. In het raadsvoorstel van 19 december 2017 voert B&W als enige verklaring voor / rechtvaardiging van het verschil de redenering op dat “de elektronisch geproduceerde snel repeterende basdreun” door de aard van het geluid hinderlijk is ..? Er wordt geen enkel inhoudelijk bewijs, in de vorm van b.v. een rapport van een onafhankelijke geluidsdeskundige meegeleverd voor deze motivering. De gemeenteraad gaat zonder nadere vragen akkoord en de burgers staan met lege handen. KERN: de maximale geluidsbelasting veroorzaakt de overlast en niet het aantal snelle bastonenvoer weet ik uit ervaring omdat ik letterlijk naast het park woon.
Dus voer als gemeenteraad nu in dat tussen elk muziekevenement dat geen dancemuziek ten gehore brengt een rustperiode in acht wordt genomen van tenminste 1 week(end) of stel tenminste een onafhankelijk onderzoek in naar de juistheid van de opvatting dat maximale geluidsbelasting van dance-muziek wel teveel hinder oplevert voor de omwonenden en maximake geluidsbelasting van pop, rock en heavy-metal muziek niet.
8 mei 2021 J.J Hoexum