CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Meicirculaire 2023.pdf

gemeenteraad 19 juli 2023, gemeente GroningenBij agendapunt: *: VOORGESTELDE BESLUITEN N.A.V. MEICIRCULAIRE 20237.564 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Onderwerp

Meicirculaire 2023

Steller/telnr.

Jaap Tel/ 73 26

Registratienummer Classificatie

Bijlagen 0

201080-2023 Openbaar

Portefeuillehouder

Wijnja

Langetermijn agenda (LTA) Raad

LTA ja: LTA nee:

Geheim

Vertrouwelijk (bij gebruik van persoonsgegevens)

Maand 7 Jaar 2023 Niet op LTA

Voorgesteld raadsbesluit

De raad besluit: I. de ontvangst voor ‘Participatie Lpo-bijstelling 2023’van € 152.000,-- in 2023, € 158.000,-- in 2024 en € 167.000,-- in 2025 wordt verrekend met de algemene middelen; II. de ontvangst voor ‘Flankerend beleid energiearmoede’ van € 1.131.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Werk en inkomen en dit te verwerken in de begroting 2023; III. de ontvangst voor ‘Dienstverlening aanpak armoede en schulden’ van € 905.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma College, raad, wijkontwikkeling en -vernieuwing en dit te verwerken in de begroting 2023; IV. de ontvangst voor ‘Jeugdzorg’ van € 9.406.000,-- in 2024 en € 2.673.000,-- in 2025 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2024; V. de ontvangst ‘Jeugdzorg Lpo-bijstelling’ van € 1.240.000,-- in 2024 en € 737.000,-- in 2025 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2024; VI. de ontvangst voor ‘Voogdij 18+ Lpo-bijstelling 2023’van € 773.000,-- in 2023 t/m 2025 wordt verrekend met de algemene middelen; VII. de uitname voor ‘Compensatieregeling voogdij 18+’ van € 455.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2023; VIII.

de uitname voor ‘Werkdrukverlaging jeugdbescherming’ van € 154.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2023;

Samenvatting

Op 31 mei 2023 is de meicirculaire 2023 gemeentefonds verschenen. In de circulaire wordt informatie gegeven over de hoogte van de uitkering uit het gemeentefonds voor de jaren 2023 tot en met 2027. Alle ontwikkelingen worden toegelicht in voorliggende nota en per ontwikkeling wordt een voorstel gedaan hoe hiermee om te gaan. In het financieel meerjarenbeeld 2024-2027 is rekening gehouden met een aantal financiële ontwikkelingen die in de Voorjaarsnota van het rijk zijn opgenomen. Het betreft de bijstelling van het accres 2024-2027 op basis van gewijzigde loon- en prijsontwikkelingen en een volumeaccres vanaf 2027. Deze loon- en prijsbijstelling is echter niet voldoende om de stijging van onze lonen en prijzen (nominale compensatie) te kunnen betalen. Bij de septembercirculaire 2022 is in 2026 eenmalig een extra bedrag aan gemeentefonds toegevoegd van 14,8 miljoen euro. In deze circulaire 2023 wordt dit nu structureel vanaf 2027 verstrekt. Ook deze ontvangst is al in ons financieel meerjarenbeeld 2024-2027 verwerkt. De meicirculaire 2023 biedt nog geen oplossing voor het financieel ravijn dat vanaf 2026 ontstaat door de structurele korting van 3 miljard euro op het gemeentefonds. Ook ontbreekt informatie over de verruiming van het lokale belastinggebied.

Het effect van de ontwikkeling van de maatstaven en de uitkeringsfactor is nog niet verwerkt in het financieel meerjarenbeeld 2024-2027. De nadelige bijstelling vanaf 2024 bedraagt ongeveer 0,4 miljoen euro per jaar.

B&W-besluit d.d.: 4 juli 2023

IX. X. XI. XII. XIII.

XIV. XV. XVI. XVII. XVIII. XIX. XX. XXI. XXII. XXIII. XXIV.

XXV. XXVI.

XXVII.

XXVIII.

XXIX. XXX. XXXI. XXXII. XXXIII.

de ontvangst voor ‘Integraal Zorgakkoord’ van € 1.722.000,-- vanaf 2025 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2024; de ontvangst voor ‘Terugdraaien eigen bijdrage Wmo-huishoudelijke hulp’ van € 1.492.000,-- vanaf 2025 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2024; de uitname voor ‘Herinvoering eigen bijdrage Wmo’ van € 3.381.000,-- vanaf 2026 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2024; de ontvangst voor ‘Voorschoolse educatie’ van € 30.000,-- in 2023 en € 12.000,-- vanaf 2024 te verrekenen met het deelprogramma Onderwijs en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijk begroting 2024; de ontvangst voor ‘Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslag’ van € 41.000,-- vanaf 2023 te verrekenen met het deelprogramma Dienstverlening en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijk begroting 2024; de uitname voor ‘GDI voorzieningen’ van € 104.000,-- in 2023 te verrekenen met de algemene middelen; de mutaties voor ‘Handhaving energielabel C kantoren’ in 2023 t/m 2028 te verrekenen met de algemene middelen; de ontvangst voor ‘Goed verhuurderschap’ van € 216.000,-- vanaf 2023 te verrekenen met het deelprogramma Wonen en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijk de

begroting 2024; de ontvangst voor ‘Goed verhuurderschap’ van € 178.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Wonen en dit te verwerken in de begroting 2023; de ontvangst voor ‘Einde lening Inburgeringsplicht (ELIP)’ van € 24.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma ‘Werk en inkomen en dit te verwerken in de begroting 2023; de ontvangst voor ‘Taal voor ontheemden uit Oekraïne’ van € 179.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Onderwijs en dit te verwerken in de begroting 2023; de ontvangst voor ‘Begeleiding jongeren naar werk’ van € 299.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Werk en inkomen en dit te verwerken in de begroting 2023; de ontvangst voor ‘Leerlingenvervoer Oekraïne’ van € 257.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Onderwijs en dit te verwerken in de begroting 2023; de ontvangst voor ‘Bodembescherming’ van € 411.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma ‘Kwaliteit leefomgeving’ en dit te verwerken in de begroting 2023; de ontvangst voor ‘Nationaal Actieplan Dakloosheid’ van € 2.505.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2023; de uitname voor ‘Voogdij 18+ bijzondere funcies’ van € 1.430.000,-- vanaf 2023 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijk de

begroting 2024; de ontvangst voor ‘Maatschappelijke begeleiding’ van € 223.000,-- in 2023 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2023; de ontvangst voor ‘Participatie Lpo-bijstelling’ van € 2.201.000,-- in 2023, € 2.180.000,-- in 2024, € 2.048.000,-- in 2025, € 1.933.000,-- in 2026 en € 1.892.000,-- in 2027 te verrekenen met het deelprogramma Werk en inkomen en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijke de begroting 2024; de ontvangst voor ‘Beschermd wonen Lpo-bijstelling’ van € 4.964.000,-- in 2023, € 4.966.000,-- in 2024, € 4.967.000,-- in 2025 en € 4.969.000,-- vanaf 2026 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit verwerken in de begroting 2023 respectievelijk de begoting 2024; de uitname voor ‘Maatschappelijke opvang’ van € 65.000,-- voor 2022 en € 87.000,-- vanaf 2023 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijk de begroting 2024, de ontvangst voor ‘Armoedebestrijding kinderen’ van € 31.000,-- vanaf 2024 te verreken met het deelprogramma Werk en inkomen en dit te verwerken in de begroting 2024; de ontvangst voor Kinderen in een AZC’ van € 20.000,-- vanaf 2022 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijk de begroting 2024;

de uitname voor ‘Voorschoolse voorzieningen peuters’ van € 35.000,-- vanaf 2023 te verrekenen met het deelprogramma Onderwijs en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijk de begroting 2024; de ontvangst voor ‘Vrouwenopvang’ van € 20.000,-- in 2023 t/m 2025 en € 19.000,-- vanaf 2026 te verrekenen met het deelprogramma Welzijn, gezondheid en zorg en dit te verwerken in de begroting 2023 respectievelijk de begroting 2024 de gemeentebegroting 2023 op deelprogrammaniveau overeenkomstig te wijzigen.

2

Aanleiding en doel

Op 31 mei 2023 is de meicirculaire 2023 gemeentefonds verschenen. In de circulaire wordt informatie gegeven over de hoogte van de uitkering van het gemeentefonds voor de jaren 2023 tot en met 2028. Alle ontwikkelingen worden toegelicht in voorliggende nota en per ontwikkeling wordt een voorstel gedaan hoe om te gaan met de financiële effecten. In dit voorstel worden de uitkomsten van de meicirculaire 2023 vergeleken met de uitkomsten van de septembercirculaire 2022. Het effect van de circulaire wordt betrokken in de voorbereiding van de ontwerpbegroting 2024. Kader

De algemene uitkering gemeentefonds vloeit voort uit de financiële verhoudingswet (Fvw). Een deel van de rijksbegroting wordt daarmee beschikbaar gesteld aan gemeenten. Door middel van circulaires worden gemeenten geïnformeerd over de omvang en verdeling van het gemeentefonds. Argumenten en afwegingen

N.v.t. Maatschappelijk draagvlak en participatie

N.v.t. Financiële consequenties

Het gemeentefonds is de grootste inkomstenbron van gemeenten. De ontwikkeling ervan bepaalt daarom in belangrijke mate de financiële ruimte van gemeenten. In onderstaande tabel staan de concerneffecten van de meicirculaire 2023 weergegeven. Vervolgens volgt per mutatie een toelichting. (x € 1.000)

2023

2024

2025

2026

2027

Accres 2022 (extra prijsbijstelling) *

2.000

2.000

2.000

1.900

1.800

Accres 2023 ev (bijstelling lpo-ontwikkeling) *

2.400

7.700

14.400

15.700

16.500

Algemene mutaties meicirculaire 2023

Aanvullend accres *

14.800

Accres volumegroei *

2.400

Accres volumegroei

2.600

BTW compensatiefonds

-

-

-

-

-

Overige ontwikkelingen

-2.900

-400

-400

-400

-400

Totaal algemene mutaties meicirculaire 2023

1.500

9.300

16.000

17.200

37.700

*) het financieel effect is al verwerkt in het financieel meerjarenbeeld 2024-2027

Accres 2022 (extra prijsbijstelling) In 2022 is de inflatie na het uitkomen van het CEP 2022 aanzienlijk gestegen. Daarom heeft het kabinet bij Najaarsnota 2022 besloten om eenmalig een structurele prijsbijstelling over 2022 uit te keren. Deze extra prijsbijstelling is gebaseerd op het CEP 2023, waarbij gekeken is naar de inflatieontwikkeling over 2022. We ontvangen 2 miljoen euro vanaf 2023 en dit loopt in latere jaren af vanwege de lagere omvang (grondslag) waarover het accres is berekend. In ons financieel meerjarenbeeld hebben we al rekening gehouden met deze extra prijsbijstelling (o.b.v. de voorjaarsnota van het rijk). Accres 2023 en verder In het coalitieakkoord Rutte IV is besloten om het accres vanaf 2026 niet langer te koppelen aan de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Tot en met 2025 is het accres gesplitst in een vaststaand volumedeel en een loon- en prijsdeel dat per circulaire wordt geactualiseerd op basis van de laatste inzichten van het CPB over de loon- en prijsontwikkeling. In de meicirculaire van het lopend jaar wordt de loon- en prijstranche van het lopend jaar (2023) vastgezet. In ons financieel meerjarenbeeld hebben we op basis van de Voorjaarsnota van het rijk rekening gehouden met de accresontwikkeling. De accresontwikkeling in de meicirculaire 2023 sluit hierop aan zodat hieruit geen bijstelling volgt.

In de rijksvoorjaarsnota 2023 is besloten dat het gemeentefonds vanaf 2027 geïndexeerd wordt op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product. Uitgangspunt is dat het gemeentefonds meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bbp volgt.

3

Aanvullend accres Bij de Miljoenennota 2023 is aanvullend eenmalig 1 miljard euro beschikbaar gesteld voor 2026, vooruitlopend op de nieuwe financieringssystematiek. Dit bedrag komt nu vanaf 2027 structureel beschikbaar. We ontvangen 14,8 miljoen euro vanaf 2027. Hiermee is het probleem van het financieel ravijn vanaf 2026 echter nog niet opgelost doordat er nog steeds een korting vanaf 2026 op het gemeentefonds staat van ruim 3 miljard euro. Accres volumegroei De volumeontwikkeling van de fondsen wordt gebaseerd op een historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp. Voor 2027 is hiervoor een stelpost geraamd van 150 miljoen euro. Dit betekent voor ons een ontvangst van 2,4 miljoen euro (in ons financieel meerjarenbeeld is hiermee al rekening gehouden). Als we het volumeaccres voor 2027 berekenen o.b.v. een geactualiseerde uitkeringsbasis en de bbp-groei komen we tot een verwacht volumeaccres van 6,0 miljoen euro. Dit betekent dan een extra opbrengst van 3,6 miljoen euro. Rekening houdend met een buffer (-1,0 miljoen) voor een mogelijk lagere bbp-ontwikkeling is het voordeel 2,6 miljoen euro. NB: Omdat gemeentelijke kosten harder stijgen dan de nominale groei van het bbp en indexering o.b.v. het prijspeil bbp niet goed aansluit op de loon- en prijsontwikkeling van gemeenten is deze indexering voor gemeenten niet gunstig.

BTW compensatiefonds Met ingang van het begrotingsjaar 2019 is de wijze van verwerking van de ruimte onder het plafond van het BTW compensatiefonds (BCF) in de raming van de algemene uitkering in de circulaires gewijzigd. Deze raming bevat niet meer de ruimte onder het plafond BCF voor het jaar t+1 en verder. Voor het jaar t volgt een eerste raming van deze ruimte in de komende septembercirculaire. Het is aan de gemeenten zelf om een reële meerjarenraming op te nemen voor het BCF. Voor een goede raming van de ruimte onder het plafond BCF is inzicht nodig in de toekomstige ontwikkeling van de omvang van het BCF en vooral in de toekomstige declaraties. Om een niet onderbouwde (oplopende) raming van de ruimte onder het plafond BCF te voorkomen biedt de ruimte na de laatst bekende declaraties om die reden het meeste houvast als raming voor de komende jaren. Deze ruimte is in de meicirculaire 2023 gebaseerd op de onderuitputting 2022: 317,98 miljoen euro. Dit is bijna gelijk aan de verwachting bij de septembercirculaire 2022. Het ministerie van BZK heeft eerder in afstemming met de VNG en de provinciale toezichthouders een advies opgesteld over de wijze waarop de ruimte onder het plafond BCF door gemeenten kan worden opgenomen als verwachte bate.

Dit advies luidt: “Gezien de onzekerheid over de toekomstige ontwikkeling van de ruimte onder het plafond BCF, adviseren we om voorzichtigheid in acht te nemen door een raming op te nemen, die maximaal gebaseerd is op de meest recente, gerealiseerde ruimte onder het plafond BCF.” Voor de begroting 2024 is dit de realisatie 2022 zoals die in deze circulaire is opgenomen. Het college heeft in 2020 besloten om de onderuitputting van het BCF meerjarig te ramen. Gebaseerd op de onderuitputting 2022 is dit ongeveer 5,1 miljoen euro wat overeenkomst met hetgeen wij hebben geraamd. Er is dus geen bijstelling nodig. Overige ontwikkelingen De berekening van de algemene uitkering bestaat uit de vermenigvuldiging van het aantal eenheden van alle maatstaven met het bijbehorende gewicht per maatstaf (bedrag per eenheid). De som van deze producten, de zogenaamde uitkeringsbasis, wordt vervolgens vermenigvuldigd met de uitkeringsfactor. De uitkeringsfactor zorgt ervoor dat de beschikbare middelen in het gemeentefonds aansluiten met de verdeling op basis van de maatstaven. De hiervoor genoemde algemene ontwikkelingen zijn grotendeels al in ons financieel meerjarenbeeld 2024-2027 betrokken. De overige ontwikkelingen geven nog een aanpassing van dit financieel perspectief.

De inschatting van de maatstaven is geactualiseerd ten opzichte van de ramingen zoals die zijn opgenomen in de primitieve begroting 2022. Dit doen we op basis van actuele informatie vanuit onder andere het CBS, de waarderingskamer en de jaarrekening 2021. Doordat een deel van de IU Participatie en Voogdij 18+ overgegaan zijn naar de algemene uitkering ontvangen we nog seperaat Lpo-bijstelling. Deze budgetten worden vanaf 2023 al via de (reguliere) nominale compensatie waardevast gehouden zodat deze ontvangsten vrijvallen naar de algemene middelen. Daarnaast is de uitkeringsfactor in 2023 verlaagd met 5 punten door de ontwikkeling van de uitkeringsbasis/OZB (nadeel: 2,4 miljoen euro). Per saldo bedraagt de negatieve bijstelling 3,1 miljoen euro in 2023. De ontwikkeling van de uitkeringsbasis en uitkeringsfactor leidt in 2024 en volgende jaren tot een negatieve bijstelling van 0,4 miljoen euro per jaar. Dit nadeel moet nog wel worden verrekend met het financieel meerjarenbeeld 2024-2027.

4

Taakmutaties Aan het gemeentefonds kunnen afzonderlijke bedragen worden toegevoegd voor nieuwe taken en voor intensivering van bestaande taken. Dat leidt tot extra ontvangsten. Ook kunnen afzonderlijke bedragen worden uitgenomen voor het geheel of gedeeltelijk vervallen van bestaande taken. Dat zijn kortingen, die tot minder middelen leiden. Zowel de groei als de afname zijn in principe afweegbaar. Reguliere taakmutaties (bedragen x € 1.000) 1. Participatie Lpo-bijstelling 2023 2. Flankerend beleid energiearmoede 3. Aanpak armoede en schulden 4a. Jeugdzorg 4b. Jeugdzorg, Lpo bijstelling 5. Voogdij 18+ Lpo-bijstelling 2023 6. Compensatieregeling Voogdij/18+ 7. Werkdruk jeugdbescherming 8a. Integraal Zorgakkoord 8b. Eigen bijdrage huishoudelijke hulp 8c. Herinvoering eigen bijdrage Wmo 9. Voorschoolse educatie 10. Wet vaststelling verkiezingsuitslag 11. GDI voorzieningen 12. Handhaving energielabel kantoren 13. Goed verhuurderschap Totaal taakmutaties

Deelprogramma

2023

2024

2025

Algemene middelen Werk en inkomen College, raad en wijken Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Algemene middelen Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Onderwijs Dienstverlening Algemene middelen Algemene middelen Wonen

152 1.131 905

158

167

9.406 1.240 773

2.673 737 773

773 -455 -154

2026

2027

1.722 1.492 30 12 41 41 -104 4 4 216 216 2.539 11.850

1.722 1.722 1.492 1.492 -3.381 -3.381 12 12 12 41 41 41

4 216 7.837

-4 216 98

-4 216 98

1. Participatie Lpo-bijstelling 2023 Per 2023 is een deel van de integratie-uitkering Participatie overgeheveld naar de algemene uitkering Op basis van de huidige normeringssystematiek telt dit budget in 2023 nog niet mee in de grondslag van het accres voor de jaren 2023 tot en met 2025. Daarom wordt voor dit overgehevelde budget nog één keer loon- en prijsbijstelling toegekend. Voorstel: het deel van de IU Participatie dat is overgegaan naar de algemene uitkering wordt al betrokken bij de actualisatie van onze nominale compensatie. De bedragen vallen daarom vrij ten gunste van de algemene middelen. 2. Flankerend beleid energiearmoede Het kabinet stelt in totaal incidenteel 200 miljoen euro voor de jaren 2022 tot en met 2024 beschikbaar om een stapeling van sociale en maatschappelijke problemen als gevolg van de hoge inflatie te voorkomen. Van dit bedrag wordt 50 miljoen euro via het gemeentefonds aan gemeenten beschikbaar gesteld voor de verwachte extra inzet die nodig zal zijn op het gebied van vroegsignalering en om gemeenten tegemoet te komen in het verwachte extra beroep op bijzondere bijstand. We ontvangen 1,131 miljoen euro in 2023. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Werk en inkomen’. 3.

Dienstverlening aanpak armoede en schulden Voor de aanpak geldzorgen, armoede en schulden heeft het kabinet in 2023 in totaal 118 miljoen euro beschikbaar gesteld. Hiervan wordt 40 miljoen euro via het gemeentefonds beschikbaar gesteld als investering in betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden. Gemeenten kunnen deze middelen inzetten om aan de slag te gaan met de prioriteiten van de aanpak geldzorgen, armoede en schulden, zoals het verdubbelen van het gebruik van de schuldhulpverlening en het tegengaan van kinderarmoede. We ontvangen 905 duizend euro in 2023. Voorstel: In de begroting 2023 is bij dekkingsbron 5 ‘Rijksmiddelen reintegratie’ rekening gehouden met een ontvangst van 1,120 miljoen euro. De ontvangst wordt hiermee verrekend op het deelprogramma ‘College, raad, wijkontwikkeling en -vernieuwing’.

5

4a. Jeugdzorg Gemeenten en rijk hebben een principeakkoord bereikt over het financiële kader voor de Hervormingsagenda Jeugd. De middelen die beschikbaar worden gesteld zijn onder voorbehoud van de omzetting van het principeakkoord in een definitief akkoord op het geheel van de Hervormingsagenda. In onderstaande tabel is de meerjarige finaniële reeks van de Commissie van Wijzen weergegeven: (bedragen x €1.000) Financiële reeks conform - Commissie van Wijzen Aanvullende bezuinigingen Jeugd – volgens Startnota Principeakkoord Inzet middelen op begroting van VWS Aangepaste financiële reeks CvW

2024 1.365 -100 1.265 189 -91 1.363

2025 1.258 -500 758 196 -95 859

2026 867 -500 367

2027ev 811 -511 300

367

300

De meicirculaire stelt 1,363 miljoen euro in 2024 en 859 duizend euro in 2025 beschikbaar. Dit is voor ons 20,7 miljoen euro in 2024 en 13,0 miljoen euro in 2025. Er is al voor 11,3 miljoen euro rekening gehouden met de ontvangst van deze middelen in 2024. Voor 2025 was al rekening gehouden met 10,3 miljoen euro. Per saldo ontvangen we 9,4 miljoen euro in 2024 en 2,7 miljoen euro in 2025. Per brief (18 april 2023) is door de staatssecretaris van VWS ingegaan op het Principeakkoord jeugd. Het ingroeipad van de besparingen is verzacht voor de jaren 2024 en 2025 en de besparing van 100 miljoen euro in 2024 is vervallen. Ook is aangegeven dat er meer tijd nodig is voor de invulling van de aanvullende bezuinigingen vanaf 2025. De mogelijke invulling hiervan is namelijk afhankelijk van de inhoud van de Hervormingsagenda jeugd. Dan kan in kaart worden gebracht hoe de besparing kan worden gerealiseerd. De invulling van de besparing van 500 miljoen euro vanaf 2025 (511 miljoen euro vanaf 2027) is voor rekening en risico van het rijk. De middelen vanaf 2026 staan gereserveerd op een aanvullende post in de rijksbegroting. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 4b. Jeugdzorg De middelen van Jeugdzorg staan bij het rijk op een aanvullende post. Ook deze gereserveerde middelen worden gecompenseerd voor loon- en prijsontwikkeling.

Het deel daarvan wat betrekking heeft op de bij Voorjaarsnota 2023 vrijgegeven middelen wordt nu toegevoegd aan de algemene uitkering. Wij ontvangen 1,24 miljoen euro in 2023 en 737 duizend euro in 2025. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 5. Voogdij 18+ Lpo-bijstelling 2023 Per 2023 is een deel van de integratie-uitkering Voogdij 18+ overgeheveld naar de algemene uitkering. Op basis van de huidige normeringssystematiek telt dit budget in 2023 nog niet mee in de grondslag van het accres voor de jaren 2023 tot en met 2025. Daarom wordt voor dit overgehevelde budget nog één keer loon- en prijsbijstelling toegekend. Voorstel: het deel van de IU Participatie dat is overgegaan naar de algemene uitkering wordt al betrokken bij de actualisatie van onze nominale compensatie. De bedragen vallen daarom vrij ten gunste van de algemene middelen. 6. Compensatieregeling Voogdij 18+ De inventarisatie van de compensatieregeling ‘Onderbreking financieringssystematiek voogdij en 18+’ over 2020 en 2021 kon, zoals vermeld in de decembercirculaire 2022, niet tijdig worden afgerond. Het gereserveerde budget voor 2022 van 30 miljoen euro is toen vrijgevallen. Daarbij is toen aangegeven dat in de meicirculaire 2023 de verrekening van de bedragen voor de compensatieregeling met de algemene uitkering zal plaatsvinden.

Gelet op de hoogte van de goedgekeurde aanvragen en dat er twee jaren in één keer worden afgehandeld, is het bedrag verhoogd naar 59,5 miljoen euro. Daartoe wordt nu 29,5 miljoen euro overgeboekt van de algemene uitkering naar de integratie-uitkering. Voor ons betekent dit een uitname van 455 duizend euro in 2023. Voorstel: de uitname wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’.

6

7. Werkdrukverlaging jeugdbescherming Gezien de acute situatie - met de hoge werkdruk en wachtlijsten - in de jeugdbescherming is er op verzoek van het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) en in overleg met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) besloten om voor het jaar 2023, eenmalig, 10 miljoen euro aan het gemeentefonds te onttrekken voor de daling van de werkdruk. De middelen worden overgeheveld naar de begroting van het ministerie van JenV en daar toegevoegd aan het budget voor de subsidieregeling verlagen werkdruk gecertificeerde instellingen voor jeugdbescherming en -reclassering. Ons aandeel in de uitname over 2023 bedraagt 154 duizend euro. Voorstel: de uitname wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 8a. Integraal zorgakkoord Het kabinet stelt structureel extra middelen (110 miljoen euro) beschikbaar aan gemeenten samenhangend met het Integraal Zorgakkoord, ter compensatie van gemeenten voor gestegen kosten als gevolg van de invoering van het abonnementstarief Wmo. Wij ontvangen 1,722 miljoen euro vanaf 2025. 8b/c. Eigen bijdrage Wmo Het abonnementstarief in de Wmo 2015 wordt afgeschaft (geraamde opbrengst 95 miljoen euro vanaf 2025) en in plaats daarvan wordt de inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo 2015 heringevoerd (geraamde opbrengst 225 miljoen euro vanaf 2026).

Daarbij is het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt aangesloten bij de vormgeving zoals die voorheen was met oog voor inkomenseffecten en het beroep dat wordt gedaan op de Wmo. Anders dan beoogd in het Coalitieakkoord verdwijnt het abonnementstarief niet alleen voor de huishoudelijke hulp, maar voor alle Wmovoorzieningen waarop het abonnementstarief nu van toepassing is. Hiervoor wordt een wetsvoorstel voorbereid. Het huidige wetsvoorstel voor invoering van de passende eigen bijdrage huishoudelijke hulp (waarvan de inwerkingtreding per 2025 werd voorzien) wordt ingetrokken. Ons aandeel in de korting (die bij dat wetsvoorstel hoorde) van 95 miljoen euro bedraagt 1,492 miljoen euro vanaf 2025 (en wordt nu teruggedraaid). Ons aandeel in de nieuwe korting in verband met de invoering inkomensafhankelijke eigen bijdrage bedraagt 3,381 miljoen euro vanaf 2026. We lopen een risico dat we de korting mogelijk niet kunnen realiseren door onze zwakkere sociale structuur. Ook is door de herijking gemeentefonds ons aandeel in het cluster Wmo vanaf 2023 groter dan in het oude verdeelmodel. Hierdoor is ons aandeel in de korting groter dan wat eerder (voor 2023) in het gemeentefonds is ontvangen aan Wmo-middelen. Voorstel: de mutaties wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 9.

Voorschoolse educatie Voor het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid ontvangen gemeenten geld via een specifieke uitkering. De vooren vroegschoolse educatie (vve) maakt hier deel van uit. Daarnaast ontvangen gemeenten via de algemene uitkering een aanvullende bijdrage vanwege het (eerstelijns) toezicht dat de GGD’en houden. Gemeenten hebben vanaf 2020 in stappen extra middelen ontvangen voor het (eerstelijns) toezicht vanwege het extra toezicht en handhaving als gevolg van deze intensivering. De extra bijdragen voor 2020 en 2021 zijn reeds toegevoegd aan het gemeentefonds in 2020. Het was op dat moment nog niet helder op welke manier de middelen vanaf 2022 beschikbaar zouden worden gesteld. In deze circulaire is 1,0 miljoen euro voor 2022 en 0,9 miljoen euro voor 2023 aan het gemeentefonds toegevoegd. Het bedrag vanaf 2023 is structureel aangezien alle nieuwe maatregelen zijn ingevoerd. We ontvangen 30 duizend euro in 2023 en 12 duizend euro vanaf 2024. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Onderwijs’. 10. Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslag Op 1 januari 2023 is de Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslagen in werking getreden. Vanaf dat jaar is er structureel 3,3 miljoen euro beschikbaar voor de financiële gevolgen die de uitvoering van deze wet met zich meebrengt voor gemeenten.

Dit houdt in dat er geen koppeling is met het daadwerkelijk plaatsvinden van verkiezingen in een gegeven jaar. Het bedrag is op basis van de maatstaven in het uitgavencluster bestuursorganen en bevolkingszaken verdeeld over de gemeenten. We ontvangen 41 duizend euro vanaf 2023. Voorstel: de uitname wordt verrekend met het deelprogramma ‘Dienstverlening’.

7

11. GDI voorzieningen De financiering van de generieke digitale infrastructuur (GDI) wordt vanaf het begrotingsjaar 2023 centraal ondergebracht bij het ministerie van BZK, het gaat hierbij om een uitname van circa 29,5 miljoen euro. Een centrale financiering draagt bij aan de gewenste bredere deelname en een hoger gebruik van de GDI. Ons aandeel in de uitname van 29,5 miljoen euro bedraagt 104 duizend euro. Voorstel: Conform voorgaande jaren wordt de uitname verrekend met de algemene middelen. 12. Handhaving energielabel C kantoren In het Bouwbesluit is vastgelegd dat per 1 januari 2023 een kantoor energielabel C of beter moet hebben om nog als kantoor gebruikt te mogen worden. De gemeente is het bevoegde gezag en handhaaft de wetgeving. Via de algemene uitkering ontvangen gemeenten compensatie voor de handhavingslasten voor de periode 2021 tot en met 2029. De VNG en het ministerie van BZK vinden dat toezicht en handhaving van deze maatregel voortvarend moet worden opgepakt. Zo wordt een duidelijk signaal afgegeven dat normerende maatregelen opgevolgd dienen te worden. De spreiding van het budget voor toezicht en handhaving over een lange periode, zoals oorspronkelijk gepland, is ongewenst. Daarom worden middelen naar voren gehaald, zodat het zwaartepunt van de financiering ligt in de jaren 2023 tot en met 2025. Voorstel: de mutaties in 2023 t/m 2028 zijn per saldo neutraal.

Ook zijn de jaarlijkse mutaties kleiner dan 15 duizend euro zodat we voorstellen deze mutaties met de algemene middelen te verrekenen. 13. Wet goed Verhuurderschap In het Coalitieakkoord is afgesproken dat gemeenten meer mogelijkheden krijgen om malafide verhuurderschap en discriminatie op de huurmarkt gerichter aan te pakken. Deze afspraken worden uitgevoerd in de vorm van het wetsvoorstel goed Verhuurderschap. Het wetsvoorstel zal naar verwachting in juli 2023 in werking treden. Het wetsvoorstel introduceert een landelijke basisnorm voor goed verhuurderschap, in de vorm van algemene regels, waaraan verhuurders en verhuurbemiddelaars zich dienen te houden. Het rijk stelt middelen ter beschikking om gemeenten financieel te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van het wetsvoorstel. Deze middelen zijn beschikbaar gesteld in de Miljoenennota 2023, de verdeling van de middelen is nu bekend. De financiering bestaat uit een incidentele bijdrage van 9,2 miljoen euro voor de eenmalige kosten die gemeenten maken als gevolg van de invoering van de landelijke regels en het instellen van het meldpunt. Daarnaast bestaat de financiering uit een structurele bijdrage van 12,4 miljoen euro voor de structurele kosten als gevolg van de handhaving van de landelijke algemene regels en het meldpunt.

De structurele middelen van 12,404 miljoen euro worden via de algemene uitkering op basis van de vaste verdeelsystematiek verdeeld. Wij ontvangen hiervan structureel 216 duizend euro. De incidentele middelen (9,188 miljoen euro) worden via een decentralisatie-uitkering uitgekeerd. Voorstel: de ontvangst vanaf 2023 wordt verrekend met deelprogramma ‘Wonen’.

8

Integratie- en decentralisatie-uitkeringen Integratie- en decentralisatie uitkeringen (IU’s en DU’s) zijn geldstromen binnen het gemeentefonds, die niet via de normale verdeelmaatstaven worden verdeeld. Ze hebben een aparte verdeling en soms een eigen groei. Het geld is onderdeel van het gemeentefonds en is daarmee vrij besteedbaar. Het rijk doet in veel gevallen wel onderzoek naar de effecten van de toegekende middelen maar kan het geld niet terugvorderen. Het anders inzetten van de middelen dan door het rijk gewenst zou negatieve consequenties kunnen hebben voor eventuele toekenningen in de toekomst. De uitkeringen worden verantwoord op programma 4 Dienstverlening en bestuur en kunnen worden doorgegeven aan desbetreffende inhoudelijke deelprogramma’s waarop de betreffende taken worden uitgevoerd. De meicirculaire 2023 leidt tot de volgende mutaties: Mutaties in IU’s, DU’s en SU’s (bedragen x € 1.000) 14. Goed verhuurderschap 15. Einde lening inburgeringsplicht 16. Taal voor ontheemden Oekraïne 17. Begeleiding jongeren naar werk 18. Leerlingenvervoer Oekraïne 19. Bodembescherming 20. Nationaal Actieplan dakloosheid 21. Voogdij 18+ bijzondere functies 22. Maatschappelijke begeleiding 23. Participatie – lpo bijstelling 24. Beschermd wonen – lpo bijstelling 25. Maatschappelijke opvang Maatschappelijke opvang (2022) 26. Armoedebestrijding kinderen 27.

Kinderen in een AZC Kinderen in een AZC (2022) 28. Voorschoolse voorziening peuters 29. Vrouwenopvang Totaal mutaties IU’s, DU’s en SU’s

Deelprogramma

2023

Wonen Werk en inkomen Onderwijs Werk en inkomen Onderwijs Kwaliteit leefomgeving Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Werk en inkomen Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Werk en inkomen Welzijn, gezondheid en zorg Welzijn, gezondheid en zorg Onderwijs Welzijn, gezondheid en zorg

178 24 179 299 257 411 2.505 -1.430 223 2.201 4.964 -87 -65 20 20 -35 20 9.684

2024

2025

2026

2027

-1.430

-1.430

-1.430

-1.430

2.180 4.966 -87

2.048 4.967 -87

1.933 4.969 -87

1.892 4.969 -87

-31 20

-31 20

-31 20

-31 20

-35 20 5.603

-35 20 5.472

-35 19 5.358

-35 19 5.317

14. Wet goed verhuurderschap In het Coalitieakkoord is afgesproken dat gemeenten meer mogelijkheden krijgen om malafide verhuurderschap en discriminatie op de huurmarkt gerichter aan te pakken. Naast structurele middelen (zie mutatie 13), die via de algemene uitkering worden verdeeld, ontvangen gemeenten een bijdrage van 9,188 miljoen voor eenmalige kosten. We ontvangen 178 duizend euro in 2023. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Wonen’. 15. Einde lening inburgeringsplicht (ELIP) Tussen het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en de VNG zijn afspraken gemaakt over het ondersteunen van de zogenaamde Einde lening inburgeringsplicht (ELIPs). Dit zijn inburgeraars die hun lening voor de inburgering (vrijwel) volledig hebben uitgeput, maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn. De afspraken zijn vanaf 1 januari 2023 geformaliseerd in regelgeving. In het besluit Inburgering is nu opgenomen dat gemeenten inburgeraars die onder de ELIP definitie gerekend worden, hulp en begeleiding kunnen aanbieden. Gemeenten gaan zelf over de wijze van invulling van de begeleiding. Via een decentralisatie-uitkering worden hiertoe middelen aan gemeenten beschikbaar gesteld voor begeleiding en het in een beperkt aantal gevallen financieel ondersteunen van ELIPs bij het betalen van extra cursusuren of examengelden.

In 2023 is afgerond 1,6 miljoen euro beschikbaar. Voor 2024 – 2026 is in totaal afgerond nog 1,2 miljoen euro beschikbaar. De jaarlijkse tranches zullen telkens bij de meicirculaire worden verdeeld. We ontvangen 24 duizend euro in 2024. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Werk en inkomen’.

9

16. Taal voor ontheemden uit Oekraïne Ontheemden uit Oekraïne hebben nu beperkte mogelijkheden om de Nederlandse taal op vrijwillige basis te leren. Om een hogere arbeidsparticipatie te stimuleren, het mogelijk te maken voor Oekraïners om werk te doen dat past bij hun vaardigheden en opleiding en om deel te kunnen nemen aan de Nederlandse maatschappij, is het leren van de Nederlandse taal essentieel. Deze middelen (15 miljoen euro) hebben tot doel het gemeentelijke aanbod van taalonderwijs aan volwassen Oekraïense ontheemden te stimuleren. Dit kunnen ontheemden zijn die daar behoefte aan hebben, die dat nodig hebben om werk te vinden of die werk willen vinden dat beter past bij hun vaardigheden, werkervaring en onderwijsachtergrond. We ontvangen 179 duizend euro in 2023. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Onderwijs’. 17. Begeleiding jongeren naar werk Met de Aanpak Jeugdwerkloosheid zetten gemeenten, scholen en hun partners zich in om kwetsbare jongeren te ondersteunen naar vervolgonderwijs of werk. Hiervoor waren in het kader van het corona steun- en herstelpakket en het Nationaal Programma Onderwijs tot en met 2022 extra financiële middelen beschikbaar. De jongeren op wie de Aanpak Jeugdwerkloosheid zich primair richt hebben echter een structurele achterstand op de arbeidsmarkt.

Het kabinet heeft derhalve besloten de tijdelijke maatregelen om te zetten in structurele wet- en regelgeving. Totdat het wetsvoorstel in werking is getreden, krijgen gemeenten voor het ondersteunen van kwetsbare jongeren naar werk en het coördineren van de aanpak in de arbeidsmarktregio op dezelfde wijze als afgelopen jaren middelen verstrekt via een decentralisatieuitkering uit het gemeentefonds, onderverdeeld in drie categorieën: Coördinatie van regionale aanpak jeugdwerkloosheid (2,52 miljoen euro) De centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s ontvangen middelen voor het coördineren van de aanpak in de regio. Hierbij kunnen centrumgemeenten partners betrekken, zoals regiogemeenten, (contact)scholen, Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC), Uitvoeringsinsituut Werknemersverzekeringen (UWV), het regionale mobiliteitsteam, het regionale werkgeversservicepunt. De beschikbare middelen zijn gelijk verdeeld over de centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s. Elke centrumgemeente ontvangt voor dit onderdeel 72 duizend euro. Ondersteunen naar werk van kwetsbare aankomend mbo-gediplomeerden (2,3 miljoen euro) Daarnaast ontvangen centrumgemeenten middelen voor het ondersteunen naar werk van aankomend mbogediplomeerden die naar verwachting een moeilijke start zullen hebben op de arbeidsmarkt.

Aangezien mbo-studenten uit de beroepsopleidende leerweg niveau 2 en mbo-studenten met een niet-westerse migratieachtergrond het meest kwetsbaar zijn, is 80 procent van de verdeling van deze middelen over de centrumgemeenten op deze maatstaven gebaseerd. De overige 20 procent van de middelen verdeeld op basis van op het totale aantal mbo-studenten dat in de arbeidsmarktregio woont. Ondersteunen naar werk van voortijdig schoolverlaters (3,1 miljoen euro) Ook ontvangen centrumgemeenten middelen voor het ondersteunen naar werk van voortijdig schoolverlaters. Het gaat om jongeren zonder startkwalificatie tot 23 jaar van wie het RMC heeft vastgesteld dat terugkeer naar het initieel onderwijs geen optie meer is. Voorstel: We ontvangen deze middelen in onze hoedanigheid van centrumgemeente. De ontvangst van 299 duizend euro wordt verrekend met het deelprogramma ‘Werk en inkomen’. 18. Leerlingenvervoer Oekraïne Eind januari 2023 zijn er meer dan 88.000 vluchtelingen uit Oekraïne naar Nederland gekomen en ingeschreven in de basisregistratie personen (BRP), onder wie circa 18.000 kinderen en jongeren. Scholen en gemeenten spannen zich in om deze leerlingen onderwijs te bieden. Hier hoort in sommige gevallen ook het vervoer naar de school bij. Gemeenten hebben de regie en verantwoordelijkheid voor het leerlingenvervoer aan Oekraïense leerlingen.

De decentralisatie-uitkering Leerlingenvervoer Oekraïense leerlingen is een tegemoetkoming aan gemeenten voor de kosten die zij hiervoor hebben gemaakt, en maken. De decentralisatie-uitkering ziet toe op de periode van januari 2023 tot en met 31 juli 2023. De bedragen, in totaal 21,4 miljoen euro, die worden toegekend aan een gemeente zijn gebaseerd op het aantal geregistreerde kinderen uit Oekraïne, met peildatum 23 januari 2023. We ontvangen 257 duizend euro. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Onderwijs’.

10

19. Bodembescherming Voor apparaatskosten bodembescherming wordt de decentralisatie-uitkering van 2022 voor gemeenten gecontinueerd met 8,6 miljoen euro. Dit maakt onderdeel uit van de bestuurlijke afspraken bodem en ondergrond 2023 tot en met 2030, die eind 2022 zijn gemaakt tussen het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), het Interprovinciaal Overleg (IPO), de VNG en de Unie van Waterschappen (UvW). Het betreft een tegemoetkoming in de kosten van het ambtelijk apparaat dat zorgdraagt voor het uitvoeren van de taken die de Wet bodembescherming toekent aan bevoegde gezagen (gemeenten en provincies). We ontvangen 411 duizend euro. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Kwaliteit leefomgeving’. 20. Nationaal Actieplan Dakloosheid In 2023 wordt 55 miljoen euro naar het gemeentefonds overgeheveld en verstrekt aan de centrumgemeenten maatschappelijke opvang/beschermd wonen via de decentralisatie-uitkering Nationaal Actieplan Dakloosheid. Voor de verdeling over de centrumgemeenten wordt het objectieve verdeelmodel van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke Opvang (DUMO) gehanteerd. We ontvangen 2,505 miljoen euro. Voorstel: we ontvangen deze middelen in onze hoedanigheid van centrumgemeente, de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 21.

Voogdij 18+ bijzondere functies Per 2023 is het budget voor Voogdij/18+ vanuit de gelijknamige integratie-uitkering overgeheveld naar de algemene uitkering van het gemeentefonds. De bedragen voor ‘PC Gesloten jeugdzorg’ en ‘Academische component Kinder- en Jeugdpsychiatrie’ bleven vooralsnog achter in de integratie-uitkering. Vanaf 2023 was dit niet meer mogelijk, omdat het binnen het gemeentefonds niet meer is toegestaan om afspraken te maken over de specifieke besteding van middelen die via een decentralisatie-uitkering, integratie-uitkering of de algemene uitkering worden toebedeeld. Besloten is om deze twee onderwerpen landelijke functies in het vervolg te financieren via een specifieke uitkering. De bijbehorende middelen (structureel 5,4 miljoen euro) worden daarom overgeheveld naar de begroting van het ministerie van VWS. De uitname bedraagt 1,43 miljoen euro vanaf 2023. Voorstel: de uitname wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 22. Maatschappelijke begeleiding Conform de Wet inburgering 2013 voorziet het college in de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden. Gemeenten ontvangen in 2023 hiervoor 12,9 miljoen euro. We ontvangen 223 duizend euro. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 23.

Loon- en prijsbijstelling 2023 Participatie De omvang van de integratie-uitkering Participatie wijzigt als gevolg van de toekenning van de loon- en prijsbijstelling 2023, aflopend van 115 miljoen euro in 2023 naar 96 miljoen euro in 2028. Dit bedrag is inclusief de extra prijsbijstelling die door het kabinet toegekend is voor 2022. Wij ontvangen 2,2 miljoen euro in 2023 aflopend tot 1,9 miljoen euro in 2028. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Werk en inkomen’. 24. Loon- en prijsbijstelling 2023 Beschermd Wonen De omvang van de integratie-uitkering Beschermd wonen wijzigt als gevolg van de toekenning van de loon- en prijsbijstelling 2023 (108,6 miljoen euro vanaf 2023). Dit bedrag is inclusief de extra prijsbijstelling die door het kabinet toegekend is voor 2022. We ontvangen 5,0 miljoen euro vanaf 2023. NB: de informatie over de volumebijsteling ontbreekt op dit moment en volgt in een latere circulaire. Voorstel: We ontvangen deze middelen in onze hoedanigheid van centrumgemeente. De ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’.

11

25. Maatschappelijke opvang De omvang van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang wijzigt niet. Met betrekking tot de verdeling is gebleken dat voor 2020 en 2021, één van de onderliggende basisgegevens van de maatstaf uitkeringsontvangers met drempel nog op status voorlopig stond. Door verwerking van de definitieve gegevens heeft de verdeling over de centrumgemeenten geringe wijzigingen ondergaan. De uitname voor 2020 t/m 2022 bedraagt 65 duizend euro (en wordt verrekend in de jaarschijf 2023). Vanaf 2023 wordt de jaarlijkse ontvangst verlaagd met 87 duizend euro. Voorstel: We ontvangen deze middelen in onze hoedanigheid van centrumgemeente. De uitname wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 26. Armoedebestrijding kinderen In de decembercirculaire 2016 zijn gemeenten geïnformeerd over de 85 miljoen euro die vanaf 2017 structureel beschikbaar is gesteld voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen. Jaarlijks vindt in de meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling voor het jaar t+1 en verder. De middelen worden verdeeld op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede. We ontvangen 31 duizend euro minder vanaf 2024. Voorstel: de ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Werk en inkomen’. 27.

Kinderen in een AZC In de septembercirculaire 2018 zijn gemeenten geïnformeerd dat zij vanaf 2019 volledig verantwoordelijk worden voor de organisatie en financiering van jeugdhulp, inclusief de jeugd-ggz, aan kinderen in een AZC. Hiervoor is structureel 5,1 miljoen euro beschikbaar. De definitieve verdeling voor 2022 is bekend. Deze verdeling is gebaseerd op de cijfers van januari 2022 tot en met december 2022. Deze bedragen zijn voorlopig ook voor 2023 en verder gehanteerd. We ontvangen vanaf 2023 jaarlijks 20 duizend euro meer dan we hebben geraamd (de ontvangst voor 2022 wordt met 2023 verrekend). Voorstel: de ontvangt wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’. 28. Voorschoolse voorzieningen peuters De decentrale uitkering voorschoolse voorzieningen peuters heeft als doel dat alle peuters, zonder recht op kinderopvangtoeslag of voorschoolse educatie, naar een voorschoolse voorziening kunnen gaan. De decentrale uitkering voorschoolse voorzieningen is voor 2023 geactualiseerd met de voluminastanden van uitkeringsjaar 2022. We ontvangen vanaf 2022 jaarlijks 35 duizend euro minder dan we hebben geraamd. Voorstel: de uitname wordt verrekend met deelprogramma ‘Onderwijs’. 29. Vrouwenopvang De verwachting is dat de invoering van de Wet Seksuele Misdrijven tot een verhoogde instroom bij de Centra voor Seksueel Geweld (CSG) leidt.

Gemeenten zullen vanaf de datum van inwerkingtreding van deze wet, naar verwachting in 2024, hiervoor gecompenseerd worden via de decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang. Verdeling van de extra middelen vindt plaats via het objectieve verdeelmodel van deze decentralisatie-uitkering. We ontvangen 20 duizend euro in 2023 t/m 2025 en in 2026 en volgende jaren 19 duizend euro. Voorstel: We ontvangen deze middelen in onze hoedanigheid van centrumgemeente. De ontvangst wordt verrekend met het deelprogramma ‘Welzijn, gezondheid en zorg’.

12

Voorgaande ontwikkelingen leiden tot de volgende begrotingswijzigingen in 2023: Format begrotingswijziging 2023 Programma

Deelprogramma

Beleidsveld

01 Economie en Ruimte

01.3 Wonen

01.3.1 Stimuleren/reguleren woningmrk

394

02 Leefomgeving en Veiligheid

02.1 Kwaliteit van de leefomgeving

02.1.3 Leefkwaliteit

411

-411

03 Vitaal en Sociaal

03.1 Werk en inkomen

03.1.1 Werk en activering

2.747

-2.747

03 Vitaal en Sociaal

03.1 Werk en inkomen

03.1.2 Inkomensondersteuning en schul

1.131

-1.131

03 Vitaal en Sociaal

03.2 Onderwijs

03.2.1 Onderwijskansen en onderwijsh.

174

-174

03 Vitaal en Sociaal

03.2 Onderwijs

03.2.2 Voorkomen schooluitval

257

-257

03 Vitaal en Sociaal

03.3 Welzijn, gezondheid en zorg

03.3.3 Passende ondersteuning

2.965

-2.965

03 Vitaal en Sociaal

03.3 Welzijn, gezondheid en zorg

03.3.4 Zorg en veiligheid

2.373

-2.373

04 Dienstverlening en bestuur

04.1 Dienstverlening

04.1.1 Dienstverlening

41

04 Dienstverlening en bestuur

04.2 College, raad, wijkontwikkeling en wijkvernieuwing

04.2.1 College, gemeenteraad en griff

04 Dienstverlening en bestuur

04.3 Algemene inkomsten en post onvoorzien

04.3.1 Algemene Inkomsten

Totaal

Lasten

Baten

Saldo -394

-41

-4.075

-905

3.170

-

7.323

7.323

6.418

6.418

-

Overige ontwikkelingen Energietoelage 2023 Voor 2023 is besloten om in 2023 nogmaals 1300 euro aan de mensen met een laag inkomen uit te keren om hen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, heeft het kabinet gemeenten de mogelijkheid gegeven om 500 miljoen euro hiervan al in 2022 uit te keren. De resterende 900 miljoen euro zal niet, zoals oorspronkelijk voorgenomen, via de algemene uitkering worden verdeeld, maar via een decentralisatie-uitkering vanwege een gewijzigde verdeelsleutel waarbij bij Voorjaarsnota 2023 een bedrag van 25 miljoen euro is overgeboekt naar de begroting van het ministerie van SZW als vangnet voor gemeenten waar het bedrag uit de verdeelsleutel voor 2023 achteraf ontoereikend blijkt. De verdeling van de resterende 875 miljoen euro wordt bekend gemaakt in de septembercirculaire, aannemende dat dan de juridische grondslag voor de uitkering is geregeld. Beschermd Wonen In de meicirculaire 2022 is reeds aangekondigd dat de invoering van het woonplaatsbeginsel en het nieuwe objectieve verdeelmodel beschermd wonen (BW), eerder voorzien voor 1 januari 2024, is uitgesteld. De nieuwe streefdatum voor invoering is nu 1 januari 2025. Meer informatie hierover volgt in een latere circulaire. Overige consequenties

N.v.t. Vervolg

N.v.t. Lange Termijn Agenda

Behandeling gelijktijdig met de Voorjaarsbrief in de raadsvergadering van 19 juli 2023.

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Groningen,

burgemeester, Koen Schuiling

secretaris, Christien Bronda

Dit raadsvoorstel is elektronisch aangemaakt en daarom niet ondertekend.

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4689/documents/76083