CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

M 23 VERWORPEN Rechtvaardige OZB voor sportaccommodaties - D66, PvhN, S&S

gemeenteraad 1 juli 2026, gemeente GroningenBij agendapunt: -: M 23 Rechtvaardige OZB voor sportaccommodaties - D66, PvhN, S&S347 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Motie 23: rechtvaardige OZB voor sportaccommodaties De gemeenteraad van Groningen, in vergadering bijeen op 1 juli 2026, besprekende het voorjaarsdebat 2026;

Constaterende dat: ●

●

●

artikel 220f, tweede lid, van de Gemeentewet gemeenten de ruimte biedt om voor sportaccommodaties het lagere OZB-tarief voor woningen toe te passen in plaats van het hogere tarief voor niet-woningen; uit het in opdracht van BZK uitgevoerde onderzoek volgt dat gemeenten op grond van de wettekst wel onderscheid mogen maken tussen de hoofdgroepen sportaccommodaties, dorpshuizen, SBBI’s en ANBI’s, maar niet binnen de hoofdgroep sportaccommodaties nog aparte subgroepen kunnen maken; gemeenten als Leeuwarden, Westland en Medemblik al regelingen kennen om de OZB-last voor sportaccommodaties of sportclubs te verlagen of te compenseren;

Overwegende dat: ● ● ●

sportaccommodaties in Groningen worden gebruikt door een brede waaier aan sportaanbieders, waaronder verenigingen, stichtingen en ondernemende sportaanbieders; al deze sportaanbieders belangrijke maatschappelijke waarde toevoegen voor gezondheid, ontmoeting, talentontwikkeling, leefbaarheid en toegankelijk sporten en bewegen; het daarom wenselijk is te onderzoeken of en op welke wijze, Groningen gebruik kan maken van de wettelijke ruimte om de OZB-lasten op sportaccommodaties te verlagen;

Verzoekt het college: 1. in kaart te brengen of en op welke juridisch houdbare en uitvoerbare wijze de gemeente Groningen voor sportaccommodaties gebruik kan maken van artikel 220f, tweede lid, van de Gemeentewet, zodat alle sportaanbieders die eigenaar of bezitter zijn van een sportaccommodatie kunnen profiteren van het lagere OZB-tarief voor woningen; 2. daarbij expliciet te onderzoeken: ○ welke wettelijke ruimte en afbakening de Gemeentewet hiervoor biedt; ○ welke uitvoeringsmogelijkheden de gemeente heeft; ○ welke financiële effecten dit heeft voor zowel de betrokken sportaanbieders als de gemeentebegroting; 3. indien rechtstreekse toepassing van het woningentarief juridisch of praktisch niet mogelijk blijkt, een alternatief uit te werken waarmee voor sportaccommodaties een vergelijkbare lastenverlichting kan worden bereikt; 4. de raad hierover uiterlijk in het eerste kwartaal van 2027 een uitgewerkt voorstel voor te leggen, zodat de raad hierover het gesprek kan voeren en een besluit kan nemen. En gaat over tot de orde van de dag D66

PvhN

S&S

Jim Lo-A-Njoe

Leendert van der Laan

Chris van Campen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/5423/documents/94226