Initiatiefvoorstel burgerschap in de wijk versie 2.0 (CU, CDA, D66, 15-11-2023).pdf
Tekst van het document
Initiatiefvoorstel Burgerschapsonderwijs in de wijk Verbinding van school en wijk
Afbeelding: VO-raad
Aan:
de leden van de gemeenteraad Groningen
Betreft:
initiatiefvoorstel Burgerschapsonderwijs in de wijk: verbinding van school en wijk.
Datum:
14 juli 2023
Geachte leden van de gemeenteraad van Groningen, Hierbij doen wij u ons initiatiefvoorstel ‘Burgerschapsonderwijs in de wijk’ toekomen, waarmee we als doel hebben verbinding te maken tussen school en buurt of wijk. Wij vragen het college om pre-advies op ons voorstel. Met vriendelijke groet, Namens de fractie van de
ChristenUnie Peter Rebergen
Inleiding Door middel van dit initiatiefvoorstel willen wij bereiken dat de gemeente het burgerschapsonderwijs op de scholen voor zowel primair- als voorgezet onderwijs faciliteert. Het is nadrukkelijk niet de bedoeling dat de gemeente zich met de inhoud van het onderwijs gaat bemoeien, daar gaat de school over. En er gebeurt ook al heel veel op de scholen aan burgerschapsonderwijs. Dat hebben we ook gehoord toen we met het onderwijs in gesprek waren over dit voorstel. Op veel scholen is er een visie op burgerschapsonderwijs gemaakt en is er een goed onderwijsaanbod op school. Door middel van dit voorstel willen we voor het onderwijs in beeld brengen met welke activiteiten buiten de school het burgerschapsonderwijs nog verrijkt kan worden. De scholen kunnen vervolgens zelf kijken of en in welke mate zij van deze activiteiten gebruik maken. Door inzichtelijk te maken wat de mogelijkheden in de wijk rondom de scholen zijn, zijn scholen beter in staat daar eventueel gebruik van te maken. Ook zou het bijvoorbeeld kunnen gaan om gastlessen vanuit organisaties in de wijk. Het kan daarbij gaan om alle veelsoortige organisaties die in de wijk aanwezig zijn, zoals verpleeghuizen, kerken, verenigingen, synagogen, moskeeën, gemeentehuis of het WIJ-team. Daarnaast is een school onderdeel van de wijk. Door verschillende scholen wordt daar ook invulling aan gegeven.
Bijvoorbeeld door stemlokaal te zijn, door buurtvergaderingen op school te laten houden of door met de wijk mee te doen aan NL-doet-dag. Maar op heel veel plekken kan het ontmoeten en meedoen in de wijk ook nog verder vormgegeven worden. Bijvoorbeeld door een gezamenlijke moestuin, door bezoek aan een verpleeg- of verzorgingshuis. Maar de school is ook een herkenbare locatie van waaruit meer activiteiten voor en ontmoeting met de wijk kan plaatsvinden. In het voorgezet onderwijs kan ook gedacht worden aan een etentje voor de wijkbewoners. Maar ook vinden wijkbewoners het misschien leuk om actief in de school te zijn en vrijwilligerswerk op school te verrichten. Ouderen bijvoorbeeld die op die manier van waarde zijn en waarmee ook de eenzaamheid wordt tegengegaan. Het is daarom belangrijk dat ook bekend is hoe dingen in de wijk georganiseerd zijn en met welke mensen in de wijk de school te maken heeft. De school kan dat dan gebruiken om contacten te leggen en samen op te trekken. Dit voorstel is voor deze beide dingen een aanzet om de school daarin te faciliteren. In dit voorstel wordt eerst gekeken naar de stand van zaken van het burgerschapsonderwijs. Daarna gaat het over de rol van de school in de wijk en vervolgens hoe dat aan elkaar kan worden verbonden. Burgerschapsonderwijs Burgerschapsonderwijs is een belangrijk thema binnen het onderwijs en in de samenleving.
In de samenleving neemt polarisatie toe en zijn we minder betrokken op elkaar. Het is daarom belangrijk dat we in verbinding zijn met elkaar. Burgerschapsonderwijs kan daaraan een bijdrage leveren. Op scholen wordt op verschillende manieren aandacht besteed aan burgerschapsonderwijs. Dat zijn scholen sinds 2006 ook, maar dit was nog wel enigszins vrijblijvendi. Daarom geldt sinds 1 augustus 2021 geldt de Wet op het Burgerschapsonderwijsii. Deze nieuwe wet geeft scholen meer richting en maakt de burgerschapsopdracht minder vrijblijvend. Scholen moeten dus aan de slag met het vormgeven van het burgerschapsonderwijs. Deze wet geldt voor zowel het basisonderwijs, als het voortgezet onderwijs.
Burgerschapsonderwijs is belangrijk omdat de Nederlandse samenleving divers is. Daarbinnen is ruimte voor verschillende denkwijzen en opvattingen. Verschillende culturen bestaan naast elkaar. Daarom is een gezamenlijke basis belangrijk en die wordt gevormd door inwoners met gemeenschappelijke democratische waarden. Dat is burgerschap. In het burgerschapsonderwijs wordt actief burgerschap en sociale cohesie bevorderd. Daardoor kunnen mensen, jong en oud, in Nederland op een prettige manier samenleven. Het gaat daarbij om kennis van de samenleving en het ontwikkelen van de sociale en maatschappelijke competenties die daarvoor nodig zijn. Daarom is het bevorderen van burgerschap als taak van de scholen wettelijk vastgelegd in de Wet op het burgerschapsonderwijsiii. Scholen zijn nog bezig met het vormgeven van burgerschapsonderwijs, het burgerschapsonderwijs moet nog verder vormgegeven wordeniv. Scholen vullen het burgerschapsonderwijs op verschillende manieren in, waar de ene school veel nadruk legt op de kennis van de samenleving, richt de andere school zich veel meer op het ontwikkelen van competenties. En die verschillen mogen er ook zijn, mits alle aspecten wel aan bod komenv. Want het is belangrijk dat scholen, vanuit hun eigen levensbeschouwelijke en/of pedagogische visie, leerlingen helpen bij het ontwikkelen van een passende houding.
Daarom leren leerlingen hoe zij zich verhouden tot mensen met andere opvattingen dan zij en hoe op een respectvolle wijze kan worden omgegaan met verschillen tussen mensenvi. Het is dus niet mogelijk om burgerschapsonderwijs in te vullen op een algemene, voor alle scholen passende manier. Welke competenties leerlingen moeten verwerven om te leren goed met elkaar samen te leven verschilt van school tot schoolvii. Kennis van de samenleving en het oefenen van burgerschapscompetenties kunnen de leerlingen ook heel goed buiten de school, in de omgeving van de school op doen. De school staat immers in een dorp of wijk waar het samenleven plaats vindt. Denk aan bibliotheken, verzorgings- of verpleeghuizen, vrijwilligerswerk, onderhoud van de openbare ruimte en ga zo maar door. De wijk of het dorp is dus een plek waar de leerlingen burgerschap kunnen oefenen. De schoolomgeving kan worden ingezet voor het burgerschapsonderwijsviii. Daarbij zorgt het voor verbinding van school en zijn omgeving. In dit verband is het goed op te merken dat uit onderzoek naar de staat van het burgerschapsonderwijs in het voortgezet onderwijs blijkt als het gaat om burgerschapskennis er een kenniskloof is tussen het vmbo aan de ene kant en havo/vwo aan de andere kant. En die kloof is de afgelopen jaren alleen maar groter geworden.
De burgerschapskennis van havo en vwo-leerlingen nam namelijk toe terwijl op vmbo-scholen geen sprake was van een dergelijke ontwikkeling (Inspectie van het Onderwijs, 2019). 71% Van de vwo-leerlingen leven in een democratie belangrijk vindt, terwijl slechts 34% van de vmbo-ers dat belangrijk vindt (van der Meer, Wanders, Mulder, ten Dam & van der Werfhorst, 2021). Het is bij het vmbo dus minder gesteld met burgerschapskennis en opvattingen over democratie, gelijke rechten, etc. dan bij havisten en vwo-ers.
Jongeren doen daarnaast ook maatschappelijke ervaring en betrokkenheid op als ze meedoen aan de maatschappelijke diensttijdix. Tijdens de maatschappelijke diensttijd zetten jongeren tussen 12 en 30 jaar zich vrijwillig in voor een ander. Ze geven bijvoorbeeld taalles aan statushouders of organiseren samen een maatschappelijk evenement. Jongeren doen dit vanuit school. In Groningen zijn al meerdere projecten uitgevoerd. Om de maatschappelijke diensttijd nog beter vorm te geven wordt door WIJS een onderzoek gedaan naar wat deze jongeren uit verschillende doelgroepen, waaronder het voortgezet onderwijs, zou kunnen motiveren om aan projecten deel te nemen en wat er nodig is om dit ook echt te realiseren. De uitkomst van dat onderzoek zou aanleiding kunnen zijn voor een verdere rol vanuit gemeente, wijken of maatschappelijke organisaties. School in de wijk Een school staat niet op zichzelf. De school staat in een dorp of wijk en maakt onderdeel uit van de schoolomgeving. Scholen hebben daarbij ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid in de verbinding tussen school en wijk. Hoe zij die verbinding vormgeven, is aan de school zelf. Er zijn drie varianten te onderscheiden: de multifunctionele school, de sobere school en tussenvarianten x. Veel samenwerking tussen school en wijk vinden plaats in voor- en naschoolse activiteiten.
Het gaat dan bijvoorbeeld om sporten, schooltuin, culturele activiteiten of werken met techniek. Een doel van het samen werken kan zijn meer ‘kennis van de wereld’ opbouwen zodat de vakken bij wereldoriëntatie beter beklijven. Dat kan door buitenschoolse activiteiten in een verlengde schooldag, maar dus ook binnen het burgerschapsonderwijsxi. Kennis van de wereld is cruciaal voor het begrijpen van de wereld. Kennis van de omgeving helpt leerleringen bij het begrijpen van veel verschillende onderwerpen en domeinen en van hoe deze samenhangen. Het is ook achtergrondinformatie bij bijvoorbeeld een taalles. Verschillen in kennis van de wereld zijn groot als kinderen de school binnenkomen. Daarmee kan de verbinding tussen school en wijk bijdragen aan het tegengaan van kansenongelijkheidxii. Daarnaast leren kinderen niet alleen door te lezen, maar ook door te kijken en doen. Voorstel burgerschapsonderwijs in de wijk Gelet op bovenstaande denken we dat verbinding tussen school en wijk in het kader van burgerschap kan bijdragen aan de ontwikkeling van de leerlingen én de positie van de school in de wijk. De school gaat over het vormgeven van het burgerschapsonderwijs. We willen daarom graag dat scholen worden ondersteund door het inzichtelijk maken mogelijkheden voor burgerschapsactiviteiten in de wijk. De gemeente kan hierin een faciliterende en verbindende rol aannemen.
Faciliteren door te laten zien wat de mogelijkheden zijn en voorbeelden te geven, verbinden door scholen en andere partijen met elkaar in contact te brengen om ideeën en initiatieven verder uit te werken. Het kan daarbij in eerste instantie gaan om een overzicht van initiatieven, organisaties en verenigingen van waaruit contacten kunnen worden gelegd voor bezoeken, gastlessen etc. Die activiteiten kunnen divers zijn en afhankelijk van de school en de wijk. Daarbij is het ook belangrijk dat scholen weten hoe de wijk georganiseerd is en met welke mensen zij te maken hebben in die structuur. We hopen hiermee dat scholen daardoor nog verder kunnen samenwerken met de wijk of omgeving.
Wij vragen het college: 1. Burgerschapsonderwijs te agenderen op het Breed Bestuurlijk Overleg BBO 2. Per wijk in kaart te brengen welke activiteiten in de wijk kunnen worden ingezet voor het burgerschapsonderwijs. 3. Per wijk in beeld brengen hoe de wijk is georganiseerd en met welke mensen scholen in de wijk te maken hebben. 4. Het resultaat van de punten 2 en 3 aan de scholen aan te bieden om te gebruiken in het vormgeven van het burgerschapsonderwijs door de school en met het onderwijs te overleggen hoe dit het beste kan worden aangeboden. 5. De raad uiterlijk in Q1 van 2024 te informeren over de voortgang.
https://www.vo-raad.nl/onderwerpen/burgerschapsonderwijs/wat-speelt-er#:~:text=Op %201%20augustus%202021%20is,hierover%20in%20gesprek%20te%20gaan ii https://www.schoolenveiligheid.nl/wp-content/uploads/2021/07/Burgerschap-op-de-Basisschool_Weten-regelgeving-juli-2021.pdf iii Burgerschap | Onderwerp | Inspectie van het onderwijs (onderwijsinspectie.nl) i
iv
Burgerschapsonderwijs op basisscholen moet verder ontwikkeld worden | Nieuwsbericht | Inspectie van het onderwijs (onderwijsinspectie.nl) v 8 vragen over de nieuwe wet burgerschapsonderwijs - Leraar24 vi Burgerschap - SLO vii IJkpunten voor goed burgerschapsonderwijs - Expertisepunt Burgerschap viii SLO. Handreiking burgerschap funderd onderwijs. Doelgericht en samenhangend werken aan burgerschap. Oktober 2021. ix Maatschappelijke diensttijd | Rijksoverheid.nl x School en wijk verbonden. Nederlands jeugdinstituut. 2014. xi De brede school en het IKC: samenwerking tussen school en omgeving | Onderwijskennis xii Kennis van de wereld opbouwen: kerntaak van onderwijs | Onderwijskennis