Bijlage Voorstel aan AB.pdf
Tekst van het document
GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG ALGEMEEN BESTUUR 19 JULI 2024 Agendapunt 3.4 Governance: concept gr GGD Groningen, concept centrumregeling jeugdregio Groningen
Inleiding Ter uitvoering van het AB-besluit om twee rechtsvormen te ontwerpen voor publieke gezondheid en jeugdzorg liggen hierbij de concept gr-teksten met toelichting ter besluitvorming voor. In deze oplegger wordt ingegaan op enkele aandachtspunten die voor de besluitvorming relevant zijn. Voor een uitgebreide beschrijving van de inhoud en werking van de regelingen wordt kortheidshalve verwezen naar bijlage 1 (gr GGD) en 2 (gr jeugdregio).
Proces In het voortraject zijn aan het algemeen bestuur en aan de adviescommissie jeugdhulp enkele richtinggevende keuzes voorgelegd. De besluiten en adviezen daarover zijn in bijgaande teksten verwerkt. De conceptteksten zijn meerdere keren met de GGD, de RIGG en de juristen, financials en beleidsmedewerkers van de 10 deelnemende gemeenten besproken. Daarna zijn de conceptteksten ter advisering voorgelegd aan het AOG, AOJ en SOO. De conceptteksten zijn ook extern getoetst. De adviezen van het advocatenkantoor zijn als bijlage toegevoegd. De gr-teksten zullen na vaststelling door het AB voor zienswijzen worden voorgelegd aan de gemeenteraden. Afhankelijk van de voortgang van die besluitvorming is inwerkingtreding van beide gemeenschappelijke regelingen op 1 januari 2025 mogelijk.
Aanpak Er is voor gekozen1 om de vigerende tekst van de gemeenschappelijke regeling PG&Z als basis te nemen voor de regionale publieke gezondheidstaken: de bepalingen over jeugdzorg zijn eruit gehaald en waar nodig zijn de bepalingen aangepast in overeenstemming met de, sinds 20192 gewijzigde wetten o.m. Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr), Wet open overheid (Woo) en Gemeentewet. Over de noodzakelijke wijzigingen die voortkomen uit de aanpassing van de Wgr heeft het AB op 3 november 2023 richtinggevende keuzes gemaakt. Deze keuzes zijn in bijgaande concepttekst, gr GGD Groningen, verwerkt. Evenals het besluit van 26 april jl. over de aanwijzing van de secretaris. De voorliggende tekst voor de gr GGD Groningen is dus een wijziging van de vigerende gr PG&Z. Wat de concept-regeling voor de jeugdregio betreft heeft de adviescommissie jeugdhulp 5 april jl. ingestemd met het advies over de te beleggen regionale jeugdtaken. Die taken zijn integraal opgenomen in art. 8 van de concept-regeling. Ten aanzien van de rechtsvorm heeft de adviescommissie besloten aan het AB te adviseren een centrumregeling op te stellen als meest passende rechtsvorm op dit moment. Een evaluatiemoment is voorgesteld voor ca. 2 jaar na inwerkingtreding, rekening houdend met landelijke ontwikkelingen en de eerstvolgende gemeenteraadsverkiezingen. T.a.v.
de positionering van het personeel van de RIGG is door het AB besloten de huidige situatie, te weten in dienst van de gemeente Groningen, te continueren (besluit van 3-11-2023).
1
Los van het feit dat het meer besluiten vergt, zou het intrekken van de huidige gr PG&Z en het instellen van twee nieuwe gr-en betekenen dat het personeel ontslagen moet worden en opnieuw in dienst moet worden genomen bij de nieuwe gr voor publieke gezondheid. 2 De tekst van de gr PG&Z is in 2019 voor het laatst integraal gewijzigd en actueel gemaakt.
1
Met deze besluiten en opdrachten zijn bijgaande teksten geredigeerd. Hierna volgen per concept-gr de voornaamste wijzigingen en aandachtspunten.
Gemeenschappelijke regeling GGD Groningen Ten opzichte van de vigerende regeling zijn de belangrijkste wijzigingen in de voorgestelde gr GGD Groningen: n.a.v. de wijziging van de Wgr: het opnemen van bepalingen over: - besluiten die voorafgaand voor zienswijzen moeten worden voorgelegd aan de raden (artikel 9), - burgerparticipatie (artikel 10), - informatieplicht (artikel 12)3, - een uittredingsbepaling (artikel 37), - een evaluatiebepaling (artikel 39). Nieuw zijn, een bepaling: - die het mogelijk maakt om te besluiten buiten vergadering (artikel 16), - de mogelijkheid voor het AB om een ambtelijk secretaris aan te wijzen (artikel 21). En verder: - is de verbinding tussen het DB en de portefeuillehouder GHOR van de gr Veiligheidsregio gehandhaafd en iets scherper geformuleerd dan in de huidige tekst (artikel 13 lid 5), - bestaat het DB uit minimaal 3 en maximaal 5 leden en dient bij de aanwijzing rekening gehouden te worden met de geografische spreiding (artikel 13 lid 1 en 3), - definities van begrippen zijn, waar het nodig was, scherper geformuleerd en zijn consistent in de tekst gebruikt.
Centrumregeling jeugdregio Groningen Met uw opdracht (februari 2023) om zoveel mogelijk aan te sluiten op de huidige situatie en het advies van de commissie jeugdhulp over de regionaal te beleggen taken en de meest passende rechtsvorm daarvoor (april 2024), is bijgaande centrumregeling jeugdregio Groningen opgesteld. De belangrijkste elementen in de voorgestelde concept-regeling zijn: - bestuurlijk overleg, besluitvorming Er is een Regionaal Bestuurlijk Overleg Jeugd (RBOJ), bestaande uit de portefeuillehouders Jeugd van alle deelnemende gemeenten. In het RBOJ wordt met name de uitvoering van de regionale taken besproken, de uitvoering van de regiovisie Groningen, landelijke, bovenregionale en lokale ontwikkelingen die van invloed zijn op de regio alsook de financiën. Het RBOJ neemt geen formele besluiten. Het overleg is met name bedoeld voor afstemming, sturing en regie op de uitvoering van regionale en bovenregionale taken en is op overeenstemming gericht. De vergaderingen van het RBOJ zijn niet openbaar. - regionale taken De jeugdtaken die regionaal worden belegd zijn beschreven in artikel 4 en 8. Inkoop van jeugdzorg, contractbeheer en contractmanagement zijn de voornaamste en omvangrijkste taken. Daarnaast zijn taken opgenomen die voortvloeien uit het vastgestelde Veranderplan RIGG 2022-2024 alsook taken die nu, samen met de gemeenten door de RIGG worden uitgevoerd.
- mandaat De deelnemende gemeenten verlenen voor het uitvoeren van de taken mandaat aan de centrumgemeente. Het college van de centrumgemeente verleent aan de directeur van de RIGG ondermandaat voor de besluiten, die verband houden met de taken die aan de centrumgemeente is opgedragen. Als centrumgemeente wordt de gemeente Groningen voorgesteld. Het RBOJ kan advies geven aan de colleges als bijvoorbeeld besluiten genomen moeten worden over beleidskaders of financiën die het mandaat van de centrumgemeente overstijgen. De colleges, en in 3
Het advies van de griffies aan de presidia van de Groninger gemeenten is hierin verwerkt.
2
voorkomende gevallen de raden, nemen dan (en niet de centrumgemeente namens alle gemeenten) het formele besluit. In vergelijking met de huidige situatie verandert de structuur (er is geen AB, DB en adviescommissie meer) en de juridische grondslag voor besluiten (de centrumgemeente neemt formeel de besluiten en niet het dagelijks bestuur). De taken en bevoegdheden zijn t.o.v. de gr PG&Z beter beschreven en de tekst is actueel gemaakt naar de op dit moment geldende regelgeving (Wgr, Woo en gemeentewet) en sluit tevens aan op de ontwerpwet tot wijziging van de Jeugdwet. Hierna wordt ingegaan op de onderwerpen waar de adviescommissie in haar advies van 5 april jl. bij de uitwerking van de regeling in het bijzonder aandacht voor heeft gevraagd. - positie RIGG De RIGG is, net als nu, geen aparte juridische entiteit. De RIGG wordt een directie binnen de gemeentelijke organisatie van Groningen. De directeur van de RIGG valt onder de concerndirectie van de Centrumgemeente. Bij de werving en selectie van de directeur worden leden van het SOO betrokken. De eigenstandige positie van de RIGG t.o.v. de gemeenten (inclusief de centrumgemeente) is geborgd door de bevoegdheid om ongevraagd het RBOJ te adviseren over bijvoorbeeld lokale initiatieven die gevolgen (kunnen) hebben voor het regionale zorglandschap en de daarmee samenhangende inkoop.
De RIGG is een organisatie die voor de regio werkt en zal ook als zodanig extern communiceren. - de rol van het college en de raden v.w.b. de financiële besluitvorming, De kosten voor de jeugdzorgtaken zijn in de gr tekst in drie categorieën ingedeeld (art. 12). De RIGG stelt een begroting op voor de regionale jeugdzorgkosten en bedrijfsvoeringkosten. Deze begroting wordt ambtelijk en bestuurlijk (RBOJ) besproken en vervolgens opgenomen in de begroting van de Centrumgemeente. Daarnaast neemt iedere gemeente zijn aandeel in deze kosten op in de eigen gemeentelijke begroting. De kosten worden op basis van een door de colleges vast te stellen verdeelsleutel in rekening gebracht bij de deelnemende gemeenten. - Evaluatie van de regeling De adviescommissie jeugdhulp adviseert de centrumregeling te evalueren. Gedacht wordt aan ca. 2 jaar na inwerkingtreding van de regeling; daarbij rekening houdend met landelijke ontwikkelingen en de eerstvolgende gemeenteraadsverkiezingen. Onderzocht zal dan worden of de gekozen rechtsvorm aansluit bij de bestuurlijke wensen en de dan geldende wetgeving. Daarnaast is in de concepttekst een algemene evaluatiebepaling opgenomen: het RBOJ initieert een vierjaarlijkse evaluatie van de uitvoering van deze regeling. Subsidies; volmachten Met de voorliggende concept-centrumregeling wordt ook de juridische grondslag voor subsidieverlening te verbeterd.
Subsidies moeten gebaseerd zijn op een wettelijk voorschrift; doorgaans vormt de gemeentelijke subsidieverordening (ASV) die basis. Nu o.g.v. de Centrumregeling (art. 8 lid 1 sub a en lid 2) de Centrumgemeente subsidies kan verlenen namens de deelnemende gemeenten is er een ‘nadere regel’ nodig, waarin de voor de betreffende subsidie, inhoudelijke bepalingen zijn opgenomen. De subsidieverordening in samenhang met een nadere regel geldt juridisch als een wettelijke grondslag. In het najaar zal iedere gemeenten een ‘nadere regel’ moeten vaststellen. Daartoe wordt aan alle gemeenten een uniforme tekst aangeleverd (bijlage 3a). In paragraaf 11 van de toelichting wordt dieper ingegaan op deze materie. Ook voor het verlenen van volmachten voor het aangaan van privaatrechtelijk rechtshandelingen op grond van deze Centrumregeling zal t.z.t. een uniforme tekst worden aangeleverd de volmacht te laten verlenen voor die rechtshandelingen (bijlagen 3b en 3c). Dit voorkomt dat voor onder andere het sluiten van de contracten ondertekening door alle 10 burgemeesters noodzakelijk wordt. Wij zijn van mening dat met deze concept-regeling: - de bestuurlijke legitimatie beter is geborgd, 3
- taakvelden waarop (nu al) regionaal wordt samengewerkt volledig en voldoende flexibel zijn beschreven, - er een juridische titel is voor het nemen van bestuursrechtelijke besluiten en het plegen van civielrechtelijke rechtshandelingen voor de taken die de Groninger gemeenten regionaal willen beleggen - er een degelijke juridische basis is voor subsidie- en garantieverlening - en de besluitvorming over kostensoorten helder is vastgelegd, en de conceptregeling daarmee een juridisch fundament zal zijn voor een sterke en robuuste jeugdregio.
Externe juridische toets. Advies SOO en adviescommissie jeugdhulp. Zowel de concept gr-tekst voor de GGD Groningen als de concept-centrumregeling voor de jeugdregio Groningen voldoen aan de Wet gemeenschappelijke regelingen. De adviezen van het advocatenkantoor treft u hierbij aan (bijlagen 4a en 4b). Het advies t.a.v. de artikelen 4 en 5 van de concept-centrumregeling is verwerkt. De aangepaste versie is opnieuw voorgelegd ter toetsing en is akkoord. De voorliggende tekst en bijlagen over de centrumregeling voor de jeugdregio Groningen zijn 6 juni jl. besproken in het SOO. Het SOO heeft geadviseerd de bepaling en verwijzingen naar het SOO uit de concepttekst te verwijderen. Het SOO ziet geen noodzaak om het SOO een formele status te geven in deze grtekst. Voor het overige adviseert het SOO in te stemmen met het voorstel. De adviescommissie jeugdhulp heeft 21 juni jl. geadviseerd in te stemmen met onderstaand voorstel aan het algemeen bestuur.
Vervolg De gewijzigde gr voor de GGD Groningen en de concept-centrumregeling dienen ter vaststelling voorgelegd te worden aan de colleges; vaststelling is niet eerder mogelijk dan nadat de gemeenteraad de gelegenheid heeft gehad zienswijzen te geven en toestemming heeft verleend voor het aangaan van de gemeenschappelijke regeling. Als alle deelnemende gemeenten de Centrumregeling hebben vastgesteld, kan de regeling na bekend te zijn gemaakt naar verwachting 1 januari 2025 in werking treden. Als de zienswijzen leiden tot aanpassing van de tekst zal een tekstvoorstel voorgelegd worden aan het AB.
Voorgesteld besluit Het algemeen bestuur PG&Z besluit: m.b.t. de gr GGD Groningen: 1. in te stemmen met de concepttekst van de gr GGD Groningen inclusief de algemene en artikelsgewijze toelichting en deze ter besluitvorming voor te leggen aan de colleges en raden (zienswijze/toestemming) van de deelnemende gemeenten (bijlage 1), m.b.t. de centrumregeling jeugdregio Groningen: 2. in te stemmen met de jeugdtaken die regionaal moeten worden belegd zoals opgenomen in artikel 4 in samenhang met artikel 8 van de concept-regeling, 3. in te stemmen met een centrumregeling als de meest passende rechtsvorm op dit moment voor de uitvoering van die taken, 4. de gemeente Groningen aan te wijzen als centrumgemeente, 5. in te stemmen met de concept-centrumregeling jeugdregio Groningen inclusief de algemene en artikelsgewijze toelichting en deze ter besluitvorming voor te leggen aan de colleges en raden (zienswijze/toestemming) van de deelnemende gemeenten (bijlage 2), 6. de centrumregeling te evalueren ca. 2 jaar na inwerkingtreding, daarbij rekening houdend met landelijke ontwikkelingen en gemeenteraadsverkiezingen, 7. de colleges te verzoeken omwille van de juridische grondslag voor het verstrekken van subsidies, een subsidieregeling conform bijgevoegd format vast te stellen en bekend te maken (bijlage 3a).
4
8. de burgemeesters4 te verzoeken een volmacht te verlenen aan de burgemeester van de Centrumgemeente voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen in het kader van deze Centrumregeling, conform bijgevoegd format (bijlagen 3b en 3c).
4
In formeel juridische zin wordt een volmacht verstrekt door een rechtspersoon. In dit geval is de gemeente de rechtspersoon; de gemeente wordt o.g.v. de Gemeentewet juridisch vertegenwoordigd door de burgemeester. 5