CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Leefkwaliteit verbindt alles wat we bedenken & doen .pdf

Politieke woensdag (Dag agenda) 13 januari 2021, gemeente GroningenBij agendapunt: 1: Meerjarenprogramma's Stadsontwikkeling 2021-2024, hst 4 Verkeer en Vervoer (raadsvoorstel 9-12-20)34.218 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Meerjarenprogramma’s Stadsontwikkeling 2021-2024 - Leefkwaliteit verbindt alles wat we bedenken & doen -

Meerjarenprogramma Leefkwaliteit Meerjarenprogramma Wonen Meerjarenprogramma Verkeer & Vervoer Meerjarenprogramma Energie Meerjarenprogramma Ruimtelijke Economie

Groningen, december 2020

Inhoudsopgave 1.

Perspectief 2021-2024 ........................................................................................................... 1 1.1 Versterken Integrale programmasturing....................................................................................... 3 1.2 Stedelijk Investeringsfonds (SIF).................................................................................................... 8

2. Meerjarenprogramma Leefkwaliteit 2021-2024 ....................................................................... 10 2.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 10 2.2 Belangrijkste opgaven 2021-2024 en activiteiten 2021 .............................................................. 11 2.2.1 Opgave: Onze leefomgeving is robuust en veerkrachtig...................................................... 13 2.2.2 Opgave: We stimuleren gezond, veilig en duurzaam leven in ons grondgebied ................. 14 2.2.3 Opgave: In onze (binnen)stad en dorpen staat verblijfskwaliteit voorop ............................ 16 2.3 Financiën ..................................................................................................................................... 18 2.4 Stand van zaken grondcompensatiefonds .................................................................................. 20 3. Meerjarenprogramma Wonen 2021-2024................................................................................ 22 3.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 22 3.2 Belangrijkste opgaven 2021-2024 en activiteiten 2021 ..............................................................

22 3.2.1 Opgave: Faciliteren van de groei: zorgen voor meer aanbod .............................................. 24 3.2.2 Opgave: Extra aandacht voor doelgroepen .......................................................................... 29 3.2.3 Opgave: Zorgen voor kwaliteit zowel voor woningen als in de woonomgeving .................. 30 3.2.4 Opgave: Duurzaam en aandacht voor klimaatsverandering ................................................ 31 3.3 Financiën ..................................................................................................................................... 32 Bijlage 1: Woningbouwcijfers ............................................................................................................ 34 Bijlage 2: Monitor jongerenhuisvesting ............................................................................................ 35 4. Meerjarenprogramma Verkeer & Vervoer 2021-2024 .............................................................. 45 4.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 45 4.2 Belangrijkste opgaven 2021-2024 en activiteiten 2021 ..............................................................

46 4.2.1 Grootste opgaven ................................................................................................................. 48 4.2.2 Opgave: Fiets ........................................................................................................................ 49 4.2.3 Opgave: Openbaar Vervoer .................................................................................................. 50 4.2.4 Opgave: Auto ........................................................................................................................ 51 4.2.5 Opgave: Parkeren ................................................................................................................. 53 4.2.6 Opgave: Verkeersveiligheid .................................................................................................. 54 4.2.7 Opgave: Duurzame en Slimme Mobiliteit en Stedelijke Logistiek ....................................... 54 4.3 Financiën ..................................................................................................................................... 57 Bijlage 1: projectentabel ................................................................................................................... 61

5. Meerjarenprogramma Energie 2021-2024 ............................................................................... 63 5.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 63 5.2 Belangrijkste opgaven 2021-2024 en activiteiten 2021 .............................................................. 63 5.2.1 Opgave: Warmtetransitie Gebouwde Omgeving ................................................................. 65 5.2.2 Opgave: Opwekking duurzame Energie ............................................................................... 67 5.3 Financiën ..................................................................................................................................... 70 6. Meerjarenprogramma Ruimtelijke Economie 2021-2024.......................................................... 73 6.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 73 6.2 Belangrijkste opgaven 2021-2024 en activiteiten 2021 .............................................................. 74 6.2.1 Opgave: Het faciliteren van bestendige economische groei ................................................

77 6.2.2 Opgave: Het behouden en versterken van de aantrekkelijkheid van onze stad, wijken en dorpen ........................................................................................................................................... 79 6.2.3 Opgave: Flexibel en wendbaar zijn bij veranderingen ......................................................... 82 6.3 Financiën ..................................................................................................................................... 83

1. Perspectief 2021-2024 Ook in 2020, het meest turbulente jaar in de recente geschiedenis, herijken we onze meerjarenprogramma’s. Groningen staat voor een volgende schaalsprong. De gemeente groeit door naar misschien wel 250.000 inwoners in 2030 en moet alle zeilen bijzetten om de vraag op de woningmarkt het hoofd te bieden. De groei van de gemeente gaat gepaard met een systeemwijziging in onze energievoorziening, klimaatveranderingen, de introductie van duurzame mobiliteitsconcepten en een grootschalige verbouwing van onze ringweg, het stationsgebied en de binnenstad. Bovendien proberen we de versterking en dorpsvernieuwing in het aardbevingsgebied van de grond te trekken. En dit alles in een context van een gemeente met een grote sociale opgave die zich onder andere uit in een toenemende kloof tussen arm en rijk, ongelijke kansen in het onderwijs, grote gezondheidsverschillen en een toenemend verschil tussen noord en zuid.

250.000 200.000

100000

150.000 100.000

50000

0

Jaar

Bevolking

50.000

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030

Op 1 januari 2020 telde de gemeente Groningen als 6e gemeente van Nederland 232.917 inwoners. De verwachting is dat Groningen groeit naar 250.000 inwoners in 2030. We zien bovendien dat het aantal huishoudens sneller stijgt dan het aantal inwoners. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door een toename van het aantal eenpersoonshuishoudens. Daarnaast groeit vooral het aantal 65-plussers.

Bevolking- en 300.000 150000 huishoudensontwikkeling

Huishuidens

Bevolking: groei zet door

In 2018 is de omgevingsvisie ‘Next City’ vastgesteld: hoe blijven we een gemeente met een aantrekkelijk leefklimaat, hoe en waar willen we groeien, hoe geven we de energietransitie een plek en hoe blijven we een ongedeelde stad met perspectief op nieuwe werkgelegenheid. De centrale doelen van de omgevingsvisie vertalen we jaarlijks in vijf ruimtelijke meerjarenprogramma’s bij waarin ambities en financiering door middel van het Stedelijk Investeringsfonds (SIF) samen komen. De meerjarenprogramma’s vormen samen ons ruimtelijke antwoord op de opgaven waar onze gemeente voor staat. We schetsen een concrete planhorizon van vier jaar, van 2021 tot en met 2024, met een doorkijk naar 2030. Dit jaar kiezen we voor het eerst voor een opzet waarbij we alle meerjarenprogramma’s in samenhang aanbieden. Ook focussen de programma’s zich meer op de activiteiten die we de komende jaren gaan ontplooien. De programma’s Binnenstad, Wijkvernieuwing en Versterken&Vernieuwen hebben elk hun eigen dynamiek en planning. Daarom zijn deze nu niet opgenomen in dit document. Waar mogelijk beogen we deze programma’s volgend jaar wel tegelijkertijd aan te bieden. Vanzelfsprekend zorgen wij waar nodig wel voor de dwarsverbanden met deze programma’s.

Het verbindende thema leefkwaliteit heeft dit jaar vorm gekregen door middel van ons groenplan, Vitamine G, de woonvisie “Een thuis voor Iedereen” en de wijkvernieuwingsprogramma’s. In 2021 volgende de Klimaatmanifestatie, de Mobiliteitsvisie, de Leidraad Openbare Ruimte en het nieuwe ontwerp voor de Grote Markt. De plannen voor de grote stadsinbreidingen, Stadshavens en de Suikerunie, doorlopen in 2021 het planologische traject evenals de uitwerking van de nieuwe

1

plannen voor de Held en de verbinding tussen Driebond en Meerstad. Dat is extra ambitieus door de koppeling met invoering van de nieuwe Omgevingswet per 1 januari 2022. We werken in de geest van deze verandering gestaag door aan de groei van de stad en zoeken naar antwoorden voor de opgaven in de binnenstad, onze strategie voor alternatieve energiebronnen, de doorstart van de wijkvernieuwing en investeringen in een gezonde gemeente. Met deze meerjarenprogramma’s leggen we een stevige basis voor een gemeente die steeds Groener, Gelukkiger en Gezonder wordt. Met als voorlopige bekroning de titel van gezondste stad van Nederland: “Groningen heeft van de 20 onderzochte steden de gezondste, fysieke inrichting. Deze koppositie is behoorlijk overtuigend want Nijmegen (2e) en Maastricht (3e) volgen pas op enige afstand. In alle vijf domeinen staat Groningen in de top tien. Op het domein ‘gezonde gebouwde omgeving’ scoort Groningen het beste van alle Nederlandse steden.” (bron: Arcadis Gezonde Stad Index 2020) Covid-19-pandemie In 2020 werd de wereld geconfronteerd met de COVID-19-pandemie. Deze ongekende gezondheidscrisis maakt het perspectief voor vele mensen onzeker. In deze onzekere tijden is er een sterke behoefte aan een koersvaste overheid die steunt maar ook richting geeft. Onze doelstelling is om gaandeweg een steeds beter perspectief en toekomst te kunnen schetsen.

Vanuit een brede aanpak voor de binnenstad willen we anticiperen op mogelijke leegstand en een veranderend aanbod van detailhandel en (dag)horeca. Deze aanpak richt zich op de vraag hoe we de binnenstad veilig, aantrekkelijk en toekomstbestendig kunnen maken en houden vanuit de ambitie om de openbare ruimte te herwinnen en de mix van functies te versterken. Inzetten op het vergroten van de kwaliteit van bedrijventerreinen en de binnenstad is en blijft actueel, ondanks eventuele leegstand en de mogelijke invloed van de toename van het aantal thuiswerkers. In dat kader kiezen wij ervoor om te blijven investeren in onze gemeente en binnenstad, samen te werken met ondernemers en deze te faciliteren in het hier-en-nu, onze economie op de langere termijn structureel te versterken en flexibel mee te bewegen met nieuwe ontwikkelingen. Covid heeft (tijdelijk?) geleid tot andere gebruiks- en gedragspatronen – van thuiswerken tot blended learning – en zorgt voor grote onzekerheid in detailhandel, de horeca en de toeristische sector. De werkloosheid slaat het hardst toe in de wijken en buurten waar veel bewoners toch al weinig perspectief hebben en moeite hebben om aan te haken. Tegelijkertijd zien we ook andere effecten. Daar waar de binnenstad het erg moeilijk heeft floreren de wijkwinkelcentra en grootschalige detailhandel.

Supermarkten halen recordomzetten en de bouwmarkten en tuincentra zijn ongekend druk. Ook zien we de herwaardering voor de eigen woonomgeving: veel bewoners maken hun dagelijkse ommetje in de buurt in plaats van de lunch op te eten achter het bureau en ontdekken dat hun eigen wijk ook veel te bieden heeft. En wie regelmatig omhoog kijkt is het vast wel opgevallen dat de vliegtuigstrepen nagenoeg verdwenen zijn en de lucht op zonnige dagen in jaren niet zo schoon en helder is geweest.

2

In de cijfers zien we effecten van deze pandemie. Zo had deze duidelijk invloed op onze mobiliteit. In de week na de lock-down (begin maart 2020) is de verkeersintensiteit op de wegen met 47% afgenomen ten opzichte van de gemiddelde intensiteit in de week ervoor. Ook het Openbaar Vervoer heeft door de pandemie een grote klap opgelopen doordat mensen dit nu niet meer nodig hebben of bewust mijden. In het bedrijfsleven zien we dat de landelijke steunpakketten een dempend effect hebben op het aantal faillissementen. De cultuursector heeft het, door wegvallen van publiek en optredens, enorm zwaar.

20% 0% -20% -40% -60% -80% -100%

500000

Januari Februari Maart April Mei Juni Juli Augustus

Toch is het niet ondenkbaar dat de pandemie langdurige of zelfs structurele effecten heeft, bijvoorbeeld op het gebied van werkgelegenheid, de woningmarkt, onze economie en behoefte aan kantoorruimtes.

VERSCHIL BUS INSTAPPERS 2019 VERSUS 2020

Aantal

Tegelijkertijd zagen we na de eerste lockdown dat de drukte op de wegen weer snel toe nam tot bijna het oude niveau. Ook zagen we een ongekend economisch landelijk herstel van 7,7% groei in het tweede kwartaal. De samenleving toonde een enorme veerkracht.

0 -500000 -1000000 -1500000 -2000000

1.1 Versterken Integrale programmasturing De Omgevingswet versterkt onze reeds ingezette lijn van programmasturing via Meerjarenprogramma’s. Dat is niet zomaar een nietje erdoor. Dit vraagt ook dat onze MJP’s integraler van karakter gaan worden. Dit betekent dat we vraagstukken steeds meer integraal moeten bezien en afwegen. Niet alle, sommige vraagstukken kunnen we sectoraal blijven doen. Maar wel de grote opgaven waar wij nu met elkaar voor staan.

Doelstelling Meerjarenprogramma’s De ambities op hoofdlijnen uit ons coalitieakkoord en The Next City worden nader uitgewerkt in verschillende visies per programma. Ter uitwerking van deze ambities schetsten de meerjarenprogramma’s meer gedetailleerd welke activiteiten en projecten in het kader van het programma worden ingezet in het komende jaar en de jaren daarna. Doordat de meerjarenprogramma’s – en daarmee de meerjarenplanning jaarlijks wordt vastgesteld door de raad, borgen wij de continuïteit in ons beleid en de gedeelde opvatting over het programma voor de gemeente Groningen in de komende jaren. In november van ieder jaar krijgt dit zijn vertaling in de begroting waarin wordt vastgesteld wat onze doelen zijn, welke activiteiten op hoofdlijnen hiervoor worden ontplooid en welke middelen daartoe nodig zijn.

The Next City

Ambities

Collegeprogramma

Visie per programma: o.a. woonvisie, mobiliteitsvisie, routekaart, groenplan, klimaatagenda, werklocaties, detailhandel

Wat zijn de ambities per programma?

Meerjarenprogramma

Hoe gaan we de ambities realiseren?

Begroting

Hoe gaan we deze komend jaar realiseren incl. financieel kader?

3

Door aan de voorkant een integrale benadering te kiezen in visie, beleid en programma’s voorkomen we aan de achterkant veel discussie en werken we uiteindelijk veel efficiënter dan dat we elke discussie elke keer opnieuw moeten voeren in een project of bij een vergunning. Hier hebben we afgelopen jaren al grote slagen in gemaakt en de komende jaren willen we dit verder uitbouwen. We illustreren deze integrale benadering aan de hand van een aantal onderwerpen. Wijkvernieuwing Onze wijken zijn sinds de jaren ’90 enorm vooruitgegaan. Er is veel geïnvesteerd in nieuwe woningen en verbetering van de openbare ruimte waardoor veel bewoners de eigen wijk hoger zijn gaan waarderen. We zien veel bewonersinitiatieven en een grote mate van betrokkenheid van bewoners bij de eigen wijk en buurt. Maar wijkontwikkeling is nooit af: het is een zaak van continue wijkontwikkeling in alle wijken en dorpen. De achterliggende sociale problematiek bepaalt in grote mate het toekomstperspectief van onze inwoners. Maar ook veel bewoners hebben het sociaal moeilijk, leven onder de inkomensgrens, worden tot negen jaar minder oud en zijn in te veel gevallen afhankelijk van de voedselbank. Criminaliteit is, zeker voor jongeren, een financieel aanlokkelijk alternatief. Zeker in de noordelijke en oostelijke stadswijken leidt dit tot achteruitgang van onze wijken en is ingrijpen noodzakelijk.

Met onze Regiodeal, de Wijkvernieuwing, het Nationaal Programma en de gebiedsprogramma’s werken we de integrale aanpak het komende jaar verder uit met als uiteindelijk doel dat onze wijken er sociaal-economisch beter voor komen te staan. Goed wonen is een primaire levensbehoefte. Met de corporaties en andere partijen werken we hard aan de verbetering en vergroting van de woningvoorraad. Maar het is veel meer dan dat. De kwaliteit én het beheer van de openbare ruimte is van groot belang voor het woonplezier in een wijk, maar ook draagt het bij aan sociale veiligheid. Goede openbare ruimte is aantrekkelijk om in te verblijven, elkaar te ontmoeten en te bewegen. Niet alleen in de binnenstad. De vele wandelingen die in de lockdown gemaakt zijn in de eigen woonomgeving om even buiten te zijn, illustreren dit. Bovendien draagt meer bewegen in fijne openbare ruimte bij aan de geestelijke en fysieke gezondheid van onze inwoners. Wonen wordt steeds duurder. Een lagere energierekening helpt om de totale woonlasten naar beneden te krijgen. In veel van onze wijkvernieuwingswijken is sprake van energiearmoede en van werkloosheid. Een belangrijke opgave voor de komende jaren is hoe wij deze zaken aan elkaar kunnen verbinden en de energietransitie nu echt kunnen gebruiken als motor van de wijkvernieuwing.

Gebiedsontwikkeling op een hoger schaalniveau tillen Het komende jaar werken we met name de Suikerzijde en de Stadshavens verder uit. Maar aan beide kanten van de stad gebeurt veel meer. Aan de oostkant van de stad hebben ontwikkelingen op het Sontplein en in de Stadshavens alles met elkaar te maken. Immers, we willen van de Eemskanaalzone een levendig woon-werkgebied maken. Daar horen ook winkels en andere voorzieningen zoals scholen en sport bij. Tegelijkertijd willen we voorkomen dat deze voorzieningen ten koste gaan van bestaande voorzieningen in bijvoorbeeld de Oosterparkwijk en de Meerdorpen. Ondertussen groeit Meerstad als kool en gaan we met Eemskanaalzone fase IV de stad meer aan elkaar hechten. En de vraag komt eraan of we bedrijventerrein Meerstad langs de A7 gaan opstarten. De infrastructuur is aan deze kant van de stad in de basis hierop voorbereid, alleen is het de vraag of het Damsterdiep het extra verkeer aankan. En dit hangt ook weer samen met de mobiliteitsvisie en de keuzes voor ontsluiting van het bestaande oostelijke stadsdeel.

4

Ook aan de westkant stapelen ontwikkelingen zich op. Naast 5.000 woningen op de Suikerzijde komt aan de westkant van de stad De Held III eraan en zijn veel particuliere initiatieven in de Reitdiepzone. Nieuw perspectief voor bedrijventerrein Hoendiep is nodig en als de Ring Zuid klaar is moet er een plan liggen voor Ring West. Die niet alleen snel doorstroomt maar ook de wijken Vinkhuizen en Paddepoel ruimtelijk meer met elkaar moet verbinden en onderdeel moet worden van de stad. We hebben ook ambities om de bereikbaarheid, zichtbaarheid en aantrekkelijkheid van Zernike Campus te verbeteren en de campus door te ontwikkelen. Daarnaast we willen het groen en water van het Reitdiep beter beleefbaar maken en het Stadspark aantrekkelijker en beter bereikbaar maken. En dan is er ook nog de ambitie om van de drafbaan een landelijke evenementenlocatie van formaat te maken. De grote vraag aan de westkant is: kan het verkeerssysteem al deze ruimtelijke ontwikkelingen aan of zijn hiervoor extra ingrepen nodig. Daartoe willen we een integrale programma-overstijgende visie op de westflank gaan maken.

Figuur: ter illustratie van de veelheid en complexiteit van de opgaven in onze gemeente

We willen de programmatische vragen op deze gebieden daarom in een groter kader en meer in samenhang bezien, ook in relatie tot ons mobiliteitssysteem, de sociale opgave en het streven naar een inclusieve samenleving. Daarbij in ogenschouw nemend dat elke stap raak moet zijn, ook als het economisch tegenzit of de gebiedsontwikkeling om andere redenen stagneert. Groen verankeren Leefkwaliteit is het centrale thema in Next City en heeft een prominente plek gekregen in het collegeprogramma. Eén van de belangrijke aspecten is de vergroening van de gemeente. We hebben daarvoor het Groenplan opgesteld en werken hard aan verwante onderwerpen zoals klimaatadaptatie, ecologie, landschap en cultuurhistorische waarden. We zien het als belangrijke opgave de komende jaren hier nog een schepje bovenop te doen en vergroening nog sterker als een

5

integraal aspect onderdeel te maken van ruimtelijke ontwikkeling. Ook willen we de komende jaren resultaten boeken, dus van visie naar uitvoering. Dat laatste geldt ook voor het herwinnen van de openbare ruimte, een ander kernbegrip uit het collegeprogramma. Hier gaan we de slag ook maken van visievorming en beleid naar concrete uitvoering, niet alleen in de binnenstad maar ook in andere delen van onze stad en gemeente. Leefkwaliteit: Gezond, Groen, Gelukkig Groningen Onze leefbaarheidsenquête uit 2018 laat zien dat Groningen een aantrekkelijke gemeente is waar de leefbaarheid over het algemeen als goed wordt beoordeeld. De aanwezigheid van groen wordt steeds belangrijker voor de leefbaarheid van wijken. En ondanks dat de luchtkwaliteit in Groningen de afgelopen jaren sterk verbeterd is en ruim beneden de norm is, blijven wij ons inzetten om de CO2-uitstoot de verlagen. De leefbaarheidsenquête uit 2018 laat ook verschillen tussen de wijken zien. Met name in de noordelijke wijken waardeert men de kwaliteit van de woning minder hoog, ervaart men meer verloedering in de buurt en is men minder tevreden over het onderhoud van groen en voorzieningen in de wijk. In veel van deze wijken is de sociale samenhang lager en voelt men zich minder veilig en zien we dat inwoners een lagere gezondheid en daarmee levensverwachting hebben.

Het is dan ook van belang dat wij met onze inzet op de wijkvernieuwing onverminderd blijven werken aan de verbetering van de leefkwaliteit in deze wijken.

Schaalsprong in voorzieningen Een groeiende gemeente betekent meer behoefte aan voorzieningen: winkels, scholen, sportzalen, recreatie, toerisme, andere maatschappelijke voorzieningen. Grootstedelijke voorzieningen moeten daarin meegroeien en dat is voor een belangrijk deel ook wel gebeurd of staat de komende jaren op stapel, zoals bijvoorbeeld een nieuwe Oosterpoort. Maar het gaat ook om de voorzieningen in de wijken, de sportvoorzieningen, parken, winkels, openbaar vervoer. Dit vraagt van ons als gemeente een plan te maken voor een brede samenhangende visie op het voorzieningenniveau dat hoort bij een gemeente met 250.000 inwoners, waarbij we goed kijken naar de verschillende schaalniveaus: het dorp, de wijk, het stadsdeel of de hele gemeente. Prioriteren is noodzakelijk In de Next City schetsen we wat voor gemeente we willen zijn en welke gebieden daartoe moeten worden ontwikkeld. Wat we niet gedaan hebben is daarbij een tijdspad geschetst. Dit leidt tot onduidelijkheid bij ontwikkelaars en kost ons extra veel tijd, zoals bijvoorbeeld de Ulgersmaweg of het gebied wat nu bedrijventerrein Koningsweg is. Ook zien we dat het leidt tot versnippering van onze eigen inzet. Dit is niet gewenst, te meer daar de financiële middelen van de gemeente beperkt zijn en wij niet alles tegelijk kunnen oppakken.

In 2021 willen we daarom duidelijker aangeven welke gebieden wel en welke voorlopig niet aan de orde zijn om te ontwikkelen en daar ook een tijdspad aanhangen. Dit betekent óók dat we voor die gebieden die niet aan de beurt zijn met de ondernemers en inwoners een goed plan moeten maken voor de tussenperiode qua beheer. Het biedt ook juist kansen voor bijvoorbeeld startende ondernemers die op zoek zijn naar goedkope bedrijfsruimte of rafelrandjes voor bijzondere functies.

6

We doen onze uiterste best om rijksmiddelen voor stedelijke ontwikkeling binnen te halen. Dit is bepaald geen vanzelfsprekendheid. De verstedelijksafspraken die we in regionaal verband met het Rijk maken, moeten ons hierbij helpen evenals de mogelijkheden die het nationaal Groeifonds en het Europees Just Transition Fund (JTF) ons bieden. Een overheid die regie voert Landelijk is al sinds 1990 de trend ingezet van een terugtredende overheid. Ook in Groningen hebben we die trend gezien. Het gemeentelijk OV is bij het OV-Bureau ondergebracht, de aandelen in Groningen Airport Eelde zijn verkocht, het Nieuw Lokaal Akkoord met de corporaties is in 2014 beëindigd, het onderwijs is verzelfstandigd enzovoorts. In de crisisperiode hebben we het bestemmingsplan Binnenstad aangepast: we hebben de bouwmogelijkheden beperkt maar de functies verruimd, bijvoorbeeld voor daghoreca. We zien het ook in de openbare ruimte. We hebben het stringente beleid uit Binnenstad Beter losgelaten, steunen ondernemers met goede plannen en hebben hen ook verantwoordelijkheid gegeven bij de inrichting van enkele straten. Het terrasbeleid en het reclamebeleid is verruimd. Dit alles heeft hele goede effecten gehad. De binnenstad is er veel levendiger door geworden. Maar het heeft ook zichtbaar geleid tot meer ruimtebeslag in de toch al beperkte openbare ruimte.

Het winkel- en horeca-aanbod in de binnenstad is tot aan de coronacrisis kwantitatief op peil gebleven maar kwalitatief eenzijdiger. Het vastgoed in de stad is door stijgende prijzen steeds aantrekkelijker geworden voor kamerverhuurders maar bijvoorbeeld ook voor ondermijning. Ons college wil de regie terugnemen daar waar dat van ons verwacht wordt. Zo hebben we bijvoorbeeld op de woningmarkt met de Woonvisie het stuur teruggepakt. Woningen moeten voor iedereen beschikbaar zijn en niet alleen voor bewoners die dat kunnen betalen. Mensen met vitale beroepen als leraren, verplegers en politieagenten moeten ook in de stad kunnen wonen. Dat betekent dat we werk maken van voldoende betaalbare woningen: van sociale en middeldure huur tot goedkope koopwoningen en aantrekkelijke woonmilieus voor gezinnen. We sturen actief op het herwinnen van de openbare ruimte en het mobiliteitsbeleid in onze gemeente. Ook willen we meer regie op de zogenaamde ‘functiemix’: winkels, horeca, wonen, werken en verblijven in de stad. Regie voeren is niet alles zelf gaan doen. Een belangrijke vraag voor 2021 en verder is hoe doe je dat dan wel met beperkte financiële middelen en zonder alles helemaal te gaan dichtregelen? Meer banen voor een sterke stad in de regio Groningen vervult in Noord-Nederland een belangrijke functie.

Zo huisvest Groningen al jaren 55% van het aantal banen in de Regio Groningen – Assen. De afgelopen vijf jaar is de werkgelegenheid in Groningen steeds gegroeid. Dit geldt zowel voor het aantal banen als voor het aantal vestigingen. Onze uitdaging is om het aantal banen in Groningen verder te laten groeien, zodat we onze sterke positie in de regio behouden en zelfs vergroten. Dit zorgt er ook voor dat we meer inwoners kunnen bewegen van bijstand naar werk en daarmee hun kansen op een gezond, gelukkig en veilig leven vergroten.

7

Jaartal

Totaal Banen RGA

Gemeente Groningen

Groningen relatief

2015

263.110

142.850

54%

2016

263.160

144.130

55%

2017

270.130

148.980

55%

2018

277.710

153.840

55%

2019

284.280

157.050

55%

Energietransitie wordt steeds meer gereguleerd We verwachten dat de komende jaren de energietransitie een steeds dwingender karakter gaat krijgen. Het nieuwe kabinet zal via het klimaatakkoord uitwerking moeten geven aan het EU doel van 55% minder CO2 uitstoot. Maatregelen zullen steeds vaker vanuit de rijksoverheid opgelegd worden en het is niet ondenkbaar, gelet op waarschuwingen van De Nederlandse Bank en grote energiebedrijven, dat deze ontwikkeling de komende jaren versneld op de gemeenten afkomt. Zo zal het nieuwe kabinet een besluit moeten nemen over het zgn “artikel -2” onderzoek naar uitvoeringscapaciteit voor het klimaatakkoord bij gemeenten. Deze maatregelen kunnen zowel ingrepen zijn in de fysieke leefomgeving, het doorvertalen en borgen van wet- en regelgeving en het vergroten van de organisatiekracht. Actuele voorbeelden daarvan zijn het Warmtetransitieplan, Regionale Energie Strategie (RES) en het mogelijk opzetten van een exploitatiebedrijf voor energieopwekking in de gemeente.

1.2 Stedelijk Investeringsfonds (SIF) Bij deze Meerjarenprogramma’s hoort ook een financieel overzicht. De tabel in dit hoofdstuk geeft een totaaloverzicht van de beschikbare middelen binnen het SIF en is in overeenstemming met de gemeentebegroting. In de volgende hoofdstukken is per programma het financiële overzicht nader uitgewerkt. Vanaf de begroting 2021 zijn in principe alle extra beleids- en intensiveringsmiddelen die zijn gerelateerd aan de programma’s Groningen Geeft Energie, Leefkwaliteit, Ruimtelijke Economie/ Vestigingsklimaat, Verkeer & Vervoer en Wonen ondergebracht in het SIF. Voor een uitbreide toelichting van het Stedelijk Investeringsfonds verwijzen wij naar de Begroting 2021, onderdeel bijlage SIF. In onderstaand overzicht is de actuele stand van het SIF opgenomen (I=Incidenteel, S=Structureel). We hebben de tabel voor de leesbaarheid onderverdeeld in Meerjarenprogramma’s enerzijds en Ruimtelijke Projecten en overige anderzijds. Per Meerjarenprogramma is aangegeven hoeveel intensiveringsmiddelen (INT) of andere middelen beschikbaar zijn. Per ruimtelijk project (Gebiedsontwikkelingen, plankosten en overige) is eveneens aangegeven wat hiervan in het SIF is opgenomen. Uit dit overzicht blijkt dat voor de meeste programma’s - maar bijvoorbeeld ook voor wijkvernieuwing - geen of aanzienlijk minder intensiveringsmiddelen beschikbaar zijn na 2023.

Per programma wordt daar nader op ingegaan. Het is een opgave voor het volgend college om te borgen dat er ook voor de volgende collegeperiode intensiveringsmiddelen beschikbaar zijn om aan de gemeentelijke beleidsambities ook daadwerkelijk invulling te kunnen geven.

8

Actuele stand Stedelijk Investeringsfonds (SIF) Onderdeel

(bedragen in €)

I/S

2021

2022

2023

2024

INT Ruimtelijke Economie

I

350.000

200.000

0

0

-investeringen Ruimtelijke Economie

S

215.000

330.000

445.000

445.000

INT Verkeer en Vervoer

S

2.591.000

2.431.000

2.210.000

1.218.000

-Investeringen Verkeer en Vervoer

S

62.000

222.000

443.000

1.435.000

-Handhaving logistiek Zero Emission

S

200.000

200.000

200.000

200.000

INT Wonen

S

1.824.919

1.807.032

1.807.032

1.807.032

INT Groningen Geeft Energie

S

1.800.000

1.800.000

1.800.000

1.800.000

INT Groningen Geeft Energie

I

1.110.000

1.150.000

0

0

-Geen gezin in de kou (tegen energiearmoede)

S

230.000

230.000

230.000

230.000

INT Leefkwaliteit

S

1.183.869

1.201.756

1.201.756

1.201.756

INT Leefkwaliteit

I

100.000

100.000

0

0

-Groen in Openbare Ruimte (extra)

S

145.000

145.000

145.000

145.000

9.811.788

9.816.788

8.481.788

8.481.788

Meerjarenprogramma’s

subtotaal meerjarenprogramma's Ruimtelijke projecten en overige Projecten

I/S

2021

2022

2023

2024

Suikerzijde

S

1.600.000

1.600.000

2.060.000

2.520.000

Plankosten Kardinge

I

300.000

0

0

0

Nw. Oosterpoort

I

450.000

0

0

0

Stationsgebied investeringen

S

0

22.000

156.000

156.000

Ringsparen

S

454.000

454.000

454.000

454.000

OHZ

S

250.000

250.000

250.000

250.000

Binnenstadsprogramma

S

1.160.000

1.340.000

1.520.000

1.700.000

Wijkvernieuwing

I

4.001.000

4.001.000

0

0

Wijkvernieuwing

S

700.000

700.000

700.000

700.000

SIF plankosten

S

525.000

1.475.000

1.475.000

1.475.000

Stadshavens

S

400.000

600.000

800.000

1.000.000

taakstelling SIF

I

-1.600.000

-200.000 -1.200.000

-200.000

taakstelling SIF subsidies

I

-2.000.000

0

0

0

subtotaal ruimtelijke projecten en overige

6.240.000 10.242.000

6.215.000

8.055.000

Eindtotaal

16.051.788 20.058.788 14.696.788 16.536.788

9

2. Meerjarenprogramma Leefkwaliteit 2021-2024 2.1 Inleiding In alles wat we doen staat leefkwaliteit voorop. Een aantrekkelijk leefkwaliteit is niet alleen cruciaal voor de eigen inwoners maar ook een voorwaarde om (internationaal) talent naar de gemeente Groningen te halen en vast te houden. Het moet een plek zijn waar mensen prettig wonen, opgroeien, studeren, werken, ontspannen, spelen, bewegen en sporten ouder worden en uitgaan. Om de ambitie op het gebied van de leefkwaliteit te realiseren en alle ontwikkelingen en opgaven goed te kunnen oppakken zijn alle relevante beleidsvelden ondergebracht in het programma Leefkwaliteit. Op deze wijze is de reeds aanwezige integrale werkwijze te verbeteren, kunnen uitgangspunten voor ruimtelijke en sociale opgaven in samenhang worden geformuleerd en is het voeren van regie op het behalen van de doelstellingen beter toe te passen. Daarin betrekken we inwoners zodat de leefkwaliteit zoveel mogelijk aansluit op hun wensen, werken we samen met de gebiedsteams en de programma’s wijkvernieuwing en versterken en vernieuwen. Volgens KEI - het Kenniscentrum Stedelijke Vernieuwing - is Leefkwaliteit een combinatie van objectieve meting van, en beleving van bewoners en gebruikers over de woon- en leefomgeving. Het gaat daarbij om fysieke, sociale, culturele, economische en milieukenmerken van die omgeving.

Binnen het programma leefkwaliteit richten wij ons op de fysieke en milieukenmerken zonder de andere kenmerken uit het oog te verliezen. De leefkwaliteit is een samenbindend thema en heeft daarmee ook spin-off naar de economische vitaliteit, duurzaamheid en toekomstbestendigheid van onze gemeente. Het programma rijgt de programma’s in het fysieke domein aaneen en heeft ook een koppeling naar het beheer en het goed gebruik van de openbare ruimte enerzijds, en het sociale domein anderzijds, bijvoorbeeld met betrekking tot inclusiviteit, armoedebeleid en gezondheid. De goede leefomgeving draagt namelijk bij aan het mentale en fysieke welzijn. We sluiten daarmee aan bij de visie Healthy Ageing en de bijbehorende G6 en het meerjarenprogramma Sport en Bewegen. Het programma is opgebouwd uit drie pijlers: • Onze leefomgeving is robuust en veerkrachtig Onze leefomgeving is voor mens en dier robuust en veerkrachtig. Dit is een omgeving die tegen een stootje kan en daarmee de gevolgen van het veranderde klimaat aan kan. Deze gevolgen zijn op te vangen door meer aandacht te vragen voor en te investeren in groen en water in de stad en omliggende dorpen. • We stimuleren gezond, veilig en duurzaam leven in ons gebied Het is belangrijk dat onze inwoners gezond, veilig en duurzaam leven. De openbare ruimte speelt hierin een grote rol met een groene inrichting.

We willen de verleiding tot ontmoeten en bewegen in de openbare ruimte vergroten. In de openbare ruimte kunnen inwoners gemakkelijk door verschillende vormen in aanraking komen met gezond voedsel. Om inwoners uit te nodigen elkaar te ontmoeten en bewegen in de openbare ruimte zijn een goede lucht- en bodemkwaliteit en een normale geluidsbelasting belangrijke voorwaarden. • In onze (binnen)stad en dorpen staat verblijfskwaliteit voorop In zowel de bestaande als nog te ontwikkelen leefomgeving vinden wij verblijfskwaliteit van belang. Het ervaren en beleven van een waardevolle leefomgeving maakt dat inwoners actief meedoen. Het geeft een gevoel van geborgenheid. De verblijfskwaliteit wordt onder andere gerealiseerd door de elementen die een robuuste en veerkrachtige leefomgeving vormen. Gebouwde omgeving, erfgoed en archeologie hebben een grote bijdrage aan de leefkwaliteit en hebben dan ook een prominente rol in het realiseren van voldoende verblijfskwaliteit.

10

Leefkwaliteit doen we samen De samenwerking met deze partners vraagt altijd om maatwerk. Dat maatwerk realiseren we via het gebiedsgericht werken. De gemeente is divers op vele aspecten. De compacte en dynamische stad waar het goed leven is vanwege een hoogwaardig woon-, werk-, voorzieningen- en cultuurcentrum. Een stad die is ingebed in een divers landschap dat rijk is aan cultuurhistorisch erfgoed en landschappelijk en archeologisch waardevolle terreinen. De rust en ruimte maken het ommeland een geschikte plek om te recreëren. In dit buitengebied zijn verschillende dorpen die elk uniek zijn door hun omvang en karakter. Het meerjarenprogramma Leefkwaliteit schetst de lijn voor de komende jaren. Onderstaande tijdlijn geeft de activiteiten weer, waarbij we ook een doorkijk bieden naar de lange termijn.

2021 1e helft

2021

•Leidraad openbare ruimte • Klimaatweek •Natuurinclusief bouwen

- Uitvoeringsagenda Voedselvisie - Sanering vuilstort Woltersum gereed - Opening fietsenstalling Grote Markt

• Gemeentelijke Ecologische Structuur • Meer verblijfskwaliteit Schouwburgplein, omgeving Kattenbrug en Nieuwe Boteringestraat

2e helft

2022

• Herinrichting Damsterplein gereed • Dudok aan het Diep gereed • Omgevingswet treedt in werking

• Herinrichting Grote Markt gereed

2023

2024

• Aanpak urgente wateroverlast- en hittestresslocaties uit Uitvoeringsagenda Klimaatbestendig Groningen zijn aangepakt • aanpak Parkweg als verbinding tussen Hoofdstation en Stadspark / Martini Trade Park

2025 -

• Aanleg Zuiderplantsoen gereed (2025) • Start ombouw Westelijke Ringweg (2026)

2030

Na 2030

• Emissieloze binnenstad (2030) • Groningen CO2-neutraal (2035) • Klimaatbestendige gemeente (2050)

2.2 Belangrijkste opgaven 2021-2024 en activiteiten 2021 In dit meerjarenprogramma Leefkwaliteit zijn de ambities uit het coalitieakkoord Gezond, Groen, Gelukkig Groningen doorvertaald naar opgaven op hoofdlijnen. Tevens hebben de vijf belangrijkste opgaven uit Next City een plek gekregen in dit programma. Voor elk thema geven we een nadere uitwerking van de opgaven waaraan we werken.

11

12

2.2.1 Opgave: Onze leefomgeving is robuust en veerkrachtig Uitvoeringsagenda Klimaatbestendig Groningen Onze ambitie is dat de gemeente Groningen in 2050 klimaatbestendig is. Bij het kiezen van het jaartal van 2050 hebben we gekeken naar zowel de benodigde investeringen (de kosten) als de potentiële schade die ermee wordt voorkomen (de baten). We koppelen het oplossen van ongeveer de helft van de nu bekende knelpunten aan andere werkzaamheden. Om Groningen in 2050 klimaatbestending te maken, hebben we de volgende doelstellingen geformuleerd: • • • •

Wateroverlast voorkomen; Hittestress voorkomen en verminderen; Ruimtelijke kwaliteit verbeteren; Kwetsbare groepen extra beschermen.

Onze strategie om Groningen in 2050 klimaatbestendig te maken, bestaat uit vier pijlers. We richten ons op integraal werken, toekomstgericht werken, samenwerken en het goede voorbeeld geven. In 2021 gaan we onder andere: • starten met de aanpak van de urgente hittestress en wateroverlastlocaties; • een wijkklimaatmonitor opstellen; • een risicodialoog voeren met verschillende stakeholders om tot een gezamenlijke aanpak te komen. Groenplan Vitamine G en Uitvoeringsplan Groen Wanneer het gaat om het behoud en versterken van het leefklimaat in stad en ommeland is groen belangrijk. Dit geldt voor zowel mensen als dieren. Wij zijn ons bewust van de bijdrage die groen levert aan een goede leefomgeving. Denk aan natuurwaarde, gezondheid, een betere luchtkwaliteit, klimaatadaptieve omgeving, recreatiewaarde, esthetische waarde, cultuurhistorische waarde en ook economische waarde. Groen biedt een plek voor ontmoeting en beweging en draagt bij aan een goed woon- en werkklimaat en een gezonde levensstijl. In het groenplan focussen we ons op: • Meer groen: we planten jaarlijks 1000 bomen in de openbare ruimte en voegen 30.000 m2 extra groen toe door overbodige verharding te vervangen. • Beter groen: het groen is klimaatadaptief, het is aantrekkelijk om in te verblijven voor mens en dier en het groen is divers.

• Bereikbaarder groen: het buitengebied is toegankelijk, er is altijd kwalitatief groen in de buurt en we verbinden groengebieden met elkaar. In het Uitvoeringsplan Groen benoemen we voor de periode 2021 – 2025 welke projecten we gaan uitvoeren. Deze projecten dragen bij aan de doelstellingen uit de Uitvoeringsagenda Klimaatbestendig Groningen en het Groenplan Vitamine G. In 2021 werken we aan concrete projecten als: • • • •

het vergroenen van Selwerd-Zuid en Europapark; het aanleggen van het door bewoners geïnitieerde Caspomor-park in Paddepoel; de 2e fase Helperzoom – fietsstraat; landschapsprojecten in het Gorecht waarin we samenwerken met bewoners om het kenmerkende landschap te behouden en te versterken; • de aanleg van een ecologische verbinding tussen recreatiegebied Kardinge en Meerstad af (opgestart als bewonersinitiatief);

13

• het vergroenen van terreinen met bewoners via Operatie steenbreek, Groene Schoolpleinen en Nieuwe dag, nieuwe boom; • het uitvoeren van ideeën die in het kader van het Groenplan door inwoners zijn ingediend; • het opstellen een regeling natuur inclusief bouwen; • het uitbreiden van de Stedelijke Ecologische Structuur naar een Gemeentelijke Ecologische Structuur.

2.2.2 Opgave: We stimuleren gezond, veilig en duurzaam leven in ons grondgebied Voedsel In 2021 hebben we een voedselagenda opgesteld. De basis voor deze agenda is de nota Groningen groeit gezond uit 2012. Hierin is de context wereldwijd en regionaal beschreven, de raakvlakken van voedsel dwars door de organisatie en de maatschappij zijn aangegeven. Na 8 jaar is dat niet veranderd, wel is de urgentie groter, ook in Groningen. Het gezondheidsverschil is niet kleiner geworden, de kennis over voedsel nauwelijks toegenomen bij de meeste inwoners van de gemeente. De kansen om een transitie te maken naar een duurzaam, gezond, inclusief lokaal voedselsysteem zijn er: het (voedsel)netwerk is sterk in onze regio, we hebben veel kennis in huis met belangrijke instituten en onderzoeken zoals Aletta Jacobs, Lifelines en HANNN. We leven in een gebied waarbij er genoeg ruimte is voor voedselproductie, verschillende landschapstypes zorgen voor de mogelijkheid om een breed scala aan voedsel lokaal/regionaal te produceren. Met het Horizon project FOODTRAILS hebben we kennis en middelen tot onze beschikking om een groep inwoners die daar het meest behoefte aan heeft te ondersteunen bij een gezonder en duurzaam eetpatroon en mee te doen in hun eigen gemeenschap.

We focussen ons in het nieuwe beleid op de volgende doelen: • we gaan het goede voorbeeld geven en uitdragen met onze eigen restaurants en catering, waarbij gezond, duurzaam en lokaal de belangrijkste uitgangspunten zijn met meer plantaardige eiwitten op het menu; • in de openbare ruimte blijven we inzetten op meer (eetbaar) groen, met meer focus op de werklocaties; • het Europese project FOODTRAILS koppelen we aan de regiodeal. Gericht op het ontwikkelen van een voedselsysteem in de wijken waarin iedereen mee kan doen en gezond, duurzaam en lokaal voedsel kan eten. We werken een agenda uit waarin we aangeven hoe we de komende twee jaren invulling geven aan het behalen van deze doelen. De agenda is onderdeel van de actualisatie van de nota. Toegankelijkheid In 2017 hebben we als gemeente Groningen het eerste Actieplan Toegankelijk Groningen opgesteld. Sinds het instellen van het actieplan hebben we stappen gezet, maar er is nog veel te doen voor een toegankelijke gemeente. Afgelopen jaar is het actieplan geëvalueerd, samen met de Werkgroep Toegankelijk Groningen. Dit is de opmaat naar een nieuwe toegankelijkheidsagenda waarmee we de komende jaren willen werken aan de toegankelijkheid van de gemeente Groningen. In de nieuwe Toegankelijkheidsagenda werken toe naar inclusief beleid op alle beleidsterreinen.

Om dit voor elkaar te krijgen zijn er uit diverse beleidsterreinen ambassadeurs opgestaan die zich inzetten voor het vergroten van bewustwording van toegankelijkheid bij het maken van beleid. De werkgroep Toegankelijk Groningen en het discriminatiemeldpunt denken mee over nieuw beleid. We

14

onderzoeken ook of in de binnenstad voldoende speelaanleidingen zijn. We komen dit jaar met een voorstel hoe dit is te verbeteren. In 2021 zetten we in op: • het opstellen van een nieuwe gemeente brede toegankelijkheidsagenda; • onderzoeken naar verbeteren van de speelaanleidingen in de binnenstad. Bodem In 2015 is door het Rijk, het IPO, de VNG en de Unie van waterschappen een convenant afgesloten voor de periode 2015 -2020. Hierin hebben de publieke partijen zich gecommitteerd aan een aantal doelen. Het Rijk stelt voor de uitvoering middelen beschikbaar. Centraal in het convenant staat o.a. de bodemsaneringsopgaven, maar ook de diepere ondergrond en grondwater zijn belangrijke thema’s. Op basis van dit convenant hebben we een uitvoeringsprogramma Bodem en Ondergrond 2015-2020 opgesteld. De doelen uit het convenant hebben we doorvertaald naar een aantal thema’s uit ons uitvoeringsprogramma. Deze zijn: • we geven uitvoering aan de verplichtingen vanuit de Wet bodembescherming en voeren onze wettelijke taken uit; • bodemsaneringsopgave: alle spoedlocaties zijn beheerst; • bodem en voedsel; • we maken een uitwerking van de visie op de ondergrond. De verwachting was dat eind 2020 een opvolger op het convenant gereed zou zijn. Dat is echter niet het geval. 2021 wordt gezien als een overgangsjaar. In 2022 treedt de Omgevingswet in werking.

De Wet bodembescherming gaat op in de Omgevingswet. Daarmee zullen ook de gemeenten die nu nog geen bevoegd gezag zijn dat voor een deel van de bodemtaken wel gaan worden en de verwachting is dan ook dat dit leidt tot een andere verdeling van de apparaatskosten voor de uitvoering van die taken. Hier vindt in 2021 door de betrokken partijen van het bestaande convenant een verdere uitwerking plaats. Gemeente Groningen is reeds bevoegd gezag. Voor de uitvoering van onze wettelijke taken zullen we in 2021 naar verwachting een decentrale uitkering vanuit het Rijk ontvangen die gelijk is aan de voorgaande jaren. In 2021 gaan we de volgende acties oppakken: • op basis van de afspraken tussen Rijk, IPO, VNG en Unie van waterschappen werken we een uitvoeringsprogramma bodem en ondergrond uit; • we ronden het proces rondom de actualisatie van de nota bodembeheer af. De nota stelt regels voor het toepassen van grond en baggerspecie binnen de gemeente. Uitgangspunten binnen het beleid is dat we een duurzaam en effectief bodembeheer voeren. De verwachting is dat de actualisatie in het eerste kwartaal van 2021 wordt afgerond; • In december 2020 is na een lang voorbereidingstraject een start gemaakt met de sanering van de voormalige vuilstort aan de Bouwerschapweg in Woltersum. De sanering van deze voormalige vuilstort is naar alle waarschijnlijkheid in april 2021 afgerond.

De locatie zal dan worden heringericht, mede op basis van de ideeën van inwoners van Woltersum. Luchtkwaliteit In 2016 hebben we voor het laatst een verslag luchtkwaliteit gemaakt. Dit verslag geeft een beeld van de luchtkwaliteit in de stad op basis van de verkeerssituatie in 2016. De luchtkwaliteit voldoet al jaren ruimschoots aan de wettelijke norm. Omdat bij concentraties onder norm ook

15

gezondheidseffecten kunnen optreden, beoordelen wij de luchtkwaliteit uit het oogpunt van gezondheid met behulp van de gezondheidseffectscores van de GGD Nederland. Op basis hiervan voldoet de luchtkwaliteit in onze gemeente vrijwel aan de beste score die in stedelijk gebied in Nederland haalbaar is. In 2021: • stellen we een nieuw verslag Luchtkwaliteit op. De uitkomsten zijn begin 2022 bekend. Geluid in 2018 hebben we een actieplan wegverkeerslawaai opgesteld op basis van in 2016 opgestelde geluidskaarten. Voor de gemeente Groningen zijn drie bronnen van omgevingslawaai relevant: wegverkeerslawaai, spoorlawaai en industrielawaai. In Groningen bestaat het omgevingslawaai vrijwel geheel uit wegverkeerslawaai. In het actieplan is aangegeven hoe wij situaties willen aanpakken waar sprake is van een hoge geluidsbelasting door wegverkeerslawaai. Het doel is om de leefbaarheid in Groningen verder te verbeteren en hanteren daartoe twee plandrempels: • 55dB: bij groot onderhoud worden asfaltwegen met een geluidsbelasting ≥ 55 dB op een cluster van woningen voorzien van stil(ler) asfalt; • 65 dB: met stil asfalt en/of verkeersmaatregelen worden overschrijdingen bij woningen ≥ 65 dB zoveel mogelijk ongedaan gemaakt of voorkomen. In: • 2021 geven we uitvoering aan het actieplan wegverkeerslawaai; • 2022 stellen we nieuwe geluidskaarten op.

Op basis hiervan zullen wij voor medio 2023 een nieuw actieplan vaststellen voor de periode 2023-2028.

2.2.3 Opgave: In onze (binnen)stad en dorpen staat verblijfskwaliteit voorop Leidraad openbare ruimte Bij het maken van de leidraad staat de mens centraal. Dit doen we door stad en dorpen in te richten zodat je de meeste verplaatsingen lopend kan doen. De mens wordt opnieuw maatgevend voor het ontwerp van straten. Daardoor komt meer ruimte vrij om klimaatopgaves bovengronds te realiseren en ze vorm te geven als aangename plekken voor beleving, verblijf, ontmoeten, spelen, bewegen en sporten. De leidraad resulteert in een aantal typologieën. Binnen de typologieën worden zoveel mogelijk opgaves gestapeld. Daarbij is aandacht voor het verkrijgen van grip op verhoudingen in gebruik aan de ene kant en hoe de beschikbare ruimte en functies in een straat zodanig een plek krijgen zodat binnen het straatprofiel maximaal invulling gegeven kan worden aan water-, biodiversiteits-, en klimaatadaptatiedoelstellingen aan de andere kant. Dit leidt uiteindelijk tot ontwerpprincipes opgebouwd uit verschillende bouwstenen. • In 2021 ronden we het opstellen van de Leidraad openbare ruimte af. Hoogbouw De nieuwe Hoogbouwnota is een herijking van het huidige beleid (2009). We zetten daarin de grote lijnen voort. De huidige nota biedt te weinig inspiratie waardoor we met ontwikkelaars en architecten onvoldoende het goede gesprek kunnen voeren over kwaliteit.

We hebben meer behoefte aan de doorvertaling van het beleid. We willen daarom het nieuwe beleid als een soort menukaart gaan opstellen met veel referentie. Daarnaast gaan we opnieuw kijken waar en wanneer we in de stad hoogbouw een passend middel vinden om invulling te geven aan de stedelijke agenda

16

uit de omgevingsvisie The Next City. Omdat we nog steeds een compacte stad willen zijn gaan we ook uitvoerig in op de inpassingsmogelijkheden in bestaande wijken. In het huidige document is dit te algemeen omschreven. We zullen hierbij ook iets over maatvoering gaan zeggen. Hoogbouw is een containerbegrip en in een lage stad is iets als snel hoogbouw. We gaan daarom ook de term middelhoogbouw invoeren en er zal veel aandacht zijn voor relatie van een gebouw met de directe omgeving: welke functies kunnen we toepassen in de zogenaamde plint. • In 2021 hebben we een geactualiseerde Hoogbouwnota gereed. Vuistregels Gronings Bouwen Op basis van een set met vuistregels Gronings Bouwen helpen we een bouwaanvrager om het bouwproject beter te maken en de procedures te versnellen. De vuistregels gaan onder andere in op het respecteren of versterken van het karakter van het gebied bij een ontwikkeling, het hergebruik karakteristieke panden, het stimuleren van hoogwaardige kwaliteit van gevels, plinten, daken en erfafscheidingen, het realiseren van een inclusieve stad en het maken van een hoogwaardige en klimaat adaptieve groene buitenruimte. • In 2021 zijn de Vuistregels Gronings Bouwen gereed. Mobiliteitsvisie In onze nieuwe Mobiliteitsvisie beschrijven we de belangrijkste keuzerichtingen op het gebied van bereikbaarheid, duurzaamheid en leefbaarheid en de onderlinge samenhang daarvan.

Daarbij zetten wij een uitstekende leefkwaliteit voorop. Dat houdt in dat we onze mobiliteit zo willen inrichten dat personen en goederen niet alleen zo snel mogelijk van A naar B reizen, maar dat we ook een gemeente willen waar het fijn is om te zijn en te verblijven. Dat betekent meer groen en aantrekkelijke openbare ruimtes en minder geluidbelasting en luchtvervuiling. Uiteraard houden we daarbij het belang van mobiliteit voor het maatschappelijk en economisch functioneren altijd voor ogen. De Mobiliteitsvisie gaat nadrukkelijk over onze stad én onze dorpen. • In het 2de kwartaal van 2021 is de Mobiliteitsvisie gereed. Een uitgebreidere beschrijving van de Mobiliteitsvisie is terug te vinden in het meerjarenprogramma Verkeer en Vervoer. Erfgoed en archeologie In 2017 is de nieuwe Erfgoednota vastgesteld. Dit erfgoedbeleid is zowel objectgericht als gebiedsgericht. Centraal staat altijd de vraag hoe erfgoed kan bijdragen aan de kwaliteit en leefbaarheid van de gemeente van nu en straks. We sorteren al voor op de Omgevingswet, die in 2022 van kracht wordt. Met het erfgoedbeleid kijken we daarnaast hoe we kunnen bijdragen aan het toegankelijk maken van het verhaal van Groningen, aan de kwaliteit van de leefomgeving, het vestigingsklimaat, het toerisme, de energieopgave, etc..

Het erfgoedwerk bestaat voor meer dan de helft uit de uitvoering van wettelijke taken, zoals de advisering op aanvragen om monumenten te verbouwen, de planologische advisering op terreinen van cultuurhistorie in de ruimtelijke ordening, archeologische waarden en het begeleiden van archeologisch onderzoek. Daarnaast in het delen van kennis een belangrijke taak, ook in het kader van de omgevingswet, door het publiekelijk ontsluiten van erfgoed-informatie op de Cultuurhistorische Waardenkaart. Het overige deel betreft werkzaamheden waarvoor we als gemeente gekozen hebben: de financiële ondersteuning van eigenaren van erfgoedpanden, voorlichting, PR-activiteiten zoals de organisatie van Open Monumentendag en het publiceren van het jaarboek Hervonden Stad en onderzoeksresultaten. Daarnaast wordt erfgoed op strategisch niveau ingezet bij het Atelier Stadsbouwmeester ten behoeve van een integrale benadering van gebiedsontwikkelingen en beleid. In 2021 pakken we ook sowieso de volgende zaken op:

17

• het vaststellen van het bestemmingsplan Gebouwd Erfgoed in okt 2021 (incl. afwegingskader). Cultuurhistorie wordt hiermee, naast monumenten en archeologie, geborgd in ruimtelijke ordening; • het vaststellen van de inventarisatie en waardering van als aanvulling op de huidige Cultuurhistorische waardenkaart; • een start maken met het samenstellen van een nieuwe lijst gemeentelijke monumenten (in het kader van de harmonisatie en op basis van de nieuwe inventarisatie); • Het opstellen van een nieuwe nota archeologie, met daarbij de geactualiseerde archeologische beleidskaart; • Het uitbreiden van de wettelijke taken van Erfgoed met Cultuurhistorie in RO (naast Monumenten en Archeologie). Fietsparkeren Het herwinnen van de openbare ruimte voor de voetganger heeft geleid tot een verzwaring van de aanpak van fietsparkeren. Immers de grote aantallen geparkeerde fietsen verhouden zich niet met de ambities de we hebben voor de leefbaarheid en de toegankelijkheid van de stad. De aanpak valt uiteen in de volgende drie punten: 1. Het zorgen voor voldoende overdekte stallingsplekken en fietsparkeerplaatsen op straat; 2. het aansporen van fietsers om hun fiets netjes te stallen op daarvoor bedoelde plekken; 3. en het handhaven op fout gestalde fietsen.

We zetten in 2021 in op de volgende activiteiten: • het openen van de fietsenstalling aan de Grote Markt (zie ook programma Verkeer); • onderzoek naar mogelijke locaties voor fietsenstallingen aan de west- en zuidzijde van de binnenstad; • structureel inzetten van fietsstewards, ook in nieuwe gebieden zoals rond het Forum op de Nieuwe Markt en omgeving. We hebben al jarenlang positieve ervaringen met fietsstewards; • toepassen van tijdelijke maatregelen, zoals extra rekken, tijdelijke fietsparkeervakken of doen proeven met gedragsbeïnvloeding; • handhaven op de maximale tijd die een fiets in de openbare ruimte kan blijven staan. Hiermee kunnen wij ruimte vrijspelen in de fietsenrekken op straat, die nu wordt ingenomen door fietswrakken en andere niet meer gebruikte fietsen; • handhaven op fout gestalde fietsen in de openbare ruimte van de binnenstad en bij de stations (zie ook programma verkeer).

2.3 Financiën In paragraaf 9.3 Leefkwaliteit gaan de nodige miljoenen om, deze worden toegelicht in de begroting. In dit Meerjarenprogramma wordt de inzet van de beschikbaar gestelde intensiveringsmiddelen behandeld. In tabel 1 worden het budget en inkomsten getoond.

18

Tabel 1: Budget en inkomsten Leefkwaliteit (bedragen x €1.000 ) 2021

2022

2023

2024

Structureel budget (S)

7.658

10.880

9.296

8.868

Incidenteel budget (I)

3.225

1.175

775

775

Overige inkomsten (O)1

1.600

0

0

0

Totaal beschikbaar

12.483

12.055

10.071

9.643

Binnen het programma Leefkwaliteit zijn doelen opgenomen die financieel niet tot de begroting van leefkwaliteit behoren. Denk bijvoorbeeld aan de doelstelling om in 2050 een klimaatbestendige gemeente te zijn. Een robuuste en veerkrachtige leefomgeving vormen we door meer groen aan te leggen maar ook door regenwater langer vast te houden en af te voeren via een gescheiden stelsel. Vanuit het GWRP worden middelen beschikbaar gesteld om deze doelstellingen te realiseren. De middelen staan echter op begrotingsprogramma 9.1. Erfgoed en archeologie dragen bij aan verblijfskwaliteit van de openbare ruimte. Beleidsmatig zijn de doelen dus verankerd binnen het programma Leefkwaliteit. De middelen staan echter in het begrotingsprogramma 8. We willen een toegankelijke openbare ruimte dat verblijf en ontmoeting stimuleert. In de binnenstad en enkele oude wijken wordt dit bemoeilijkt door het parkeren van fietsen. Samen met het deelprogramma Fiets uit het Meerjarenprogramma Verkeer & en Vervoer pakken we deze problematiek op. Alle beschikbare middelen zijn terug te vinden in programma 7 van de begroting. In tabel 2 wordt het meerjarenperspectief per pijler uit het programma getoond. Binnen elke pijler is een nadere onderverdeling gemaakt. Tabel 2. Verdeling middelen Leefkwaliteit (bedragen x €1.000) Begroting

2021

2022

2023

2024 S/I/O

SIF – Groen

9.3

500

500

500

500 S

Groen en Duurzaam Eelde

9.3

150

150

150

150 S

Groencompensatiefonds2

9.3

-

-

-

- S

Landschap

9.3

20

20

20

20 S

Prioritering GWRP klimaatadaptatie

9.1

1.500

1.500

1.500

1.500 S

Afkoppelbudget GWRP

9.1

1.500

1.500

1.500

1.500 S

Uitvoeringsprojecten afkoppelen GWRP

9.1

3.268

6.490

4.906

4.478 S

Groen in de openbare ruimte3

9.3

145

145

145

145 S

Robuust en veerkrachtig

1

Bijdrage van een derde, bijvoorbeeld via een subsidie vanuit provincie, Rijk of Europese Unie Inzet van het groencompensatiefonds is afhankelijk van de stortingen. We begroten geen budget voor deze post. Zie voor een stand van zaken van het Groencompensatiefonds tabel 3. 3 Aangenomen amendement begroting 2021 2

19

Begroting

2021

2022

2023

2024 S/I/O

Lucht en geluidkwaliteit

9.3

50

50

50

50 S

DU middelen Bodem & Ondergrond4

9.3

-

-

-

- S

Reserve bodemsanering vuilstort Woltersum

9.3

2.000

0

0

0 I

Provinciale bijdrage bodemsanering vuilstort

9.3

1.600

0

0

0 O

Horizon 2020 Foodtrail5

9.3

-

-

-

- O

Programma Archeologie

8

100

100

100

100 S

Programma Monumenten

8

200

200

200

200 S

Groninger Monumentenfonds

8

75

75

75

75 S

Erfgoed & archeologie coalitieakkoord

8

100

100

-

- I

Tijdelijke fietsmaatregelen coalitieakkoord

7

300

250

-

- I

Fietsstewards

9.3

250

350

350

350 I

Handhaven maximale parkeerduur

9.3

150

150

150

150 I

Handhaven fout geparkeerde fietsen

9.3

175

175

175

175 I

Inzet BOA’s bij handhaving avonden

9.3

100

100

100

100 I

Fietsparkeren – bijdrage programma binnenstad

9.3

Plankosten Leefkwaliteit structureel Plankosten middelen coalitieakkoord

Gezond, veilig en duurzaam leven

Verblijfskwaliteit staat voorop

I 100

-

-

-

9.3

150

150

150

150 S

9.3

50

50

-

- I

12.483

12.055

10.071

Totaal

9.643

2.4 Stand van zaken grondcompensatiefonds In 2017 is het groencompensatiefonds in leven geroepen om groen in de vorm van bomen en opgaande bosschages bij ruimtelijke ontwikkelingen te behouden. Mocht dit niet passen binnen de ontwikkeling dan zou via drie stappen compensatie moeten geschieden:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4136/documents/58974