CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage ASDG advies.pdf

gemeenteraad 29 november 2023, gemeente GroningenBij agendapunt: b: Mensen maken Groningen - een ode aan vrijwillige inzet (raadsvoorstel 20-9-23)1.512 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Advies conceptnota Vrijwillige Inzet ‘Mensen maken Groningen’ Groningen, 12 juni 2023 Geacht college, Hierbij de reactie van de Adviesgroep Sociaal Domein Groningen (ASDG), projectgroep Vrijwillige inzet, op de conceptnota Vrijwillige Inzet ‘Mensen maken Groningen’. Wij hebben de conceptnota gelezen en besproken in de projectgroep. Op basis hiervan geven wij diverse aandachtspunten en overwegingen mee, alsmede een aantal vragen.

Algemeen We merken een vorm van survivor bias in de nota: er wordt veel gesproken over wat huidige vrijwilligers (zeggen te) willen, terwijl dit juist de groep mensen is die zijn overgebleven. Je wil natuurlijk weten wat deze vrijwilligers willen, maar ook juist wat de mensen die zijn weggegaan, of nooit zijn gearriveerd, tekort kwam. Met meer investeren op dezelfde groep mensen behoudt je die groep wel, maar spreek je geen andere mensen aan. En het doel is juist vernieuwing. Dat gezegd hebbende, de intrinsieke behoefte tot vrijwilligerswerk lijkt wel volop bij inwoners aanwezig te zijn. Hoe komt dat dan niet tot uiting? Er lijkt een disconnect te bestaan tussen hoe men vrijwilligerswerk wil doen, en hoe het aangeboden wordt. Dit lijkt het voornaamste obstakel op dit moment. We vinden het fijn om een van de suggesties die wij in ons gesprek hadden geopperd, om meer korte-termijn projecten op te zetten, terug te zien in de nota. We hopen dan wel dat dit niet gelimiteerd wordt tot alleen “klussen” voor studenten, maar dat het ook een investering is om bestaand vrijwilligerswerk meer op deze manier vorm te geven. Daarnaast willen wij adviseren om vrijwilligerswerk, en dan met name de meer event-georiënteerde projecten, als platforms te zien, waar bestaande maar ook nieuwe vrijwilligers op kunnen aansluiten met hun eigen creatieve ideeën.

Zie het als een jamsessie in een Jazzcafé: je kan komen kijken, maar de drempel is laag om ook mee te doen. En zo gauw je mee hebt gedaan, is het makkelijk om mee te blijven doen. Daarvoor is het wel essentieel dat ruimte gecreëerd wordt voor inwoners om dingen te doen zonder dat zij dan direct ingekaderd worden met regels. Dat kan voor rekening van een (vrijwillige) organisator zijn, maar het doel moet zijn om de obstakels en hindernissen voor inwoners om mee toe doen zo laag mogelijk te maken.1

In social media communicatiewetenschappen wordt het publiek vaak in drie groepen verdeeld: Degenen die passief kijken, degenen die bijdragen, en zij die creeëren. Om YouTube als voorbeeld te nemen: Je hebt mensen die kijken, die commentaar posten, en die video's maken. Eenzelfde verdeling kan gemaakt worden in het vrijwilligers domein: de 'passieve' mensen die nog geen vrijwilliger zijn; de vrijwilligers die wel meehelpen en bijdragen, maar geen grote verantwoordelijkheden willen dragen; en de organisatoren, de besturen. De uitdaging is om de drempels en obstakels zo laag mogelijk te maken, zodat men makkelijk van de eerste naar de tweede groep, en van de tweede naar de derde kan. 1

Inhoudelijk Gebrek aan terugblik, impact Wmo In 2007 is de beleidsnota “Investeren in Sociaal Kapitaal” gepresenteerd. We weten ook dat er een afspraak was gemaakt om deze te actualiseren voor de zomer van 2013, maar dat uiteindelijk is besloten deze op te nemen in een brede nota Participatiebeleid. Er is dus sinds 2007 geen specifieke nota vrijwilligerswerk geweest. Wat zijn de resultaten van deze nota's? Welke trend hebben zich doorgezet, welke nieuwe ontwikkelingen zijn er? Welke acties uit deze nota('s) hebben welk resultaat gehad? In het kort, wij zouden graag meer historische context zien, dat er wordt teruggeblikt op de gemeentelijke handelingen op basis van deze nota('s). Vrijwilligerswerk en ouderen Wat opvalt in de nota is dat er zou moeten worden ingezet op het ‘aanboren’ van meer ouderen omdat er een overschot zou zijn dat gemotiveerd zou kunnen worden om (meer) vrijwilligerswerk te gaan doen. Er worden een paar voorbeelden gegeven van, b.v.

zoals in Rotterdam, maar kan dit een-twee-drie worden overgezet naar de Groningse situatie? En over welke leeftijdscategorie gaat het hier? Bij welke leeftijd begint de term ‘ouderen’? Is dat dan bij 50, 60 of vanaf pensioengerechtigde leeftijd? Verschuiving naar mantelzorg? Het beeld van de ASDG is dat juist de ouderen heel goed vertegenwoordigd zijn, maar dat de leeftijdsgroepen daaronder ondervertegenwoordigd zijn als het gaat om participatie aan vrijwilligerswerk. De vraag is of er nog wel zoveel potentieel is als wordt omgeschreven, het lijkt alsof er te gemakkelijk een beroep gedaan wordt op een leeftijdsgroep die al ‘druk bezet’ is door o.a. te moeten mantelzorgen. Zeker omdat er door de dubbele vergrijzing meer vrijwillige handen nodig zijn in de zorg. Verband tussen beleidsterreinen In de nota wordt de uitgewerkte verbinding met de andere beleidsterreinen gemist en dus met de beleidsvoering op die terreinen zoals Sociale Basis bijvoorbeeld, omdat toch ook duidelijk moet kunnen worden aangegeven de rol en het belang van vrijwilligerswerk in die bredere context. Het zou mooi zijn als er van weerskanten in de diverse nota’s die in deze periode het licht zien dwarsverbanden kunnen worden gelegd. Dat zorgt ervoor dat het belang van en de plek van het vrijwilligerswerk een steviger basis krijgt.

Sociale Basis Het begrip "vrijwillige inzet" lijkt een ruim genomen begrip dat daarmee een probleemanalyse uitgesloten lijkt. Specifiek: het begrip gaat voorbij aan het onderscheid te maken tussen bijvoorbeeld de "consumerende/deelnemende vrijwilliger" en de "organiseren/begeleidende vrijwilliger". Het begrip lijkt als doel te hebben: het genereren van vrijwillige energie. Het voorgestelde gemeentelijke beleid borduurt hierop voort. De vraag die daarbij gesteld kan worden is, of daarmee een toekomstbestendige vrijwillige inzet is gegarandeerd. Onduidelijk is ook, langs welke lijnen het voorgaande gemeentelijke beleid zich heeft ontplooid (2007/2013). Zo blijft het lastig in te zien hoe het begrippenkader uit landelijke onderzoeken naar algemeen vrijwilligerswerk, toepasbaar zijn op een specifieke wijkgerichte aanpak, Ook in de voorgestelde nota resoneren begrippen van 25 jaar geleden mee: zelfredzaamheid en vraaggerichtheid die een verdere individualisering in de hand werken.

Wanneer we het onderscheid wel maken, zien we in beide vrijwilligersgroepen problemen zichtbaar worden. Bij de "consumerende vrijwilliger" constateren we een vergrijzing en een terugloop. Bij de "organiserende vrijwilliger" zien we dat ook, maar dan met effecten in de sfeer van de voorwaarden: terugloop van bestuurskracht en activiteiten. Van voldoende (jonge) aanwas is nauwelijks sprake. Ook de verschuiving bij jonge mensen van "intrinsieke gemotiveerdheid" naar "individuele beleving" is een trend waaraan voorbij wordt gegaan, nog los van de leven beheersende "prestatiedrang" en "keuzestress" (druk, druk, druk) waar veel jonge mensen onder gebukt gaan. Analoog zien we deze trend ook in kerkelijke gemeenschappen, waarover RTV Noord onlangs heeft bericht. Ook daar leidt de vergrijzing tot een verval aan bestuurskracht en het staken activiteiten. De verwachting is dat over 5 jaar veel kerkelijke gemeenschappen in het noorden hun deuren sluiten. Statistisch gezien bestaat de consumerende groep dan ook niet meer. Door het missen van deze trends, is het de vraag of het voorgestelde beleid toekomstbestendig is. Er is bij de gemeente zelf wel een trend zichtbaar: de keuze om een overheid op afstand te zijn die reageert op burgerlijke initiatieven. De keuze om een "responsieve overheid" te zijn.

Dat betekent niet dat daarmee de hang naar coördinatie en controle weg is, In de financiële paragraaf zien we dat die verschuift naar centrale instellingen (verhangen van de bordjes?), daarmee zal het wantrouwen en achterdocht bij burgers niet afnemen. De huidige tijd schreeuwt zo langzamerhand om decentralisatie (herstel van vertrouwen). In het nieuwe beleid zal het uiteindelijk meer moeten gaan om het genereren van commitment in de wijk in plaats van zelfredzaamheid en vraaggerichtheid. Methodisch dient het te gaan om het zichtbaar maken van mensen via het ontwikkelen van "lege structuren", die gevuld worden met creativiteit. Rol overheid In het kader van meer zelfsturing en eigen regie wordt aangegeven dat gemeenten vaker de rol van samenwerkende en responsieve overheid op zich zullen nemen door dit te faciliteren en te ondersteunen. Hoe vertaalt zich dit in een individuele organisatie? Kan de gemeente een voorbeeld geven hoe dit wordt toegepast op een vrijwilligersorganisatie? Hoe verhouden deze functie zich met het leerstuk van de beleidsvrijheid van organisaties? Onderzoeken In de nota wordt gerefereerd aan een studentenonderzoek uit 2015. Hoe nemen de vrijwilligersorganisaties hier kennis van? Onderzoek als dit kan een rol spelen bij het vrijwilligersbeleid in de organisaties. Is de gemeente Groningen van plan om de implementatie van dit soort nota’s te stimuleren?

Culturele diversiteit In de nota is te lezen dat organisaties met een geheel diverse en inclusieve structuur, er ook mensen actief zijn met een diverse culturele achtergrond, ook bestuurlijk. Om welke organisaties gaat het? En wat kan men hiervan leren? Hoe krijgt men in een andere organisatie ook een geheel diverse en inclusieve structuur? Zijn daar financiën mee gemoeid? Als actiepunt wordt genoemd dat de gemeente Groningen tijdelijk extra inzet wil plegen voor culturele diversiteit. Hoe gaat dit er uit zien? Middels welke functie en werkzaamheden? Bij welke instelling? Via de gemeente? Met vriendelijke groet, namens de projectgroep Vrijwillige Inzet van de ASDG, Coen van der Heide, Henk Obbink, Tineke Overdijk. Vincent Sontohartono en Mark Vos Contact: info@asdgg.nl Website: www.adviesgroepsociaaldomeingemeentegroningen.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4692/documents/77954