Bijlage 6 Toelichting quickscan Wet natuurbescherming.pdf
Tekst van het document
Quickscan scherming Groningen
Wet natuurbeMidscheeps 3
Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
Opdrachtgever Lefier Contactpersoon Dhr. M. Hilberink Status Definitief Datum 6 maart 2018 Vrijgave Dagmar Heidinga
2
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
Inhoud
1 | Inleiding 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
5 Aanleiding en doel Wettelijk kader Onderzoeksmethode Ligging en beschrijving plangebied Planbeschrijving
2 | Resultaten en effecten 2.1 2.2 2.3
9
Vogelrichtlijnsoorten Habitatrichtlijnsoorten Nationaal beschermde dier- en plantensoorten
3 | Conclusie 3.1 3.2
5 5 6 6 7
9 9 11 13
Conclusie beschermde soorten Benodigde vervolgstappen
4 | Literatuur en bronnen
13 13 15
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
3
1 | Inleiding
1.1 Aanleiding en doel Lefier heeft plannen om het gebouw gevestigd aan Midscheeps 3 in Lewenborg Groningen (De Oude Bieb) te slopen en te vervangen door iets nieuws. Om deze ontwikkelingen binnen de kaders van de Wet natuurbescherming uit te voeren is Buro Bakker gevraagd een quickscan aan het wetsonderdeel soorten uit te voeren. Effecten op beschermde soorten als gevolg van de gewenste ontwikkeling, kunnen niet op voorhand worden uitgesloten. Een toetsing aan het onderdeel soortenbescherming van de Wet natuurbescherming is dan ook noodzakelijk. In dit rapport zijn de bevindingen van de quickscan uitgewerkt, waarbij rekening is gehouden met de beschermde soorten onder de Wet Natuurbescherming. Deze quickscan geeft antwoord op de volgende vragen: Welke beschermde flora en fauna zijn aanwezig of kunnen in het plangebied en omgeving voorkomen? Kunnen de geplande werkzaamheden negatieve effecten hebben op beschermde flora en fauna? Zo ja, welke effecten kunnen optreden en welke maatregelen zijn dan nodig om deze negatieve effecten te voorkomen? Indien schade niet volledig is te vermijden, welke vervolgstappen zijn dan aan de orde?
1.2 Wettelijk kader Per 1 januari 2017 zijn de Flora- en faunawet, Natuurbeschermingswet en Boswet opgegaan in één nieuwe wet: de Wet natuurbescherming. Hoofdstuk 3 van de Wet natuurbescherming betreft het onderdeel soorten, voorheen de Flora- en faunawet. Met deze quickscan vindt de toetsing aan het onderdeel soorten van de Wet natuurbescherming plaats. Voor dit project is de provincie Groningen het bevoegd gezag voor de uitvoering van de Wet natuurbescherming en voor het verlenen van een eventuele ontheffing.
• • •
In de Wet natuurbescherming worden drie beschermingsregimes onderscheiden: Vogelrichtlijnsoorten (artikel 3.1 -3.4) Habitatrichtlijnsoorten en soorten genoemd in de verdragen Bern en Bonn (artikel 3.5 - 3.9) Andere nationaal beschermde soorten (artikel 3.10 - 3.11; bijlage onderdeel A en B) In de Bijlagen van de Verdragen van Bern en Bonn worden ook vogels genoemd. Een aantal vogelsoorten valt dan zowel onder het beschermingsregime van de Vogelrichtlijn als onder de Habitatrichtlijn. Het beschermingsregime van Habitatrichtlijnsoorten is ten aanzien van verstoren strenger dan die van Vogelrichtlijn soorten. Voor vogels die vermeld staan in de Vogelrichtlijn geldt dat verstoring tijdens het broedseizoen geen overtreding van de wet inhoudt, mits de verstoring geen wezenlijke invloed heeft op de gunstige staat van instandhouding van de soort. Voor vogels die genoemd worden in de verdragen van Bonn en Bern geldt dat zij vogels tijdens het broedseizoen niet mogen worden verstoord. Los van het beschermingsregime blijft het doden van vogels, beschadigen en/of vernielen van nesten een overtreding van de wet. Onder de Wet Natuurbescherming geldt, net als onder de Flora- en faunawet, de zorgplicht (artikel 1.11.) voor alle in het wild levende dieren. De provincie Groningen heeft voor de implementatie van
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
5
de Wet natuurbescherming een verordening vastgesteld. Voor een aantal algemene soorten zoogdieren en amfibieën geldt een vrijstelling.
1.3 Onderzoeksmethode Voor het bepalen van de mogelijke effecten van de geplande werkzaamheden is het noodzakelijk te weten welke beschermde soorten aanwezig zijn en kunnen zijn, in en in de omgeving van het plangebied. Hiervoor is bronnenonderzoek en een veldbezoek uitgevoerd. Bronnenonderzoek Het bronnenonderzoek bestaat uit het raadplegen van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) en vrij beschikbare verspreidingsgegevens van beschermde soorten flora en fauna. Hiervoor zijn de meest actuele en relevante bronnen geraadpleegd (zie ook hoofdstuk 4). De NDFF is geraadpleegd op 22 februari 2018. Veldonderzoek Op 21 februari 2018 is een verkenning in het plangebied en de directe omgeving (onderzoeksgebied) uitgevoerd door een ecoloog van Buro Bakker. Tijdens dit veldbezoek is een beoordeling gemaakt van de geschiktheid van het gebouw als leefgebied voor beschermde flora en fauna. Tevens zijn de waargenomen beschermde soorten genoteerd.
1.4 Ligging en beschrijving plangebied Het plangebied betreft het gebouw aan de Midscheeps 3 in de wijk Lewenborg, Groningen. Het gebouw is bekend onder de naam “De Oude Bieb” en heeft de functie van een ontmoetingscentrum voor bewoners van de wijk Lewenborg. De ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1.
Figuur 1
Ligging plangebied (bron: www.openstreetmaps.org).
Het gebouw is eenlaags en heeft een plat dak met een dakbedekking van bitumen. De dakconstructie bestaat uit een vrij grote overstek met Trespa boeidelen. De boeidelen zijn van onderen afgewerkt met roostertjes. In de gevelmuren zijn ook op een aantal plaatsen ventilatieroostertjes aangebracht. Open stootvoegen zijn niet aanwezig. In de gevels is relatief veel glas aanwezig.
6
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
Foto 1
Impressie van het onderzochte gebouw.
1.5 Planbeschrijving De ontwikkeling betreft de sloop van het gebouw en de bouw van nieuwe appartementen op de vrijkomende grond. Voor de ontwikkeling zal ook het aanwezige groen rondom het gebouw worden gerooid.
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
7
2 | Resultaten en effecten
Dit hoofdstuk beschrijft het (mogelijke) voorkomen van beschermde flora en fauna. Per beschermingsregime zijn de effecten beschreven en getoetst aan de Wet Natuurbescherming. Vervolgens zijn de eventuele vervolgstappen aangegeven. In dit hoofdstuk is onderscheid gemaakt in Vogelrichtlijnsoorten (paragraaf 2.1), Habitatrichtlijnsoorten (paragraaf 2.2) en Nationaal beschermde soorten (paragraaf 2.3).
2.1 Vogelrichtlijnsoorten Aanwezige beschermde soorten Jaarrond beschermde nesten De aanwezigheid van soorten met jaarrond beschermde nesten kan op basis van de quickscan worden uitgesloten. Het gebouw heeft een plat dak en is niet voorzien van allerlei nisvormige ruimtes. Ook voor andere soorten vogels met jaarrond beschermde nesten zoals de gierzwaluw en kerkuil is het gebouw ongeschikt. Overige broedvogels Aan de achtergevel hangt een nestkastje voor vogels. Deze kan in het broedseizoen in gebruik worden genomen door een koolmees of een pimpelmees. Het groen in de directe omgeving van het gebouw is niet geschikt voor broedende vogels. Hier is onvoldoende dekking. Effecten en vervolg Jaarrond beschermde soorten Vogels met jaarrond beschermde nesten zijn niet aanwezig. Effecten en vervolgstappen zijn daarom niet aan de orde. Overige broedvogels (Opzettelijke) verstoring van vogelrichtlijnsoorten is toegestaan als er geen wezenlijke invloed is op de gunstige staat van instandhouding van de soorten. De verwachte broedvogelsoorten (koolmees en pimpelmees) zijn echter ook beschermd volgens de Habitatrichtlijn (zie 2.2.2). Het is daarom van belang verstoring van alle nesten in het broedseizoen helemaal te voorkomen. Effecten van de werkzaamheden op de aanwezige broedvogels kunnen optreden als het gebouw tijdens het broedseizoen wordt gesloopt.
Nesten van broedvogels kunnen hierbij verstoord en/of vernietigd worden. Verstoring en/of vernietiging van nesten kan voorkomen worden door te werken buiten het broedseizoen (dus globaal buiten de periode van half maart t/m half juli), of door het nestkastje ruim voor de start van het broedseizoen te verplaatsen naar een veilige locatie.
2.2 Habitatrichtlijnsoorten 2.2.1 Planten Aanwezige soorten Binnen het plangebied ontbreekt geschikt habitat voor beschermde plantensoorten van de Habitatrichtlijn. Er zijn vier planten beschermd onder de Habitatrichtlijn, te weten: drijvende waterweegbree, groenknolorchis, kruipend moerasscherm en zomerschroeforchis. Deze soorten komen alleen in zeer specifieke milieus voor en zijn afhankelijk van kalkrijke, voedselarme en vochtige tot natte omstandigheden met kwelinvloed. Het plangebied is voor deze soorten niet geschikt omdat hier vanwege de aanwezigheid van voedselrijk grasland een voedselrijke situatie aanwezig is.
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
9
Effecten en vervolg De geplande werkzaamheden leiden niet tot negatieve effecten op beschermde planten van de Habitatrichtlijn. Vervolgstappen zijn zodoende niet aan de orde.
2.2.2 Broedvogels Aanwezige soorten Binnen het plangebied kunnen soorten tot broeden komen die onder de Habitatrichtlijn vallen (Wet Natuurbescherming, artikel 3.5). Dit zijn koolmees en pimpelmees. Effecten en vervolg Effecten van de werkzaamheden op de aanwezige broedvogels kunnen optreden als tijdens het broedseizoen wordt gesloopt of gekapt. Nesten van broedvogels kunnen hierbij verstoord en/of vernietigd worden. Verstoring en/of vernietiging van nesten kan voorkomen worden door te werken buiten het broedseizoen. Zie hiervoor ook de tekst onder de Vogelrichtlijn (§ 2.1).
2.2.3 Vleermuizen Aanwezige beschermde soorten Verblijfplaatsen De aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen kan op basis van de quickscan worden uitgesloten. Het gebouw is ongeschikt voor vleermuizen om er een verblijfplaats te hebben. Het gebouw heeft weliswaar een spouw, maar deze is niet toegankelijk voor vleermuizen. Ook de ruimte achter de boeidelen zijn ontoegankelijk, doordat openingen zijn afgewerkt met roostertjes (zie foto 2).
Foto 2
De kieren tussen de muur en de boeidelen
zijn afgewerkt met roostertjes en daardoor ontoegankelijk voor vleermuizen.
Essentiële vliegroutes In het plangebied zijn geen bomenrijen aanwezig die onderdeel vormen van opgaande lijnvormige structuren. De aanwezigheid van essentiële vliegroutes voor vleermuizen kan daarom worden uitgesloten. Essentieel foerageergebied Binnen het plangebied ontbreekt belangrijk onmisbaar foerageergebied. Delen van het plangebied worden hooguit incidenteel gebruikt als foerageergebied van vleermuizen die in de omgeving verblijven. Effecten en vervolg Verblijfplaatsen, essentiële vliegroutes en foerageergebieden van vleermuizen zijn binnen het plangebied niet aanwezig. Effecten en vervolgstappen zijn daarom niet aan de orde.
10
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
2.2.4 Grondgebonden zoogdieren Aanwezige beschermde soorten Relevante grondgebonden zoogdieren die zijn beschermd onder de Habitatrichtlijn zijn bever en otter. De aanwezigheid van beide soorten in het plangebied kan op voorhand worden uitgesloten. Voor beide soorten is geen geschikt leefgebied aanwezig. Daarnaast komen beide soorten in de wijde omgeving van het plangebied niet voor (NDFF, 2018). Effecten en vervolg De geplande werkzaamheden leiden niet tot negatieve effecten op grondgebonden zoogdieren. Vervolgstappen zijn zodoende niet aan de orde.
2.2.5 Reptielen en amfibieën Aanwezige beschermde soorten De aanwezigheid van (beschermde) reptielen en amfibieën kan op voorhand worden uitgesloten. Geschikt leefgebied voor reptielen en relevante soorten amfibieën (heikikker en poelkikker) komt niet in het plangebied voor. Effecten en vervolg Effecten en vervolgstappen voor beschermde reptielen en amfibieën zijn niet aan de orde.
2.2.6 Vissen Aanwezige beschermde soorten Water ontbreekt. Hierdoor kan de aanwezigheid van (beschermde) vissen worden uitgesloten. Effecten en vervolg Effecten en vervolgstappen voor beschermde vissen zijn niet aan de orde.
2.2.7 Insecten en ongewervelden Aanwezige beschermde soorten De aanwezigheid van beschermde insecten en ongewervelden is uit te sluiten. Het gebouw is niet geschikt voor soorten uit deze soortgroepen. De aanwezigheid van soorten binnen deze soortgroepen is vaak gebonden aan zeer specifieke milieus (bijvoorbeeld krabbenscheervegetaties, voedselarme vennetjes en hoogveenontwikkeling). Effecten en vervolg Effecten en vervolgstappen voor beschermde insecten en ongewervelden zijn niet aan de orde.
2.3 Nationaal beschermde dier- en plantensoorten Aanwezige beschermde soorten In het groen rondom de bebouwing zijn geen nationaal beschermde plantensoorten aangetroffen. Gezien de terreinkarakteristieken van het perceel kan de aanwezigheid van dergelijke soorten worden uitgesloten. Groeiomstandigheden voor beschermde soorten zijn niet aanwezig. In het gebouw zijn geen geschikte verblijfplaatsen van de steenmarter aanwezig. Rondom het gebouw is in beperkte mate geschikt habitat aanwezig voor een aantal andere beschermde grondgebonden zoogdiersoorten. Enkele muizensoorten en andere kleine zoogdieren kunnen gebruik maken van en verblijfplaatsen hebben binnen het plangebied zoals egel, bosmuis en huisspitsmuis. Voor nationaal beschermde reptielen, amfibieën, vissen, dagvlinders, libellen en overige ongewervelden ontbreekt geschikt habitat.
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
11
Effecten en vervolg Voor de aanwezige Nationaal beschermde soorten geldt, conform de Verordening Wet natuurbescherming van de provincie Groningen, een algehele vrijstelling. Eventuele schade aan soorten, waarvoor een vrijstelling geldt, hoeft niet te worden gecompenseerd. Wel is op deze soorten de zorgplicht van kracht (Wet Natuurbescherming artikel 1.11). De zorgplicht houdt in dat schade aan wilde planten en dieren zoveel, als redelijkerwijs mogelijk is, wordt voorkomen.
12
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
3 | Conclusie
3.1 Conclusie beschermde soorten Op basis van de quickscan zijn met betrekking tot de aanwezigheid van beschermde flora en fauna de volgende conclusies te trekken:
• In het plangebied is geschikt broedbiotoop (nestkastje) aanwezig van een aantal vogels van de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn.
• In en rond het plangebied is verder leefgebied aanwezig van een aantal Nationaal beschermde soorten zoogdieren.
3.2 Benodigde vervolgstappen • Om effecten als gevolg van de werkzaamheden op de aanwezige broedvogels te voorkomen, is het
• •
van belang om het gebouw buiten het broedseizoen te slopen of het nestkastje aan de achterzijde van het gebouw ruim voor het broedseizoen te verplaatsen naar een andere locatie. Het broedseizoen omvat globaal de periode half maart tot half juli. Voor Nationaal beschermde soorten geldt dat ze allemaal zijn vrijgesteld. Voor deze soorten geldt wel de zorgplicht. De zorgplicht houdt in dat schade aan wilde planten en dieren zoveel, als redelijkerwijs mogelijk is, wordt voorkomen. Indien bovenstaande maatregelen worden getroffen worden verbodsbepalingen niet overtreden.
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
13
4 | Literatuur en bronnen
• Bos, E., M. Bosveld, D. Groenendijk, C. van Swaay en I. Wynhoff (De Vlinderstichting) (2006); De dagvlinders van Nederland, verspreiding en bescherming (Lepidoptera: Hesperioidea, Papilionoidea). Nederlandse fauna 7. Nationaal Natuurhistorisch museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey - Nederland, Leiden.
• Broekhuizen, S., Spoelstra, K., Thissen, J.B.M., Canters, K.J. & J.C. Buys (redactie), 2016. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. Natuur in Nederland 12. Naturalis Biodiversity Center & EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden, Leiden.
• Kapteyn, K., 1995. Vleermuizen in het landschap. Over hun ecologie, gedrag en verspreiding. Schuyt & Co Uitgevers, Haarlem.
• Nederlandse vereniging voor Libellenstudie, 2002. De Nederlandse libellen (Odonata). Nederlandse fauna 4. Nationaal Natuurhistorisch museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey - Nederland, Leiden.
• Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). Geraadpleegd 22 februari 2018. • Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden, 2016. Wet van 16 december 2015, houdende regels ter bescherming van de natuur (Wet natuurbescherming). Staatsblad 2016, nummer 34: 1-73.
Websites www.zoogdiervereniging.nl www.ravon.nl www.vogelbescherming.nl www.sovon.nl www.verspreidingsatlas.nl/
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
15
Colofon
Uitgevoerd door Buro Bakker adviesburo voor ecologie Weiersloop 9 Postbus 10034 | 9400 CA Assen T 0592 - 313389 | info@burobakker.nl www.burobakker.nl Projectleiding Dagmar Heidinga Rapportage Harold Steendam Veldwerk Harold Steendam Kwaliteitscontrole Koen Breed © Buro Bakker adviesburo voor ecologie Gebruik en overname van gegevens alleen toegestaan met volledige bronvermelding. Wijze van citeren Buro Bakker (2018); Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen. Rapport P18044, Assen. Foto's: Harold Steendam
2018 | P18044 | Quickscan Wet natuurbescherming Midscheeps 3 Groningen
17