CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 bij nr. 39 2021-09-20; Naschrift Bezwaar kap Lewenborg.pdf

Politieke woensdag (Dag agenda) 22 september 2021, gemeente GroningenBij agendapunt: 3: Voortgangsrapportage rekenkamerrapport Beleid dat hout snijdt (Collegebrief 7-7-2021)5.485 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan

:

College van B&W gemeente Groningen Postbus 30026, 9700 RM Groningen Afdeling SSC Juridische Zaken mail: (sscjuridisch@groningen.nl)

Van

Betreft

:

:

Gemachtigd door Stichting Boomwachters tot afhandeling van eerder ingediend bezwaar. Naschrift en uitwerking van eerder ingediende bezwaarschriften (zowel het bezwaarschrift als gemachtigde voor Stichting Boomwachters alsook het gelijkluidende bezwaarschrift op persoonlijke titel) tegen kapvergunning 48 bomen doss.nr. 202174297 20-09-2021

Datum

:

Geacht College, Bijgaand ontvangt u een nader uitgewerkte aanvulling op de eerder ingediende bezwaarschriften.

Nader uitgewerkte gronden van bezwaar

Inleiding De bezwaarmakers kunnen zich indenken dat wie het bezwaarschrift, dat het bezwaar tegen de aktuele vergunning handen en voeten wil geven, gaat lezen, zich gaandeweg zullen gaan afvragen: ja, ja, maar wanneer komt men nu met het bezwaar op de proppen. Die lezer is min of meer in de val gelokt. Immers, is verontwaardiging en verdriet niet voldoende om de bel te luiden? De Bezwaarcommissie fungeert vaak als een voorportaal van de rechter. Enerzijds een podium naar democratisch model om stoom af te kunnen blazen, anderzijds een mogelijkheid van het bevoegd gezag om laagdrempelig burgers kansen te geven het besluit op tekortkoming te betrappen en de Commissie met het Advies aan het College, de mogelijkheid te bieden het College voor te houden, een en ander nog eens tegen het licht te houden, met het oog op een eventueel rechterlijk oordeel. Het advies concludeert meestal ook beginnend met : …..ondanks de waarden van de bomen, menen wij dat de andere belangen prevaleren........; de vertegenwoordiger van de gemeente beperkt zich bij zittingen meestal ook tot het oplezen van de regelgeving. Voor echte discussie is gewoontegetrouw in het gevolgde format ook niet echt veel ruimte: 'geeft u maar uw toelichting, dan reageert het gezag en daarna mag u er nog even op reageren'.

Ondanks de 'mening' (veronderstelling) van de Commissie neemt het College doorgaans het advies klakkeloos over. In die zin is het Advies doorslaggevend. Daags daarna de linten en dranghekken en weer een dag later het kapmes.

Dat verontwaardiging en verdriet wezenlijk zijn binnen het bezwaar blijkt ook uit het gedrag van de overheid zelf. Die put zich uit in aan te geven dat ze echt, ja heel echt veel houdt van bomen, veel zorg besteedt aan het onderhoud (wat normaal is als je investeringen doet), dat ze inbindt als er bij bezwaren veel ophef ontstaat en roerig publiek komt opdagen: ja als jullie het echt niet willen, dan moeten we maar eerst even anders zien hoe we het toch voor elkaar krijgen, zonder de wapenstok in te zetten, maar wel een enkel representatief en vooroplopend individu uit de protestbeweging ter afschrikking even heel flink aanpakken. De overheid begint ook beleid met emotie en onderstreept het bij verzet daarmee dus ook. Gaandeweg doorlezend komen de aanmerkingen, vragen en tekortkomingen van de vergunning in beeld: • •

• •

•

• • •

•

zijn containerbegrippen (als gevaar, duurzaam,) wel onderbouwd, omdat ze als hard argument worden ingezet de Populierenrichtlijn wordt als wetgevend kader naar voren gebracht, terwijl het in feite een hulpmiddel is voor gemeenten met te weinig capaciteit (kwalitatief en kwantitatief) om zelf te oordelen en te wegen is er oorspronkelijk en nu wel de vereiste BEA gevolgd voor kap in SES (GES) worden de klimaatdoelen, ondanks prominente deelname als Global Goals gemeente, wel serieus genomen door veel kap van oudere bomen die de oorzaak van temperatuurstijging juist hielpen terugdringen is het groeimodel dat de verdichtende en uitbreidende stad, ten koste van rustgevend park en echte natuur wel een oplossing voor de erkende problemen (klimaat en natuur) die zich al hebben aangediend herplant biedt pas over decennia compenserend soelaas en dan is terugdringing van het klimaateffect (laat staan de oorzaken) nog weer veel moeilijker geworden voortgaan op de ingeslagen weg (sinds 2014: omvorming volgens 'Sterke Stammen') of: beter ten halve gekeerd er is in het plan dat de vergunning motiveert, wel een lijst met mogelijke bomen ter herplant, benoemd, maar is er ook een onderbouwd herplantplan dat bijvoorbeeld in de SES (Bakboordswal) de natuur helpt geflatteerd beeld van aantallen gekapte bomen tussen 2014 en 2017 en 2018 en 2021; zie bomenbalans W. de Boer april 2018 en recent.

• al meerdere malen is door betrokken burgers naar voren gebracht richting Raad en College, dar er een gapend gat bestaat tussen de aantallen gekapte bomen zoals in de bomenbalansen tot uitdrukking komen (jaarlijks een aantal duizenden) en de opgaven van bomen (tienduizenden) die binnen de gemeentegrenzen in onderhoud zouden zijn bij de gemeente: 180.000 in 2014 en recent 140.000 dus een forse afname, zeker als je na 2020 de bomen in geannexeerd gebied (Haren en Ten Boer plus overige dorpen en landschap) erbij telt; dan zou je vlot boven minimaal de 200.000 komen • in de Structuurnota 'Sterke Stammen' (2014) maar ook in de evaluatie bomenbeleid uit april 2018 wordt dus gesteld dat de gemeente 180.000 bomen in onderhoud heeft; maar recentelijk en ook eerder door de wethouder toegelicht is het aantal geslonken tot 140.000; een verschil van minimaal 60.000 bomen • in de bomenbalansen worden in het staatje de aantallen gekapte bomen gerelateerd aan de vergunning; m.a.w.

de daar genoemde aantallen gekapte bomen betreffen de bomen die vergunningplichtig zijn • maar de gemeente heeft nog veel meer bomen in onderhoud, neem bijvoorbeeld de jonge aanplant, maar ook veel in jaren en groei gevorderde bomen met maten tot aan de vergunningsmaat (20 cm omtrek op 1.30 meter boven maaiveld); al deze bomen voldoen niet aan de definitie van 'boom' volgens de APVG, zijn niet vergunningplichtig en verschijnen niet in de bomenbalansen, die op de vergunningen zijn gebaseerd • al die bomen zie je niet terug in de bomenbalansen en zijn in feite vogelvrij; de kap ervan komt niet terug in overzichten van Stadsbeheer. VTH rekent er al helemaal niet mee; VTH gaat alleen over en rekent alleen met vergunningplichtige bomen

in deze redenering bevat de reductie van zeg minimaal 60.000 bomen dus niet alleen de vergunningplichtige die in de bomenbalansen worden opgesomd, maar tevens een groot segment aan in onderhoud zijnde bomen die meegekapt zijn zonder tussenkomst van een noodzakelijke vergunning; ze blijven aldus buiten beeld • op nog twee manieren blijven gekapte bomen buiten beeld van publiek zerker en Raad mogelijk; in die zin zou sprake kunnen zijn van misleiding • aangekondigd is dat steeds meer bomen via noodkap en dan zonder vergunning zullen worden geruimd • in geruimde houtopstand bevinden zich ook bomen die niet expliciet als te vellen boom naar voren komen • waarom reageert de Raad niet: weet ze dit al lang, heeft ze andere cijfers onder de tafel door gekregen, spelen er electorale angsten, zijn er tussentijdse 'dealtjes' met afruil van doelen; de tijd zou het kunnen leren etc., etc. •

•

Het aktuele deelplan waarop de vergunning ziet en reden is voor het bezwaar betreft een onderdeel van een oorspronkelijk aangeduid wijkprobleem: Wilgen en Populieren van zekere leeftijd, maar staat in feite voor uiteindelijk een af te ronden (evaluatie 2023) stedelijke aanpak, de z.g. omvorming (zie 'Sterke Stammen') welke wordt geduid als duurzaam en verduurzamend. De vraag is of dit zo is en binnen welk kader dan en welke definitie van duurzaam wordt gehanteerd. Daarop ontbreken van de zijde van bestuur en raad de antwoorden. Het bezwaar is in die zin een oproep om eerst te bezinnen alvorens op de ingeslagen weg door te marcheren. Het bezwaar is deels onderbouwd n.a.v. de aktuele kapcasus en stuit dus niet het procesbelang na onverhoedse tussentijdse kap. De gemeente dient zich uiteindelijk te verantwoorden voor de aangegeven discrepanties. De eventuele verzoeksaanvraag tot een VoVo is mede ervan afhankelijk of de gemeente zich fatsoenlijk en bezonnen gaat opstellen. Onderstaand volgen kopjesgewijs de aangevoerde en aangevulde aspecten.

Omvorming In hoeverre werkt het Groninger beleid inzake grootschalige omvorming bomenbestand (lees: kap van bomen en houtopstand) de klimaatdoelen tegen en zo ja, op welke schaal en hoe juridisch aanvechtbaar tegen de achtergrond van voorgenomen dan wel vastgestelde kaders. De omvorming (zie nota 'Sterke Stammen' en overig) behelst: • • •

•

minder bomen (liever kwalitiet dan kwantitieit) gevarieerder boomsoortenbestand (om opduikende boomziekten minder effect te laten hebben op bestand als geheel) uitfaseren bomen in de aftakelfase (= bezuiniging), zodat oudere bomen steeds kleiner aandeel gaan vormen binnen de demografische verhoudingen van het boombestand (met fors nadeel voor ecologische waarde die juist met leeftijd toeneemt evenals de capaciteit tot co2 binding en de overige baten bomen eerder rooien dan start aftakelfase (zie: 'benutting biomassastromen'); dus kortere omlooptijd; daartoe ook forser snoeien dan nodig en goed is voor levensduur en conditie van de boom (veel holle 'Lionstail' gesnoeide bomen); huidig Raadslid Sietsma (van GL) had daar als Raadslid in Haren een mooi en kritisch artikeltje over geschreven; hoe bomen via leegknippen van

•

•

binnenuit worden toegetakeld om er van buitenaf nog aardig ui te laten zien (de fruitbomenmethode: aanvliegende bestuivende insekten vallen direct met de roltongen in de nectar) veel inzet van cultivars (die smaller genenpakket hebben en dus slechter verandering kunnen opvangen); de veel aangeplante, maar ook doodgaande cilindervormige zomereiken, die niet meer aan het door ook kinderen getekende beeld 'boom' voldoen (geen ruime kroon en geen aanraakbare stam), je kunt er niet onder staan, maar de takken vallen wel recht naar beneden, dus minder gevaarlijk, ze zijn mogelijk goedkoper in aanschaf (de kweker kan er per opp. meer plaatsen) en je kijkt (ook de zon) er ruim omheen, dus weinig schaduw, dus afname klagende burgers om deze omvorming publiekelijk te verantwoorden wordt grote nadruk gelegd op 'gevaren' (al dan niet spontane takbreuk) van bomen; werd het z.g. preventief optreden vanuit het 'voorzorgbeginsel' bij andere beleidsdoelen maar net zo voortvarend aangepakt (kosten van inspectie verpakt in gevaar)

. Bij haperende info vanuit het gemeentelijk apparaat zelf, is een onderbouwde speculatie te verantwoorden t.a.v. de vraag hoe solide en duurzaam de huidige grootschalige kap en gedeeltelijke herplant van bomen in Groningen eigenlijk wel is. In de nota 'Sterke Stammen' (2014) wordt benadrukt dat de essentie van het gemeentelijk streven is om te geraken tot een duurzaam bomenbestand. Dit impliceert niet meteen dat het proces van deze omvorming (sinds minimaal 2014 doorlopend tot 2023) en het resultaat daarvan, duurzaam verlopen en zijn (als de evenwichtssituatie is bereikt). De focus van Stadsbeheer is gericht op hun taak de 'groenvoorziening' rendabel te organiseren en meerdere functies te combineren. Je zou kunnen zeggen dat de meest oorspronkelijke reden om beplanting, waterpartijen en parken in een stad aan te brengen (de traditionele 'groenvoorziening') erop is gericht de stad als zodanig aantrekkelijker te maken voor burgers en bezoekers. Dit brengt geld en status en daarmee weer geld in het laadje. Direct via de middenstand en culturele ondernemingen en via hen door belasting en leges weer retour de overheid. In de afgelopen decennia zijn er functies bijgekomen. De baten en de benutting waartoe de nieuwe Natuurwet expliciet uitnodigt, staan centraal in de calculaties. Natuur en 'groen' mag er niet zomaar zijn, nee ze moet zichzelf bewijzen met opbrengst.

Daarmee is ook natuur in de stad terecht gekomen in een straffe kosten-baten analyse en technocratische aanpak. Bomen moeten voortaan 'leveren'. Het is gebruiksgoed. In dit verband is het statement van de gemeente, dat ze van bomen houdt, bedenkelijk en sowieso misplaatst. 'Houden van' is relevant in geheel andere contexten. Wat levert de 'omvorming van het bomenbestand' dan eigenlijk op, is een vitale vraag om de huidige grootschalige kap te kunnen verantwoorden. En het bezwaar stelt in feite die kwestie impliciet aan de orde. Bij de uitgangspositie van de 'omvorming, bestond het bomenbestand uit een klein aandeel zogenaamde monumentale bomen, bomen die oud waren en dat mochten worden vanuit diverse oogmerken. Ook jonge bomen, net geplant, vormden een smaldeel. Bomen die in de kwakkelfase kwamen en onkosten gingen genereren, waren er teveel vond de gemeente op enig moment. Verder nog bomen die het best aardig deden. Oh, ja, ook nog bomen die spontaan waren gegroeid in bosplantsoen en waar weinig naar was omgekeken, waar die boompjes blij mee waren, omdat ze rigoreuze snoei ontliepen. Snoeien was toen ervaren als een kostenpost en nu gezien als baat. De Populieren en Wilgen trokken met name aandacht en zorg, vanwege gevoeligheid voor takbreuk.

In sommige wijken met veel 'groen' waar veel van dit soort bomen voorkwamen, werd de beoogde omvorming (van meer dan Populier en Wilg alleen) aangejaagd en gemaskeerd door het uitfaseren van juist deze categorie, de zogenaamde snelle groeiers. De communicatie werd juist rond dit thema met veel tamtam opgetuigd met gevaar voor takbreuk als bangmaker. Maar ook andere soorten (eerder als duurzamer gelabeld) hadden een steeds groter aandeel in de kap. Voor het duurzamer bomenbestand van jonge bomen, moest ook plek komen en de bestaande bomen stonden in de weg. Bovendien wil de gemeente niet meer zo veel bomen. Kwaliteit boven kwantiteit wordt gesteld als uitgangspunt. De 'omvorming' is door dit alles ook te bezien als een grootschalige 'sanering' al vanaf rond 2000 ingezet. In een gemeentelijke notitie (W. de Boer: bomenbalans en actualisatie) wordt in 2018 nog een aantal van 180.000 bomen genoemd, die door de gemeente zou worden beheerd. Tot recent (dus na annexatie van Haren, Ten Boer en andere dorpen plus veel landelijk territoir) stond op de gemeentelijke site nog een getal van 140.000 bomen genoemd. Nu is die opmerking gewist. Dit zou

betekenen dat in minder als 3 jaar tegen de 80. dan wel 90.000 bomen zijn geveld. In de recentelijk uitgebracht bomenbalansen (2018 en 2021) worden veel lagere aantallen genoemd met nogal een significant verschil. In de APVGroningen wordt het begrip boom omschreven als een houtig gewas met op 1.30 meter boven het maaiveld een stamomtrek van minstens 20 cm. Zijn al de nieuw geplante jonge dunne boompjes die volgens de definitie geen boom zijn, al dan niet meegeteld ? Tellen bomen onder de vergunningsgrens wel mee in het totaalbestand van bomen in onderhoud, maar niet bij de gekapten onder de vergunningsgrens die buiten beeld blijven bij aantallen in vergunningen. Zie mijn verklaring verderop in deze tekst. Het betreft een omvorming die vanaf minimaal 2014 tot en met 2023 formeel (Nota Sterke Stammen) zou plaatsvinden. Pas daarna, als de kap is geschiedt, volgt de evaluatie: doel is bereikt. Wat is de specifieke betekenis van het woord duurzaam in deze context. Duurzaam kan betekenen dat je een gekozen en te realiseren situatie zo lang mogelijk in stand wil houden tegen acceptabele zo laag mogelijke kosten. Dus een bomenbestand dat bestaat uit exemplaren die in doorsnee lang gezond blijven tegen relatief lage kosten. De handel (commercie) is niet zo gesteld op langdurig gebruik.

Bovendien ontstaan steeds nieuwe mogelijkheden en het publiek wil met zijn tijd en noviteiten mee kunnen gaan. De verduurzaming zit dan vooral in hergebruik van materialen. De omvorming moet tempo houden. Lijkt dit niet erg op het gemeentelijk bomenverhaal welk proces buiten publiciteit de feitelijke gangmaker zou kunnen zijn. Duurzaam kan ook betekenen dat je tegen meerkosten zo optimaal wilt toekomen aan demping van de door klimaatverandering ontstane praktische problemen als het optreden van al dan niet nieuwe plantenziekten en baten als brengen van verkoeling, als meer co2 opslag in hout, waterbeheersing, fijnstofafvang, etc. Oudere bomen blijven doorgroeien (zie de jaarringen) en die taken enthousiast vervullen. Het begrip 'duurzaam' kan ook duiden op het versterken en bevorderen van natuur en biodiversiteit. Oudere bomen leveren meer plek aan dieren bijvoorbeeld. Kernvraag zou kunnen zijn: levert de 'omvorming' naar een duurzamer bomenbestand (in de zin van langer plezier voor lagere kosten) wel een forse bijdrage aan klimaatdemping en verbetering van de biodiversiteitsbalans, zoals de gemeente suggereert. Ik ben geneigd te concluderen. Nee. Want de omruil van oude naar jonge bomen, betekent een enorm verlies aan capaciteit CO2 binding, aan verkoelende werking, aan fijnstofafvang, aan ecologisch vermogen en dus biodiversiteit.

Aspecten die pas na decennia weer op nivo als voorheen zijn. En zo lang mogen de meeste 'stadsbomen' niet leven van de gemeente. Zeg 30, 40 jaar. Dan zijn ze door snoei en houtoogst ook om die reden in de kwakkelfase gekomen en ontstaan de kosten. Dus juist niet langdurend (duurzaam). Bovendien: waar blijft al dat gekapte hout. Veel in kortdurend gebruik als kratjes en verbranding voor de energietransitie. Verbranding en de voorafgaande kap en het transport zijn ook nog eens energievretend en vervuilend. In de tussentijd, als hulpmiddelen om klimaatverandering te dempen en negatieve effecten op te vangen, teniet worden gedaan en pas op termijn (enige decennia), hun volledig vermogen kunnen inzetten, is de klimaatschuld al weer opgelopen. Al met lijkt de 'omvorming' vooral gericht op efficientie bij het opzetten in stand houden en uitbaten van een op het oog attractief 'groen' beeld dat veel meeliftende productiefactoren insluit en trekken klimaat en natuur aan het kortste eind. Kortom: intern strijdig en onsamenhangend beleid dat juist geen bijdrage levert aan klimaatdoelen. Bovendien zit Groningen nog in de groeimodus en het vooruitgangsgeloof. Hoera, we krijgen steeds meer inwoners en moeten dus bouwen. Het liefst in natuurljk (spontaan gegroeid) dus goedkoop 'groen' (zonder investeringen vooraf) en ogenschijnlijk daarom geen kapitaalvernietiging bij sanering tot bouwperceel.

Duurzaam •

• • •

•

•

•

je kunt met het begrip duurzaam dus alle kanten op: duurzaam voor de opgaven van een afdeling Stadsbeheer om bomen neer te zetten voor een eenmalige investering, bomen die relatief lang buiten kosten blijven en bij voortijdige kap duur hout opleveren, waarna de cyclus opnieuw start de korte omlooptijd impliceert dat oudere bomen (duurzaam voor ecologie) buitenproportioneel uitgefaseerd raken daardoor ook afname van CO2 binding (klimaat); jonge bomen hebben tijd nodig om die capaciteit op te bouwen klimaat adaptief bezig zijn (je aanpassen aan) is wat anders als de oorzaak van klimaatveranderingen tegengaan, waar meer grote bomen bij helpen; Raadsleden uiten zich soms in onwetenschappelijk jargon om het kapbeleid te ondersteunen: 'jonge bomen binden meer co2 dan oudere' zei men (ja relatief misschien als je voor allerlei variabelen corrigeert) maar absoluut niet; die stoere oude populieren groeien nog elk jaar in dikte (zie de groeiringen) er vind ook een omzetting plaats in aanpak richting meer hout-en overige biomassa oogst uit het wijkbeheer; dit betekent dat bomen tot aan de pijngrens worden toegetakeld en veel minder hun ecologie- en klimaattaken kunnen uitvoeren op 15-09 was in het nieuws dat de Gezondheidsraad aanbeveelt om actief de microfijnstofproblematiek aan te pakken; bomen kunnen niet wachten, ze staan te trappelen want ze (en klimop ook) zijn er goed in, maar in

een oogwenk zijn ze gekapt; veel klimop wordt doorgezaagd, anders ziet de boomverzorger de potentieel gevaarlijke takken niet meer; even de boom in, zou ik willen zeggen Groningen is niet in staat om s.m.a.r.t. de baten van bomen en natuur in regelgeving om te zetten; je zou medelijden krijgen, te triest voor woorden

Rol van beplanting bij verlagen temperatuurstijging Fotosynthetiserende planten leven van onder andere het zonlicht. Ze absorberen dit m.b.v. hun eigen zonnepanelen, de bladeren en zetten het om in chemische energie die overal binnen het weefsel , waar nodig, kan worden afgetapt. Door een aanwezig bladerdak bereikt maar een deel van het zonlicht in stedelijk milieu de harde stenen ondergrond. Dat geeft al verkoeling bij de grond, maar beperkt ook nog eens het volume aan terugkaatsing richting atmosfeer, omdat andermaal de kroon de terugkaatsing van warme lucht belemmert. De atmosfeer warmt dus ook minder op dankzij een hecht bladerdak. Bomen en overig groen ademen en verbranden net als dieren ook en verliezen vocht. Ze zuigen zelfs aktief meer water op via verdamping, dan water dat nodig is voor de eigen fysiologie teneinde maar in water opgeloste mineralen naar boven aan te kunnen trekken. Waterdamp is ook een geducht broeikasgas en wordt samen met Methaan meestal in berekeningen verdisconteert in (omgerekend naar) CO2. Groene planten leven ook van CO2 en scheiden grotendeels als afvalprodukt zuurstof af. Zo konden dieren ontstaan (ze zou kunnen zeggen: het waren de planten die tegen andere planten een vinger opstaken en zeiden: we gaan jullie opeten, dan kunnen wij afzien van fotosynthese en zijn we niet meer zo afhankelijk van standplaats, dus beweeglijker.

Emotie als aanzet tot beleid; het proces van beleidskeuzen

Emotionele basis, rationalisering aanpak, regelgeving en handhaving, vastgeroest raken, herbronnen. Door, zols de 'Natuurwet' daartoe de aanzet en legitimatie heeft gegeven, het nut en benutting van natuur en 'groen' (als stedelijke variant daarvan) voorop te stellen, is de verzakelijking en objectivering benadrukt van wat primair naast gebruikswaarde vooral in beginsel belevingswaarde had. De aantrekkelijkheid (ook van de stad en het stedelijke milieu) berust in wezen op emotie. Met calculeren en juridiseren in afwegingen heeft objectivering (het tot object maken) het volle pond gekregen en hebben ingrepen aan natuurelementen (bijvoorbeeld kap en snoei) mede ook door de technologische vooruitgang zoals het in een vloek en zucht een boom van 50 jaar tegen de grond werken, waar vroeger veel ambachtelijke arbeid met inspanning, ervaring en kunde voor nodig was en dus ook respect afdwong, een veel lagere drempel en daardoor status meegekregen. Die procedure wordt als doelmatig aangeprezen. Natuur en 'groen' als gebruiksgoed lijkt erg op het lot van eendagskuikens en mestkalveren. Maar ook het in stand houden van een sociaal vangnet voor de laagste inkomens is niet alleen maar vanuit humaniteit gedacht. Het grote contingent aan lage inkomens voorziet de leveranciers van onontkoombare basisbehoeften (voedsel, gezondheid, energie, water, wonen) toch maar van vaste klandizie.

De gemeente Groningen zelf heeft bepaald, uitgerekend en erin toegestemd dat een Noordelijk Belastingkantoor burgers voor het volle pond mag afromen tot op de bijstandsgrens (1100,Euro). Ook AOW-ers die er net boven zitten kunnen zo nog verder worden uitgemolken. Vanuit al die 'opbrengsten' kan dan ook weer voor 25 miljoen de Grote Markt 'aantrekkelijker' gemaakt worden als stedelijk pronkjewail. Het mag om emotionele reden wat kosten. Het beeld is dus niet eenduidig, want waar calculeren en juridiseren een correcte (rechtschapen en doordachte) maat veronderstellen, worden aan de andere kant veel zaken doorgedrukt op basis van (gepromote) gevoelens van onveiligheid (takbreuk) en aantrekkende belevingswaarde (aantrekkend en daarna bestedend publiek) en vanwege veronderstelde status van het object 'stad' en haar vormgevers. Om de inconsistenties en gefragmenteerdheid in het overheidsbeleid te begrijpen is afdalen naar het nivo van de (oorspronkelijke) emoties een hulpmiddel. Het verheldert ook het bezwaar. Daar zijn onversluierd de vaak onverzoenlijke belangen helder zichtbaar en ook hun route omhoog naar standpunten en regelgeving met dichtspijkerende maar ook gezochte argumentaties. Tussen emotie en burocratische regelgeving zitten dan de buiten kijf staande intrinsieke waarden en beginselen die onder druk zacht kunnen worden en waarnaar zelden wordt verwezen.

Voorbeeld: doordat de gemeente het zicht op de waarde van de Der A-kerk kwijt was, zijn de betonblokken er toch gekomen. Nu zijn deze genomineerd voor een architectuurprijs, geheel losgezongen van de kerk zelf als historisch en monumentaal bouwwerk. Armoedig. Ander voorbeeld: om te kunnen groeien als stad, is ontstane natuur (waar al te weinig van is) geofferd voor woningbouw. Benadrukt wordt dat de natuur spontaan was ontstaan (vloeivelden SuikerUnie), dus niet door mensenhand ingericht, wat haar status in de ogen van de 'stad' aanmerkelijk verlaagt.

•

uitgangspunt bij bezwaren en wensen (ook van de overheid) is emotioneel belang dat via juridisering versluierend wordt weggefilterd • miljoenen uitgeven voor een attractieve Grote Markt, maar concrete doelen laten versloffen; attracties trekkend publiek wordt voorondersteld en zo wordt weer geld verwacht in het laadje van uitbaters en via hen weer in dat van de overheid middels belastingen; maar hoe is dit calculerend te staven en is de proportionalitieit niet zoek • bij verweerargumentatie wordt naar de ooit besloten regels verwezen en niet verder terug naar het oorspronkelijke (emotionele) belang; de gemeente wil een attractieve (dus ook 'groen' aangeklede) stad met toestroom van publiek (bestedend, wonend, werkend) ten bate van het, naar verwachting, geld aantrekkende gemeentelijk verdienmodel en burgers willen een groene woonomgeving vanuit het woongenot principe

Groeien tot je barst • • • •

•

Groningen wil graag groeien (is juichend over verwachte groei inwonertal; 1 op de vijf bewoners van de stad is student en de toestroom blijft gestuurd aanhouden Groningen moet meer huizen bouwen om die groei aan te kunnen; sowieso meer huizen vanwege de opgedrongen Rijksopgave Groningen wil de noordelijke metropool worden en meedoen met de Randstad Groningen zegt dat ze het idee 'compacte stad' voorstaat • toch bouwt ze grote uitlegwijken buiten de stad ook in groengebied en in zogenaamd spontaan ontstane natuur (voormalig SuikerUnie terrein) • deze uitlegwijken worden gaandeweg aan de stad vastgebreid; dus compacte stad wordt groter ten koste van buitengebied; dus een naar buiten toe groeiende compacte stad (tegengesteld aan uitgangspunt) • de stedelijke verdichting gaat ten koste van groene open plekken en veel bomen leggen het loodje • de voormalige open plekken (parken met kenmerken als: rust, ruimte en natuur) worden vrijgegeven voor port, spel en evenement: weg rust, ruimte, natuur • enkele postzegeltjes aan ecologie worden opgehemeld als ecologische pareltjes • met zelfs 3 GL wethouders lukt het nog steeds niet deze verschraling te keren de huidige kap van het bezwaar, is maar een deel van veel andere en ook grotere kapprojecten, onder het mom van: we werken aan een omzetting naar een duurzaam bomenbestand en zijn klimaatadaptief goed bezig

Publieksgerichte voorlichting en uitleg De voorlichting, meestal communicatie genoemd, is gericht op overtuiging van het grote publiek ter voorkoming van ophef en overige vertraging in de uitvoering van het voorgenomen beleid. Als er protest ontstaat dan 'hebben we het zeker niet goed genoeg uitgelegd en gooien we er nog wat communicatie tegenaan'. Dit is wat anders als gedegen uitleg en nog weer verder verwijderd van het samen (overheid en opponerend publiek) brainstormend delen van argumenten waarbij elkaars dilemma's open bespreekbaar zijn en begrip kan ontstaan: 'hoe zouden jullie het dan doen in onze positie en wat zijn dan de gevolgen'.

•

publieksgerichte voorlichting en uitleg over motivatie van de plannen door gemeente is deels onvolledig, onwaar, matig onderbouwd en misleidend • uitgevoerde beleidsdoelen als houtoogst (notitie 2012) en houtverbranding (jaarverslagen Gresco) worden heimelijk buiten beeld van publiek doorgevoerd en blijven verdekt onbenoemd (tot in de Raad, als volksvertegenwoordiging) • matig tot slecht onderbouwde argumentatie per aspect van beleid

•

•

• •

hoe gevaarlijk en hoe frequent is takbreuk in feite en welke gevaren bedreigen de burger grosso modo nog meer en aktueler op tal van andere terreinen: messentrekkerij, verkeer, voedselonveiligheid, vuile lucht, etc., etc.; hoe worden al deze gevaren onderling gewogen de omvorming van het bomenbestand (zie 'Sterke Stammen' waar het Beheerplan Bomen Lewenborg een onderdeel van is) is gemotiveerd als gericht op ontstaan van een duurzaam gemeentelijk bomenbestand wat verstaat de gemeente onder duurzaam de gemeentelijke groenvoorziening is terecht gekomen in een benuttingsvaarwater met strikte kosten-baten analyse en technocratische benadering als gevolg; als de gemeente zegt van bomen te houden bedoelt ze dan het verdienmodel of de emotionele waarde, nog los gezien van het feit dat 'houden van' niet echt iets is wat je van een overheid wil verwachten; wel respect.

•

ambtelijk verweer bij bijvoorbeeld hoorzittingen blijft steken in oplezen van de regelgeving en zienswijzen worden terzijde gelegd (Stadspark) en moeilijke vragen worden gemeden met: 'we herkennen ons niet in het geschetste beeld' • liever worden we getracteerd op een open en gedegen uitleg vanuit de ambtelijke backoffice; ingevlogen kennis en kunde waarbij ook de burger de afwegingen en dilemma's als breinbreker op z'n bord krijgt aangereikt, wat invoelende houding van burgers t.a.v. de genomen besluiten kan versterken

•

door dit alles ontstaat een vertrouwenscrisis in relatie tot het overheidshandelen, waar vertrouwen en instemming met het overheidshandelen nu juist een beleidsdoel was; gebrek aan vertrouwen en draagvlak en ontstane onrust wordt ten onrechte met nog meer communicatie (en als dat niet helpt met rigide repressie) bestreden; het resultaat is een giftig klimaat met duurzame ontevredenheid

Status van natuur en 'groen' Kort gezegd; de status van met name natuur is veel te laag. Als verschijnsel dat voorafgaand aan en buiten de mens om is ontstaan, is het van lagere orde zo meent men. Pas als de neushoorn is uitgestorven wordt met man, macht en geld een en ander teruggefokt. Een hele prestatie met aanklevend prestige vooral voor Homo Sapiens, maar niet wijs. Zie ook onder het kopje: emotie als aanzet tot beleid.

Benutting De notitie 'Benutting biomassa stromen' is duidelijk in haar adviezen die de Raad destijds (febr. 2012) als positief aanmerkte (alleen Kelder van de PvdDieren) had destijds bedenkingen); de adviezen uit de notitie waren: eerder kappen (snellere kringloop) al in de fase voorafgaand aan het kwakkelen, meer (onnodig) snoeien, boomsoorten aanplanten waar hout rendabel uit te oogsten is. Bomen zo neerzetten dat je er machinaal goed bij kunt komen. Ook meer snelgroeiend hout (toch weer Populieren en Wilgen) planten maar dan wel bijtijds kappen in tegenstelling tot de praktijk van afgelopen decennia, waardoor problemen ontstonden.

Gevaren Het buitenproportioneel aangezette gevaar voor takbreuk dat kap moet rechtvaardigen maar de hogere onkostenpost bij oudere bomen (meer inspecties) moet verhullen (oudere bomen behouden is in feite een investering in ecologie en Co2 binding). Zie de eerdere tekst (Bezwaarschrift).

Bomenkap versus klimaataanpak •

• •

•

•

publiekelijk wordt benadrukt dat de gemeente van bomen houdt en maar drie redenen heeft om een boom te kappen; in werkelijkheid zijn er veel meer redenen te noemen zie bovenvermelde omvorming die ook (redelijk) gezonde bomen raakt tegelijkertijd wordt versluierd en warrig gedaan (tot binnen de GemeenteRaad) over gekapte aantallen bomen en de inzet van biomassa uit wijkbeheer tussentijdse 'dealtjes' tussen partijen (Raadsfracties) die elkaar niet willen irriteren en 'verbinding' zoeken ten gunste van volgende coalities: als jullie nu niet mopperen over bezuiniging op 'bomen en 'inzet biomassa', dan krijgen jullie van ons meer budget voor z.g. ecologie binnen de stad: pareltjes natuur op postzegelformaat de belangrijkste klimaatdoelen als co2 binding en verkoeling nemen bij kap en herplant eerst af en zijn pas na decennia weer op oude peil (door volwassen groei bomen en compensatie voor afname aantallen; dan zitten we ook stijf tegen 2030 zeker en mogelijk 2050 aan te hikken de enige klimaatdoelen welke voor de stad sec interessant zijn worden actueel aangepakt: met name beheersing waterafvoer bij plensbuien

Ecologie . •

• • •

•

•

ook ecologische doelen schiet de gemeente voorbij: minder bomen, kortere levenduur van bomen, dus afname oudere bomen, grote afname struikage, veel voor insekten oninteressante ingezaaide succulente kruidvegetatie die voor het oog het goed doet veel wervende teksten, reklameboodschappen en benutting van containerbegrippen als 'gevaar', 'duurzaam', 'ecologisch' kortom een onjuist en minimaal misleidend half waar en makkelijk gemeentelijk verhaal over onderwerpen waar je voor wezenlijk begrip ervan wel even moet gaan zitten De centrale vraag en opdracht aan de gemeente is of ze zich voldoende rekenschap geeft van het feit dat ze met de impliciete groeimodus en bouwlust met onder meer bomenkap en natuurbederf tot gevolg, zich tegen de klimaatdoelen opstelt althans deze in een hijgerige wedloop met compenserende maatregelen toch ernstig tekort doet en zo een schuld opbouwt, materieel en moreel ten opzichte van wat nodig is voor de nabije toekomst die al is ingegaan. In dit licht zijn onze bezwaren tegen de afgegeven vergunning een aanklacht en noodoproep tegen een veel omvattender praktijk

realtief lage status van natuur ten opzichte van haar wezenlijk en strategisch belang voor ook economie waardoor een scheve toetsing bij belangenafweging ontstaat

•

toetsingskader dat (overigens wel erkende) vitale boombaten als co2 binding, fijnstofafvang, verkoelende werking, etc. buiten spel laat (uit onvermogen het s.m.a.r.t. in regeltjes te vangen) en de weging binnen een 'black box' op het gevoel laat plaatsvinden • uitkomst van de weging kan zo door verzwegen motieven worden gedicteerd

•

ontbrekende samenhang en interne strijdigheid tussen beleidsdoelen als 'vergroening', natuurbescherming, houtproductie, urgente en ook onderschreven klimaatdoelen en te verwerven draagvlak via communicatie en medezeggenschap • waarom gaat de gemeente 'moeilijk doen' en tegenwerken dat boombaten operationeel worden via s.m.a.r.t., zodat de baten van bomen bij afwegingen kunnen worden ingezet bij bouwen danwel kappen of om bomen heen te bouwen en daarentegen tezelfdertijd 'uit de losse pols' a-specifieke containerbegrippen als duurzaam en gevaar inzetten om specifieke doelen (kap en herplant) in concrete situaties en regelgeving te kunnen verantwoorden • in de communicatie, gebezigde containerbegrippen, de afweer van kritiek, de nominaties en lofredes op eigen kunnen, etc. wordt nog het meest zichtbaar dat intern sprake is van grote inconsistenties en onderwaarderingen van vitale beleidssegmenten

Epiloog Het huidige beleid is dus op te vatten als primair gericht op een bewust gekozen aanzuigende werking van de stedelijke agglomeratie met toename van stedelingen en instellingen met groei, intensivering en overtrokken zelfpromotie als motoren. Ogenschijnlijke serieuze belangenafweging binnen dilemma's geschiedt subjectief en tegen onevenwichtige zwaarte van belangen. Natuur en klimaat worden daarbij dus geofferd; een fatale en achterhaalde misslag vanuit een geblindeerde tredmolen. Er zijn binnen het stedenbouwkundig denken serieuze opvattingen om van de Randstad een consequent super-stedelijke agglomeratie te maken en zo de periferie te sparen voor congestie en zo wezenlijke waarden op landelijk niveau te behouden. Groningen kiest echter voor eigen groei om met de grote jongens te kunnen meedoen.

Bijlagen: (wat als bekend kan worden verondersteld, is niet meegestuurd) • • • • • • • • •

Vergunning Bezwaren Nadere uitwerking bezwaren (zie bovenstaand) Beheerplan Bomen Lewenborg (deelgebied Noord en Zuid) (kap en herplant) Richtlijn takbreuk Populieren (WUR) 'Sterke Stammen' Bomenbalansen 2018 en 2021 'Benutting biomassastromen uit gemeentelijk groenbeheer'(mei 2012) Uitnodiging hoorzitting Adviescommissie Bezwaarschriften

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4294/documents/64366