CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Besluit hoofdlijnennotitie Staat van Groningen.pdf

gemeenteraad 22 mei 2024, gemeente GroningenBij agendapunt: a: Besluit hoofdlijnennotitie Staat van Groningen (Nij Begun) (Raadsvoorstel 22 mei 2024)3.148 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Reactienota raden, Staten, algemeen besturen op ambtelijk advies Staat van Groningen - hoofdlijnennotitie Het was tot 14 mei 2024 mogelijk om te reageren op het door de bestuurlijk trekker, René Paas, ondersteunde ambtelijk advies dat is gegeven. Ook de bestuurlijke trekkers van de verschillende tafels hebben die gelegenheid gekregen. Hierna volgt een weergave van de ontvangen reacties en de wijze waarop we deze hebben verwerkt. Algemeen: de positie van raden en staten Rode draad in de reacties is de positie van raden en staten. Er is behoefte aan duidelijkheid en betrokkenheid en borging daarvan. Alhoewel we hiervoor begrip hebben, is het ook een moeilijk punt. Dat leggen we hierna uit. Raden en staten hebben de bevoegdheid om verordeningen vast te stellen - of te wel: bindende regels vast te stellen - en om de colleges te controleren op het uitoefenen van het dagelijks bestuur. Zo ligt dat vast in de Gemeentewet respectievelijk de Provinciewet. Omdat de Groningenwet - Staat van Groningen primair gaat om het vastleggen van het commitment en de verantwoording van de bewindspersoon en het kabinet is het de vraag welke bevoegdheid raden en staten precies moeten krijgen en hoe dat het beste vastgelegd kan worden. De staatssecretaris heeft dit in het regioberaad i.o. van 20 maart 2024 ook aangegeven.

Hij heeft toen toegezegd te onderzoeken of hier iets over opgenomen moet worden in de wet of in de Memorie van Toelichting. Hij gaf ook aan dat de kwartiermakers moeten nadenken over het mogelijk kruisen van bevoegdheden. In de Groningenwet - onderdeel Staat van Groningen zijn er drie taken te onderscheiden waar we als regio een rol hebben: 1. het mede opstellen van de uitvoeringsagenda's; 2. overleg over de Staat van Groningen, jaarlijks in mei; 3. overleg over de voortgang, jaarlijks in het najaar. De uitvoeringsagenda's zullen geen bindende regels bevatten, maar de uitwerking van de hoofddoelstellingen naar concrete doelstellingen en de indicatoren. De Ministerraad stelt de indicatoren vast. Dat is vanuit het commitment en de verantwoording van de bewindspersoon en het kabinet aan de Tweede Kamer ook logisch. De concrete doelen kunnen betrekking hebben op gemeentelijke taken. Het is denkbaar dat bijvoorbeeld een raadsbesluit nodig is om een concreet doel te behalen. Dat raadsbesluit wordt echter niet genomen door de uitvoeringsagenda vast te stellen. In de uitvoeringsagenda kan komen te staan wat het concrete doel is, maar de uitwerking daarvan - door bijvoorbeeld een besluit van de gemeenteraad - volgt separaat. Voorbeeld: 'een gunstig ondernemersklimaat' kan concreet uitgewerkt worden in de komende vijf jaren.

Dit wordt dan onderdeel van de (economische) uitvoeringsagenda met indicatoren. Voor een gunstig ondernemersklimaat kan het nodig zijn om een omgevingsplan te wijzigen of vast te stellen. Dat behoort tot de bevoegdheid van de gemeenteraad.

Dit komt overeen met een reguliere praktijk: het college kan - onder voorbehoud van besluitvorming door de gemeenteraad - met een partij overeenkomen zich in te spannen een bepaalde ontwikkeling mogelijk te maken. Op die manier is praktisch handelen mogelijk zonder de bevoegdheid van de gemeenteraad te doorkruisen. Wij denken dat een formele bevoegdheid voor raden en staten in de Groningenwet - onderdeel Staat van Groningen de positie van kaderstelling en controle eerder verzwakt dan sterker maakt. Juist door afstand en gebruik te maken van reguliere bevoegdheden - vanuit Gemeentewet, Provinciewet of een specifieke wet - zijn raden en staten naar ons oordeel maximaal in positie. Een ander risico dat wij zien heeft te maken met het exclusieve budgetrecht dat raden en staten voor respectievelijk de gemeente- en provinciebegroting hebben. Als bevoegd bestuursorgaan voor het vaststellen van de begroting kan betrokkenheid bij de uitvoeringsagenda's worden opgevat als bereidheid tot financieel commitment. Toch zien wij ook uw nadrukkelijke wens om betrokken te zijn bij de uitvoeringsagenda's en de jaarlijkse Staat van Groningen.

Wij willen u daarom toezeggen dat wij: - eerst uw mening vragen voordat wij instemmen met (of welke term de Groningenwet daar ook aan geeft) de uitvoeringsagenda's; - de Staat van Groningen direct naar u zenden zodra wij er de beschikking over hebben; - u actief informeren over de overleggen over de Staat van Groningen (in mei) en de voortgang (in het najaar). Dit past niet in de Groningenwet. U kunt ons - met de instrumenten die u daarvoor op grond van de Gemeentewet en de Provinciewet al heeft - aanspreken en controleren. Nr. 1. 2. 3. 4.

5. 6.

Input Gemeenteraad Oldambt Borging rol van Raden en Staten Duidelijkheid over wie de gesprekspartner is met het Rijk, wie waar over gaat Het doorschuiven van gelden naar een volgend jaar wanneer de 250 miljoen euro niet volledig is besteed. Duidelijkheid over hoe de ene wetgeving zich verhoudt met de ander. kortom: De taken die het Rijk zou moeten doen, niet van de 250 miljoen! Naast ‘koste-wat-kost, zo lang het duurt’, voldoende menskracht/capaciteit om zaken uit te voeren ’Milder, menselijker en makkelijker’ huis aan huis aanpak en één partij

Reactie Zie de algemene reactie. In de ontwerpwet beoordelen we of voldoende duidelijk wie de gesprekspartner van het rijk is en wie waar over gaat. Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris. Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris.

Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris. Deze opmerking betreft de uitvoering en past daarom meer bij het

die de uitvoering daarvan doet. Geen bureaucratische kosten meer.

7.

8.

9. 10.

11.

12.

13.

Landelijk gemiddelde van de brede welvaart. Niet regionaal berekenen maar per gemeente. Het Hogeland kan bijvoorbeeld hoger scoren dan de gemeente Pekela Gemeenteraad Het Hogeland In de hooflijnennotitie wordt gesproken over het Groningenveld. Graag zien wij dat benoemd wordt dat het om gaswinning in Groningen gaat. Er zijn meer velden dan alleen het Groningenveld. Graag zien wij dat de sociale, psychische en emotionele impact steviger benoemd wordt. Graag zien wij dat er aandacht wordt gevraagd voor de positie van de volksvertegenwoordiging. Gemeenteraad Eemsdelta Extra scherpte aanbrengen in de reactie door de zin "Voor het wegnemen van de sociale en gezondheidsgevolgen van bewoners moet – net als bij schadeherstel en versterking – gelden dat de financiële middelen beschikbaar worden gesteld – koste-wat-kost, zo lang het duurt." Te wijzigen in: "Om de sociale en gezondheidsgevolgen van inwoners uit het aardbevingsgebied weg te nemen, moet – net als bij schadeherstel en versterking – gelden dat de financiële middelen beschikbaar worden gesteld – koste-wat-kost, zo lang het duurt." Gemeenteraad Westerkwartier Maak de definities duidelijker en motiveer deze in de uitvoeringsagenda en daar waar mogelijk in het wetsontwerp.

In lijn met de Commissie van Geel moet het wetsontwerp een passage bevatten waarin duidelijk wordt dat geen onderscheid gemaakt wordt tussen bewoners van het gebied. Wij verwijzen daarbij naar de 140%norm van het minimumloon en het voorstel van de 50%vergoeding/100%-vergoeding.

opstellen van de uitvoeringsagenda's met als kanttekening dat die geen betrekking mogen hebben op de wettelijke taken van het IMG en de NCG. Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris.

Deze opmerking valt buiten de reikwijdte van de wet. De Groningenwet, ereschuld, Staat van Groningen en overige kabinetsmaatregelen hebben geen betrekking op kleine gasvelden. Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris. Zie de algemene reactie.

Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris.

Definities komen aan de orde in de ontwerpwet. Tijdens de internetconsultatie beoordelen we of er reden is te reageren op de definities. Dit betreft de uitwerking van de hoofddoelstelling met betrekking tot verduurzaming. De Groningenwet - onderdeel Staat van Groningen legt de hoofddoelstellingen vast, maar niet de uitwerking of concrete invulling. Dat komt bij de uitvoeringsagenda's aan de orde.

14.

In het wetsontwerp dient opgenomen te worden dat de schadeafhandeling ook geldt voor de gebieden rondom de kleine gasvelden en de gasopslagen van Grijpskerk en Langelo.

15.

In het wetsontwerp dient vastgelegd te worden dat geen winning plaatsvindt van het zogeheten “kussengas”. In het wetsontwerp dient duidelijk gemaakt te worden dat de indicator “landelijk gemiddelde” voor 2055 wordt toegepast op wijken buurtniveau en niet op gemeentelijk niveau. Een voorbeeld is het postcodegebied waaronder Finsterwolde en Blauwestad vallen. In het slechtst denkbare geval zullen de inwoners van Finsterwolde geen recht hebben op de regelingen.

16.

17.

In het wetsontwerp moet duidelijk worden dat het toekomstperspectief van de verduurzaming moet liggen op het eindresultaat: energieneutraal maken van huizen en gebouwen.

18.

In het wetsontwerp moet opgenomen worden dat de transformatie van de economische activiteiten die gebaseerd zijn op het aardgas plaats kan vinden. Daarmee wordt bedoeld dat de bedrijven en arbeidskrachten die in deze sector werken gefaciliteerd worden voor de transformatie naar andere vormen van economische activiteiten. In het wetsontwerp moet worden opgenomen dat de gemeenteraden en provinciale staten van Groningen een consultatierecht krijgen op basis van de rapportages die voortvloeien uit deze wet ten tijde van een herijking van de uitvoeringsagenda’s. Deze consultatie richt zich op het reflecteren van het gevoerde beleid, zodat

19.

De opmerking valt buiten de reikwijdte van de Groningenwet - onderdeel Staat van Groningen. Overigens geldt voor de gasopslagen Grijpskerk en Langelo (Norg) dat zij onder het wettelijk bewijsvermoeden en de schadeafhandeling door het IMG vallen. Voor kleine gasvelden is dat niet zo, maar is wel de afspraak gemaakt dat - voor zover een veld ook binnen het werkingsgebied van het IMG valt - het IMG de schade beoordeelt. Anders is de Commissie Mijnbouwschade bevoegd de schade te beoordelen. De opmerking valt buiten de reikwijdte van de Groningenwet - onderdeel Staat van Groningen. Zie de reactie onder 7.

Het resultaat zoals het kabinet dat beoogt is het aardgasvrij gereed maken van de woningen. Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris. De regionale ambitie zoals neergelegd in het 'groene boekje' gaat verder, maar zal - omdat het geen kabinetsstandpunt is - niet de wet terecht komen. Deze opmerking betreft de invulling van uitvoeringsagenda's met betrekking tot brede welvaart.

Zie de algemene reactie.

20.

21.

22.

23.

24.

25.

volksvertegenwoordigers van de regio hun democratische taken kunnen voeren (controleren & kaders stellen). Gemeenteraad Tynaarlo De raad van Tynaarlo begrijpt dat een van de doelen van Nij Begun de isolatie is van woningen zodat de Standaard voor woningisolatie wordt bereikt in 2035 (A onder c) maar zou het liever hebben over het aardgasvrij gereed maken van woningen. De raad van Tynaarlo is van mening dat de raden en staten de gelegenheid moeten krijgen om voordat de jaarlijkse Staat van Groningen naar het Rijk wordt gezonden, hierover eerst hun zienswijze te geven (onder B).

De raad van Tynaarlo vindt dat de hoofddoelstellingen resultaatverplichtingen moeten inhouden. Dat zien wij onvoldoende terug in de beschrijving van de hoofddoelstellingen. Gemeenteraad Aa en Hunze Wij snappen dat een van de doelen van Nij Begun is de isolatie van woningen zodat de Standaard voor woningisolatie wordt bereikt in 2035 (A onder c) maar wij zouden het liever hebben over het aardgasvrij gereed maken van woningen. Wij zijn van mening dat de raden en staten de gelegenheid moeten krijgen om voordat de jaarlijkse Staat van Groningen naar het Rijk wordt gezonden, hierover eerst hun zienswijze te geven (onder B). Gemeenteraad Midden-Groningen Bij onderdeel C Hoofdlijnennotitie: Het tijdstip van verzending (vierde dinsdag van april) is gerelateerd aan de begrotingscyclus van het Rijk. Dat betekent dat de vervolgstappen in de regio in de meivakantie genomen moeten worden. Dat is niet optimaal. Als het mogelijk is, dan zou een verzending op een eerder tijdstip (bijvoorbeeld de eerste dinsdag van april) passender zijn. Het ‘desgewenst’ in de laatste zin mag geschrapt worden.

Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris.

De partij of het consortium dat de Staat van Groningen opstelt, moet dat onafhankelijk doen. Dat betekent onder meer dat de Staat van Groningen zonder politieke inmenging wordt vastgesteld. Overleg met de regio over de Staat van Groningen vindt na verzending aan de Tweede Kamer plaats en wordt betrokken bij de verantwoording van de bewindspersoon en het kabinet aan de Tweede Kamer. Dit komt overeen met ons voorstel.

Zie 20.

Zie 21.

Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris. Wat betreft het doorzenden van de Staat van Groningen verwijzen wij naar de algemene reactie.

26.

27.

28. 29. 30.

Bij onderdeel E Hoofdlijnennotitie Hoewel duidelijk aangegeven wordt dat er in de jaarlijkse cyclus in gesprek gegaan wordt met lokale en regionale overheden, (vertegenwoordigers van) bewoners, maatschappelijke organisaties en samenwerkingspartners om in gesprek met de een vertegenwoordiging van het kabinet, wordt niet helder op welke manier deze geluiden uit de regio worden meegewogen en meegenomen in de kabinetsreactie voor de Tweede Kamer. Bij onderdeel H Hoofdlijnennotitie In overweging wordt gegeven om een bepaling op te nemen om de kosten voor de uitvoering van de Staat van Groningen te begrenzen. Gemeenteraad Groningen Toevoeging bij de Resultaatverplichtingen is steeds dat deze toetsbaar moeten zijn. Bij het beslissen over en definiëren van de indicatoren vraagt men om een rol voor de regio. Het ontbreken van een duidelijke en vooral lokale definitie van brede welvaart wordt als een gemis ervaren. Hiertoe worden diverse suggesties gedaan. Verder de suggestie om het concept van een betere overheid (regelmatig benoemd in Nij Begun) mee te nemen als doelstelling.

Wat ons betreft is dit voldoende duidelijk. Het kabinet moet de resultaten van het overleg meenemen en meewegen in de verantwoording aan het Kabinet en bij de vraag of en in hoeverre beleid moet worden bijgestuurd. Het kabinet neemt daarover een besluit en de Tweede Kamer beoordeelt - vanuit de controlerende rol - of dat een juist een besluit is. In de hoofdlijnennotitie wordt aangegeven dat de Kamer het beleid desgewenst kan bijsturen door middel van moties. Het rijk is opdrachtgever en moet voldoende middelen hebben om de Staat van Groningen te bekostigen. Wij verwerken wel in de reactie aan de staatssecretaris dat de Staat van Groningen niet bekostigd moet worden uit de middelen van Nij Begun Dit komt overeen met ons voorstel. Uit de hoofdlijnennotitie blijkt dat de regio een rol krijgt bij het bepalen van de indicatoren. Dit komt overeen met ons voorstel. De suggestie om van een betere overheid een doelstelling te maken, begrijpen we. In ieder geval voor een deel maakt het ook onderdeel uit van de Staat van Groningen. Maatregel 45 (toezicht op opruimactiviteiten) is daar een voorbeeld van. Verder is het integraal onderdeel van de verschillende hoofddoelstellingen. Zie 26.

31.

De opmerking om naast het middel van de wet ook het daadwerkelijke gesprek met de regio blijvend te voeren. In algemene zin een concretere beschrijving van mate en wijze van zeggenschap van inwoners en maatschappelijke organisaties.

32.

Nog de vraag of de positie van de Groningers niet steviger te borgen is bij een doelstelling van juridische en niet politieke controle.

Dit komt overeen met ons voorstel.

33.

En van procedurele aard, het verzoek om eenzelfde positie (preconsultatie) bij de uiteindelijke wettekst. Een rol voor raden en staten

Dit afstemmingsmoment waarbij raden en staten kunnen reageren op de hoofdlijnennotitie is de pre-consultatie. De staatssecretaris beoordeelt

34.

35.

36. 37. 38. 39.

als die van de Raad van State waarbij het kabinet dient te motiveren waarom het bepaalde punten vanuit de regio (raden & staten) niet overneemt. Gemeenteraad Westerwolde Op blz. 11 van de hoofdlijnennotitie wordt in de toelichting op de hoofdlijnen inhoudelijke uitwerking van het wetsvoorstel voor de Groningenwet gemeld dat: “Het wetsvoorstel regelt dat het kabinet jaarlijks overleg voert over de Staat van Groningen met een vertegenwoordiging van regionale bestuurders, maatschappelijke partijen en bewoners uit het aardbevingsgebied.”. De Groningenwet is voor alle bewoners van de provincie Groningen en Noord-Drenthe. Het overleg zou dan ook gevoerd moeten worden met alle bewoners van de provincie Groningen en Noord-Drenthe.

of de reactie die u geeft aanleiding is om de ontwerpwet te wijzigen. Wij voegen toe dat een reactie van de staatssecretaris tegemoet wordt gezien.

De raad vraagt zich af hoe de verschillende rollen van de gemeenteraden en Provinciale Staten, waaronder hun volks vertegenwoordigende rol, in deze wet geborgd gaat worden Provinciale Staten van Groningen Rol raden en staten Bij de hoofddoelstelling voor brede welvaart moet in ieder geval op gemeenteniveau het landelijk gemiddelde worden bereikt. Meer regie naar de regio voor schadeherstel en versterken Waterschappen Noorderzijlvest en Hunze en Aa's Het wetsvoorstel voor de Groningenwet legt 4 (hoofd)doelen voor het beleid vast. Wij constateren dat deze doelen niet alle op eenzelfde niveau zijn beschreven. In het bijzonder is de doelstelling “bijdragen aan de ontwikkeling van de brede welvaart” vrij algemeen en voor meerdere interpretaties vatbaar. De hoofdlijnennotitie vermeldt dat in de wet “de nadere invulling van de hoofddoelstelling wordt opengelaten”, welke zal worden gespecificeerd in de “uitvoeringsagenda’s”. Hoewel dit begrijpelijk is voor verdere concretisering, zouden wij het op prijs stellen als de genoemde algemene doelstelling in ieder geval

Zie de algemene reactie.

De hoofdlijnennotitie maakt duidelijk dat het overleg over de Staat van Groningen met onder meer inwoners gevoerd wordt. De uitvoering daarvan hoeft niet in de wet vastgelegd te worden.

Zie de algemene reactie. Zie 7. Dit valt buiten de reikwijdte van de wet. Het systeem van de Groningenwet is dat de concrete doelstellingen gekoppeld zijn aan de algemene doelstellingen. De genoemde aspecten zijn inderdaad relevante belangen, maar horen in de uitvoeringsagenda's - waarbij ook de waterschappen betrokken zijn - te worden vastgelegd.

wordt gekoppeld aan de doelstellingen van de sociale en economische agenda, (zoals beschreven in de startdocumenten). De startnotitie Economische Agenda benadrukt dat deze agenda zich richt op economische structuurversterking en drie belangrijke thema’s van ontwikkeling en verandering: energie, gezondheid en landelijk gebied/landschap. Hierin wordt gesteld dat een klimaatbestendig water- en bodemsysteem essentieel is voor economische en ruimtelijke ontwikkelingen. Het aspect van een klimaatbestendig landelijk gebied/landschap is met name relevant voor de belangen van de waterschappen en de inwoners van ons gebied. 40.

41.

42.

Op pagina 7 van de hoofdlijnennotitie wordt, ter toelichting op de doelstellingen van duurzaamheid en brede welvaart, aangegeven: “De inzet van het Rijk is aanvullend op de bijdrage die andere partijen vanuit hun (wettelijke) taak, rol of verantwoordelijkheid leveren”. Een strikte interpretatie van deze passage zou kunnen impliceren dat alle toekomstige werkzaamheden van de waterschappen gedefinieerd kunnen worden als voortvloeiend uit een wettelijke taak of rol, waardoor de bijdrage van het Rijk beperkt of zelfs nihil zou kunnen zijn. Dit geldt eveneens voor de gemeenten en de provincie. Naar onze mening ondersteunt een dergelijke formulering niet het toekomstperspectief van Groningen en haar inwoners. Wij brengen dit naar voren als een potentieel risico bij de verdere uitwerking en de invulling van de Uitvoeringsagenda’s. Wijzigingsvoorstel n.a.v. vragen Men noemt het jaar 2055 als einddatum. Wat gebeurt er na dat jaar? Zijn de hoofddoelstellingen na 2055 ook nog van kracht en afdwingbaar? Bestuurlijk trekker Herstelagenda De hoofddoelstellingen voor schadeherstel en versterking moet ook alle gevolgschade betreffen, bijvoorbeeld het agro- en mkbprogramma.

Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris.

Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris.

Dit is verwerkt in de reactie aan de staatssecretaris.

43.

De middelen die het rijk beschikbaar stelt, zijn additioneel. Middelen dus niet bekostigen uit andere beschikbaar gestelde middelen.

Stadskanaal, Noordenveld en Veendam Geen wijzigingsvoorstellen.

Zie 40.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/5154/documents/81866