CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 12 Bomen Effect Analyse.pdf

gemeenteraad 18 februari 2026, gemeente GroningenBij agendapunt: 5e: Travertijnstraat - vervangen gebiedsgerichte criteria Welstandsnota (raadsvoorstel 14-1-26)4.732 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAPPORTAGE Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

COLOFON Opdrachtgever: Gemeente Groningen De heer J.R. Ten Hove

Controle: De heer J.W. de Groot

Opdrachtnemer: Terra Nostra

Projectnummer: 401.6047

Boomtechnisch adviseur: De heer R.J. Hendriks Bsc.

Datum: 9 februari 2023

© Niets uit dit rapport mag worden verspreid en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, social media en/of website of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Terra Nostra.

INHOUDSOPGAVE

INLEIDING ........................................................................................................................................ 3 1.

VOORSTUDIE ......................................................................................................................... 4 1.1 1.2 1.3

2.

BOUWSTEEN 1: UITGANGSPUNTEN PROJECT ............................................................................ 4 BOUWSTEEN 2: TOETSING UITVRAAG ....................................................................................... 5 BOUWSTEEN 3: FUNCTIE OF WAARDE BOOM ............................................................................. 5 VELDONDERZOEK ................................................................................................................ 8

2.1 BOUWSTEEN 4: KWALITEIT BOMEN .......................................................................................... 8 2.1.1 Bovengrondse beoordeling individuele bomen ................................................................... 8 2.1.2 Toekomstverwachting bomen ............................................................................................ 9 2.1.3 Verplantbaarheid bomen .................................................................................................... 9 2.1.4 Bovengrondse beoordeling houtopstanden ...................................................................... 10 2.1.5 Ondergrondse beoordeling............................................................................................... 12 2.2 BOUWSTEEN 5: RUIMTESTUDIE ............................................................................................. 12 2.2.1 Huidige situatie bovengronds ........................................................................................... 12 2.2.2 Huidige situatie ondergronds............................................................................................ 12 2.3 BOUWSTEEN 6: KANSEN EN KNELPUNTEN .............................................................................. 13 2.3.1 Kansen.............................................................................................................................

13 2.3.2 Knelpunten ....................................................................................................................... 14 3.

RANDVOORWAARDEN ....................................................................................................... 15

LITERATUURLIJST ........................................................................................................................ 17 BIJLAGE 1 – METHODE VAN ONDERZOEK ................................................................................ 18 DIGITALE BIJLAGEN..................................................................................................................... 20

2 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

INLEIDING In opdracht van Ingenieursbureau gemeente Groningen is door Terra Nostra in week 51 van 2022 en week 2 van 2023 een Bomen Effect Analyse (BEA) uitgevoerd. De aanleiding voor dit onderzoek is dat er plannen zijn om het zuidelijke gedeelte van de wijk Vinkhuizen opnieuw in te richten. In dit gebied staan onder meer oude school- en bedrijfspanden, die waarschijnlijk gesloopt gaan worden en plaats moeten maken voor een andere invulling. In het projectgebied zijn naast bebouwing ook veel bomen en groen aanwezig. De gemeente Groningen vindt het belangrijk dat het ‘waardevol’ groen zoveel mogelijk kan worden ingepast bij de nieuwe ontwikkelingen. In dit kader is door Terra Nostra in de initiatiefase een BEA uitgevoerd.

Doelstelling Het doel van deze BEA is tweeledig. Ten eerste om de bomen en houtopstanden binnen het projectgebied goed in beeld te brengen. Ten tweede om randvoorwaarden op te stellen die nodig zijn om bomen en houtopstanden duurzaam te behouden.

Leeswijzer Deze BEA is opgesteld conform de Richtlijn Bomen Effect Analyse (Bomenstichting & CROW, 2019) en paragaaf 2.2. van het ‘Handboek de Groninger boom’. Doordat het in deze situatie om een BEA in de initiatiefase gaat, is conform ‘Handboek de Groninger boom’ een gedeeltelijke BEA uitgevoerd. Deze BEA omvat alleen de bouwstenen 1 t/m 6 en 11. In hoofdstuk 1 is de voorstudie omschreven met bouwsteen 1 t/m 3. In hoofdstuk 2 vindt u de resultaten van het veldonderzoek met bouwsteen 4 t/m 6. De randvoorwaarden volgen in hoofdstuk 3 met bouwsteen 11. Als bijlage zijn een literatuurlijst, methode van onderzoek en kaartmateriaal toegevoegd.

Heeft u naar aanleiding van dit rapport nog vragen of opmerkingen? U kunt contact opnemen met Rudolf Hendriks via het telefoonnummer 0184 69 89 93. Terra Nostra BV Bleskensgraaf

Henry Kuppen

3 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

1 1.1

1.

VOORSTUDIE

Bouwsteen 1: Uitgangspunten project

Het projectgebied bestaat uit het zuidelijke gedeelte van de wijk Vinkhuizen in Groningen, waarvan een gedeelte aan de westzijde en een gedeelte aan de oostzijde van de Diamantlaan (zie figuur 1). Het gebied aan de westzijde van de Diamantlaan bestaat uit aan een aantal oude, voormalige schoolgebouwen en een aantal vrij recent gebouwde schoolgebouwen. Het gebied aan de oostzijde van de Diamantlaan bestaat uit een ruig grasland dat rondom wordt begrensd door bomen en houtopstanden. Dit gebied grenst aan de noordkant van aan een sportcomplex.

Figuur 1: Situering projectgebied. De rode omlijning geeft de begrenzing weer van het projectgebied. De groene stippen zijn individueel opgenomen bomen.

Ten behoeve van dit project is door de afdeling GEO van de gemeente Groningen een inmeting van de aanwezige bomen en houtopstanden uitgevoerd. Deze inmeting is als uitgangspunt gebruikt voor dit onderzoek. Op locaties waar bomen ontbreken, zijn door Terra Nostra nieuwe bomen toegevoegd. De locaties van deze bomen zijn handmatig ‘ingeprikt’ in ArcGis op basis van visuele omgevingskenmerken. De locaties (contouren) van houtopstanden zijn bepaald door een lijn te trekken rondom de kroonbedekking op een luchtfoto in ArcGis. Aangeleverde tekeningen en documenten voor dit project zijn: • 203604-E01 (Bomen Vinkhuizen).pdf; • BGT_Vinkhuizen_Bomen_300822_incl-meting-Geomaat.dwg • Handboek de Groninger boom 22-4-2022; • Inventarisatielijst houtopstanden.xlsx. 4 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

1.2

Bouwsteen 2: Toetsing uitvraag

Gemeente Groningen heeft om de volgende gegevens gevraagd: • BEA in initiatiefase met bouwsteen 1 t/m 6 en 11 conform ‘Handboek de Groninger Boom’; • Het in beeld in brengen van de houtopstanden, monumentale bomen en potentieel monumentale bomen; • Opstellen van randvoorwaarden om bomen en houtopstanden duurzaam te behouden. Met deze BEA worden naast deze rapportage de volgende producten opgeleverd: • Bomentekening met de nulsituatie: de actuele boomplaatsen, boomnummers, toekomstverwachting en kroonprojecties. Op deze tekening worden ook de contouren van houtopstanden weergegeven; • Themakaart van conclusie: monumentale bomen, potentieel monumentale bomen, vergunningsplichtige bomen en niet-vergunningsplichtige bomen. Daarnaast wordt op deze tekening ook de beschermde zones van bomen en houtopstanden aangegeven. • Inventarisatiegegevens in een Excelbestand voor zowel de bomen als de houtopstanden.

1.3

Bouwsteen 3: Functie of waarde boom

In artikel 4.8 van de Algemene Plaatselijke Verordening Groningen 2021 (APVG 2021) zijn de begrippen houtopstand en monumentale houtopstand omschreven. Op basis hiervan zijn individuele bomen en houtopstanden opgenomen, evenals monumentale bomen en potentieel monumentale bomen. Hieronder zijn de categorieën bomen toegelicht op basis van de APVG 2021. Vergunningsplichtige boom Volgens de APVG wordt onder een boom een houtachtig gewas verstaan met een stamdoorsnede vanaf 20 centimeter op 1,3 meter boven het maaiveld. Bomen vanaf deze stamdoorsnede zijn vergunningsplichtig. Houtopstand Volgens de APVG is de definitie van een houtopstand 1 of meer bomen, hakhout of een beplantingsvak van bosplantsoen van meer dan 100 m2 met een natuurlijke groeihoogte van meer dan 2 meter. Monumentale houtopstand (boom) De basiscriteria van een monumentale houtopstand zijn: • 50 jaar of ouder; • Redelijke conditie met nog minimaal 10 à 15 jaar te leven. Daarnaast moet een monumentale houtopstand voldoen aan tenminste 1 van de specifieke voorwaarden: • Onderdeel ecologische infrastructuur; • Onderdeel karakteristieke boomgroep/laanbeplanting; • Onderdeel zeldzame biotoop; • Zeldzaam, gedenkboom; • Bepalend voor omgeving; • Herkenningspunt.

Potentiële monumentale houtopstand (boom) In de Beleidsregels APVG Behoud van groen: kap en herplant 2022 zijn de criteria voor potentieel monumentale houtopstanden omschreven: • Tussen 35 en 50 jaar oud; 5 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

• Voldoende conditie met nog minimaal 10 à 15 jaar te leven; Daarnaast moet een potentieel monumentale houtopstand voldoen aan tenminste 1 van de specifieke voorwaarden die ook gelden voor monumentale houtopstanden. Resultaten Op basis van bovenstaande criteria en voorwaarden zijn alle individuele bomen ingedeeld in 4 verschillende categorieën: monumentaal, potentieel monumentaal, vergunningsplichtig en nietvergunninsplichtig. In onderstaande tabel zijn de aantallen bomen per categorie weergegeven. Aansluitend zijn enkele foto’s toegevoegd. In bijlage 5 zijn op een overzichtstekening tevens de categorieën bomen uit tabel 1 weergegeven. Categorie Monumentaal (zie foto 1) Potentieel monumentaal (zie foto 2 op pagina 7) Vergunningsplichtig (zie foto 3 op pagina 7) Niet-vergunningsplichtig (stamdiameter < 20 cm) Totaal

Aantal bomen 92 63 163 98 416

Tabel 1: Aantallen monumentale, potentieel monumentale, vergunningsplichtige en niet-vergunningsplichtige bomen.

Voor de categorie monumentale bomen uit tabel 1 zijn de bomen die als monumentaal geregistreerd staan in het gemeentelijk beheersysteem, overgenomen in dit onderzoek, mits deze bomen aan de criteria voldoen. Het gemeentelijk beheersysteem is geraadpleegd via de website van de gemeente Groningen: (https://groningen.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=71e0b35f02f8438a9dd689b6 11ff7490. Deze categorie bomen is aangevuld met bomen die in het veld beoordeeld zijn als monumentaal op grond van de criteria.

13

14

16

Foto 1: Monumentale essen aan de Travertijnstraat. Dit betreft bomen met een leeftijd van meer dan 50 jaar, toekomstverwachting van minimaal 10 jaar, die bepalend zijn voor de omgeving.

6 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

412

408 411

410

409

Foto 2: Potentieel monumentale elzen aan de oostzijde van de Diamantlaan. Dit zijn bomen met een leeftijd tussen de 35 en 50 jaar oud, levensverwachting van minimaal 10 jaar, die bepalend zijn voor de omgeving.

48

Foto 3: Vergunningsplichtige bomen aan de westzijde van het projectgebied. Deze bomen zijn als niet (potentieel) monumentaal beoordeeld en hebben een stamdiameter van meer dan 20 centimeter.

7 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

2 2.1

2.

VELDONDERZOEK

Bouwsteen 4: Kwaliteit bomen

2.1.1 Bovengrondse beoordeling individuele bomen Het veldbezoek is gestart met een visuele beoordeling van de bomen. Hierbij zijn alle individuele straat/laanbomen en solitaire bomen opgenomen, ook al is de stamdiameter van deze bomen kleiner dan 20 centimeter. De reden hiervan is dat kleinere bomen interessant kunnen zijn voor verplanting, indien deze in een later stadium niet behouden kunnen blijven vanwege de planvorming. Binnen houtopstanden van beplanting/bosplantsoen zijn alleen monumentale en potentieel monumentale bomen opgenomen. Overige bomen binnen beplanting/bosplantsoen zijn niet als individuele boom opgenomen, ook al is de stamdiameter groter dan 20 centimeter. In totaal zijn 416 individuele bomen opgenomen. Ten behoeve van de leesbaarheid van dit rapport zijn deze bomen genummerd met 1 t/m 416. In bijlage 2 zijn op een overzichtstekening de boomlocaties en boomnummers weergegeven. Op deze tekening zijn ook de kroonprojecties gevisualiseerd. In onderstaande tabel, die doorloopt op pagina, 9 is een samenvatting weergegeven van de belangrijkste resultaten van de bomeninventarisatie. In bijlage 3 zijn in een Excelbestand de volledige resultaten van de bomeninventarisatie weergegeven. Boomsoort

Acer campestre (veldesdoorn) Acer platanoides ‘Globosum’ (bolesdoorn) Acer pseudoplatanus (gewone esdoorn) Aesculus hippocastanum (witte paardenkastanje) Alnus cordata (hartbladige els) Alnus glutinosa (zwarte els) Alnus incana (witte els) Alnus x spaethii (els) Betula pendula (ruwe berk) Betula pendula ‘Tristis’ (treurberk) Betula pubescens (zachte berk) Carpinus betulus (haagbeuk) Chamaecyparis lawsoniana (Californische cypres) Crataegus laevigata ‘Paul’s Scarlet’ (rode meidoorn) Fagus sylvatica ‘Atropunicea’ (rode beuk) Fraxinus excelsior (gewone es) Fraxinus excelsior ‘Westhof’s Glorie’ (gewone es) Fraxinus ornus ‘Meczek’ (pluim-es) Juglans regia (walnoot) Malus (fruit) Malus sp. (sierappel) Platanus x hispanica (gewone plataan) Populus balsamifera (balsempopulier) Populus tremula (ratelpopulier) Populus x canadensis (Canadese populier) Populus x canadensis ‘Robusta’ (Canadese populier) Populus x canescens (grauwe abeel) Prunus avium (zoete kers) Prunus cerasifera ‘Nigra’ (kerspruim) Pyrus (fruit)

Aantal bomen

23 1 5 5 1 35 3 5 3 14 2 2 1 12 1 102 9 4 3 1 1 2 2 1 6 28 1 4 18 2 8

Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

Boomsoort

Aantal bomen

Quercus palustris (moeraseik) Quercus robur (zomereik) Robinia pseudoacacia Salix alba (schietwilg) Salix alba ‘Belders’ (schietwilg) Salix babylonica ‘Tortuosa’ (kronkelwilg Salix caprea (boswilg) Salix x sepulcralis ‘Chrysocoma’ (treurwilg) Taxus baccata (venijnboom) Tilia americana (Amerikaanse linde) Tilia x europaea (Hollandse linde) Ulmus minor (veldiep) Ulmus ‘New Horizon’ (iep) Ulmus x hollandica (Hollandse iep) Totaal Stamdiameterklasse: Aantal bomen: Boomhoogteklasse: Aantal bomen: Conditie: Aantal bomen: Leeftijd: Aantal bomen:

< 20 cm

20-30 cm

30-40 cm

98 49 51 <6m 6–9m 9 – 12 m 63 52 58 Goed Voldoende 241 101 < 16 jaar 16-23 jaar 24-31 jaar 78 30 23

40-50 cm

50-75 cm

75-100 cm

69 101 40 12 – 15 m 15-18 m 18-24 m 80 86 28 Matig Slecht 59 14 32-39 jaar 40-47 jaar 48-55 jaar 58 69 105

2 6 1 29 10 2 1 1 3 28 22 1 9 3 416 > 100 cm

3 > 24 m 49 Dood 1 56-63 jaar 53

Tabel 2: Samenvatting boomgegevens met weergave aantallen per boomsoorten, voorkomende stamdiameterklassen, boomhoogteklassen, conditie en leeftijd.

2.1.2 Toekomstverwachting bomen Van alle 416 bomen is de toekomstverwachting bepaald bij gelijkblijvende omstandigheden en opgenomen in tabel 3. De toekomstverwachting is gebaseerd op de huidige conditie, geconstateerde boomtechnische gebreken en groeiplaatsomstandigheden. In bijlage 2 is op de overzichtstekening ook de toekomstverwachting per boom weergegeven. Toekomstverwachting Aantal bomen < 5 jaar 16 5-10 jaar 10 10-15 jaar 85 > 15 jaar 305 Tabel 3: Toekomstverwachting van bomen onder gelijkblijvende omstandigheden.

2.1.3 Verplantbaarheid bomen Van alle 416 bomen is visueel bepaald op basis van de bovengrondse kenmerken of deze verplantbaar zijn. Deze beoordeling is uitgevoerd op basis van soorteigenschappen, leeftijd, boomgrootte, boomtechnische gebreken, kwaliteit en standplaats. In totaal zijn 89 van de 416 bomen beoordeeld als verplantbaar. Dit betreft hoofdzakelijk jonge aanplant en volwassen lindes. In bijlage 3 is in het Excelbestand met boomgegevens in een kolom aangegeven per boom of deze wel of niet verplantbaar is. Het merendeel van de bomen binnen het projectgebied is niet verplantbaar, omdat bomen veelal dicht op elkaar staan en daardoor eenzijdige kronen hebben ontwikkeld en de wortelstelsels van de bomen met elkaar zijn vervlochten. Ook staan er grote hoeveelheden essen in het gebied die vanwege de gevoeligheid voor essentaksterfte niet geschikt zijn om te verplanten. Daarnaast zijn er veel populieren en wilgen, die vanwege de soorteigenschappen niet geschikt zijn om te verplanten. 9 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

2.1.4 Bovengrondse beoordeling houtopstanden In totaal zijn 29 houtopstanden als groep opgenomen, met een totale oppervlakte van 33.081 m2. Deze houtopstanden zijn opgenomen door middel van een lijn te trekken om de buitenste rand van de kroonprojecties van de beplanting in zijn geheel. Dit betreft alle beplantingsgroepen met een oppervlakte van meer dan 100 m2 en een natuurlijke groeihoogte van meer dan 2 meter. In de praktijk zijn dit bosvakken, struwelen, groenstroken en beplantingsvakken. Ten behoeve van de leesbaarheid van dit rapport zijn de houtopstanden gecodeerd op alfabetische volgorde. In bijlage 2 zijn op een overzichtstekening de locaties van de houtopstanden weergegeven. In bijlage 4 zijn de resultaten van de inventarisatie houtopstanden weergegeven. In deze bijlage zijn de volgende gegevens opgenomen: • Algemeen conditiebeeld (goed/redelijk/matig/slecht); • Ecologisch waardevol (ja/nee); • 3 meest voorkomende soorten inclusief percentages waarin deze voorkomen; • Gemiddelde stamdiameterklasse; • Korte omschrijving houtopstand; • Natuurlijke verjonging (ja/nee); • Oppervlakte in m2. Ten behoeve van de leesbaarheid van dit rapport zijn de houtopstanden op groepsniveau gecodeerd met a t/m z, aa, ab en ac. In bijlage 2 zijn op een overzichtstekening de houtopstanden met codering weergegeven.

Hieronder zijn enkele foto’s weergegeven met voorbeelden van houtopstanden binnen het projectgebied.

Foto 4: Houtopstand met code a, bestaande uit een dichte boombeplanting van essen.

10 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

Foto 5: Houtopstand met code x, bestaande uit struweel met struiken, volwassen bomen en halfwas bomen.

i

h

g

Foto 6: Houtopstanden met code g, h en i, bestaande uit beplantingsvakken met heesters. In deze vakken zijn de bomen als individuele bomen opgenomen.

11 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

2.1.5 Ondergrondse beoordeling Om een globale indruk te krijgen van de grondslag en bodemopbouw zijn steekproefsgewijs 6 grondboringen gemaakt in het projectgebied. De locaties van de grondboringen zijn op de overzichtstekening in bijlage 2 weergegeven. Uit de grondboringen blijkt dat de bodem is opgebouwd uit klei. De bovenste 10 tot 20 centimeter van het bodemprofiel bestaan uit kleiig, humeus zand. Hieronder is grijze klei aanwezig tot aan het grondwater. Het grondwaterpeil is wisselend. Ten oosten van de Diamantlaan, ligt het maaiveld beduidend lager dan in de rest van het projectgebied, en bevindt het grondwaterpeil zich op circa 40 centimeter diepte. Ten westen van de Diamantlaan wisselt het grondwaterpeil tussen de circa 60 en 120 centimeter onder het maaiveld. De bomen en houtopstanden wortelen tot aan het grondwater.

2.2

Bouwsteen 5: Ruimtestudie

De ruimtestudie bestaat uit de inmeting van het huidige ruimtebeslag van de bomen en houtopstanden en civiele inrichting, zowel boven- als ondergronds. Doordat deze BEA is uitgevoerd in de initiatiefase, is de toekomstige situatie nog niet bekend. Dit is daarom niet meegenomen in de ruimtestudie. 2.2.1 Huidige situatie bovengronds In de huidige situatie bovengronds bestaat het gedeelte van het projectgebied aan de westzijde van de Diamantlaan voor een groot deel uit bebouwing en verharding. Dit geldt vooral voor de noordelijke helft van het projectgebied ten westen van de Diamantlaan. In de zuidelijke helft staan 2 grote en vrij nieuwe schoolgebouwen, met rondom de gebouwen veel gras. De noordelijke en zuidelijke helft van het projectgebied ten westen van de Diamantlaan, worden gescheiden door een rijbaan, die toegang biedt naar de schoolgebouwen. Deze rijbaan gaat halverwege over in een smal fiets/voetpad met aan weerskanten houtopstanden. Deze houtopstanden bestaan aan de noordzijde van het pad uit een enkele bomenrij van volwassen populieren met onderbegroeiing van heesters en struiken. Aan zuidzijde van dit pad zijn houtopstanden aanwezig met volwassen bomen en onderbegroeiing. Het projectgebied aan de westzijde van de Diamantlaan, heeft ondanks de vele bebouwing en verharding een groen karakter. Dit komt vooral doordat aan de randen van het gebied veel groen aanwezig is.

Zo is aan de west- en zuidzijde van dit gebied een groene zone aanwezig van bosvakken, struweel en boomgroepen. Aan de noord- en oostzijde van het gebied zijn aan de Travertijnstraat en Diamantlaan brede groenstroken met (monumentale) bomen gesitueerd. Op het terrein zelf is een aantal dichte houtopstanden met grote bomen aanwezig, maar verder heeft het terrein een vrij dichte concentratie aan bebouwing en verharding. In dit gebied staan diverse bomen en houtopstanden dicht op de gevel van oude schoolgebouwen. Doordat het gebied extensief wordt beheerd, ontstaat op diverse plekken natuurlijke verjonging in het gebied. In totaal bestaan 6 houtopstanden in zijn geheel uit natuurlijke verjonging. Dit betreft de houtopstanden met code c, d, e, r, t, u met een totale oppervlakte van 4.118 m2. De overige 23 houtopstanden bestaan (grotendeels) uit aanplant. Het projectgebied ten oosten van de Diamantlaan is helemaal vrij van bebouwing en verharding. Dit gebied oogt als een voormalig sportveld, dat in de huidige situatie wordt beheerd als ruig gras en bevat enkele solitaire bomen. Rondom dit terrein zijn dichte houtopstanden aanwezig met bomen, struiken en heesters. Aan de noordzijde van het grasveld staat een rij monumentale essen.

2.2.2 Huidige situatie ondergronds In de huidige situatie wordt de beworteling van bomen en houtopstanden in verticale richting begrensd door het grondwater. Doordat het grondwater vrij hoog zit, hebben de bomen een oppervlakkig opgebouwd wortelgestel. In reikwijdte worden bomen en houtopstanden qua beworteling begrensd door bebouwing, kabels en leidingen en infrastructuur.

12 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

Om inzicht te krijgen in de ligging van kabels en leidingen is een oriëntatieverzoek ingediend bij het Kadaster, geregistreerd onder kenmerk 22O162098 (zie figuur 2 op pagina 13). Binnen het projectgebied liggen kabels en leidingen geconcentreerd onder het wegprofiel van de Travertijnstraat en Diamantlaan en aan de zuidzijde van het gebied, ten westen van de Diamantlaan. Daarnaast liggen huisaansluitingen van onder meer gas, elektra, data en water naar de gebouwen vanaf de Travertijnstraat en Diamantlaan. Ten oosten van de Diamantlaan liggen geen kabels en leidingen (met uitzondering van een gasleiding en elektrakabel vanaf de Zilverlaan, die stoppen net voorbij de dam).

Figuur 2: Weergave Oriëntatieverzoek met kenmerk 22O162098. De gekleurde lijnen geven kabels en leidingen weer.

2.3

Bouwsteen 6: Kansen en knelpunten

2.3.1 Kansen In het licht van de voorgenomen plannen is er een grote kans om het gebied te herontwikkelen met behoud van het groene karakter. De houtopstanden met monumentale en potentieel monumentale bomen bevinden zich vooral aan de randen van het projectgebied. Dit geldt ook voor de meeste bosvakken, grote boomgroepen en struwelen. Het middelste gedeelte van het projectgebied bestaat grotendeels uit bebouwing, verharding en gras. Hierdoor kan dit gebied praktisch gezien relatief eenvoudig worden herontwikkeld en bebouwd met behoud van het groen in de randen van het gebied. Andere kansen zijn: • Houtopstanden met dichte beplanting uitdunnen om gezonde en vitale bomen meer ruimte te geven om zich goed te kunnen ontwikkelen; • Houtopstanden met dichte beplanting uitdunnen om een gevarieerder beeld te krijgen en de ecologische waarde te verhogen. Bijvoorbeeld in houtopstand a en m, waar in de huidige situatie sprake is van een dichte beplanting van essen. Door deze houtopstanden uit te dunnen valt er meer licht op de bodem, waardoor de struik- en kruidlaag zich beter kan ontwikkelen. De biodiversiteit kan daardoor worden verhoogd; 13 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

•

Verbeteren van groeiplaatsomstandigheden. Met name rond het schoolgebouw CSG Selion is de boombeplanting in matige tot slechte conditie. Dit project kan worden aangewend om de groeiplaatsomstandigheden voor deze bomen te verbeteren. In mindere mate geldt dit ook voor de bomen aan de Diamantlaan.

2.3.2 Knelpunten De herontwikkeling van het gebied brengt een aantal (potentiële) knelpunten met zich mee: • Afname groenvolume door herontwikkeling gebied; • Risico op schade aan bomen bij sloop van gebouwen. Dit geldt vooral voor bomen en houtopstanden die dicht op te slopen gebouwen staan; • Risico op (wortel)schade bij verwijderen en aanleggen van verhardingen en kabels en leidingen; • Verlies van boven- en ondergrondse groeiruimte door nieuwbouw en aanleg van infrastructuur en kabels en leidingen; • Bodemverdichting en structuurbederf van de bodem door herontwikkeling van het gebied met zwaar materieel; • Veranderende windebelasting door sloop van bebouwing en kap van bomen, waardoor te handhaven bomen gevoelig kunnen worden voor takbreuk en/of windworp.

14 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

3

3.

RANDVOORWAARDEN

Om de houtopstanden veilig en duurzaam te handhaven tijdens de herontwikkeling, is het noodzakelijk dat deze zo goed mogelijk worden beschermd tijdens de werkzaamheden. In dit kader zijn algemene randvoorwaarden en boombeschermende maatregelen opgesteld. Als de plannen concreter worden, dienen deze randvoorwaarden en boombeschermende maatregelen verder op detailniveau te worden uitwerkt. Onderstaande randvoorwaarden boombeschermende maatregelen bieden een goede basis om de houtopstanden in het gebied veilig en duurzaam te handhaven: • Fysiek afschermen beschermde zones Het fysiek afschermen van de beschermde zones voor houtopstanden zoals ingetekend in bijlage 5. Dit kan door het plaatsen van gekoppelde bouwhekken langs de randen van de beschermde zones. Deze beschermde zones zijn verboden terrein voor nieuwbouw, aanleg infrastructuur, voertuigbewegingen en opslag materieel/materiaal. Binnen deze zone zijn graafwerkzaamheden niet toegestaan. Na realisatie van de herontwikkeling kunnen de bouwhekken weer verwijderd worden. • Voorkomen van bodemverdichting en structuurbederf Het fysiek afschermen van de kroonprojecties van individuele te handhaven bomen buiten de beschermde zones. Dit kan door het plaatsen van gekoppelde bouwhekken rondom de kroonprojectie op 1 meter uit de kroon.

De zone onder de kroonprojecties van te handhaven bomen is bij open grond situaties verboden terrein voor (opslag van) materieel en materiaal. Het ophogen van de bodem is onder deze zone niet toegestaan. Grondwerk onder de kroonprojecties in open grond situaties mag alleen na overleg en goedkeuring van een toezichthouder. • Inzet boomtechnisch toezichthouder (bomenwacht) Tijdens de werkzaamheden wordt geadviseerd om een boomtechnisch toezichthouder (bomenwacht) in te stellen. Deze dient European Tree Technician (ETT) of European Tree Worker (ETW) gecertificeerd te zijn. De toezichthouder heeft een begeleidende en adviserende rol tijdens de werkzaamheden, begeleidt noodzakelijke wortelkap en controleert op willekeurige momenten of boombeschermende maatregelen worden nageleefd. Dit wordt bijgehouden in een logboek. Indien boombeschermende maatregelen niet worden nageleefd, kan een boeteclausule worden bepaald. • Startgesprek Voorafgaand aan de werkzaamheden vindt een startgesprek plaats tussen de boombeheerder, boomtechnisch toezichthouder en de (onder)aannemer(s) om het doel van dit project met betrekking tot de bomen met elkaar af te stemmen. • 0-meting De bomeninventarisatie van deze Bomen Effect Analyse fungeert als 0-meting wat betreft boomschades. Hiermee kan voorkomen worden dat er discussie ontstaat over het tijdstip waarop een boom is beschadigd.

• Verrekening schade Schades aan bomen als gevolg van het niet naleven van boombeschermende maatregelen worden gecompenseerd of verrekend aan de hand van ‘Richtlijnen Nederlandse Vereniging Taxateurs van Bomen’ (NVTB). Deze taxatiemethode dient in het bestek als van toepassing te worden verklaard. • Verwijderen kabels en leidingen Het verwijderen van kabels en leidingen door ontgraving binnen de kroonprojecties van te handhaven bomen wordt begeleid door de ingestelde boomtechnisch toezichthouder. Eventuele dikke wortels (> 5 centimeter diameter) dienen op advies van de toezichthouder te worden gehandhaafd, dan wel op vakkundige wijze te worden ingekort. Kabels en leidingen dienen buiten de kroonprojecties van te handhaven bomen te worden afgekoppeld. 15 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

•

•

Aanleggen kabels en leidingen Nieuwe kabels en leidingen mogen niet worden aangebracht binnen de middenbermen, omdat hier bestaande bomen gehandhaafd blijven en op open plekken nieuwe bomen worden aangeplant. Op overige locaties heeft het sterk de voorkeur om nieuwe kabels en leidingen buiten de kroonprojecties van de te handhaven bomen aan te leggen. Indien dit niet mogelijk is, dient het ingraven van kabels en leidingen te worden begeleid door de boomtechnisch toezichthouder. Eventuele dikke wortels (> 5 centimeter diameter) dienen op advies van de toezichthouder te worden gehandhaafd, dan wel op vakkundige wijze te worden ingekort. Bronbemaling Indien bronbemaling wordt toegepast, dient men voordat de bronnering starten, een plan op stellen. Hierin moet beschreven staan hoe te handhaven houtopstanden kunnen worden voorzien in de benodigde vochtbehoefte. Dit plan dient ter goedkeuring voorafgaand aan de werkzaamheden te worden overlegd met zowel de aannemer als gemeente Groningen.

16 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

LITERATUURLIJST Bomenstichting, & CROW. (2019). Richtlijn Bomen Effect Analyse. Amsterdam. Iperen van C., Arend, E.,Langeveld, H., Ten Hove, J.R., & Tepper, N. (2022). Handboek de Groninger boom. Groningen. Mattheck, C., Bethge, K., & Weber, K. (2014). Die Körpersprache der Bäume; enzyklopädie des Visual Tree Assessment. Kronau, Germany: Karlsruher Institut für Technologie - Campus Nord. Mattheck, C., & Breloer, H. (1994). Handbuch der Schadenskunde von Bäumen (2. Auflage ed.). Freiburg im Breisgau, Deutschland: Rombach GmbH Druck- und Verlagshaus. Reinartz, H., & Schlag, M. (1997). Integrierte Baumkontrolle (IBA). Stadt und Grün, 10. Roloff, A. (2001). Baumkronen: Verständnis und praktische Bedeutung eines komplexen Naturphänomens: Verlag Eugen Ulmer GmbH & Co. Roloff, A. (2018). Vitalitätsbeurteilung von Bäumen, Aktueller Stand und Weiterentwicklung. Braunschweig, Deutschland: Haymarket Media. Wessolly, L., & Erb, M. (2014). Handbuch der Baumstatik und Baumkontrolle. Berlin-Hannover, Germany: Patzer-Verlag.

17 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

Bijlagen

BIJLAGE 1 – METHODE VAN ONDERZOEK De onderstaande boomgegevens worden tijdens het onderzoek opgenomen.

Boomsoort Bepaald aan de hand van de soortkenmerken.

Stamdoorsnede Gemeten op 1,30 meter hoogte in centimeter.

Boomhoogte Gemeten met hoogtemeter.

behulp

van

een

digitale

Conditie De conditie van de boom wordt bepaald aan de hand van het proces van kroonontwikkeling; scheutlengte, knop- of bladbezetting en de knopof bladgrootte, zie figuur 3 (Roloff, 2001, 2018).

Vitaliteit De vitaliteit wordt bepaald door genetische eigenschappen en is soort specifiek. Wel is het zo dat een boom met een goede conditie, een hoger herstelvermogen heeft dan een boom met een slechte conditie. De vitaliteit van een boom is het vermogen om te reageren op de verandering in de omgeving, bijvoorbeeld herstel na een verbetering van de groeiplaats. Een vitale boom heeft een goede weerstand tegen ziekten en aantastingen, Figuur 3: Classificaties conditie naar A. Roloff. bijvoorbeeld door het afgrendelen van wonden of het snel herstellen van aantastingen door insecten.

Visuele boomcontrole In tabel 4 op pagina 19 is de werkwijze van de visuele boomcontrole volgens de VTA-methode weergegeven. Hierbij wordt o.a. de stabiliteit en/of de breukgevoeligheid van een boom aan de hand van onder meer conditie, vitaliteit en (symptomen van) gebreken beoordeeld (Mattheck et al., 2014; Mattheck & Breloer, 1994; Reinartz & Schlag, 1997; Wessolly & Erb, 2014).

18 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

Bijlagen

Werkwijze visuele diagnose van bomen Biologisch Boomsoort Plantwijze Conditie Levensfase Vitaliteit Schimmels Insecten

Mechanisch

Randfactoren

Breukgevoeligheid

Stabiliteit

Aantasting/ schade Scheefstand Scheurvorming Soorteigenschappen

Wortelaanzetten Verdeling kroonoppervlak Habitus Lichaamstaal Grondscheuren Soorteigenschappen

Standplaats Bodemtype Locatie grondwater Doorwortelbaar volume Functie van de boom Uitgevoerd werk

Interpretatie levenskracht van de betreffende boom ten behoeve van: Regulier beheer

Specifieke maatregel

Nader onderzoek

Overig

Frequentie inspectie boomveiligheid Frequentie snoei

Toepassen snoei Kroonverankering Groeiplaatsverbetering Rooien/ vervangen

Beoordelen groeiplaats Geluidsmeting (Picus) Meting elektr. weerstand Trekproef

Chlorofyl fluorescentie Analyse grond/blad Overige analyse

Vertaling van resultaten naar concreet en onderbouwd advies

Tabel 4: werkwijze visuele boomcontrole.

Bodemprofiel en beworteling Het bodemprofiel is getoetst door middel van het nemen van grondboringen en profielsleuven. De beworteling is beoordeeld op kwaliteit en kwantiteit. Kwalitatief goede wortels zijn te herkennen aan een witte kern en een slecht loslatende, vochtige bast.

19 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

Bijlagen

DIGITALE BIJLAGEN Onderstaande bijlagen zijn als digitale bestanden met dit rapport meegestuurd: • Bijlage 2 - Overzichtstekening bomen en houtopstanden BEA Groningen Vinkhuizen Zuid; • Bijlage 3 - Inventarisatie bomen BEA Groningen Vinkhuizen Zuid; • Bijlage 4 - Inventarisatie houtopstanden BEA Groningen Vinkhuizen Zuid; • Bijlage 5 - Themakaart conclusie bomen en beschermde zone BEA Groningen Vinkhuizen Zuid. Bijlage 2 en 5 zijn tevens verwerkt in een autocad-bestand (dwg) en toegevoegd als digitale bijlage aan dit rapport.

20 Bomen Effect Analyse Vinkhuizen Zuid in Groningen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/5416/documents/92088