Bijlage 1 Middenweg 15-17-19 Hoogkerk_toelichting en regels.pdf
Tekst van het document
horeca - 2:
horecabedrijven gericht op het verstrekken van maaltijden voor consumptie ter plaatse met als nevenactiviteit het verstrekken van alcoholische en niet-alcoholische dranken, zoals restaurants, bistro's en daarmee vergelijkbare horecabedrijven. 1.70
horeca - 3:
horecabedrijven gericht op het verstrekken van alcoholische en niet-alcoholische dranken voor consumptie ter plaatse, met eventueel daaraan ondergeschikt het verstrekken van etenswaren of maaltijden voor gebruik ter plaatse, zoals (eet)café's, met uitzondering van discotheken en nachtclubs.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
38
1.71
horeca - 4:
horecabedrijven gericht op het verstrekken van dranken voor consumptie ter plaatse, waarbij het doen beluisteren van overwegend electrisch versterkte muziek of het gelegenheid geven tot dansen een wezenlijk onderdeel vormen, zoals discotheken, alsmede horecabedrijven gericht op het verstrekken van dranken en kleine etenswaren voor gebruik ter plaatse, ook tussen 02.00 en 06.00 uur, zoals nachtclubs en automatieken. 1.72
horeca - 5:
horecabedrijven gericht op het verstrekken van logies met als nevenactiviteiten het verstrekken van maaltijden of dranken voor gebruik ter plaatse, zoals hotels en pensions. 1.73
kamerverhuurpand:
een gebouw of een deel van een gebouw met of geschikt te maken voor vier of meer woonvertrekken, niet vallende onder het begrip logiesgebouw en/of logiesverblijf als bedoeld in het Bouwbesluit en niet zijnde een zelfstandige woonruimte als bedoeld in de Huisvestingswet, waarin (ongeacht de duur van het verblijf) (aan) drie of meer personen (al dan niet tegen betaling) nachtverblijf wordt verschaft (hebben). 1.74
kampeermiddel:
1. een tent, een tentwagen, een kampeerauto of een caravan. 2. enig ander onderkomen of enig ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte daarvan, voorzover geen bouwwerk zijnde, één en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen of gewezen voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf. 1.75
kantoor:
een ruimte die dient voor de uitoefening van administratieve, boekhoudkundige, financiële, organisatorische en/of zakelijke dienstverlening - niet zijnde detailhandel - al dan niet met een publiekgerichte baliefunctie. 1.76
kap:
een door tenminste één hellend dakvlak omsloten dak dat meer dan 50% van de bovenste vloerlaag van de onderliggende verdieping omvat. 1.77
kas:
een gebouw, waarvan de wanden en het dak geheel of grotendeels bestaan uit glas of ander lichtdoorlatend materiaal, dienend tot het kweken van vruchten, bloemen of planten. 1.78
kleinschalige bedrijfsmatige activiteit:
bedrijvigheid, die door zijn beperkte omvang in of bij een woning met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend. 1.79
kwetsbaar object:
een object waarvoor ingevolge het Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen een grenswaarde voor het risico c.q. een risicoafstand tot een risicovolle inrichting is bepaald, die in acht genomen moet worden. vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
39
1.80
logies met ontbijt:
het verstrekken van gelegenheid tot overnachting met ontbijt als toeristisch-recreatieve voorziening in een woning en ondergeschikt aan de woonfunctie. 1.81
maatschappelijke dienstverlening:
het geheel van diensten die de overheden aan hun burgers leveren, alsmede het verlenen van maatschappelijke diensten, medische dienstverlening, psychosociale zorg, onderwijs, kinderopvang, sociaal-culturele voorzieningen, voorzieningen van levensbeschouwelijke aard, voorzieningen ten behoeve van sport en sportieve recreatie, evenwel met uitzondering van een seksinrichting. 1.82
NEN:
door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm. 1.83
niet-grondgebonden agrarische bedrijfsvoering:
een agrarische bedrijfsvoering die hoofdzakelijk in gebouwen plaatsvindt. 1.84
peil:
voor een bouwwerk op een bouwperceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de kruin van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; voor een bouwwerk op een bouwperceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; voor schepen: de waterspiegel. 1.85
prostitutie:
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.86
recreatief medegebruik:
een recreatief gebruik van gronden dat ondergeschikt is aan de functie van de bestemming waarbinnen dit recreatieve gebruik is toegestaan. 1.87
recreatieve bewoning:
de bewoning die plaatsvindt in het kader van de weekend- en/of verblijfsrecreatie. 1.88
REVI:
de Regeling externe veiligheid inrichtingen van de staatssecretaris van VROM van 8 september 2004, houdende regels met betrekking tot afstanden en de wijze van berekening van het plaatsgebonden risico ter uitvoering van het Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.89
risicovolle inrichting:
een inrichting, bij welke ingevolge het Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen een grenswaarde, richtwaarde voor het risico c.q. een risico-afstand moet worden aangehouden bij het in het bestemmingsplan toelaten van kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
40
1.90
seksinrichting:
de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.91
stacaravan:
een caravan, die als een gebouw valt aan te merken. 1.92
standplaats:
een kavel, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten. 1.93
tuincentrum:
een al dan niet overdekte verkoopruimte waarin in hoofdzaak detailhandel wordt uitgeoefend in artikelen voor de inrichting en het onderhoud van particuliere tuinen of daarmee rechtstreeks samenhangende artikelen, zoals tuinplanten, zaai- en pootgoed, tuinmest, teelaarde, tuingereedschap, tuinhout, tegels, sierstenen, tuinhuisjes, materialen voor de aanleg en onderhoud van vijvers- en fonteinen, alsmede kamerplanten, snijbloemen en potterie, met als nevenassortiment dierbenodigdheden en -voeders, huis- en hobbydieren, tuinmeubilair, tuinkleding en -schoeisel (uitgezonderd modische, sport- of vrijetijdskleding), materialen voor aanleg en onderhoud van zwembaden en voor buitengebruik bestemde sfeerartikelen. 1.94
verkooppunt van motorbrandstoffen:
een inrichting voor de uitoefening van detailhandel in motorbrandstoffen, waaronder begrepen smeermiddelen voor motorvoertuigen en benodigdheden voor gebruik, reiniging of spoedeisende reparaties van motorvoertuigen alsmede accessoires daarvoor en daaraan ondergeschikt detailhandel in voedings- en genotmiddelen. 1.95
verkoopvloeroppervlakte (vvo) :
de voor het publiek zichtbare en toegankelijke besloten winkelruimte ten behoeve van de detailhandel. 1.96
voorerf:
gedeelte van het erf dat voor de voorgevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan is gelegen, met dien verstande dat indien het hoofdgebouw aan meerdere wegen is gelegen alle gedeelten van het erf gelegen tussen de gevel of het verlengde daarvan en de grens van de weg als voorerf wordt aangemerkt. 1.97
voorgevel:
de naar de weg toegekeerde gevel van een gebouw, of indien een perceel met meerdere zijden aan de weg grenst, de gevel aan de zijde van de weg, waarop de hoofdtoegang van de woning is ontsloten.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
41
1.98
voorkeursgrenswaarde:
de bij een bestemmingsplan in acht te nemen maximale waarde voor de geluidsbelasting van geluidsgevoelige objecten, zoals deze rechtstreeks kan worden afgeleid uit de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder. 1.99
winkel:
een gebouw, dat een ruimte omvat, welke door zijn indeling kennelijk bedoeld is te worden gebruikt voor de detailhandel. 1.100
woning:
een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden. 1.101
woongebouw:
een gebouw, dat meerdere naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid beschouwd kan worden. 1.102
woonhuis:
een gebouw, dat één woning omvat, dan wel twee of meer naast elkaar en/of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat, en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid kan worden beschouwd. 1.103
woonwagen:
voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst. 1.104
woon-werkcombinaties:
het wonen in combinatie met aan de woonfunctie ondergeschikte kantoor- en werkfuncties in de vorm van aan huis verbonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten. 1.105
zakelijke dienstverlening:
het verlenen van diensten in een kantoorachtige omgeving op administratief, financieel en juridisch gebied, alsmede op het gebied van de informatie- en communicatietechnologie, de verhuur en handel in onroerend goed, architecten-, onderzoeks-, marketing-, uitzend- en beveiligingsbureaus en daarmee naar de aard vergelijkbare vormen van dienstverlening.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
42
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
lengte, breedte en diepte van een gebouw:
tussen (de lijnen, getrokken door) de buitenzijde van de gevelvlakken en / of de buitenkant dakoverstek en/of het hart van de gemeenschappelijke scheidingsmuren. 2.2
de bouwhoogte van een bouwwerk:
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.3
horizontale diepte van een gebouw:
de lengte van een gebouw, gemeten loodrecht vanaf de naar de weg gekeerde gevel. 2.4
de goothoogte van een bouwwerk:
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.5
de dakhelling:
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.6
de oppervlakte van een bouwwerk:
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.7
de inhoud van een bouwwerk:
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.8
bruto vloeroppervlakte van een bouwlaag:
op de vloer van de bouwlaag, tussen de binnenzijde van de gevelmuren. 2.9
de hoogte van een windturbine:
vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
43
Artikel 3
Uitmetingsverschillen
Voor zover op de kaart niet anders is aangegeven, wordt de vaststelling van afmetingen bepaald door middel van meting op de kaart, met dien verstande dat: a. de maatbepaling tot op 1 meter nauwkeurig geschiedt, en b. de maat van de openbare ruimte wordt berekend naar de ter plaatse geldende werkelijke situatie, behoudens indien de grenslijn van de bebouwing niet in de bestaande voorgevellijn is geprojecteerd.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
44
Hoofdstuk 2 Artikel 4 4.1
Bestemmingsregels
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. zelfstandige woningen, met dien verstande dat: 1. de gebruiksoppervlakte van een woning, met uitzondering van een meergeneratiewoning, meer dan 50m2 dient te bedragen, of, indien de gebruiksoppervlakte van een bestaande woning minder bedraagt, de bestaande gebruiksoppervlakte; 2. De gebruiksoppervlakte van een woning zich in ieder geval voor de helft op of boven peil bevindt, met uitzondering van woningen waarvan de bestaande gebruiksoppervlakte zich geheel beneden peil bevindt; b. Zelfstandige woningen met een gebruiksoppervlakte van minimaal 24m2, uitsluitend bij omvorming van onzelfstandige woningen en/of eenheden voor kamerverhuur naar zelfstandige woningen, met dien verstande dat: 1. Alle onzelfstandgie woningen en eenheden voor kamerverhuur vervallen; 2. Het totaal aantal woningen en eenheden afneemt; en 3. Minimaal 24m2 van de gebruiksoppervlakte van een nieuwe woning zich op één bouwlaag bevindt en een nettohoogte heeft van minimaal 2,1m; c. Bestaande legale kamerverhuur en bestaand beschermd wonen; d. logies met ontbijt, met dien verstande dat deze functie uitsluitend mag worden uitgeoefend in het hoofdgebouw en ten dienste van deze functie maximaal twee (slaap)kamers voor toeristisch-recreatief nachtverblijf mogen worden gebruikt; e. nutsvoorzieningen; f. additionele voorzieningen. 4.2
Bouwregels
4.2.1 Algemene bouwregels Er zijn wat de bebouwing betreft uitsluitend gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, toegestaan ten behoeve van de in lid 4.1 genoemde doeleinden. 4.2.2 Hoofdgebouwen Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. de gebouwen mogen uitsluitend binnen het op de bij dit plan behorende verbeelding aangegeven bouwvlak worden gebouwd; b. het bebouwingspercentage mag maximaal het aangegeven percentage bedragen met dien verstande dat: 1. de afstand tussen vrijstaande hoofdgebouwen en de zijdelingse perceelsgrens minimaal 3 meter bedraagt, tenzij de bestaande afstand minder bedraagt, in welk geval de bestaande afstand geldt; 2. de afstand tussen twee aaneengebouwde hoofdgebouwen en één van beide zijdelingse perceelsgrenzen minimaal 3 meter bedraagt, tenzij de bestaande afstand minder bedraagt, in welk geval de bestaande afstand geldt; 3. de afstand van de eindwoningen van rijenwoningen tot de zijdelingse perceelsgrenzen minimaal 3 meter bedraagt, tenzij de bestaande afstand minder bedraagt, in welk geval de bestaande afstand geldt; c. de bouw- en goothoogte mogen maximaal de op de bij dit plan behorende verbeelding aangegeven bouw- en goothoogte bedragen; d. de dakhelling mag maximaal 60º bedragen. vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
45
4.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. aangebouwde bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend aan de achtergevel van de hoofdmassa van de bebouwing worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. de maximale bouwhoogte 4 meter bedraagt; 2. de maximale bouwhoogte niet hoger is dan 0,3 meter boven de bovenkant van de scheidingsconstructie met de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw; 3. de maximale diepte, gemeten vanuit (het verlengde van) de achtergevel, 4 meter bedraagt; 4. de afstand tot de zij- en achtererfgrens, indien deze grenst aan het openbaar toegankelijk gebied, minimaal 1 meter bedraagt; b. vrijstaande bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend op het achtererfgebied worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. de maximale bouwhoogte 3 meter bedraagt bij een plat dak en 5 meter bij een dak met kap; 2. de afstand tot de zij- en achtererfgrens, indien deze grenst aan het openbaar toegankelijk gebied, minimaal 1 meter bedraagt; c. door het hier bedoelde bouwen mag de totale oppervlakte van bijbehorende bouwwerken inclusief bouwwerken, geen gebouw zijnde, op het achtererfgebied maximaal 50 m² bedragen, met dien verstande dat het achtererfgebied voor maximaal 50% mag zijn bebouwd. 4.2.4 Bouwwerken, geen gebouw zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende bepalingen: a.
voor zover het niet erf- of perceelsafscheidingen betreft mogen de bouwwerken, geen gebouw zijnde, uitsluitend op het achtererfgebied worden gebouwd; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag voor de voorgevelrooilijn maximaal 1 meter bedragen en achter de voorgevelrooilijn maximaal 2 meter; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, mag maximaal 4 meter bedragen; d. door het hier bedoelde bouwen mag de totale oppervlakte van bijbehorende bouwwerken inclusief bouwwerken, geen gebouw zijnde, op het achtererfgebied maximaal 50 m² bedragen, met dien verstande dat het achtererfgebied voor maximaal 50% mag zijn bebouwd. 4.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. de woonsituatie: Ten aanzien van de binnen de bestemming toegelaten gebruiksvormen dient rekening gehouden te worden met het instandhouden c.q. tot stand brengen van een redelijke lichttoetreding, alsmede de aanwezigheid van voldoende privacy; b. het straat- en bebouwingsbeeld: Ten aanzien van de binnen de bestemming toegelaten gebruiksvormen dient te worden gestreefd naar het instandhouden c.q. tot stand brengen van een, in stedenbouwkundig opzicht, samenhangend straat- en bebouwingsbeeld. In het algemeen zal bij bebouwing worden gestreefd naar: een goede verhouding tussen bouwmassa en open ruimte; een goede hoogte-breedteverhouding tussen de bebouwing onderling en een samenhang in bouwvorm/architectonisch beeld tussen bebouwing die ruimtelijk op elkaar georiënteerd is; c. de verkeersveiligheid: Ten aanzien van de binnen de bestemming toegelaten gebruiksvormen dient rekening te worden gehouden met het instandhouden c.q. tot stand brengen van een verkeersveilige situatie; vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
46
d. de sociale veiligheid: Ten aanzien van de binnen de bestemming toegelaten gebruiksvormen dient te worden voorkomen dat een ruimtelijke situatie ontstaat die onoverzichtelijk, onherkenbaar en niet sociaal controleerbaar is; e. de milieusituatie: Ten aanzien van de binnen een bestemming toegelaten gebruiksvormen dient rekening te worden gehouden met de milieuaspecten, zoals hinder voor omwonenden en een verkeersaantrekkende werking; f. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden: Ten aanzien van de binnen een bestemming toegelaten gebruiksvormen dient rekening te worden gehouden met de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, indien deze daardoor kunnen worden beïnvloed. 4.4
Afwijken van de bouwregels
4.4.1 Afwijkingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. lid 4.1 onder 2 en in een bestaand pand een woning toestaan met minimaal 40m2 gebruiksoppervlakte: 1. als een bouwlaag niet groter is dan 50m2 of; 2. ten behoeve van het behoud van de monumentale waarde van (onderdelen van) het pand; b. lid 4.2.1 onder b voor het splitsen ten behoeve van een meergeneratiewoning; c. lid 4.2.1 onder b voor het anderszins splitsen van woningen, mits: 1. de gebruiksoppervlakte van de te splitsen woning groter is dan of gelijk is aan 140m2, en; 2. de gebruiksoppervlakte volgens NEN 2580 van elke zelfstandige woning die als gevolg van de splitsing ontstaat groter is dan 50m2; d. het bepaalde in lid 4.2.2 onder b voor overschrijding van het toegestane bebouwingspercentage met maximaal het getal 10; e. het bepaalde in lid 4.2.2 onder c voor vergroting van de toegestane goot- en/of bouwhoogte met maximaal 2 meter; f. het bepaalde in lid 4.2.2 onder d voor verkleining van de minimale dakhelling van hoofdgebouwen tot niet minder dan 45° c.q. voor het geheel of gedeeltelijk voorzien van een hoofdgebouw van een plat dak; g. het bepaalde in lid 4.2.2 onder d voor vergroting van de maximale dakhelling van hoofdgebouwen tot maximaal 75°; h.
het bepaalde in lid 4.2.3 onder a.1 voor het vergroten van de toegestane bouwhoogte ven een aangebouwd bijbehorend bouwwerk, echter uitsluitend ten behoeve van een kap en met dien verstande dat de goothoogte maximaal 4 meter mag bedragen; i. het bepaalde in lid 4.2.3 onder a.3 voor het vergroten van de toegestane diepte van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk, gemeten vanuit (het verlengde van) de achtergevel van de hoofdmassa tot maximaal 5 meter; j. het bepaalde in 4.2.3 onder a.3 voor het bouwen van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk achter een oorspronkelijk aangebouwd bijbehorend bouwwerk, met dien verstande dat: 1. de maximale diepte achter het oorspronkelijk aangebouwd bijbehorend bouwwerk 4 meter bedraagt; 2. de maximale breedte gelijk is aan de breedte van het oorspronkelijk aangebouwde bijbehorende bouwwerk; k. het bepaalde in lid 4.2.3 onder a.4 voor het bouwen van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk tot op de erfgrens; l. het bepaalde in lid 4.2.3 onder a voor het oprichten van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk aan de zijgevel van de hoofdmassa van de bebouwing, met dien verstande dat: vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
47
1. de maximale goothoogte 4 meter bedraagt; 2. de maximale bouwhoogte niet hoger is dan 0,3 meter boven de bovenkant van de scheidingsconstructie met de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw; 3. de maximale breedte, gemeten vanuit (het verlengde van) de zijgevel van de hoofdmassa van de bebouwing, 4 meter bedraagt; 4. een kap is toegestaan; m. het bepaalde in lid 4.2.3 onder b.1 voor het vergroten van de toegestane bouwhoogte van een vrijstaand bijbehorend bouwwerk tot maximaal 4,50 meter, echter uitsluitend ten behoeve van een kap; n. het bepaalde in lid 4.2.3 onder b.2 voor het bouwen van een vrijstaand bijbehorend bouwwerk tot op de erfgrens; o. het bepaalde in lid 4.2.3 onder b voor het oprichten van een vrijstaand bijbehorend bouwwerk op het voorerfgebied, met dien verstande dat: 1. het vrijstaand bijbehorend bouwwerk achter (het verlengde van) de voorgevelrooilijn moet zijn gesitueerd; 2. de goothoogte maximaal 3 meter bedraagt; 3. de bouwhoogte maximaal 4,5 meter bedraagt, echter uitsluitend ten behoeve van een kap; 4. door het hier bedoelde bouwen mag de totale oppervlakte van bijbehorende bouwwerken inclusief bouwwerken, geen gebouw zijnde, op het gehele perceel maximaal 70 m2 bedragen, waarbij het deel van het voorerfgebied dat is gelegen achter het verlengde van de voorgevelrooilijn voor maximaal 60% mag zijn bebouwd; p.
het bepaalde in lid 4.2.3 onder c voor vergroting van de totale oppervlakte van bijbehorende bouwwerken inclusief bouwwerken, geen gebouw zijnde, op het achtererfgebied van vrijstaande woningen tot maximaal 100 m 2 waarbij het achtererfgebied voor maximaal 60% mag worden bebouwd q. het bepaalde in lid 4.2.4 onder c tot maximaal 10 meter, met dien verstande dat niet geldt voor reclamemasten: deze mogen op grond van de Provinciale Omgevingsverordening niet hoger zijn dan 6 meter. 4.4.2 Voorwaarden voor afwijken Afwijken van de regels, als bedoeld in lid 4.4.1, is slechts mogelijk, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. b. c. d. e. f.
de woonsituatie; het straat- en bebouwingsbeeld; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Het gestelde in 4.3 is hierbij van overeenkomstige toepassing. 4.5
Specifieke gebruiksregels
4.5.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning; b. het gebruik van aangebouwde bijbehorende bouwwerken als afzonderlijke woning; c. het gebruik van gebouwen voor kamerverhuur en beschermd wonen, voor zover niet toegestaan op grond van het bepaalde in 4.1.c; d. het gebruik van een woning voor bewoning anders dan door één huishouden; e. het gebruik van een woning als meer dan één zelfstandige woning, behalve als voor splitsing afwijking is verleend met toepassing van lid 4.4.1 b of 4.4.1 c. f. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van standplaatsen;
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
48
g. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van een aan huis verbonden beroep; h. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van bedrijfsmatige activiteiten, voor zover dit niet uitdrukkelijk op grond van lid 4.1 is toegestaan 4.5.2 Voorwaardelijke verplichting Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. Het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de bestemming zonder conform het bouwbesluit 2012 (meer specifiek art. 3.2 jo. en art. 3.3 lid 1) het waarborgen van de vereiste karakteristieke geluidwering van de gevels en; b. Het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de bestemming zonder het in stand houden van de voorzieningen om aan de onder a bepaalde vereiste karakteristieke geluidwering van de gevels te voldoen. 4.6
Afwijken van de gebruiksregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 4.5.1 onder h voor het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van een beroep aan huis tot een maximum van 70m². Het gestelde in lid 4.4.2 onder b, c, e en f is hierbij van overeenkomstige toepassing; b. het bepaalde in lid 4.5.1 onder h voor het gebruik van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken ten behoeve van een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit tot een maximum van 70 m² en voor zover voorkomend op de bij dit plan behorende Lijst van bedrijfstypen (Bijlage 1). Het gestelde in lid 4.4.2 onder b, c, e en f is hierbij van overeenkomstige toepassing. c. Het bepaalde in lid 4.5 onder d voor beschermd wonen. Het gestelde in lid 4.4.2 is hierbij overeenkomstig van toepassing. 4.7
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen in die zin dat de situering en de vorm van de op de kaart aangegeven bouwvlakken worden gewijzigd dan wel op de kaart nieuwe bouwvlakken worden aangegeven, mits: a. de geluidbelasting vanwege het wegverkeer van geluidgevoelige gebouwen niet hoger zal zijn dan (de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde, of) een verkregen hogere grenswaarde; b. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de woonsituatie, het straat- en bebouwingsbeeld, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid, de milieusituatie en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Het gestelde in lid 4.3 is hierbij van overeenkomstige toepassing.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
49
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Algemene regels
Anti-dubbeltelbepaling
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
50
Artikel 6
Uitsluiting aanvullende werking bouwverordening
De voorschriften van de Bouwverordening ten aanzien van onderwerpen van stedenbouwkundige aard blijven overeenkomstig het gestelde in artikel 9 lid 2 van de Woningwet buiten toepassing, behalve ten aanzien van de volgende onderwerpen: a. de richtlijnen voor het verlenen van vrijstelling van de stedenbouwkundige bepalingen; b. de bereikbaarheid van gebouwen voor wegverkeer; c. de bereikbaarheid van gebouwen voor gehandicapten; d. de parkeergelegenheid en de laad- en losmogelijkheden; e. de ruimte tussen bouwwerken.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
51
Artikel 7 7.1
Bijzondere aanduidingsregels
Geluidzone-industrie
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'geluidzone-industrie' gelden de volgende aanvullende regels: 7.1.1 Bouwregels In afwijking van het bepaalde in de bouwregels bij de bestemmingen geldt dat in het plangebied geen nieuwe geluidgevoelige gebouwen mogen worden gebouwd. Ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerp-bestemmingsplan bestaande geluidgevoelige gebouwen zijn hiervan uitgezonderd. 7.1.2 Ontheffing van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in 7.1.1 en toestaan dat nieuwe geluidgevoelige gebouwen worden gebouwd, mits de geluidbelasting vanwege het industrieterrein op de gevels van deze geluidgevoelige gebouwen niet hoger is dan de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde of een verkregen hogere grenswaarde. 7.1.3 Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig binnen het gebied met de aanduiding 'geluidzone-industrie', wordt gerekend het gebruik van gebouwen als geluidgevoelig object. 7.1.4 Ontheffing van de gebruiksregels Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in 7.1.3 en toestaan dat niet geluidgevoelige gebouwen worden gebruikt als geluidgevoelig gebouw, mits de geluidbelasting vanwege het industrieterrein op de gevels van deze geluidgevoelige gebouwen niet hoger is dan de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde of een verkregen hogere grenswaarde. 7.2
Vrijwaringszone -straalpad
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone-straalpad' gelden de volgende aanvullende regels: 7.2.1 Bouwregels In afwijking van het bepaalde in de bouwregels bij de bestemmingen geldt dat in het plangebied vanwege de ligging een straalpad de bouwhoogte van gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, niet meer mag bedragen dan op de verbeelding staat aangegeven. Het betreft een maximale hoogte van 62 meter in de zuidoosthoek van het plangebied Hoogkerk, aflopend naar 45 meter in noordwestelijke richting. Ter plaatse van de locatie van de suikersilo's van Suiker Unie aan de zuidzijde van het Hoendiep bedraagt de maximale hoogte 55 meter. 7.2.2 Ontheffing van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in 7.2.1 en toestaan dat hogere bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden opgericht na overleg met de betreffende beheerder van de straalverbinding en mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig functioneren van de straalverbinding. Artikel 8
Algemene afwijkingsregels
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
52
8.1
Afwijkingsbevoegdheid
Voorzover zulks niet op grond van een andere bepaling van de regels kan worden toegestaan, kunnen burgemeester en wethouders bij een omgevingsvergunning afwijken van de bepalingen van het plan: a. van de bij recht in de regels gegeven maten, afmetingen, percentages tot maximaal 10% van die maten, afmetingen en percentages; b. voor aanpassing in geringe mate van het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geven; c. voor overschrijding van de bouwgrenzen: 1. indien een meetverschil of de situatie ter plekke daartoe aanleiding geeft; 2. ten behoeve van stoepen, toegangen, portieken, hellingbanen, buitentrappen, terrassen, erkers, balkons, luifels, hijsinrichtingen, lift- en trappenhuizen alsmede naar de aard vergelijkbare delen van bouwwerken; d. voor overschrijding van de bouwhoogte van gebouwen ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en buitentrappen, mits: 1. de oppervlakte van de vergroting maximaal 25 m² bedraagt; 2. deze bouwhoogte met maximaal 25% wordt overschreden; e. voor het oprichten van kleine, niet voor bewoning bestemde, gebouwtjes voor zakelijke doeleinden, zoals kiosken en naar aard en omvang daarmee gelijk te stellen gebouwtjes, met een maximale inhoud van 50 m3; f.
voor het oprichten van bouwwerken van openbaar nut, zoals abri's, telefooncellen, transformatorhuisjes, gasreduceerstations, verzamelcontainers voor flessen, oud papier e.d., en daarmee gelijk te stellen bouwwerken met een maximale inhoud van 200 m3; g. voor het realiseren van voorzieningen ten behoeve van de verkeers- en waterinfrastructuur; h. voor het oprichten van bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals vlaggenmasten, gedenktekens, beeldhouwwerken en andere kunstuitingen; i. voor het innemen van een standplaats zoals bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening; j. voor het oprichten van geluidwerende voorzieningen met een bouwhoogte van maximaal 4 meter; k. voor overschrijding van de toegestane bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot maximaal 10 meter vanaf peil, met dien verstande dat dit niet geldt voor reclamemasten: deze mogen op grond van de Provinciale Omgevingsverordening niet hoger zijn dan 6 meter; l. voor overschrijding van de toegestane bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten, tot maximaal 40 meter vanaf peil. 8.2
Voorwaarden voor afwijken
Afwijken van de regels met toepassing van lid 8.1 is slechts mogelijk, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. b. c. d. e. f.
het straat- en bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
53
Artikel 9 9.1
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
1. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 2. Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. 3. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 9.2
Overgangsrecht gebruik
1. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 2. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 3. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 4. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
54
Artikel 10
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan ''Middenweg 15-17-19 Hoogkerk''
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
55
Bijlagen bij de regels
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
56
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
57
Bijlage 1
lijst van bedrijfstypen
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
58
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
59
Bijlage 1 Lijst van bedrijfstypen wonen-werken SBI
OMSCHRIJVING
cat
182
Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer)
2
221
Uitgeverijen (kantoren)
1
2222.6
Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen
2
2223
Grafische afwerking
1
2223
Binderijen
2
2224
Grafische reproduktie en zetten
2
2225
Overige grafische aktiviteiten
2
223
Reproduktiebedrijven opgenomen media
1
362
Fabricage van munten, sieraden e.d.
2
363
Muziekinstrumentenfabrieken
2
511
Handelsbemiddeling (kantoren)
1
527
Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen)
1
61, 62
Vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren)
1
6322, 6323
Overige dienstverlening t.b.v. vervoer (kantoren)
1
633
Reisorganisaties
1
634
Expediteurs, cargadoors (kantoren)
1
642
Telecommunicatiebedrijven
1
65, 66, 67
Banken, verzekeringsbedrijven, beurzen
2
70
Verhuur van en handel in onroerend goed
1
72
Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d.
1
731
Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk
2
732
Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek
1
74
Overige zakelijke dienstverlening: kantoren
1
8021.3
Praktijkonderwijs
2
8022.2
Educatie
2
8042.1
Afstandsonderwijs
1
8042.2
Bedrijfsopleiding en -training
2
8042.3
Studiebegeleiding, vorming en onderwijs n.e.g.
2
8512, 8513
Artsenpraktijken, klinieken en dagverblijven
1
853
Kinderopvang
2
921, 922
Studio's (film, TV, radio, geluid)
2
9234
Muziek- en balletscholen
2
9251, 9252
Bibliotheken, musea, ateliers, e.d.
1
9302
Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten
1
9305
Persoonlijke dienstverlening n.e.g.
1
Verklaring gebruikte afkortingen
n.e.g. niet elders genoemd
Eindnoten
1. Gemeente Groningen. Brief vooroverleg met kenmerk IVO-202271408/020. D.d. 24 mei 2022. 2. Uitspraak Raad van State: 201503895/1/R2 3. Gemeente Groningen. Brief vooroverleg met kenmerk IVO-202271408/020. D.d. 24 mei 2022.
vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan Middenweg 15-17-19 Hoogkerk
60