CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Belastingtarieven 2025.pdf

gemeenteraad 13 november 2024, gemeente GroningenBij agendapunt: c: Belastingtarieven 2025 (raadsvoorstel 3-10-24)2.200 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

EMBARGO tot 3 oktober, 11.30 uur Onderwerp

Belastingtarieven 2025

Telnr.

14 050

Registratienummer Classificatie

Bijlagen 15

280036-2024 Openbaar

Portefeuillehouder

Wijnja

Langetermijn agenda (LTA) Raad

LTA ja: LTA nee:

Geheim

Vertrouwelijk (bij gebruik van persoonsgegevens)

Maand 11 Jaar 2024 Niet op LTA

Voorgesteld raadsbesluit

De raad besluit: I. de OZB-tarieven voor eigenaren woningen, eigenaren niet-woningen en gebruikers niet-woningen vast te stellen op respectievelijk 0,1552%, 0,5630% en 0,4501% van de WOZ-waarde; II. de tarieven van de afvalstoffenheffing voor éénpersoonshuishoudens, tweepersoonshuishoudens en drie- of meerpersoonshuishoudens vast te stellen op respectievelijk € 271,92, € 318,24 en € 386,28; III. tot 1 januari 2030 het maximumniveau van de voorziening afvalstoffenheffing van 4% van de omzet afvalstoffenheffing los te laten; IV. het tarief van de rioolheffing te verhogen met 3,30% van € 167,10 naar € 172,62; V. de tarieven voor parkeervergunningen en voor het parkeren bij parkeerapparatuur te indexeren met 3,44% en de boete voor het rood staan bij parkeerapparatuur te verhogen van € 76,70 naar € 78,80; VI. de marktgeldtarieven voor het stroomverbruik te verhogen met 17% en de overige marktgeldtarieven te indexeren met 3,44%; VII. de tarieven voor het wegslepen van voertuigen in het belang van het vrijhouden van de weg en weggedeelten met 7% te verhogen en de overige tarieven in de wegsleepverordening niet te verhogen; VIII. alle overige legestarieven, de begrafenisrechten, het brug- en havengeld, de precariobelasting en de reclamebelasting te indexeren met 3,44%; IX.

de tweede stap van invoering reclamebelasting, waarbij openbare aankondigingen groter dan 1 m² worden belast, uit te stellen tot 1 januari 2026;

Samenvatting

Het raadsvoorstel bevat de voorstellen voor de belastingtarieven 2025. Het totaalbedrag van de woonlasten voor eigenaren (OZB + afvalstoffenheffing + rioolheffing) stijgt met 3,42% ten opzichte van 2024. De woonlasten voor huurders (afvalstoffenheffing) stijgen met 3,44%. Om de toekomstige tarieven van de afvalstoffenheffing te dempen, wordt de raad voorgesteld om het maximumniveau van de voorziening afvalstoffen van 4% van de jaaromzet tot 1 januari 2030 los te laten. In de verordening reclamebelasting 2025 is het nul tarief voor openbare uitingen, tot en met 2 vierkante meter onveranderd gebleven. In de verordening marktgelden worden met ingang van 2025 de gestegen energieprijzen gedeeltelijk doorbelast in de marktgeld-tarieven voor het stroomverbruik.

B&W-besluit d.d.: 01-10-2024

Vervolg voorgesteld raadsbesluit

X. XI.

de belastingverordeningen met de daarin opgenomen tarieven voor het jaar 2025 vast te stellen en in werking te laten treden met ingang van 1 januari 2025; dit besluit bekend te maken via lokaleregelgeving.overheid.nl.

Aanleiding en doel

Doel van dit voorstel is te komen tot vaststelling van de belastingtarieven voor 2025. Kader

Gemeentewet Argumenten en afwegingen

De belastingtarieven worden jaarlijks geïndexeerd ter dekking van de kosten van verwachte loon- en prijsstijgingen. Dit is structureel beleid. Uitgangspunt voor de indexering 2025 is een percentage van 3,44%. Het indexeringspercentage is onderbouwd in het raadsvoorstel over het meerjarenbeeld en is door uw raad op 17 juli vastgesteld. Voor een aantal tarieven stellen wij voor af te wijken van deze indexatie. De stijging van tarief van de rioolheffing is lager dan de indexatie. De stijging van een aantal tarieven marktgelden en wegslepen zijn hoger dan de indexatie. Hieronder treft u onze belastingvoorstellen voor 2025 aan. Het eerste deel ziet op de woonlasten (OZB, afvalstoffen- en rioolheffing). Het tweede deel bevat de overige belastingvoorstellen. 1. Woonlasten 1.1 OZB De totale waarde van woningen is met 4,29% gestegen ten opzichte van vorig jaar en de totale waarde van nietwoningen is met 3,34% gestegen ten opzichte van vorig jaar. De geraamde OZB opbrengsten in de begroting 2025 zijn met 3,44% geïndexeerd. Wij stellen voor 2025 de volgende OZB-tarieven voor: Eigenaren woning 0,1552% van de WOZ-waarde Eigenaren niet-woningen 0,5630% van de WOZ-waarde Gebruikers niet-woningen 0,4501% van de WOZ-waarde

(in 2024: 0,1577%) (in 2024: 0,5503%) (in 2024: 0,4403%)

In de OZB-tarieven voor niet-woningen is een opslag van 6% begrepen voor het Fonds Ondernemend Groningen (Het Fonds). Voor de roerende-zaakbelasting gelden dezelfde tarieven als voor de OZB. 1.2 Afvalstoffenheffing Op basis van een realistische raming van de lasten en het aantal aansluitingen is een kostendekkend tarief berekend, die in eerste instantie leidde tot een stijging van het tarief van 4,50% ten opzichte van 2024. Door een onttrekking van 386 duizend euro uit de voorziening afvalstoffen kunnen we de stijging dempen en is het stijgingspercentage verlaagd naar 3,44%. Wij stellen voor 2025 de volgende tarieven voor : 1 persoonshuishouden 2 persoonshuishouden 3 of meerpersoonshuishouden

€ 271,92 € 318,24 € 386,28

(in 2024: € 262,92) (in 2024: € 307,68) (in 2024: € 373,44)

Gratis 2e gft container Om het scheiden van gft te stimuleren stellen we voor dat inwoners vanaf 2025 een gratis tweede gft-container kunnen aanvragen. De verwachting is dat vooral huishoudens met grotere tuinen hier gebruik van gaan maken. Met het aanbieden van een extra gft-container wordt verwacht dat het scheidingsresultaat van gft toeneemt en er minder gft bij het restafval komt. Gratis afvalstromen Door het vereenvoudigen van de categorieën afval die binnen de vier gratis beurten gebracht mogen worden, zijn de tarieven her-berekend en heeft er een minimale wijziging in het tarief plaatsgevonden. Voorgesteld wordt om vanaf 1

2

januari 2025 te gaan werken met twee categorieën, namelijk grof huishoudelijk afval dat altijd gratis is (elektrische apparaten, organisch tuinafval, metaal) en vier beurten per jaar gratis voor overig grof huishoudelijk- en verbouwingsafval. Wanneer de vier gratis beurten verbruikt zijn wordt er net als nu een tarief in rekening gebracht. De afvalstoffenverordening 2025 wordt begin november ter besluitvorming aan uw raad voorgelegd. Voorziening afvalstoffenheffing De verwachte stand van de voorziening afvalstoffenheffing is eind 2025 8,1 miljoen euro. Uw raad heeft op 9 september 2020 besloten dat de voorziening afvalstoffenheffing maximaal 4% van de omzet afvalstoffenheffing mag zijn. Dat betekent een maximum hoogte van 1,6 miljoen euro voor de voorziening afvalstoffenheffing. Vorig jaar is bij de behandeling van de tarievennota 2024 besloten om deze koppeling tot 1 januari 2026 los te laten. Nu wordt voorgesteld om de koppeling van 4% van de omzet afvalstoffenheffing tot 1 januari 2030 los te laten. De prognose op dit moment is dat er de komende jaren behoorlijke kostenverhogingen komen door bijvoorbeeld de realisatie van een derde brengstation, waardoor het tarief van de afvalstoffenheffing meer zou stijgen dan de loon- en prijsindex.

Om de stijging van het tarief afvalstoffenheffing te dempen willen we in de periode 2025-2030 geld onttrekken aan de voorziening afvalstoffenheffing. Om dit mogelijk te maken en daarnaast voldoende middelen in de voorziening afvalstoffenheffing over te houden voor tegenvallers is het voorstel om tot 1 januari 2030 de maximum hoogte van de voorziening afvalstoffenheffing los te laten. 1.3 Rioolheffing De lasten van beheer en onderhoud van het rioolstelsel in 2025 stijgen als gevolg van ontwikkelingen van lonen en prijzen. Verder is voor het aanpakken van urgente wateroverlast een versterking van de personele bezetting nodig. Dit leidt tot extra personeelslasten. Als gevolg van deze ontwikkelingen stijgen de lasten van beheer en onderhoud van het rioolstelsel per saldo met 3,30%. Uitgangspunt bij de rioolheffing is volledige kostendekking. Het tarief stijgt in ons voorstel van € 167,10 naar € 172,62. Dit is een stijging met een percentage van 3,30% (iets minder dan het indexatie uitgangspunt). 1.4 Woonlasten Het totaalbedrag van de woonlasten voor eigenaren (OZB + afvalstoffenheffing + rioolheffing) stijgt met 3,42% ten opzichte van 2024. De woonlasten voor huurders (afvalstoffenheffing) stijgen met 3,44%. 2. Overige belastingvoorstellen 2.1 Parkeerbelasting Op 10 juli 2024 heeft uw raad een pakket parkeermaatregelen vastgesteld.

Deze maatregelen zijn verwerkt in de voorliggende verordening parkeerbelastingen 2025. De tarieven voor het parkeren op straat en de parkeervergunningen zijn geïndexeerd met 3,44% of opgenomen conform de tarieven in het raadsvoorstel Pakket parkeermaatregelen van 10 juli 2024. Op bedrijventerrein Oosterhoogebrug ondervinden ondernemers hinder van parkeeroverlast. De raad besloot, bij de behandeling van het Pakket Parkeermaatregelen van 10 juli 2024, om betaald parkeren in te gaan voeren op bedrijventerrein Oosterhoogebrug. De invoering van betaald parkeren op bedrijventerrein Oosterhoogebrug wordt nu overgenomen in de Verordening parkeerbelastingen 2025. Het wettelijke maximum voor de boete die gemeenten in rekening mogen brengen voor het rood staan bij parkeerapparatuur (naheffingsaanslag) wordt met ingang van 1 januari 2025 verhoogd van € 76,70 naar € 78,80. Wij volgen deze verhoging. In de tarieventabel bij de Verordening parkeerbelastingen is een onderbouwing van de geraamde kosten voor het opleggen van naheffingsaanslagen opgenomen. 2.2 Leges Leges ontheffingen Zero-emissie zone In de legesverordening 2025 zijn de tarieven voor ontheffingen opgenomen voor voertuigen om de zero-emissiezone in te rijden.

Het is noodzakelijk om ontheffingsmogelijkheden te bieden om nadelige effecten voor ondernemers, bedrijven en particulieren te verzachten en derhalve voor specifieke groepen en voertuigtypes ontheffingen te kunnen verlenen. De tarieven voor ontheffingen zijn landelijk geharmoniseerd, met uitzondering van de ontheffingsaanvraag voor de ambulante handel. Kanttekening: Gemeente specifieke ontheffingen (bedrijfseconomische omstandigheden, hardheidsclausule en ambulante handel) kunnen pas aangevraagd worden nadat het verkeersbesluit en de beleidsregels ontheffingen zeroemissie definitief zijn vastgesteld en de beleidsregels ontheffingen in werking treden. De vaststelling van het verkeersbesluit en de beleidsregels ontheffingen zijn een collegebevoegdheid en de besluitvorming is gepland in november 2024. Uw raad ontvangt hierover in oktober een brief met verzoek tot wensen en bedenkingen. De beleidsregels ontheffingen treden daarna op 1 januari 2025 in werking.

3

Leges ontheffingsverzoek stallen bedrijfsvoertuigen op gemeentegrond Bedrijven (met name bezorgdiensten) in de stad mogen twee bedrijfsvoertuigen voor de deur hebben staan. Indien ze er meer willen hebben, moeten ze ontheffing aanvragen. Tot en met 2024 was dit verzoek tot ontheffing gratis. Omdat het in behandeling nemen van een ontheffingsverzoek capaciteit vraagt van de gemeente, worden er met ingang van 2025 leges voor een ontheffingsverzoek in rekening gebracht. Leges kinderopvang In ons nieuwe Beleid toezicht en handhaving kwaliteit kinderopvang gemeente Groningen dat in mei dit jaar is vastgesteld hebben we opgenomen dat we met ingang van 2025 leges kinderopvang in rekening brengen. De leges zijn gebaseerd op de loon- en overheadkosten die zijn gemoeid met het behandelen van een aanvraag voor een kinderopvangvoorziening. Daarnaast willen we met het invoeren van leges zorgen voor een extra prikkel om een zo volledig mogelijke aanvraag in te dienen zodat we aanvragen sneller en gemakkelijker kunnen behandelen. Overige leges De overige legestarieven hebben we met 3,44% geïndexeerd of het tarief is het maximaal kostendekkend tarief. 2.3 Marktgelden De energieprijzen zijn de afgelopen jaren enorm gestegen. In 2023 was er nog sprake van een doorlopend contract met daarin voor de huidige energiemarkt lage tarieven. Dit contract liep echter eind 2023 af.

In het nieuwe energiecontract zijn energieprijzen fors hoger. Wij stellen voor om deze kostenstijging gedeeltelijk door te belasten door de verbruikstarieven met 17% te verhogen. Op de Grote Markt zijn in 2024 zogenaamde “slimme stroomkasten” geplaatst. Op deze markt wordt met ingang van 1 januari 2025 een tarief op basis van het werkelijke stroomverbruik geheven. Voor de overige tarieven van de marktgelden stellen wij voor deze te indexeren met 3,44%. 2.4 Wegsleepverordening Door gestegen contractprijzen zijn de tarieven voor het wegslepen van voertuigen in het belang van het vrijhouden van de weg en weggedeelten met 7% verhoogd. De tarieven voor het overbrengen en in bewaring stellen van motorrijtuigen die onvoldoende rijgeschikt zijn (bijvoorbeeld autowrakken) of waar behoorlijke zichtbare kentekenplaten ontbreken, blijven ongewijzigd. 2.5 Reclamebelasting Eerder dit jaar is uw raad geïnformeerd over het vervolgproces rond reclamebelasting en de vertraging die bij de uitvoering is ontstaan. Door deze vertraging zijn de uitkomsten van de inventarisaties nog niet beschikbaar in aanloop naar de Tarievennota 2025. November vorig jaar heeft uw raad besloten tot invoering van een reclamebelasting in twee stappen waarbij per 1 januari 2024 openbare aankondigingen groter dan 2 m² en vanaf 1 januari 2025 openbare aankondigingen groter dan 1 m² worden belast.

Om het proces zorgvuldig te laten verlopen stellen wij voor de tweede stap van het besluit met een jaar uit te stellen. Dat betekent dat wij voorstellen ook in 2025 alleen openbare aankondigingen te belasten groter dan 2 m² (in plaats van groter dan 1 m²). Dit heeft geen financiële consequenties voor de begroting 2025. Wij stellen u voor de tarieven van de reclamebelasting te indexeren met 3,44%. Verder stellen wij voor om geen reclamebelasting te heffen op bewegwijzering naar en op bedrijventerreinen. 2.6 Begrafenisrechten Wij stellen u voor de tarieven van de begrafenisrechten te indexeren met 3,44%. 2.7 Brug- en havengeld Wij stellen u voor de tarieven van het brug- en havengeld te indexeren met 3,44%. 2.8. Precariobelasting Wij stellen u voor de tarieven van de precario te indexeren met 3,44%. Maatschappelijk draagvlak en participatie

N.v.t. Financiële consequenties

De financiële effecten van de tariefvoorstellen zijn verwerkt in de begroting 2025.

4

Overige consequenties

N.v.t. Vervolg

De besluiten van uw raad worden bekend gemaakt via lokaleregelgeving.overheid.nl en treden op 1 januari 2025 in werking. Lange Termijn Agenda

November 2024 Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Groningen,

burgemeester, Koen Schuiling

secretaris, Christien Bronda

Dit raadsvoorstel is elektronisch aangemaakt en daarom niet ondertekend.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4908/documents/83891