CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

26-05-2021 verslag politieke woensdag 20.00 uur - Ambitiekader, Huisvestingsverordening.pdf

Politieke woensdag (Dag agenda) 26 mei 2021, gemeente Groningen14.931 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Maar we hebben al eerder aangegeven en ook al een toezegging gedaan, dat we hier op terugkomen bij het meerjarenprogramma wonen. Dan kunnen we ook aangeven hoe we dat zouden kunnen aanpassen. Dat kan eigenlijk alleen maar, niet via de huisvestingsverordening, maar via de omgevingsplannen die we de komende jaren gaan actualiseren. Mevrouw Brouwer vroeg nog naar de positie van wooncorporaties. In de commissie over De Suikerzijde wil ik aangeven dat we binnenkort met een voorstel komen, hoe we daarmee om willen gaan, dus we komen daarop terug. Ja, de heer Mellies vroeg nog naar aanleiding van de situatie in Haren, die gelukkig is inmiddels is opgelost: 'Hoe zit het eigenlijk met rolstoeltoegankelijkheid?' In principe zijn rolstoeltoegankelijke woningen wel degelijk gecategoriseerd, en ook vindbaar voor de woningzoekenden. Alleen de betreffende mevrouw zat als het ware in een verkeerde categorie. Kon technisch die woningen niet zien, toen dat is opgelost, had ze ook vrij snel een woning gevonden. Dus het is niet een structureel probleem. Dan het punt van de loting. Een aantal van u, de heer Hekkema zie ik staan maar er zijn meer die het daarover hebben gehad.

De heer dijk vroeg ook nog: 'Ja, leg nog eens uit waarom we dat eigenlijk überhaupt willen.' Ik denk het goed is om aan te geven dat het voorstel om met loting te gaan werken, is echt beperkt tot een heel klein deel van de vrijkomende woningen. De hoofdmoot blijft het systeem via Woningnet, wat wel een aanpassing krijgt, maar dat heeft niks met loting te maken. Urgentie blijft allemaal bestaan. Dus mensen die urgent zijn, een urgentiestatus hebben, die hoeven niet op loting te wachten. Waar is loting dan wel voor bedoeld? Dat gaat om dat kleine deel van de vrijkomende woningen, die op dit moment in het oude systeem door een corporatie rechtstreeks worden toegewezen. Dat zijn woningen die komen pas in dat bakje terecht, als ze al vijf keer door reguliere woningzoekenden via het reguliere systeem, zijn afgewezen. We mogen, om te voorkomen dat een woning ontzettend lang leeg blijft staan, mogen corporaties die via directe bemiddeling toewijzen. Dat is een categorie waar we ook wel eens gebruik van maken, bijvoorbeeld bij mensen die wel dringend een woning nodig hebben, maar geen urgentiestatus. Dat zijn ook van die grijze gebieden die je altijd hebt. Of andere "spoedzoekers" zoals we ze noemen. Dat is nu een ruimte die als ware vrij door de corporaties wordt ingevuld. Wij stellen voor, dat zou eerlijker zijn, dat ook een deel daarvan via loting wordt ingevuld.

Dat is de reden waarom we dat in principe ook aan een corporatie 19

zelf overlaten, want het is nu een deel van de voorraad wat toch al door een corporatie zelf te bemiddelen is. We zeggen: 'Nou, je zou een deel van die woning via loting kunnen verdelen.' Wat we wel hebben afgesproken, dat zit niet in de verordening, maar dat corporaties wel onderling gaan kijken van, hoe passen we dit systeem toe? Hoe proberen we daar zoveel mogelijk eenduidig in te gaan werken, zodat daar geen verwarring over ontstaat. We zullen ook, zeg ik dan even tegen degenen die hier om vroegen, de heer Huitenga onder andere, we zullen op een gegeven moment ook weer rapporteren over wat het effect is en of we ermee door moeten gaan. Het is dus niet iets wat het huidige systeem vervangt; loting. Het is een aanvulling binnen een deel van de vrijkomende woningen die nu al buiten het zicht van anderen wordt toegewezen. Dus we denken dat het iets nieuws is, wat meer mensen een kans kan gegeven en ook misschien wel eerlijker is dan het via één op één, via de corporatie doorverwijzen. 01:06:49

Voorzitter: U heeft op dit punt een interruptie van de heer Dijk van de SP. 01:06:52

de heer Dijk: Voorzitter, ik wacht even het hele antwoord af. Misschien ligt het aan mij, maar ik zie de toegevoegde waarde er niet zo van. Ik kan me herinneren dat de bewoners waren van de H.L. Wichersstraat die geen plek konden vinden. Ik vond dat een fantastische oplossing, zoals dat op die manier ging. Dat duurde even een tijdje, maar er was geen loting voor nodig. Ik vind het juist heel erg belangrijk, bijvoorbeeld als we kijken naar het dak- en thuislozenopvang die op zoek zijn naar uitstroomplekken. Juist dit soort dingen denk ik dan: doe dat niet met loting, maar ga juist inderdaad het grijze gebied omschrijven en ga kijken, als er dan inderdaad mensen zijn die niet hebben gereageerd op een woning, en dat is vijf keer gebeurd, laten we dat dan aan die groepen mensen toewijzen. In plaats van, ik heb ook het voorbeeld gehoord, iemand in Amsterdam die een woning zoekt in Groningen. Ik snap dat diegene heel graag een woning zoekt in Groningen, maar ik zou liever een normatief kader hebben dan de willekeur van loting. Daarom snap ik de toegevoegde waarde van een loting niet. 01:07:50

de heer Van der Schaaf: Het punt is dat het die normatieve kader voor die groep waar we het nu over hebben, er nu ook niet is. Dus het vervangt het niet. We hebben wel een normatief kader, dat is de urgentiestatus. Op basis van de urgentiesystematiek wordt bepaald of iemand urgent is of niet. Op het moment dat iemand die urgentiestatus heeft, dan komt hij in een voorrangspositie en wordt er ook niet geloot. Dan kan hij zelf zoeken met een aantal punten. Dat verruimen we zelfs, geloof ik, nog iets. Dit gaat over een groep die eigenlijk geen urgentiestatus heeft. Dus daar zit ook normatief gezien, u kunt daar persoonlijke opvattingen over hebben, maar in principe zit daar geen verschil in. Dus het is nu afhankelijk van toevalligheid, of iemand toevallig belt naar de corporatie, of het normatieve kader in dit geval van een individuele medewerker van een corporatie. Vanuit dat soort situaties. Dus wij zeggen van, als dat normatieve kader er toch niet is, dan is loting wellicht eerlijker. Het kan zijn dat dat niet zo uitpakt, dan kunnen we dat altijd terugdraaien. We hebben het niet zelf bedacht, er zijn meer steden die hiermee werken. En het is wel een manier om mensen een kans te geven, die het nu niet hebben. Het alternatief voor deze groep mensen is bellen met de corporatie en hopen dat je net op het juiste moment de 20

juiste persoon te pakken krijgt. Dan is loten wellicht een eerlijker en transparanter systeem. Dat is de afweging. 01:09:17

Voorzitter: Nog een vervolgvraag van meneer Dijk op dit punt. 01:09:19

de heer Dijk: Ja, of de urgentie regelingen wat versoepelen. Want blijkbaar blijven er woningen over en zijn er mensen op zoek naar een woning die spoedzoekers zijn. Dus blijkbaar zit daar een afstand tussen. 01:09:38

de heer Van der Schaaf: Ik denk dat het niet helemaal op één lijn te vatten is. Kijk, ook deze woningen zijn ook door de mensen die wel een urgentiestatus hebben, willen ze niet hebben. Dus het zijn echt twee verschillende groepen waar we het volgens mij over hebben. We gaan verder met de andere punten. De positie van beleggers, daar hebben we het net ook al over gehad. De heer Hekkema vroeg er ook nog naar. Kijk, wat ik al zei: 'Het splitsen van bestaande gezinswoningen kan niet meer, ook niet in grotere appartementen.' Tenzij daar om specifiek redenen door de gemeente toestemming voor wordt gegeven. We kunnen dit nu pas daadwerkelijk aanpakken, wanneer er een opkoop verbod komt, dat ook mogelijk wordt gemaakt door het kabinet. Zullen we daarvoor gebieden moeten aanwijzen. Dat zie je ook weer terugkomen in onze argumentatie voor de huisvestingsverordening, waarom wij van mening zijn dat toch het in heel veel gevallen het omzetten van koop naar huur een verslechtering betekent voor de toegankelijkheid en betaalbaarheid van de woningmarkt. Ik denk dat iedereen wel een aantal gevallen kent. Je probeert een woning te kopen voor een bepaald bedrag. Als je uitrekent wat je kwijt bent aan hypotheek, kun je de woning makkelijk betalen. Hij wordt voor je neus weggekocht door een belegger.

Die gaat diezelfde woning voor vervolgens twee of drie keer de prijs verhuren, die jij had betaald als je gekocht had. Daarmee blijft het aantal woningen, het aantal huishoudens dat gebruik maakt van die woning, blijft gelijk, maar de prijs die je voor het wonen betaalt, verdubbeld. De winst gaat ook niet in de woning of in woonkwaliteit zitten, die winst verdwijnt inderdaad in de zakken van die woningeigenaar of belegger. Ik denk eerlijk gezegd dat we daar met zijn allen in Nederland echt zo snel mogelijk een einde aan moeten maken. Zelfs dit kabinet of het demissionaire kabinet, wil dat het mogelijk maken. Dus op het moment dat die kans zich voordoet, zullen we daar in Groningen met een voorstel richting u zeker gaan komen. Dan noemden de heer Van der Laan en de heer Dijk nog andere voorbeelden hoe wij de betaalbaarheid van het wonen, en met name de koopsector, zouden kunnen verbeteren. Erfpacht is genoemd of het Zaanse model. Ik heb u toegezegd dat we de na de zomer met een voorstel komen, hoe we dat willen aanpakken, of ermee om willen gaan. De heer Klaassen van D66 vroeg nog: 'Kunnen wij via prestatieafspraken woningbouwverenigingen corporaties min of meer verplichten om met andere partijen samen te werken?' Prestatieafspraken hebben niet het kader van verplichting, het is een overeenkomst.

Dat is een van de centrale thema's, zeker als het gaat om wonen en zorg en het sociale domein. Het is eerder andersom. Dat corporaties ons vragen: gemeente, help ons om die ketensamenwerking ook in het sociaal domein op allerlei manieren te verbeteren. Het is zeker een stevig thema in de gesprekken die we met de corporaties hebben. De heer Rhebergen vroeg ook nog naar de middenhuur in Haren en in Ten Boer. We zien vooral 21

behoefte aan middenhuur in het stedelijk gebied. Ik kan me voorstellen dat het zeker ook in Haren of Ten boer op een gegeven moment een oplossing kan zijn. Dus op voorhand sluiten we dat zeker niet uit. Dan de VVD: het punt van het prioriteren van de ambities. Ik snap de redenering die de VVD heeft. Vanuit het college steunen we de prioriteit die er op dit moment op beschikbaarheid moet liggen. Maar het is niet zo dat wij denken, dat heb ik in het begin ook gezegd, dat het automatisch betekent dat we op gebied van duurzaamheid maar een tandje lager moeten doen. Wij denken echt dat die zaken bij elkaar horen. Tot slot nog iets over het thema schimmel. We hebben ook geprobeerd in de antwoorden op de vragen die gesteld zijn door CDA en SP, duidelijk te maken wel degelijk sinds drie jaar geleden, is toen toegelicht in de commissie, samen met de corporaties een aanpak ontwikkeld om deze vocht- en schimmelproblematiek structureel aan te pakken. Die aanpak zit hem in de verschillende niveaus. Het zit hem in het niveau van communicatie, goed communiceren. De tweede lijn is, ervoor zorgen dat er altijd een mogelijk is voor secondopinion. Alle corporaties hebben ook daarin een lijn getrokken. We zien ook wel dat eigenlijk de meeste klachten, er zijn de afgelopen jaren zo'n vierduizend klachten die met vocht en schimmel te maken hebben, dat het meestal ook wel is op te lossen.

Dan wel door een combinatie van gedragsverandering en technische oplossingen. Soms is er wat meer onderzoek nodig. Maar er blijft inderdaad een vrij grote groep, te grote groep, daar zijn we het over eens, van problematieken over die eigenlijk niet op die manier op te lossen zijn. Waar we hiermee te maken hebben, is dat we het hier vooral hebben in een deel van de woningvoorraad die met grote aantallen in een korte tijd zijn gebouwd. Dat maakt het lastiger om in een paar jaar op te lossen. Simpelweg is dit alleen maar op te lossen als je deze woningen door middel van renovatie dan wel verduurzaming, op het basiskwaliteitsniveau brengt, dat we met elkaar hebben afgesproken. Dat staat wel degelijk ook in het ambitiekader dat we van mening zijn, dat elke woning aan een basiskwaliteitsniveau hoort te voldoen. Iets waar huurdersorganisaties en corporaties met elkaar over eens moeten worden, daar moet een woning aan voldoen. Dat is ook een taak van de corporatie om woningen op dat niveau te houden. Wat we zien is dat de kwaliteit van een aantal woningen, of aantal complexen en daarbinnen dan vaak weer woningen, zodanig slecht is dat de problematiek van vocht en schimmel zich ook niet laat oplossen met tijdelijke maatregelen. Daar is verduurzaming voor nodig of een technische oplossing voor mogelijk. Dat laat zich simpelweg niet in een paar jaar oplossen.

Dus we kunnen wel zeggen: binnen drie jaar is het opgelost, maar dat kunnen de corporaties op dit moment niet waarmaken. Dat heeft niks te maken met gebrek aan ambitie, maar wel met realiteitszin. Heeft het dan geen prioriteit? Zeker wel. We hebben ook de acties van huurders, al dan niet gesteund door onder andere de SP, zeker wel voor gezorgd dat deze problematiek wel degelijk veel scherper op de bril staat bij woningbouwcorporaties, dan dat het pakweg drie, vier jaar geleden stond. Ik denk dat het goed is, volgens mij heeft een deel van uw raad zich daar helder over uitgesproken, dat we ook als college richting corporaties ook in jaarlijks prestatieafspraken er steeds op terug blijven komen, om de voortgang daarvan stevig te bewaken. 01:15:56

Voorzitter: Dank u wel voor de beantwoording. Dan kijk ik even rond. Mevrouw Brouwer had nog een onbeantwoorde vraag. Ik zie de heer Dijk ook nog een vinger opsteken. Zijn er nog 22

meer fracties? Berenschot Student en Stad. We hebben nog wat tijd, dus ik wil eerst de vragen en dan het antwoord doen en dan om en om. Mevrouw Brouwer. 01:16:17

mevrouw Brouwer: Dank u wel Voorzitter. Ik heb nog een vraag openstaan over de nieuw te bouwen sociale huurwoningen. In de wijk Reitdiep bijvoorbeeld zijn er ook sociale huurwoningen. Je hebt sociale huurwoning en sociale huurwoningen. Maar dat zijn dan direct sociale huurwoningen in de hoogste categorie. Daar komen ook heel veel huurders dan ook nog niet voor in aanmerking. Wordt dat ook meegenomen, met name ook in wijkvernieuwingen, dat ook de lagere sector hierin wordt voorzien? Want anders vallen mensen ook weer tussen wal en schip. 01:16:54

de heer Van der Schaaf: Ja, mevrouw Brouwer, dat is wel een probleem wat eigenlijk al zo oud is als de volkshuisvesting oud is. Als je naar de geschiedenis kijkt, zijn nieuwe woningen van corporaties altijd relatief de beste en de duurste. De woningen in de jaren dertig, die nu relatief betaalbaar zijn, waren aanvankelijk middenstandswoningen die later dan weer vaak relatief in huur lager werden. Je loopt altijd het risico, zeker met het kwaliteitsniveau dat nieuwe woningen vaak duurder zijn dan oude. Dus dat laat zich niet een twee, drie oplossen. Uw vraag is: 'Hebben corporaties daar oog voor?' Ze hebben er zeker oog voor. Maar de prioriteit ligt dan met name inderdaad ook wel bij wijkvernieuwing. Omdat je wilt voorkomen dat er in wijkvernieuwing een situatie ontstaat, waarbij door middel van vernieuwing van de voorraad de oorspronkelijke bewoners die daar in de wijk willen blijven wonen, geen plek meer hebben. Het beleid is gewoon heel hard. Wie in een wijk wil terugkeren, moet in de wijk kunnen terugkeren, en moet daar ook gewoon een betaalbare woning kunnen vinden. Dus het wordt meegenomen. Maar het blijft altijd een probleem, dat op moment dat je zegt: we gaan hele goedkope of woningen maken die laag in de huur zijn, dan kom je onvermijdelijk juist ook terecht in hele kleine woningen, die kwalitatief minder goed zijn.

De vraag is altijd, wat op lange termijn dan het best is. 01:18:18

Voorzitter: Dan heeft de heer Dijk nog een aanvullende vraag. 01:18:21

de heer Dijk: Voorzitter, ik was heel erg verheugd toen ik in de woonvisie had gezien dat we een eigen ontwikkelbedrijf wilden starten, om zelf ook te gaan bouwen. Dus daar had ik nog een vraag over gesteld. Ik zou het interessant vinden om bijvoorbeeld een stedelijk investeringsfonds op te richten, om hiervoor te gaan sparen. Ik noem maar wat, ik geef even een tip mee. Nog één ding, want daar heb ik over zitten nadenken, de afgelopen weken en maanden. U had het over het creëren van een anti-woningbouwcorporaties sentiment. Als een sociaaldemocraat dat tegen een socialist zegt, dan gaat er iets niet helemaal goed, denk ik. Dus ik heb erover na zitten denken. Kijk, het gaat er ons om, wij zien ook dat die woningbouwcorporaties iets met schimmelwoningen aan het doen zijn. Dat ze daar eerder op aanslaan, dan toen we de eerste acties met huurders daarop zetten, dus dat dat is winst. Het gaat er ons om als partij, dat wij niet de hele tijd daar achteraan willen blijven lopen. Het is leuk dat de directeur van Wierden en Borgen zei: wij ontvangen graag swart boeken. Maar als woningbouwcorporaties hun werk goed doen, dan kunnen wij bezig gaan met 23

schoonmakers die er niet moeten komen, of thuiszorgwerkers die betere arbeidsvoorwaarden moeten hebben. Dat is een beetje hoe wij werken. Dus ik ben steeds op zoek naar manieren hoe we kunnen voorkomen, dat we over drie jaar zeggen: 'Goh, we maken een mooie afspraken met woningbouwcorporaties, dat deden we toen namelijk ook.' En dat het een beetje ingekakt is en dat we er over drie jaar weer achter moeten komen, dat huurders een SP nodig hebben of een andere partij die dit zo prominent aankaart en op de agenda zet. Een hele lange inleiding op die vraag, maar dat was nodig, mijn vraag is: hoe kunnen we ervoor zorgen dat we de zeggenschap en de directe invloed van huurders op hun woningbouwcorporatie vergroten, waardoor het eerder aangekaart wordt? Want ze hebben hier al jaren problemen mee. Het is niet dat het even ontstaan is de afgelopen drie jaar. Toen zaten er heel veel mensen al vijf tot tien jaar mee. 01:20:15

Voorzitter: Een korte vraag, ook een antwoord van de wethouder. 01:20:23

de heer Van der Schaaf: We focussen nu erg op vocht en schimmel. Maar er zijn natuurlijk meer dingen aan de hand met het onderhoud van de bestaande huurvoorraad. Ik denk ook dat als je steevast ook aan huurdersorganisaties en huurders vraagt van: waar moet meer aandacht voor komen? Ik heb ook wel meerdere sessies met huurders meegemaakt, dan scoort daar heel vaak toch betaalbaarheid en kwaliteit van de bestaande woning heel hoog. Ik chargeer nu ook, als je wethouders en een corporatiedirecteuren en misschien ook wel een groot deel van de gemeenteraad vraagt: wat is de hoogste prioriteit? Dan zeggen wij: nieuw bouwen en verduurzamen. Het afschuwelijke van de verhuurdersheffing, die dat eigenlijk onmogelijk heeft gemaakt om beide zaken echt op een optimaal niveau te doen, waardoor je eigenlijk altijd suboptimaal blijft. Wat ik mij kan voorstellen, om tot een antwoord te komen op de vraag van de heer Dijk, is dat wij, dat zou ook een rol kunnen zijn die als raad pakt, een voorbeeld is misschien de manier waarop je bijvoorbeeld in het aardbevingsdossier te werk bent gegaan, door echt op zoek te gaan met de mensen zelf. In plaats met alleen instanties te praten.

Kunnen we eens kijken hoe wij niet alleen op wijkniveau, op stedelijk niveau, gesprekken kunnen organiseren waar we gewoon met huurders, huurdersorganisaties, corporaties en politiek en ambtenaren in gesprek kunnen gaan: wat speelt er nu in die wijk? Ik kan me voorstellen dat we dat bij de wijkvernieuwingswijken als eerste doen. Dan de vraag van het eigen ontwikkelbedrijf. Dat was misschien niet zo gericht om massaal zelf woningen te bouwen, maar wel om grip op vastgoed te krijgen. We werken op dit moment aan mogelijkheden, voorstellen ook om te kijken wat dat concreet betekent. 01:22:08

Voorzitter: Ik zie de heer Dijk driftig knikken, dus ik geloof dat hier wel een kopje koffie over gedronken gaat worden tussen beide partijen. Dan heeft mevrouw Berenschot nog een vraag. 01:22:21

mevrouw Berenschot: Ik dacht dat een omzettingsvergunning vooral bedoeld was, om een soort balans in de wijk te krijgen. U zei net dat u niet bereid was om meer uit te geven, maar als er gebouwd wordt in een wijk, er woningen bijkomen, dan lijkt mij toch ook dat er ook 24

weer ruimte vrijkomt voor omzettingsvergunningen, als dat te maken heeft met hoe de balans is in de wijk? 01:22:47

de heer Van der Schaaf: Ja, in theorie zou dat kunnen. Alleen er zijn maar weinig wijken op dit moment waarop de wijk zit te wachten op meer omzettingsvergunningen. Ik bedoel, als het al speelt, dan zou ik dat eerder interessant vinden wellicht in nieuwe wijken die we gaan ontwikkelen, waar nog helemaal geen studenten wonen. Maar ik denk niet dat Vinkhuizen of de Schilderswijk zit te wachten op meer omzettingsvergunningen. 01:23:21

Voorzitter: Mevrouw Berenschot gaat nog even broeden op een reactie hierop, zie ik al. Dan heeft de heer Klaassen de laatste vraag die ik geïnventariseerd. 01:23:36

mevrouw Berenschot: Dank u wel, Voorzitter. Goed te horen dat de corporatie het college weet te vinden om de binding te leggen met vooral die menskant als het gaat om partijen uit de zorg, onder andere. Mijn vraag was ook, in hoeverre daar ook een beroep wordt gedaan als het gaat om de bouw. Een van de ambities die wordt gesteld, gaat om duurzaamheid en gaat om circulariteit. Ik was ook nieuwsgierig of daar ook een rol weggelegd is, of beroep wordt gedaan op het college, als het gaat om die bouwkant. 01:24:02

de heer Van der Schaaf: Dat is iets minder natuurlijk. Het college bouwt zelf ook niet, hoewel er natuurlijk bij onze organisatie wel wat de expertise zit op gebied van bouwen. Maar laat ik het zo zeggen, dat de corporatie zelf natuurlijk ook via hun eigen brancheorganisaties zeker in Groningen, heel actief zijn om te kijken of ze door middel van slimme productie, of ook op gebied van het verduurzamen bijvoorbeeld, de kosten van het bouwen behoorlijk omlaag kunnen brengen, zonder de kwaliteit teniet te doen. Dat is ook een thema waarop, denk ik, de sector nog wel, niet alleen de corporatiesector maar ook de bouwsector, nog heel veel zou kunnen winnen om al die soms tegenstrijdige ambities van ons met elkaar te kunnen verenigen. 01:24:48

Voorzitter: De heer Ram als laatste. 01:24:51

de heer Ram: Voorzitter, we hebben nog een vraag over de statushouders en de vergunningen die geplaatst moeten worden, vergunninghouders die geplaatst moeten worden. We hebben die cijfers opgevraagd van de afgelopen jaren. Toen bleek dat honderdeenenvijftig vergunninghouders geplaatst zijn. Een snelle rekensom leert dan, als je tot 2025 bezig bent, je minimaal zeshonderd sociale huurwoningen dus kwijt bent aan de statushouders. Eerste vraag is: waarom worden deze statushouders niet op dezelfde wachtlijsten gezet als de Groningers? Dat zou toch veel eerlijker zijn? De tweede: ligt er niet een enorme druk op de beperkte netto-opbrengst van dit akkoord, dat gesloten is? 01:25:40

Voorzitter: Graag nog een laatste kort antwoord van de wethouder, deze commissie.

25

01:25:43

de heer Van der Schaaf: Die rekensom hoor ik ook wel eens van een Tweede Kamerlid. Volgens mij klopt die niet helemaal. Alsof alle sociale huurwoningen naar statushouders zouden gaan. Zo kun je dat uitrekenen. Het is heel eenvoudig. We hebben urgentieregelingen in Groningen en Nederland, en die zijn er ergens op gebaseerd. Namelijk dat mensen die echt geen ander huis hebben, dat die voorrang krijgen. En dat geldt voor statushouders en dat geldt ook voor een heleboel Groningers, zoals u ze noemt, andere Groningers zeg ik dan liever, die op een lijst komen te staan van urgentie. Daar vinden we een woning voor. Daarnaast blijft er nog altijd meer dan genoeg van de vrijkomende woningen over voor andere woningzoekenden. Urgenten leggen natuurlijk druk op de woningmarkt, maar dat geldt niet alleen voor urgente statushouders, ook voor andere. Maar dat doen we omdat wij vinden dat ze daar recht op hebben. Want een alternatief is, als in dit geval statushouders op de wachtlijst zouden komen te staan, dat ze dan of op straat moeten slapen, of in een AZC waar ze gewoon niet meer thuishoren. Dus dat is een keuze die wij niet maken. 01:26:43

Voorzitter: Dank u wel voor het antwoord. Ik heb toegestaan dat iedereen nog uitgebreid, wat minder uitgebreid, vragen kon stellen, zodat er ook nog een vorm van een hoorzittingachtig iets van de wethouder kon plaatsvinden op dit onderwerp, gelet op het belang van dit onderwerp. Daarom zijn we iets uitgelopen. We moeten we nog wel even weten, wat we met aan de ene kant het ambitiekader, het collegebrief doen. Komt daar een motie vreemd eventueel of kan dat conform? En wat met het raadsvoorstel de bedoeling is voor de raad? Er is een motie vreemd bij het ambitiekader, hoor ik dat goed? Mogelijk. De heer Dijk gaat nog even nadenken. Mevrouw Berenschot was aan het broeden, maar op een heel ander onderwerp. 01:27:27

mevrouw Berenschot: Ik weet het niet precies, misschien iets van een motie op het raadsvoorstel denk ik dan. 01:27:35

Voorzitter: Dat betekent dat het raadsvoorstel conform plus motie en dat mogelijk de heer Dijk nog met een motie vreemd komt, over het ambitiekader. De rest heb ik daar niet over gehoord. De heer Mellies? 01:27:49

de heer Mellies: Ook of wij overwegen een motie, maar dan moet ik wel wat dingen uit gaan zoeken voor die tijd. 01:27:57

Voorzitter: Waar doet u de motie op, meneer Mellies? 01:28:00

de heer Mellies: Zal ook over het ambitiekader gaan. 01:28:03

Voorzitter: Motie vreemd, dus, Dennis Ram, namens de PVV?

26

01:28:05

de heer Ram: Wij overwegen een motie over de urgentieverklaring en de statushouders en ook over de afspraken die gemaakt zijn over de sociale huurwoningen. 01:28:19

Voorzitter: Dat is goed. Mevrouw De Vries van de VVD, als laatste wat overweegt u? 01:28:23

mevrouw De Vries: Wij overwegen aan te sluiten bij de PVV, met de motie van de statushouders en we denken ook na over motie over de prioritering. 01:28:32

Voorzitter: Dan is dat helder. Dan zullen beide stukken, de een voor motie vreemd en de andere conform plus moties, op de agenda komen. Dan spreken we elkaar daarover volgende week weer. Dank. Voor iedereen die naar huis kan, een goede reis naar huis. En voor alle anderen, zullen we tien minuten pauze doen, zodat iedereen even naar de WC kan, nog een kop koffie kan pakken? Dan gaan we dan verder met het volgende onderwerp: wijkvernieuwing en Regio Deal en met dezelfde wethouder gok ik.

27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4226/documents/63017