01-09-2021, verslag politieke woensdag 20.00 uur - Campus Zernike.pdf
Tekst van het document
Dus het zou om meerdere redenen goed zijn, dat de levendigheid toeneemt en dat de voorzieningen toenemen. Dat past ook heel goed: meer wonen voor primair studenten, maar misschien ook wel voor andere groepen erbij. De reden die er de afgelopen jaren bij is gekomen, is dat wij er met elkaar ook wel achter zijn gekomen dat het programma BOUWJONG een nieuwe impuls nodig heeft. De aantallen die wij een aantal jaren geleden bedachten, waarvan wij dachten dat we en de groei konden opvangen en de druk van de wijk konden afhalen, die aantallen moeten om allerlei redenen omhoog. We moeten dus door blijven gaan met BOUWJONG. Dat betekent ook dat er op Zernike programmatisch, alleen al los van het feit of het allemaal kan en of het goed is voor Zernike, ruimte is in ieder geval voor de komende jaren voor 1500 tot tweeduizend woningen. Als je puur naar de behoefte kijkt, dan zeg ik ook even richting de heer Bosch, zou dat misschien nog meer kunnen worden de komende jaren. Ik sluit dat helemaal niet uit. Tegelijkertijd moeten we ook wel reëel zijn van hoeveel ruimte is er eigenlijk, op in ieder geval korte termijn, om op een goede manier wonen te organiseren. Er werd ook gezegd: je moet het niet met kleine aantallen doen. Je moet groot beginnen.
Want als je echt het wonen ook aantrekkelijk wil laten maken voor mensen op Zernike, moet je niet met vijftig eenheden komen, die ergens op het grote terrein staan. Nee, dan moet je grote aantallen maken. Het liefst ook juist in die gebieden, dat maakt het ook zo moeilijk, die aantrekkelijk zijn om te wonen. Want dat is natuurlijk niet naast het Kernfysisch Versneller Instituut. Als dat al planologisch zou kunnen. Juist dat noordelijk deel, waar wij als gemeente het meeste grondbezit hebben, daar is nog wel wat ruimte, hoewel het ook daar snel vol begint te lopen, omdat het een heel populair bedrijventerrein is. Juist gelieerd aan die campus. Maar ligt het daar minder voor de hand om in ieder geval te beginnen met wonen. Dat kan wel juist in het gebied waar de onderwijsinstellingen nu zitten. Daar zie je inderdaad ook wel het probleem. Willen we daar echt substantieel wonen toevoegen, dan moeten er keuzes gemaakt worden. Niet alleen keuzes door de gemeente, maar ook inderdaad door de RUG en de Hanze, die daar de meeste grond en meeste gebouwen bezitten. Keuzes die betekenen dat wij inderdaad bij nieuwbouw van bijvoorbeeld van complexen daar, nieuwbouw van combinaties moeten maken van onderwijsfuncties en wonen. Dat we bijvoorbeeld de keuze moeten maken om parkeren op het maaiveld, het parkeren naar onder te brengen en daar bijvoorbeeld ruimte te geven voor wonen.
Dat zijn soms pijnlijke, ingewikkelde keuzes die een universiteit en de Hanze en moeten maken. Ook ontwikkel technisch om dat voor elkaar te krijgen, ingewikkeld maken. Dat verklaart ook wel dat het de afgelopen jaren misschien wel veel te lang heeft geduurd. Tegelijkertijd heeft uw debat wat u aan heeft gevraagd en de aandacht die een aantal partijen ook in de media, voor de zomer, er al voor 20
hebben gevraagd, heeft ontzettend geholpen. We zien de urgentie en de druk ook bij de kennisinstellingen om er echt wat van te maken, toenemen. Zit de gemeente daar dan afwachtend bij? Nee, we werken samen, we zitten samen in het bestuur, ook met ondernemers in het campusbestuur, om er ook voor te zorgen dat er nu ook het tempo wordt gemaakt. En ik zeg u ook toe, want we hebben ook al een aantal stappen gedaan, er is vorig jaar al een uitgebreide studie gedaan naar wat potentiele locaties zouden kunnen zijn. We zijn op dit moment bezig met een marktconsultatie dat de partijen, dat zijn combinaties van marktpartijen en corporaties, vragen: hoe zou ze die woonfunctie ingevuld kunnen worden? We verwachten daarvan de eerste resultaten rond de jaarwisseling. Ik zeg hier ook toe dat we dan met een uitgebreide brief komen, om te kijken wat daaruit komt. Op basis daarvan zullen we ook een plan maken, want we proberen zo snel mogelijk uit te voeren. 05:53:53
Voorzitter: Punt, want meneer Moerkerk heeft een vraag. 05:53:56
de heer Moerkerk: U geeft aan dat het toch lastig is, om daar woningbouw neer te zetten. Er moet veel geïntegreerd worden, gebouwd, de grondgrondposities liggen een beetje lastig. Is het niet verstandig, om parallel aan dat project ook te kijken naar een secundaire locatie, waar ook een soort van campus gebouwd kan worden, waar de gemeente veel meer de regie kan nemen? Misschien huisjesmelkers kan motiveren panden in de stad te verkopen, en te ruilen voor een positie in de investeringen die daar moeten worden gedaan. Waar u veel meer aan de bal moment en waar het eenvoudiger is om snel te ontwikkelen? 05:54:30
de heer Van der Schaaf: Voorzitter, als je het hebt over de vraag naar studentenwoningen die erg groot is, waar we de komende jaren flink mee door moeten gaan, dan heeft u gelijk. Dan zullen wij ons niet moeten beperken tot alleen maar bouwen voor studenten op Zernike. Of je dat dan een campus moet noemen, is een tweede. Maar we zullen inderdaad wel degelijk, en dat doen we ook, we zullen ook binnenkort met een voorstel komen om betaalbare studentenhuisvesting te bouwen op de [Onhoorbaar] locatie, die ook in ons bezit is. Op dit moment wordt er al gebouwd op de Healthy Ageing Campus. Dus we zullen ook door moeten gaan met het verlengen van BOUWJONG. Dus het bouwen op andere plekken dan alleen de Zernike Campus voor jongeren. Er zijn al een aantal locaties waar op korte termijnplannen zullen zijn en we zullen ook samen met corporaties, en ook met de kennisinstellingen, naast bouwen op Zernike, kijken of er ook elders in de stad nog ruimte beschikbaar is. Misschien wel in combinatie ook met andere doelgroepen. Waarom ook niet studenten- of jongerenhuisvesting op Suikerterrein? Dat hoeven we helemaal niet op voorhand uit te sluiten. Ook daar zijn gebieden waar we dat kunnen doen. Wij blijven wel als college, en ik proef dat ook nog wel, in deze raad achter het idee van die ongedeelde stad, ook als het gaat om zowel nationale als internationale studenten.
We zien ook dat er al woonwijken zijn die qua leefbaarheid, maar ook als het gaat om de effecten op de huizenmarkt, dat die zijn bezweken bijna onder de verkadering. Daar hebben we natuurlijk al een aantal maatregelen tegenover gesteld de afgelopen jaren. Maar dat gaat inderdaad alleen maar werken, die analyse van de heer Dijk klopt wel, als we ook flink blijven bijbouwen. Niet alleen maar om de groei op te vangen van studenten, maar ook om inderdaad de druk op sommige wijken in ieder geval te kunnen verminderen. Dus als dat een beetje in die richting komt, wat u bedoelt, dan sluit dat ook wel aan bij het college wil.
21
05:56:23
Voorzitter: Meneer Moerkerk is nog niet helemaal tevreden. 05:56:26
de heer Moerkerk: Ik zal het kort houden. 05:56:28
Voorzitter: Graag. 05:56:28
de heer Moerkerk: Bijbouwen betekent dat er studenten gaan wonen. Maar er ligt ook nog een opdracht om studenten uit bepaalde wijken te halen en daar weer gezinnen terug te brengen. Past dit ook ergens binnen het programma? Door huisjesmelkers te motiveren of verhuurders te motiveren dat te doen. 05:56:45
de heer Van der Schaaf: Dat is heel ingewikkeld en een aparte discussie. Kijk, gezinnen terugbrengen in wijken. Het zou heel goed zijn, want er zijn meer huishoudens dan studenten en gezinnen, dus het ligt allemaal wat genuanceerder. 05:56:56
de heer Rustebiel: Volgens mij zijn wij het eens, dat er gebieden, straten zijn in bepaalde wijken in onze stad, waar de hoeveelheid particuliere verhuur veel te hoog is geworden. Het klopt, het zou mooi zijn als wij dat in een aantal straten kunnen terugbrengen. Dat die bezitsverhoudingen weer anders komen. Dat is goed voor de leefbaarheid, daar ben ik van overtuigd. Ik zou nog niet één, twee, drie weten hoe wij dat met het huidige beleidsinstrumentarium wat wij tot onze beschikking hebben, of de wettelijke mogelijkheden hebben, om dat te doen. Wat wel helpt, is dat we genoeg alternatieven bieden, betaalbare alternatieven, ook voor studenten, zodat een deel van het verdienmodel van de mensen waar we het hier over hebben, wordt genuanceerd. Wat gaan we dan op Zernike bouwen? Dat was ook een discussie. Kijk, ons idee is inderdaad, daar begon een aantal jaren geleden ook een discussie over, je moet misschien wel beginnen met een groep voor wie dit het meest aantrekkelijk is. Dat zijn inderdaad exchange studenten, studenten die korte tijd in Groningen verblijven. Maar we willen het daarbij niet bij laten. Wij denken inderdaad dat het goed zou zijn, om naast internationale studenten ook ruimte te bieden voor Nederlandse studenten. Juist vanuit de mix hè die de heer Bosch ook zo bepleit.
We denken ook dat dat bij uitstek kan door inderdaad woonvormen te creëren met gemeenschappelijke ruimtes. Dus niet alleen maar studio's en enkele trapopgang. Daar sluit ik me ook helemaal bij aan. We denken zelfs ook dat er wel ruimte is voor andere doelgroepen, bijvoorbeeld docenten die op Zernike werken of expats. Betekent dat dat er dan peperdure appartementen moeten komen? Wat mij betreft niet per se. Het kan best eens incidenteel kunnen, maar dan moet het ook wel een appartement zijn die die hoge prijs waard is, en inderdaad niet een appartement van dertig vierkante meter voor elfhonderd euro. Daar zit volgens mij zelfs iemand die heel veel geld verdient niet op te wachten. Dat zijn uitwassen in onze woningmarkt, die we in ieder geval op Zernike niet moeten willen, wat mij betreft. Het tempo. Ik heb er net al iets over gezegd. Ik ben het helemaal eens dat iedereen zegt: dat gaat niet snel genoeg. Gemeente, universiteiten en Hanze zijn het met elkaar eens dat we het tempo omhoog gaan brengen. Ik beloof je ook dat u daar op basis van de eerste marktconsultatie rond de jaarwisseling, voortgang op krijgt. Dat we gaan werken aan een plan. Lukt het dan wat eerder dan 2025 was de vraag, om dingen op te leveren. Ja, ik zou dat wel willen, maar dat is wel ingewikkeld. Dat is niet uit onwil of dat we niet nu kunnen versnellen. Maar we hebben te maken met ingewikkelde trajecten, 22
ingewikkelde locaties en we hebben ook nog met een planologische procedure te maken. Dus we zullen er alles aan doen het sneller te doen. Maar u weet, bijvoorbeeld bij het naar het plan als bij het SuikerUnie terrein of bij Stadshaven, hoe ingewikkeld het is om tempo te maken. Maar het zal wat ons betreft, dat het niet aan de gemeente mag liggen, dat tempo. Ik heb het idee dat ik de meeste vragen beantwoord heb. Ja, de PvdA, vroeg nog naar de voorzieningen. We hebben natuurlijk de afgelopen jaren vijftien miljoen als gemeente geïnvesteerd in Zernike. Dat nu is ook zichtbaar nu geworden. Er is in de coronatijd flink doorgebouwd. Dat gaat om en groen, dat gaat om ruim. En ook ruimte voor or bijvoorbeeld voorzieningen, winkels, supermarkt, de horeca. 06:00:00
De heer Van der Schaaf: Ruimte zit al in bestemmingsplannen, maar dat klopt. Op het moment dat wij dus een visie vragen op wonen [Onhoorbaar 00:00:04-00:00:05], dan hoort daar ook een verhaal bij hoe je dat op een prettige manier kunt doen, en dan gaat het net zo goed over groen, als over voorzieningen, als over de bereikbaarheid, laten we dat ook trouwens niet vergeten. 06:00:15
Voorzitter: Volgens mij kunnen we hiermee wel afronden. 06:00:18
De heer Van der Schaaf: Ik heb het idee van wel, maar06:00:19
Voorzitter: Nee, we hebben geen vragen meer, want het is tien over negen en we moeten even luchten. Er begint zo meteen weer een nieuwe commissie hierna. 06:00:26
Speaker 3: De vraag is nog niet beantwoord. 06:00:30
Voorzitter: Waar heeft u om06:00:32
De heer Van der Schaaf: Ja, financieel fonds. Ja, nee, ik ben het eigenlijk wel eens met mevrouw De Vries. Eigenlijk is geld niet het probleem op dit moment, dus dat zou vanuit de gemeente niets toevoegen. Er is nog genoeg geld in Nederland en dus ook genoeg partijen die dat in vastgoed willen investeren. Daar zit op dit moment het probleem niet in. 06:00:49
Speaker 3: En de afspraken06:00:50
De heer Van der Schaaf: Wat we wel moeten doen, is zelf investeren in de openbare ruimte, maar dat doen we ook. 06:00:54
Speaker 3: En de afspraken met universiteiten over de groei van studenten, daar had u niks over gezegd. 06:00:58
De heer Van der Schaaf: Ja, dat is een wat andere discussie. Ik heb daar vanmiddag wel iets over gezegd trouwens. Dat gaat met name over de omvang van de universiteit en de Hanzehogeschool. Wat ik vanmiddag ook gezegd heb bij het vragenuurtje, persoonlijk, maar ook als college, houden we 23
er niet zo van om te zeggen: "Nou, de stad kan zoveel studenten aan." Dat vinden we een beetje een ingewikkelde discussie. Moet je dan ook zeggen hoeveel gepensioneerden een stad aankan? Dat is altijd wel ingewikkeld. Waar we wel mee te maken hebben, dat zien we nu gewoon gebeuren, is dat met name die toestroom, die enorme toestroom van internationale studenten op een moment tot problemen kan leiden, dat dat tot ongecontroleerde instroom leidt. Ik vind wel, en volgens mij vindt de universiteit en Hanze dat ook, dat we met elkaar in staat moeten zijn die instroom te sturen en te reguleren om te voorkomen dat we situaties krijgen waar we nu in zitten, en daar zou ik graag wettelijke mogelijkheden voor willen. 06:01:51
Voorzitter: Goed, en met deze woorden sluit ik deze vergadering. Ik dank ieder hartelijk voor zijn aanwezigheid en zijn inbreng, ook de mensen thuis. Ik moet nog even een ding vaststellen en dat is, het is een brief en die hoeft niet naar de raad als ik zo alles hoor. Dat hebben we ook nog even op de valreep besloten. Dank je wel allemaal.
24